Schriftelijke bijdrage Mevr. de Vries, d.d. 02-04-2024
Tekst van het document
Beste gemeenteraad, Ik heb met verbazing de stukken gelezen over de wijziging in huishoudelijke ondersteuning. Ik wil u daarom een aantal punten meegeven ter overweging alvorens u een besluit neemt. In het sociaal domein is Arnhem al een hele poos bezig om de nadruk te verleggen van maatwerkvoorzieningen naar voorliggende voorzieningen. Juist ook om door middel van preventie te zorgen dat men niet hoeft op te schalen naar maatwerkvoorzieningen. De stap die nu gezet wordt verbaast mij dan ook zeer. Als men de huishoudens die overgestapt zijn naar een algemene voorziening omdat het abonnementstarief goedkoper bleek én huishoudelijke ondersteuning een luxe was buiten beschouwing laat, zitten er in de algemene voorziening mensen die huishoudelijke ondersteuning nodig hebben omdat zij dit zelf niet meer kunnen én het netwerk niet voldoende in staat is om dit over te nemen. ( anders heeft de centrale toegang haar werk niet goed gedaan). Aangezien de criteria voor een maatwerkvoorziening zwaarder zijn dan voor de algemene voorziening, zijn dit straks de mensen die tussen wal en schip vallen. Zij krijgen geen huishoudelijke ondersteuning meer waardoor hun huis vervuilt en en het zelfs niet meer leefbaar wordt .
Of denkt u werkelijk dat zij het huishouden zelf weer op kunnen pakken als zij dit nu niet kunnen? Weet u wat de gevolgen zijn? Huishoudens waar mensen in een steeds viezer huis wonen, die met de week achteruit gaat. Het eerste dat mensen zelf niet meer kunnen is het zwaardere werk. Badkamer, toilet, keuken, maar ook bed verschonen en vuilnis weggooien . Door het voorstel dat nu voor ligt, komen deze mensen pas weer in beeld als alles sterk vervuild is, vuilniszakken in de voortuin staan en de buren gaan klagen, als hun gezondheid achteruit gaat omdat zich schimmel vormt in de badkamer en/of omdat men toch teveel vergt van het lichaam zodat er eerder een maatwerkvoorziening ingezet moet worden . Het is een taak van de gemeente om te zorgen dat mensen zo lang mogelijk thuis kunnen blijven wonen. Preventie ( het staat nog net in de laatste alinea van het plan van aanpak) is ver te zoeken in dit hele stuk. Wat nu bewerkstelligd wordt , is dat mensen sneller slechter worden en zich al veel eerder niet meer kunnen redden. Er wordt juist die groep getroffen die niet zelf een hulp kan inhuren. Dat leidt op den duur niet tot oplossen van wachtlijsten maar tot uitbreiding van de veel duurdere maatwerkvoorzieningen .
Als u ervan overtuigd bent dat er nu mensen gebruik maken van een algemene voorziening die daar na screening geen recht op zouden hebben ( geen fysieke beperking, geen netwerk die het op kan pakken), is simpelweg een keukentafelgesprek voldoende om de ruis daar weg te halen. Het stuk verwijst naar de thuiszorgmedewerkers die een signalerende functie zouden moeten hebben als de inwoner meer of minder hulp nodig zou hebben. Van diezelfde medewerker mag u dat ook verlangen bij de algemene voorziening. In het raadsvoorstel is het advies van de adviesraad bondig weergegeven als: ze gaan akkoord. De juiste strekking is dat de adviesraad én te weinig tijd had om tot een gedegen advies te komen, én nog veel informatie nodig heeft én adviseert om uw besluit nog verder te onderzoeken. Alleen daarom zou u als raad pas op de plaats moeten maken en het college opdracht te geven alle informatie aan de adviesraad te verstrekken zodat zij een goed advies kunnen geven. Als het college de adviesraad niet serieus neemt door voldoende tijd te geven om een gedegen advies uit te kunnen brengen dan kan je je als raad afvragen hoe je zo’n advies moet wegen. Ik hoop dat ik u hiermee duidelijk heb kunnen maken dat er door dit voorstel mensen tussen wal en schip vallen die al wel fysieke beperkingen hebben maar financieel niet in staat zijn particuliere hulp in te schakelen.
Met vriendelijke groet, Ria de Vries