Interpellatieverzoek 'Het toestaan van het zichtbaar dragen van religieuze uitingen door handhavers' van de fractie PVV
Tekst van het document
Aan: de voorzitter van de raad Betreft: verzoek tot het van een interpellatie Conform artikel 40 rvo Onderwerp: het toestaan van het zichtbaar dragen van religieuze uitingen door handhavers Arnhem 17-12-2023 Geachte voorzitter, 25 november 2021 besprak de Tweede Kamer de “Begroting Justitie en Veiligheid”. Tijdens de behandeling van deze begroting zijn twee moties ingediend, die het dragen van respectievelijk een hoofddoek en niet-onzichtbare uitingen van religies en levensovertuigingen zouden verbieden. Deze moties zijn 14 december 2021 aangenomen. Tot onze grote verbazing werd vervolgens op 2 februari 2022 door de raad de motie “Een inclusief uniform bij Toezicht en Handhaving” (21M298) behandeld en aangenomen, weliswaar door een kleine meerderheid. Daarin werd het college verzocht de kledingvoorschriften voor handhavers en toezichthouders dusdanig te wijzigen dat het voor hen mogelijk wordt om godsdienstige of levensbeschouwelijke uitingen, die niet onzichtbaar gedragen kunnen worden, te dragen. En de raad uiterlijk 2e kwartaal 2022 te informeren over de voortgang van de invoering. Naar aanleiding van deze aangenomen motie zijn er op 3 februari kamervragen gesteld over deze kwestie, waarop minister van Justitie en Veiligheid Yeşilgöz-Zegerius 11 maart 2022 antwoorden naar de tweede kamer heeft gestuurd.
Uit haar antwoorden blijkt onder meer dat de het kabinet van mening is dat zichtbare uitingen van religie en levensovertuiging in strijd zijn met de neutraliteit van handhavers, waaronder boa’s, en dat zij met een richtlijn zou komen om de neutraliteit en de landelijke uniformiteit en herkenbaarheid te borgen. 23 juni 2022 stuurde de minister van Justitie en Veiligheid de “Richtlijn lifestyle-neutraliteit boa” naar de Tweede Kamer. De richtlijn is als volgt omschreven: De buitengewoon opsporingsambtenaar draagt, in de rechtmatige uitoefening van zijn bediening, ervoor zorg dat hij, in contacten met het publiek, in ieder geval afstand neemt van de volgende uitingen: - zichtbare uiting(en) van (levens-)overtuiging, religie, politieke overtuiging, geaardheid, beweging, vereniging of andere vorm van lifestyle, die afbreuk doet aan de gezagsuitstraling, neutraliteit en veiligheid van de buitengewoon opsporingsambtenaar. De werkgever van de buitengewoon opsporingsambtenaar draagt verantwoordelijkheid voor de uitvoering van deze richtlijn. Daarmee waren wij in de veronderstelling dat de kous af was. De Tweede Kamer heeft namens het land besloten dat we het niet willen, de minister heeft besloten dat het niet de bedoeling is, dus Arnhem zal zich daar naar moeten voegen.
Er kwam ook geen informatie over de voortgang van de invoering van het college zoals door de raad opgedragen en de rest van 2022 en bijna geheel 2023 heeft de raad niets meer vernomen over dit onderwerp, tot nu. De raad ontving een brief waarin is gesteld dat deze uitingen per direct zijn toegestaan. PVV Arnhem wil de mogelijkheid dat boa’s een speelbal worden van een conflict tussen landelijke en gemeentelijke politiek voorkomen en ziet een behandeling van dit collegebesluit als zeer urgent.
Wij hebben hierbij in eerste aanleg de volgende vragen: 1. Is de portefeuillehouder bekend met de “Richtlijn lifestyle-neutraliteit boa” en waarom heeft hij ervoor gekozen deze zo achteloos in de wind te slaan ondanks dat de Tweede Kamer met twee aangenomen moties kraakhelder heeft laten blijken dat het dragen van nietonzichtbare uitingen van religie en levensovertuiging niet passen bij de neutraliteit die is vereist voor het functioneren van buitengewoon opsporingsambtenaren? 2. Waar haalt de portefeuillehouder de overtuiging vandaan dat zichtbare religieuze uitingen niet in de weg staan van een neutraal optreden en waarom denkt hij dit beter te weten dan minister van Justitie en Veiligheid Yeşilgöz-Zegerius? 3. Hoe denkt de portefeuille van Openbare orde en Veiligheid zijn geloofwaardigheid te behouden naar boa’s, inwoners van Arnhem en het kabinet als deze ongehoorzame actie binnenkort wordt teruggefloten en vindt de portefeuillehouder dat hij dan op dit dossier nog volwaardig kan functioneren? Hoogachtend, Coen Verheij – PVV Arnhem