Raadsbrief - Reactie op initiatiefvoorstel ‘Verbod reclame fossiele brandstoffen en vlees & vis’ d.d. 25-11-2025
Tekst van het document
Aan de gemeenteraad
Datum Zaaknummer Contactpersoon Telefoonnummer
: 25 november 2025 : 4808514 : Alet Voskuil : 026 3774275
Onderwerp: Reactie op initiatiefvoorstel ‘Verbod reclame fossiele brandstoffen en vlees&vis’
Geachte voorzitter en leden, In deze brief leest u onze reactie op het initiatiefvoorstel ‘Verbod reclame fossiele brandstoffen en vlees&vis’ van de fracties GroenLinks, Partij voor de Dieren en Volt. Inleiding Op 13 oktober 2025 hebben wij het initiatiefvoorstel ‘Verbod op reclame fossiele brandstoffen en vlees&vis’ ontvangen. Hierin wordt voorgesteld om door het wijzigen van de Algemene Plaatselijke Verordening (APV) een verbod te bewerkstelligen voor het maken van reclame in de openbare ruimte voor fossiele producten en diensten, vlees en vis. Het voorstel wil specifiek reclamecampagnes in de openbare ruimte in onder andere haltevoorzieningen bij het openbaar vervoer, vrijstaande reclamevitrines en billboards weren. In de reclamewereld wordt deze vorm van reclame Buitenreclame of Out of Home-reclame genoemd. Het voorstel geeft daarmee lokale ondernemers de ruimte om in, aan en bij hun zaak reclame te maken voor hun eigen zaak en hun producten. Reactie op initiatiefvoorstel Op basis van het programmaplan New Energy Made in Arnhem (NEMIA) 2020-2030 adviseren wij inhoudelijk positief over het initiatiefvoorstel. Het verbod op reclame gaat een bijdrage leveren aan de CO2 besparing zoals wij ons ten doel hebben gesteld: 61% reductie in 2030 ten opzichte van 2017.
Ook vanuit Arnhemse Kost: een visie op (stads)landbouw en voedsel 2025-2035 en de uitvoeringsagenda Arnhemse Kost 2025-2026 adviseren wij positief over het initiatiefvoorstel. Het voorstel sluit goed aan op de ambities en doelstellingen hiervan. In de Arnhemse Kost wordt beschreven hoe we de komende jaren werken aan onze centrale missie: een duurzame en gezonde voedselomgeving voor iedere Arnhemmer. Dit doen we aan de hand van vier thema’s: stadslandbouw, natuurinclusieve landbouw, de eiwittransitie en duurzame consumptie. Het initiatiefvoorstel geeft invulling aan meerdere missies uit de uitvoeringsagenda Arnhemse Kost, waaronder de missie om bewustwording over het belang van een meer plantaardig eetpatroon te laten groeien onder consumenten, de missie om groei in het plantaardige aanbod in de voedselomgeving te stimuleren en tenslotte de missie om een gezonde keuze in de voedselomgeving makkelijker te maken.
Eusebiusbuitensingel 53 • Postbus 9029 • 6800 EL Arnhem Telefoon 0800-1809 • www.arnhem.nl
Datum: Zaaknummer: Pagina:
25 november 2025 4808514 2
Kanttekeningen Dit initiatiefvoorstel is gericht op out of home-reclame, oftewel reclame door reclame-exploitanten. Het geeft, voor zover wij dat nu kunnen beoordelen, lokale ondernemers de ruimte om reclame te blijven maken voor hun eigen zaak en producten. Mocht de uitwerking toch lokale ondernemers benadelen, dan willen we dat graag alsnog aangepast zien in de APV. ‘Vissen’ als hobby Zoals de definitie onder artikel 5.10.2 gesteld is, is een interpretatie mogelijk dat reclame voor ‘visproducten’ als in hengels en andere zaken die nodig zijn voor de hobby ‘vissen’ niet meer mag. Wij adviseren om daar duidelijk over te zijn in het voorstel. Diervoeding Sommige gedomesticeerde dieren eten vlees- en visproducten. Is het de bedoeling dat hier ook geen reclame voor gemaakt mag worden? Of gaat het om vlees- en visproducten voor menselijke consumptie? Ons advies is om hierover duidelijkheid te scheppen in het raadsvoorstel. Juridische risico’s Exploitanten van reclamedragers kunnen zich beroepen op hun lopende contract met de gemeente, waar een dergelijk verbod niet in staat. Er geldt op grond van het contract slechts de verplichting zich te conformeren aan de rijksregelingen in deze en aan oordelen/regels van de Reclamecodecommissie en/of de aan te brengen reclame mag niet in strijd zijn met de goede zeden of schadelijk zijn voor de openbare orde.
In de huidige contracten staat geen verwijzing naar APV-bepalingen. Exploitanten kunnen stellen dat er sprake is van contractbreuk dan wel onrechtmatige overheidsdaad ten gevolge waarvan zij economische schade lijden en die schade vervolgens claimen bij de gemeente. Maar ook als het invoeren van een reclameverbod een rechtmatige overheidsdaad is, kunnen exploitanten stellen dat ze hierdoor onevenredig worden getroffen en aanspraak maken op nadeelcompensatie. Daarnaast is het belangrijk om een ruime overgangstermijn te hanteren, zodat de exploitant ruimte heeft om naar alternatieven te zoeken. Het zal afhangen van de looptijd van contracten die de exploitant zelf met adverteerders heeft of de voorgestelde periode van een jaar voldoende soelaas biedt. Een alternatief is om het reclameverbod pas in te laten gaan na afloop van de bestaande contracten die de gemeente heeft met exploitanten. Het grootste en tevens nog langst lopende contract loopt tot en met 2030. Ook bedrijven die willen adverteren kunnen aanvoeren dat het reclameverbod hun economische vrijheid schaadt. In Den Haag wees de rechter een dergelijke claim af en oordeelde hij dat het publieke belang zwaarder weegt dan het commerciële belang van adverteerders.* In het voorstel is nog niet uitgewerkt hoe het voorgestelde verbod gehandhaafd moet worden.
Bestuursrechtelijke handhavingsmaatregelen zoals het opleggen van een last onder dwangsom of het toepassen van bestuursdwang in geval van overtreding van het verbod, zouden kunnen leiden tot bezwaar- en beroepsprocedures. De exploitant aan wie een dergelijke maatregel wordt opgelegd kan in zo’n procedure betogen dat het verbod onverbindend is. Het is moeilijk te voorspellen hoe een toets van de bestuursrechter zal uitpakken.*
Eusebiusbuitensingel 53 • Postbus 9029 • 6800 EL Arnhem Telefoon 0800-1809 • www.arnhem.nl
Datum: Zaaknummer: Pagina:
25 november 2025 4808514 3
Voor de rechtszekerheid van exploitanten, maar ook om adequaat toezicht en een juiste beoordeling in eventuele procedures mogelijk te maken is het belangrijk dat de verboden niet voor interpretatieverschillen vatbaar zijn. Met het oog hierop zou de toelichting op artikel 5.10.1 beter in overeenstemming met de tekst van het eerste lid gebracht moeten worden. (De toelichting noemt alleen reclame voor de producten, de bepaling zelf verbiedt ook alle reclame voor en door bedrijven die die producten (en diensten) leveren). In de toelichting op artikel 5.10.2 zou duidelijk gemaakt kunnen worden dat reclame voor vegetarische producten door bedrijven die (in hoofdzaak) vlees- en visproducten produceren, wel toegestaan is. * Het voorstel lijkt er op basis van de recente uitspraak van Rechtbank (RB) Den Haag (ECLI:NL:RBDHA:2025:6874) vooralsnog (zij het ook met voorzichtigheid) van uit te gaan dat het opnemen van het reclameverbod in de APV niet onrechtmatig is. Bij de uitspraak van RB Den Haag moeten wel de volgende kanttekeningen geplaatst worden. Het is slechts één uitspraak van een civiele kortgedingrechter, andere rechters zouden wellicht nog anders kunnen oordelen.
Bovendien beoordeelt de civiele rechter de rechtmatigheid van een APV-bepaling zeer terughoudend (namelijk of de bepaling “onmiskenbaar onrechtmatig” is), een toets door de bestuursrechter vanuit het oogpunt van handhaving zou anders kunnen uitpakken. Tot slot is het reclameverbod waar RB Den Haag over heeft geoordeeld aanmerkelijk minder verstrekkend dan het verbod dat in het initiatiefvoorstel wordt voorgesteld. Het verbod in Den Haag ziet alleen op fossiele reclame (zoals in het voorstel ook al wordt aangestipt) en niet tevens op vlees- en visreclame. Daarnaast behelst het Haagse verbod alleen reclame voor bepaalde, specifiek omschreven fossiele producten en diensten (dezelfde als in het voorliggende initiatiefvoorstel), terwijl in voorliggend voorstel ook nog alle reclame “door of voor bedrijven in de kolensector, de olie- en gassector en de luchtvaartsector” verboden wordt. Financieel risico Afhankelijk van de gekozen manier van handhaven, zal dat enige capaciteit vragen. De kans is aannemelijk dat partijen (reclame-exploitanten, adverteerders of brancheverenigingen) in beroep gaan of om nadeelcompensatie vragen. Dat kan leiden tot financiële claims. Ook bestaat het risico dat de gemeente minder reclame-inkomsten uit afdrachten krijgt.
Hoogachtend, het college van burgemeester en wethouders van Arnhem, de secretaris, de burgemeester, P. Sennema
A. Marcouch
Eusebiusbuitensingel 53 • Postbus 9029 • 6800 EL Arnhem Telefoon 0800-1809 • www.arnhem.nl