CConstaterende datAsten
Koppel je AI →
Document · PDF

D-01 Afhandeling arbitragezaak Attero over minderlevering restafval 2015-2017

Raadscommissie Samenleving en Bestuur 17 oktober 2024, gemeente AstenBij agendapunt: Stukken van het college van b&w ter kennisneming956 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

RAADSINFORMATIEBRIEF ZAAKNUMMER : 07431004431 AAN

: de raad, t.a.v. commissie Samenleving en Bestuur

VAN Namens deze:

: College van B&W : L.J.M. van de Moosdijk

DATUM

: 1 oktober 2024

ONDERWERP

: Afhandeling arbitragezaak Attero over minderlevering restafval 2015-2017

Samenvatting Door de gemeente Asten is een suppletievergoeding, inclusief rentekosten, via de MRE aan Attero betaald van € 283.637 voor te weinig aangeleverd afval aan Attero in de periode 2015, 2016 en januari 2017. Middels deze betaling is het dossier Attero afgesloten. Inleiding Met deze raadsinformatiebrief informeren wij u over de definitieve afhandeling en de financiële gevolgen voor de gemeente Asten van het geschil tussen de Vereniging van Contractanten Afvalsturing Brabant (hierna VvC) en Attero over de minderlevering van brandbaar huishoudelijk restafval in de periode 2015, 2016 en januari 2017. Historie Tussen de toenmalige gewesten (en een aantal individuele gemeenten in midden Brabant) en Afvalsturing (later Essent/Attero) waren in Noord Brabant contracten gesloten. Voor onze Regio had de SRE een contract (van 1997 tot 1 februari 2017) voor levering van huishoudelijk afval dat door Attero zou worden verwerkt in hun verbrandingsinstallatie. Onderdeel van het contract was de hoeveelheid afval die zou worden aangeleverd zodat de installatie rendabel kon blijven branden. Doordat de gewesten niet de afgesproken hoeveelheid konden aanleveren ontstond een geschil. Contractueel was overeengekomen dat de gewesten en gemeenten dan een suppletievergoeding verschuldigd zouden zijn aan Attero, stelt Attero.

In Zuidoost-Brabant is dit contract namens de gemeenten op het niveau van de MRE (destijds SRE) afgesloten. In de huidige GR behartigt de MRE, als voortzetting van het Samenwerkingsverband Regio Eindhoven, tevens het belang van de gemeenten bij een zorgvuldig beheer van de taken van het Samenwerkingsverband Regio Eindhoven, zoals die na datum van inwerkingtreding van deze wijziging van de regeling nog bestaan. Daarbij hoort het optreden als contractspartij namens de gemeenten, in de rechtsverhouding tussen de Vereniging van Contractanten, Afvalsturing Brabant en Attero N.V. c.q. de rechtsopvolgers, inzake de verwerking van restafval en GFT-afval, alsmede het beheren van dat contract. In 2015 is Attero een procedure gestart bij het Nederlandse Arbitrage instituut over de jaren 2011 – 2014. Deze procedure heeft Attero verloren en alle vorderingen van Attero zijn afgewezen. Deze uitspraak is onherroepelijk. In 2016 heeft Attero opnieuw een arbitrageaanvraag ingediend bij het instituut, over de jaren 2015 -2017. Bij eindvonnis van 25 juli 2019 is Attero in het gelijk gesteld.

De regio heeft vervolgens een vernietigingsprocedure aangevangen. Het Stadsgewest Den Bosch heeft aangegeven hier niet aan mee te willen doen. Vervolgens is zij uit de Vereniging gestapt. Op 12 november 2019 is de procedure aangevangen en na een aantal schriftelijke ronden en een mondelinge zitting op 12 april 2021 in Den Haag heeft het Gerechtshof op 29 juni 2021 de arbitrale vonnissen vernietigd. Attero heeft vervolgens cassatie ingesteld bij de Hoge Raad. In oktober 2022 heeft de procureur-generaal een advies uitgebracht dat ongunstig was voor de gemeenten. Echter het is aan de Hoge Raad om dit advies al of niet op te volgen. Uiteindelijk heeft de Hoge Raad een van de cassatieklachten van Attero gegrond verklaard en daarmee de uitspraak van het Gerechtshof Den Haag vernietigd. Tegen de verwachting in heeft de Hoge Raad vervolgens de zaak zelf afgedaan op 17 maart 2023. Inhoudelijk De Hoge Raad oordeelt dat het Gerechtshof wel had moeten onderzoeken of in Arbitrage 2 het gezag van gewijsde is toegepast maar niet “op welke wijze” en “met welk resultaat”. Met andere woorden: als het tweede scheidsgerecht in Arbitrage 2 heeft gekeken of het beginsel van gezag van gewijsde in aanmerking is genomen, dan mag het Gerechtshof niet meer toetsen of het tweede scheidsgerecht dat op een goede manier heeft toegepast en wat daarvan de uitkomst is.

Gevolg Er is geen beroep meer mogelijk tegen dit vonnis. Daarnaast moet, als gevolg van deze uitspraak, de MRE een bedrag van € 6.595.317,47 zijnde de suppletievergoeding van te weinig geleverde tonnages afval plus de wettelijke rente worden betaald aan Attero. Inmiddels heeft de MRE dit bedrag betaald. Er zijn voorschotnota’s verstuurd naar alle gemeenten om deze betaling mogelijk te maken zonder dat er geld moest worden geleend. Verdelingsvraagstuk binnen de MRE Op 20 december 2023 is door het Algemeen Bestuur van de MRE besloten de te betalen suppletievergoeding, € 6.595.317, te verdelen op basis van te weinig aangeleverde tonnages per gemeente. Hiervoor is op basis van het aantal inwoners binnen de MRE regio de aan te leveren hoeveelheid afval per inwoner bepaald. Vervolgens is voor elke gemeente berekend hoeveel afval aangeleverd had moeten worden en bepaald hoeveel afval er werkelijk is aangeleverd. Op basis van het verschil is berekend welk percentage van de suppletievergoeding en rentekosten per gemeente betaald dient te worden. Voor de gemeente Asten resulteert dit in een te betalen bedrag van € 283.637. Financiële gevolgen Bij de jaarrekening 2022 is een voorziening gevormd voor deze te betalen suppletievergoeding aan Attero. Op basis van de eerste berekeningen is de hoogte van de voorziening toen bepaald op € 329.650.

Bij de definitieve afwikkeling van de naheffing minderlevering restafval naar aanleiding van het besluit Algemeen Bestuur van de MRE 20 december 2023 is de te betalen vergoeding voor Asten definitief vastgesteld op € 283.637. Hierdoor is een bedrag € 46.013 vrijgevallen uit de voorziening en ten gunste gekomen van het resultaat in de jaarrekening 2023. Dit verschil wordt voor het grootste deel verklaard doordat in de eerste berekeningen het grof huishoudelijk afval op de milieustraat nog was opgenomen in de aangeleverde hoeveelheid van Someren. Dit is nu op basis van inwoneraantal verdeeld tussen Someren en Asten. Daarnaast is er een verschil door de definitieve rentekosten. Vervolg Met de financiële afronding is het dossier Attero afgesloten en de Vereniging van Contractanten Afvalsturing Brabant opgeheven.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Asten&id=7a92a571-cd5d-466c-b1b1-f9879a3e7cb0