CConstaterende datArnhem
Koppel je AI →
Document · PDF

Raadsvoorstel "Vestigen Wet voorkeursrecht gemeenten Rijnpark"

Politieke Avond 1 maart 2023, gemeente ArnhemBij agendapunt: 20.30 uur - 22.00 uur: Vestigen Wet voorkeursrecht gemeenten Rijnpark3.571 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Aan de gemeenteraad Zaaknummer

Onderwerp:

8369

Vestigen Wet voorkeursrecht gemeenten Rijnpark

a Kernboodschap De Spoorzone Arnhem-Oost heeft de potentie uit te groeien tot dé woon- werklocatie van Arnhem waar onder andere creatieve en innovatieve vormen van ondernemerschap en hoogwaardig en betaalbaar wonen elkaar vinden. Niet voor niets heeft het Rijk toegezegd mee te financieren op grote investeringen die hiervoor nodig zijn. Op dit moment bevindt zich daar het bedrijventerrein Rijnpark. De bouw van met name de woningen is urgent in het kader van de wooncrisis die ook Arnhem raakt. De gemeente wil daarom grip krijgen op deze grootschalige transformatie door toepassing van de Wvg. Hierbij wordt ook expliciet de samenwerking gezocht met eigenaren die de potentie en een belang van samenhangende aanpak ook zien. Door het vestigen van een voorkeursrecht worden ongewenste verkopen en grondspeculatie tegengegaan en houden we het tempo van de uitvoering in de hand. Er worden een aantal contactmomenten en -manieren opgezet zodat de belanghebbenden alle vragen kunnen stellen die ze hebben over de transformatie en de Wvg. Het gebied heeft na de transformatie minimaal 2.400 woningen, voldoende wijkvoorzieningen, passende bedrijvigheid en een aantrekkelijke, groene en veilige leefomgeving. Ook de brug tussen het Rijnpark en Malburgen kent, als uiteindelijk de totale gebiedsfinanciering is geregeld, door deze nieuwe inrichting een plek in de verdere gebiedsontwikkeling.

Voorstel 1. De percelen op de bij het besluit behorende lijst en tekening aan te wijzen als gronden waarop de Wet voorkeursrecht gemeenten (hierna te noemen: Wvg) van toepassing is op basis van artikel 2 en 5 van de Wvg. 2. De uitvoering van dit besluit (waaronder het informeren van rechthebbenden) op te dragen aan het college van burgemeester en wethouders, met inachtneming van de voorschriften van de Wvg. Inleiding Om de groei van de Arnhemse bevolking en verandering van huishoudens en Arnhemmers die een woning zoeken te kunnen opvangen wil de gemeente tot 2040 zo’n 16.000 veelal betaalbare (66%) woningen bouwen binnen de bebouwde omgeving zoals met Rijk en regio in 2020 is afgesproken in de Woondeal. Ruim de helft hiervan is voorzien in Spoorzone Arnhem-Oost: dit gebied heeft in potentie veel ruimte voor nieuwbouw van woningen, bedrijvigheid, verbeterde mobiliteit en meer groen.

De bouw van deze woningen is urgent in het kader van de wooncrisis die ook Arnhem raakt. De aanpak in de Spoorzone Arnhem-Oost draagt tevens bij aan de verbetering van de sociale leefomgeving door onder andere realisatie van fysieke verbindingen zoals grootschalig groen tussen bestaande en nieuwe wijken in Arnhem Oost. Het vertrekpunt is dan ook dat het bouwen van meer woningen altijd onderdeel is van een duurzame leefomgeving met investeringen in groen, werk, mobiliteit en voorzieningen. Daarmee dragen we bij aan een leefbare en bereikbare stad met gevarieerde wijken waar het goed wonen, werken en leven is. Het Rijnpark, globaal gelegen tussen de Broekstraat, de Westervoortsedijk, Van Oldenbarneveldtstraat en de Doctor C. Lelyweg heeft de potentie uit te groeien tot een hoogstedelijke woon-werklocatie waar een significant deel van de verstedelijkingsopgave een plek kan krijgen. Op het Bestuurlijk Overleg Meerjarenprogramma Infrastructuur, Ruimte en Transport (BO-MIRT) november 2022 hebben regio en Rijk met elkaar afgesproken het NOVEX-gebied Spoorzone Arnhem-Oost te ontwikkelen (zie raadsbrief 14 november). Dit is een belangrijke eerste stap als antwoord op de urgentie om meer (betaalbare) woningen te bouwen. De nadruk ligt bij deze afspraken op de urgente opgave tot en met 2030.

Daarom is versnelling van de woningbouwontwikkeling noodzakelijk en hebben we afspraken gemaakt over het gezamenlijk opzetten van een ruimtelijke-, financiële- en ontwikkelstrategie. Het gebied bestaat uit heel diverse bedrijvigheid. Van bedrijfsverzamelgebouwen tot kantoren, industrie en opslag. Het gebied is nu al in beweging en we zien dat enkele bedrijven hun bedrijfsvoering aan het beëindigen zijn of toekomstperspectieven aan het ontwikkelen zijn omtrent hun bedrijfsvoering. Daarnaast nemen projectontwikkelaars positie in mede omdat zij willen inspelen op de ontwikkelingen zoals geschetst in de Omgevingsvisie en de Verstedelijkingsstrategie. Om te komen tot de beoogde ontwikkeling van dit nieuwe stadsdeel is het van belang dat we als gemeente kunnen sturen op programma, fasering, tempo, ruimtelijke indeling en aansluiting op de naastgelegen wijk het Arnhemse Broek. Om dit te kunnen realiseren is het voorstel op dit deel van Rijnpark voorkeursrecht te vestigen. Daarmee voorkomen we grondspeculatie en prijsopdrijvingen en kunnen we regie houden op samenhang en tempo van uitvoering. Deze actieve strategie past, gezien de urgentie van de opgave, het beste binnen ons gemeentelijk instrumentarium (Toolbox grondbeleid).

Met ander instrumentarium, zoals bijvoorbeeld via een exploitatieplan samen met een bestemmingsplan, kunnen kosten en opbrengsten worden verdeeld en kan bepaald worden welk programma en welke functies op welke plek komen. Daarmee wordt echter geen speculatie voorkomen, kunnen de maatschappelijke kosten als gevolg van die speculatie oplopen en is er bovendien geen grip op tempo. Bij inzet van enkel het instrument bestemmingsplan kan geen plicht tot uitvoering worden opgelegd terwijl de opgave en samenhang binnen het gebied, zeker in het licht van de wooncrisis, daar wel om vraagt. In het vervolgproces wordt expliciet de samenwerking gezocht met eigenaren die de potentie en een belang van samenhangende aanpak ook zien. Het vestigen van voorkeursrecht is geen lichtzinnige keuze en vraagt om een zorgvuldige belangenafweging. Het kan grote impact op betrokkenen hebben en communicatie is daarom een belangrijk onderdeel bij elke stap bij de verdere uitvoering van het voorkeursrecht. Vanaf de eerste (juridische) brief en persoonlijk contact tot aan de laatste paal in de grond.

Op 9 januari 2023 heeft het college besloten tot voorlopige vestiging van een voorkeursrecht ten behoeve van de gebiedsontwikkeling, voor de duur van drie maanden. Aan uw raad wordt gevraagd om het voorkeursrecht te bekrachtigen. Beoogd effect Realiseren van een aantrekkelijk woon-werkgebied waar minimaal 2.400 woningen een plek vinden in een aangename, groene en veilige leefomgeving in combinatie met passende vormen van werkgelegenheid. Door toepassing van de Wvg kan de gemeente haar regierol steviger vervullen bij de realisatie van de gewenste gebiedsontwikkeling en worden ongewenste verkopen en grondspeculatie tegengegaan. Argumenten 1.1 In de Omgevingsvisie is het gebied Rijnpark aangemerkt als transformatiegebied. Op 1 november 2022 heeft het college besloten om de ontwerp Omgevingsvisie “Arnhem 2040” vrij te geven voor zienswijzen. Een onderdeel van deze omgevingsvisie is dat Rijnpark wordt aangemerkt als transformatiegebied. Verder hebben wij in het Ontwikkelperspectief ‘Spoorzone Arnhem-Oost, fase 1’ de ambitie neergezet om van Rijnpark een gebied met een innovatieve mix van (intensief) wonen en werken te maken. Aan de gronden in Rijnpark is een niet-agrarische bestemming toegedacht en het huidig gebruik wijkt af van de toegedachte bestemming. De voorgenomen bestemming is een intensief bebouwd woonen werkgebied en wijkt zodoende af van het huidig gebruik.

1.2 Hiermee wordt de voorlopige aanwijzing door de gemeenteraad bekrachtigd. Het voorlopig voorkeursrecht geeft de gemeente de mogelijkheid om vooruitlopend op een besluit van uw raad reeds gronden aan te wijzen waarop een gemeentelijk voorkeursrecht rust. Het besluit van het college op basis van artikel 6 Wvg heeft (ingevolge artikel 6 lid 1 Wvg) een geldingsduur van drie maanden. Na deze drie maanden vervalt het voorkeursrecht van rechtswege. Om het voorkeursrecht te behouden moet uw raad binnen deze termijn besluiten het voorkeursrecht van toepassing te verklaren op grond van artikel 2 en 5 Wvg. Bij bestendiging door de raad, geldt het voorkeursrecht in beginsel voor de duur van drie jaar. Als er binnen deze drie jaar een bestemmingsplan (of onder de Omgevingswet: omgevingsplan) wordt vastgesteld door uw raad, zal het voorkeursrecht daarmee van rechtswege met tien jaar (of onder de Omgevingswet: 2 x 5 jaar) worden verlengd na inwerkingtreding van het bestemmings-/omgevingsplan. Gebeurt dit niet, dan vervalt het voorkeursrecht van rechtswege en is het niet mogelijk om binnen een termijn van twee jaar opnieuw een (voorlopig) voorkeursrecht te vestigen. 1.3 Gedurende het ontwikkelproces is de Wvg een beschermingsmechanisme.

Gezien de urgentie om te komen tot minimaal 66% betaalbare woningen in zijn algemeenheid en voor dit gebied in het bijzonder is een stevige regierol noodzakelijk. Door de vestiging van het voorkeursrecht wordt grondspeculatie en prijsopdrijving van tegen elkaar opbiedende marktpartijen

voorkomen en krijgt de gemeente meer regie op de samenhang van de ontwikkeling en tempo van uitvoering. Het voorkomen van prijsopdrijving is van belang om ook de financieel minder rendabele functies in de gebiedsontwikkeling op een kwalitatieve manier goed in te passen. 1.4 Er wordt voldaan aan de wettelijke vereisten voor de vestiging van een voorkeursrecht De gemeente is bevoegd gronden aan te wijzen waarop artikel 3 tweede en derde lid Wvg en de artikelen 10 tot en met 15, 24 en 26 Wvg van toepassing worden verklaard. Er moet wel worden voldaan aan twee criteria: a. aan de gronden moet een niet-agrarische bestemming worden toegedacht of gegeven en b. het gebruik van de gronden moet afwijken van de toegedachte bestemming. Het door de gemeente beoogde gebruik, te weten een mix van intensiever wonen en werken en samenhang met elkaar, wijkt af van de huidige bestemming van het gebied waar het voorkeursrecht is gevestigd. 1.5 Er heeft een belangenafweging plaatsgevonden Het vestigen van voorkeursrecht vraagt om een zorgvuldige belangenafweging. Het kan immers grote impact op betrokkenen hebben. Het deel van Rijnpark heeft de potentie uit te groeien tot dé woon- werklocatie van Arnhem waar onder andere creatieve en innovatieve vormen van ondernemerschap en hoogwaardig en betaalbaar wonen elkaar vinden.

Niet voor niets heeft het Rijk toegezegd mee te financieren op grote investeringen die hiervoor nodig zijn. De bouw van met name meer en betaalbare woningen is urgent in het kader van de wooncrisis die ook Arnhem raakt. De gemeente krijgt met toepassing van het voorkeursrecht betere mogelijkheden om te komen tot een optimale inrichting van het gebied, hetgeen een zwaarwegend algemeen belang is. Naast dit zwaarwegende belang van de gemeente staan de belangen van de eigenaren en beperkt zakelijk gerechtigden van de percelen in de locatie. Als eigenaren van gronden deze willen verkopen zijn zij verplicht om deze gronden aan te bieden aan de gemeente. Door te kiezen voor een actieve grondstrategie op Rijnpark ontstaat een gelijk speelveld tussen de verschillende eigenaren. Hiermee ontstaat een eerlijke verdeling van kosten en opbrengsten binnen de ontwikkeling voor zowel het woon- werkprogramma, als maatschappelijke voorzieningen, openbare infrastructuur en groen. Speculatie wordt hiermee voorkomen en er wordt meer grip verkregen op samenhang waardoor uiteindelijk ook grip op tempo van realisatie kan ontstaan. Hierbij kan ook expliciet de samenwerking gezocht met (huidige) eigenaren die de potentie en een belang van samenhangende aanpak ook zien en tot zelfrealisatie willen overgaan.

De Wvg heeft mede tot gevolg dat de gemeente van sommige percelen eigenaar kan worden in het geval dat deze worden aangeboden en de gemeente tot koopt overgaat. In geval er huurders in zitten, blijven hun rechten gewaarborgd (koop breekt geen huur). In die gevallen krijgt de gemeente naast een publieke taak - ook een verhuurdersverantwoordelijkheid. De gemeente heeft dan meer mogelijkheden om rekening te houden met de belangen van de bestaande zakelijke huurders in het gebied en zal zich als goed verhuurder ook bekommeren om de belangen van deze partijen.

Wij zijn van mening dat de belangen van de eigenaren en zakelijk gerechtigden minder zwaar wegen dan het algemeen belang dat de gemeente dient. Uit jurisprudentie blijkt dat de gemeenteraad het financiële belang van de eigenaren en beperkt zakelijk gerechtigden niet hoeft te wegen in haar besluitvorming, dit is al door de wetgever gedaan met het vaststellen van de Wvg. De wetgever heeft namelijk in de Wvg een aantal beperkingen en bepalingen opgenomen ter bescherming van de eigenaren en zakelijk gerechtigden. Als bescherming van de eigenaren en beperkt zakelijk gerechtigden geldt dat eigenaren en beperkt zakelijk gerechtigden niet verplicht zijn om hun gronden te koop aan te bieden en bevat de Wvg een groot aantal waarborgen ter bescherming van de belangen van de eigenaren en zakelijk gerechtigden, waaronder prijsvaststelling via de rechtbank en mogelijke schadevergoeding in bepaalde gevallen. Er zouden verschillende beelden kunnen zijn ontstaan over de prijsvaststelling en hoe die tot stand komt. Over de prijsvaststelling kan het volgende worden gezegd: de prijsvaststelling zal marktconform plaatsvinden. Er wordt een bod gedaan alsof het voorkeursrecht niet bestaat en de panden/gronden als bedrijfsterrein verkocht zouden worden. Die marktconforme prijs wordt op basis van een onafhankelijke taxatie bepaald.

Een eigenaar kan aangeven het niet eens te zijn met de geboden prijs op basis van de marktwaarde. Dan kan de gemeente de rechter verzoeken een prijs te bepalen. Een soort second opinion. De prijs die dan bepaald wordt is de prijs die de gemeente moet betalen. De gemeente kan vervolgens niet afzien van de koop. De verkoper/eigenaar kan dan nog wel afzien van de verkoop, maar is dan niet vrij om aan een ander te verkopen. Het staat hem te allen tijde vrij om wel zelf te ontwikkelen, binnen de voorwaarden die de gemeente daarvoor stelt (bestemmingsplan/exploitatieplan etc.). De reden dat we dit zo expliciet opschrijven is omdat we het belangrijk vinden dat uw raad over de juiste informatie beschikt en zodat u dit kunt betrekken bij uw raadsbesluit. 1.6 Voorafgaand aan uw besluit is aan de eigenaren en rechthebbenden gelegenheid geboden om zienswijzen in te dienen naar aanleiding van het ontwerpraadsvoorstel en -besluit. Op basis van het collegebesluit waarin het voorkeursrecht reeds voorlopig is gevestigd (9 januari 2023), zijn alle relevante en openbare stukken ter inzage gelegd en zijn de eigenaren en beperkt zakelijk gerechtigden over het voorkeursrecht geïnformeerd.

Tegelijkertijd zijn de eigenaren en beperkt zakelijk gerechtigden geïnformeerd over de mogelijkheid om hun zienswijze te geven op het concept raadsvoorstel en te worden gehoord, alvorens het raadsbesluit wordt genomen. Daarnaast zijn de huurders/gebruikers van de panden via een huis aan huis brief op de hoogte gesteld. In deze brieven zijn een e-mailadres en telefoonnummer opgenomen voor het stellen van vragen en het indienen van verzoeken tot persoonlijk contact. Naar aanleiding van de terinzagelegging zijn er twee zienswijzen ingediend, waarvan één niet ontvankelijk. In de bijgevoegde zienswijzennota wordt op beide zienswijzen een inhoudelijke reactie gegeven. De zienswijzen hebben geen aanleiding gegeven tot aanpassing van dit raadsvoorstel. Er is één bezwaarschrift ingediend tegen het besluit van het college voor voorlopige aanwijzing. De bezwaarschriftenperiode loopt tot en met 20 februari. Behandeling van ingediende bezwaarschriften zal plaatsvinden na besluitvorming over definitieve aanwijzing van het voorkeursrecht.

Kanttekeningen en risico's 1.1 Het besluit heeft gevolgen voor eigenaren/beperkt zakelijk gerechtigden Het voorkeursrecht verplicht de betrokken eigenaren/beperkt zakelijk gerechtigden om bij een voorgenomen verkoop de betreffende percelen eerst aan de gemeente aan te bieden. De notaris mag niet meewerken aan een transactie als een voorkeursrecht van toepassing is. De verkoper kan zijn perceel niet vrij verkopen aan een derde. Niet zozeer het voorkeursrecht maar de ontwikkeling en de wetenschap van mogelijke transformatie heeft invloed op eigenaren en huurders. Het voorkeursrecht op zichzelf heeft echter in juridische zin geen gevolgen voor het gebruik van de gronden. Pas als de eigenaar wil verkopen, zal hij zijn eigendom eerst aan de gemeente moeten aanbieden. Er gelden een aantal uitzonderingssituaties op de aanbiedingsplicht. Te denken valt aan verkoop aan kinderen of uitvoering van een uiterste wilsbeschikking. Deze zijn in artikel 10 Wvg opgenomen. 1.2

Het voorkeursrecht biedt geen garantie Het voorkeursrecht geeft niet de garantie dat de gemeente ook eigenaar wordt van de gronden. De eigenaren kunnen immers niet worden verplicht tot het verkopen aan de gemeente. Het gaat enkel om de verplichting dat de gronden eerst aan de gemeente worden aangeboden voordat deze aan derden kunnen worden verkocht. Als een eigenaar niet tot verkoop over wenst te gaan, en het blijkt dat uitvoering van de verstedelijkingsopgave dit vereist, dan zullen andere publiekrechtelijke middelen moeten worden ingezet om de gronden te verkrijgen. Dit is mogelijk door onteigening. Voorliggend besluit gaat uitsluitend over het voorkeursrecht en staat los van eventuele verdere procedures. Dit vraagt in alle gevallen aparte besluiten van de gemeenteraad.

1.3

Het plafond strategische aankopen kan worden bereikt met dit besluit Door uw raad zijn kaders vastgesteld ten aanzien van strategische aankopen, zoals aankopen die onder het voorkeursrecht vallen. Dit kader bevat een plafond van € 25 miljoen per jaar in totaal voor strategische aankopen en een maximale boekwaarde van € 50 miljoen voor de totale strategische voorraad vastgoed. Met het vestigen van het voorkeursrecht ontstaat het risico dat de grenzen van dit plafond of de maximale boekwaarde worden bereikt. In dat geval kan een mogelijke aankoop aan de gemeenteraad worden voorgelegd. Momenteel wordt onderzocht of de plafonds opgehoogd zouden moeten worden om sneller te kunnen handelen. Indien dat noodzakelijk blijkt te zijn, zal - via het college - de raad worden voorgesteld om de plafonds van aankopen en boekwaarde te verhogen.

1.4

Een aankoop in het kader van de Wvg drukt niet op de exploitatiebegroting van de gemeente, maar brengt wel risico’s met zich mee Een aankoop in het kader van de Wvg drukt niet op de (exploitatie)begroting van de gemeente. De aankoop moet wel gefinancierd worden en daarnaast loopt de gemeente als eigenaar ook een financieel risico (eventuele waardevermindering en tekorten op beheer van het vastgoed). Deze risico’s zijn omschreven in de nota grondbeleid en worden meegenomen in het risicoprofiel van het

grondbedrijf. Ter dekking van eventuele tekorten op het beheer is een budget beschikbaar en dient ook de bestemmingsreserve strategische posities. Participatie Participatie voorafgaand aan het inzetten van het instrument Wvg is niet mogelijk omdat dit de essentie van het instrument Wvg zou ondergraven, immers dan kan nog snel vooruitlopend op het voorkeursrecht speculatief worden verkocht. Na het collegebesluit voor het voorlopig vestigen van Wvg zijn de betrokken partijen als volgt geïnformeerd: - De direct betrokkenen (eigenaren en beperkt zakelijk gerechtigden) zijn telefonisch geïnformeerd over het collegebesluit op 10 januari 2023. - Direct betrokkenen hebben een aangetekende brief ontvangen waarin het besluit wordt medegedeeld en hoe het vervolg van het besluitvormingsproces verloopt. Bij deze brief is een uitgebreide technische toelichting gevoegd en de brief is voorzien van vraag en antwoord (Q&A). De brief bevatte een uitnodiging voor een informatiebijeenkomst op 17 januari 2023. - Huurders en gebruikers hebben tevens op 10 januari 2023 een brief ontvangen waarin ook zij worden geïnformeerd en uitgenodigd voor de informatiebijeenkomst. - We hebben op de website van de gemeente een projectpagina 'Rijnpark' ingericht en een e-mailadres en telefoonnummer beschikbaar gesteld voor vragen.

Na het definitief bekrachtigen van de Wvg op het gebied zal een traject starten waarbij er gewerkt wordt naar een ruimtelijk plan voor het gebied. Bij dit traject worden de betreffende perceeleigenaren, huurders en belangenverenigingen betrokken. Financiën Er zijn geen directe financiële gevolgen voor de gemeente als gevolg van het besluit tot het voorlopig aanwijzen in het kader van de Wvg c.q. vestiging van het voorkeursrecht op zich. Aan dit besluit zijn enkel kosten verbonden voor de voorbereiding van het besluit, publicatie en de voorbereiding van het raadsvoorstel ter bestendiging van de aanwijzing. Indien wordt besloten tot aankoop door de gemeente dan zal deze worden verantwoord als “strategische aankoop” conform de nota grondbeleid. Op basis van het door de gemeente Arnhem vastgestelde en gehanteerde situationeel grondbeleid voor strategische aankoop, past de keuze om de Wvg in te zetten als instrument. Zie hiervoor ook punt 1.4 onder ‘Kanttekeningen en risico’s’. Uitvoering Met het voorliggende besluit wordt het voorkeursrecht in beginsel gevestigd voor de duur van drie jaren.

Als de gemeenteraad op 29 maart 2023 positief besluit, ziet de planning er als volgt uit: • Na vestiging volgt publicatie op 30 maart 2023, waarna het voorkeursrecht op 31 maart 2023 in werking treedt (daags na publicatie in het Gemeenteblad); • Na de publicatie informeren we de eigenaren en beperkt zakelijk gerechtigden per aangetekende brief; • Er wordt tevens een “ huis aan huis” brief bezorgd, bedoeld voor de huurders in het gebied

•

• •

Het voorkeursrecht wordt ingeschreven conform de regels van de Wet kenbaarheid publiekrechtelijke beperkingen (Wkpb), waardoor het ook op een kadastraal uittreksel zichtbaar wordt als publiekrechtelijke beperking; Bezwaarschriftenperiode gedurende 6 weken (start op 30 maart 2023 en loopt tot en met 10 mei 2023); 3e kwartaal 2023 beoogde raadsbehandeling naar aanleiding van eventueel ingediende bezwaren tegen de vestiging van het voorkeursrecht.

Communicatie Het besluit wordt gepubliceerd in het Gemeenteblad. De betrokkenen (eigenaren en beperkt zakelijk gerechtigden) worden per (aangetekende) brief geïnformeerd over de definitieve aanwijzing en de gevolgen hiervan. Zij worden tevens geïnformeerd over de mogelijkheid een bezwaar in te dienen. Ook huurders worden per “huis aan huis” brief geïnformeerd over het besluit en de impact die het voor hen heeft. Bijlagen o

o o

3 Grondplantekeningen behorende bij het raadsbesluit Wvg Rijnpark: − kaart behorend bij besluit Raad Wvg Rijnpark Deelgebied NOORD 1.1 − kaart behorend bij besluit Raad Wvg Rijnpark Deelgebied NOORD 1.2 − kaart behorend bij besluit Raad Wvg Rijnpark Deelgebied ZUID Lijst met onroerende zaken waarop Wvg Rijnpark van toepassing is Zienswijzennota

Besluit van

29 maart 2023

Zaaknummer

8369

DE RAAD VAN DE GEMEENTE ARNHEM; gelezen het voorstel van burgemeester en wethouders van 14 februari 2023, nummer: 8369; gelet op artikel 2 en 5 van de Wet voorkeursrecht gemeenten (Wvg) en de overige van toepassing zijnde bepalingen uit de Wvg en de Algemene wet bestuursrecht (Awb) besluit: 1. De percelen op de bij het besluit behorende lijst en tekening aan te wijzen als gronden waarop de Wet voorkeursrecht gemeenten (hierna te noemen: Wvg) van toepassing is op basis van artikel 2 en 5 van de Wvg. 2. De uitvoering van dit besluit (waaronder het informeren van rechthebbenden) op te dragen aan het college van burgemeester en wethouders, met inachtneming van de voorschriften van de Wvg.

De griffier,

De voorzitter,

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Arnhem&id=44d4420a-7bf3-4210-bdb3-6d05ab8c1646