Ruimtelijke onderbouwing Marasingel 249 met bijlagen - geanonimiseerd
Tekst van het document
Pade TV Schu
Cluster Beleid en Regie, Gemeente Arnhem
Omgevingsvergunning Ruimtelijke Onderbouwing
Colofon Plan: Gemeente: Plannummer: IMRO-identificatie: Huidige status: Plantype:
Padelbanen TV Schuytgraaf Arnhem
ontwerp omgevingsvergunning
Locatie:
Projectleider: Datum:
7-5-2024
Padelbanen TV Schuytgraaf
Padelbanen TV Schuytgraaf
Inhoudsopgave Hoofdstuk1
Inleiding
5
1.1
Aanleiding
5
1.2
Het besluitgebied
5
1.3
Geldende planologische regeling
7
1.4
Leeswijzer
9
Hoofdstuk2
Het initiatief
11
2.1
Bestaande situatie
11
2.2
Toekomstige situatie
11
2.3
Ruimtelijke effecten
12
Hoofdstuk3
Beleidskader
13
3.1
Rijksbeleid
13
3.1.1 (Barro)
Nationale Omgevingsvisie (NOVI) en Besluit algemene regels ruimtelijke ordening
3.1.2
Ladder voor duurzame verstedelijking
13
3.1.3
Toetsing rijksbeleid
14
3.2
13
Provinciaal beleid
14
3.2.1
Omgevingsvisie
14
3.2.2
Omgevingsverordening
14
3.2.3
Toetsing provinciaal beleid
15
Gemeentelijk beleid
15
3.3.1
Omgevingsvisie Arnhem 2040
15
3.3.2
Sportvisie - Arnhemse visie op sport & bewegen
16
3.3.3
Toetsing gemeentelijk beleid
16
Hoofdstuk4
Milieu- en omgevingsaspecten
17
4.1
Vormvrije m.e.r.-beoordeling
17
4.1.1
Algemeen
17
4.1.2
Toetsing
17
4.1.3
Conclusie
17
3.3
4.2
Bodem
17
4.2.1
Algemeen
17
4.2.2
Toetsing
17
4.2.3
Conclusie
17
Geluid (Wet geluidhinder)
18
4.3.1
Algemeen
18
4.3.2
Toetsing
18
4.3.3
Conclusie
18
Luchtkwaliteit
18
4.4.1
Algemeen
18
4.4.2
Toetsing
19
4.4.3
Conclusie
19
Externe veiligheid
19
4.3
4.4
4.5 2
"Padelbanen TV Schuytgraaf" (ontwerp)
Padelbanen TV Schuytgraaf
4.5.1
Wettelijk kader
19
4.5.2
Toetsing
20
4.5.3
Conclusie
21
Bedrijven en milieuzonering
21
4.6.1
Algemeen
21
4.6.2
Toetsing
22
4.6.3
Conclusie
23
4.6
4.7
Water
23
4.7.1
Beleid
23
4.7.2
Watertoets
23
4.7.3
Situatie besluitgebied
23
4.7.4
Overleg Waterschap Rivierenland
23
4.7.5
Conclusie
23
Archeologie en cultuurhistorie
24
4.8.1
Algemeen
24
4.8.2
Toetsing
24
4.8.3
Conclusie
24
Ecologie
24
4.9.1
Algemeen
24
4.9.2
Toetsing
24
4.9.3
Conclusie
25
Verkeer en parkeren
25
4.10.1
Algemeen
25
4.10.2
Toetsing
25
4.10.3
Conclusie
26
Economische en maatschappelijke uitvoerbaarheid
26
4.11.1
Algemeen
26
4.11.2
Economische uitvoerbaarheid
27
4.11.3
Maatschappelijke uitvoerbaarheid
27
Conclusie
29
4.8
4.9
4.10
4.11
Hoofdstuk5
"Padelbanen TV Schuytgraaf" (ontwerp)
3
Padelbanen TV Schuytgraaf
4
"Padelbanen TV Schuytgraaf" (ontwerp)
Padelbanen TV Schuytgraaf
Ruimtelijke onderbouwing
Hoofdstuk 1 1.1
Inleiding
Aanleiding
De tennisvereniging in Schuytgraaf heeft samen met de gemeente Arnhem het initiatief genomen voor het aanleggen van twee extra padelbanen op het bestaande tenniscomplex. De padelsport is een relatief nieuwe sport waarvoor veel belangstelling is. De gemeente beschikt over onvoldoende banen om te kunnen voorzien in de behoefte. Door de aanleg van de banen wordt voorzien in een vraag en worden de inwoners van Arnhem gestimuleerd om te bewegen. Dit is onderdeel van een bredere samenwerking tussen de tennisverenigingen, sportbedrijf Arnhem en de gemeente Arnhem om padel als sport op een goede manier toe te voegen aan het Arnhems sportaanbod. De gemeente wil een goed 'padel-klimaat' realiseren door o.a. de investeren in goed kader, samenwerking tussen verenigingen en sportbedrijf en het laagdrempelig en toegankelijk houden van de padelsport voor alle Arnhemmers. Op basis van het geldende bestemmingsplan is de aanleg van de banen niet toegestaan. De Wet algemene bepalingen omgevingsrecht (Wabo) biedt de mogelijkheid voor het bevoegd gezag om, ondanks de strijdigheid met het bestemmingsplan, een omgevingsvergunning te verlenen voor het initiatief. Hierbij wordt als voorwaarde gesteld dat de betreffende activiteit niet in strijd is met een goede ruimtelijke ordening en dat de motivering van het besluit een goede ruimtelijke onderbouwing bevat.
Voorliggende ruimtelijke onderbouwing toont aan dat het initiatief hieraan voldoet.
1.2
Het besluitgebied
Deze ruimtelijke onderbouwing heeft betrekking op de aanleg van twee padelbanen op Sportpark Schuytgraaf. Het sportpark ligt aan de zuidoostzijde van de wijk Schuytgraaf. Aan de noord- en oostkant wordt het sportpark begrensd door twee watergangen. Ten noorden van de watergangen ligt de Metamorfosenallee (N837). Ten westen van het sportpark ligt de Grote Molenstraat. Aan de zuidzijde ligt een fietspad en daar weer direct ten zuiden van de weg Zesseling. Het besluitgebied zelf is gelegen op het complex van Tennisvereniging Schuytgraaf (Marasingel 249). Op de navolgende afbeelding is de globale ligging en begrenzing van het besluitgebied weergegeven. Voor de exacte begrenzing van het besluitgebied wordt verwezen naar Bijlage 1.
"Padelbanen TV Schuytgraaf" (ontwerp)
5
Padelbanen TV Schuytgraaf
Globale ligging besluitgebied
Globale begrenzing besluitgebied
6
"Padelbanen TV Schuytgraaf" (ontwerp)
Padelbanen TV Schuytgraaf
1.3
Geldende planologische regeling
Het besluitgebied valt onder de werking van de bestemmingsplannen 'Schuytgraaf, veegplan 2017', vastgesteld op 5 maart 2018 en 'Chw Schuytgraaf, veegplan 2017, herziening veld 1d & reparaties en detaillering', vastgesteld op 15 februari 2023 door de gemeenteraad van Arnhem. Op basis van deze beide bestemmingsplannen heeft het besluitgebied de bestemming 'Sport'. Op de navolgende afbeeldingen is het besluitgebied (rood omlijnd) weergegeven op uitsnede van beide geldende bestemmingsplannen.
Besluitgebied weergegeven op verbeelding geldend bestemmingsplan 'Schuytgraaf, veegplan 2017'
"Padelbanen TV Schuytgraaf" (ontwerp)
7
Padelbanen TV Schuytgraaf
Besluitgebied weergegeven op verbeelding geldend bestemmingsplan 'Chw Schuytgraaf, veegplan 2017, herziening veld 1d & reparaties en detaillering'
Op basis van beide bestemmingsplannen zijn de voor 'Sport' aangewezen gronden bestemd voor sportvoorzieningen, buitenschoolse opvang en kinderdagverblijven, politieke-, belangen- en ideële organisaties/verenigingen en hobbyclubs, fiets- en wandelpaden, groen- en speelvoorzieningen, watergangen, waterpartijen, waterinfiltratievoorzieningen en andere voorzieningen voor de waterhuishouding en ondergeschikte horeca, uitsluitend ten dienste van de voorgenoemde functies. Voor de gronden binnen het besluitgebied gelden tevens het 'Facetplan woningsplitsing en verkamering'. Hierin is het het gemeentelijk beleid ten aanzien van woningsplitsing en verkamering integraal is geregeld. De realisatie van de padelbanen zijn op basis van de regels van het geldende bestemmingsplannen 'Schuytgraaf, veegplan 2017' en 'Chw Schuytgraaf, veegplan 2017, herziening veld 1d & reparaties en detaillering' wel toegestaan qua gebruik (binnen de bestemming 'Sport), maar niet voor wat betreft de bouwregels. Om het initiatief alsnog mogelijk te maken, moet door het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Arnhem op basis van artikel 2.10 in samenhang met artikel 2.12, eerste lid, onder a, sub 3, van de Wabo een omgevingsvergunning worden verleend.
8
"Padelbanen TV Schuytgraaf" (ontwerp)
Padelbanen TV Schuytgraaf
1.4
Leeswijzer
Voorliggende ruimtelijke onderbouwing bestaat uit deze toelichting en kaart van het besluitgebied. Na dit inleidende hoofdstuk volgt in Hoofdstuk 2 een beschrijving van de huidige situatie en de toekomstige situatie. In Hoofdstuk 3 volgt de haalbaarheid van het plan op het gebied van beleid. Hoofdstuk 4 gaat in op de milieu- en omgevingsaspecten zoals water, ecologie, archeologie en verkeer en parkeren. Het laatste hoofdstuk is gewijd aan de afweging ten aanzien van het initiatief en de uiteindelijke conclusie.
"Padelbanen TV Schuytgraaf" (ontwerp)
9
Padelbanen TV Schuytgraaf
10
"Padelbanen TV Schuytgraaf" (ontwerp)
Padelbanen TV Schuytgraaf
Hoofdstuk 2
Het initiatief
In dit hoofdstuk wordt de beoogde ontwikkeling omschreven. Hierbij wordt als eerste ingegaan op de bestaande situatie in het besluitgebied, waarna de beoogde ontwikkeling nader toegelicht wordt.
2.1
Bestaande situatie
Het besluitgebied maakt deel uit van het tenniscomplex van Tennisvereniging Schuytgraaf. Op het tenniscomplex zijn in de bestaande situatie reeds vier padelbanen aanwezig. Daarnaast biedt het complex ruimte aan acht tennisbanen. In de huidige situatie is in het besluitgebied een bestaande tennisbaan aanwezig. Deze tennisbaan is van kunstgras (smashcourt). Op de navolgende afbeelding is een luchtfoto ter plaatse van het besluitgebied weergegeven. Daarbij wordt opgemerkt dat de tennisbaan ten westen van het besluitgebied inmiddels ook plaats heeft gemaakt voor één padelbaan.
Besluitgebied op luchtfoto
2.2
Toekomstige situatie
Twee bestaande tennisbanen in en ten zuiden van het besluitgebied maken plaats voor twee padelbanen. Ten zuiden van de padelbanen worden twee nieuwe tennisbanen aangelegd. Om hier ruimte voor te creëren wordt het clubhuis verplaatst naar de westelijke kant van het tenniscomplex. In totaal zijn in de toekomstige situatie zes padelbanen en zeven tennisbanen aanwezig. Op navolgende afbeeldingen is de situering van de padelbanen in de toekomstige situatie weergegeven.
"Padelbanen TV Schuytgraaf" (ontwerp)
11
Padelbanen TV Schuytgraaf
Toekomstige situering padelbanen
De banen hebben elk een afmeting van circa 20 m bij circa 10 m. De wanden van de banen hebben een hoogte variërend van circa 3 m tot circa 4 m. De constructie van de wanden bestaat deels uit gehard glas en deels uit een staal in gaaspatroon. De bodem van de banen bestaat uit een drainbeton (waterdoorlatende) fundering met kunstgras. Bij de padelbanen worden tevens lichtmasten geplaatst (vier per baan). Deze hebben een hoogte van circa 6 m. Deze hoogte is beduidend lager dan de hoogte van de huidige masten bij de tennisbanen.
2.3
Ruimtelijke effecten
De padelbanen worden op een bestaand sportpark gerealiseerd, daardoor vindt er geen nieuw ruimtebeslag plaats en kan er gebruik worden gemaakt van reeds aanwezige faciliteiten. De maximale bouwhoogte van de wanden van circa 4 m zorgt niet voor een onevenredige aantasting van het woon- en leefklimaat. De wanden zijn transparant en tasten de openheid van het gebied niet essentieel aan. De padelbanen worden op de bestaande tennisbanen gerealiseerd, zodat er geen groen (oppervlak, bomen en struiken) hoeft te worden verwijderd. Ook is er reeds verlichting aanwezig. De nieuwe verlichting is lager en zal minder uitstraling hebben naar het naastgelegen groen, wat positief is voor lichtgevoelige faunasoorten.
12
"Padelbanen TV Schuytgraaf" (ontwerp)
Padelbanen TV Schuytgraaf
Hoofdstuk 3
Beleidskader
In dit hoofdstuk wordt een analyse gegeven van het relevante beleidskader. De beleidsnota's die direct of indirect doorwerken voor voorliggende initiatieven, worden in dit hoofdstuk behandeld. Per bestuurslaag is een korte samenvatting gegeven van de meest relevante aspecten uit de verschillende beleidsnota's, alsmede de consequenties voor de ontwikkelingen.
3.1
Rijksbeleid
3.1.1 Nationale Omgevingsvisie (NOVI) en Besluit algemene regels ruimtelijke ordening (Barro) Onderdeel van de Omgevingswet is een visie op de leefomgeving: de Nationale Omgevingsvisie (NOVI). Met de NOVI neemt het Rijk het voortouw voor een langetermijnvisie op de toekomst en de ontwikkeling van de fysieke leefomgeving van Nederland. De NOVI richt zich op de volgende vier prioriteiten die onderling veel met elkaar te maken hebben en gevolgen hebben voor het inrichten van de fysieke leefomgeving: De economie van Nederland verduurzamen en het groeipotentieel behouden; Ruimte maken voor de klimaatverandering en energietransitie; Steden en regio's sterker en gezonder maken; Het landelijk gebied toekomstbestendig ontwikkelen. In de NOVI staan de keuzes op nationaal niveau, maar in veel gevallen ligt de verantwoordelijkheid bij gemeenten en/of provincies. Op basis van drie uitgangspunten helpt de NOVI bij het wegen van belangen en het maken van keuzes: Combinaties van functies gaan voor enkelvoudige functies; Kenmerken en identiteit van een gebied staan centraal; Afwentelen wordt voorkomen. De nationale belangen zijn geborgd in het Besluit algemene regels ruimtelijke ordening (Barro).
Het gaat bijvoorbeeld om rijksvaarwegen, defensie, ecologische hoofdstructuur, erfgoederen van uitzonderlijke universele waarde, hoofdwegen en hoofdspoorwegen, elektriciteitsvoorziening, buisleidingen van nationaal belang voor vervoer van gevaarlijke stoffen en primaire waterkeringen. Door de nationale belangen vooraf in bestemmingsplannen te borgen, wordt met het Barro bijgedragen aan versnelling van de besluitvorming bij ruimtelijke ontwikkelingen en vermindering van de bestuurlijke drukte. 3.1.2
Ladder voor duurzame verstedelijking
In artikel 3.1.6, lid 2 van het Besluit ruimtelijke ordening (Bro) is de ladder voor duurzame verstedelijking opgenomen. Het doel van de Ladder is zorgvuldig en duurzaam ruimtegebruik, met oog voor de toekomstige ruimtebehoefte en ontwikkelingen in de omgeving. De Ladder geeft daarmee invulling aan het nationaal ruimtelijk belang gericht op een zorgvuldige afweging en transparante besluitvorming bij ruimtelijke besluiten. Dit belang staat beschreven in de Structuurvisie Infrastructuur en Ruimte binnen een breder kader van een goed systeem van ruimtelijke ordening. Met de ladder worden eisen gesteld aan de motivering van onder meer bestemmingsplannen en ruimtelijke onderbouwingen die nieuwe stedelijke ontwikkelingen mogelijk maken. De toelichting bij een bestemmingsplan of ruimtelijke onderbouwing voor een nieuwe stedelijke ontwikkeling bevat een beschrijving van de behoefte aan die ontwikkeling, en, indien die ontwikkeling mogelijk wordt gemaakt buiten het bestaand stedelijk gebied, een motivering waarom niet binnen het bestaand stedelijk gebied in die behoefte kan worden voorzien.
"Padelbanen TV Schuytgraaf" (ontwerp)
13
Padelbanen TV Schuytgraaf
3.1.3
Toetsing rijksbeleid
Wat onder stedelijke ontwikkeling wordt verstaan is in het Bro opgenomen. Een stedelijke ontwikkeling is volgens het besluit 'een ruimtelijke ontwikkeling van een bedrijventerrein of zeehaventerrein, of van kantoren, detailhandel, woningbouwlocaties of andere stedelijke voorzieningen'. Op basis van de 'Handreiking bij de ladder voor duurzame verstedelijking' van het ministerie van I en M worden onder 'andere stedelijke voorzieningen' accommodaties voor onderwijs, zorg, cultuur, bestuur en indoor sport en leisure geschaard. Omdat sprake is van de realisatie van padelbanen op een bestaand sportpark wordt het initiatief niet als nieuwe stedelijke ontwikkeling aangemerkt. Om die reden is de ladder voor duurzame verstedelijking niet van toepassing. Met het initiatief zijn geen overige nationale belangen gemoeid.
3.2
Provinciaal beleid
3.2.1
Omgevingsvisie
Op 19 december 2018 is de omgevingsvisie 'Gaaf Gelderland' vastgesteld. In deze visie beschrijft de provincie welke richting de provincie op wil op het gebied van energie, klimaat, water, voedsel en ook hoe de provincie de omgeving wil inrichten. Om samen een Gaaf Gelderland te bereiken, legt de provincie bij het uitvoeren van haar taken de focus op een duurzaam, verbonden en economisch krachtig Gelderland. Met behulp van zeven ambities geeft de provincie hier richting aan: energietransitie; klimaatadaptatie; circulaire economie; biodiversiteit; bereikbaarheid; economisch vestigingsklimaat; woon- en leefklimaat. Voor de initiatieven zijn de ambities voor het woon- en leefklimaat van toepassing. Woon- en leefklimaat Om Gelderland voor mensen en bedrijven aantrekkelijk te houden, is de kwaliteit van de leefomgeving van groot belang. Bovendien draagt een goede kwaliteit van de leefomgeving bij aan gezondheid. Goed bereikbare voorzieningen, aansprekende evenementen, unieke cultuurhistorie, inspirerende culturele voorzieningen, een mooie natuur; het is allemaal van belang. Ook goed wonen hoort daarbij. Gelderland heeft op woongebied een bijzondere positie met uiteenlopende woonkwaliteiten, zowel stedelijke als landelijke. De Gelderse streken hebben ieder hun eigen aard, waar mensen zich thuis en verbonden met elkaar voelen.
In onze groeiende Gelderse steden komen veel activiteiten samen. Tegelijkertijd wordt geïnvesteerd in een vitaal platteland, juist als daar krimp plaatsvindt. Om het landschap open, groen en het voorzieningenniveau op peil te houden en leegstand te voorkomen, is bouwen binnen bestaand stedelijk gebied het vertrekpunt. De provincie geeft de voorkeur aan het benutten van bestaande gebouwen en gaat voor concentraties van bebouwing. Pas als er geen andere goede mogelijkheden zijn, kan worden uitgebreid aan de randen van de steden of dorpen. 3.2.2
Omgevingsverordening
De provincie Gelderland beschikt over verschillende instrumenten waarmee zij haar ambities realiseert. De verordening wordt ingezet voor die onderwerpen waarvoor de provincie eraan hecht dat de doorwerking van het beleid van de Omgevingsvisie juridisch gewaarborgd is. De verordening voorziet ten opzichte van de Omgevingsvisie niet in nieuw beleid en is daarmee dus beleidsneutraal. De inzet van de verordening als juridisch instrument om de doorwerking van het provinciaal beleid af te dwingen is beperkt tot die onderdelen van het beleid waarvoor de inzet van algemene regels noodzakelijk is om provinciale belangen veilig te stellen of om uitvoering te geven aan wettelijke verplichtingen. De omgevingsverordening is op 24 september 2014 vastgesteld en daarna meerdere malen geactualiseerd. De Omgevingsverordening richt zich net zo breed als de Omgevingsvisie op de fysieke leefomgeving in 14
"Padelbanen TV Schuytgraaf" (ontwerp)
Padelbanen TV Schuytgraaf
de Provincie Gelderland. Dit betekent dat vrijwel alle regels die betrekking hebben op de fysieke leefomgeving opgenomen zijn in de Omgevingsverordening. Het gaat hierbij om regels op het gebied van ruimtelijke ordening, milieu, water, mobiliteit en bodem. De verwachting is dat de Omgevingsverordening op termijn alle regels zal gaan bevatten die betrekking hebben op de fysieke leefomgeving. Ten aanzien van voorliggend initiatief zijn de regels ten aanzien van de onderwerpen 'bescherming gronden drinkwater', 'grondwaterbescherming met het oog op de waterwinning' en 'klimaatadaptatie' relevant. Bescherming grond- en drinkwater Het besluitgebied bevindt zich in een 'intrekgebied'. In artikel 2.38 is opgenomen dat in ruimtelijke plannen die plaatsvinden in een intrekgebied, geen functies zijn toegestaan die de winning van fossiele energie, zoals aardgas, aardolie, schaliegas en steenkoolgas, mogelijk maakt. Grondwaterbeschermingmet het oog op de waterwinning Het besluitgebied bevindt zich in een 'boringsvrije zone'. Op basis van paragraaf 3.2.4 is het verboden om in de zone werken tot stand te brengen of handelingen te verrichten waardoor direct of indirect warmte aan de bodem of het grondwater wordt onttrokken of toegevoegd. Instructieregelklimaatadaptie (art.
2.65b) Voor zover een initiatief een nieuwe activiteit of ontwikkeling mogelijk maakt, moet op basis van deze instructieregel de ruimtelijke onderbouwing een beschrijving bevatten van de maatregelen of voorzieningen die worden getroffen om de risico's van klimaatverandering te voorkomen of te beperken en de afweging die daarbij is gemaakt. In die beschrijving moeten in ieder geval de volgende aspecten worden betrokken: waterveiligheid, wateroverlast, droogte en hitte. 3.2.3
Toetsing provinciaal beleid
Met de realisatie van de padelbanen wordt een impuls gegeven aan het sportvoorzieningenniveau en het verenigingsleven in de wijk Schuytgraaf. Doordat de padelbanen op een bestaand sportpark worden gerealiseerd, vindt er geen nieuw ruimtebeslag plaats en kan er gebruik worden gemaakt van reeds aanwezige faciliteiten. Het initiatief voorziet niet in de winning van fossiele energie en er is ook geen sprake van het toevoegen of onttrekken van warmte aan de bodem of het grondwater. In het kader van klimaatadaptie wordt opgemerkt dat de bodem van de padelbanen bestaan uit een drainbeton fundering. Deze heeft goede waterdoorlatende eigenschappen waardoor wateroverlast wordt voorkomen. De aspecten waterveiligheid, droogte en hitte zijn gezien de aard en ligging van het initiatief niet van toepassing. Het initiatief is in overeenstemming met het provinciale beleid.
3.3
Gemeentelijk beleid
3.3.1
Omgevingsvisie Arnhem 2040
De gemeente Arnhem heeft op 6 december 2023 de Omgevingsvisie Arnhem 2040 vastgesteld. De omgevingsvisie gaat over de toekomst en de leefomgeving van Arnhem. De omgevingsvisie geeft een beeld van Arnhem in 2040. In 2040 wil de gemeente een groene, vitale stad zijn met ruimte voor meer inwoners en bedrijvigheid. De stad is een onderdeel van een sterke regio met een veelzijdig landschap, omringd door natuur, waardevolle wijken en levendige knooppunten. Tegelijk is er veel veranderd op het gebied van klimaat, energie en leefbaarheid. De stad is duurzamer en stimuleert een gezonde leefstijl. Arnhem is en blijft een stad waar creativiteit en vrijheid een belangrijke onderdeel van de identiteit vormen. Om het streefbeeld in 2040 te bereiken, zijn in de omgevingsvisie vijf thema’s uitgewerkt: 1. Een groene, gezonde en veilige stad. 2. Een vitale stad. 3. Een stad waar het goed wonen is. 4. Ruimte voor schone mobiliteit. 5. Een stad met nieuwe energie. Per thema wordt geschetst welke ambities Arnhem heeft en welke inspanningen worden gedaan in de "Padelbanen TV Schuytgraaf" (ontwerp)
15
Padelbanen TV Schuytgraaf
stad. De komende jaren wordt vooral aandacht gegeven aan: Bouwen op goed bereikbare plekken waar voorzieningen nabij zijn. Wonen, werken en voorzieningen dichter bij elkaar brengen. Wandelen, fietsen, en OV zijn de meest voor de hand liggende vormen van vervoer. De stad verder vergroenen, passend bij het veranderende klimaat. Het blijven van die creatieve en energieke stad. Naast de ambities per thema, worden ook vijf deelgebieden specifiek beschreven. Dit zijn gebieden waar veel opgaven en ambities samenkomen en duidelijk keuzes worden gemaakt. Het gaat om de deelgebieden: Arnhem Centrum, Arnhem West, Arnhem Oost, Arnhem Zuid en Arnhem Noord. Het besluitgebied maakt deel uit van deelgebied Arnhem Zuid. De ambities voor dit gebied zijn als volgt: Nieuwe ontwikkelingen zorgen voor meer variatie in het woningaanbod en nieuwe werkplekken. Een nieuwe stedelijke ontwikkeling gaat gepaard met verbetering van de omgevingskwaliteit (toevoegen van groen, tegengaan hitte, ontmoetingsruimte). We ontwikkelen multifunctionele stedenbouwkundige concepten. Een nieuwe ontwikkeling levert geen druk op de openbare ruimte (extra m2 verharding en parkeren) en maakt gebruik van duurzame mobiliteitsconcepten of gebouwd parkeren. We versterken de bestaande groene en blauwe structuren. We heffen de bestaande infrastructurele barrières op. We zorgen voor voldoende lokale arbeidsplaatsen.
Op de kaart behorende bij de omgevingsvisie is het besluitgebied niet specifiek genoemd. 3.3.2
Sportvisie - Arnhemse visie op sport & bewegen
De belangrijkste ambitie van de Sportvisie – Arnhems visie op sport & bewegen (2011) is: meer Arnhemmers aan het sporten en bewegen krijgen. Dit wil de gemeente onder andere bereiken door sportverenigingen te stimuleren om 'vitale verenigingen' te worden, aantrekkelijk te zijn voor diverse doelgroepen, hun zaken goed op orde te hebben en ondernemend te zijn. Deze ambitie heeft de gemeente kracht bijgezet in het beleidsplan 'Gezond & Fit' (2021). Ook in dit plan wordt het essentiële belang van bewegen en sport als onderdeel van een gezonde leefstijl en van een gezonde stad benadrukt. 3.3.3
Toetsing gemeentelijk beleid
Voorliggend initiatief voorziet in het aanleggen van twee padelbanen op het tenniscomplex van Tennisvereniging Schuytgraaf. De gemeente beschikt over onvoldoende banen om te kunnen voorzien in de behoefte. Door de aanleg van de banen wordt voorzien in een vraag en worden de inwoners van Arnhem gestimuleerd om te bewegen. Tennisverenigingen zijn, net als andere sportverenigingen, één van de 'instrumenten' om Arnhemmers in beweging te krijgen. Door middel van het toevoegen van nieuw, aantrekkelijk aanbod in de vorm van padel wordt verwacht dat nieuwe doelgroepen naar de tennisvereniging komen en dat er meer mensen gaan bewegen. Daarmee is het initiatief in overeenstemming met de ambitie om een 'groene, gezonde en veilige stad' te zijn. Met het initiatief wordt tevens een impuls gegeven aan het sportvoorzieningenniveau en het verenigingsleven in de wijk Schuytgraaf. Doordat de padelbanen op een bestaand sportpark worden gerealiseerd, vindt er geen nieuw ruimtebeslag plaats en kan er gebruik worden gemaakt van reeds aanwezige faciliteiten. De padelbanen (met name de hekwerken) tasten de ruimtelijke structuur ter plaatse niet aan en hebben geen negatieve invloed op het dichtstbijzijnde woongebied. Het initiatief is in overeenstemming met het gemeentelijk beleid.
16
"Padelbanen TV Schuytgraaf" (ontwerp)
Padelbanen TV Schuytgraaf
Hoofdstuk 4
Milieu- en omgevingsaspecten
Bij ruimtelijke ontwikkelingen moet de uitvoerbaarheid van het initiatief worden aangetoond. Het al dan niet voldoen aan verschillende randvoorwaarden en uitgangspunten is bepalend voor de vraag of een nieuwe ontwikkeling ook daadwerkelijk uitvoerbaar is. Hierbij moet worden gedacht aan onder meer het ruimtelijke beleid van de hogere overheden en de gemeente zelf, milieuaspecten als geluid, bodem en hinder van bedrijven, water, externe veiligheid, archeologie en economische haalbaarheid. In dit hoofdstuk wordt getoetst in hoeverre dit initiatief haalbaar is in het kader van milieu- en omgevingsaspecten.
4.1
Vormvrije m.e.r.-beoordeling
4.1.1
Algemeen
Om te bepalen of voor het project een milieueffectrapport (M.E.R.) moet worden opgesteld, is het van belang om te kijken of de ontwikkeling een activiteit is als opgenomen in de bijlage van het Besluit milieueffectrapportage (m.e.r.). In de bijlage van het Besluit m.e.r. zijn twee onderdelen (C en D) opgenomen. Het onderscheid tussen deze twee bijlagen is dat in bijlage C er direct sprake is van een m.e.r.-plicht voor besluiten met een omvang boven de drempelwaarden en besluiten onder de drempelwaarden zijn niet m.e.r.-plichtig. Onderdeel D geeft aan of er voor besluiten beoordeeld moet worden of er m.e.r. noodzakelijk is. Voor besluiten met een omvang boven de drempelwaarden moet een m.e.r.-beoordeling worden uitgevoerd en voor besluiten met een omvang onder de drempelwaarden een zogenaamde vormvrije m.e.r.-beoordeling. Pas na het uitvoeren van een (vormvrije) m.e.r.-beoordeling is duidelijk of er een M.E.R. moet worden opgesteld. 4.1.2
Toetsing
Met de realisatie van padelbanen op een bestaand sportpark worden geen activiteiten mogelijk gemaakt uit bijlagen C en D van het 'Besluit milieueffectrapportage'. Gezien de aard en omvang van het initiatief en de voorheen aanwezige functie op de locatie worden de initiatieven niet als een nieuw 'stedelijk ontwikkelingsproject' beschouwd. Om die reden is geen sprake van een (vormvrije) m.e.r.-(beoordelings)plicht. Overigens wordt in de toelichting in de paragrafen 4.3 tot en met 4.10 wel nader ingegaan op de eventuele nadelige gevolgen van de ontwikkelingen voor het milieu. Uit deze paragrafen komt naar voren dat de ontwikkelingen geen negatieve gevolgen voor het milieu heeft. 4.1.3
Conclusie
De omgevingsvergunning kan zonder (vormvrije) m.e.r.-(beoordeling) worden verleend.
4.2
Bodem
4.2.1
Algemeen
Bij ruimtelijke ontwikkelingen moet aangetoond worden dat de bodem- en grondwaterkwaliteit ter plaatse van het besluitgebied geschikt zijn voor het beoogde gebruik. 4.2.2
Toetsing
Het initiatief heeft betrekking op de aanleg van padelbanen. De padelbanen worden aangelegd op een bestaand sportpark. De functie van de gronden ter plaatse van de huidige tennisvelden verandert niet met de omvorming tot padelbanen. Bodemonderzoek is daarom niet noodzakelijk. Aangenomen kan worden dat de bodemkwaliteit ter plaatse voldoende geschikt is voor de toekomstige functie. 4.2.3
Conclusie
Het aspect bodem vormt geen belemmering voor het verlenen van de omgevingsvergunning.
"Padelbanen TV Schuytgraaf" (ontwerp)
17
Padelbanen TV Schuytgraaf
4.3
Geluid (Wet geluidhinder)
4.3.1
Algemeen
De mate waarin het geluid, veroorzaakt door het wegverkeer en/of door industrie, onder andere het woonmilieu mag belasten, is geregeld in de Wet geluidhinder (Wgh). Bij ruimtelijke ontwikkelingen moet volgens de Wgh worden aangetoond dat gevoelige functies, zoals een woning, een aanvaardbare geluidsbelasting hebben als gevolg van omliggende (spoor)wegen en industrieterreinen. Indien nieuwe geluidsgevoelige functies worden toegestaan, stelt de Wgh de verplichting akoestisch onderzoek te verrichten naar de geluidsbelasting ten gevolge van omliggende (spoor)wegen en industrieterreinen. 4.3.2
Toetsing
Deze paragraaf heeft betrekking op de Wet geluidhinder. Het initiatief heeft betrekking op de aanleg van padelbanen. Padelbanen zijn geen geluidgevoelige functies. Daarnaast is een padelbaan geen geluidshinderveroorzakende functie op basis van de Wet geluidhinder (geen gezoneerd industrieterrein). Voor de toetsing van mogelijke geluidhinder van de padelbanen wordt daarom verwezen naar de toetsing bedrijven en milieuzonering (paragraaf 4.6). 4.3.3
Conclusie
Het aspect geluid in het kader van de Wet geluidhinder vormt geen belemmering voor het verlenen van de omgevingsvergunning.
4.4
Luchtkwaliteit
4.4.1
Algemeen
De Wet luchtkwaliteit (verankerd in de Wet milieubeheer, hoofdstuk 5, titel 5.2) is een implementatie van diverse Europese richtlijnen omtrent luchtkwaliteit, waarin onder andere grenswaarden voor vervuilende stoffen in de buitenlucht zijn vastgesteld ter bescherming van mens en milieu. In Nederland zijn stikstofdioxide (NO2) en zwevende deeltjes als PM10 (fijn stof) de maatgevende stoffen waar de concentratieniveaus het dichtst bij de grenswaarden liggen. Overschrijdingen van de grenswaarden komen, uitzonderlijke situaties daargelaten, bij andere stoffen niet voor. Vanaf 1 januari 2015 dient het bevoegd gezag de luchtkwaliteit ook te toetsen aan de grenswaarde voor PM2,5. Op basis van onderzoek door het Planbureau voor de Leefomgeving kan worden gesteld dat als aan de grenswaarden voor PM10 wordt voldaan, ook aan de grenswaarde voor PM2,5 wordt voldaan. Hoewel de luchtkwaliteit de afgelopen jaren flink is verbeterd, kan Nederland niet voldoen aan de luchtkwaliteitseisen die in 2010 van kracht zijn geworden. De EU heeft Nederland derogatie (uitstel) verleend op grond van het Nationaal Samenwerkingsprogramma Luchtkwaliteit (NSL). Dit betreft een gemeenschappelijke aanpak van het Rijk en diverse regio's om samen te werken aan een schonere lucht, waarbij ruimte wordt geboden aan noodzakelijke ruimtelijke ontwikkelingen.
Plannen die in betekenende mate bijdragen aan luchtverontreiniging worden opgenomen in een gebiedsgericht programma van het NSL. Het maatregelenpakket in het NSL is hiermee in evenwicht en zodanig dat op termijn de luchtkwaliteit in heel Nederland onder de grenswaarden ligt. Plannen die 'niet in betekenende mate' (NIBM) bijdragen aan luchtverontreiniging hoeven niet langer individueel getoetst te worden aan de Europese grenswaarden aangezien deze niet leiden tot een significante verslechtering van de luchtkwaliteit. Deze grens is in de AMvB NIBM gelegd bij 3% van de grenswaarde van een stof: Voor NO2 en PM10 betekent dit dat aannemelijk moet worden gemaakt dat het project tot maximaal 1,2 µg/m3 verslechtering leidt. Voor een aantal functies (o.a. woningen, kantoren, tuin- en akkerbouw) is dit gekwantificeerd in de ministeriële regeling NIBM. Uit het oogpunt van een goede ruimtelijke ordening wordt afgewogen of het aanvaardbaar is het project op deze plaats te realiseren. Hierbij kan de blootstelling aan luchtverontreiniging een rol spelen, ook als het project 'niet in betekenende mate' bijdraagt aan de luchtverontreiniging. Er is sprake van een significante blootstellingsduur als de verblijfsduur die gemiddeld bij de functie te verwachten is een aanzienlijk deel van de dag betreft.
Volgens de toelichting op de Regeling Beoordeling luchtkwaliteit is dit onder andere het geval bij een woning, school of sportterrein. 18
"Padelbanen TV Schuytgraaf" (ontwerp)
Padelbanen TV Schuytgraaf
Gevoelige bestemmingen als scholen, kinderdagverblijven, bejaarden- en zorgtehuizen genieten op grond van de gelijknamige AMvB extra bescherming. Substantiële uitbreiding of nieuwvestiging binnen 50 meter van een provinciale weg of 300 meter van een Rijksweg is alleen toegestaan als de concentraties luchtvervuilende stoffen zich onder de grenswaarden bevinden, waardoor geen onacceptabele gezondheidsrisico's optreden. 4.4.2
Toetsing
Het initiatief betreft de realisatie van twee padelbanen. De ministeriële regeling NIBM kwantificeert de (N)IBM-grens niet voor deze functie. Om die reden is met behulp van de 'NIBM-tool' (versie 23-04-2022) een berekening gemaakt1. Uit paragraaf 4.10.2 komt naar voren dat het aantal verkeersbewegingen als gevolg van de ontwikkeling naar verwachting per saldo met circa 25 toeneemt. Hiervan zal naar verwachting bij maximaal 2% sprake zijn van een vrachtwagen in verband met bevoorrading.
Uit de berekening blijkt dat de bijdrage door verkeer aan de luchtverontreiniging minder bedraagt dan de grenswaarde van 1,2 microgram per m3. Het initiatief draagt daarmee niet in betekenende mate bij aan luchtverontreiniging. Er is geen sprake van een significante blootstellingsduur ter plaatse van het besluitgebied. Daarnaast worden er geen gevoelige functies beoogd zoals bedoeld in het 'Besluit gevoelige bestemmingen'. Toetsing aan de grenswaarden is daarom niet noodzakelijk. 4.4.3
Conclusie
Het aspect luchtkwaliteit vormt geen belemmering voor het verlenen van de omgevingsvergunning.
4.5
Externe veiligheid
4.5.1
Wettelijk kader
Het beleid voor externe veiligheid is gericht op het verminderen en beheersen van risico's van zware ongevallen met gevaarlijke stoffen in inrichtingen en tijdens het transport ervan. Op basis van de criteria zoals onder andere gesteld in het Besluit externe veiligheid inrichtingen (Bevi) worden bedrijven en activiteiten geselecteerd die een risico op zware ongevallen met zich mee (kunnen) brengen. Daarbij gaat het vooral om de grote chemische bedrijven, maar ook om kleinere bedrijven als LPG-tankstations en opslagen van bestrijdingsmiddelen. Daarnaast zijn (hoofd)transportassen voor gevaarlijke stoffen, zoals buisleidingen, spoor-, auto-, en waterwegen, ook als potentiële gevarenbron aangemerkt. Het externe veiligheidsbeleid heeft tot doel zowel individuele burgers als groepen burgers een minimum beschermingsniveau te bieden tegen een ongeval met gevaarlijke stoffen. Om dit doel te bereiken zijn gemeenten en provincies verplicht om bij besluitvorming in het kader van de Wet algemene bepalingen
"Padelbanen TV Schuytgraaf" (ontwerp)
19
Padelbanen TV Schuytgraaf
omgevingsrecht (Wabo), de Wet milieubeheer en de Wet op de ruimtelijke ordening de invloed van een risicobron op zijn omgeving te beoordelen. Daartoe wordt binnen het werkveld van de externe veiligheid veelal het plaatsgebonden risico (PR) en het groepsrisico (GR) gehanteerd. Het plaatsgebonden risico is de kans dat een persoon die zich gedurende een jaar onafgebroken onbeschermd op een bepaalde plaats bevindt, overlijdt als gevolg van een ongeval met gevaarlijke stoffen. Dit risico wordt per bedrijf en transportas vastgelegd in contouren. Er geldt een contour waarbinnen deze kans 1x10-6 (één op de miljoen) bedraagt. Het groepsrisico is een berekening van de kans dat een groep personen binnen een bepaald gebied overlijdt ten gevolge van een ongeval met gevaarlijke stoffen. De oriëntatiewaarde geeft hierbij de indicatie van een aanvaardbaar groepsrisico. Indien een ontwikkeling is gepland in de nabijheid van een risicobron geldt afhankelijk van de ontwikkeling een verantwoordingsplicht voor het toelaten van gevoelige functies. Besluit externe veiligheid inrichtingen (Bevi) Voor bepaalde risicovolle bedrijven geldt het Besluit externe veiligheid inrichtingen en Regeling externe veiligheid inrichtingen (Bevi en Revi). Hierin zijn de risiconormen voor externe veiligheid met betrekking tot bedrijven met gevaarlijke stoffen wettelijk vastgelegd.
Circulaire effectafstandenLPG-tankstations In de circulaire is de effectbenadering uitgewerkt voor LPG-tankstations. In beginsel zijn geen (beperkt) kwetsbare objecten binnen een effectafstand van 60 meter en geen zeer kwetsbare objecten binnen een effectafstand van 160 meter toegestaan. Naast de circulaire blijft ook de toetsing aan het Bevi noodzakelijk. Transport van gevaarlijke stoffen (water, spoor, weg) Voor de beoordeling van de risico's vanwege transport van gevaarlijke stoffen geldt het Besluit externe veiligheid transportroutes (Bevt en basisnet), met als uitvloeisel het zogeheten Basisnet en de bijbehorende regeling Basisnet. Transport van gevaarlijke stoffen door buisleidingen Voor de beoordeling van de risico's van transport van gevaarlijke stoffen door buisleidingen geldt het Besluit externe veiligheid buisleidingen (Bevb en Revb). Naast de toetsing aan het plaatsgebonden risico en het groepsrisico is hierin vastgelegd dat aan weerszijden van een buisleiding een bebouwingsvrije afstand moet worden aangehouden voor beheer en onderhoud aan de buisleidingen. 4.5.2
Toetsing
Het initiatief voorziet in de realisatie van twee padelbanen. Padelbanen betreffen een kwetsbare locatie. In de huidige situatie is de locatie reeds in gebruik voor tennisbanen. Het gebruik van de locatie intensiveert, omdat het totale aantal (tennis- en padel)banen op het tenniscomplex toeneemt. Daarnaast neemt het aantal spelers per baan toe). De navolgende afbeelding bevat een fragment van de risicokaart van Nederland (Atlas Leefomgeving). Het besluitgebied is gelegen bij de blauwe druppel.
20
"Padelbanen TV Schuytgraaf" (ontwerp)
Padelbanen TV Schuytgraaf
Uitsnede risicokaart van Nederland
Stationaire bronnen In de nabije omgeving van het besluitgebied zijn geen stationaire risicobronnen aanwezig. Mobiele bronnen 150 m ten zuiden van het besluitgebied ligt een buisleiding van Gasunie. De plaatsgebonden risicocontour ligt op de leiding. Het invloedsgebied van de buisleiding reikt niet tot het besluitgebied. 4.5.3
Conclusie
Het aspect externe veiligheid vormt geen belemmering voor de uitvoerbaarheid van de voorgenomen ontwikkeling.
4.6
Bedrijven en milieuzonering
4.6.1
Algemeen
Indien door middel van nieuwe ruimtelijke ontwikkelingen, gevoelige functies of milieuhinderveroorzakende functies mogelijk worden gemaakt, moet worden aangetoond dat een goed leefmilieu binnen en buiten het plangebied mogelijk is. Anderzijds mogen omliggende bedrijven niet in hun ontwikkelingsmogelijkheden worden aangetast door de realisatie van nieuwe gevoelige functies. Wat betreft de aanbevolen richtafstanden tussen bedrijvigheid en gevoelige functies is de VNG publicatie 'Bedrijven en Milieuzonering' als leidraad voor milieuzonering gebruikt. In de VNG-publicatie zijn richtafstanden voor diverse omgevings- en gebiedstypen opgenomen. Het gaat onder andere om de volgende omgevings- en gebiedstypen: 'rustige woonwijk', 'rustig buitengebied' en 'gemengd gebied'. In een rustige woonwijk en een rustig buitengebied komen vrijwel geen andere functies dan de woonfunctie voor. Gemengde gebieden betreffen gebieden die langs hoofdinfrastructuur liggen en/of gebieden met matige tot sterke functiemenging. In een dergelijk gebied komen direct naast woningen andere functies "Padelbanen TV Schuytgraaf" (ontwerp)
21
Padelbanen TV Schuytgraaf
voor, zoals winkels, maatschappelijke voorzieningen, horeca en kleine bedrijven. Ook lintbebouwing in het buitengebied met overwegend agrarische en andere bedrijvigheid kan als gemengd gebied worden beschouwd. Voor gemengde gebieden kunnen de aanbevolen richtafstanden met één stap worden verminderd. De afstand wordt gemeten vanaf de grens van de locatie van de bedrijfsmatige activiteit tot aan de gevel van nieuwe of bestaande gevoelige functies. 4.6.2
Toetsing
Bij padelbanen kan hinder naar de omgeving optreden in de vorm van geluidsoverlast en lichthinder. Lichthinder treedt op bij inschijnend licht als gevolg van de lichtmasten die bij de padelbanen worden geplaatst. Om voorgaande redenen is voor de locatie onderzoek uitgevoerd naar de aspecten geluidshinder en lichthinder. In het besluitgebied bevinden zich geen milieuhindergevoelige functies. Er hoeft daarom niet worden onderzocht of de functies in het besluitgebied hinder ondervinden van hinderveroorzakende functies in de omgeving van het besluitgebied. Akoestisch onderzoek Door DGMR is in april 2024 een akoestisch onderzoek uitgevoerd naar de toekomstige padelbanen. Het onderzoek is als Bijlage 2 bijgevoegd. Op basis van het onderzoek wordt geconcludeerd dat het langtijdgemiddelde beoordelingsniveau (LAr,LT) op de omliggende woningen ten hoogste 44 dB(A) bedraagt in de dagperiode en ten hoogste 45 dB(A) in de avondperiode. Het langtijdgemiddelde beoordelingsniveau (LAr,LT) voldoet daarmee aan de geluidnormen volgens het Activiteitenbesluit milieubeheer en het geluidbeleid gemeente Arnhem. De maximale geluidniveaus (LAmax) als gevolg van het verrichten van sportactiviteiten in de open lucht of activiteiten die hiermee in nauw verband staan, zijn volgens het Activiteitenbesluit milieubeheer uitgezonderd van beoordeling.
Het maximale geluidniveau (LAmax) is hoogstens 56 en 57 dB(A) in respectievelijk de dag- en avondperiode. Het maximale geluidniveau (LAmax) voldoet daarmee aan de grenswaarden van 70, 65 en 60 dB(A) in respectievelijk de dag-, avond- en nachtperiode. Alle rekenresultaten voldoen aan de geluidnormen zoals opgenomen in het Activiteitenbesluit milieubeheer en het geluidbeleid van de gemeente Arnhem. Er moet aan een goed woon- en leefklimaat bij omwonenden worden voldaan en daarom wordt in het kader van een goede ruimtelijke ordening stemgeluid ook meegenomen. Uit het akoestisch onderzoek volgt dat het stemgeluid van de spelers tijdens het padellen ondergeschikt is aan het padelgeluid. Het padelgeluid voldoet, waardoor er een goed woon- en leefklimaat bij omwonenden kan worden gegarandeerd. De beoogde ontwikkeling past daarmee binnen de kaders voor een goede ruimtelijke ordening voor het aspect geluid.
Lichthinderonderzoek Voor de aanleg van de padelbanen is door BE-LED een lichthinderonderzoek uitgevoerd. Dit onderzoek is Bijlage 3 bijgevoegd. Het onderzoek richt zich op de lichtinval als gevolg van de lichtmasten ter plaatse van de padelbanen op de dichtstbijzijnde woningen. Deze woningen liggen aan de Westenwind en zijn met de achtergevel richting het sportcomplex (en de nieuwe padelbanen) gesitueerd. De afstand tot de gevel van desbetreffende woningen bedraagt circa 235 meter. Bij de uitgevoerde lichtberekening is er uitgegaan van een vrije ruimte tussen de padelbanen en de huizen. Echter, in de praktijk staan er tussen de huizen en de padelbanen bomen en een parkeerterrein. Hierdoor zullen dus de lichtwaarden op de gevel in de praktijk lager uitvallen. De masthoogte bij de nieuwe padelbanen is 6 meter. Dit is een stuk lager dan de 12/14 meter hoge masten die voor de huidige tennisbaan worden gebruikt. Bij lagere masten is er altijd minder strooilicht in de omgeving. De toegepaste led armaturen worden vlak geïnstalleerd. Hierdoor ook minder strooilicht dan convenventionele verlichting. De omgeving van de sportvelden is te typeren als stedelijk gebied (E3). In de directe omgeving is met name woonbebouwing aanwezig. De grenswaarden zijn 10 lux voor de verticale verlichtingssterkte en tot 10.000 cd voor de lichtsterkte per armatuur.
De omgeving en het sportpark zijn ingevoerd in een rekenmodel in Dialux. In dit rekenmodel zijn ook de 22
"Padelbanen TV Schuytgraaf" (ontwerp)
Padelbanen TV Schuytgraaf
meest nabij het sportpark gelegen woningen ingevoerd. Bij alle velden zijn in het rekenmodel lichtmasten ingevoerd met een masthoogte van 6 meter. Uit de berekeningen komt naar voren dat ter plaatse van de woningen ruim wordt voldaan aan de grenswaarden voor lichthinder. Er is daarmee geen sprake van lichthinder voor de omliggende woningen als gevolg van de plaatsing van lichtmasten ten behoeve van de padelbanen. 4.6.3
Conclusie
Het aspect bedrijven en milieuzonering vormt geen belemmering voor de uitvoerbaarheid van het initiatief.
4.7
Water
4.7.1
Beleid
Het waterbeleid van Rijk en provincie is gericht op een veilig en goed bewoonbaar land met gezonde, duurzame watersystemen. Het besluitgebied ligt in het beheersgebied van het Waterschap Rivierenland. Het Waterbeheerprogramma 2022-2027 'Versterken. Verbinden. Vergroenen.' van het Waterschap Rivierenland gaat over het waterbeheer in het hele rivierengebied en het omvat alle watertaken van het waterschap: waterkwantiteit, waterkwaliteit, waterkering en waterketen. In het Waterbeheerprogrammastaat dat het Waterschap Rivierenland met haar visie zich wil richten op een toekomstbestendig rivierengebied en de bijdrage die de maatschappij daar zelf aan levert. De missie van Waterschap Rivierenland is dan ook het zorgen voor veilige dijken en een evenwichtig watersysteem in de komende periode. Daarnaast is er een langetermijnvisie geformuleerd in de Watervisie 2050. 4.7.2
Watertoets
Het besluitgebied ligt in het beheersgebied van het waterschap Rijn en IJssel.Voor het doorlopen van de watertoets gebruikt dit waterschap de website www.dewatertoets.nl. Het waterschap kijkt, op basis van de antwoorden die op de website worden ingevuld, of bij de ruimtelijke ontwikkeling voldoende rekening is gehouden met de waterhuishouding ter plaatse en geeft een wateradvies. Op basis van de ingevulde digitale watertoets wordt door het waterschap geconcludeerd dat er sprake is van een normale watertoetsprocedure. Dit betekent dat er nader overleg plaats moet vinden met Waterschap Rivierenland. De digitale watertoets is bijgevoegd als Bijlage 4. 4.7.3
Situatie besluitgebied
De locatie bestaat uit delen van twee bestaande tennisbanen van kunstgras (smashcourt). De tennisbanen worden vervangen voor twee padelbanen. Door de ontwikkelingen in het besluitgebied zal het verhard oppervlak niet of nauwelijks toenemen. Hemelwater zal afstromen en infiltreren in de tennisen padelbanen. De bodem van de toekomstige banen bestaat uit een drainbeton (waterdoorlatende) fundering met kunstgras. De bestaande (tennis)banen kennen ook goede waterdoorlatende eigenschappen. Het plan maakt geen functies mogelijk die tot verslechtering van de waterkwaliteit leiden. Voor het onderhoud van de padelbanen zal uitsluitend gebruik worden gemaakt van ecologische en duurzame schoonmaakmiddelen. De ontwikkeling leidt niet tot wijziging van de grondwaterstand. Er is daarmee geen sprake van een verandering in de geohydrologische situatie ter plaatse. 4.7.4
Overleg Waterschap Rivierenland
In deze paragraaf worden te zijner tijd de resultaten van het overleg met het waterschap opgenomen. 4.7.5
Conclusie
Met de voorgenomen ontwikkeling zijn geen negatieve gevolgen te verwachten voor de waterhuishouding ter plaatse. Het aspect water vormt daarmee geen belemmering voor het verlenen van de omgevingsvergunning.
"Padelbanen TV Schuytgraaf" (ontwerp)
23
Padelbanen TV Schuytgraaf
4.8
Archeologie en cultuurhistorie
4.8.1
Algemeen
Op basis van artikel 3.1.6, vijfde lid, onderdeel a, van het Bro moet bij ruimtelijke ontwikkelingen worden getoetst, hoe er wordt omgegaan met de aspecten archeologie en cultuurhistorie. De bescherming van archeologische waarden is verankerd in de Erfgoedwet. Het belangrijkste doel van deze wet is de bescherming van de aanwezige en de te verwachten archeologische waarden door het reguleren van bodemverstorende activiteiten. 4.8.2
Toetsing
Archeologie Uit de gemeentelijke archeologische maatregelenkaart blijkt dat het besluitgebied is aangewezen als gebied dat verstoord dan wel reeds onderzocht is. Om die reden is een archeologisch onderzoek niet noodzakelijk. Cultuurhistorie De realisatie van de padelbanen vindt plaats op een bestaand tenniscomplex en legt geen nieuw ruimtebeslag. De bestaande stedenbouwkundige structuur blijft behouden. Met de voorgenomen ontwikkeling vindt geen aantasting aan cultuurhistorisch waardevolle lijnen of elementen plaats. Het initiatief heeft geen negatieve gevolgen voor het aspect cultuurhistorie. 4.8.3
Conclusie
De aspecten archeologie en cultuurhistorie vormen geen belemmering voor het verlenen van de omgevingsvergunning.
4.9
Ecologie
4.9.1
Algemeen
Bij elke ruimtelijke ontwikkeling moet, in het kader van de Wet natuurbescherming, in beeld worden gebracht of er sprake is van invloeden op natuurwaarden en beschermde soorten. 4.9.2
Toetsing
Gebiedsbescherming Natura 2000 Het dichtstbijzijnde Natura 2000-gebied betreft 'Veluwe' op een afstand van 3 kilometer. Storingsfactoren die plaats kunnen vinden door de werkzaamheden zijn verstoring door geluid, verstoring door trillingen, verstoring door licht (indien 's nachts gewerkt wordt), optische verstoringen en verzuring/vermesting door stikstofdepositie. De werkzaamheden zijn beperkt van aard en worden op enige afstand uitgevoerd van het dichtstbijzijnde Natura 2000-gebieden. Om die reden zijn verstoringen door geluid, trillingen, licht en optische verstoringen niet van toepassing. Bij de aanleg van de padelbanen komt stikstof vrij doordat er met machines gewerkt gaat worden. De Natura 2000-gebieden liggen niet buiten de invloedsfeer van de werkzaamheden, waardoor er qua stikstofdepositie mogelijk negatieve effecten zullen zijn op stikstofgevoelige habitattypen binnen de Natura 2000-gebieden. Om die reden is door Stikstofberekenaar in december 2023 een onderzoek naar stikstofdepositie uitgevoerd. Dit onderzoek is als Bijlage 5 toegevoegd. Het dichtstbijzijnde Natura 2000-gebied met voor stikstof gevoelige habitattypen betreft 'Veluwe' op een afstand van 3 kilometer.
Verder weggelegen Natura 2000-gebieden met voor stikstof gevoelige habitattypen binnen een straal van 25 kilometer betreffen 'Rijntakken', 'De Bruuk', 'Sint jansberg', 'Landgoederen Brummen' en 'Binnenveld'. 24
"Padelbanen TV Schuytgraaf" (ontwerp)
Padelbanen TV Schuytgraaf
Uit de berekeningen uitgevoerd met AERIUS kan worden opgemaakt dat stikstofemissies ten gevolge van het project niet leiden tot een stikstofdepositie in Natura 2000-gebieden groter dan 0,00 mol/ha/jaar. Stikstofdepositie vormt dus geen belemmering voor de uitvoering van het initiatief. Gelders Natuurnetwerk en Groene Ontwikkelingszone De locatie ligt buiten de zones van het Gelders Natuurnetwerk (GNN) en de Gelderse Groene Ontwikkelingszone (GO). De kernkwaliteiten worden met de ontwikkeling niet aangetast. Soortenbescherming De padelbanen op de locatie worden aangelegd op een bestaande tennisbaan. Het realiseren van padelbanen op een bestaande tennisbaan leidt niet tot mogelijke aantasting van verblijfplaatsen van beschermde dier- en plantensoorten. Door het initiatief verdwijnen er geen bomen of groenstructuren. De reeds aanwezige dagelijkse activiteiten en aanwezige verlichting sluiten de aanwezigheid van nest- en verblijfplaatsen van verstoringsgevoelige soorten in de omgeving van het besluitgebied uit. 4.9.3
Conclusie
Het aspect ecologie vormt geen belemmering voor de uitvoerbaarheid van het initiatief.
4.10
Verkeer en parkeren
4.10.1 Algemeen Bij ruimtelijke plannen moet worden aangetoond dat de ontwikkeling geen negatieve gevolgen heeft voor de verkeer- en parkeersituatie ter plaatse. 4.10.2 Toetsing Verkeer Autoverkeer Voor wat betreft het te verwachten aantal verkeersbewegingen van de padelbanen is uitgegaan van de kengetallen van CROW2. Padelbanen zijn niet gecategoriseerd in de publicatie van CROW, maar een 'tennishal' wel. Uitgaande van de verstedelijkingsgraad 'sterk stedelijk' en het gebiedstype 'rest bebouwde kom' is het aantal verkeersbewegingen per 100 m2 bvo gemiddeld 3,5 per dag. Aangezien sprake is van buitenbanen en geen banen in een tennishal, wordt het aantal m2 van de ruimte ten behoeve van de padelbanen gelijk gesteld aan het aantal m2 bvo. Daarnaast wordt het aantal verkeersbewegingen met een factor 2 verhoogd, omdat padelbanen kleiner zijn en er twee padelbanen passen op de ruimte van één tennisbaan. Het aantal verkeersbewegingen per 100 m2 bedraagt daarmee gemiddeld 7 per dag. Het besluitgebied heeft een oppervlakte van 700 m2. De padelbanen zorgen daarmee voor (7 x 7 =) 49 verkeersbewegingen gemiddeld per dag. Per saldo verdwijnt op het tenniscomplex één tennisbaan. Deze tennisbaan zorgt ook voor een verkeersgeneratie. Op basis van de voorgaande uitgangspunten heeft de tennisbaan een verkeersgeneratie van (7 x 3,5 =) 24,5 verkeersbewegingen gemiddeld per dag.
Per saldo zorgen de nieuwe padelbanen voor een toename aan verkeersgeneratie van (49 - 24,5 =) 24,5 verkeersbewegingen gemiddeld per dag. De realisatie van de padelbanen zal niet leiden tot een substantiële toename van het aantal verkeersbewegingen in de omgeving van de locatie. De ontsluitingsweg Marasingel heeft voldoende capaciteit om het aantal verkeersbewegingen te kunnen verwerken. Fietsverkeer Rondom het sportpark is een vrijliggend fietspad aanwezig. Deze verbindt de Marasingel met de Grote Molenstraat. Het sportpark Schuytgraaf is daarom vanuit de wijk, maar ook Elst, goed en veilig bereikbaar voor de fiets. Wandelverkeer Vanaf de Marasingel is een voetpad tot aan het sportpark aanwezig. Het sportpark Schuytgraaf is daarom vanuit de wijk goed en veilig te voet bereikbaar. "Padelbanen TV Schuytgraaf" (ontwerp)
25
Padelbanen TV Schuytgraaf
Openbaar vervoer Het dichtstbijzijnde openbaar vervoerspunt bevindt zich aan de Marasingel (bushalte Herfsttooi). Vanaf hier kan gebruik gemaakt worden van buslijn 5. Vanaf hier vertrekt en komt elk half uur een bus die het sportpark verbindt met station Arnhem Centraal (19 min) en Arnhem Zuid (5 min). Parkeren Autoparkeren Het aantal benodigde parkeerplaatsen wordt bepaald door de aard en omvang van de activiteit waarin het plan voorziet. Om de parkeerbehoefte te bepalen, is gebruik gemaakt van de normen uit de Beleidsregels parkeren Arnhem 2022. Bij de berekening van de parkeerbehoefte is gekeken naar de toekomstige behoefte van het sportpark Schuytgraaf in zijn totaal. De gebruikers van de padelbanen zullen gebruik maken van de gezamenlijke parkeervoorziening van het sportpark. Op het sportpark worden diverse sporten uitgeoefend. Het sportpark biedt in de toekomstige situatie ruimte aan: 3 voetbalvelden; 1 skeelerbaan; 7 tennisbanen; 6 padelbanen. Op basis van de gemeentelijke parkeernormen is de parkeerbehoefte in de toekomstige situatie als volgt. Functie
aantal
Voetbalvelden Skeelerbaan Tennisbanen Padelbanen Totaal
26.000 m2 7.200 m2 7 banen 6 banen
Categorie o.b.v. Norm gemeentelijke parkeernormen Sportveld 0,2 per 100 m2 Sportveld 0,2 per 100 m2 Tennisbaan 2,5 per baan Tennisbaan 2,5 per baan
Totaal 52 14,4 17,5 15 98,9
De parkeercapaciteit van de parkeervoorziening van sportpark Schuytgraaf bedraagt 173 parkeerplaatsen. De parkeervoorziening is daarmee voldoende groot om te voorzien in de toekomstige parkeerbehoefte. Fietsparkeren Op het sportpark is een voorziening voor fietsparkeren beschikbaar. Deze voorziening beschikt over voldoende (uitbreidings)ruimte voor het parkeren van fietsen op het sportpark. 4.10.3 Conclusie De aspecten verkeer en parkeren vormen geen belemmering voor de uitvoerbaarheid van het initiatief.
4.11
Economische en maatschappelijke uitvoerbaarheid
4.11.1 Algemeen Conform artikel 3.1.6 van het Bro dient bij het opstellen van een bestemmingsplan dan wel ruimtelijke onderbouwing onderzoek te worden ingesteld naar de uitvoerbaarheid van het plan. Bij de uitvoering van een project kan in zijn algemeenheid onderscheid worden gemaakt tussen de economische uitvoerbaarheid en de maatschappelijke uitvoerbaarheid. Bij het eerste gaat het om de kosten en andere economische aspecten die met de verwezenlijking van het plan samenhangen. Tevens is in de Wet ruimtelijke ordening (Wro) geregeld dat in het kader van een bestemmingsplan of een omgevingsvergunning voor bepaalde bouwplannen de grondexploitatieregeling van toepassing is. Bij het tweede gaat het er om hoe de verwezenlijking door de 26
"Padelbanen TV Schuytgraaf" (ontwerp)
Padelbanen TV Schuytgraaf
maatschappij (overheid en burgers samen) wordt gedragen. 4.11.2 Economische uitvoerbaarheid De aanleg van de padelbanen en de bijbehorende plankosten worden gefinancierd door de gemeente. Hiervoor is door de gemeenteraad budget beschikbaar gesteld. De kosten worden verrekend in de huursom voor het gebruik van de tennis-/padelbanen. Hiermee is de investering voor de gemeente kostenneutraal. Eventuele planschadekosten worden vergoed uit de algemene middelen. In artikel 6.12, lid 1 en 2 van de Wro is bepaald dat de gemeente bij een besluit tot vaststelling van een ruimtelijk plan een exploitatieplan vaststelt voor gronden waarop een bouwplan is voorgenomen als bedoeld in artikel 6.2.1. Bro. Onderhavig bouwplan valt niet onder de opsomming van artikel 6.2.1 Bro. Om die reden hoeft er geen exploitatieplan te worden vastgesteld. 4.11.3 Maatschappelijke uitvoerbaarheid Gezien de ligging van het besluitgebied en er sprake is van een kleinschalig initiatief heeft er geen vorm van participatie plaatsgevonden.
"Padelbanen TV Schuytgraaf" (ontwerp)
27
Padelbanen TV Schuytgraaf
28
"Padelbanen TV Schuytgraaf" (ontwerp)
Padelbanen TV Schuytgraaf
Hoofdstuk 5
Conclusie
In voorgaande hoofdstukken is de beoogde realisatie van padelbanen op een bestaand sportpark in de wijk Schuytgraaf besproken. In voorliggende ruimtelijke onderbouwing is een toets naar relevante beleids-, milieu- en omgevingsaspecten uitgevoerd. In dit hoofdstuk worden hier de voornaamste conclusies uitgetrokken. De gemeente beschikt over onvoldoende banen om te kunnen voorzien in de behoefte. Door de aanleg van de banen wordt voorzien in een vraag en worden de inwoners van Arnhem gestimuleerd om te bewegen. Met het initiatief wordt tevens een impuls gegeven aan het sportvoorzieningenniveau en het verenigingsleven in de Schuytgraaf. Doordat de padelbanen op een bestaand sportpark worden gerealiseerd, vindt er geen nieuw ruimtebeslag plaats en kan er gebruik worden gemaakt van reeds aanwezige faciliteiten. Verder blijkt uit de toetsing aan de verschillende milieu- en haalbaarheidsaspecten dat voldaan wordt aan de wet- en regelgeving voor wat betreft de diverse aspecten en er geen nadelige effecten op de bestaande situatie in en in de omgeving van het besluitgebied te verwachten zijn.
"Padelbanen TV Schuytgraaf" (ontwerp)
29
Padelbanen TV Schuytgraaf
Eindnoten
1. De NIBM-tool is een rekenprogramma voor luchtkwaliteit, dat gebaseerd is op de Standaardrekenmethode 1 (SRM1) uit de Regeling beoordeling luchtkwaliteit 2007. Dit rekenmodel is gepubliceerd op de website van Kenniscentrum InfoMil (www.infomil.nl) van het Ministerie van Infrastructuur en Waterstaat. 2. CROW, december 2018, Toekomstbestendig parkeren, publicatie 381
30
"Padelbanen TV Schuytgraaf" (ontwerp)
LEGENDA BESLUITGEBIED Besluitgebied
VERKLARING 9100
1134
0
35 33
ondergrond
56-AF-3617
56-AF-3618
249
ruimtelijke onderbouwing Padelbanen Marasingel 249
schaal : 1 : 250 formaat : A3 projectnummer : 3985.01 bladnummer : 1 aantal bladen : 1 Identificatiecode : NL.IMRO.
datum : 18-12-2023 datum ondergrond : november 2023 voorontwerp : ontwerp : vaststelling : -
N
gemeente
Arnhem
TV Schuytgraaf, Arnhem Akoestisch onderzoek
Status Versie Rapport Datum
definitief 002 M.2024.0013.00.R001 10 april 2024
TV Schuytgraaf, Arnhem
Colofon Opdrachtgever
Gemeente Arnhem Eusebiusbuitensingel 53 6828 HZ Arnhem
Contactpersoon opdrachtgever
..........
Project Betreft Uw kenmerk
Padelbanen TV Schuytgraaf Arnhem Akoestisch onderzoek -
Rapport Datum Versie Status
M.2024.0013.00.R001 10 april 2024 002 definitief
Uitgevoerd door
DGMR Industrie, Verkeer en Milieu B.V. Weerdjesstraat 70 6811 JE Arnhem Postbus 153 6800 AD Arnhem
Contactpersoon
..................
Auteur
......................
Projectadviseur
.......................
2e lezer/secr.
..............
k:\doc\m\2024\0013\m2024001300r001v2.docx 10-04-2024
2
TV Schuytgraaf, Arnhem
Inhoud 1. Inleiding
4
2. Situatie
5
3. Rekenmodel
7
4. Toetsingskader 4.1 Activiteitenbesluit milieubeheer 4.2 Geluidbeleid gemeente Arnhem 4.3 Impulstoeslag (+5 dB)
10 10 10 11
5. Activiteiten 5.1 Representatieve bedrijfssituatie
12 12
6. Resultaten 6.1 Langtijdgemiddeld beoordelingsniveau (LAr,LT) 6.2 Maximaal geluidniveau (LAmax)
13 13 14
7. Conclusie
15
k:\doc\m\2024\0013\m2024001300r001v2.docx 10-04-2024
Bijlagen Bijlage 1 Bijlage 2 Bijlage 3