CConstaterende datAsten
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 1 - Evaluatie programma Transformatie Buitengebied

Raadscommissie Ruimte 25 maart 2025, gemeente AstenBij agendapunt: Evaluatie programma Transformatie buitengebied (opiniërend) met presentatie4.798 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Voortgang programma Transformatie Buitengebied 2025

1

Inhoud Opgaven in de Toekomstagenda .........................................................................................................3 Wat hebben we gedaan vanaf de vaststelling (2017) en wat zijn de resultaten? ...............................3 Opgave 1: Duurzame agrarische sector meer in balans met de omgeving en terugdringen van emissies ...........................................................................................................................................3 Opgave 2: Nieuwe economische sectoren ......................................................................................9 Opgave 3: Versterken landschappen en natuur, meer aansprekende natuurparels realiseren en deze vervlechten met de kernen ...................................................................................................12 Waarop richten we ons verder tot 2030 met betrekking tot de doelen? .........................................15 Opgave 1: duurzame agrarische sector in balans met de omgeving en het terugdringen van emissies .........................................................................................................................................15 Opgave 2: Nieuwe economische sectoren ....................................................................................15 Opgave 3: Versterken van landschappen en natuur, meer aansprekende natuurparels

realiseren en deze vervlechten met de kernen ..............................................................................................16 Bijlage 1. Overzicht daling emissies in 2025 ten opzichte van de situatie in 2017, met een doorkijk naar de situatie na de Landelijke Beëindigingsregelingen ................................................................17 Bijlage 2 Schematisch overzicht van de opgaven en dilemma’s van agrarische bedrijven bij het verduurzamen. ..................................................................................................................................19

2

Voortgang programma Transformatie buitengebied In 2017 hebben we samen met inwoners, ondernemers en maatschappelijke organisaties in Asten de Toekomstagenda Asten 2030 opgesteld. In deze agenda zijn 6 strategische opgaven benoemd waar we aan werken. In dit voortgangsdocument maken we -halverwege de uitvoeringsperiode- de tussenbalans op voor een van de 6 thema’s in het akkoord: het programma Transformatie buitengebied.

Opgaven in de Toekomstagenda Dit programma bevat drie opgaven. Projecten/plannen die binnen dit programma worden opgepakt dragen bij aan één of meer van deze drie hoofdopgaven. Deze opgaven zijn: 1. Een duurzame agrarische sector die meer in balans is met natuur, landschap en de gezondheid van inwoners (omgeving) en het substantieel terugdringen van emissies door de agrarische sector; 2. Nieuwe economische sectoren in vrijkomende agrarische bedrijfsbebouwing; 3. Versterken van onze landschappen en natuur, meer aansprekende natuurparels en het vervlechten ervan met de kernen zodat onze inwoners en recreanten hiervan kunnen genieten.

Wat hebben we gedaan vanaf de vaststelling (2017) en wat zijn de resultaten? Opgave 1: Duurzame agrarische sector meer in balans met de omgeving en terugdringen van emissies Wat hebben we gedaan? We zijn gestart vanuit dialooggesprekken over zorgen van inwoners over agrarische bedrijven die tot overlast leiden, genoemd ‘agrarische knelpunten’. Met name rondom de kern Heusden is een forse overschrijding van emissies met betrekking tot fijn stof en geur door de intensieve veehouderij. Om die reden is beleid geformuleerd gericht op het terugdringen van emissies en voorkomen van nieuwe agrarische knelpunten. Gelijktijdig zijn trajecten gestart om de bestaande agrarische knelpunten op te lossen, zoals de Gebiedsgerichte aanpak VAB-pilot Heusden. Deze trajecten zijn afgerond, waardoor een belangrijk deel van de knelpunten is opgelost en een belangrijke stap is gezet in het terugdringen van emissies. Nu zijn we vooral gericht op de vele stoppende agrarische bedrijven, het voeren van toekomstgesprekken met deze stoppende agrariërs, het sturen op herontwikkelingen en het behoud van de leefbaarheid in het buitengebied. Deze stoppende agrarische bedrijven hebben de emissies nog verder teruggedrongen. We kunnen helaas minder betekenen dan we zouden willen voor de bedrijven die door gaan en willen verduurzamen.

De stikstofproblematiek op Natura 2000 gebieden zoals de Groote Peel en juridische uitspraken zijn hier debet aan. 3

We steken samen met andere partijen zoals provincies, waterschappen veel tijd in de opgaven rondom de Groote Peel in de Gebiedsgerichte aanpak (GGA) Vitale Peel. Het behoud van een duurzame agrarische sector maakt bijvoorbeeld deel uit van deze opgaven van de GGA Vitale Peel. Naar aanleiding van het Coalitieakkoord 2022-2026 wordt nu gewerkt aan een plan van aanpak voor een gebiedsgerichte aanpak voor het glastuinbouwconcentratiegebied aan de Waardjesweg.

Wat zijn de resultaten? a. Agrarische knelpunten in relatie tot gezondheid of zorgen daarover van omwonenden zijn (grotendeels) opgelost. Deze knelpunten waren: • • •

•

Geuroverlast van een pluimveebedrijf in de Antoniusstraat op bebouwde kom Heusden; Geur- en fijn stofoverlast op burgerwoningen in een overbelast gebied omgeving Kemphaanweg/Gevlochtsebaan van de intensieve veehouderijbedrijven; Fijn stofoverschrijding van een cluster van pluimveebedrijven aan de Meijelseweg/Spechtstraat/Bleekerweg op burgerwoningen (landelijke overschrijding (piekbelasters) fijn stof) De vergunningaanvragen voor een groot melkveebedrijf aan Slobeendweg/Gezandebaan en zorgen daarover van Dorpsoverleg Heusden en omwonenden. De raad heeft daarop opdracht gegeven om deze ontwikkeling tegen te gaan. Het hoger beroep tegen de ontvankelijkheid loopt nog. 4

De knelpunten zijn opgelost door verschillende trajecten, te weten: de opkoop van de locatie en wijziging van de bestemming, een subsidieregeling, de VAB-pilot, de Landelijke Beëindigingsregeling en de inzet van een juridisch instrumentarium. De financiering van deze trajecten heeft plaatsgevonden met ondersteuning van de provincie en het rijk. b. Er zijn beleidsmatige keuzes in o.a. geurverordening en het bestemmingsplan opgenomen die gericht zijn op het verbeteren van de kwaliteit van de leefomgeving door het terugdringen van emissies, het wegnemen van overbelaste situaties, maar ook om van nieuwe overbelaste situaties/knelpunten te voorkomen. Zo zijn omschakelingen in het Omgevingsplan naar pluimveebedrijven uitgesloten. Ook in toekomstgesprekken met agrariërs is gestuurd op het voorkomen van nieuwe knelpunten en zijn we alert op ‘oude’ vergunningen die tot nieuwe agrarische knelpunten voor omwonenden kunnen leiden. Er zijn hierdoor geen nieuwe agrarische knelpunten ontstaan.

Urgentiegebied (=hoog fijn stofconcentratiegebied rondom Heusden)

c. De agrarische bedrijven, aantallen dieren en emissies zijn vanaf 2017 afgenomen. Agrarische bedrijven hebben deel genomen aan beëindigingsregelingen zoals: • Stoppersregeling 2020 (6 bedrijven); • 1e piekbelastersregeling (2 bedrijven); • Subsidieregeling sanering varkenshouderijen (5 bedrijven); • VAB-pilot Heusden (6 bedrijven); • Wet verbod pelsdierhouderijen (1 bedrijf). Daarnaast zijn er bedrijven zonder regeling gestopt. Het volledige overzicht is in bijlage 1. opgenomen. De informatie is gebaseerd op de gegevens in de Kernregistratie Dierenverblijven (KRD) waarop handmatig de deelnemers aan bovengenoemde regelingen in mindering zijn gebracht voor zover deze nog niet zijn verwerkt. d. De afname van emissies, veehouderijen en dieraantallen in Asten vanaf 2017. Afname van emissies van 2017 tot 2025: • Ammoniak 24% • Fijn stof 19% • Geur 15%

5

Afname van het aantal veehouderijen tot 2025 11% Afname van dieraantallen tot 2025 • Melkvee 10% • Vleesvee 13% • Varkens 12% • Legkippen 16% • Vleeskuiken 15% In bijlage 1 is een volledig overzicht opgenomen. Er kan worden geconcludeerd dat er sprake is van een substantiële afname van emissies. e. 24 bedrijven hebben zich aangemeld voor één van de Landelijke Beëindigingsregelingen (LBV/LBV+). Indien deze bedrijven hun aanvraag continueren zal dit tot een verdere afname van emissies, veehouderijen en dieraantallen leiden ten opzichte van de percentages onder d. gesteld. Afname van emissies vanaf 2025 • Ammoniak 23% • Fijn stof 24% • Geur 29% Afname van het aantal veehouderijen vanaf 2025 10% Afname van de dieraantallen vanaf 2025 • Melkvee 11% • Vleesvee 67% • Varkens 24% • Leghennen 33% • Vleeskuikens 0% In bijlage 1 is een volledig overzicht opgenomen. Op deze locaties worden ook de stallen voor vee gesloopt. Dit leidt tot een kwaliteitsverbetering van de leefomgeving. Met de eigenaren zijn/worden gesprekken gevoerd over de toekomst en de gewenste herontwikkeling en daarna ruimtelijke procedures gestart. f.

Toekomstgesprekken met agrarisch ondernemers. Op zo’n 80 agrarische bedrijven zijn geen of minder dieren aanwezig dan vergund. Dit betreft ongeveer 24% van de totale ammoniakemissie. Om de vergunde situatie meer in overeenstemming te brengen met feitelijke situatie wordt met de eigenaren van deze bedrijven gesproken over hun toekomstplannen. Tot op heden is met ongeveer 50% van deze bedrijven een gesprek gevoerd over deze toekomstplannen, herontwikkelingsmogelijkheden en het eventueel intrekken van de milieuvergunning. Deze gesprekken hebben vooralsnog maar beperkt resultaat. Er wordt bij deze ondernemers vooral ‘een zaadje geplant’ voor de toekomst. Vergunningen en de agrarische bestemming worden vooralsnog als een soort pensioenvoorziening gezien die in de toekomst kan worden verzilverd. We zijn vooralsnog niet overgegaan tot het actief intrekken van de niet benutte milieuvergunningen. 6

g. Verduurzamen van agrarische bedrijven die doorgaan. De agrarische bedrijven die doorgaan lopen vast op het verduurzamen ervan, voornamelijk als gevolg van de stikstofproblematiek, juridische uitspraken daarover en het uitblijven van duidelijkheid van hogere overheden. De gemeente biedt een luisterend oor voor de betrokken ondernemers, vraagt hiervoor aandacht bij de verantwoordelijke overheden en oefent invloed uit in bestuurlijke- en ambtelijke overleggen. De invloed blijft helaas beperkt. In bijlage 2 is een schema opgenomen waar agrariërs tegenaan lopen in het proces om het bedrijf te verduurzamen. h. Opgaven Gebiedsgerichte aanpak (GGA) Vitale Peel We participeren in de GGA Vitale Peel. Dit is een 2 tot 3 kilometerzone rondom Natura 2000 gebied de Groote Peel, Deurnsche- en Mariapeel. Deze zone is weer opgedeeld in meerdere deelgebieden, waarvoor de doelen van de GGA samen met andere partijen worden uitgewerkt. Het gaat om doelen zoals extensivering van de landbouw, aanleg van natuur, verhoging van de grondwaterstand, leefbaarheid, beleefbaarheid enz.. Op Astens grondgebied zijn we gestart met de uitwerking van het deelgebied Eeuwselse Loop en daarbinnen worden concrete projecten opgepakt zoals een traject gericht op het behoud en extensivering van de melkveebedrijven in het gebied, genaamd ‘Gras doet leven’. Het project ‘Zon voor melkvee’ was ook zo’n traject.

Dit betrof een project waarin het behoud van melkvee werd gecombineerd met energieopwek, waarbij de opbrengst van de energieopwek ten dienste zou staan van de extensivering van de melkveebedrijven in het gebied. Dit project is beëindigd vanwege gebrek aan draagvlak voor energieopwek onder inwoners. Ook worden er ‘vergroeningsprojecten’ binnen dit deelgebied opgepakt en worden stappen gezet om te komen tot de aanleg van een fietspad rondom de Groote Peel, waarvoor al geruime tijd plannen zijn en waarover een gesprek loopt met de provincie over cofinanciering. Dergelijke projecten dragen bij aan behoud van de leefbaarheid in het gebied of leiden tot een toekomstbestendig aantrekkelijk landschap waarmee toekomstige ondernemers op bijvoorbeeld recreatiegebied worden gefaciliteerd. i.

Glastuinbouwvisie met Someren Er is getracht om samen met de gemeente Someren te komen tot een nieuwe glastuinbouwvisie voor de glastuinbouwconcentratiegebieden in Asten en Someren. Dit proces is beëindigd vanwege de grote externe effecten, bijvoorbeeld met betrekking tot energie en arbeidsmigranten, de beperkte invloed van de gemeente op de toekomst van de sector en het ontbreken van ambtelijke expertise. Hierdoor is het niet mogelijk om aan de raad concrete scenario’s voor te leggen waarmee richting kan worden gegeven aan de glastuinbouw in Asten en Someren.

Tussenconclusie De emissies zijn vanaf 2017 tot 2025 substantieel verminderd, alle bestaande agrarische knelpunten zijn opgelost en nieuwe knelpunten zijn voorkomen. De afname van emissies zal vanaf 2025 nog verder afnemen door de LBV en LBV+ regeling waarvoor 24 agrarische bedrijven zich hebben 7

aangemeld. De afname van emissies zal zich nadien nog verder voortzetten door de vele stoppende agrariërs, ook zonder beëindigingsregelingen. Het verduurzamen van de agrarische bedrijven die door willen gaan is een complexe opgave. We bieden een luisterend oor voor ondernemers die hierop ‘vastlopen’ en brengen situaties onder de aandacht van verantwoordelijke overheden. De invloed van de gemeente blijft hierop zeer beperkt. In het schema in bijlage 2 is getracht deze beperkingen inzichtelijk te maken. Het proces om te komen tot een glastuinbouwvisie samen met gemeente Someren is beëindigd en er wordt voorgesteld om een gebiedsgerichte aanpak met betrekking tot de Waardjesweg te starten.

8

Opgave 2: Nieuwe economische sectoren Wat hebben we gedaan? We zijn gestart vanuit de gedachte dat er naast de landbouw in het buitengebied ruimte is voor andere economische sectoren, zoals zorg, recreatie en toerisme. De grote hoeveelheid vrijkomende agrarische gebouwen (VAB) biedt daarvoor kansen. Inmiddels beëindigen zoveel agrarisch ondernemers hun bedrijf dat nieuwe economische dragers in het buitengebied noodzakelijk zijn geworden om de leefbaarheid in het buitengebied te behouden en verloedering of ongewenste ontwikkelingen zoals ondermijningssituaties tegen te gaan. Deelnemers aan landelijke beëindigingsregelingen slopen verplicht de voormalige agrarische bedrijfsgebouwen. Dit draagt bij aan de kwaliteit van het buitengebied. Deze sloopplicht geldt echter niet voor agrariërs die stoppen zonder beëindigingsregeling. Om te voorkomen dat oude stallen blijven staan en leiden tot verloedering of ondermijningssituaties stimuleren we omschakelingen naar nieuwe functies/bestemmingen. Natuurlijk zijn er vanaf 2017 locaties omgeschakeld naar andere bestemmingen, maar het is zeker geen vanzelfsprekend dat het daarbij gaat om nieuwe economische sectoren. Ondernemers schakelen bij voorkeur om naar agrarische loonwerk met de behoefte aan stalling van materieel, paardenhouderijen, statische opslag en bedrijvenverzamelgebouwen voor verhuur.

In de gesprekken met ondernemers over de toekomst attenderen we op het omschakelen naar andere bedrijfstypen. Vanaf eind 2024 voeren we actiever gesprekken met inwoners over het bouwen van andere woonvormen, of nieuwe woon- of werkclusters in het buitengebied. We zien dit als een mooie kans voor onze inwoners en ondernemers. Het zal de leefbaarheid, bestaande gehuchten, bebouwingsconcentraties en de economie in het buitengebied weer versterken.

9

Wat zijn de resultaten? a. Onderzoek studenten HAS 2024 naar nieuwe woon- en werkclusters. Er is een onderzoek uitgevoerd om nieuwe clusters met woon- of bedrijvenfuncties toe te voegen in het buitengebied. Dit onderzoek dient als inspiratie om stoppende agrariërs of nieuwe ondernemers in het buitengebied te enthousiasmeren voor een herbestemming of een nieuwe bestemming die verder gaat dan de standaardopties. b. Gesprekken met inwoners over nieuwe clusters wonen/werken. Momenteel worden op 5 locaties gesprekken met inwoners gevoerd over nieuwe clusters of nieuwe vormen van wonen in het buitengebied. c. Vervolgonderzoek 2025 samen met studenten HAS mbt het actualiseren van de Structuurvisie bebouwingsconcentraties en het uitbreiden daarvan met nieuwe bebouwingsconcentraties. Voor het toevoegen van elke nieuwe woning in het buitengebied is een Ruimte-voor-ruimte titel (aankoop titel € 125.000 ex btw) nodig en de woning moet bovendien gesitueerd zijn in een daartoe aangewezen bebouwingsconcentratie in een gemeentelijke structuurvisie. In de huidige Structuurvisie bebouwingsconcentraties van de gemeente, die dateert van14 december 2010 zijn een beperkt aantal bestaande gehuchten en sommige delen van invalswegen als bebouwingsconcentratie aangeduid. Om meer woningen in het buitengebied te kunnen realiseren is een herziening en uitbreiding van deze structuurvisie nodig.

Hiervoor is opdracht verstrekt aan studenten van de HAS. d. Transitie Nationaal Park (NP) de Groote Peel naar een Nationaal Park (NP) Peelvenen of de Peel. 10

Momenteel verkennen we de mogelijkheid om het NP de Groote Peel uit te breiden met de Deurnsche- en Mariapeel en het verbinden van deze natuurkernen met elkaar en de omgeving. Het doel hiervan is om de kansen te vergroten op het gebied van recreatie, beleefbaarheid, gebiedsmarketing (de Peel als sterk merk), onderzoek & educatie en de betrokkenheid van de omgeving (waaronder inwoners, ondernemers, musea e.d.) vergroten. Deze transitie zal de kansen voor nieuwe ontwikkelingen rondom de Pelen vergroten en gelijktijdig kan de recreatiedruk over een groter gebied worden verspreid. We hebben als gemeente samen met andere partijen opdracht gegeven voor deze verkenning. Dit resulteert in een koersdocument dat medio 2025 gereed is en dat als basis dient voor deze transitie. Tussenconclusie Zorg over behoud van het buitengebied staat centraal. Nieuwe economische sectoren, nieuwe woningen of andere woonvormen kunnen hieraan op een waardevolle manier bijdragen. Veel agrarische bedrijven worden beëindigd, maar het is geen vanzelfsprekendheid dat daarvoor in de plaats nieuwe economische sectoren in het buitengebied komen. Hiervoor moeten we moeite doen door toekomstgesprekken te voeren met stoppende agrariërs en mogelijke nieuwe ondernemers te interesseren voor de mogelijkheden in het buitengebied.

Nieuwe woningen of nieuwe woonvormen kunnen ook waardevol zijn voor het behoud van de leefbaarheid in het buitengebied. Bovendien kunnen zij ook voorzien in sociale- en/of zorgbehoeften. Om deze mogelijkheden te benutten is een herziening en uitbreiding van de huidige Structuurvisie bebouwingsconcentraties nodig, als ook capaciteit om gesprekken te voeren.

11

Opgave 3: Versterken landschappen en natuur, meer aansprekende natuurparels realiseren en deze vervlechten met de kernen Wat hebben we gedaan? We zijn gestart met een zeer beperkte capaciteit op het gebied van natuurontwikkeling en hebben voornamelijk meegelift op projecten van bijvoorbeeld waterschap Aa en Maas in onze gemeente zoals bij beekherstelprojecten van de Aa en Astense Aa. Vanaf eind 2022-begin 2023 is deze opgave binnen het programma veel actiever opgepakt door beschikbare capaciteit. We werken nu aan een buitengebied met meer natuur en een hoogwaardige toekomstbestendige natuur. We verbeteren hiermee de biodiversiteit en versterken gelijktijdig de recreatiewaarde voor onze inwoners en bezoekers. Dit legt ook een basis die nodig is om de recreatiekansen in het buitengebied voor ondernemers in deze sector te vergroten. We kunnen dit niet alleen en werken daarom samen met andere organisaties zoals waterschap Aa en Maas, provincie Noord-Brabant, Staatsbosbeheer, IVN. Ook vrijwilligers in onze gemeente worden hier nauw bij betrokken.

Wat zijn de resultaten? a. Vergroening buitengebied (aanplant bomen/struiken) Het project is erop gericht om eind 2025 extra vergroening te hebben gerealiseerd waarbij de focus ligt op het extra aanplanten van nieuwe bomen. Op dit moment is het project in uitvoering en gaan we vergroenen door: 1. de aanplant van bomen, 655 stuks; 12

2. de aanplant van bosplantsoen, 4000 stuks; 3. het inzaaien en omvormen van bermen met bloem-/kruidenrijke mengsels (17.500m2 hebben we al omgevormd); 4. het realiseren van landschappelijke elementen (schuil/nestplekken voor fauna) 10 stuks hebben we aangelegd. b. Omvorming van multifunctionele bossen naar Natuurbossen. Revitalisering Dennendijkse bossen Het project is gericht op het omvormen van 162 ha. bestaand bos naar toekomstbestendig natuurbos. Dit wordt gefinancierd via een subsidie van € 986.754,50 van de provincie en het Europees landbouwfonds. De werkzaamheden zijn in maart 2025 afgerond. Hierna starten we in hetzelfde gebied met de aanleg van diverse bloeiende bosranden door de aanplant van struiken (2755 stuks). De uitvoering loopt vanaf 2025 en wordt grotendeels gefinancierd door Trees For All € 11.020,00. Er is een nieuwe subsidieaanvraag gedaan voor het zuidelijk (overig) deel van de Dennendijkse bossen, maar deze is helaas afgewezen. Wel hebben we nu voor een kleiner deel (14 ha.) van dit gebied vanTrees For All een bijdrage ontvangen van € 27.960,00 voor de aanplant van 2200 stuks bomen en struiken. Witte Bergen en Eeuwelse bos In dit gebied realiseren we bloeiende bosranden en overgangszones langs de fietspaden door de aanplant van bomen en struiken (2450 stuks).

De uitvoering vindt plaats in 2025 en wordt grotendeels gefinancierd door Trees For All € 10.920,00. Boscompensatie De realisatie van 1 ha. natuurbos aan de Bergweg bij Basisschool Voordeldonk met 2360 stuks bomen en struiken wordt gefinancierd door een subsidie van de provincie € 101.870,00. Droge Ecologische Verbindingszone (EVZ) Vaalbaan De bestaande EVZ (van de Groote Peel naar de Witte Bergen) versterken we door de aanleg van waardevolle struwelen voor vogels en insecten door de aanplant van struiken (755 stuks). De uitvoering vindt plaats in 2026 en wordt grotendeels gefinancierd door Trees For All € 3.020,00. EVZ Heitrakse Loop In samenwerking met waterschap Aa en Maas en provincie wordt de aanleg van een EVZ onderzocht tussen de Dennendijkse bossen en de Groote Peel via de Heitrakse Loop en de Astense Aa. Fase 1 (Dennendijkse bossen – Astense Aa) zit nu in de verkenning/plan fase. Een bestaand bosperceel van Staatsbosbeheer kan opgenomen worden in de EVZ. Voor de financiering van de EVZ willen we gebruik maken van provinciale subsidie (GOB). Deze EVZ zal verder worden uitgewerkt in het deelgebied Voordeldonkse Broekloop van de GGA Vitale Peel. De Bleeken In de Dennendijkse bossen liggen een aantal semi-natuurlijke laagtes (lokaal Bleeken genoemd) die eigendom zijn van de gemeente en op dit moment voornamelijk in agrarisch gebruik zijn (langjarige pacht).

In samenwerking met het waterschap willen we deze percelen landbouwgrond in de Bleeken uit de pacht te halen en inrichten als beleefbare natuur. Voor het waterschap Aa en Maas is het van belang om doelstellingen op het gebied van het conserveren en infiltreren 13

van water te realiseren. In 2024 hebben we onderzoek gedaan naar diverse scenario’s met betrekking tot de inrichting van de Bleeken. Het voorkeursscenario dat voorgelegd zal worden voor bestuurlijke besluitvorming betreft een combinatie van waterberging, waterbuffering en natuurbos. Vanuit de provinciale Bossenstrategie ligt er binnen de GGA Vitale Peel een opgave voor de realisatie van 20.6 ha natuurbos. We onderzoeken of deze opgave (en de daarvoor beschikbare financiële middelen) voor het project de Bleeken kan worden ingezet. c. Stimuleren van burgerinitiatieven Door middel van een klein burgerinitiatief is in Heusden een bloemenveld aangelegd van 1 ha op een braakliggend terrein aan de Slobeendweg. Naast het inzaaien van een bloemenmengsel zijn er ook bomen en struiken aangeplant en diverse nestvoorzieningen voor vogels, insecten en kleine zoogdieren aangelegd. De financiering is tot stand gekomen vanuit de gemeente en de provincie (Brabants landschap) € 8.000,00. d. Het vervlechten van de natuur met de kernen We geven hieraan invulling door het aantrekkelijker maken van de natuur en de route er naar toe via wegen en fietspaden, maar ook door wandelroutes langs bijvoorbeeld de beken. We willen graag over gaan tot de aanleg van het fietsrondje Groote Peel. Dit is een al lang gekoesterde wens van de gemeente.

Het eerste deel Mussenbaan is al samen met de gemeente Nederweert aangelegd. Voor het resterende deel van het fietsrondje is cofinanciering gevraagd aan de provincie in het kader van de opgaven van GGA Vitale Peel. We wachten op een schriftelijke toezegging voor deze cofinanciering door de provincie voordat we met de aanleg starten.

Tussenconclusie We hebben vanaf eind 2022 hele grote stappen gezet in de aanleg van nieuwe natuur en daarmee de biodiversiteit vergroot. We hebben hierbij veel gebruik kunnen maken van subsidiemogelijkheden. Hiermee wordt een goede basis gelegd voor meer biodiversiteit, maar ook een recreatief aantrekkelijker landschap. We kunnen deze nog meer vervlechten met de kernen zodat onze inwoners en recreanten van de natuurparels in de gemeente kunnen genieten.

14

Waarop richten we ons verder tot 2030 met betrekking tot de doelen? Opgave 1: duurzame agrarische sector in balans met de omgeving en het terugdringen van emissies De emissies zijn substantieel gedaald door de vele stoppende agrariërs en deze ontwikkeling zal zich verder doorzetten, ook zonder extra inzet vanuit de gemeente. De opgaven in Europees-, rijks- en provinciaal beleid en de vertaling daarvan in gemeentelijk beleid en uitvoering daarvan in GGA Vitale Peel zullen er toe leiden dat de agrarische bedrijven die doorgaan volledig duurzaam moeten worden. De druk hierop is enorm groot en erg complex om uit te voeren door agrariërs. Agrariërs die doorgaan zullen daarom onze steun als gemeente onverminderd nodig blijven hebben. Onze inzet binnen deze opgave zal zich vooral richten op GGA Vitale Peel, waarbij onze focus zal liggen op behoud van de leefbaarheid in het buitengebied. In GGA Vitale Peel zullen samen met de agrariërs en andere partners uitvoeringsplannen voor twee deelgebieden op Astens grondgebied worden gemaakt, waarin toekomstperspectief blijft voor de grondgebonden melkveehouderij. Ook in de beekdalen van de Astense Aa en Aa maken we ons sterk voor behoud van toekomstperspectief voor de grondgebonden melkveehouderij. Er moet in het buitengebied ruimte blijven voor vormen van landbouw in combinatie met natuur- en wateropgaven.

Ook moeten bedrijven in het buitengebied de kans krijgen om bij te dragen aan de verduurzamen van de gemeente. Voorbeelden hiervan zijn het bewerken van bio based producten, opwek- en opslag van energie in allerlei vormen. Tot slot stellen we voor aan de slag te gaan met een gebiedsgerichte aanpak binnen het glastuinbouwconcentratiegebied Waardjesweg. De opgaven van de bedrijven in de glastuinbouwconcentratiegebieden zijn dusdanig groot dat hierin een integrale afweging moet worden gemaakt die mogelijk verder gaat dan de belangen van Asten. Voorbeelden zijn de beschikbaarheid en betaalbaarheid van duurzame energie, de wateropgaven, maar ook de beschikbaarheid van arbeidskrachten en hetgeen daarmee samenhangt. Het dilemma van de beschikbaarheid en betaalbaarheid van duurzame energie komt ook aan de orde in het programma Klimaatbestendig en energieneutraal Asten.

Opgave 2: Nieuwe economische sectoren Uitgaande van een focus op behoud van de leefbaarheid in het buitengebied, kan aan deze opgave invulling worden gegeven door: a. meer te sturen op wat er in de plaats komt op locaties van stoppende agrarische bedrijven. We doen dit door keuzes te maken in welke herontwikkelingen (bedrijfssectoren) we willen stimuleren in het buitengebied en daarbij te sturen op kwaliteit (landschappelijk, bouwtechnisch en duurzaam); b. de recreatiekansen voor nieuwe en bestaande ondernemers in het buitengebied te vergroten. We doen dit door de transformatie van Nationaal Park (NP) de Groote Peel naar een Nationaal Park de Peel/Peelvenen en daarin meer samenwerking te zoeken met bewoners en andere partners in het gebied, maar ook bijvoorbeeld met museum Klok & Peel; c. het versterken van de woon- en werkfunctie in het buitengebied door nieuwe woonvormen en meer woon- en werkclusters mogelijk te maken. 15

Opgave 3: Versterken van landschappen en natuur, meer aansprekende natuurparels realiseren en deze vervlechten met de kernen Er is de afgelopen jaren een mooie inhaalslag gemaakt met vergroeningsprojecten in het buitengebied waardoor meer toekomstbestendige natuur en een aantrekkelijker landschap ontstaat. Dergelijke projecten worden voortgezet, bijv. met Trees for all tot 2027. en de uitvoering van de Bleeken in Dennendijkse bossen en EVZ Heitrakse loo. Deze projecten lopen tot 2027 en later. De focus wordt daarnaast gelegd op: a. de aanleg van een EVZ tussen de Dennendijkse bossen en de Groote Peel via de Astense Aa (Heitrakse loop); b. de inrichting van de natuur in de Bleeken/Dennendijkse bossen; c. het vervlechten van de natuur met onze kernen zodat onze inwoners en recreanten hiervan meer kunnen genieten. We doen dit door: 1. het realiseren van het fietsrondje Groote Peel met daaraan gekoppeld ommetjes en zichtpunten; 2. het realiseren van een toegankelijke Groote Peel op Astens grondgebied; 3. meer mooie fiets- en wandelroutes; 4. aandacht voor de aanwezige cultuurhistorie.

16

Bijlage 1. Overzicht daling emissies in 2025 ten opzichte van de situatie in 2017, met een doorkijk naar de situatie na de Landelijke Beëindigingsregelingen Onderstaande informatie is gebaseerd op de gegevens in de Kernregistratie Dierenverblijven (KRD) waarop handmatig de deelnemers aan regelingen zoals Stoppersregeling, Piekbelastersregeling, Subsidieregeling sanering varkenshouderijen, VAB-pilot Heusden in mindering zijn gebracht voor zover deze nog niet zijn verwerkt in de KRD. In de laatste kolom is opgenomen wat de emissies zijn indien de deelnemers aan de Landelijke Beëindigingsregelingen (LBV/LBV+) hun aanvragen continueren.

2017

2025

Potentieel resultaat LBV

Emissies Ammoniak

542.100

-24%

411.320

-23%

314.614

Geur

3.789.822

- 15%

3.207.185

- 29%

2.264.242

Fijnstof

95.778.065

- 19%

77.230.505

- 24%

54.952.927

215

- 10%

191

Veehouderijen 241

- 11%

Dieraantallen Melkvee

19.057

-10%

17.212

-11%

15.233

Vleesvee

12.748

-13%

11.073

-67%

3.706

Varkens

228.131

-12%

200.543

-24%

153.301

Leghennen

1.011.745

-16%

849.886

-33%

514.948

Vleeskuikens

945.111

-15%

887.275

-0%

887.275

17

Daling emissies, veehouderijen en dieraantallen ten opzichte van 2017 en potentieel resultaat LBV regeling

18

Bijlage 2 Schematisch overzicht van de opgaven en dilemma’s van agrarische bedrijven bij het verduurzamen. Op weg naar een duurzame landbouw. Wat zijn de opgaven en waar lopen agrarische bedrijven tegen aan? Naar een duurzame landbouw…. Wat houdt dat in? Een landbouw die in economisch, ecologisch en sociaal opzicht duurzaam is. Agrariërs verdienen een eerlijk inkomen en werken in een emissiearme landbouw met respect voor mens, dier en omgeving. Ze worden afgerekend op doelen en hebben voldoende middelen en vertrouwen in de toekomst om te investeren in innovatie en concurrentiekracht, dan wel te kiezen voor agrarisch natuurbeheer en andere publieke diensten (bron SER). De SER heeft onderzocht welke mogelijkheden er zijn naar een duurzame landbouw en is uitgekomen op zeven transitiepaden met elk hun eigen, integraal duurzame, afspraken. Die paden lopen uiteen van hightech landbouw in gesloten en open systemen, duurzame landbouw, biologische landbouw, maatschappelijke ondernemingen, natuur/landschapsbeheer en het stoppen van het bedrijf. De agrariërs moeten daarin zelf een keuze maken die bij hen past en het gebied. Er zijn dus meerdere mogelijkheden om te komen tot een duurzame landbouw.

Op welke beleidsterreinen kunnen of moeten de agrarische sectoren verduurzamen? Dierenwelzijn en diergezondheid, verminderen van emissies (stikstof, methaan, geur etc.), verbetering bodemkwaliteit, weerbare en gezonde planten, water (kwaliteit en kwantiteit), inzet en opwek van duurzame energie, sluiten van kringlopen, leveren van gezond en veilig voedsel en siergewassen die voldoen aan steeds hogere eisen (klimaat, kwaliteit, beschikbaarheid). Daarnaast is relevant om te kunnen voldoen aan: brandveiligheid (eisen aan stal maar ook voldoende bluswater) en er zijn voldoende locaties nodig voor bewerken van mest op locaties en opslag van grondstoffen etc. Kortom, het gaat om veel en uiteenlopende beleidsopgaven. Probleem Door te sturen op beleidsopgaven krijgen de agrarische sectoren, gefaseerd in tijd, sectorale opgaven van verschillende bevoegde organen opgelegd die moeten bijdragen aan het verduurzamen van de bedrijven. Ondernemers zoeken echter naar integrale oplossingen die bijdragen aan verdere verduurzaming. Dit lukt niet als de voorwaarden elkaar in tijd opvolgen, verschillende organen bevoegd zijn en (fatale) termijnen zijn verbonden aan een opgaven. Het aanpassen van huisvestingssystemen (stallendeadline) is daar een voorbeeld van.

Ondernemers hebben in dat geval door juridische uitspraken over huisvestingssystemen, slechts een heel beperkte keuze is in huisvestingssystemen. De vergunningverlening ligt hierdoor vrijwel stil. Een dergelijke situatie leidt niet tot keuzes van ondernemers die zien op integrale oplossingen voor een verdere verduurzaming van de bedrijven. Het staat de vrijheid in de weg voor de keuze voor een transitiepad dat bij ondernemers en gebieden past. In bijgevoegd overzicht (zie apart document) is samen met provincie, ZLTO en Omgevingsdienst geprobeerd inzichtelijk te maken waar agrarische bedrijven tegenaan lopen.

19

20

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Asten&id=d41ba1bc-4c02-4138-8582-5ced85c7f8cc