Schriftelijke inspraakbijdrage van mw. S. Veltmaat - College van Bestuur Flores Onderwijs
Tekst van het document
Geachte raadsleden, Inspraak 1 dec 2021 ivm ‘Jaarprogramma integraal huisvestingsplan 2021-2022 en stand van zaken onderwijshuisvesting po, (v)so en vo’ namens de volgende PO besturen: JA Delta scholengroep: Peter Dooijeweerd, Anje Margreet Woltjer JA Flores Onderwijs: Sylvia Veltmaat, Yvonne Visser JA Simon Scholen, in Arnhem Ibn-I-Sina: Mehmet Okuducu, Ismael Yilanci JA Vrijescholen Athena, in Arnhem Parcivalschool: Peronnik Veltman, Hannes van Soest JA/NEE/? CorDeo Scholengroep, in Arnhem Pieter Jongelingschool: Arriën Boes, Hester Blok JA/NEE/? De Passie in Arnhem Evangelische basisschool De Rank: Erik Hendriksen (30 nov 14.00 uur - nog geen reactie - bewaken)
Dank u dat ik u namens bovenstaande primair onderwijs besturen weer te woord mag staan. Dit maal spreek ik in vanwege het ‘Jaarprogramma integraal huisvestingsplan 2021-2022 en stand van zaken onderwijshuisvesting po, (v)so en vo’. Ik neem u even mee terug in de tijd. Toen we in 2016 het IHP PO Arnhem maakten, hebben we (schoolbesturen en gemeente) in goed overleg met elkaar uitgangspunten bepaald, op basis van de realiteit van dat moment. Dat heeft in de eerste jaren van het IHP ook geleid tot de nodige voortgang en inmiddels geresulteerd in enkele mooie nieuwe schoolgebouwen en zelfs een prijswinnende permanente uitbreiding (De Wijzer). Daar zijn we natuurlijk blij mee. Inmiddels zijn we vijf jaar verder en is de context op een aantal vlakken dermate veranderd dat het goed is om daar nu vanuit ons perspectief een toelichting op te geven. Deze context heeft betrekking op: ● ●
●
de ontwikkeling van wet- en regelgeving rondom BENG en de stijgende bouwkosten in relatie tot de gemeentelijke vergoeding (IHP-norm); ook willen we nog even de aandacht vestigen op een belofte die we hebben gedaan in het IHP, namelijk ervoor zorgen dat alle tijdelijke huisvesting verdwijnt, zodat alle Arnhemse kinderen onderwijs kunnen genieten in permanente goede schoolgebouwen; daarnaast is duidelijk geworden dat Gemeente Arnhem een omvangrijk woningbouwprogramma heeft en dat we daar in onze werkwijze van het IHP tot op heden geen rekening mee houden.
Ontwikkeling bouwkosten i.r.t. de normvergoeding Gemeente en schoolbesturen hebben sinds 2020 het gesprek gevoerd over de actualisatie van het normbudget. Zoals te lezen is in het raadsvoorstel, was de veranderende wet-/regelgeving rondom BENG hiervoor de directe aanleiding. In de eerste helft van 2021 heeft SBM in opdracht van de gemeente een herberekening gemaakt van de Arnhemse IHP-norm. Delta Scholengroep en Flores Onderwijs zijn weliswaar betrokken geweest bij de opdrachtformulering en de herberekening van het normbedrag door SBM, maar in de behandeling van de uitkomsten zijn we niet tot overeenstemming gekomen over de conclusies van het onderzoek. Wij pleiten voor het toepassen van de VNG-norm in plaats van de berekende Arnhemse IHP-norm, en wel om de volgende redenen: ●
Bij het opstellen van het IHP in 2016 waren schoolbesturen en gemeente het erover eens dat de VNG normvergoeding geen reële weergave was van de werkelijke kosten van onderwijshuisvesting. De VNG-normbedragen hadden onvoldoende meebewogen met de ontwikkelingen op het gebied van wet- en regelgevingen (aanpassingen Bouwbesluit) en bouwkosten. De VNG heeft dit in 2019 erkend en de normbedragen daarom eenmalig met 40% verhoogd, om zo de discrepantie die was ontstaan tussen norm en werkelijkheid op te lossen. In 2021 heeft de VNG bovendien de norm eenmalig verhoogd met 9,6% om de BENG regelgeving in het normbedrag op te nemen. Dit percentage is gebaseerd op informatie van het kenniscentrum Ruimte-OK, inmiddels een gerespecteerd instituut voor onderwijshuisvesting. Wij zijn dan ook van mening dat de eerdere bezwaren voor toepassing 1
●
●
●
van de VNG norm nu niet meer aan de orde zijn, dankzij de ‘reparatie’ van de norm die de VNG zelf heeft uitgevoerd. Desondanks bleef de insteek van het college om hiervan af te wijken. Een normbedrag dient een reële weergave te zijn van het werkelijke kostenniveau. SBM heeft in de herijking van het IHP-normbedrag daarom, zoals vooraf besproken, de eigen budgetraming gespiegeld aan de aanbestedingsresultaten van Daltonschool Confetti en IKC De Klimboom. Bij het spiegelen aan de aanbestedingsresultaten (laagste inschrijfsommen) van Daltonschool Confetti en IKC De Klimboom heeft SBM geconcludeerd dat het in hun model berekende niveau reëel is. Wij zijn van mening dat deze conclusie niet juist is en dit geen juiste weergave is van de huidige markt. Immers, om een reële weergave te zijn van de marktprijzen zou een normbedrag uit moeten gaan van gemiddelde inschrijfprijzen, niet van de laagste. Met gemiddelde inschrijfprijzen kom je op een niveau dat zelfs net iets hoger is dan de VNG norm 2021. De laatste maanden is er in onze lopende projecten gebleken dat de bouwsector te maken heeft met hoge prijsstijgingen, als gevolg van de extreme prijsstijgingen van grondstoffen zoals hout, staal, metaal, olie en energie.
De cijfers van BDB bevestigen dit beeld, want over een periode van een half jaar, van mei 2021 tot en met oktober 2021, is een prijsindex stijging van 3,3% opgetreden ( dit is circa 6,6% per jaar). Voor 2022 voorspelt de BDB een structurele prijsstijging van meer dan 3%. Ook de prognoses met betrekking tot de inflatie liggen, op dit moment, boven de gewenste 2%. Dit betekent dat het door SBM berekende normbedrag, dat een ouder prijspeil kent, sowieso achterhaald is en de gemiddelde index volgens het IHP-uitgangspunt (gemiddelde BDB index over 10 jaar) ervoor zorgt dat het verschil tussen de IHP-norm en de werkelijke kosten alleen maar verder oploopt. Recentelijk heeft de VNG haar eigen normbedragen met bijna 5% geïndexeerd naar prijspeil 2022. De VNG-norm loopt hiermee dus beter in de pas met de werkelijke kostenontwikkeling zoals aangegeven door de BDB. Wij verzoeken u dan ook te overwegen om gehoor te geven aan ons pleidooi om te kiezen voor het toepassen van de VNG-norm voor de IHP-projecten. Bovenaan staat dat een financiële norm ons in staat moet stellen om conform de wettelijke uitgangspunten en de uitgangspunten van het IHP goede en toekomstbestendige schoolgebouwen te kunnen realiseren.
Het feit dat de IHP-norm zoals genoemd in het jaarprogramma ‘21/’22 niet voldoende blijkt voor de reeds lopende projecten (Vredenburg en Presikhaaf) en voor die projecten specifiek moet worden opgehoogd, geeft aan dat de door de gemeente voorgestelde norm niet in de pas loopt met de werkelijke kostenontwikkelingen.
Onze conclusie: Het landelijk bepalen van een VNG norm t.b.v. onderwijshuisvesting is bedoeld om financiële gelijkstelling rondom nieuwbouw en grootscheepse renovatie te realiseren voor alle schoolbesturen/scholen in het hele land. Daarmee kan de onderwijshuisvesting in het hele land aan dezelfde normen voldoen. De VNG zelf heeft bepaald wat een goed normbedrag voor deze opgave is. Het is o.i. niet uit te leggen waarom er in Arnhem een andere werkelijkheid zou gelden. De VNG voert, gesteund door de PORaad, op landelijk niveau nog steeds het gesprek om de verhoging van het bijbehorende budget in het gemeentefonds te effectueren. Gezien de landelijke lobby (staat van) onderwijshuisvesting (denk ook aan actualiteit rondom ventilatie - Covid19) verwachten wij dat dit gesprek gevolg zal hebben en stellen wij voor om de VNG norm nu al toe te passen (ter overweging: voorfinanciering uit de vele extra middelen die ook aan de gemeente Arnhem toegekend zijn).
2
Tijdelijke huisvesting vermijden We hebben in het IHP elkaar de belofte gedaan dat we langdurige huisvesting in noodlokalen zouden vermijden. Op enkele plekken in de stad zijn we dan ook bezig om noodlokalen te vervangen door permanente uitbreiding, of verwijderen we noodhuisvesting omdat deze niet meer nodig is. Toch moeten we ook constateren dat het ons in Schuytgraaf nog niet gelukt is om de druk op de onderwijshuisvesting te verminderen door duurzame permanente huisvesting. Daltonschool Confetti is weliswaar gehuisvest in een splinternieuw gebouw, maar ook daar staan 4 noodlokalen omdat we het niet voor elkaar kregen om de huisvesting te enten op de uiteindelijke omvang van de school (18 lokalen in plaats van 14). Bij MFC Omnibus zijn de huisvestingsproblemen opgelost. Het gebouw is passend voor de twee scholen dankzij de verhuizing van Confetti, maar in MFC Salamander blijft de druk op de huisvesting groot. Ondanks de uitbreiding met 5 lokalen is het tot op heden niet gelukt om een duurzame oplossing te vinden voor de 8 noodlokalen (’t Salamandertje) dat ook nog lange tijd in gebruik zal zijn. Het huidige IHP (en jaarprogramma) voorziet niet in deze oplossing. We hopen deze oplossing snel samen met de gemeente in kaart te brengen en aan u te mogen presenteren.
Onze belofte: We willen zo spoedig mogelijk duidelijk krijgen welke capaciteitsbehoefte er is binnen Schuytgraaf (zie ook volgend punt) en presenteren hoe we hier samen (onderwijsbesturen en gemeente) in kunnen voorzien. Woningbouwprogramma De capaciteit en daarmee omvang van de in het jaarprogramma opgenomen projecten worden, zoals afgesproken in het IHP, gebaseerd op de actuele leerlingenprognoses van de betreffende scholen. Bij het bepalen van de omvang van de aankomende projecten zijn we met elkaar tot de conclusie gekomen dat deze systematiek onvoldoende rekening houdt met het omvangrijke woningbouwprogramma van de gemeente Arnhem. Immers, de leerlingenprognoses worden onder andere opgesteld op basis van demografische gegevens van de verschillende wijken in Arnhem. Deze demografische gegevens zijn weer gebaseerd op definitief vastgestelde bestemmingsplannen. Dit terwijl Arnhem de komende jaren veel woningen bij wil bouwen, niet alleen in uitbreidingswijken zoals Schuytgraaf, maar met name ook in de stad. Voor zover wij begrepen bestaat dit woningbouwprogramma uit ruim 7.500 woningen in de komende 8 jaar, en tot 2040 nog een tranche van 10.000 woningen.
Dit kan veel effect hebben op het aantal kinderen en de vraag naar onderwijsvoorzieningen, en daarmee ook op onze IHP projecten, terwijl de meeste toekomstige woningbouwprojecten in de huidige systematiek nog niet worden meegenomen in de leerlingenprognoses. Vanuit demografisch perspectief wordt gerekend met gemiddeld 0,3 kind per wooneenheid; dit betekent (bij de ambitie 7.500 woningen erbij in de komende 8 jaar) 2.250 kinderen die onderwezen zullen moeten worden. Laat het geboortecijfer landelijk wat dalen, bv tot 0,2 kind per eenheid, dan spreken we nog steeds over 1.500 kinderen die educatieve vierkante meters zullen gaan bezetten. Het risico is dus ruimschoots aanwezig dat we met de projecten uit het IHP niet voldoende aansluiten bij de toekomstige vraag, met alle gevolgen van dien. Ons voorstel: In het jaarprogramma en meerjaren IHP PO Arnhem dient de meerjarige ambitie zijn beslag te krijgen door aannames die nog vastgesteld moeten worden. Het zou z.s.m. duidelijk moeten worden hoe we dat doen, om bij de lopende projecten niet op voorhand te klein te bouwen en steeds met kleine ad hoc oplossingen met bijbehorend gedoe te werken. Ook om ons te realiseren dat tijdelijke huisvesting in dit perspectief meegenomen kan worden en dus omgezet kan worden naar definitieve huisvesting.
Het hele frame van teveel aan educatieve vierkante meters binnen de stad Arnhem past niet bij de opgave die de stad zichzelf bouwkundig geeft. We stellen ook voor dit oude frame achter ons te laten. Het wordt tijd vooruit te kijken, met realistische aannames te werken om kapitaalvernietiging 3
en ad hoc oplossingen tegen te gaan. Het wordt tijd om vanuit een meerjarig strategisch en integraal perspectief naar onderwijshuisvesting te kijken, zodat de burgers in Arnhem op ons kunnen rekenen. Dank voor uw aandacht. Namens bovenstaande PO besturen,
Sylvia Veltmaat Voorzitter College van Bestuur Flores Onderwijs
NB Graag attenderen wij de raad op ons verzoek zoals verwoord in de brief aan de wethouder onderwijs over het concept jeugdbeleid waarvan u een kopie heeft ontvangen. In deze brief vragen wij om een IHP onderwijshuisvesting gebaseerd op een integrale visie met bijbehorend strategisch beleid. We hopen dat u dit in overweging wilt te nemen. Uit de brief: het realiseren van een integraal en gezamenlijk huisvestingsplan voor alle onderwijssectoren (SO, SBO, PO, VSO, PRO, VO) met voor het primair onderwijs een belangrijke plek voor IKC's, aandacht voor de bekostiging van de vierkante meters van de voorschool en extra OAB vierkante meters bij traditionele OAB scholen (regie gemeente Arnhem).
4