CConstaterende datAsten
Koppel je AI →
Document · PDF

AZC22.06.15B Memo Elektrische voertuigen parkeergarages.pdf

Raadscommissie Samenleving en Bestuur 2 juni 2022, gemeente AstenBij agendapunt: Stukken ter kennisneming aan de commissie1.581 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

MEMO AAN DE RAAD ZAAKNUMMER : 2022009260 AAN

: de Raad

VAN NAMENS DEZE

: College van B&W : Burgemeester A. van Extel-Van Katwijk

DATUM

: 8 maart 2022

ONDERWERP

: Memo elektrische voertuigen parkeergarages

Samenvatting Inleiding In de commissie AZ&C van 10 september 2020 is afgesproken nadere informatie in te winnen over de noodzaak om te komen tot beleid met betrekking tot elektrische laadpunten in parkeergarages. De aanleiding van deze afspraak heeft te maken met gevallen in Nederland waarbij brand is ontstaan in parkeergarages als gevolg van het opladen van elektrische auto’s in parkeergarages. Ondergrondse parkeergarages gemeente Asten -

Parkeergarage onder appartementen “Midas” aan de Burgemeester Frenckenstraat in Asten. Capaciteit circa 40 parkeerplaatsen.

-

Parkeergarage onder appartementen “Bartholomeus” aan het Koningsplein in Asten. Capaciteit circa 50 parkeerplaatsen.

-

Parkeergarage onder appartementen “De Gitsels” aan de Burgemeester Wijnenstraat. Capaciteit circa 24 parkeerplaatsen.

-

Parkeergarage onder appartementen “Gutenberg” aan de Langstraat in Asten. Capaciteit circa 15 parkeerplaatsen.

-

Parkeergarage onder appartementen “De Linde” aan de Prins Bernhardstraat – Industrielaan in Asten. Capaciteit: PM.

-

Parkeergarage onder appartementen “Kompas” aan de Langstraat in Asten. Capaciteit: PM.

Instituut Fysieke Veiligheid (IFV) Algemeen Kijkend naar de kans op brand en het effect bij een brandend elektrisch voertuig, is duidelijk dat er andersoortige risico's zijn wanneer elektrische voertuigen geparkeerd en opgeladen worden in een parkeergarage. Zo ontwikkelen branden met elektrische voertuigen zich anders qua brandverloop en brandduur. Door het ontstaan van toxische verbrandingsproducten kan er een situatie ontstaan die voor het vluchten en bestrijden van de brand ongunstig is. Ook de rest van het brandende voertuig (met name de kunststofonderdelen) zorgt, net als bij conventionele voertuigen met kunststofonderdelen, al voor ernstig toxische rook, waardoor het vluchten op zich al zeer kritiek is.

1

Systemische gezondheidseffecten door blootstelling aan HF-houdende rook van li-ion battery packs lijken onwaarschijnlijk. Daarnaast is het blussen van branden met elektrische voertuigen lastiger. Publicatie ‘brandveiligheid parkeergarages met elektrische aangedreven voertuigen’ Hieruit blijkt, dat er relatief nog weinig bekend is over de kans op het ontstaan van brand van elektrisch aangedreven voertuigen. De daarin beschreven maatregelen zijn daarom voornamelijk effectmaatregelen. Daarmee is de kans op het ontstaan van brand (ongeacht door parkeren of door laden) niet weg genomen. Uit de publicatie kan dus niet worden geconcludeerd dat de maatregelen alleen zijn beschreven met het oog op laden. Wel zal de kans op het ontstaan van brand in een elektrisch aangedreven voertuig wanneer deze in de parkeergarage wordt opgeladen over het algemeen iets groter zijn ten opzichte van de situatie dat niet in de garage wordt opgeladen, maar met mode 3 of 4 laden is de toename van deze kans in combinatie met opladen verhoudingsgewijs zeer gering.

Overigens blijkt uit deze publicatie ook dat de kans op het ontstaan van brand in een geparkeerd elektrisch aangedreven voertuig in een parkeergarage waarschijnlijk niet groter is dan die in een voertuig dat wordt aangedreven door fossiele brandstoffen, met dien verstande dat verwacht kan worden dat de kans op het ontstaan van brand in een parkeergarage wel groter wordt, o.a. omdat er een extra activiteit wordt uitgevoerd in de parkeergarage (zoals het laden) en er derhalve sprake kan zijn van een aantal additionele brandoorzaken (eveneens paragraaf 1.4.1). Welke regelgeving geldt er momenteel voor parkeergarages? Voor nieuw te bouwen parkeergarages met een gebruiksoppervlakte van maximaal 1.000 m2 gelden de rechtstreeks werkende prestatie-eisen van het Bouwbesluit 2012. Voor bestaande parkeergarages geldt een grenswaarde van maximaal 3.000 m2. Bij overschrijding van deze grenswaarden moet, volgens artikel 1.3 van het Bouwbesluit 2012, een gelijkwaardige mate van brandveiligheid worden gerealiseerd als beoogd is met de voorschriften. Om een gelijkwaardige mate van brandveiligheid te realiseren zijn meestal aanvullende voorzieningen nodig, zoals een sprinklerinstallatie. Op rijksniveau wordt gewerkt aan een aantal concept-voorschriften voor de toepassing van een automatische blusinstallatie in parkeergarages.

De intentie is om deze medio 2022 op te nemen in het Besluit bouwwerken leefomgeving (Bbl). Naar verwachting wordt in dit besluit tevens een aantal bepalingen opgenomen die betrekking hebben op de laadvoorzieningen in parkeergarages. Regelgeving voor elektrisch aangedreven voertuigen in parkeergarages Voor elektrische voertuigen en laadvoorzieningen in parkeergarages zijn nog geen specifieke brandveiligheidseisen opgenomen in het Bouwbesluit 2012. Het Bouwbesluit 2012 houdt geen rekening met de extra risico's op en bij brand door elektrisch aangedreven voertuigen en het laden daarvan. Het voldoen aan het Bouwbesluit 2012 levert daardoor niet per definitie een veilige parkeergarage op, maar dat is overigens ook het geval bij conventioneel aangedreven voertuigen door de grote toename van kunststoffen in auto's de afgelopen jaren. Het ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties heeft een wijziging van boek 5 van het burgerlijk wetboek aangekondigd. De voorschriften voor parkeergarages worden dan in een Algemene Maatregel van Bestuur (AMWB) opgenomen.

Wat zijn praktische handvatten om te zorgen voor een veilige parkeergarage? Om veiligheidsregio's (brandweren), gemeenten en eigenaren te helpen met het maken van de juiste keuzes om in specifieke situaties toch tot een acceptabel niveau van brandveiligheid te komen in parkeergarages waar elektrisch aangedreven voertuigen gestald (en geladen) worden, heeft het IFV samen met Brandweer Nederland de publicatie ‘Brandveiligheid parkeergarages met elektrisch aangedreven voertuigen’ uitgegeven. Om de andersoortige risico's die het parkeren en laden van elektrische voertuigen in parkeergarages met zich meebrengt te beperken, wordt geadviseerd om de mogelijke maatregelen in deze publicatie te bezien op effectiviteit en haalbaarheid in een gesprek

tussen brandweer en beheerder/eigenaar en een brandveiligheidsadviseur. Een verder uitgewerkt plan kan vervolgens worden voorgelegd aan de veiligheidsregio. Een van de maatregelen betreft het aanbrengen van een noodknop in een parkeergarage. De locatie van de noodknop kan bij de hoofdentree van de garage of op een andere strategische plaats geïnstalleerd worden, dit is mede afhankelijk van de lokale situatie. In ieder geval moet duidelijk herkenbaar zijn waar de noodknop zich bevindt. Geadviseerd wordt daarom om de precieze locatie, uitvoering en herkenbaarheid met de brandweer af te stemmen. Doel van de noodknop is dat bij calamiteiten in één handeling alle laadvoorzieningen stroomloos kunnen worden geschakeld door de brandweer of andere aanwezigen. Bij voorkeur wordt een noodknop aangebracht in combinatie met een signalering (een rode lamp, tekstbord of iets dergelijks) waarmee is aangegeven dat alle laadvoorzieningen daadwerkelijk stroomloos zijn geschakeld. Specifieke maatregelen te treffen door eigenaar/beheerder van een parkeergarage. Bouwkundige maatregelen  

Overleg met een constructeur over eventueel mogelijke extra bescherming van de bouwconstructie nabij parkeerplekken met laadvoorzieningen. Plaats voor de laadpalen een aanrijbeveiliging, of breng deze aan op een plek waar aanrijden onmogelijk is.

Installatietechnische maatregelen  

Zorg voor een voorziening waarmee bij calamiteiten in één handeling alle laadvoorzieningen stroomloos kunnen worden geschakeld door aanwezigen of brandweer. Plaats de parkeerplaatsen voor elektrisch aangedreven voertuigen, laadpalen/-voorzieningen: o niet op plaatsen waar ventilatielucht wordt toegevoerd zoals een open gevel van de parkeergarage. indien mogelijk op een open bovenste parkeerdek van een parkeergarage niet ter plaatse van een vluchtroute voor personen. o Positioneer afvoerkanalen zodanig dat zoveel mogelijk wordt voorkomen dat verbrandingsproducten die uit de garage komen overlast voor de omgeving veroorzaken.

Organisatorische maatregelen 

  

Zorg naast snelle detectie voor opvolging van een brandalarm: hoe eerder daadwerkelijk kan worden vastgesteld dat er brand is, hoe sneller de brandweer wordt gewaarschuwd, hoe groter de kans dat de brandweer de brand mogelijk nog kan bestrijden zonder onaanvaardbare risico's te lopen. Geef bewoners/gebruikers duidelijke instructies, zodat zij weten hoe zij moeten handelen bij calamiteiten en leg deze instructies vast in een 'Instructie hoe te handelen bij brand'. Maak goede afspraken over het veilig gebruik van de laadpalen. Neem contact op met de verzekeringsmaatschappij (meldingsplicht). Deze beoordeelt of er sprake is van verhoging van het (brand)risico. Dit heeft mogelijk gevolgen voor de verzekeringspolis en voor de parkeergarage.

Maatregelen t.b.v. repressieve inzet 

Positioneer parkeerplaatsen en laadpalen/-voorzieningen: - zo veel mogelijk dicht bij de in- en uitritten van de garage - zo veel mogelijk op het straatniveau. Zorg dat elektrische voertuigen op een bepaalde vooraf afgesproken plaats in de parkeergarage staan en maak dat kenbaar bij de toegang van de parkeergarage.

3/4

 

Zorg voor de herkenbaarheid van een parkeerplaats met laadpaal/-voorziening. Richt de bluswatervoorziening/waterwinning in op de aanwezigheid van elektrisch aangedreven voertuigen.

Verder is de installatie van sprinklers of watermistsystemen de meest passende maatregel om de ontwikkeling van de brand te beperken en om branduitbreiding tussen de voertuigen te voorkomen. Elke parkeergarage is anders en vraagt daarom om maatwerk per situatie. Om de specifieke situatie van een ondergrondse parkeergarage te beoordelen kan een eigenaar een brandveiligheidsdeskundige inschakelen of een ter zake deskundig adviesbureau vragen om een brandveiligheidsscan uit te voeren. Conclusies 

Uit publicaties van het IFV (FAQ Brandveiligheid elektrische voertuigen en laadpalen in parkeergarages (ifv.nl)) blijkt dat er nog beperkt informatie beschikbaar is over dit onderwerp.

In de gemeente Asten zijn enkel private parkeergarages aanwezig. VvE’s en particulieren eigenaren hebben een leidende rol in het veilig omgaan met laadpalen in parkeergarages. Er zijn infograpics (https://www.ifv.nl/kennisplein/Documents/20210923‐IFV‐Infographic‐Veilig‐ parkeren‐en‐laden‐van‐elektrische‐voertuigen‐in‐parkeergarages.pdf) openbaar toegankelijk waar de aandachtpunten/gevaren van e-laden in parkeergarages te vinden zijn. Wat betreft regeling moet worden teruggevallen op het Bouwbesluit en aanstaande regelgeving in het Besluit bouwwerken leefomgeving. Aan eigenaren van bestaande parkeergarages zal worden geadviseerd om een brandbeveiligingsscan uit te laten voeren door een brandveiligheidsdeskundige of een ter zake deskundig adviesbureau. Aan de hand van de uitkomsten kan over eventuele verbetermaatregelen in overleg worden gegaan met de gemeente en hun adviseur van de Veiligheidsregio. Aanvullend beleid vanuit de gemeente op dit vlak is volgens huidige inzichten niet direct nodig.

 

Bijlagen: --

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Asten&id=32835d72-a8a3-4aa7-9bfa-da2cbd077ac9