CConstaterende datArnhem
Koppel je AI →
Document · PDF

Schriftelijke bijdrage van 'Samenwerkingsverband De Verbinding', d.d. 11-02-2025

Politieke Avond 26 maart 2025, gemeente ArnhemBij agendapunt: 18.45 - 20.15 uur: Agenderingsverzoek ‘Plan van aanpak Thuiszitters’2.184 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Aan: De gemeenteraad van de gemeente Arnhem Arnhem, 11 februari 2025

Betreft: Reactie op het plan van aanpak Thuiszitters / Ronde tafel gesprek 19 februari as.

Geachte leden van de gemeenteraad, Dank u voor de uitnodiging voor het rondetafelgesprek over het “Plan van aanpak Thuiszitters” van de gemeente Arnhem. Helaas kunnen wij hierbij niet aanwezig zijn. Daarom leveren wij graag schriftelijk onze input op de notitie, met aandacht voor de actiepunten en onze visie hierop. Inleiding SWV De Verbinding is een samenwerkingsverband waarbij alle scholen voor voortgezet onderwijs en voortgezet gespecialiseerd onderwijs in deze regio aangesloten zijn. Deze scholen bieden gezamenlijk passend onderwijs aan de ruim 20.000 leerlingen in de VO-leeftijd. Als samenwerkingsverband hechten we groot belang aan de aanpak van schoolverzuim, waarbij het voorkomen van thuiszitten voorop staat. Elk kind verdient passend onderwijs dat aansluit bij zijn of haar unieke behoeften. In deze notitie willen we onze rol en regionale koers toelichten en een reactie geven op de actiepunten die in hoofdstuk 7 van het gemeentelijk plan van aanpak worden genoemd. 1. Onze rol en regionale koers Het samenwerkingsverband heeft de taak een dekkend aanbod van onderwijsvoorzieningen te realiseren, bij voorkeur zo inclusief mogelijk. Daarnaast dragen wij zorg voor een doelmatige besteding van de middelen die de overheid hiervoor beschikbaar stelt. De afspraken die wij hierover maken beschrijven wij in ons Ondersteuningsplan.

Na een uitdagende periode, met een toename van het aantal verwijzingen/plaatsingen in het speciaal onderwijs en aandacht van de inspectie, zijn we nu op koers. De inspectie heeft ons een positief oordeel gegeven, met één aanpassing nog in behandeling. Deze aanpassing heeft betrekking op het rechtmatig inrichten van de voorziening GRIP 1 (en daarmee ook Leercentrum/Playing for Success). Samenwerkingsverband De Verbinding kent een breed werkgebied; het omvat de gemeenten Arnhem, Lingewaard, Overbetuwe, Renkum, (een deel van) Rheden, Duiven, Westervoort, Zevenaar en (een deel van Monterland). Ons regionale ondersteuningsplan wordt op 2 april as. bestuurlijk in het Op Overeenstemming Gericht Overleg2 (OOGO) besproken.

1

GRIP is een onderwijszorgarrangement voor jongeren die langdurig verzuimen en waarvoor behandeling/begeleiding door specialistische jeugd ggz nodig is om de leerling weer volledig aan onderwijs te kunnen laten deelnemen. Grip is een samenwerking tussen VSO Mariëndael (onderwijsdeel) en at.zorg (zorgdeel). 2 Het Op Overeenstemming Gericht Overleg (OOGO) is een wettelijk verplicht overleg tussen

samenwerkingsverbanden voor passend onderwijs en gemeentebesturen binnen een regio. Dit overleg is vastgelegd in zowel de Wet passend onderwijs als de Jeugdwet. Het OOGO heeft als doel de samenwerking tussen onderwijsinstellingen en door gemeenten gefinancierde jeugdhulp af te stemmen en te versterken.

1

Daarnaast zijn we in onze regio bestuurlijk met elkaar in gesprek over de vraag hoe we tot effectievere samenwerking kunnen komen tussen gemeenten, samenwerkingsverbanden en MBO-instellingen. Omdat ons regionale ondersteuningsplan nauw samenhangt met het lokale thuiszittersplan van de gemeente Arnhem, geven we vooruitlopend op regionale bestuurlijke afstemming alvast een eerste reactie. We kiezen voor meer inclusief onderwijs binnen het reguliere onderwijs. Ons doel is om thuiszitten te voorkomen, iedere thuiszitter in beeld te hebben en waar mogelijk voor ieder een passend onderwijsaanbod te realiseren. Onze speerpunten zijn: • • • •

Versterken van de basis- en extra ondersteuning op de reguliere scholen. Een dekkend en samenhangend ondersteuningsaanbod. Versterken van de samenwerking met gemeenten en jeugdhulp. Doorlopende ondersteuningslijnen.

We kampen echter met financiële uitdagingen. Als gevolg van de enorme toename aan het speciaal onderwijs, zijn er minder middelen beschikbaar voor ondersteuning op de reguliere scholen. We hebben een concept ondersteuningsplan opgesteld, waarin we keuzes hebben gemaakt om de middelen zo effectief mogelijk in te zetten. 2. Reactie op de actiepunten uit hoofdstuk 7 van het plan van aanpak Thuiszitters Wij ondersteunen de in het plan genoemde actiepunten en willen aanvullingen doen waar nodig: Paragraaf 1: Definieer een eenduidige definitie voor thuiszitters In het thuiszittersrapport wordt een aantal malen gerefereerd aan een “vertekend beeld”. Landelijk onderzoek zou uitwijzen dat er acht keer zoveel kinderen thuiszitten dan geregistreerd. Wij adviseren voorzichtigheid bij het maken van deze landelijke vergelijkingen. Onze regio wijkt namelijk af van het landelijke gemiddelde. Zo worden in onze regio meer kinderen verwezen naar het speciaal onderwijs dan in andere regio’s, met als mogelijk (positief) bij-effect dat in onze regio weer minder thuiszitters zijn. Niettemin (h)erkennen wij de noodzaak voor uniforme definities. Daarbij willen we er, evenals de oudervereniging Balans voor waken dat de focus meer dan nodig verschuift naar nog méér registreren en monitoren.

Zie ook het rapport Thuiszitters tellen: https://balansdigitaal.nl/thuiszitters-tellen Paragraaf 2: Breng de doelgroepen/trajecten van thuiszitters in beeld Het samenwerkingsverband beschikt over gedetailleerde informatie van alle door scholen gemelde thuiszittende leerlingen, inclusief hun redenen en onderliggende problematiek. Deze inzichten benutten we om gericht actie te ondernemen. Onze prioriteit gaat in de komende planperiode uit naar het versterken van doorlopende ondersteuningslijnen van PO naar VO. met als doel het aantal thuiszitters te verminderen en een soepele overgang te garanderen. Te denken valt aan vroegtijdige signalering, waarbij scholen risicoleerlingen al vanaf groep 7 tijdig in beeld brengen en hun ondersteuningsbehoefte vastleggen, volgen ten einde een passende ondersteuning en schoolloopbaan te waarborgen.

2

Paragraaf 3: Richt ‘thuiszitterstafels’ in voor PO, VO en MBO Wij pleiten ervoor om de inrichting van deze tafels te laten aansluiten bij bestaande structuren (o.a. Zorg Advies Teams), alsmede voor het VO bij de ingezette ontwikkeling van regionalisering in ons samenwerkingsverband. De coördinatie kan worden opgepakt door de regiocoördinator (lees: een van de schoolleiders), die regelmatig met ondersteuning vanuit het bureau van het samenwerkingsverband samen met andere schoolleiders binnen een regio om tafel zitten. De regioindeling is als volgt: • • • •

Arnhem-Zuid Arnhem-Noord + Renkum + Rozendaal en Rheden Overbetuwe + Lingewaard Westervoort + Duiven + Zevenaar + Montferland

Het zou voor het VO effectiever zijn om binnen deze bestaande structuur te werken in plaats van een geheel nieuwe structuur op te zetten. Dit voorkomt extra complexiteit en sluit beter aan op bestaande samenwerkingsvormen. Paragraaf 4: Regel de gegevensdeling tussen RBL en Samenwerkingsverbanden Ons beeld is dat de registraties van langdurig verzuimende leerlingen tussen RBL en Samenwerkingsverband De Verbinding niet significant verschillen. Om dit beter in kaart te brengen, is een bestandsvergelijking nodig. Het zou wenselijk zijn als de gemeente Arnhem, vanuit haar voorzittersrol van opdracht gevende gemeenten van het RBL, de regie neemt en het proces versnelt. Hoewel geanonimiseerde vergelijking van bestanden niet mogelijk is, kan het terugkoppelen van geanonimiseerde uitkomsten door een daartoe gecertificeerd ICT-bedrijf wel een waardevolle stap zijn. Dit kan bijdragen aan een gezamenlijk en effectief beeld van de problematiek. Paragraaf 5: Betrek de GGZ voor consultatie bij (dreigend) thuiszitten Wij vinden dit een belangrijke aanvulling. Het is essentieel om een laagdrempelige inrichting te creëren en eenduidige afspraken te maken over de rol en taken van de GGZ. In onze onafhankelijke toeleiding commissie, die bestaat uit externe deskundigen, nemen ook GGZ-experts deel.

Wij juichen verdere afstemming en samenwerking op dit vlak toe om sneller en adequater te kunnen handelen. Paragraaf 6: Zorg ervoor dat het onderwerp ‘verzuim’ hoger op de agenda’s bij het onderwijs komt Een van de twee strategische doelstellingen in ons ondersteuningsplan 2025-2029 is het in beeld brengen van iedere thuiszitter en het verzorgen van een passend onderwijsaanbod. Zoals beschreven in paragraaf 1 zetten wij daarbij in op versterking van de basis- en extra ondersteuning op de reguliere scholen. En ook zetten we in op het versterken van de samenwerking met gemeenten en jeugdhulp. Wij pleiten er daarom ook voor het onderwerp ‘verzuim’ niet alleen hoger op de agenda van scholen komt, maar ook bij de deelnemende gemeenten. Wat ons betreft zou dit een belangrijk extra actiepunt moeten zijn in het “Plan van aanpak Thuiszitters”. We constateren dat onze verzuimcoaches gemiddeld een jaar leerlingen begeleiden, onder andere omdat zij de caseload niet kunnen loslaten vanwege de lange wachtlijsten in de zorg en/of omdat er iets anders binnen het gezin nodig is. Wij zien hier ruimte voor jeugdhulp/gemeente om een deel van het proces (mede) te begeleiden en/of over te nemen, waardoor de gewenste beweging van de thuiszittende jongere richting onderwijs sneller in gang wordt gezet.

3

Verder vinden wij het belangrijk om lokaal sluitende afspraken te maken over intensivering van de samenwerking met het sociaal wijkteam, jongerenwerk, sociaal-maatschappelijk werk en andere preventieve structuren. Hoewel deze samenwerking overal al plaatsvindt, kan verdere afstemming worden verbeterd door ook te monitoren op gemaakte afspraken en effecten evenals het vereenvoudigen/verbeteren van de vaak voor het VO ingewikkelde aansluiting op begeleiding & zorg voor leerlingen die in de ene gemeente wonen en in de andere gemeente naar school gaan. Paragraaf 7: Verken de behoefte aan onderwijs-zorgarrangementen Wij ondersteunen dit actiepunt, maar vragen extra aandacht voor de rechtmatige inrichting van dergelijke arrangementen. De onderwijsinspectie heeft ons erop gewezen dat leerlingen binnen de voorziening GRIP te lang in dit arrangement blijven. Het onderwijsprogramma moet zodanig worden aangepast dat leerlingen na maximaal drie maanden (met een eventuele verlenging van drie maanden) kunnen doorstromen naar een reguliere onderwijssetting. Het is noodzakelijk dat deze voorzieningen worden ondergebracht bij een onderwijsinstelling, wat nu nog niet het geval is. Dit geldt eveneens voor het Leercentrum van Playing for Success. Hoewel deze voorzieningen waardevol zijn voor thuiszittende leerlingen, is het belangrijk dat ze structureel en professioneel worden ingericht.

Verder; De huidige bekostiging van bovenschoolse ondersteuning (GRIP, Leercentrum, verzuimcoaches, onderwijs voor hoogbegaafden) is gefragmenteerd en heeft een tijdelijk karakter, met bijdragen vanuit samenwerkingsverbanden, gemeenten en het regionale VSV-programma. Er is geen garantie dat deze financiering in de toekomst wordt voortgezet. In ons ondersteuningsplan ligt onze prioriteit bij het maken van structurele afspraken over de onderlinge samenhang tussen voorzieningen, professionele en rechtmatige inrichting van voorzieningen en duurzame, toekomstgerichte financiering. Omdat ook leerlingen van de regiogemeenten gebruik maken van deze voorzieningen zullen we dit vraagstuk in samenwerking met de regio moeten oplossen. Vanuit het samenwerkingsverband starten we met hulp van een daarvoor gespecialiseerd onderwijsadviesbureau een onderzoek of een Orthopedagogisch-Didactisch Centrum (OPDC) een effectieve oplossing biedt om tot een professionele inrichting van voorzieningen te komen. Dit OPDC kan tijdelijke opvang en begeleiding bieden aan leerlingen met complexe ondersteuningsbehoeften, zodat zij na intensieve begeleiding succesvol kunnen terugkeren naar regulier of voortgezet speciaal onderwijs. Daarnaast zal ook onderzocht worden in hoeverre het mogelijk is om voorzieningen beter te laten aan sluiten op wat er in de vier verschillende regio’s afzonderlijk nodig is.

Paragraaf 8: Breng in beeld wat er aan aanbod is in de stad voor thuiszittende kinderen en jongeren Wij vinden het belangrijk dat het bestaande aanbod voor thuiszittende kinderen en jongeren inzichtelijk in beeld wordt gebracht. Voorkomen moet worden dat onderwijsmiddelen worden ingezet om opvang voor thuiszitters te financieren. Tegelijkertijd is het voor het onderwijs essentieel om in te zetten op het vergroten van oplossingen binnen het reguliere onderwijs. Zo hebben we in ons ondersteuningsplan opgenomen dat iedere reguliere VO-school over een trajectvoorziening beschikt waar leerlingen terecht kunnen voor ondersteuning als het in de klas even niet lukt.

4

Daarnaast wordt ook ruimte gecreëerd voor flexibele en vernieuwende onderwijsvormen, zodat alle leerlingen passend onderwijs kunnen krijgen. In dit kader verwijzen we naar het initiatief van 5 reguliere VO-scholen binnen ons samenwerkingsverband, die vanaf het nieuwe schooljaar in samenwerking met het gespecialiseerd onderwijs een ondersteuningsaanbod in de vorm 5 kleine 'symbioseklassen' van 12 tot 16 leerlingen gaan bieden. Dit aanbod is bedoeld voor leerlingen die anders in aanmerking zouden komen voor een verwijzing naar speciaal onderwijs. Het project is in volle gang, en het is cruciaal is dat ook de gemeente aansluit vanuit haar verantwoordelijkheid voor preventie en zorg. 3. Uitvoering en vervolg De gemeente Arnhem is voornemens een lokale projectleider aan te stellen die investeert in de benodigde samenwerking, onder andere met ons samenwerkingsverband. Het is belangrijk dat we ons realiseren dat ieder vanuit zijn eigen rol en verantwoordelijkheid opereert. Het samenwerkingsverband heeft niet alleen voorzieningen voor leerlingen in Arnhem, maar draagt een bredere regionale verantwoordelijkheid. Hierbij is ook de inbreng van scholen in Renkum, Rheden, Overbetuwe, Lingewaard en de Liemerse gemeenten van groot belang, zeker als het gaat om het organiseren van bovenschoolse voorzieningen.

Wij willen onze samenwerking met gemeenten vormgeven op een manier die efficiënt en doelgericht is. Ons leidende principe "onderwijs als normaliserende context" vormt de basis van ons beleid en onze samenwerking. Om versnippering van overleg te voorkomen, maken we onderscheid tussen bovenlokale en lokale thema’s. Bovenlokale onderwerpen, zoals inkoop jeugdhulp en regionale voorzieningen, bespreken we graag eerst op regionaal niveau. Dit stelt ons in staat om gezamenlijk een uniforme aanpak te ontwikkelen. Voor lokale thema’s, zoals de toegang, het voorveld van zorg en welzijn, jongerenwerk en sociaal maatschappelijk werk, geven we -waar mogelijk- de voorkeur aan directe afstemming met de betreffende gemeente. En tenslotte is het noodzakelijk dat de samenwerking aansluit op de ingezette ontwikkeling van regionalisering in ons samenwerkingsverband, vanuit de visie dat we hiermee beter aansluiten op leerling stromen in het VO en hen daardoor beter van passend en inclusief onderwijs kunnen voorzien. Wij vertrouwen op een constructieve samenwerking. Samen met de gemeente Arnhem en de regiogemeenten willen we versnelling brengen in de uitvoering, ondanks de financiële uitdagingen waar we gezamenlijk voor staan.

Rosemarijn de Boer, Directeur-bestuurder Samenwerkingsverband De Verbinding

5

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Arnhem&id=762a7f2f-ec23-475a-97b8-5ebbec616f60