BU21.02.03A 3 Bijlage 1 Begrotingswijziging 2021.pdf
Tekst van het document
Ontwerp begrotingswijziging 2021 Gemeenschappelijke Regeling Werkbedrijf Atlant De Peel h.o.d.n. Senzer
www.senzer.nl
2
Ontwerp begrotingswijziging 2021 Inleiding en uitgangspunten De initiële begroting 2021 en meerjarenraming 2022-2024 is in ontwerp opgesteld en door het Dagelijks bestuur besproken in haar vergadering van 6 april 2020. Daarna is deze voor zienswijze naar de gemeenteraden van de deelnemende gemeenten gestuurd en vervolgens met inachtneming van de zienswijzen, door het Algemeen bestuur vastgesteld op 8 juli 2020. Deze vastgestelde begroting is vervolgens naar het college van Gedeputeerde Staten van provincie Noord-Brabant gestuurd, die in haar rol als financieel toezichthouder de begroting heeft beoordeeld en goedgekeurd; bij brief van 11 augustus 2020. Dat betekent dat er sprake is van normaal geldend repressief toezicht en dat begrotingswijzigingen 2021 binnen twee weken na vaststelling alleen ter kennisname aan de het college van Gedeputeerde Staten van provincie Noord-Brabant behoeft te worden gezonden. De initiële begroting is opgesteld en besproken in een periode waarin Covid-19 ook nadrukkelijk in beeld kwam in Europa en in Nederland. De behandeling van de initiële begroting en daarmee ook de afgegeven zienswijzen moeten binnen die context worden geplaatst. Bij de behandeling is dan ook door alle partijen aangegeven dat een begrotingswijziging 2021 werd voorzien, waarbij een actualisatie wordt gegeven van de impact van Covid-19 op de begroting.
Bij de behandeling van de initiële begroting is nog een keer benadrukt dat de zogenaamde ‘trap op/trap af’ afspraak, zoals opgenomen in de GR, dient te worden toegepast. Daarnaast heeft het Algemeen bestuur besloten om het additioneel beschikbaar gekomen weerstandsvermogen in te zetten ter dekking van de begroting 2021. Deze werkwijze is ook in de begrotingswijziging gecontinueerd. Daarbij wordt opgemerkt dat dit na 2021 niet meer mogelijk is op basis van het financieel toezichtkader van provincie Noord-Brabant. Na 2021 moeten structurele lasten gedekt worden door structurele baten. Voorgaande betekent dat Senzer voor 2021 zelf voorziet in een sluitende begroting, zonder aanvullende financiering van gemeenten. In de eerdere meerjarenraming bij de initiële begroting 2021 zijn de structurele bijdragen van de gemeenten opgenomen. Deze betreffen respectievelijk € 9,2 miljoen (2022), € 8,2 miljoen (2023) en € 7,9 miljoen (2024) en worden bij de Begroting 2022 en meerjarenraming 2023-2025 geactualiseerd. Deze begrotingswijziging 2021 is opgesteld op basis van de volgende actualisaties: 1. Meicirculaire 2020. 2.
Miljoenennota 2020, Macro Economische Verkenning 2021, Rijksbegroting (gemeentefonds en departement Sociale Zaken en Werkgelegenheid) en bijbehorende stukken zoals de septembercirculaire 2020, de Buig-bijstelling voor 2021 én de kamerbrief Uitwerking aanvullend sociaal pakket van 23 september 2002. (https://www.rijksoverheid.nl/documenten/kamerstukken/2020/09/23/uitwerking-aanvullendsociaal-pakket). 3. Verdere inzichten over de impact van Covid-19 op de beleidsparameters, baten en lasten en overige aspecten van de begroting 2021 tot en met medio oktober 2020.
3
Het langere termijnperspectief wordt bij de begroting 2022 en bijbehorende meerjarenraming 20232025 bijgewerkt. Naar aanleiding van de evaluatie van de gemeenschappelijke regeling wordt samen met de deelnemende gemeenten gewerkt aan een duurzamere financieringsstructuur. Hieronder volgen achtereenvolgens de beleidsinhoudelijke bijstelling, de toevoeging van de Tozo, de bijstellingen aan de financieringskant, de overige bijstellingen op de baten en lasten en tenslotte de investeringen.
Beleidsinhoudelijk Door Covid-19 en de daarmee gepaard gaande economische en arbeidsmarktomstandigheden wordt ingeschat dat de baanverlies kans voor werkenden toeneemt en dat werkzoekenden moeilijker aan het werk zullen komen. De beleidsparameters die daarmee samenhangen en de omvang van het uitkeringenbestand zijn daarop aangepast. Van de afname van het aantal uitkeringen wordt voorgesteld om deze als parameter te laten vervallen. De Tozo-aanvragen kennen een grilliger verloop. Daarom is het percentage dat binnen de wettelijke termijn kan worden afgehandeld, lager ingeschat dan van de algemene bijstand.
Hoofdprogramma % Uitstroom uit de uitkering waarbij uitstroom naar werk en/of studie de reden is % Uitkeringsgerechtigden dat inkomsten heeft uit parttime werk % Uitstroom dat duurzaam uitstroomt; d.w.z. langer dan 12 maanden uit de uitkering Afname van het aantal uitkeringsdossiers met minimaal 50 dossiers Werknemers met een dienstverband bij een reguliere werkgever die met loonkostensubsidie werken hebben een gemiddelde loonwaarde van 55% Bijdrage leveren aan een inclusieve arbeidsmarkt
Deelprogramma Inkomensondersteuning % Aanvragen algemene bijstand, dat niet leidt tot een toekenning % Aanvragen algemene bijstand afgehandeld binnen de wettelijke termijn % Aanvragen Tozo afgehandeld binnen de wettelijke termijn Meting van kwaliteit van dienstverlening is opgezet en nulmeting is verricht.
Deelprogramma Op weg naar werk % Arbeidspotentieel >30% dat binnen drie maanden na start uitkering een persoonlijk plan van aanpak gericht op werk heeft % Uitkeringsgerechtigden, waarvoor een re-integratietraject is gestart, dat binnen een jaar bemiddelbaar is naar werk % Jongeren vso/pro, bij Senzer in beeld, dat direct na school geplaatst wordt in een traject naar werk Meting van kwaliteit van dienstverlening is opgezet en nulmeting is verricht.
Deelprogramma Leerwerkbedrijf % Inwoners met een indicatie 'Wet sociale werkvoorziening’ en een contract op 31 december 2014 met een passende werkplek Bieden van voldoende passende leerwerkplekken als onderdeel van het traject naar werk. Bevorderen inclusief werkgeverschap in de arbeidsmarktregio Helmond-De Peel. % Inwoners met een indicatie ‘Beschut werk’ dat binnen een half jaar een passende werkplek krijgt aangeboden % Medewerkers met een indicatie ‘Banenafspraak’ binnen de leerwerkstructuur dat uitstroomt naar een dienstverband bij een reguliere werkgever % Doorstroom van eigen infrastructuur naar groepsconcepten naar individuele detachering naar dienstverband bij reguliere werkgever Gemiddelde werknemerstevredenheid voor medewerkers binnen het leerwerkbedrijf, gemeten middels Dariuz PRO-Werk.
4
Initieel 2021 45% 10% 80% V
Wijziging 2021 -12% -3% vervalt
V V Initieel 2021 45% >85%
V V Wijziging 2021 -5% >75%
V Initieel 2021
Nieuw 2021 33% 7% 80% vervallen
Wijziging 2021
Nieuw 2021 40% >85% >75% V Nieuw 2021
100%
100%
50%
50%
85% V
85% V
Initieel 2021
Wijziging 2021
Nieuw 2021
100%
100%
V V
V V
100%
100%
10%
-2,50%
7,50%
5%
5%
7,5
7,5
Tozo: nieuwe activiteit Voor de Tozo zijn inschattingen gemaakt over de aantallen aanvragen in Tozo 3 en Tozo 4. Het invoeren van de beperkte vermogenstoets per 1 april 2021 betekent dat er een Tozo 3 (van 1 oktober 2020 tot en met 31 maart 2021) is en een Tozo 4 met toets op beschikbaar geld (van 1 april 2021 t/m 30 juni 2021). De inschattingen voor Tozo 3 en Tozo 4 zijn gebaseerd op ervaringscijfers van Tozo 2 en voor de uitvoeringskosten van ervaringscijfers van Tozo 1 en Tozo 2. Er is geen rekening gehouden met verdere verslechtering door aanvullende ‘economische’ lockdowns als gevolg van Covid-19. Daar waar in 2020 een deel van de werkzaamheden van de Tozo werd/wordt uitgevoerd door het zittende personeelsbestand (met verdringen van andere reguliere taken) zien we dat niet als een reëel uitgangspunt voor 2021. Zowel de bijstandsgroei als de noodzaak om re-integratie weer volledig in te vullen maakt dat de uitvoering van de Tozo volledig als ‘plus-pakket’ (moet) worden neergezet. Voor de uitvoeringskosten is vooralsnog uitgegaan van de bekende normbedragen van € 450 en € 800 euro per af te wikkelen aanvraag voor respectievelijk levensonderhoud en kapitaalverstrekking. De feitelijke toedeling van de baten en lasten is nog onduidelijk vanwege het ontbreken van een landelijk accountantsprotocol.
Voor zowel de prognose 2020, de begrotingswijziging 2020 als de begrotingswijziging 2021 gaan we uit van een volledig sluitende financiering (dekking Rijksmiddelen) per jaarschijf. Oftewel we gaan er van uit dat de bij elkaar horende baten en lasten in hetzelfde boekjaar vallen. Tozo volumes en bedragen Aantallen toegekende aanvragen Tozo 3 (drie maanden) Tozo 4 (drie maanden) Totaal
levensonderhoud 259 664 923
kapitaalverstrekking 34 67 101
Programmatische lasten Tozo 3 Tozo 4 Subtotaal programmatische lasten Aantallen behandelde aanvragen Tozo 3 (drie maanden) Tozo 4 (drie maanden) Totaal
levensonderhoud 1.165.500 2.988.000 4.153.500 levensonderhoud 288 738 1.026
kapitaalverstrekking 45 90 135
Uitvoeringsvergoeding Tozo 3 Tozo 4 Subtotalen Subtotaal uitvoeringsvergoedingen
129.600 332.100 461.700
Totaal baten en lasten
36.000 72.000 108.000 569.700 4.723.200
5
Baten en lastenontwikkeling Zoals aangegeven zijn de baten en lasten bijgewerkt tot en met beschikbare gegevens en inschattingen op peildatum 15 oktober 2020. Hierna wordt de initiële begroting, de wijziging en de nieuwe begroting gepresenteerd en vervolgens toegelicht. Initieel 2021
(bedragen x € 1.000)
Omschrijving LASTEN Buig uitkeringen / BBZ2004 uitkeringen Buig uitkeringen Tozo Buig loonkostensubsidies Participatiewet begeleidingskosten Loonkosten doelgroepen Loonkosten begeleidingsorganisatie Overige kosten Buitengewone lasten TOTAAL LASTEN
Wijziging 2021
Nieuw 2021
64.241 7.060 2.397 42.924 28.425 11.546 600 157.192
6.182 4.154 -162 132 -2.265 3.188 -124 11.105
70.423 4.154 6.898 2.529 40.660 31.613 11.421 600 168.297
18.686 712 68.727 -
16.270 703 74.045 4.723 2.399 31.897 15.518 1.155 4.645 4.892 2.189 365 158.801
BATEN Toegevoegde waarde Huuropbrengsten Buig middelen Buig middelen Tozo Aandeel in deelbudget Covid-19 Buig Subsidiebudget Wsw oud Totaal Bijdrage algemene middelen gemeenten Totaal structurele bijdrage gemeenten Subsidies loonkosten Participatie budget Vergoeding begeleidingskosten Bonus/compensatie Beschut Werk Overige subsidies Buitengewone baten TOTAAL BATEN
31.253 14.453 1.340 5.439 4.944 1.962 365 147.881
-2.416 -8 5.318 4.723 2.399 644 1.065 -185 -794 -52 227 10.920
RESULTAAT LASTEN - BATEN
-9.312
-185
-9.497
ONTTREKKING UIT RESERVES Informatievoorziening Beschut werken exploitatietekorten Bedrijfsrestaurant kapitaallasten Nuggers (Vso-Pro) Loonkostensubsidie Nuggers (Vso-Pro) begeleidingsvergoeding Intertemporale middelen BUIG Kwaliteit personeel opleidingen Innovatie doorontwikkeling methode Matchcare Knelpunten personeel Participatiewet Algemene reserve ONTTREKKING UIT RESERVES
413 22 320 400 8.343 9.497
-
413 22 320 400 8.343 9.497
185
-185
RESULTAAT
6
0
Toelichting bij de belangrijkste wijzigingen: • Groei van het uitkeringenbestand en bijbehorende baten en lasten met 8% in 2021; daarmee aansluitend op groei CPB. Deze groei wordt voorafgegaan door de eerder aangegeven groei van het uitkeringenbestand in 2020 met 5%. De beginstand per 1 januari 2021 gaat daarmee van 4.320 dossiers naar 4.554 en de eindstand van 4.270 naar 4.914. In de verdeling van de lasten neemt het uitkeringsbedrag toe en daalt het aandeel loonkostensubsidies. • De omvang van de loonkostensubsidies daalt licht ondanks een toename van de aantallen LKS met 4%. Dit komt door een hoger ingeschatte loonwaarde van de nieuwe werkzoekenden. • De begeleidingskosten nemen toe, vanwege de toename van de aantallen LKS met 4% en de hogere kosten bij plaatsingen op groepsconcepten van Senzer Direct Werk BV. Bij individuele plaatsingen wordt meer gebruikt van eigen jobcoaches, hierdoor dalen de begeleidingskosten en groeit de begeleidingsorganisatie. • Het aantal doelgroep medewerkers productief daalt van 1.524 naar 1.406 een daling van ongeveer 7%. De uitstroom WsW is fors hoger door (versnelde) pensionering. De instroom in 2020 is lager en voorzichtig ingeschat voor 2021. Daar staat tegenover dat de loonkosten meer stijgen dan eerder gedacht +7,5% in plaats van 5%.
• Een fors hoger aantal aanvragen voor inkomensondersteuning (+44%) en een hogere omvang van het uitkeringenbestand (+5% in 2020 en +8% in 2021) zorgen voor een toename van de formatie binnen de programma’s Inkomensondersteuning en Op weg naar werk met 31 fte (13%). Voor de Tozo is in 2021 en latere jaren formatie nodig voor de afwikkeling van Tozo 4 en het beheer en de invordering van uitstaande kapitaalverstrekkingen en uitkeringen levensonderhoud. Dit resulteert in extra 3 fte per einde jaar. De formatie binnen het Leerwerkbedrijf neemt toe door de inzet van extra jobcoaches bij externe werkgevers (zie eerder bij begeleidingskosten). Ook neemt de begeleiding en ondersteuning toe doordat er meer medewerkers individueel worden gedetacheerd, in plaats van in de groepsinfrastructuur. Dit brengt een verhoging van de begeleiding en ondersteuning met zich mee (3 fte). Verder wordt geïnvesteerd in inclusieve technologie met een extra fte, die gefinancierd wordt uit subsidie-inkomsten. Tenslotte neemt de overhead op concern licht toe met 2 fte. • De loon- en prijsontwikkelingen worden per saldo ruim 1%-punt lager geschat als gevolg van economische ontwikkelingen (zie bijlage). Hierdoor nemen de overige kosten ook met 1% af ten opzichte van de oorspronkelijke begroting. De afschrijvingen dalen vanwege het doorschuiven naar 2021 van een deel van de investeringen.
• De toegevoegde waarde daalt door de genoemde lagere aantallen doelgroep medewerkers die omzet genereren (-118 fte) en daalt per fte met 5% als gevolg van gemiddeld lagere productiviteit én gemiddeld lagere marges bij meer individuele detacheringen. Totale effect is daarmee - € 2,4 miljoen. • De buig-middelen nemen toe met € 5,3 miljoen, het subsidiebudget WsW neemt toe met € 0,6 miljoen en het participatiebudget neemt af met € 0,1 miljoen (zie bijlage voor specificatie per gemeente). • Om de begroting sluitend te krijgen wordt vooruitlopend op toedeling van het gereserveerde deelbudget Covid-19 Buig besluitvorming € 2.399.000 als hiervan te ontvangen meegenomen. Dit betreft slechts 0,73% van het macrobudget, waar regulier 1,1% van de macro-buig middelen aan Senzer toekomt. Daarmee denken we dat we voldoende aan de voorzichtige kant zitten. 7
• •
•
Als gevolg van de groei van de uitkeringen is er geen trap af effect maar een trap op effect. Het verschil met de initiële begroting bedraagt daardoor ongeveer € 1 miljoen. De structurele bijdrage gemeenten in tekort Senzer is verlaagd met € 185k; deze was abusievelijk niet meegenomen in de initiële begroting, waardoor een rekeningresultaat ontstond. Er heeft vooralsnog geen aanpassing in de reserves plaatsgevonden. De verwachting is dat 2020 en flink positief resultaat laat zien. Hier wordt echter niet op vooruitgelopen met deze begrotingswijziging.
Investeringen De bijstellingen in het investeringsschema betreffen met name: • De aanpassing van de rijroute Churchilllaan – Zandstraat (€ 17.500). • Het doorschuiven van investeringsbedragen 2020 bij gebouwen (€ 240.000). • Het investeren in een mobiele telefooncentrale en de WIFI (hardware). • Vervanging van twee bedrijfswagens (€ 100.000) • Overige verschuivingen, terughoudendheid in investeringen en actualisaties van benodigdheden. Soort Initieel Wijziging 2021 2021 Voorziening aan terreinen 17.500 Gebouwen 730.500 240.000 Installaties 300.000 -82.000 Inventaris 297.000 -30.000 Machines 65.000 -15.000 Software 42.000 -32.000 Hardware 397.000 92.000 Vervoermiddelen 310.000 111.000 Totaal Senzer 2.141.500 301.500
Nieuw 2021 17.500 970.500 218.000 267.000 50.000 10.000 489.000 421.000 2.443.000
Kanttekeningen Er wordt een sluitende begroting gepresenteerd voor het jaar 2021. Daarbij worden wel nadrukkelijk de volgende kanttekeningen meegegeven: • De begroting 2021 is opgesteld op basis van aannames die op grond van Covid-19 en daarmee samenhangende Centraal Plan Bureau verwachtingen zijn ingekleurd en flink aan verandering onderhevig kunnen zijn. • In de uitwerking van de miljoenennota staan twee onderwerpen nog (deels) open, die van wezenlijk belang zijn voor de financiering van de uitvoering van taken door Senzer. Het betreft: 1. Het gereserveerde deelbudget Covid-19 Buig van € 327,2 miljoen. ▪ In 2021 wordt de wijze waarop dit deel van het budget wordt verdeeld bij ministeriële regeling nader ingevuld. De verdeling kan volledig geschieden op basis van een (objectieve) verdeelsleutel waarin rekening wordt gehouden met de mate waarin de uitgaven aan bijstand per gemeente zijn beïnvloed door de gevolgen van Covid-19, maar de verdeling kan ook (als nadere verkenning daar aanleiding toe geeft) geheel of gedeeltelijk op basis van de reguliere verdeelsleutel geschieden. VNG en gemeenten zullen betrokken worden bij het bepalen van de verdeelsleutel voor dit deelbudget. 8
▪
•
•
•
•
•
Van belang is dat Senzer hier haar aandeel van de bijdrage ontvangt voor de uitvoering van de taken met betrekking tot de uitkeringsdossiers. Zoals aangegeven lopen we met de begroting vooruit op definitieve besluitvorming. Dit brengt een zeker financieel risico met zich mee. Toch vinden we dat we hiermee voorzichtig begroot hebben. 2. Het gereserveerde deel voor het sociaal pakket als onderdeel van het steun- en herstelpakket Covid-19; ten bedrage van € 1,4 miljard. ▪ Om werkzoekenden goed te kunnen ondersteunen investeert het kabinet dus in totaal € 1,4 miljard in vier bouwstenen van het aanvullend sociaal pakket: • Intensieve ondersteuning en begeleiding naar nieuw werk. • Scholing en ontwikkeling voor behoud van werk. • Bestrijding van jeugdwerkloosheid. • Aanpak van armoede en schulden. Senzer acht het van belang om met de ketenpartners binnen de arbeidsmarktregio een gezamenlijk plan van aanpak te genereren, zodat de beschikbare middelen zo efficiënt en effectief mogelijk kunnen worden benut. Dit met het doel de doelgroep (waaronder Tozoaanvragers) de zekerheid te bieden dat ze aanspraak kunnen maken op passende begeleiding naar werk en inkomen. Eventuele baten en lasten zijn hiervoor nog niet opgenomen in de begroting.
We zien een autonome kostenstijging (salaris en pensioen) door de invoering van de Wet arbeidsmarkt in balans (WAB), die niet volledig door te berekenen valt aan de opdrachtgevers. Op dit moment ontvangen wij hiervoor nog geen compensatie voor het Rijk. De VNG gaat hierover in gesprek met het Rijk en ook Senzer zal hier aandacht voor vragen. We zien additionele financieringsbronnen waar Senzer aanspraak op maakt of wil gaan maken, zoals de arbeidsmarktmiddelen van de provincie Noord-Brabant, Perspectief op werk en de ESF 2 middelen. De reservepositie van Senzer biedt geen ruimte voor benodigde toekomstige ontwikkelingen, het gaat dan om: verdergaande digitalisering en automatisering van de werkprocessen, innovatie bij ondersteuning van de doelgroepen, ontwikkeling van locatie Montgomeryplein en Churchilllaan naar een moderne werkomgeving en het investeren in modern personeelsbeleid. Senzer wil hiervoor plannen opstellen, die nut, noodzaak en financierbaarheid aantonen. Voor de periode na 2021 vraagt de financiering van Senzer evenwel een structureel hogere bijdrage zoals ook eerder opgenomen in de meerjarenraming. Daarmee geeft 2021 feitelijk een vertekend beeld omdat nog veel financiering incidenteel is geregeld en kan worden ingezet.
De evaluatie van de gemeenschappelijke regeling, waartoe Berenschot een rapport heeft opgesteld, en de opvolging daarvan moeten leiden tot een duurzame financiering van Senzer en een adequate risicoafdekking. Dit traject wordt samen met de deelnemende gemeenten vormgegeven.
9
10
Bijlagen Weerstandsvermogen, weerstandscapaciteit en risicoafdekking: nieuw De aanwezige weerstandscapaciteit daalt ten opzichte van de initiële begroting met € 185.000 en komt daarmee op 0. Asten
Benodigd weerstandsvermogen Nr 1 2 3 4 5 6 7 8 9
Omschrijving risico Rijksfinanciering (BUIG, WsW, Participatiebudget) Risico van de efficiëncy maatregelen Risico opbrengstdoelstellingen Toenemende concurrentie met als gevolg wegvallen detacheringen Economische- en arbeidsmarktontwikkeling in relatie tot aantal uitkeringen Andere loonontwikkeling en/of pensioenopbouw dan aangenomen bij de WAB Opname van opgebouwde verlofrechten in één jaar Verhuurbaarheid Churchillaan WsW inzet begeleidingsorganisatie Totaal
Deurne
Geldrop Gemert Mierlo Bakel 14,58% 7,91% pm pm 29.155 15.824 155.543 84.423 500.594 271.706
Helmond
Laarbeek
Someren
56,36% pm 112.722 601.373 1.935.439
4,61% pm 9.222 49.200 158.345
4,39% pm 8.783 46.860 150.812
Bedrag in € pm 200.000 1.067.000 3.434.000
3,95% pm 7.905 42.175 135.734
8,19% pm 16.387 87.426 281.371
920.000
36.364
75.382
134.114
72.792
518.522
42.422
40.404
122.000
4.822
9.996
17.785
9.653
68.761
5.626
5.358
2.071.000
81.859
169.691
301.901
163.862
1.167.238
95.496
90.953
pm 174.000 7.988.000
pm 6.878 315.738
pm 14.257 654.511
pm 25.365 1.164.456
pm 13.767 632.028
pm 98.068 4.502.122
pm 8.023 368.333
pm 7.642 350.812
Bedrag in € -
-
-
-
-
-
-
-
Bedrag in € 7.988.000
315.738
654.511
1.164.456
632.028
4.502.122
368.333
350.812
Aanwezige weerstandscapaciteit Nr 0614 0602 0692
Omschrijving reserve Participatiewet reserve Algemene reserve Resultaat huidig jaar Totaal
Resterend benodigde weerstandsvermogen Nr
Omschrijving reserve Risicoafdekking in gemeentelijke begrotingen
Formatieontwikkeling Begeleidingsorganisatie FTE ultimo jaar Sociaal Werk (inclusief inhuur) Ambtelijk Subtotaal Doelgroep indirect Subtotaal Totaal begeleidingsorganisatie
Initieel 2021 271,81 100,08 371,89 25,00 25,00 396,89
Wijziging 2021 41,18 0,00 41,18 1,77 1,77 42,95
Nieuw 2021 312,99 100,08 413,07 26,77 26,77 439,84
Loon- en prijsontwikkelingen: nieuw De initiële indexering voor loon- en prijsontwikkelingen kwam uit op 2,96%, deze daalt naar 1,77%. Indicatoren Factor MEV-sep 2021 ▪ Loonvoet sector overheid 90% 1,8 1,62% ▪ Prijs netto materiële overheidsconsumptie (IMOC) 10% 1,5 0,15% Index Loon- en prijsontwikkelingen (LPO) 1,77%
Totale bijdrage per gemeente 2021: nieuw bedragen in € Gemeente
Bijdrage Wsw-oud budget
Bijdrage BUIG budget
Asten
1.584.473
Deurne Geldrop-Mierlo
Terugbetaling intertemporale middelen
Bijdrage Participatie budget
Bijdrage Algemene middelen
Afdekken tekort Senzer
3.158.581
-23.543
146.279
613.362
3.936.155
6.448.703
-44.979
361.649
1.471.573
10.930.388
-51.979
677.350
Totaal bijdragen gemeente
45.650
5.524.802
1.271.471
94.631
12.067.630
2.262.106
168.361
15.457.800
Gemert-Bakel
4.378.745
5.896.397
-37.172
373.263
1.227.796
91.381
11.930.410
Helmond
16.476.388
41.407.431
-101.587
3.115.409
8.745.952
650.933
70.294.526
Laarbeek
2.389.368
3.548.570
-28.398
113.326
715.535
53.255
6.791.657
Someren
1.659.916
2.974.702
-31.999
104.694
681.497
50.722
5.439.532
Totaal
31.896.618
74.364.772
-319.656
4.891.970
15.517.720
1.154.933
127.506.357
Specificatie bijdragen participatiebudget per gemeente: nieuw bedragen in € Gemeente
Re-integratie wwb klassiek
Participatie nieuw Wajong
Participatie nieuwe begeleiding
Totaal Participatie budget
37,88% aandeel gemeente
62,12% aandeel Senzer
Asten
148.009
12.307
75.175
235.490
89.211
146.279
Deurne
280.496
59.482
242.230
582.208
220.559
361.649
Geldrop-Mierlo
761.662
63.585
265.200
1.090.447
413.097
677.350
Gemert-Bakel
336.484
43.073
221.348
600.905
227.643
373.263
Helmond
3.763.410
166.140
1.085.858
5.015.409
1.900.000
3.115.409
Laarbeek
68.184
32.818
81.439
182.441
69.115
113.326
Someren
70.955
30.767
66.822
168.544
63.850
104.694
Totaal
5.429.200
408.172
2.038.072
7.875.445
2.983.475
4.891.970
12
13