CConstaterende datAsten
Koppel je AI →
Document · PDF

D-04 Bijlage 5 - Meerjarig Multimodaal Mobiliteitspakket MRE

Raadscommissie Samenleving en Bestuur 21 mei 2026, gemeente AstenBij agendapunt: Stukken van het college van b&w ter kennisneming11.758 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 2

Brouwhuis is het plan dit te ontwikkelen tot regionale hub én als stadsrandhub voor Helmond (31). Deze hub is gelegen nabij de N270 en N279 en biedt daarmee een efficiënte overstap van de auto op de trein, OV of deelmobiliteit. Om het spoorproduct nog verder te verbeteren is er het plan de frequentie van sprinters tussen Eindhoven en Helmond en/of Deurne te verhogen (38), hoewel dit om grote infrastructurele maatregelen vraagt. Dit, en andere maatregelen met betrekking tot de corridor Eindhoven-Helmond-Deurne, wordt beschreven in sectie 4.5. Met betrekking tot het centrum is het verder de intentie spoordoorsnijdingen voor auto en fiets (124) te beperken om zo barrières weg te nemen en de leefbaarheid in het stationsgebied te vergroten.

Het enkel afwaarderen van de Kasteeltraverse en realiseren van de oostelijke randweg is echter onvoldoende: Een mobiliteitstransitie is benodigd om autoverkeer door Helmond te beperken. Hierom wordt een groot deel van de woningen nabij de treinstations van Helmond gerealiseerd om zo te stimuleren met de trein en (H)OV te reizen in plaats van met de auto. Om dit verder te stimuleren wordt als onderdeel van het integraal handelingsperspectief verkend hoe station Helmond Centrum (36), evenals de andere stations van Helmond (35) kan worden opgewaardeerd. Wat betreft station Helmond

Mobiliteitsmaatregelen in Helmond gaan echter verder dan het gebied rond het spoor. Met betrekking tot fiets is er de intentie een slowlane (28) te realiseren waarmee, naar het voorbeeld van Eindhoven, bedrijfs- en woonlocaties verbonden worden. Daarnaast is er het plan om ten zuiden van Helmond een nieuw regionaal bedrijventerrein te realiseren, waarvoor onderzocht wordt hoe dit goed kan worden ontsloten op het wegennet, maar juist ook op het fiets- en OV-netwerk (56).

34

4.14. Brainportregio algemeen

Naast specifieke maatregelen op corridors bevat dit MMMP maatregelen die op een groot deel van, of zelfs de hele Brainportregio van toepassing zijn. Dit zijn maatregelen die eveneens bijdragen aan de regionale strategie: Ze faciliteren de verstedelijkingsopgave, dragen bij aan Brede Welvaart, versterken het mobiliteitssysteem en stimuleren de mobiliteitstransitie. Daarbij versterken deze generieke maatregelen de specifieke maatregelen op corridors, waardoor deze nog meer effect hebben. Hieronder lichten we deze generieke maatregelen kort toe.

4.14.1.   Parkeerbeleid Door middel van parkeerbeleid (200) kan er actief gestuurd worden op het gebruik van duurzame modaliteiten. Daarmee verbetert de kwaliteit van de leefomgeving, en is er minder ruimte nodig voor parkeervoorzieningen en blijft er meer ruimte beschikbaar voor andere doeleinden. Dit is relevant voor de gehele Brainportregio. Omdat opgaven gerelateerd aan parkeren vergelijkbaar zijn tussen gemeenten kiezen we ervoor hier als regio samen in op te trekken. Daarbij blijven gemeenten zelf verantwoordelijk voor beleid binnen de eigen gemeenten, maar wordt er actief samengewerkt. 4.14.2.   Regionaal verkeersveiligheidsbeleid De schaalsprong in de Brainportregio leidt tot een veel groter aantal reizigers. Dit betekent dat het drukker wordt op wegen en fietspaden, en juist ook de plekken waar die kruisen. Middels de inzet op de mobiliteitstransitie wordt de groei van auto’s weliswaar beperkt, maar neemt het aantal fietsers toe. Fietsen heeft veel positieve karakteristieken ten opzichte van autogebruik: Het is beter voor gezondheid, geeft minder geluidsoverlast en emissies, en vraagt minder ruimte. Tegelijkertijd zijn fietsers kwetsbaarder dan autobestuurders. Middels regionaal verkeersveiligheidsbeleid (201) wordt extra aandacht geschonken aan verkeersveiligheid. Dit gaat niet alleen over infra, maar juist ook over gedrag in hoe verkeersdeelnemers met elkaar omgaan.

Daarmee raakt dit aan maatregel (205) met betrekking tot gedragsverandering. 4.14.3.   Programmeren regionaal OV-wensbeeld & kleinschalig OV en doelgroepenvervoer In aanloop naar de nieuwe OV-concessie voor Zuidoost-Brabant wordt er een regionale strategie publieke mobiliteit uitgewerkt (206). Hiermee laten we zien waar we als regio naartoe willen betreffende OV. Dit MMMP geeft input voor dit wensbeeld.

4.14.4.   Ontwikkelplan hubs en gedeelde mobiliteit Binnen de Brainportregio maken we onderscheid tussen 6 typen hubs: 1. Wijk- en buurthub 2. Dorpshub 3. Regionale hub 4. Brainporthub 5. Stadsrandhub 6. (inter)nationale knoop In het ontwikkelplan hubs (203) worden deze hubs nader uitgewerkt, waaronder de locaties waar deze zouden moeten komen. Een uitzondering hierop vormen de Brainporthubs. Deze zijn niet alleen op de Brainportregio zelf gericht, maar dienen ook als overstappunt voor autoreizigers van buiten de Brainportregio op hoogwaardig OV naar Eindhoven. De regionale hubs zijn, vanwege hun grotere belang voor de regio, individueel opgenomen in dit MMMP. Het ontwikkelplan gaat niet enkel over de hubs zelf, maar ook over het aanbod mobiliteitsdiensten op deze hubs zoals (deel) fietsen en samenrijden. Daarnaast wordt is het de ambitie het aanbod kleinschalig OV via Bravo Flex uit te breiden ter versterking van het OV-netwerk (202), en te verkennen hoe Bravo Flex en doelgroepenvervoer elkaar kunnen aanvullen (202). Tot slot is ook het realiseren van fietsenstallingen met een regionaal karakter bij de hubs onderdeel van dit ontwikkelplan. 4.14.5.

Versterken en verbeteren hoofdfietsnetwerk Er wordt onderzoek gedaan naar welke knelpunten er bestaan binnen het hoofdfietsnetwerk, zowel binnen als buiten de bebouwde kom, en de aanpak van deze knelpunten wordt geprogrammeerd (204). Het gaat hierbij met name om knelpunten in het bestaande netwerk, en korte nieuwe verbindingen ter versterking daarvan. Kortom, maatregelen waarmee relatief eenvoudig het hoofdfietsnetwerk versterkt kan worden.

35

4.14.6.   Programmeren gedragsverandering Dit betreft een samenhangende aanpak gericht op zowel inwoners (en forenzen) als werkgevers betreffende gedragsmaatregelen (205). Deze aanpak is met name gekoppeld aan al bestaande duurzame verbindingen, en maatregelen die oplevering naderen. Het uitwerken en uitvoeren van dit programma wordt belegd bij Brainport Bereikbaar. Jaarlijks wordt een plan gemaakt waar de gedragsaanpak zich het komende jaar op zal richten. Voorbeelden van maatregelen uit dit programma betreffen: • Promotie anders reizen (stimuleren gebruik van duurzame mobiliteit) • Doelgroepenaanpak inclusief werkgeversaanpak voor bestaande en nieuwe bedrijven, toegespitst op specifieke gebieden zoals BIC, Run, Ekkersrijt etc., en/of gekoppeld aan ontwikkelingen zoals realisatie Brainporthub. De doelgroepenaanpak is echter niet alleen gekoppeld aan werkgevers, maar ook aan evenementenlocaties en gemeenten. • Fietspromotie gekoppeld aan openstelling snelfietsroutes. 4.14.7.   Aanpak sluipverkeer Dit betreft een pakket tegengaan sluipverkeer als gevolg van overbelaste hoofdwegen (207). De focus ligt hierbij in eerste instantie op de specifieke corridors A2 (Eindhoven-Weert) en A67) Eersel-België en de verbinding tussen de A2 Noord en A58 en de verbinding A50-Son-Deelregio Oost. Waar nodig kan dit pakket uitgebreid worden naar andere corridors wanneer vereist.

De exacte maatregelen die volgen uit dit pakket worden per corridor gedefinieerd.

4.15. Interregionale maatregelen

Dit MMMP focust met name op maatregelen waarmee het mobiliteitssysteem in de Brainportregio versterkt wordt. Tegelijkertijd is dat geen op zichzelf staand systeem, de Brainportregio vormt een belangrijke schakel in het (inter)nationale wegenen spoornetwerk, als onderdeel van de verbinding tussen de Randstad en het zuiden, en de verbinding tussen de havens van Rotterdam, Vlissingen en Antwerpen, het Ruhrgebied en verder. Daarbij grenst de Brainportregio niet alleen aan andere Nederlandse regio’s, maar ook aan Vlaanderen en Belgisch-Limburg. Waar een landsgrens enerzijds een duidelijke afgesproken grens is, houdt mobiliteit niet op bij die grens. Bovendien is juist voor de hightechsector in de Brainportregio een goede internationale bereikbaarheid van wezenlijk belang. Hierom worden in het MMMP niet alleen regionale maatregelen opgenomen, maar ook interregionale. Dit zijn maatregelen die verschillende regio’s met elkaar verbinden, juist ook landgrensoverschrijdend.

De basis voor interregionale maatregelen ligt in het versterken van de Multimodale Knoop Eindhoven XL (301), waaronder ook de Spoorse Opgave Knoop XL. Deze wordt momenteel nader onderzocht via een MIRT-verkenning. Deze maatregel heeft meerdere componenten: • Het herinrichten van het stationsgebied en de toegang voor voetgangers en fietsers tot het station en busstation (301). • Het verhogen van de perroncapaciteit en capaciteit om treinen op te stellen (302). • Het realiseren van een ongelijkvloerse spoorkruising bij Tongelre en het keerspoor (303), zodat treinen vanuit het oosten en zuiden elkaar niet meer gelijkvloers kruisen. Dit is randvoorwaardelijk voor het verhogen van de frequentie richting zowel Helmond als Weert. Wanneer de multimodale knoop XL gerealiseerd is geeft dit ruimte om de frequentie op bestaande lijnen te verhogen, zoals de sprinters richting Helmond (38) en Boxtel (312) en intercity’s naar Tilburg en Breda (311), en om nieuwe (inter)nationale verbindingen vanuit Eindhoven te realiseren. Zo wordt er ingezet op intercityverbindingen van Eindhoven naar Düsseldorf (306), Aken (307), Brussel (308) en Luik (309), maar ook op een directe intercityverbinding tussen Eindhoven en Nijmegen (313). Het verbinden van de Brainportregio gaat echter verder dan bovenstaande maatregelen, waarin steden op ruimere afstand van de Brainportregio met Eindhoven verbonden worden.

Een interregionale reis gaat immers net zo goed over een reis met de fiets naar de Brainportregio vanuit een knoop net over de grens, zoals Hamont, Arendonk of Lommel in België. Om inzicht te verkrijgen in het volume grensoverschrijdende mobiliteit wordt een onderzoek (314) geïnitieerd samen met Belgische partners. De hieruit voortvloeiende data kan vervolgens worden gebruikt om te bepalen welke maatregelen deze interregionale reizen verbeteren. Vooruitlopend op dit onderzoek zijn in dit MMMP al diverse verbindingen opgenomen ter bevordering van het grensoverschrijdende verkeer van en naar België. Daarbij gaat het onder meer over het reactiveren van de spoorlijn Weert-Hamont (304) voor personenvervoer, als nieuwe treinverbinding tussen de Brainportregio en België. Op dezelfde as wordt daarnaast een snelfietsroute (305) gerealiseerd. Verder wordt vanuit de Kempen de F67 doorgetrokken naar zowel Arendonk/Turnhout als Lommel (76), en wordt de potentie onderzocht van het doortrekken van de HOV Eindhoven-Valkenswaard (70) naar België en het verbeteren van het zuidelijke deel van de N69 (74).

36

5.            Opvolging MMMP Dit MMMP is het resultaat van samenwerking tussen de Metropoolregio Eindhoven, de 21 gemeenten in de Brainportregio en de Provincie Noord-Brabant. Dit MMMP is opgesteld op basis van de opgaven die in het voorjaar van 2025 bekend waren. De vaststelling van de (mobiliteits) maatregelen in dit pakket is dan ook het vertrekpunt voor een adaptieve aanpak. In de toekomst kunnen immers nieuwe uitdagingen, of nieuwe inzichten ontstaan die invloed hebben op de prioritering van maatregelen of een belang voor nieuwe (nog niet opgenomen) maatregelen oproepen. Het is dus belangrijk om voldoende flexibel te zijn in de uitvoering van het MMMP om tijdig te kunnen inspelen op veranderingen (bijvoorbeeld door veranderingen in werkgelegenheid, woningbouw of het mobiliteitsdomein). Naast de veranderende context bevat het MMMP een aantal onderzoeken, die ook kunnen leiden tot nieuwe maatregelen.

5.1. Monitoren en evalueren

Het monitoren en evalueren tijdens de uitvoering van het MMMP is van belang om ontwikkelingen tijdig te signaleren en daarop in te spelen. Om de monitoring en evaluatie goed vorm te geven, zijn de volgende afspraken gemaakt: 1.

2.

De coördinatie van monitoring en evaluatie wordt bij de Metropoolregio Eindhoven belegd als de regiehouder. De regiehouder bewaakt de voortgang, bereidt toekomstige besluitvorming voor en stimuleert samenhang en samenwerking tussen de verschillende stakeholders in de uitvoering van het MMMP. Monitoring vindt plaats via dashboards en jaarlijkse voortgangsrapportages om inzicht te krijgen in de doelen. Zo kan eenvoudiger bijgestuurd worden als doelen niet worden behaald.

Naast bovenstaande afspraken kunnen aanvullende rollen en activiteiten de uitvoering van het mobiliteitspakket vereenvoudigen of versnellen. Het is waardevol om dit tijdens de monitoring en evaluatie cyclus mee te nemen. Denk bijvoorbeeld aan: 1. Periodieke check op win-wins: zijn er bij de uitvoering van maatregelen meekoppelkansen te realiseren (die oorspronkelijk niet in het pakket waren opgenomen) waardoor meerwaarde of versnelling kan ontstaan? 2. Stimulatie kennisuitwisseling: kan er tijdens de voorbereiding en realisatie van maatregelen kennisuitwisseling plaatsvinden tussen uitvoerende partijen zodat zij van elkaar kunnen leren en een snellere realisatie mogelijk is? 3. Toetsen op innovatie: sluit de invulling van maatregelen zoals oorspronkelijk bedacht nog aan bij de huidige stand van de techniek, behoeften en de context? Een check op bovenstaande rollen en activiteiten wordt daarom meegenomen in de jaarlijkse voortgangsrapportages, zo wordt dit ingebouwd in de cyclus van monitoring en evaluatie. Voor de monitoring en evaluatie kan het meerwaarde bieden om periodiek af te stemmen met partners, zoals SmartwayZ. NL, en aan te sluiten bij de Brainportmonitor, om zo een efficiënter proces binnen de regio te bevorderen.

5.2. Afspraken, afstemming en uitvoering

Om tot een goede uitvoering van het MMMP te komen is het belangrijk om een aantal afspraken te maken over hoe en wanneer er wordt afgestemd, én op welke wijze het MMMP tot uitvoering komt. Hiervoor spreken we, als 21 gemeenten in de Brainportregio en provincie Noord-Brabant het volgende af: 1. We updaten het MMMP elke vijf jaar, zodat het MMMP actueel en relevant blijft. Hierin vormen de resultaten van de monitoring en evaluatie, uitgevoerd door de Metropoolregio Eindhoven, de basis. Door het MMMP eens in de drie jaar te updaten is er genoeg tijd om maatregelen tot uitvoering te brengen, maar wordt de boot niet gemist in het geval van nieuwe ontwikkelingen in de regio. 2. Besluitvorming rond het MMMP vindt plaats in het Portefeuillehoudersoverleg Mobiliteit. Dit is de plek waar voortgang besproken wordt en wordt besloten tot bijsturing waar nodig. 3. Voor de uitvoering van uitvoeringspakketten volgend uit het MMMP is het mogelijk besluiten in kleiner verband te nemen met betrokken partijen. Rapportage over de uitvoering vindt, tenzij anders besloten, plaats via de reguliere rapportage (monitoring en evaluatie) van het MMMP. Het MMMP landt in verschillende uitvoeringsafspraken. Allereerst geeft het MMMP input voor jaarlijkse afspraken die worden gemaakt: • Binnen de Brainportregio via het Regionale Mobiliteitsprogramma.

• Gezamenlijk door Rijk en regio via het BO MIRT en BO Leefomgeving. Hiernaast geeft het MMMP input voor twee specifieke uitvoeringspakketten: 1) Kortetermijnmaatregelenpakket 2 (KTM2) en 2) het restbudget A67. Naast deze twee bestaande uitvoeringspakketten, kunnen er ook in de toekomst nieuwe uitvoeringspakketten worden opgesteld. Besluitvorming hierover vindt in de basis plaats via het Portefeuillehoudersoverleg Mobiliteit, wanneer nodig gevolgd door overleg met het Rijk.

5.3. Interactie met parallelle studies

Parallel aan het opstellen van dit MMMP liepen er diverse parallelle trajecten waarin mobiliteitsmaatregelen voor de Brainportregio werden gedefinieerd, waaronder de actualisatie van het MIRT-onderzoek, de Multimodale agenda Zuid-Nederland en de MIRT-verkenning A2/N2, Brainportlijn en Noordwestelijke ontsluiting. De uitkomst van deze trajecten kan betekenen dat er maatregelen aan dit MMMP moeten worden toegevoegd, of dat gekozen wordt om maatregelen die in dit MMMP staan niet uit te voeren. De wijzigingen die voortkomen uit de studies worden in de nieuwe update van het MMMP meegenomen. Tussentijds wordt dit ook vermeld in de (jaarlijkse) voortgangsrapportage. Verder beschrijft het MMMP een heel aantal OV-verbindingen, die in de basis worden geëxploiteerd via de OV-concessie Zuidoost-Brabant waarvan de Provincie Noord-Brabant de concessieverlener is. Momenteel lopen de voorbereidingen voor de nieuwe concessie die start in 2029. In aanloop naar deze concessie inventariseert de Provincie Noord-Brabant behoeften van de gemeenten in de Brainportregio, en doet zij een vervoerswaardeonderzoek om te bepalen welke lijnen worden opgenomen in de concessie. Dit bepaalt uiteindelijk welke OV-maatregelen uit dit MMMP daadwerkelijk gerealiseerd kunnen worden.

38

Bijlage A Nr

Titel

Onderstaande tabel geeft een overzicht van alle maatregelen uit dit MMMP. Hierbij is onder meer aangegeven wat de status is van een project: • Beleidsverkenning (stap van doel naar concreet project of interventie) • Projectverkenning (stap naar concreet gezamenlijk project met zicht op financiering, soort startbeslissing) • Project (nut en noodzaak plus scope helder, zicht op financiering)

Type maatregel

Corridor

Termijn van realisatie

Modaliteit

Onderdeel bereikbaarheids agenda

Kosten

39

Nr

Titel

Type maatregel

Corridor

Termijn van realisatie

Modaliteit

Onderdeel bereikbaarheids agenda

Kosten

40

Nr

Titel

Type maatregel

Corridor

Termijn van realisatie

Modaliteit

Onderdeel bereikbaarheids agenda

Kosten

41

Nr

Titel

Type maatregel

Corridor

Termijn van realisatie

Modaliteit

Onderdeel bereikbaarheids agenda

Kosten

Colofon Postadres Postbus 985, 5600 AZ Eindhoven Bezoekadres Raiffeisenstraat 18, 5611 CH Eindhoven 040 - 2 594 594 info@metropoolregioeindhoven.nl www.metropoolregioeindhoven.nl Fotografie: Berry de Jong

Metropoolregio Eindhoven 2025 Versie

5 september 2025

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Asten&id=db9b70b0-b39f-4fdc-9804-95668cbcbda2