Bijlage 4 -Overzicht inhoudelijke wijzigingen van de actualisatie van de GR Senzer
Tekst van het document
Overzicht inhoudelijke wijzigingen van de actualisatie van de GR Senzer De voorliggende actualisatie van de GR Senzer betreft een aantal technische wijzigingen en redactionele aanpassingen die als doel hebben de GR Senzer te verduidelijken. In artikel 1 van de Wgr is vastgelegd dat de raad zijn zienswijze over de ontwerpregeling kan geven bij het eigen college. In de praktijk brengen alle deelnemende colleges de zienswijzen in bij het bestuur van Senzer. Zij verzoeken daarbij het bestuur om aan de hand van de zienswijzen te bezien of een definitieve tekst van een gewijzigde GR voor instemming en toestemming door respectievelijk de colleges en raden kan worden voorgelegd. Het treffen van een GR vereist unanieme besluitvorming door alle deelnemers. Dit voorstel ziet alleen toe op de zienswijzeprocedure. De wijziging van de GR betreft de volgende tekstuele aanscherpingen: - In artikel 4 lid 5 van de GR Senzer is explicieter vastgelegd dat Senzer verantwoordelijk is voor de uitvoering van de Participatiewet met uitzondering van de aanvullende inkomensondersteuning. Dit is in lijn met de huidige werkwijze. De bijzondere bijstand voeren wij als gemeente grotendeels zelf uit. - De verwijzingen naar het Besluit bijstandverlening zelfstandigen 2004 (Bbz 2004) worden verwijderd.
In de GR Senzer staan namelijk ook geen verwijzingen naar andere algemene maatregelen van bestuur of ministeriële regelingen. - Artikel 34 lid 2 wordt geschrapt. Dit artikel zag toe op de situatie waarin de bijdrageverordening nog niet was vastgesteld. Inmiddels is de bijdrageverordening vastgesteld en daardoor is dit lid niet meer van toepassing. Onderstaande bevoegdheden worden aangescherpt: - In artikel 2 tot en met 5 wordt vastgelegd dat Senzer in delegatie artikel 1.13 van de Wet Kinderopvang uitvoert. Op grond van dit artikel kan Senzer aan een ouder een tegemoetkoming verstrekken in aanvulling op de kinderopvangtoeslag. Senzer voerde deze werkzaamheden al uit. Dit was nog niet formeel vastgelegd in de GR. - In artikel 4 is aangepast dat de colleges op grond van de Algemene wet bestuursrecht zelf beleidsregels kunnen vaststellen die door het Algemeen en/of Dagelijks bestuur van Senzer in acht moeten worden genomen. - In artikel 4 wordt opgenomen dat het dagelijks bestuur van Senzer zelf een gemeenschappelijke regeling aan kan gaan. Vanuit de Wgr kan dit bij een gemeenschappelijke regeling belegd worden. Senzer heeft op dit moment geen concrete plannen om deel te nemen aan een gemeenschappelijke regeling.
- In artikel 31 wordt vastgelegd dat begrotingswijzigingen als gevolg van de actualisatie van de Rijksbudgetten BUIG en de integratie-uitkering Participatie direct en zonder zienswijzeprocedure worden vastgesteld door het algemeen bestuur. Deze werkwijze wordt sinds de fusie van Senzer gehanteerd en is ook vastgelegd in de bijbehorende bijdrageverordening. - Het Rijk heeft voor 10 jaar een impulsbudget sociale infrastructuur beschikbaar gesteld om gemeenten en sociaal ontwikkelbedrijven te ondersteunen bij de noodzakelijke ontwikkeling om sociaal ontwikkelbedrijven toekomstbestendig te maken. Deze middelen worden toegekend aan centrumgemeente Helmond via een decentralisatie uitkering. In artikel 31 wordt de overdracht van deze middelen geborgd en ook vastgelegd dat begrotingswijzigingen als gevolg van actualisatie van dit budget direct en zonder zienswijzeprocedure kunnen worden vastgesteld door het algemeen bestuur. - In artikel 44 wordt gewijzigd dat de deelnemers aan de GR Senzer over de gevolgen en voorwaarden van uittreding gaan en niet het algemeen bestuur van Senzer. Op dit punt wordt een strijdigheid met de Wgr opgeheven. - In artikel 3 lid 4 is de mogelijkheid opgenomen dat het openbaar lichaam op schriftelijk verzoek van een of meer deelnemende gemeenten in opdracht additionele taken uit kan voeren.
In het nieuwe lid 5 wordt toegevoegd dat ook andere partijen hiertoe een verzoek kunnen indienen. Hiervoor zijn ook de voorwaarden opgenomen dat de taken minimaal kostendekkend kunnen worden uitgevoerd en er geen afwikkeling van lasten op de deelnemende gemeenten kan plaatsvinden. Ten aanzien van cliëntenparticipatie wordt het volgende gewijzigd: - In artikel 22 stond dat cliëntenparticipatie alleen voor de Participatiewet plaatsvond. Echter geldt dit ook voor de IOAW, IOAZ en WSW. Dit wordt aangepast.
-
In artikel 22 wordt de volgende passage gewijzigd: ‘In de bestaande regionale cliëntenraad nemen de afgevaardigden van de gemeentelijke cliëntenraden deel.’ Dit biedt mogelijkheden om in de toekomst de regionale cliëntenraad opnieuw vorm te geven afzonderlijk van de gemeentelijke cliëntenraden.
Als laatste wordt in artikel 30 de termijn gewijzigd waarin het Dagelijks bestuur de algemene financiële en beleidsmatige kaders en de voorlopige jaarrekening deelt met de raden van de deelnemende gemeenten. Deze termijn stond op 15 april en wordt gewijzigd naar 30 april. Dit sluit aan op artikel 34b van de Wgr.