CConstaterende datArnhem
Koppel je AI →
Document · PDF

Raadsvoorstel "Besluit over verplichte participatie bij buitenplanse omgevingsplanactiviteiten als bedoeld in artikel 16.55 lid 7 Omgevingswet"

Politieke Avond 16 februari 2022, gemeente ArnhemBij agendapunt: Vaststellen: Besluit over verplichte participatie bij buitenplanse omgevingsplanactiviteiten als bedoeld in artikel 16.55 lid 7 Omgevingswet1.525 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Aan de gemeenteraad Zaaknummer

624323

Onderwerp:

Besluit over verplichte participatie bij buitenplanse omgevingsplanactiviteiten als bedoeld in artikel 16.55 lid 7 Omgevingswet

a Voorstel 1. Participatie op basis van artikel 16.55 lid 7 Omgevingswet verplicht te stellen voor omgevingsplanactiviteiten die niet passen in het omgevingsplan. 2. Dit besluit in werking te laten treden op de dag na de bekendmaking en te bepalen dat het besluit wordt toegepast op aanvragen voor buitenplanse omgevingsplanactiviteiten die worden ingediend vanaf de dag van inwerkingtreding van de Wet van 23 maart 2016, houdende regels over het beschermen en benutten van de fysieke leefomgeving (Omgevingswet). Inleiding Als onderdeel van de invoering van de Omgevingswet stellen we uw raad voor de handreiking ‘Betrek de buurt bij uw bouwplan’ vast te stellen. Doel van deze handreiking is om mensen met bouwplannen te helpen hun participatie zo goed mogelijk te organiseren. In dit voorstel is als kanttekening opgenomen dat participatie bij vergunningverlening in principe een vrijwillig karakter heeft. De Omgevingswet biedt de gemeenteraad echter de mogelijkheid om participatie toch verplicht te stellen voor de ‘grotere’ ontwikkelingen die niet passen in het omgevingsplan 1. In het raadsvoorstel ‘Betrek de buurt bij uw bouwplan’ is daarom aangegeven dat we hiervoor met een apart voorstel komen.

Dit voorstel betekent concreet dat we een aanvraag voor een vergunning die niet past in het omgevingsplan pas in behandeling nemen als de initiatiefnemer kan aantonen dat er aan participatie is gedaan. Beoogd effect Zorgen dat een initiatiefnemer de omgeving betrekt voordat een vergunning wordt aangevraagd voor een activiteit die niet past in het omgevingsplan.

1 Onder de Omgevingswet worden vergunningen in afwijking van het omgevingsplan straks buitenplanse

omgevingsplanactiviteiten genoemd

Argumenten 1.1 Met dit besluit hebben we meer zekerheid dat bij de ontwikkelingen die niet passen in het omgevingsplan belangen tijdig op tafel komen Met dit voorstel is participatie straks (naast een toetsing aan de wettelijke regels en ons omgevingsbeleid) één van de afwegingen bij een buitenplanse omgevingsplanactiviteit. Dit betekent dat een aanvraag voor een omgevingsvergunning wordt getoetst op participatie. Bij deze toetsing staan de volgende vragen centraal: Wie zijn betrokken? Wat hebben participanten ingebracht? Wat is ermee gedaan? Als een initiatiefnemer straks geen antwoord heeft op deze vragen wordt de aanvraag niet in behandeling genomen. 1.2 Dit besluit onderstreept het belang dat we als gemeente hechten aan burgerparticipatie Als gemeente werken we voor onze inwoners en burgerparticipatie speelt daarin een belangrijke rol. Als gevolg van de motie 'Inzicht in het betrekken van omwonenden' uit 2019 is overleg met inwoners, ondernemers en maatschappelijke partners bij het maken van beleid en het uitvoeren van projecten steeds vanzelfsprekender.

Kanttekeningen en risico's 1.1 De participatieverplichting is een nieuw instrument en nog niet wettelijk beproefd Het is nog onduidelijk of het juridisch mogelijk is om participatie voor alle buitenplanse omgevingsplanactiviteiten verplicht te stellen. De VNG geeft aan dat bij een participatieplicht specifieke gevallen moeten worden genoemd (bijvoorbeeld bij een x-aantal woningen). Maar er zijn verschillende gemeenten die ook kiezen voor onze aanpak. Bovendien is het volgen van de aanpak zoals de VNG deze voorstelt niet zonder risico; het is immers lastig om vooraf te bepalen voor welke gevallen participatie meer of minder relevant is. Met onze lijn zorgen we voor duidelijkheid: past het initiatief niet binnen de kaders van het omgevingsplan, dan doe je aan participatie. We stellen dan ook voor om bij de evaluatie te bepalen of de ervaringen in het land vragen om een aanpassing van onze werkwijze. 1.2

Wat doen we met kleinere ontwikkelingen? De Omgevingswet biedt geen mogelijkheid om participatie verplicht te stellen bij vergunningsvrije initiatieven of ontwikkelingen die passen binnen de regels van het omgevingsplan. In die gevallen wijzen we de initiatiefnemer op het belang van participatie en brengen we de handreiking ‘Betrek de buurt bij uw bouwplan’ onder de aandacht. Bij de kleinere ontwikkelingen die we met een binnenplanse omgevingsplanactiviteit (voorheen binnenplanse afwijking) mogelijk maken, is participatie onderdeel van de algemene belangenafweging. Participatie is dus niet formeel verplicht maar we vragen initiatiefnemers wel om in de voorbereiding aan te geven hoe omwonenden of andere betrokkenen hebben gereageerd op het plan. De inbreng van ‘de buurt’ is daarmee onderdeel van de integrale afweging die het college maakt om wel of geen medewerking te verlenen aan een initiatief.

1.3 Wat doen we als een initiatiefnemer de participatie niet goed organiseert?

Het opleggen van een verplichting betekent niet automatisch dat de initiatiefnemer een zorgvuldig participatietraject organiseert. We verwachten dat de handreiking mensen op weg helpt maar dit biedt geen garantie. Mocht een initiatiefnemer de participatie niet goed oppakken dan heeft de Omgevingswet straks nog een mogelijkheid om als college in te grijpen. Dit door de uitgebreide procedure van toepassing te verklaren. Dit betekent dat we mensen in de gelegenheid stellen om een zienswijze in te dienen op het plan zodat we als gemeente toch zicht krijgen op de verschillende belangen. Voor meer informatie over de uitgebreide procedure onder de Omgevingswet verwijzen wij naar de memo in bijlage 1. 1.4

Zorgt een verplichting niet voor heel veel werk bij initiatiefnemers? De verplichting betekent inderdaad dat de initiatiefnemer werk moet maken van participatie. Maar dit is ook wat we als gemeente willen. We verwachten hiermee namelijk dat plannen beter worden en processen soepeler verlopen. We hanteren hierbij wel als uitgangspunt dat de mate van participatie in verhouding moet staan met het effect dat een bouwplan heeft op de omgeving. De handreiking ‘Betrek de buurt bij uw bouwplan’ is hiervoor het hulpmiddel. Op die manier kan een initiatiefnemer (eventueel op weg geholpen door de gemeente) op zoek gaan naar een passend participatieproces dat in verhouding staat met het plan.

3.1

De datum van de inwerkingtreding is nog geen zekerheid De komst van de Omgevingswet is al een paar keer uitgesteld. De huidige datum van inwerkingtreding, 1 juli 2022, is ook nog geen zekerheid. Het is mogelijk dat de inwerkingtreding van de Omgevingswet weer wordt uitgesteld. Voor een verantwoorde inwerkingtreding is het belangrijk dat er een stabiele landelijke voorziening van het Digitaal Stelsel Omgevingswet (DSO-LV) is. Er is een kans dat dit niet gaat lukken op 1 juli 2022 waardoor de Omgevingswet weer moet worden uitgesteld.

Participatie Dit raadvoorstel ziet toe op het verder verankeren van burgerparticipatie in onze stad. Het voorstel sluit aan bij de motie 'Inzicht in het betrekken van omwonenden' uit 2019. Dit voorstel heeft mede gestalte gekregen door inzet van de ODRA, de raadswerkgroep Omgevingswet, de raadswerkgroep Aan de slag met Burgerparticipatie, de VNG , het programma Aan de slag met de Omgevingswet, Geonovum en de gemeenten Deventer en Eindhoven. Financiën De kosten voor de implementatie en evaluatie van dit besluit zijn onderdeel van het project “invoering omgevingswet” en bijbehorende kosten zijn gedekt vanuit het projectbudget voor de Omgevingswet. De initiatiefnemer is verantwoordelijk voor de uitvoering van de participatie. Als gemeente zijn we belast met het verder op weg helpen van initiatiefnemers en de toetsing of er voldoende aan participatie gedaan is. Vooralsnog verwachten we dat na de implementatie voor deze werkzaamheden geen extra middelen nodig zijn. Dit omdat we verwachten dat participatie later in het proces kan zorgen voor een soepelere afhandeling van de vergunningsaanvragen. In de evaluatie (een jaar na inwerkingtreding van de Omgevingswet) bekijken we of deze verwachting juist is.

Uitvoering Na instemming van de raad over dit besluit stellen we interne procesafspraken op zodat we straks goed kunnen werken met de participatieverplichting. Op het moment dat de Omgevingswet in werking treedt passen we dit besluit toe. In het eerste jaar waarmee we werken met dit besluit houden we onze werkwijze goed in de gaten. We houden bij wat er gebeurt zodat we dit mee kunnen nemen in de evaluatie. Uit de evaluatie kan blijken dat we onze werkwijze moeten bijstellen. We informeren uw raad hierover. Communicatie We plaatsen informatie op onze gemeentelijke website over de Omgevingswet. Hierbij gaan we ook in op participatie in het algemeen en de participatieplicht zelf. Daarnaast zorgen we ervoor dat mensen van de gemeente Arnhem en de ODRA klaar zijn om vragen te beantwoorden over deze verplichting. Ook wordt het besluit officieel bekend gemaakt in het gemeenteblad op overheid.nl. Bijlagen Stukken voor gemeenteraad − Bijlage 1 Memo toepassing afdeling 3.4 van de Algemene wet bestuursrecht onder de Omgevingswet

Besluit van Zaaknummer

624323

DE RAAD VAN DE GEMEENTE ARNHEM; gelezen het voorstel van burgemeester en wethouders van 14 december 2021, nummer: 624323; overwegende dat: 1. de Omgevingswet de mogelijkheid biedt aan de raad om participatie verplicht te stellen voor buitenplanse omgevingsplanactiviteiten; 2. de raad groot belang hecht aan burgerparticipatie omdat dit leidt tot betere plannen en soepelere besluitvorming; gelet op artikel 2.8 van de Omgevingswet besluit: 1. Participatie op basis van artikel 16.55 lid 7 Omgevingswet verplicht te stellen voor omgevingsplanactiviteiten die niet passen in het omgevingsplan. 2. Dit besluit in werking te laten treden op de dag na de bekendmaking en te bepalen dat het besluit wordt toegepast op aanvragen voor buitenplanse omgevingsplanactiviteiten die worden ingediend vanaf de dag van inwerkingtreding van de Wet van 23 maart 2016, houdende regels over het beschermen en benutten van de fysieke leefomgeving (Omgevingswet). Aldus vastgesteld in de raadvergadering van … De griffier,

De voorzitter,

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Arnhem&id=a472044f-8644-42f0-8215-887e17fc1ee8