Memo van wethouder Roelofs "Informatie over besluitvormingstraject Diftar", d.d. 18-05-2021
Tekst van het document
Memo Datum
: Dinsdag 18 mei 2021
Aan
: De gemeenteraad
Van
: Bob Roelofs
Betreft
: informatie over besluitvormingstraject Diftar
In de informatieve en meningsvormende sessie van de 'Begrotingswijziging en wijziging verordening afvalstoffenheffing ten gevolge van stoppen met DIFTAR" op 12 mei jl., is door wethouder Roelofs de toezegging gedaan om inzicht te geven in de consequenties van eventueel uitstel van besluitvorming op dit onderwerp. Het voorliggende raadsvoorstel is gericht op het doorvoeren van de systeemwijziging: het stoppen met DIFTAR, met ingang van 1 juni 2021. Hiertoe dient een begrotingswijziging en een wijziging op de Verordening op de afvalstoffenheffing te worden vastgesteld. Het college heeft met deze voorstellen gehoor gegeven aan de wens om zo snel mogelijk de uitkomst van het referendum en het besluit van de gemeenteraad van 31 maart 2021 uit te voeren. Wat zou uitstel van besluitvorming technisch betekenen voor het huidige raadsvoorstel? De wijziging van de verordening afvalstoffenheffing kan op elke 1e van de maand ingaan. Zou de nu voorgenomen besluitvorming op 26 mei 2021 niet kunnen plaatsvinden, dan dient de ingangsdatum verschoven te worden naar de eerstvolgende wenselijke en besluitvormingstechnisch haalbare maand. De onderliggende begrotingswijziging en verordeningen dienen in dat geval opnieuw opgesteld te worden en voorgelegd te worden aan de raad.
De financiële consequenties dienen opnieuw berekend te worden, de begrotingswijziging en resulterende tarieven voor de nieuwe verordening. Het huidige voorstel dient te worden ingetrokken, een nieuw raadsvoorstel moet worden ingebracht. De eerstvolgende besluitvormende raadsvergadering is op 16 juni, deze dient gehaald te worden om invoering per 1 juli te realiseren. Mocht ook dit niet haalbaar blijken dan zijn er de besluitvormende vergaderingen op 7 juli of 21 juli waarna invoering per 1 augustus 2021 mogelijk is. Financiële consequenties van uitstel besluitvorming. Elke maand uitstel van besluitvorming betekent een maand langer DIFTAR. Hanteren we het uitgangspunt dat de huidige inzamelresultaten en scheidingsresultaten behouden blijven bij het in stand houden van DIFTAR, dan levert het volgende effect op (einde DIFTAR 1 juli): De baten- en lasteneffecten die doorgerekend worden in de afvalstoffenheffing zoals geschetst in het raadsvoorstel, treden later op: lagere stijging verwerkingskosten restafval, lagere stijging inzamelkosten, hogere kosten op het inzamelen en verwerken van grofvuil en lagere inkomsten op herbruikbare afvalstromen.
De bovenstaande effecten in de baten en lasten, inclusief de geplande inzet van de milieukar: bedragen € 1,315 mln (in het voorliggende raadsvoorstel € 1,465 mln) en zullen conform het coalitieakkoord doorberekend worden in de afvalstoffenheffing.
Openbare Ruimte - Beheer
1
Tot slot is al eerder gemeld dat in de periode dat DIFTAR van toepassing is de inkomsten lager zijn dan begroot door minder aanbod van betaalde zakken (variabele inkomsten). De voorlopige inschatting van dit financiële effect bedraagt voor deze periode (jan-juni) € 750k (was € 625k). Communicatie richting inwoners In de gemeentelijke communicatielijn is steeds het voorbehoud van besluitvorming door de raad op 26 mei gemaakt voor het effectueren van het stoppen met DIFTAR per 1 juni. In de beeldvorming in de stad is deze datum inmiddels het uitgangspunt geworden. In de communicatie is het uitgangspunt geweest om zo spoedig mogelijk de uitkomst van het referendum te respecteren en dit technisch mogelijk te maken. Het uitstellen van deze datum zal opnieuw leiden tot onduidelijkheid voor inwoners. Of dit consequenties heeft op het aanbied- en scheidingsgedrag van inwoners, valt nu niet te voorzien.
Openbare Ruimte - Beheer
2