Memo van college B&W inzake 'Beantwoording openstaande vragen behandeling PPN', d.d. 30-05-2024
Tekst van het document
Memo Datum
: Donderdag 30 mei 2024
Aan
: Gemeenteraad Arnhem
Van
: College van B en W
Betreft
: Beantwoording vragen behandeling PPN
Tijdens de raadskamers op 22 mei en 29 mei 2024 is een aantal vragen gesteld waarvan door collegeleden is toegezegd dat hier schriftelijk op terug wordt gekomen. Met dit memo wordt antwoord gegeven op deze vragen. De vragen zijn gecategoriseerd per portefeuillehouder. Burgemeester Marcouch Wat betekent het hoofdlijnenakkoord 2024-2028 voor het veiligheidsbeleid in Arnhem (VVD)? Het hoofdlijnenakkoord 2024-2028 legt veel nadruk op veiligheid. Dit is in beginsel positief voor het veiligheidsbeleid in Arnhem, maar in veel gevallen zal in de uitwerking moeten blijken welke veiligheidseffecten het hoofdlijnenakkoord heeft voor onze stad. Voorbeelden zijn de inzet om werkgevers van arbeidsmigranten verantwoordelijk te maken voor evt. overlast, de aanpak van de georganiseerde criminaliteit en daarbij specifiek de blijvende inzet op maatregelen en interventies die jongeren uit de (zware) criminaliteit houden, zichtbare aanwezigheid en meer politie en politieposten in de wijken, de wens om de capaciteit in de strafrechtketen op orde te brengen en het stimuleren van samenwerking tussen politie en GGZ om verwarde personen sneller hulp te kunnen geven.
Kanttekeningen hierbij zijn dat de financiële vertaling nog wel vaag is (bezuinigingen op het sociaal domein en het Nationale programma veilige en leefbare wijken kunnen effect hebben op de veiligheid) en dat veel inzet is gericht op repressie. We weten dat repressie zonder preventie eindeloos is, vandaar dat in ons beleid preventie en repressie hand in hand gaan. Daarnaast zien we dat het hoofdlijnenakkoord weinig bijdraagt aan het tegengaan van ongewenste vormen van maatschappelijke polarisatie. Verder is relevant wat het college eerder al heeft gezegd over het gebrek aan duidelijkheid over de gemeentelijke financiën. Tekorten bij gemeenten leiden tot gebrek aan goede zorg, onderwijs en voorzieningen. Dit heeft een weerslag op het veiligheidsbeleid en zal leiden tot extra inzet van de veiligheidspartners.
1
Wethouder Bouwkamp 1. Wethouder Bouwkamp zegt toe de raad per memo te informeren over het totaalbeeld van subsidies aan de breedtekunst Hieronder vindt u een totaalbeeld van de middelen voor breedtekunst in 2024. Middelen breedtekunst 2024 • Subsidieregeling amateurkunst • Huis van Puck • Platform Amateurkunst • Arnhemse Muziek Federatie • Productie en Presentatie Amateurkunst • Festival Amateurkunst • Rozet (aandeel amateurkunst in subsidie)
€ 177.2831 € 233.524 € 50.000 € 6.000 € 60.000 € 30.000 € 775.000 ------------€ 1.331.807
Totaal
Het aandeel amateurkunst binnen de subsidie voor Rozet bestaat onder meer uit: • ondersteuning amateurkunstaanbieders in de vorm van kennis vergroten, kennisuitwisseling, netwerkbijeenkomsten • beschikbaar stellen faciliteiten (volledig ingerichte (creatieve) ruimtes, faciliteiten voor cultuureducatie en - participatie) • financiële bijdragen voor gezamenlijke presentaties en voor innovatie Niet meegerekend is de subsidie voor de Jacobiberg (€ 231.907), maar deze subsidie komt ook onder meer ten gunste van amateur popmusici. Daarnaast verlenen de TLO's en gesubsidieerde culturele instellingen bijdragen aan amateurkunst in natura of bijvoorbeeld in huurkorting (culturele tarieven). Voorbeelden hiervan zijn: • Schuytgraaf: bijdrage Poëziemiddag door bewoners; • Schuytgraaf: bijdrage aan kunstmiddag in De Buitenplaats; • Schuytgraaf: ruimtes beschikbaar voor wijkinitiatieven tegen 0-tarief in MFC’s zoals de Omnibus; • Presikhaaf: El Ele: huurkorting; • Malburgen: ondersteuning DWS in het betrekken van een tijdelijk pand; • Noord-Oost: ondersteuning Podium van de Wijk op de Geitenkamp. In de bijlage vindt u tevens een overzicht van de subsidies die aan breedtekunst initiatieven verstrekt zijn binnen de subsidieregeling Producties, Evenementen en Festivals van 2021 tot 2024. Met deze beantwoording beschouwen wij toezegging 1559 als afgedaan.
1 (50 amateurkunstaanbieders ontvangen in het kader van deze regeling een subsidie van € 2.000 tot €
4.500)
2
Wethouder Bouwkamp zegt toe aan de orde te brengen of het mogelijk is dat er meer wintervaste en bestendige planten met bloemen geplant worden in de openbare ruimte, in plaats van bloemen die jaarlijks geruimd worden en opnieuw moeten worden geplant. In de plantschalen maken we op dit moment gebruik van wisselbeplanting om extra esthetisch groen toe te voegen in met name het kernwinkelgebied. In het verleden is het planten van vaste beplanting door de gemeente al eens toegepast. Dat kan worden heringevoerd. De onderhoudskosten van vaste beplanting ten opzichte van wisselbeplanting zijn lager. De kostenbesparing als gevolg van het overgaan op wintervaste planten wordt geschat op ongeveer 30.000 euro per jaar. Voor de openbare ruimte in het algemeen geldt, dat we steeds meer gebruik van maken vaste planten. Hiervoor zijn de onderhoudskosten echter hoger. We proberen dit in combinatie te doen met groenadoptie en passen dit in onder andere de Wijkgroenagenda’s. Met deze beantwoording beschouwen wij toezegging 1560 als afgedaan.
3
Wethouder Roelofs Wethouder Roelofs zegt toe om uit te zoeken waar de opbrengsten van het voorstel van de gemeente Enschede voor een boete van 1000 euro voor zwerfafval aan worden besteed en de raad hierover te informeren. In reactie hierop informeren wij u dat zwerfafval een bestuursrechtelijke overtreding betreft. De opbrengst uit een boete komt ten goede aan de algemene middelen van de gemeente, dus de gemeentekas. Met deze beantwoording beschouwen wij toezegging 1553 als afgedaan.
4
Wethouder Van der Wel Bij de behandeling van de Perspectiefnota is door wethouder Van der Wel aangegeven schriftelijk terug te komen op een vraag over de uurtarievenstijging van de ODRA (bovenop de indexering) en de inspanningen die worden geleverd om deze tarieven te drukken. Hierbij werd ook gevraagd of het college overweegt om te werken met taakstellende tarieven. Antwoord: anuit de deelnemende gemeenten en provincie is er permanent aandacht voor het zo laag mogelijk houden van het uurtarief van ODRA, voor zover dit mogelijk en redelijk is. Gemeenten en provincie zijn niet alleen opdrachtgever, maar ook eigenaar van ODRA. Naast het streven naar een zo laag mogelijk uurtarief is het voor ons dan ook van belang een gezonde bedrijfsvoering van ODRA te waarborgen. Bekeken vanuit deze balans is er permanent bestuurlijke aandacht voor een efficiente bedrijfsvoering. ODRA heeft daarbij onder meer de opdracht om werkprocessen zo efficient mogelijk uit te voeren. In dat kader voert ODRA bijvoorbeeld regelmatig openbare aanbestedingen uit voor ondersteunende dienstverlening en kijkt ze naar een optimale personeelsbezetting en de meest efficiente omvang van de flexibele schil in het personeelsbestand. Ook de recente verhuizing naar een ander kantoorpand is ingegeven vanuit de wens om de huisvestingslasten laag te houden.
ODRA hanteert in vergelijking met andere regionale uitvoeringsdiensten een laag tarief. Een taakstellend uurtarief invoeren is in de eerste plaats praktisch lastig, omdat hierover overeenstemming zou moeten worden bereikt met de andere deelnemende partners van ODRA. Daarnaast verwerkt ODRA allerlei kostenstijgingen in het uurtarief, bijvoorbeeld de inflatie en de loonstijgingen door de CAO. Maar ook vanuit het rijk worden er meer normen opgelegd waaraan Omgevingsdiensten moeten voldoen. Wanneer onvermijdelijke kostenstijgingen niet verwerkt zouden kunnen worden in uurtarieven kan dit mogelijk leiden tot negatieve effecten op de bedrijfsvoering van ODRA. Wij geven dan ook de voorkeur aan het permanent aandacht geven aan een efficiente bedrijfsvoering boven het op voorhand vastleggen van uurtarieven.
5
Wethouder Van de Geijn 1. Vervolgvragen Partij voor de Dieren over energieverbruik bij dataopslag: Wat houdt het afgesproken beleid in? Zoals aangegeven beschikken we nu (nog) niet over specifiek beleid mbt verduurzaming van dataopslag. Eerder dit jaar is er wel een gemeentebrede inventarisatie gestart waar is gekeken naar mogelijkheden om de CO2-footprint te verkleinen. Op het gebied van ICT is daar onder andere de dataopslag gesignaleerd. Beleidsformulering is een volgende stap waarbij we de intentie hebben uitgesproken om daar dit jaar resultaat in te behalen. Wij beogen om in de tweede helft van dit jaar hierop (en op eventuele andere ICT-voorzieningen) een dergelijk beleid te formuleren en in werking te brengen. De Connectie zal, in ieder geval t.a.v. het IT-deel van het te definiëren beleid, de gemeente Arnhem volgen en deze vertalen naar aanvullende eisen voor het IT-landschap. Wanneer vindt de heraanbesteding plaats? We hebben niet te maken met 1 aanbesteding maar met tal van aanbestedingen per jaar. De Gemeente Arnhem gebruikt ongeveer 400 applicaties (deels in eigen beheer en deels in beheer bij De Connectie), een ICT-infrastructuur (netwerken en "systemen") en een grote hoeveelheid eindgebruikersapparatuur. Elke applicatie kent bijvoorbeeld zijn eigen opslag van data en deze is zeer variabel.
We gaan de lifecycle van de applicaties (en andere materiele ICT-zaken) hanteren als de momenten voor heraanbesteding. De her aanbesteding van de IT-datacenters zal in Q3-’24 worden opgestart en naar verwachting in Q1-’25 worden afgerond. Q1-’25 zal dan aansluitend worden gestart met de verhuizing van apparatuur en inrichting naar dat nieuwe datacenter, de tijdslijn van die verhuizing zal nog nader uitgewerkt gaan worden. Hoe gaat dit vervolgens verder opgepakt worden? Zodra een huidig contract gaat aflopen willen we de aanbesteding gepaard laten gaan met bijgestelde inkoopvoorwaarden. Onderdeel van het hierboven gemelde beleid betreft het formuleren en opnemen van aanbestedingseisen (met een relevantie naar duurzaamheid) die wij vanuit Arnhem opleggen aan leveranciers bovenop de al landelijk gehanteerde inkoopvoorwaarden van gemeenten (de zogenaamde GIBIT 2023). 2. Vraag Partij voor de Dieren: ’Wat is de status van het verwijderen van wegwerpbekers binnen de gemeente? En heeft de wethouder zicht op het tijdspad?’ Een interne projectgroep is belast met de uitvoering van deze maatregel en heeft inmiddels een plan opgesteld om de bestaande wegwerpbekers te vervangen door herbruikbare bekers. Dit plan ligt nu voor bij de directie. Na de zomer komt het college met het tijdspad voor de implementatie. 3.
Vraag D66: ‘Als referentiekader is gesteld dat bij reizen buiten Europa voor collegeleden en ambtenaren een stevige ‘nee, tenzij’ geldt. Welk advies en welke afweging hebben aan de dienstreis ten grondslag gelegen?’ Als voorzitter van The Economic Board (TEB) is burgemeester Marcouch gevraagd op te treden als delegatieleider voor de verkenningsmissie naar de regio Guelmim-Oued Noun in Marokko van maandag 20 tot en met woensdag 22 mei 2024. Het doel van de verkenningsmissie was tweeledig:
6
Marokko is heel ver met zonne-energie en heeft de ambitie om een compleet waterstof ecosysteem op te bouwen, waarvan de export van groene waterstof deel uitmaakt. Voor deze ontwikkeling zoekt Marokko partnerships met internationale ondernemers, kennisinstituten en grote afnemers van groene waterstof. De regio Oost-Nederland heeft behoefte aan grote hoeveelheden waterstof voor het de-carboniseren van de regionale industrie. Het doel van deze missie met de triple helix van The Economic Board (onderwijs- en kennisinstellingen, ondernemers en overheid) is het leggen van contacten tussen de regio’s Arnhem-Nijmegen/Duisburg en Guelmim-Oued Noun als het startpunt van een gezamenlijke route naar de toekomst. Dit sluit naadloos aan op het op 21 juni 2023 in Rabat getekende Memorandum of Understanding (MoU) door premier Rutte voor samenwerking op het gebied van energie, de waterstofconferentie in Rotterdam eerder deze maand en het op 14 mei jl. door minister Jetten (Klimaat en Energie) en minister Benali (Marokko, Energietransitie en Duurzame ontwikkeling) getekende werkplan waarbij een gezamenlijke aanpak voor groene energieprojecten in Marokko, met export naar Nederland, is afgesproken.
Wij zijn, zoals ook aangegeven door de vragensteller, zeer terughoudend met reizen buiten Europa, maar vanwege de grote inhoudelijke relevantie voor Arnhem (als energiestad) en de regio is de afweging gemaakt wel deel te nemen aan deze reis.
7