Tekst mail APCG aan de gemeente Arnhem d.d. 20-01-2021
Tekst van het document
Tekst mail van het Apcg aan de gemeente Arnhem d.d. 20 januari 2021: Onderwerp: reactie Apcg op brief maatregel Wmo-pas AVAN Dag Esther, We hebben maandag vernomen dat een bepaalde groep gebruikers van AVAN vrijdag de 15e januari een brief hebben gekregen van het bestuur van de wijkteams over het intrekken van de Wmo-pas agv ondergrens in gebruik. We hebben hierover verontruste reacties gehad van inwoners die niet met OV, Automaatje of eigen netwerk kunnen reizen. Zoals 1 van de inwoners zei: “het wordt ons steeds moeilijker gemaakt om te participeren”. Ook vinden inwoners het “niet gelijkwaardig in vergelijking met de mogelijkheden die inwoners zonder beperking hebben”. En ook de zelfstandigheid is in het geding. We hebben enkele vragen over de brief (die wij via achterban hebben ontvangen, helaas niet via gemeente/wijkteams zodat we voorbereid waren):
Allereerst zijn we verbaasd en ontstemd over het tijdstip van de ‘herijking’. We zitten nog midden in de coronacrisis en het OV is voor veel mensen uit de achterban nog niet veilig genoeg. We weten niet hoe dat in april is, gezien er nog een piek wordt verwacht in maart. Mogelijk wordt het OV zelfs helemaal stopgezet. De herijking levert o.i. in verhouding ook te weinig op om dit te rechtvaardigen, gezien het om een groep gaat die weinig met Avan reist. Daarnaast zijn wij van mening dat de volgorde anders zou moeten zijn. Eerst (een aanbod voor) een herindicatiegesprek met de inwoner en dan pas eventueel stopzetten. Dat kan eenvoudig door in de brief aan te geven dat als er geen behoefte is aan wmo-pas of gesprek etc.. Nu worden we ermee geconfronteerd dat inwoners het stopzetten zien als fait accompli. Het lijkt ook een generieke maatregel, terwijl er wel maatwerk mogelijk is, zoals de wethouder eerder heeft toegezegd. Inwoners hebben recht op een individueel gesprek over passende ondersteuning. Maatwerk betekent dat er ook uitzonderingen gemaakt kunnen worden. De inwoners kunnen echter niet terecht bij de eigen wijkcoach, die hen en hun participatiebehoefte en -mogelijkheden het beste kent. Volgens ons is juist het uitgangspunt van maatwerk door de wijkteams dat de coaches bekend zijn met de persoonlijke situatie van de inwoners.
Van een aantal inwoners die gebeld hebben met het team begrepen wij dat dit niet als een persoonlijk ondersteuningsgesprek wordt ervaren, er wordt alleen gewezen op alternatieven, ongeacht de situatie van de inwoner. Eén iemand werd zelfs verwezen naar Breng-flex?? Ambitie van elke maatregel zou moeten zijn passende ondersteuning en niet rigide bezuiniging. Wat ons betreft is de Wmo-pas een maatwerkvoorziening. Er staat in de brief geen datum van verzending vermeld en ook geen mogelijkheid tot bezwaar. Dit lijkt ons vooral belangrijk aangezien in de brief staat dat de pas alleen bedoeld is voor inwoners met een structurele vervoersbehoefte (probleem); er wordt weliswaar verwezen naar de beleidsregels, maar in de Wmo wordt dit niet als zodanig beschreven. Eerder is gesteld dat er een overgangsperiode is van 3 maanden; wij gaan er van uit dat dit 3 maanden is na een herindicatiegesprek, niet na een papieren analyse. Sowieso is per 1 april niet 3 maanden na ontvangst van de brief. Zijn inwoners alleen gesorteerd op aantal ritten, of ook nog op hulpmiddel ed.? Als eerste alternatief wordt gewezen op een OV-pas voor AVAN. We vragen ons af wat dan criteria zijn voor uitzonderingen (maatwerk), als dit het eerste alternatief is. Bovendien kunnen inwoners met een scootmobiel niet reizen met AVAN met een OV-pas. Voor het reizen met een scootmobiel is er dus geen alternatief.
Zelfstandig reizen zonder scootmobiel is niet voor iedereen een optie. Voor het gebruik van een duwrolstoel ben je afhankelijk van iemand die je duwt, er zijn maar heel weinig scootmobielpools (waar niet iedereen gebruik van kan maken) en niet iedereen heeft een goede handfunctie voor een handbewogen rolstoel. Als inwoners als alternatief met een rolstoel gaan reizen met een OV-pas, worden de kosten heel hoog als er een bindend OV-advies is.
Als inwoners minder gaan reizen met AVAN, hoe kan dan worden aangetoond wanneer de vervoersbehoefte weer toeneemt? Hetzelfde geldt voor nieuwe klanten.
Wij hebben in januari 2020 al een gesprek gevoerd met de wethouder over deze maatregel, die wat ons betreft teveel obstakels geeft en weinig oplevert. Wij hebben toen aangegeven dat individueel moet worden onderzocht wat de structurele vervoersbehoefte is, zonder dat er een bepaald aantal ritten genoemd wordt. Ook hebben we verwezen naar het VN-verdrag Handicap waarin staat dat inwoners moeten kunnen reizen op de wijze en op het tijdstip van hun keuze en tegen een betaalbare prijs. Wat ons betreft voldoet deze maatregel niet aan deze voorwaarde. Wij blijven erbij dat inwoners om te kunnen participeren, juist ondersteund moeten worden in het vervoer. Met vriendelijke groet, Dick Cochius Voorzitter Arnhems platform chronisch zieken en gehandicapten (Apcg) i.o. Karen Verholt, beleidsmedewerker Arnhems platform chronisch zieken en gehandicapten (Apcg)