CConstaterende datArnhem
Koppel je AI →
Document · PDF

Schriftelijke bijdrage van Samenwerkende Arnhemse Buurthuizen (SAB)

Politieke Avond 12 juni 2024, gemeente ArnhemBij agendapunt: Vaststellen: Perspectiefnota 2025 / Turap-1 2024 / Jaarstukken 2023 (inclusief Financiële Jaarrapportage Projecten 2023)'7.124 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Arnhem, 27 mei 2024

Beste voorzitter van de gemeenteraad en leden van het College van B&W, In onderstaande willen wij namens de Samenwerkende Arnhemse Buurthuizen (SAB) een bijdrage leveren aan de plannen en begroting voor komende jaren door onze op- en aanmerkingen op de Perspectiefnota met u te delen. Hierbij verwijzen we onder meer naar de notitie Arnhems Goud, die in 2022 door/met de ca 25 Arnhemse buurthuizen en wijkcentra (leden van de SAB) is opgesteld in samenwerking met Gemeente Arnhem. Dit visiedocument (in bijlage) geeft aan hoe wij als samenwerkende buurt- en burgerinitiatieven in het Arnhemse aan de verschillende maatschappelijke opgaven willen (samen)werken. In onze visie heeft het grote urgentie om de in de Perspectiefnota benoemde Transformatie Sociaal Domein (pag 40 en verder) concreet ter hand te nemen en gewenste transformaties voortvarend te realiseren in samenspraak met álle partners. Zoals mede verwoord in de notitie Arnhems Goud willen en kunnen buurthuizen en wijkcentra bij de uitwerking van deze transformaties een constructieve en creatieve bijdrage leveren. Daarbij willen we als teurgkerend signaal en randvoorwaarde aangeven: praat mét ons en niet over ons. Nodig ons zo vroeg mogelijk uit bij processen rond maatschappelijke opgaven.

Wij staan voor de medeverantwoordelijkheid van bewoners en kunnen mensen verleiden en uitdagen tot deelname aan de gemeenschap – niet als consument, maar als co-producent van de sociale basis in wijken en buurten. Bovendien zult u in de SAB buurthuizen en wijkcentra deskundige en capabele samenwerkingspartners vinden bij ontwerp en planvorming voor investeringen in de sociale basis. De drie denkrichtingen die de Perspectiefnota benoemt op pagina 40 en verder zijn ons op het lijf geschreven - en dan niet alleen voor toepassing in het sociaal domein; deze denkrichtingen zijn in onze visie relevant voor diverse maatschappelijke opgaven, breder dus dan aleen zorg en welzijn. Het valt ons op dat de Perspectiefnota weinig tot geen aandacht besteedt aan het potentieel aan gemeenschapskracht dat de buurt- en burgerinitiatieven in de verschillende wijken (kunnen) vertegenwoordigen. In het verlengde hiervan maken we ons zorgen dat de in te zetten bezuinigingen leiden tot uitstel van de maatschappelijk gewenste transities en transformaties rond gemeenschapsvoorzieningen. Dat zou een gemiste kans zijn. In onze visie zouden de voorstellen in de Perspectiefnota gepaard moeten gaan met keuzes voor en investeringen in verdere opbouw van wijkprocessen en gemeenschapsvoorzieningen, ter verbreding van de sociale basisinfrastructuur in wijken en buurten.

Er zijn concrete stappen nodig (en mogelijk) om de versnippering en verkokering vanuit systeem- en organisatiebelangen in te perken met het oog op integrale ondersteuning en versterking van de samenredzaamheid van buurten en bewoners. Deze stappen, met de bijbehorende korte termijn investeringen in gemeenschapskracht zullen leiden tot structurele bezuinigingen. Zij leveren in die zin geen directe besparingen op. Echter, in onze visie zal alleen bezuinigen en verder uitstel van de beoogde transformatie in wijken en buurten wel vrij direct tot extra kosten en verspilling leiden. Dit uitstel zal ook de buurthuizen en wijkcentra raken. Enerzijds merken we nu al dat er meer op ons af komt: wachtlijsten in zorg en welzijn, maar ook schulden, woonproblematiek en vereenzaming doen zich gelden in onze huizen.

1

Anderzijds zullen personeelstekorten en personeelswisselingen in professionele / publieke organisaties meer en meer aandacht vragen van onze vrijwilligers en dus onze organisaties belasten. Zonder bredere toerusting en randvoorwaardelijke ondersteuning zullen verschillende bestaande wijkcentra en buurthuizen hun functies in de leefwereld van wijk- en buurtbewoners niet meer kunnen volhouden. Terwijl deze gemeenschapsvoorzieningen voor en door bewoners een groot potentieel aan stadskracht in zich houden dat juist nu benut zou moeten worden. Wij vragen Raad en College om deze transformaties daadwerkelijk ter hand te nemen en niet verder te laten vertragen. Investeer in andere manieren van werken en benut daarbij de beschikbare stadskracht. We hopen dat ook u met ons wilt benadrukken dat deze transformatie(s) allleen met en niet over de hoofden van mensen kunnen worden voorbereid en uitgevoerd. Betrek bewoners, burgerinitiatieven en gemeenschapsvoorzieningen bij het maken van keuze en bespreken van randvoorwaarden in de sociale basisinfrastructuur in de stad (denkrichting 1). Benadruk preventie en gezondheidsgerichte maatregelen - ook in Arnhem zou de focus moeten verschuiven van probleemgestuurde aanpak naar gemeenschapsgedreven benaderingen (denkrichting 2).

Door gemeenschapsvoorzieningen als de SAB huizen daar direct bij te betrekken, kunnen zij hun rol als samenwerkingspartner in het netwerk effectief invullen. Een gebiedsgerichte benadering past daar goed bij (denkrichting 3), waarbij we willen opmerken dat bij een dergelijke benadering de focus juist meer op het collectief zou moeten liggen. Als we niet meteen weer inzoomen op doelgroepen van individuele ‘hulpvragers’, worden burgers meer co-producent van hun eigen en elkaars welbevinden. Als SAB verwachten we niet alleen dat dan een goede basis kan worden gelegd voor de gewenste transformaties, een dergelijke (netwerk)benadering zal Arnhem ook in staat stellen om de verschillende maatschappelijke opgaven effectiever en (kosten)efficiënter aan te pakken. We hopen met deze opmerkingen een nuttige bijdrage te leveren aan de discussies in de Raad. Uiteraard zijn we bereid en bereikbaar voor nadere toelichting.

Mede namens

Sikkens,

Beijerman en

Nieuwenhoff (kerngroep SAB),

met vriendelijke groet,

van Sandijk Samenwerkende Arnhemse Buurthuizen | Wijkcentrum Bakermat sebastiaan@wijkcentrumbakermat.nl

2

Buurthuizen, Arnhems goud! 2022 2032

Arnhemse Buurthuizen Visie 1

6 oktober 2022

Arnhemse Buurthuizen Visie Inhoud 1.

Aanleiding

2.

De kracht van buurthuizen

3.

Sterk door diversiteit

4.

Uitgangspunten

5.

Financieringsbronnen

6.

Aandachtspunten en aanbevelingen

7.

Bijlagen • Definities • Convenant, door de buurthuizen getekend op 5 maart 2022 • Overeenkomsten en verschillen tussen de Arnhemse buurthuizen en wijkcentra • Arnhemse uitgangspunten voor bewonersondersteuning • Business Model Canvas van de Arnhemse buurthuizen en wijkcentra

2

1

Aanleiding Zo onmisbaar als de parken en het stedelijk groen zijn voor de Arnhemmers, zo wezenlijk zijn ook de buurthuizen voor de Arnhemse wijken. Een buurthuis is het sociale trefpunt in de wijken waar het gezellig is en iedereen zich welkom voelt. De uitvalsbasis en de motor voor heel veel activiteiten en bewonersinitiatieven. De neutrale en informele plek in de wijk waar allerlei partners uit de stad hun diensten aanbieden op het gebied van informatie delen en preventie. Buurthuizen zorgen voor ontmoeting en verbinding. Zij zijn het hart van de wijk. Buurthuizen en wijkbewoners kunnen niet zonder elkaar. In het voorjaar van 2019 nam een aantal Arnhemse buurthuizen het initiatief om intensiever te gaan samenwerken. Hun doel was om het functioneren van de buurthuizen in de wijken te verbeteren, een duidelijke en herkenbare positie ten opzichte van gemeente en professionele organisaties in te nemen en zo de toekomst van de buurthuizen veilig te stellen. Vanaf medio 2020 vond er regelmatig overleg plaats met betrokken ambtenaren van de gemeente Arnhem, mede als gevolg van de nieuw ingevoerde afspraken over Ontmoeten en Verbinden.

Gezamenlijk constateerden buurthuizen en gemeente dat – ondanks de toenemende aandacht voor wijkgericht werken van overheid en professionele organisaties – een eenduidig gemeentelijk beleidskader met betrekking tot de buurthuizen in Arnhem nog ontbrak. Dat was aanleiding om een samen-

De kracht van buurthuizen De kracht van buurthuizen en wijkcentra zit in de mix van functies: de ene functie versterkt de andere waardoor het geheel meer is dan de som der delen. Buurthuizen en wijkcentra zijn belangrijke pijlers van wat er in de wijk gebeurt; zij maken deel uit van het platform voor ontwikkeling van de wijk.

werkingstraject te starten om de waarde en betekenis van de Arnhemse buurthuizen te onderzoeken en gezamenlijk te verkennen wat nodig is om die waarde te kunnen blijven leveren.

Buurthuizen hebben geen format. Het zijn de plekken waar bewoners en gemeente op basis van gelijkwaardigheid, openheid en vertrouwen met elkaar werken aan de maat-

Tussen juli 2021 en juli 2022 kwamen de samenwerkende buurthuizen en ambtenaren vijfmaal bijeen met als resultaat de nu voorliggende Arnhemse Buurthuizen Visie. De visie is gebaseerd op co-creatie, een vorm van samenwerken waarbij alle deelnemers (buurthuizen, bewoners, gemeente en andere maatschappelijke partners) invloed hebben op het proces en op het resultaat daarvan. Voorwaarde voor het slagen van een co-creatie is de gelijkwaardigheid van de deelnemers, openheid en vertrouwen. De visie wordt door de gezamenlijke buurthuizen aangeboden aan het college van B&W en aan de gemeenteraad van Arnhem. Het is een bouwsteen voor het bredere accommodatiebeleid dat begin 2023 gereed is en waaraan in het najaar van 2022 met verschillende partijen wordt gewerkt. En de visie maakt onderdeel uit van de bredere trend van Ruimte geven aan Burgerkracht: bouw verder in samenhang met de herijking van het sociaal domein en zorg voor ontschotting van de verschillende gemeentelijke afdelingen.

2 schappelijke opgaven in de Arnhemse wijken. Door samenwerking hebben buurthuizen en wijkcentra meer invloed dan een individueel buurthuis alleen. Samen sta je sterker! Het plaatje hieronder geeft een beeld van een aantal mogelijke functies die een buurthuis kan hebben naast de basisfunctie op het gebied van ontmoeting en verbinding. Elk buurthuis maakt daarin zijn eigen keuzes, passend bij het unieke karakter van het buurthuis en de kansen en behoeften in de wijk.

Wijk-VVV: laagdrempelige plek met informatie over de wijk zelf, activiteiten in de wijk en evt. ook meer algemene informatie

Plek waar

Plek waar bewoners

bewonersparticipatie en

betrokken raken bij elkaar

wijkdemocratie ontstaan

en hun eigen leefomgeving

en verder groeien

en meedenken over wijkprogramma’s.

Buurthuis / wijkcentrum: Plek voor ontmoeting, verbinding, Plek waar (sociale)

initiatief en aandacht voor elkaar

Plek die aanzet tot

netwerken ontstaan

meedoen & werk:

en groter worden

kweekvijver en springplank

2

1 Het Integraal Accommodatiebeleid (IAB) heeft betrekking op alle maatschappelijke accommodaties in de wijken die een bijdrage leveren aan de gemeentelijke beleidsdoelstellingen. Bij het te ontwikkelen beleid staat het vraaggestuurd inzetten van deze accommodaties in de wijk centraal: welke behoefte is er vanuit bewoners in de wijk en hoe kan het aanbod aan accommodaties hierop aansluiten of zich (door)ontwikkelen? Op gebiedsniveau zal hiervoor een analyse worden uitgevoerd, waarbij ook de aanwezige buurthuizen worden betrokken.

Gastvrije plek voor

Plek voor laagdrempelig contact

samenredzaamheid in de buurt

met het sociaal wijkteam,

die uitgaat van de kracht die in

welzijnsinstellingen en andere

de wijk aanwezig is

professionele organisaties

3

3

Sterk door diversiteit Er bestaat geen eenduidige vorm of rubricering van een buurthuis of wijkcentrum. Je hebt als buurthuis of wijkcentrum eigenheid nodig om aan te sluiten bij wat er leeft in een wijk. Wat alle buurthuizen en wijkcentra met elkaar gemeen hebben is hun kernfunctie: ze zijn een toegankelijk trefpunt en een gezellige en veilige ontmoetingsplek voor bewoners en professionals in de wijk. Daarmee bieden ze de wijk een plek voor ontmoeting, verbinding, initiatief en aandacht voor elkaar. Arnhem kent meer dan dertig buurthuizen en wijkcentra die, net als de wijken, voortdurend in ontwikkeling zijn. Al die buurthuizen en wijkcentra hebben als grondgedachte en bedoeling om bij te dragen aan contact en verbondenheid in de wijk. En aan het plezier om samen dingen in de wijk voor elkaar te krijgen. Naast buurthuizen en wijkcentra onder autonoom bestuur en georganiseerd door bewoners zelf zijn er in Arnhem ook veel andere ontmoetingslocaties actief, met name georganiseerd door de welzijnsorganisaties Rijnstad en SWOA. Deze organisaties hebben veelal de opdracht om soortgelijke kernfuncties voor de wijk te realiseren, soms met als focus een specifieke doelgroep zoals ouderen of jongeren. Gezien het grote belang van deze ontmoetingslocaties voor de stad en de vaak grote overeenkomsten met de zelfstandige buurthuizen worden deze locaties ook in deze visie benoemd.

Een groot verschil met de meeste zelfstandige

buurthuizen is wel dat deze ontmoetingslocaties allemaal draaien met betaalde professionele krachten, en hun opdracht niet rechtstreeks ophalen vanuit de wijk maar deze ontvangen vanuit de gemeente.

Buurthuizen die vooral trefpunt zijn in de buurt of wijk, soms gericht op specifieke doelgroepen

Buurthuizen die (steeds meer) activiteiten voor en ontmoetingen tussen buurt/wijkbewoners initiëren en/of faciliteren

o.a. De bakermat (Burgemeesterswijk) De Lommerd (Spijkerkwartier) De Nieuwe Hommel (Sint Marten) De Oosthof (Presikhaaf) De Overkant (Presikhaaf) De Wasplaats (Klarendal) ‘t Huukske (Arnhem-West) ‘t Plein / Kunst op de Bult (Geitenkamp) Vredenburcht (Vredenburg)

Door hun diversiteit aan achtergronden en eigenheid hebben alle buurthuizen, wijkcentra en ontmoetingslocaties naast hun kernfuncties vaak ook allerlei aanvullende rollen en diensten ontwikkeld, al naar gelang hun eigen mogelijkheden en de wensen en behoeften in hun wijk.

o.a. Buurtfabriek/Craneveldt Buurthuis Elden Buurthuis Moes (Angerenstein / Paasberg) Buurtvereniging Plattenburg De Duiventil (Malburgen) De Klup Arnhem (Presikhaaf) Dorpshuis Schaarsbergen Inloophuis St. Marten

Buurthuis / wijkcentrum: Plek voor ontmoeting, verbinding,

De visualisatie op de volgende pagina illustreert de diversiteit die onze stad rijk is.

initiatief en aandacht voor elkaar

Buurthuizen die zich ontwikkelen als sociale onderneming ten behoeve van de wijk

Locaties die naast de uitvoering van hun kerntaken in de wijk op het gebied van begeleiding en zorg ook een ontmoetingsfunctie voor wijkbewoners verzorgen

o.a. ‘t Broek Omhoog (Arnhemse Broek) Boerderij De Kroon (De Laar) De Stadskeuken (Centrum) Huis voor de Wijk (Immerloo)

o.a. Rijnstad: De fontein (Rijkerswoerd, Kronenburg en Vredenburg) De Fresh (Malburgen Buurtcentrum De Hobbit (Malburgen-Oost) De Laarhof (De Laar) Jongerencentrum De Madser ( Kronenburg) Wijkcentrum Symfonie (Arnhemse Broek) De Wetering (Geitenkamp) SWOA: De Weldam

4

5

4

Uitgangspunten

Buurthuizen en wijkcentra: • creëren maatschappelijke waarde door hun spilfunctie in de wijk (zij faciliteren ontmoeting en activiteiten voor en door wijkbewoners); • zijn een infopunt in de wijk, een ‘wijk-VVV’; • vervullen met, door en voor bewoners een actieve rol bij wijkprocessen en staan in contact met (de behoeften van) andere bewoners-initiatieven; • zijn een natuurlijke partner in het wijkgerichte werken van de gemeente Arnhem; • realiseren hun maatschappelijke doelstelling op een inclusieve, duurzame en bedrijfsmatig verantwoorde wijze; • zijn uniek van vorm en opzet in hun eigen wijk, én samen als geheel van buurthuizen en wijkcentra in de stad van meerwaarde voor Arnhem. Om hun maatschappelijke waarde voor de stad te kunnen blijven leveren, zijn buurthuizen en wijkcentra afhankelijk van een aantal randvoorwaarden, zoals bijvoorbeeld transparante meerjarige afspraken over basisfuncties en financiering.

6

De gemeente baseert deze meerjarige afspraken op de wijkaanpak zoals deze door de gemeente is geïntroduceerd: • Meer bewoners hebben meer invloed op hun eigen leefomgeving. • De gemeente doet wat nodig is in de wijk én levert maatwerk per wijk op basis van hetgeen zich aandient en op basis van de behoeften in de wijk. • Samen met bewoners en organisaties zoekt de gemeente naar kansen om dingen in de wijk beter te organiseren. Dit beleid sluit aan bij de duidelijk waarneembare trend dat inwoners meer regie over hun eigen leefwereld willen voeren. Of een buurthuis of wijkcentrum daadwerkelijk de gewenste maatschappelijke waarde levert, is uiteindelijk aan de wijkbewoners en hangt samen met wat er in een specifieke wijk leeft en nodig is.

Financierings bronnen Buurthuizen en wijkcentra betrekken hun inkomsten uit verschillende bronnen. Bijvoorbeeld uit activiteiten, diensten en voorzieningen zoals deelnemers-bijdragen of de opbrengst van bijvoorbeeld een fietsenmaker, naaiatelier of wasserij, of Wmo-voorzieningen die in het buurthuis gevestigd zijn. Sommige buurthuizen halen baten uit horeca-omzet van een bar of eetcafé, of uit huurpenningen voor incidentele verhuringen en flexwerkplekken en de huuropbrengst van vaste jaarcontracten van stichtingen, verenigingen en andere partijen. Andere bronnen zijn legaten, financiering door kerken en collectes en donaties in natura, variërend van mobiele telefoons, laptops, tablets en kluisjes die geschonken worden, tot wederkerigheid met gesloten beurs. Denk daarbij bijvoorbeeld aan sociale hypotheken waarbij bewoners en financiers samen besluiten over de vorm van rente en aflossing. Sommige buurthuizen zijn btw-plichtig, voor hen is de btw-aftrek een mogelijkheid om hun ondernemerschap invulling te geven. Andere buurthuizen hebben inkomsten uit de verkoop van producten, kijk bijvoorbeeld naar de shop-in-shop van De Wasplaats waar unieke producten te koop zijn gemaakt door mensen uit de buurt.

5

Hoewel alle buurthuizen streven naar een sluitende exploitatiebegroting op basis van eigen inkomsten blijkt dit in de praktijk vaak niet realistisch. Voor nagenoeg alle buurthuizen geldt dat subsidies een onmisbare bron van inkomsten zijn. Daarbij gaat het om diverse subsidies voor duurzaamheid, gebouwen (waaronder huur, beheer dan wel exploitatie), ontmoeten en verbinden, wijkbudgetten en aanvullende inkomsten voor (bewoners)ondersteuning. Denk hierbij onder andere aan de inzet en beschikbaarheid van de Vrijwilligers Centrale Arnhem en Praktische Zaken / Ideeënmakelaars. Deze en andere ondersteuning van bijvoorbeeld de AdviesBrigade en de Arnhemse Uitdaging zouden vanuit nadere samenwerking met elkaar een meer afgestemde bijdrage kunnen en willen leveren aan de verschillende Arnhemse Buurthuizen. Subsidies worden nu veelal via de Teams Leefomgeving als incidentele subsidie verstrekt. De korte duur van de afspraken zorgt voor jaarlijkse onzekerheid en het steeds weer doorlopen van het subsidieproces vraagt veel van de besturen. Daarnaast maakt deze wijze van financiering het lastig om tot meerjarige plannen te komen. Een uitzondering hierop is de meerjarige financiering vanuit het budget Ontmoeten en Verbinden waarmee inmiddels positieve ervaringen zijn opgedaan.

7

6

Aandachtspunten en aanbevelingen Financiën De buurthuizen en wijkcentra in Arnhem zijn onderling zeer verschillend. Daarmee verschillen ook de doelen2 waaraan zij bijdragen.

Aanbevelingen • Maak binnen de financiële afspraken onderscheid tussen inhoudelijke projecten en diensten en ondersteuning voor de basis: voor instandhouding van het gebouw én financiering van de kernfunctie: het duurzaam realiseren van een gezellige en veilige ontmoetingsplek voor bewoners en professionals in de wijk. Dat kan in de vorm van subsidies voor personele inzet (bijvoorbeeld voor een betaalde beheerder), structurele uitvoeringskosten en/of subsidie voor ‘stenen’. Hiervoor kunnen hulpmiddelen en werkwijzen ontwikkeld worden die voor zoveel mogelijk buurthuizen bruikbaar zijn. • Daarnaast kunnen maatwerkafspraken gemaakt worden. Een buurthuis ontvangt dan financiering op basis van producten of diensten. Maar de financiering kan ook plaatsvinden in een opdrachtsfeer waarbij de gemeente betaalt voor concrete opdrachten die een buurthuis uitvoert, of output die een buurthuis levert. Het gaat daarbij dus niet om een algemene bijdrage voor exploitatie, maar om specifieke inkomsten op basis van daadwerkelijk geleverde diensten.

8

• De buurthuizen vormen voortaan een vast hoofdstuk in de wijkprogramma’s die jaarlijks worden opgesteld. In dat hoofdstuk omschrijven wijkbewoners en buurthuis-vertegenwoordigers samen welke bijdrage het buurthuis gaat leveren aan de prioriteiten van de wijk. Het gaat om wijkprioriteiten die te maken hebben met ‘de bedoeling’ in de wijk: met de samenlevingsopbouw en gemeenschapsvorming zoals de wijkbewoners en organisaties in de wijk die nodig en wenselijk achten. • Over de middelen en andere randvoorwaarden die nodig zijn voor het behalen van de doelstellingen maken de buurthuizen en gemeente samen meerjarige afspraken die periodiek worden geëvalueerd. • Een periodieke evaluatie wordt gedaan door bezoekers en andere wijkbewoners te bevragen over de rol die het buurthuis voor hun wijk heeft gespeeld. In hoeverre hebben de zaken die het buurthuis organiseerde en faciliteerde bijgedragen aan een leefbare en prettige leefomgeving? Ook TLO en organisaties met een breed netwerk in de wijk zullen actief bij deze evaluatie betrokken worden. • Voor de evaluatie van de buurthuisfuncties wordt zoveel mogelijk een stadsbrede werkwijze gehanteerd, zolang deze voldoende recht doet aan de eigenheid van de wijk en het buurthuis in kwestie. Deze werkwijze wordt samen met de buurthuizen nog nader ontwikkeld en kan per wijk in details verschillen.

De gemeente is trekker van het evaluatieproces, waardoor de buurthuizen op dit punt worden ontzorgd. Wijkbewoners hebben een stem in het opstellen van evaluatiecriteria en ook een stem bij de uiteindelijke evaluatie.

2 Doelen zijn bijvoorbeeld: Bijdragen aan de maatschappij – Ontmoeting, plezier en verbinding – Preventie – Welkom en gezien worden – Vaste sociale (vind)plek in de wijk.

• De evaluatie is niet alleen gebaseerd op ‘harde targets’, maar vooral ook op belevingsverhalen en storytelling. De uitkomsten van de evaluatie zijn weer input voor het volgende wijkprogramma. De criteria en methodiek voor het evalueren van de basisfuncties dienen in nauwe afstemming met zowel bewoners als

buurthuizen te worden opgesteld. Zij moeten als langjarig kader gaan gelden dat steeds weer tussentijds geëvalueerd wordt met bewoners, TLO, organisaties in de wijk en buurthuizen.

Gebouwen Bewoners hebben binnen hun eigen leefomgeving een fysieke plek nodig waar zij elkaar kunnen ontmoeten. Er zijn wijken waar buurthuizen of wijkcentra een eigen gebouw hebben, andere huren hun locatie van een corporatie of van de gemeente. Sommige buurthuizen en wijkcentra hebben een tuin en een goede keuken, andere zouden daar graag over beschikken. Voor veel locaties geldt dat de toegankelijkheid te wensen overlaat. Niet alle panden voldoen bijvoorbeeld aan de Arnhemse Standaard voor Toegankelijkheid en zijn daarmee maar beperkt inclusief. Bij alle buurthuizen en wijkcentra leeft de wens om hun pand te verduurzamen. Niet alleen omdat de energiekosten voor veel oudere panden onbetaalbaar worden, maar ook omdat zij een belangrijke voorbeeldfunctie in de wijk willen vormen in het kader van de energietransitie.

Aanbevelingen • Om fysiek toegankelijk te zijn voor alle wijkbewoners en aantrekkingskracht uit te oefenen op nieuwe doelgroepen zijn er bij veel buurthuizen en wijkcentra in- en/of extern bouwkundige aanpassingen nodig, of is een nieuwe locatie wenselijk. Ook moet bij vrijwel alle panden een slag gemaakt worden in het kader van verduurzaming en de energietransitie. Hier is zowel kennis en kunde als meerjarige financiering voor nodig. • Alle eigenaren hebben een eigen visie op het beheer van hun maatschappelijk vastgoed. De visie en belangen van de verschillende eigenaren komen niet altijd overeen met die van de wijkbewoners. Het zou van meerwaarde kunnen zijn als alle buurthuislocaties en wijkcentra ondergebracht kunnen worden bij één centrale partij die alle buurthuispanden gaat beheren vanuit een eenduidige visie op maatschappelijk vastgoed. Hierdoor krijgen de buurthuizen meer ruimte om hun eigenheid ook in hun gebouwen uit te drukken.

9

Aandachtspunten en aanbevelingen

6 Facilitair en sociaalmaatschappelijk beheer Of wijkbewoners een buurthuis of wijkcentrum echt als het hart van hun wijk beschouwen, hangt ook samen met de kwaliteit van het bestuur en beheer. Er zijn mensen nodig die niet alleen oog hebben voor het fysieke beheer van de locatie, maar ook voor het ‘sociale hart’ van de plek. Mensen die het evenwicht bewaken tussen een laagdrempelige inloopplek en de locatie waar professionals zorg en preventie bieden. Mensen die sturen op de ontwikkeling van passende activiteiten voor een brede groep wijkbewoners. De balans tussen verschillende soorten mensen en activiteiten luistert nauw. Buurthuizen en wijkcentra moeten een prettige plek zijn waar álle wijkbewoners zich welkom kunnen voelen. Het goed uitvoeren van zowel de fysieke als sociaal-maatschappelijk beheertaken stelt hoge eisen aan het bestuur van een buurthuis of wijkcentrum. In de praktijk blijken veel organisaties een professionele betaalde beheerder nodig te hebben om deze taken aan te delegeren. De taak van een beheerder is simpel te omschrijven en moeilijk uit te voeren: zorg ervoor dat de bezoekers optimaal gebruik kunnen maken van de accommodatie. De beheerder is een duizendpoot die belast is met de interne organisatie, met onderhoudswerkzaamheden en het begeleiden, motiveren en ondersteunen van een (vaak wisselende) groep vrijwilligers.

Aanbevelingen • Onderzoek de mogelijkheden tot ontzorgen. Bijvoorbeeld door een ontwikkeling richting meer coöperatieve organisatie van beheertaken. Denk bijvoorbeeld aan taken zoals het werkgeverschap voor beheerders, ondersteuning bij financiële verantwoording aan subsidiënten, ontwerp en uitvoering van een eenduidige financiële

10

Vrijwilligers Vrijwilligers vormen het kloppend hart van de buurthuizen en wijkcentra. Alle besturen zien zich voor de uitdaging gesteld hoe zij hun vrijwilligers betrokken houden en nieuwe vrijwilligers kunnen aantrekken die de diversiteit binnen hun organisatie vergroten. Over het algemeen is er voldoende denkkracht binnen de buurthuizen en wijkcentra aanwezig, maar is het lastiger om ook voldoende ‘doe’-kracht te mobiliseren.

administratie, ontwikkeling van en ondersteuning bij een overkoepelend personeelsen vrijwilligersbeleid, ondersteuning bij administratieve taken, ondersteuning bij PR en communicatie, centrale ontwikkeling van een online reserveringsysteem en advies en ondersteuning bij de noodzakelijke energietransitie. •

Uitgangspunten bij het opzetten van deze ondersteuning:

Aanbevelingen • Buurthuizen zijn dringend op zoek naar (jongere) vrijwilligers. Nieuw vrijwilligersbeleid, bijvoorbeeld gericht op ‘jongere ouderen’ en/of maatschappelijke stages via scholen, kan buurthuizen helpen bij het werven van vrijwilligers. Een hernieuwde werkwijze van de Vrijwilligers Centrale Arnhem kan daarbij een rol van betekenis spelen.

• Een stadsbreed beleids(advies) over vrijwilligersvergoedingen kan helpend zijn, maar waardering zit in meer dan alleen een vergoeding, denk aan attentiebeleid, ruimte voor inspraak, scholing, een Arnhems lintje, etc. Daarom het advies aan de gemeente om stadsbreed na te denken over vrijwilligerswaardering, en hoe daarin het juiste maatwerk kan worden geleverd.

- Buurthuizen zijn vrij in hun keuze om wel of geen gebruik te maken van ondersteuning, het is maatwerk; - Het gaat nadrukkelijk om ondersteunen en niet om het overnemen van de verantwoordelijkheden van buurthuizen; - Er wordt altijd gestreefd naar maximale zelfstandigheid en autonomie; - De kerntaken en verantwoordelijkheden van de besturen voor de inhoudelijke koers en programmering worden nooit overgenomen. De ontzorging is erop gericht dat zij zich maximaal op hun kerntaken en verantwoordelijkheden kunnen richten.

11

Aandachtspunten en aanbevelingen

6 Samenwerking bewonersondersteuning

Bedrijfsvoering Buurthuizen en wijkcentra zijn organisaties met een complexe bedrijfsvoering. Om deze taken goed te kunnen uitvoeren is een breed scala van kennis en kwaliteiten nodig. Zaken die daarbij een belangrijke rol spelen zijn: sociale en psychologische veiligheid, helder beeld van de financiële (on)mogelijkheden, een goed functionerend online administratief systeem (voor beheer van financiën en planning), goed werkgeverschap voor betaalde en onbetaalde medewerkers, goede communicatie en PR en structurele samenwerking met partners en ondernemers in de wijk. Voor een deel van de buurthuizen geldt dat het organiseren van alle bedrijfsvoeringstaken een (te) groot beslag legt op de tijd en energie. Hierop lekt veel energie weg van bestuursleden. Dit is energie die zij willen inzetten voor de inhoudelijke taken van hun buurthuis.

Aanbevelingen • Buurthuizen hebben behoefte aan ondersteuning bij administratieve en financiële taken. De gemeente kan helpen door expertise zoals die van Praktische Zaken blijvend aan te bieden. Denk bijvoorbeeld aan uitbreiding van het servicepakket van Praktische Zaken richting ondersteuning van bewoners en ontwikkeling van integrale burgerparticipatie (Arnhem-Oost aanpak).

• Buurthuizen hebben baat bij advies en informatie over beheer en exploitatie en ondersteuning hoe zij hun immateriële waarde kunnen beschrijven en verantwoorden. • Buurthuizen vormen onderdeel van een groter geheel van maatschappelijke voorzieningen en laagdrempelige ontmoetingsplekken in de wijken. Helderheid over hun rol en positie ten opzichte van multifunctionele centra (MFC’s) en andere maatschappelijke locaties binnen het wijknetwerk is daarom zeer wenselijk.

Bewonersondersteuners verbinden en ondersteunen individuele en groepen bewoners bij een actieve deelname aan het vormgeven van hun eigen buurt of wijk. Ondersteuners hebben de buurthuizen en wijkcentra nodig en ook omgekeerd hebben de buurhuizen en wijkcentra de ondersteuners nodig. De behoefte aan ondersteuning is per wijk verschillend, afhankelijk van de opbouw en samenstelling van de bevolking. In sommige wijken zal de behoefte aan bewonersondersteuning relatief groter zijn. Buurthuizen en bewonersondersteuners houden zich beide bezig met het versterken van bewoners en het verbeteren van de leefbaarheid in de wijk. Waar de buurthuizen meer vanuit hun locatie richting de wijk werken (van binnen naar buiten) werken bewonersondersteuners meer vanuit het netwerk (van buiten naar binnen). Voor een optimale verbinding

Aanbevelingen • Als buurtbewoners (lees: ook buurthuizen) ‘in de lead’ zijn, dan mogen zij ook mede bepalen hoe de ondersteuning eruit gaat zien. Betrek de buurthuizen daarom actief bij het door-ontwikkelen van de bewonersondersteuning. • Creëer helderheid over hoe de rollen van bewonersondersteuning, de TLO’s en de buurthuizen zich ten opzichte van elkaar verhouden. Maak goede afspraken over de samenwerking en de taakverdeling. • Per wijk kunnen de keuzes en de praktische uitwerking ervan verschillen.

Wijkgericht Werken De Spelregels Arnhemse Wijkaanpak 2022 beogen dat meer bewoners meer invloed hebben op hun eigen leefomgeving. De gemeente zoekt samen met bewoners en organisaties naar kansen om dingen in de wijk beter te organiseren. Het netwerk in de wijk wordt steviger wanneer onderwijsinstellingen, ondernemers en ook buurthuizen en wijkcentra deelnemen aan deze samenwerking, en dit zichtbaar is voor bewoners.

Aanbevelingen •

12

tussen buurthuis en wijknetwerk is een goede samenwerking dus randvoorwaardelijk.

 aak samen met de buurthuizen en de M verschillende bewonersplatforms en wijkverenigingen afspraken over meer en betere samenwerking rondom de wijkkranten en wijkwebsites. Geef buurthuizen en wijkcentra daarbij de gelegenheid om een rol te spelen in het ophalen en

publiceren van wat er leeft in de wijk, en maak afspraken over het publiceren van het aanbod wat zij de wijk te bieden hebben. •

 esturen van samenwerkende buurthuizen B zien graag meer onderlinge samenwerking, ze willen ook ‘over wijken heen kijken’. Hierin kan de gemeente het voortouw nemen en ook haar eigen voordeel doen. Een stevig netwerk van samenwerkende buurthuizen draagt bij aan de sociale basis en de ‘samenredzaamheid’ in de stad; belangrijke informatie en mogelijke ondersteuning kan op die manier dichtbij de bewoners gebracht worden. Ook helpt dit netwerk om de lijnen kort te houden en de huidige positieve en gelijkwaardige samenwerking tussen de gemeente en de buurthuizen te borgen. 13

7 Definities

Basisfunctie buurthuis (of wijkcentrum):

Het zijn van een toegankelijk trefpunt en een gezellige en veilige ontmoetingsplek voor bewoners en professionals in de wijk, en daarmee een plek voor ontmoeting, verbinding, initiatief en aandacht voor elkaar.

Bewoners: 

Buurthuis (of wijkcentrum):

Een bewonersinitiatief dat - naast mogelijke andere functies - een laagdrempelige ontmoetingsfunctie organiseert voor de wijk.

Gemeentelijke wijkaanpak: • M  eer bewoners hebben meer invloed op hun

eigen leefomgeving. • De gemeente doet wat nodig is in de wijk én levert maatwerk per wijk op basis van hetgeen zich aandient en op basis van de behoeften in de wijk. • Samen met bewoners en organisaties zoekt de gemeente naar kansen om dingen in de wijk beter te organiseren.

Ontmoetingslocatie:

Een locatie waar in opdracht van de gemeente gewerkt wordt aan het realiseren van een basisfunctie vergelijkbaar met die van de buurthuizen, soms met als focus een specifieke doelgroep zoals ouderen of jongeren. Verschil met de meeste zelfstandige buurthuizen is wel dat deze ontmoetingslocaties allemaal draaien met betaalde professionele krachten.

Co-creatie:

Een vorm van samenwerken waarbij alle deelnemers invloed hebben op het proces en op het resultaat daarvan (bijv. een plan of een advies). Voorwaarde voor het slagen van een co-creatie is, naast openheid en vertrouwen, de gelijkwaardigheid van de deelnemers, gedeeld eigenaarschap en als samenvattend concept: partnerschap.

Exploitatie:

Alle mensen die in Arnhem wonen.  et opzetten en economisch doen voortbestaan H van een buurthuis.

Bewonersondersteuners: MFC:

Verbinden en ondersteunen individuele en groepen bewoners bij een actieve deelname aan het vormgeven van hun eigen buurt of wijk.

 en multifunctioneel centrum (MFC) is een E samenwerkingsverband waarbij verschillende maatschappelijke organisaties vanuit een centrale locatie hun voorzieningen, producten en diensten aanbieden. Arnhem heeft vijf MFC’s: MFC De Wetering (Geitenkamp), MFC Klarendal, MFC Presikhaven, MFC De Spil (Malburgen-West) en MFC Malburcht (Malburgen Oost-Noord).

Team Leefomgeving (TLO):

in iedere wijk van Arnhem is een Team Leefomgeving, onderdeel van de gemeente Arnhem, actief. Met deze teams, bestaande uit wijkmanagers, wil de gemeente aansluiten bij de wijken en wat daar nodig is.

Wijk:

een in de gemeente Arnhem gelegen wijk als opgenomen in de Wijk en Buurtkaart van het Centraal Bureau voor de Statistiek.

Wijkprogramma:

 ordt jaarlijks opgesteld en bevat een algew mene beschrijving van de meest kenmerkende aspecten van een wijk en de thema’s en prioriteiten die voor die wijk van belang zijn. De thema’s en prioriteiten worden in en na overleg met bewoners, het Bewonersoverleg en professionals in de wijk door TLO opgesteld. Het wijkprogramma maakt onderdeel uit van de begroting en geldt als uitvoeringskader voor de TLO’s. 1. Het college committeert zich tot het opstellen van een Arnhemse buurthuizenvisie 2022-2032 inclusief een plan van aanpak, met meerjarige afspraken over beheer, exploitatie en gebouwen. Deze buurthuizenvisie zal in nauwe samenwerking met de Arnhemse buurthuizen worden opgesteld en in oktober 2022 worden aangeboden aan de gemeenteraad. 2. Om een laagdrempelig contact te faciliteren wordt er een centraal ambtelijk aanspreekpunt benoemd. 3. Er wordt minimaal tweemaal per jaar een bestuurlijk overleg georganiseerd met de verenigde Arnhemse buurthuizen.

DE BUURTHUIZEN EN DE GEMEENTE SPREKEN HET VOLGENDE AF:

Dit convenant is bedoeld als eerste stap op weg naar concrete kaders voor de bestendiging van een stevige onderlinge relatie.

Gezamenlijk constateerden buurthuizen en gemeente dat – ondanks de toenemende aandacht voor wijkgericht werken van overheid en professionele organisaties – een eenduidig gemeentelijk beleidskader met betrekking tot de buurthuizen in Arnhem nog ontbreekt.

Vanaf medio 2020 vond er regelmatig overleg plaats met betrokken ambtenaren van de gemeente, mede als gevolg van de toen net nieuw ingevoerde subsidieregeling Ontmoeten en Verbinden.

Voorjaar 2019 nam een aantal Arnhemse buurthuizen het initiatief om intensiever te gaan samenwerken. Hun doel was om het functioneren van de buurthuizen in de wijken te verbeteren, een duidelijke en herkenbare positie ten opzichte van gemeente en professionele organisaties in te nemen en zo de toekomst van de buurthuizen veilig te stellen.

WAT ER AAN DIT CONVENANT VOORAFGING

Naast duidelijkheid is er ook flexibiliteit nodig. Ruimte voor nieuwe buurthuizen. De mogelijkheid voor meerdere buurthuizen in een wijk. En communicatie en uitwisseling: hoe kunnen de buurthuizen en gemeente onderling en over en weer van elkaar leren?

Zij zoeken duidelijkheid over de (financiële) ondersteuning waarop ze kunnen rekenen. Die duidelijkheid is ook voor de TLO’s van belang om maatwerk-afspraken te kunnen maken met de buurthuisbesturen.

De beheerders en bestuurders van de buurthuizen vragen om een meerjarig beleidskader met waardering van hun rol en functie in de wijk en heldere afspraken over beheer, exploitatie en gebouwen.

gemeente ondersteund worden op het gebied van subsidieregelingen, onderhoud en exploitatie. De zelfstandigheid van de buurthuisbesturen blijft daarbij altijd uitgangspunt.

1 Daar waar ‘buurthuis’ staat, worden bewonersinitiatieven bedoeld die - naast mogelijke andere functies - een laagdrempelige ontmoetingsfunctie organiseren voor de wijk.

Het besturen van buurthuizen moet mogelijk zijn voor niet-professionals (buurtbewoners van alle rangen en standen). Wenselijk is als deze niet-professionals hun passie kunnen volgen en waar nodig door de

Met dit convenant willen de partners komen tot effectief beheer, sluitende exploitatie en passende huisvesting voor de buurthuizen.

WAT ER NODIG IS OM EEN VITAAL BUURTHUIS TE ZIJN IN EEN WIJK

De gemeente vindt het belangrijk om goede buurthuizen te hebben, maar kan zelf geen buurthuis besturen, dat doen de bewoners. De gemeente kan en wil buurthuizen wel ondersteunen.

Buurthuizen kunnen op een organische manier een wezenlijke bijdrage leveren aan meerdere gemeentelijke beleidsvelden en doelstellingen. Denk aan het versterken van netwerken en verminderen van vooroordelen. Aan het creëren en faciliteren van ontmoeting, plezier en verbinding. Aan het opstarten en aanjagen van de lokale economie en de begeleiding naar betaald werk. En aan preventie en bijdragen aan specialistische thema’s uit de Wet maatschappelijke ondersteuning, zoals advies bij opgroei-problemen, bevorderen van maatschappelijke deelname en verbetering van een gezonde leefomgeving.

Duidelijk is dat buurthuizen en gemeente elkaar nodig hebben om de sociale trefpunten in de wijk verder tot bloei te brengen. En het helpt als de buurthuizen en gemeente elkaar steeds beter leren kennen.

BUURTHUIZEN EN GEMEENTE HEBBEN ELKAAR NODIG

Of een buurthuis het goed doet, hangt af van de context van de wijk én van de beleving van de bewoners Buurthuisbesturen – in veel gevallen vrijwilligers – geven zelf vorm en inhoud aan hun buurthuis. Geen buurthuis is hetzelfde, niet in vorm en niet in levensfase. Sommige zijn jong en nog aan het pionieren. Andere staan al volledig in hun kracht en hebben een passende vorm binnen de wijk gevonden. Weer andere zijn hun flexibiliteit wat kwijtgeraakt en zoeken naar een nieuwe impuls.

Buurthuizen zijn de informele en neutrale plekken in de stad, waar iedereen welkom is. Cement én fundament, de buurthuizen zijn het allebei. Het sociale trefpunt in de wijken waar het gezellig is en iedereen zich welkom voelt. De uitvalsbasis en motor voor activiteiten en bewonersinitiatieven. De plek in de wijk waar allerlei partners uit de stad hun diensten kunnen aanbieden op het gebied van kennisoverdracht, voorlichting en preventie. De buurthuizen zorgen op informele wijze voor ontmoeting en verbinding. Zij zijn het hart van de wijk. Buurthuizen, bewoners en de stad kunnen niet zonder elkaar.

HET BUURTHUIS ALS ESSENTIËLE ONTMOETINGSPLEK

EN KOMEN DAAROM HET VOLGENDE OVEREEN:

De partijen overwegen: 1. dat een buurthuis een essentieel onderdeel van de wijk is; 2. dat de relatie tussen buurthuizen en gemeente een blijvende verankering nodig heeft binnen de gemeentelijke organisatie; 3. dat de gemeente bewoners ondersteunt en faciliteert bij het duurzaam realiseren en in stand houden van zelfstandige en zelfredzame buurthuizen die voor alle bewoners bereikbaar en toegankelijk zijn.

DOELSTELLING CONVENANT Het is de gezamenlijke wens van Gemeente Arnhem en de Arnhemse buurthuizen1 dat bewoners zich verenigen, elkaar ontmoeten en elkaar ondersteunen in en vanuit buurthuizen. Op korte termijn willen de gemeente en de buurthuizen daarom een buurthuizen-visie opstellen om afspraken te maken over het vormgeven en bestendigen van hun relatie.

De Lommerd

De Wasplaats

Naam Handtekening

Handtekening

Het Broek Omhoog

Handtekening

Naam

Dorpshuis Schaarsbergen

Handtekening

Naam

Naam

De Bakermat

Handtekening

Naam

Buurtvereniging Plattenburg

Handtekening

Buurthuis Moes

Handtekening

Handtekening

Naam

Naam

De Stadskeuken

Handtekening

De Overkant

Naam

Buurthuis Elden

Handtekening

Naam

Naam

Handtekening

Handtekening

Buurtfabriek Alteveer/Cranevelt

Naam

Naam

De Oosthof

Handtekening

Handtekening

BTV Elderveld

Naam

De Nieuwe Hommel

Handtekening

Naam

Naam

Boerderij De Kroon

Handtekening

Naam

’t Plein/Kunst op de Bult

Handtekening

Handtekening

De Klup Arnhem Naam

Naam

‘t Huukske

ONDERTEKENING

Het Klavertje

Huis voor de Wijk

Inloophuis Sint Marten

Onze Buurtfabriek

Vitale Verbindingen

Vredenburcht

Handtekening

Naam Martien Louwers Wethouder Wijksturing en Wijkzaken

Gemeente Arnhem

Handtekening

Naam

Handtekening

Naam

Handtekening

Naam

Handtekening

Naam

Recreatieve Vereniging Craneveer

Handtekening

Naam

Handtekening

Naam

Handtekening

Naam

Handtekening

Naam

SAMEN BUURT-MAKEN: OP WEG NAAR VITALE BUURTHUIZEN IN VITALE WIJKEN

BORD ONDERTEKENING BUURTHUIZEN.indd 1

14

Bijlagen

Convenant tussen Arnhemse Buurthuizen en Gemeente Arnhem

28-02-2022 22:14

Convenant buurthuizen 5 maart 2022

Bijlagen

7

Arnhemse buurthuizen

waarde en voorwaarden Samenvatting van de input uit vijf bijeenkomsten en twee enquêtes | versie 14 januari 2022

Overeenkomsten tussen de Arnhemse buurthuizen Hun functie in de wijk (een functie heb je): • C  entrale plaats in de wijk waar buurtactivi-

• Herstelinitiatieven zoals de reclassering, verslavingszorg en Vitale Verbindingen; • Catering- en klusbedrijven die hun diensten aanbieden; • Kunstenaars en muzikanten die lessen of optredens verzorgen; • Kinderopvang (van dagverblijf tot peuterspeelzaal); • Professionals die inloopspreekuren voor hun cliënten houden (sociale wijkteams en TLO’s).

teiten plaatsvinden; • Huiskamer van de wijk; • Laagdrempelige ontmoetingsplek in de wijk waar iedereen welkom is en mag meedoen; • Plek van het ‘wijkgeheugen’ waar veel sociale kennis voorhanden is; • Wezenlijk onderdeel van het ‘sociale ecosysteem’ in de wijk, hoeksteen van de maatschappij.

Hun rol in de wijk (een rol vervul je): • A  anzetten tot creativiteit en vergroten van • • • •

• • • • •

16

bewustzijn over de wijk; Bevorderen van de sociale samenhang en leefbaarheid in een buurt of wijk; Bijdragen aan de menselijke behoefte aan sociaal contact en gezien worden; Bijdragen aan verbetering van de eigen leefomgeving; Bijdragen aan bewustwording over gezondheid en het vormgeven van betekenisvolle contacten; Bijdragen aan kennisoverdracht; Bijdragen aan het opdoen van werkervaring; Creëren en stimuleren van de lokale economie; Faciliteren van activiteiten en werkgroepen; Zorgen voor ontmoeting, plezier en reuring in de wijk en verbinding van culturen.

Gebruikers die er iets zoeken: • W  ijkbewoners die gezelligheid zoeken en/of • • • • • •

aan een activiteit willen meedoen; Wijkbewoners die de taal willen leren; Stagiairs op zoek naar een afstudeerplek; Studenten op zoek naar een stageof afstudeerplek; Studenten en ZZP’ers die studie- en werkruimte nodig hebben; Scholen die op zoek zijn naar leeren werkplekken; Instellingen die een vergader- of overlegplek zoeken (gemeente, welzijns- en zorginstellingen).

Partijen van wie ze ondersteuning krijgen: • L  okaal: Adviesbrigade, AM Support (voor jongeren), de Arnhemse Uitdaging, Burgerservicelab, Ideeënmakelaars • Landelijk: DAK, Movisie en LSA bewoners, de vereniging van actieve bewonersgroepen die zich door het hele land inzetten voor hun buurt.

Hun uitdagingen: • Meer jongeren bereiken; •  Meer buurtbewoners interesseren voor het werk in een buurthuis; •  Goede balans creëren tussen verschillende soorten ‘gebruikers’ van de buurthuizen; • Gelijkwaardig partnership met gemeente.

Onmisbaar: •  A andacht en erkenning van ambtenaren en politici voor wat zij bijdragen in de wijken en wat daarvoor nodig is. • Meerjarige financiële zekerheid; •  Ondersteuning bij beheer en exploitatie (o.a. m.b.t. administratieve en veiligheidstaken, energietransitie en overige aanpassingen aan gebouwen).

Gebruikers die er iets aanbieden: • B  ewonersinitiatieven die een activiteit organiseren; • Clubjes, stichtingen en verenigingen die hun activiteiten aanbieden; • Vrijwilligers die iets willen doen in hun wijk dat van betekenis is voor henzelf en anderen;

17

Bijlagen

7

Verschil tussen de Arnhemse buurthuizen

Arnhemse uitgangspunten voor bewonersondersteuning

Gebouw:  • E  en eigen gebouw / huren van een

1. Inwoners (burgerinitiatieven) bepalen de

3. De basis van de bewonersondersteuning

wijze waarop de bewonersondersteuning vorm en inhoud krijgt. De gemeente Arnhem stelt de inhoudelijke en financiële kaders. Doel is het creëren van een gelijkwaardig krachtenveld tussen de buurt/wijk en de stad en randvoorwaarde is dat de bewonersondersteuning onafhankelijk is van de gemeente is en burgerinitiatieven zelf bepalen of en zo ja; hoe zij ondersteund willen worden.

ligt bij bewoners en in hun directe leefomgeving: ondersteuning krijgt vorm in de wijk; dicht bij de inwoners, bij de bewonersinitiatieven en dus ook dicht bij de buurthuizen.

•

• • •

corporatie of van de gemeente; Genoeg eigen ruimtes om ook te verhuren / slechts beperkt eigen ruimte beschikbaar; Eigen tuin en/of keuken / geen eigen tuin en/of keuken ter beschikking; Kwaliteit en ligging van de locatie; Niveau van ondersteunende systemen als bijv. automatisering en klimaatbeheer.

Organisatie en beheer:  • K  waliteit van de inzet, kennis en ervaring • •

•

•

van de vrijwillige en betaalde bestuurders / beheerders; Beschikbaar budget voor facilitaire zaken als huur, energie, ict en telefonie; Beschikbaar budget voor personele zaken zoals salaris voor een betaalde beheerder; Beschikbaar budget voor opleidingskosten en onkostenvergoedingen voor vrijwilligers; Beschikbaar budget voor overige kosten van bijv. horeca, kantoor en techniek.

Rol in de wijk:  • A  lleen uitvalsbasis voor activiteiten in de wijk, of ook zelf activiteiten organiseren; • Sociaal trefpunt in de wijk, of nog niet zo gemakkelijk door buurtbewoners te vinden; • A l bekend en geliefd in de wijk, of nog in een opbouwfase daarnaar toe; • A anbod van complete maaltijden, of alleen gastvrije ontvangst met een kopje koffie; • Bijdragen aan kennisoverdracht en 18

verdieping in de wijk, of niet; • Bijdragen aan preventie (sport en gezondheid), of niet; • Bijdragen aan specialistische thema’s uit de Wmo (ondersteuning bij ‘opgroeiproblemen, bevorderen maatschappelijke deelname en zelfstandig functioneren etc.); • Bijdragen aan het opstarten en aanjagen van de lokale economie, of niet; • Mensen begeleiden naar betaald werk, of niet.

Ontwikkelrichtingen:  • H  et buurthuis als laagdrempelige • • • • • •

basisvoorziening; Het buurthuis als sociale coöperatie; Het buurthuis als leerwerktraject; Het buurthuis als uitvalsbasis voor ombudswerk; Het buurthuis als uitvalsbasis voor buurtverbinders; Het buurthuis als wijk-VVV; Het buurthuis als uitvalsbasis voor werk en startpunt van een nieuwe wijkeconomie.

2. Bewonersondersteuning is gericht op borging: de inzet van de ondersteuning is de duurzame ontwikkeling van de sociale cohesie en leefbaarheid in de wijk. Daarbij is de ondersteuning van buurt- en wijkinitiatieven een belangrijk middel, maar niet het uiteindelijke doel. Het uiteindelijke doel is dat de inwoners zelf de regie nemen en houden over de wijze waarop de sociale cohesie en leefbaarheid in de buurt/wijk vorm en inhoud krijgt.

4. Heldere rollen op wijkniveau zijn nodig: Wat is de rol van de wijkmanager? Die is de vertegenwoordiger van de gemeente in de wijk als de intermediair tussen de wereld van de buurthuizen, de buurtbewoners en de gemeente Arnhem.

5. Bewonersondersteuning vindt waar mogelijk plaats door vrijwilligers en vanuit de eigen wijk.

Inkomstenbronnen:  • B  aten uit activiteiten, diensten en voorzieningen; • Baten uit horeca-omzet van bar of eetcafé; • Huurpenningen voor incidentele verhuringen en flexwerkplekken; • Huuropbrengst van vaste jaarcontracten van stichtingen, verenigingen etc; • Legaten en donaties in natura; • Btw-aftrek; • Inkomsten uit de verkoop van producten 19

Bijlagen

7

Colofon Vormgeving: Diep Arnhem Buurthuizen Visie 2022 - 2032 20

23

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Arnhem&id=517e6a35-58bc-4c35-8762-4c570e192a4b