Bundel met (schriftelijke) technische vragen & antwoorden 'Ontwerp-Begroting 2025' (versie 15-10-2024)
Tekst van het document
Het gaat om de - SPUK Kansrijke wijk: €7,7 miljoen - Volkshuisvestingsfonds: € 28 miljoen Daarnaast ontvangen scholen rechtstreeks middelen van het Rijk voor het organiseren van buitenschoolse activiteiten in het kader van school en omgeving. Voor de periode van 1 januari 2024 tot en met 31 juli 2025 ontvangt Delta €452.000, Flores ongeveer €2 miljoen en de Simonscholen circa €200.000. Met betrekking tot de toekomstige beschikbaarheid van deze middelen heeft het kabinet aangegeven ook in de komende jaren middelen te blijven reserveren voor het Nationaal Programma Leefbaarheid en Veiligheid (NPLV), waar Arnhem-Oost onderdeel van uitmaakt. Hoewel de specifieke invulling hiervan nog niet volledig is uitgewerkt, is deze week een motie aangenomen in de Tweede Kamer die het kabinet verzoekt om in 2025 duidelijkheid te verschaffen over de voortzetting van de ondersteuning voor focusgebieden zoals Arnhem-Oost, met het oog op financiering tot en met ten minste 2028. De verwachting is dan ook dat de financiële middelen voor Arnhem-Oost in de komende jaren beschikbaar blijven, al zal meer concrete informatie hierover in 2025 bekend worden. Cathelijne Bouwkamp/Nermina Kundić
25
Fractie: Pagina: Vraag:
Antwoord:
D66-21 113 “We ondersteunen Oostpool en Introdans bij hun huisvesting.” Er lopen al lang gesprekken over deze gezamenlijke huisvesting, waarvoor de raad ook budget heeft vrijgemaakt. Ook zijn er haalbaarheidsonderzoeken gedaan. De noodzaak om tot nieuwe huisvesting te komen wordt steeds groter en de tijd dringt. Wat is de actuele stand van zaken en wanneer kunnen we concrete plannen tegemoet zien voor de huisvesting van deze twee instellingen? In de zomer van 2023 hebben Oostpool en Introdans aan bureau STEAD de opdracht gegeven een haalbaarheidsonderzoek te doen naar een gemeenschappelijk repetitieruimte voor de beide gezelschappen, in vervolg op een eerdere businesscase, uitgevoerd door Blueyard in 2022. Op 23 maart 2024 heeft de gemeente dit conceptrapport van STAED ontvangen, waarop de gemeente een reactie heeft gestuurd aan beide instellingen in de vorm van een aantal kanttekeningen en opmerkingen. Deze zijn meegenomen in het opstellen van een definitieve rapportage, die recent is ontvangen. Ook hebben beide instellingen op verzoek van de gemeente hun visie op het vervolg gegeven. In de tweede week van oktober hebben naar aanleiding hiervan bestuurlijke gesprekken plaatsgevonden met alle betrokken partijen, inclusief het Stadstheater. Naar aanleiding hiervan worden vervolgstappen voorbereid. De raad wordt hierover in Q4 geïnformeerd.
Portefeuillehouder:
Cathelijne Bouwkamp
Fractie: Pagina: Vraag:
D66-22 113 “We verkennen de mogelijkheden voor een cultureel verzamelgebouw aan de Groningensingel 1245” Op deze locatie is sinds kort de Jacobiberg gevestigd. In hoeverre zijn zij zelf betrokken / in the lead bij deze verkenningen? In het coalitieakkoord is opgenomen dat het college de vestiging van de Jacobiberg in Arnhem-Zuid mogelijk maakt. De stichting Jacobiberg heeft per 1 september 2024 het voormalige schoolgebouw aan de Groningensingel 1245 in gebruik genomen voor haar op muziek gerichte activiteitenaanbod. De stichting is als een van de huurders van het cultureel verzamelgebouw nauw betrokken bij de ontwikkeling van het complex. Cathelijne Bouwkamp
Antwoord:
Portefeuillehouder: Fractie: Pagina: Vraag:
Antwoord:
Portefeuillehouder:
D66-23 113 Er vinden verschillende onderzoeken plaats rondom een mogelijk cultuurcentrum in Arnhem Zuid. Wat zijn de laatste inzichten als het gaat om een locatie van dit cultuurcentrum en te betrekken partners? Wanneer wordt de locatiekeuze verwacht? We verwachten voor het eind van het jaar een voorstel aan uw raad voor te leggen m.b.t. locatie, te betrekken partners en planning. Cathelijne Bouwkamp
26
Fractie: Pagina: Vraag:
Antwoord:
Portefeuillehouder: Fractie: Pagina: Vraag:
Antwoord:
D66-24 113 “We monitoren actief het herstructureringstraject van SLAK” Hierover is eerder in een raadsbrief gerapporteerd. In hoeverre is SLAK tot nu toe alle gemaakte afspraken en gedane toezeggingen uit dit herstructureringstraject nagekomen? In hoeverre wordt hierbij ook meegenomen of SLAK gemaakte afspraken met huurders danwel verplichting richting huurders (bijvoorbeeld omtrent onderhoud) nakomt en/of kan nakomen? Zijn er signalen dat SLAK onvoldoende stabiel is om in de toekomst de doelstellingen van de gemeente qua huisvesting van creatieven veilig te stellen? Er wordt hier ook gesproken van een pandenanalyse, mogen we die ontvangen of inzien? Met het herstructureringstraject worden tegelijkertijd meerdere maatregelen genomen: een pandenanalyse, het invoeren van doelgroepenbeleid, aanpassen van de organisatiestructuur en het verbeteren van de dienstverlening en communicatie naar met name huurders. Hoofddoel is dat de ateliervoorraad behouden blijft, professioneel wordt beheerd en financieel gezond wordt geëxploiteerd waarbij betaalbaarheid, verduurzaming en continuïteit centraal staan. Aan alle genoemde maatregelen wordt door SLAK gestaag gewerkt om weer een stabiele organisatie te worden. Zo worden er voorbereidingen getroffen om een huurdersklankbord op te richten.
Met dit klankbord is er een groep (kandidaat)huurders die als vertegenwoordiger optreedt en advies geeft aan de bestuurder en de Raad van Toezicht van SLAK. De groep fungeert als een belangenbehartiger voor de SLAK huurders en heeft als doel de communicatie en samenwerking tussen SLAK en haar huurders te verbeteren. Om een huurdersklankbord mogelijk te maken zijn de statuten van SLAK in de tweede helft van 2024 gewijzigd. De pandenanalyse is gericht op de uitvoering van de verbeteractiviteiten als gevolg van de analyse op contractueel niveau en per pand. We hebben aan SLAK gevraagd of deze analyse openbaar kan worden. SLAK geeft aan dat dat niet kan, omdat deze bedrijfsgevoelige informatie bevat. Als de raad dat zou willen, dan kan dat alleen onder geheimhouding. Cathelijne Bouwkamp D66-25 114 “We monitoren actief het herstructureringstraject van SLAK” Hierover is eerder in een raadsbrief gerapporteerd.
In hoeverre is SLAK tot nu toe alle gemaakte afspraken en gedane toezeggingen uit dit herstructureringstraject nagekomen? In hoeverre wordt hierbij ook meegenomen of SLAK gemaakte afspraken met huurders danwel verplichting richting huurders (bijvoorbeeld omtrent onderhoud) nakomt en/of kan nakomen? Zijn er signalen dat SLAK onvoldoende stabiel is om in de toekomst de doelstellingen van de gemeente qua huisvesting van creatieven veilig te stellen? Er wordt hier ook gesproken van een pandenanalyse, mogen we die ontvangen of inzien? Met het herstructureringstraject worden tegelijkertijd meerdere maatregelen genomen: een pandenanalyse, het invoeren van doelgroepenbeleid, aanpassen van de organisatiestructuur en het verbeteren van de dienstverlening en communicatie naar met name huurders. Hoofddoel is dat de ateliervoorraad behouden blijft, professioneel wordt beheerd en financieel 27
gezond wordt geëxploiteerd waarbij betaalbaarheid, verduurzaming en continuïteit centraal staan. Aan alle genoemde maatregelen wordt door SLAK gestaag gewerkt om weer een stabiele organisatie te worden. Zo worden er voorbereidingen getroffen om een huurdersklankbord op te richten. Met dit klankbord is er een groep (kandidaat)huurders die als vertegenwoordiger optreedt en advies geeft aan de bestuurder en de Raad van Toezicht van SLAK. De groep fungeert als een belangenbehartiger voor de SLAK huurders en heeft als doel de communicatie en samenwerking tussen SLAK en haar huurders te verbeteren. Om een huurdersklankbord mogelijk te maken zijn de statuten van SLAK in de tweede helft van 2024 gewijzigd.
Portefeuillehouder: Fractie: Pagina: Vraag:
Antwoord:
Portefeuillehouder: Fractie: Pagina: Vraag: Antwoord:
Portefeuillehouder:
De pandenanalyse is gericht op de uitvoering van de verbeteractiviteiten als gevolg van de analyse op contractueel niveau en per pand. We hebben aan SLAK gevraagd of deze analyse openbaar kan worden. SLAK geeft aan dat dat niet kan, omdat deze bedrijfsgevoelige informatie bevat. Als de raad dat zou willen, dan kan dat alleen onder geheimhouding. Cathelijne Bouwkamp D66-26 114 Hier wordt gesproken over de inzet vanuit cultuur voor werkgelegenheid in de culturele en creatieve sector. Op welke wijze is deze inzet afgestemd op en verbonden met de inspanningen vanuit economie? In de economische monitor wordt de culturele sector specifiek benoemd als sector die van belang is voor de werkgelegenheid. Op verschillende manieren draagt (circulaire) economie bij aan het stimuleren van de creatieve sector bv op gebied van mode en op de manier waarop de creatieve sector een bijdrage kan leveren aan energieprojecten en- innovaties. Modepartners 025 en Verenigd Creatief Arnhem zijn daarbij belangrijke partners. Cathelijne Bouwkamp/ Nermina Kundić D66-27 128 Kan er een inschatting worden gemaakt over hoeveel mensen recht hebben op een bijstandsuitkering maar die dit op dit moment niet krijgen? In 2021 is er landelijk een rapport verschenen van de Inspectie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid.
Hier wordt de inschatting gemaakt dat 30% van de huishoudens die recht hebben op algemene bijstand hier geen gebruik van maken. Wij hebben hier geen Arnhemse informatie over beschikbaar. We hebben wel onderzoek uitgevoerd naar het bereik van de inkomensregelingen, hiervoor zijn o.a. straatinterviews afgenomen. Op basis hiervan zijn we aan de slag gegaan met het vergroten van de effectiviteit en bereik van onze inkomensregelingen. We attenderen inwoners actief op de mogelijkheden om de bestaanszekerheid te versterken. Inwoners die zich melden bij de Goed Geregeld Arnhem Loketten of het sociaal wijkteam zullen worden doorverwezen/begeleid naar de gemeente voor het aanvragen van een uitkering. Ook wordt gewezen op andere mogelijke aanvullingen op het inkomen. Mark Lauriks
28
Fractie: Pagina: Vraag:
Antwoord:
D66-28 133 Op dit moment lezen we niks over de inzet van ervaringsdeskundigen. Op welke manier worden ervaringsdeskundige zowel bij welzijn als bij zorg op dit moment ingezet? Binnen onze gemeente spelen ervaringsdeskundigen een belangrijke rol op allerlei inhoudelijke gebieden, van bestaanszekerheid tot suicidepreventie. Bij jeugd worden ervaringsdeskundigen ingezet door wijkcoaches (niet structureel). Ook bij het Regionaal Expertise Team worden ervaringsdeskundigen ingezet en sommige aanbieders (zoals Karakter) werken regelmatig met ervaringsdeskundigen. Bij de Kopgroep Verblijf (samenwerking aanbieders verblijf) neemt structureel een ervaringsdeskundige deel aan de overleggen.
Portefeuillehouder:
Mark Lauriks/ Bob Roelofs/ Marco van der Wel
Fractie: Pagina: Vraag:
D66-29 133 Op basis van welke criteria wordt het beperktere aantal zorgaanbieders geselecteerd? Er zijn nog geen criteria vastgesteld. De focus ligt momenteel op het uitwerken van de samenwerking tussen welzijnspartijen, sociaal wijkteam en zorgaanbieders in het wijknetwerk. Het voornemen is om in Q1 van 2025 te starten met een pilot in 2 wijken, met een beperkt aantal zorgaanbieders. De communicatie hierover wordt voorbereid. Bob Roelofs/ Marco van der Wel
Antwoord:
Portefeuillehouder: Fractie: Pagina: Vraag:
Antwoord:
Portefeuillehouder: Fractie: Pagina: Vraag:
D66-30 134 Sociale wijkteams werken op basis van concrete hulpvragen. In enkele wijken zien we samen met Team Leefomgeving een meer outreachende benadering. Wat is ervoor nodig om dit breder te doen, in bijvoorbeeld de opdracht van de wijkteams en welke consequenties heeft dit? Sociale wijkteams zijn aanwezig op ‘’vindplaatsen’’ in de wijk zoals scholen en nemen ook contact op met inwoners, indien inwoners hiervoor open staan en dit bijvoorbeeld via verwijzers of sociaal netwerk aangeven bij het sociaal wijkteam. Op deze wijze geeft het sociaal wijkteam nu invulling aan outreachend werken. Het verder uitbreiden van outreachend werken is alleen mogelijk als de formatie (aantal wijkcoaches) bij het sociaal wijkteam wordt vergroot en het sociaal wijkteam hiervoor extra financiële middelen ontvangt. Binnen de huidige opdracht en formatie/financiële middelen is uitbreiding van outreachend werken niet mogelijk. Marco van der Wel D66-31 135 Wat zijn de criteria wanneer groepsgewijze begeleiding passend is? Is dit uitvoerbaar voor het personeel i.r.t. werkbelasting en hoe ziet de financiële prikkel eruit?
29
Antwoord:
Portefeuillehouder: Fractie: Pagina: Vraag:
Deelname aan groepsbegeleiding vindt altijd plaats op basis van vrijwillige deelname, oftewel inwoners kiezen zelf of zij begeleid willen worden in groepsverband. Op dit moment worden inwoners met vergelijkbare problematiek individueel begeleid door een zorgaanbieder. We stimuleren om dit meer groepsgewijs te doen, waardoor inwoners ook van elkaar kunnen leren en geen 1 op 1 begeleiding nodig is, maar bijvoorbeeld 1 begeleider op 3 inwoners. Hulpvraag en passende groepssamenstelling zijn verder factoren die bepalen of groepsgewijze begeleiding passend is. Personeel ziet meer deelnemers in minder tijd, dus er is sprake van een voordeel in werkbelasting. Er wordt toegewerkt naar een financiële prikkel waarbij zorgaanbieders gestimuleerd worden om meer op begeleiding in groepen te declareren, indien dit passend is voor de inwoner. Bob Roelofs/ Marco van der Wel
Antwoord:
D66-32 137 Wat doen we op dit moment om meer steungezinnen en pleeggezinnen te werven? In de week van de pleegzorg is er een regionale campagne. In die week, op 7 november, organiseert Arnhem een bijeenkomst voor pleeg- en steungezinnen in samenwerking met Entrea Lindenhout. Wij zijn zuinig op onze pleegouders en daarom organiseren we een bedank-bijeenkomst op 6 november (Valkenhuizen).
Portefeuillehouder:
Bob Roelofs
Fractie: Pagina: Vraag:
D66-33 144 Afschalen jeugdgezondheidszorg: wat zijn hiervan de (mogelijke) consequenties? Bijv. voor de inspanningen in de netwerken in de wijk (p. 157). De opgenomen tekst in de begroting (pagina 144) klopt niet. De afschaling van JGZ is al geruime tijd geleden weer teruggedraaid. Er is op dit moment géén sprake van afschaling van de JGZ.
Antwoord:
De tekst in de begroting zal als volgt worden aangepast: OUDE TEKST: In het tekstblok op pagina 144 in de ontwerpbegroting 2025 staat: Organiseren sluitende aanpak voor vroegsignalering , (I) Kinderen zijn goed en zo vroeg mogelijk in beeld, zodat tijdig een eventuele hulp- of ondersteuningsvraag duidelijk wordt. Met ketenpartners organiseren we een gezamenlijke aanpak om het kind en ouders heen. Ouders hoeven zo niet van de ene naar de andere instantie. Dit doel staat momenteel enigszins onder druk door de huidige hoge werkdruk onder jeugdartsen en verpleegkundigen van de GGD, waardoor de GGD zich genoodzaakt ziet de jeugdgezondheidszorg deels af te schalen. We volgen in goede samenspraak met GGD JGZ nauwgezet deze ontwikkelingen en consequenties. Op die wijze zien we er ook op toe dat de vroegsignalering door de GGD zoveel mogelijk gewaarborgd blijft en dat de zorg voor kwetsbare kinderen en ouders overeind blijft. 30
NIEUWE TEKST Dit moet gewijzigd worden in: Organiseren sluitende aanpak voor vroegsignalering , (I) Kinderen zijn goed en zo vroeg mogelijk in beeld, zodat tijdig een eventuele hulp- of ondersteuningsvraag duidelijk wordt. Met ketenpartners organiseren we een gezamenlijke aanpak om het kind en ouders heen. Ouders hoeven zo niet van de ene naar de andere instantie. In goede samenspraak met GGD JGZ zien we er ook op toe dat de vroegsignalering door de GGD gewaarborgd blijft en dat de zorg voor kwetsbare kinderen en ouders overeind blijft. Portefeuillehouder:
Maurits van de Geijn
Fractie: Pagina: Vraag:
D66-34 148 Het college constateert dat “inzet op het bestrijden van discriminatie ook na 2026 nodig zal blijven.” Welke van de huidige inzet komt na 2026 te vervallen op basis van deze begroting? Voor het voorkomen en tegengaan van racisme en discriminatie in de stad Arnhem vervallen na 2026 de middelen die via de motie 22M156 ‘Aan de slag met de lokale coördinator tegen racisme en discriminatie’ en amendement 22A80 ‘Anti-racisme aanpak’ aan de begroting zijn toegevoegd, zijnde € 150.000 en € 50.000. In totaal € 200.000 dat vervalt na 2026.
Antwoord:
Wel blijven de structurele budgetten beschikbaar voor Vrij zijn in Arnhem, welke onlangs structureel beschikbaar zijn gesteld, en de budgetten voor het WGA en het subsidiebudget voor InDifferent.
Portefeuillehouder: Fractie: Pagina: Vraag:
Antwoord:
Daarnaast stellen we hier in deze begroting voor om structureel budget beschikbaar te stellen voor bestrijding van discriminatie à € 100.000. Maurits van de Geijn D66-35 154 Tot 2026 wordt er één keer per jaar een openbare beweegvoorziening aangelegd. Klopt het dat er dan slechts één beweegvoorziening wordt aangelegd, namelijk één voorziening in 2025? We streven er naar minimaal één voorziening per jaar te realiseren. Er is daarin geen strakke planning omdat beweegvoorzieningen in de openbare ruimte sterk afhankelijk zijn van de behoeften van de gebruikers en het vinden van een geschikte plek om in die behoefte te voorzien. Soms realiseren wij meerdere voorzieningen in één jaar. Voor 2025 staat in ieder geval de groene beweegvoorziening aan de luinhorstweg op de planning. Ons streven is om dit door te zetten na 2025, afhankelijk van welke middelen (o.a. GALA budget) er beschikbaar blijven vanuit het Rijk.
Portefeuillehouder:
Bob Roelofs
Fractie: Pagina: Vraag:
D66-36 154 Waar blijkt uit dat het programma GO! effectief is in de aanpak van overgewicht bij kinderen?
31
Antwoord:
Portefeuillehouder: Fractie: Pagina: Vraag: Antwoord: Portefeuillehouder: Fractie: Pagina: Vraag:
Antwoord:
Portefeuillehouder: Fractie: Pagina: Vraag: Antwoord:
Uit de Social Return on Investment (SROI)-ratio blijkt dat de ketenaanpak Kind naar Gezond Gewicht (in Arnhem GO!) effectief is. GO! is de Arnhemse variant van de ketenaanpak Kind naar Gezond Gewicht (KnGG). De werkzame elementen zijn nagenoeg gelijk. De SROI van de ketenaanpak KnGG is € 3,20. Dit betekent dat elke geïnvesteerde euro € 3,20 aan maatschappelijke winst oplevert. Met andere woorden, de investering betaalt zich terug in gezondheidswinst en hogere kwaliteit van leven. Maurits van de Geijn D66-37 154 Komt er een lokale evaluatie van het JOGG-programma? Zo ja, wanneer wordt deze verwacht? Ja, de lokale evaluatie van het JOGG-programma wordt eind van dit jaar verwacht. Maurits van de Geijn D66-38 157 Welke voortgang is er in het afgelopen jaar gemaakt met het stimuleren van een verantwoord middelenbeleid bij sportverenigingen? Zijn er sportverenigingen die hun beleid hebben aangepast aan de hand van de gesprekken die zijn gevoerd? In 2024 zijn vanuit de JOGG-aanpak van Sportbedrijf Arnhem meerdere gesprekken gevoerd met verenigingen om verantwoord middelengebruik te stimuleren. Dit heeft in ieder geval bij één sportvereniging gezorgd voor een volledige aanpassing van hun beleid. Bij andere verenigingen is verantwoord middelengebruik onderwerp van gesprek, maar zijn er nog geen concrete maatregelen doorgevoerd. Wij blijven met de verenigingen in gesprek over dit thema.
In 2025 doen wij dit met een vernieuwde Arnhemse aanpak voor de gezonde sportomgeving. In de nieuwe aanpak ligt de nadruk minder op het behalen van vignetten en meer op het stapsgewijs bereiken van een verantwoord middelenbeleid. Bob Roelofs/Maurits van de Geijn D66-39 167 We werken met de 25 grootste energieverbruikers aan verduurzaming: welk aandeel van het totale energieverbruik vormen deze 25 ongeveer? De top 30 grootste energieverbruikers verbruikt: 100.000.000 kWh = 360 Terrajoules 12,5 miljoen m3 = 120.500.000 kWh = 434 Terrajoules. Totaal is dan circa 800 Terrajoules = verbruik van de 30 grootste energieverbruikers. Als je dit afzet tegen Arnhemse totalen: Totaal energieverbruik Arnhem = 10692 TJ, dus 800 TJ = 7% van het totale energieverbruik. Totaal energieverbruik – mobiliteit = 6128, dus 800 TJ = 13% van het totale energieverbruik.
32
Portefeuillehouder: Fractie: Pagina: Vraag: Antwoord:
Portefeuillehouder: Fractie: Pagina: Vraag: Antwoord:
Totaal energieverbruik bedrijven, industrie en publieke dienstverlening = 2641 TJ, dus 800 = 30% van het totale energieverbruik. Totaal woningen = 3200 vs Top 30 grootverbruikers = 800, dit is net zoveel als 25% van alle woningen. Nermina Kundić D66-40 190 Kunnen bedrijven ook aanvragen doen voor groenblauwe subsidies? Zo ja, in welke mate gebeurt dat ook? Ja, bedrijven kunnen ook deze subsidie aanvragen. In de afgelopen jaren hebben een beperkt aantal bedrijven gebruik van gemaakt van deze subsidie. Verwachting is dat het aantal bedrijven dat gebruik gaat maken van deze subsidie wel gaat toenemen door een gerichte aanpak richting een aantal bedrijventerreinen vanuit het Europees project IB Green. Cathelijne Bouwkamp D66-41 192 Is er een kaart waarop hondenuitlaatplekken zichtbaar zijn, en kunnen wij die ontvangen? In welke wijken is er nog een tekort aan uitlaatplekken? De meest actuele kaart van hondenlosloopplaatsen wordt gepubliceerd op de website van de gemeente Arnhem: https://www.arnhem.nl/Inwoners/wonen_en_milieu/dierenwelzijn/honden In de Uitvoeringsagenda Dierenwelzijn 2024-2025 kondigen wij aan dat we gaan onderzoeken wat de behoeftes van honden, hondeneigenaren en omwonenden in Arnhem zijn rondom hondenlosloopplaatsen. Dat onderzoek loopt, waardoor conclusies over tekorten nu voorbarig zijn.
Portefeuillehouder:
Wel kan je zien op de kaart dat er in Arnhem Zuid veel minder ruimte is voor honden om los te lopen dan in Arnhem Noord. Marco van der Wel
Fractie: Pagina: Vraag: Antwoord: Portefeuillehouder:
D66-42 204 Klopt het dat het jaartal rechts bovenaan de tabel 2028 moet zijn? Ja. Paul Smeulders
Fractie: Pagina: Vraag:
D66-43 213 “De besparingen die in de Perspectiefnota zijn opgenomen, zijn essentieel geweest om dit evenwicht te bereiken.” Er bestaat een risico dat een deel van de structurele besparingen niet haalbaar blijkt. Is dit risico in alle gevallen meegewogen in de risicoparagraaf? Zo nee, voor welke bezuinigingen niet? Bij de actualisatie van de gemeentebrede risico’s voor de Begroting 2025 zijn ook de besparingen meegewogen. Dit heeft tot twee nieuwe gekwantificeerde risico’s geleid. Ten eerste het risico dat bezuinigingsmaatregelen Jeugdzorg en Zorg niet of onvolledig worden gerealiseerd, zoals weergegeven in de tabel van de belangrijkste risico’s op blz 222. Daarnaast is een nieuw risico
Antwoord:
33
Portefeuillehouder: Fractie: Pagina: Vraag:
Antwoord:
Portefeuillehouder: Fractie: Pagina: Vraag:
Antwoord:
Portefeuillehouder: Fractie: Pagina: Vraag:
opgenomen van € 200.000 voor extra inzet van persoonsgerichte aanpak door zorg- en veiligheidspartners als gevolg van de besparingen op zorg. Het gaat daarbij om de zogenoemde persoonsgerichte aanpak (PGA) in de wijken en de PGA voor geëscaleerde, complexe gevallen door het Zorg en Veiligheidshuis. Voor de overige besparingen is ofwel het risico dat deze niet worden gerealiseerd nihil, of er zijn beheersmaatregelen waarmee het risico wordt beperkt, of ze zijn (een klein) onderdeel van grotere generieke risico’s. Paul Smeulders D66-44 217 Het risico bestaat dat het (deels) niet tijdig lukt om subsidies af te bouwen. Dit betreft welzijnssubsidies die met ingang van 2025 al niet meer beschikbaar zijn. Volgens de langetermijnagenda zou de raad in Q2 2024 het voorstel Transformatie Welzijn ontvangen, op basis waarvan deze wijziging wordt doorgevoerd. Wanneer kan de raad dit voorstel verwachten en in hoeverre is dat nog op tijd om voor de subsidies in 2025 keuzes te maken? Als dat niet meer haalbaar is, waarom is dit dan als risico opgenomen en niet als nadeel in de begroting verwerkt? De raad kan de beleidsnotitie Welzijn voor de afronding van de begrotingsbehandeling verwachten. Op dit moment wordt het participatietraject afgerond. Het klopt dat het niet/ beperkt mogelijk is om enkele subsidies af te bouwen voor 2025.
Inhoudelijk worden deze gesprekken al wel (met partners) gevoerd maar juridisch gezien hebben deze partners recht op een deugdelijke termijn van afbouw. Deze afbouw kan dus pas plaats vinden per 2026 en zal gelijk oplopen met een in te stellen subsidieregeling Welzijn. Voor het jaar 2025 is binnen de bestaande begroting ruimte om deze subsidies te blijven bekostigen. Dit is dan ook de reden dat het als risico en niet als nadeel opgevoerd is. Mark Lauriks D66-45 222 "Onderzoek dat is uitgevoerd naar alle lekkages op Arnhem Centraal heeft veel gebreken opgeleverd. Er zijn herstelmaatregelen noodzakelijk in het gebied onder verantwoordelijkheid van de gemeente, ondanks dat ProRail en NS ook nadrukkelijk partij zijn in het verhelpen van de lekkages." Welke financiële bijdrage leveren ProRail en NS in het tegengaan van de lekkages? De meeste herstelmaatregelen zijn inmiddels uitgevoerd en de resultaten daarvan worden gemonitord. Aan de verdeling van kosten tussen gemeente, NS en ProRail ligt de demarcatie ten grondslag die bij de bouw van het station is afgesproken tussen deze partijen. Maurits van de Geijn D66-46 242 Onderhoud van beeldende kunst in de openbare ruimte is onderdeel van het Onderhoud Kapitaalgoederen. Het budget hiervoor is relatief recent
34
Antwoord:
overgeheveld naar openbare ruimte. Hoewel financieel wel opgenomen, ontbreekt een toelichting in de paragraaf over dit deel van het onderhoud. Kunnen we daar alsnog informatie over ontvangen? Onderstaand is de onderhoudstoestand van de beeldende kunstwerken toegelicht. Vanaf volgend jaar zullen we dit ook meenemen in de paragraaf kapitaalgoederen. Beeldende kunstwerken Onder de noemer van beeldende kunstwerken vallen kunstwerken en omgevingsvormgevingen, parkbeelden, herdenkingsmonumenten en een aantal monumentale objecten (grenspalen). Jaarlijks is er een visuele inspectie waarbij de inspecteur voornamelijk kijkt naar de ambities schoon, netjes, heel en veilig. Daarnaast is er vijfjaarlijks een technische inspectie. Het inspecterende bureau reinigt de beelden, waarna we tevens een rapportage met gebreken krijgen inclusief een oordeel over de algemene toestand van het object (zie onderstaande staafdiagram). Op basis daarvan kunnen we de cyclus van het reeds ingeplande reguliere onderhoud in combinatie met de aangetroffen schades eventueel aanpassen. Dit dient als basis voor de monodisciplinaire (uitzonderingen daargelaten zoals de blauwe golven en de AKU-fontein) meerjarenplanning. Vanaf 2022 is het budget inclusief de verantwoordelijkheid voor het groot onderhoud overgeheveld van SBR naar Openbare Ruimte, waarna we bezig zijn om een professionaliseringsslag te maken.
De afgelopen 3 jaar hebben we jaarlijks technische inspecties uit laten voeren, waardoor we na het reguliere onderhoud van 2025 beschikken over actuele technische rapportages van elk object. In onderstaande staafdiagram is te zien in welke onderhoudsstaat de objecten zich bevinden. 80% hiervan is op basis van de technische inspecties van afgelopen jaren en 20% is een eigen inschatting. Eind 2025 zal dit 100% op basis van technische inspecties van een gespecialiseerd bureau zijn.
1-Uitstekende 2-Goede 3-Redelijke 4-Matige conditie conditie conditie conditie Algemene toestand beeldende kunstwerken 2024
35
5-Slechte conditie
Portefeuillehouder :
De kwaliteit van het areaal is over het algemeen goed te noemen, maar er zijn wat aandachtspunten zoals bijvoorbeeld de rijksmonumentale beelden langs de singels. Hiervan zijn er afgelopen jaar al 2 opgeknapt en voor de overige zijn we samen met Erfgoed en RCE (Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed) een plan aan het maken voor de komende 2 jaar. Er is één object welke in slechte staat is, maar daarvan weten we niet wie de eigenaar is. Waarschijnlijk is dat Waterschap Rivierenland (object tegenover gemaal Drielse Dijk). Wat op dit moment al in de planning staat (uit de serie ‘matige conditie’) voor eind dit jaar en begin volgend jaar zijn natuurlijk de luifelconstructie en het beeld van Tajiri van de AKU-fontein, de ‘burgerklok’ (Lauwersgracht) en verder ook ‘Dulcinea's voor de Monnik’ (Monnikenhuizen) en ‘De Gelaarsde Kat’ (Malburgen-west). Bob Roelofs
Fractie: Pagina:
D66-47 267
Vraag:
Het Rijk is voornemens op per 1 januari 2025 uit te treden uit de GR Gelders Archief. Volgens de stukken bij de laatste Ontwerpbegroting van het Gelders Archief, worden we nog geïnformeerd over de wijziging van de regeling die daaruit voortkomt. Wat is de stand van zaken van dit proces? Op welk moment wordt een raadsbesluit hierover verwacht? En welke financiële gevolgen heeft het uittreden van het Rijk (mogelijk) voor de gemeente Arnhem? Om de terugtreding uit de gemeenschappelijke regelingen van de Regionaal Historische Centra, waar het Gelders Archief er één van is, mogelijk te maken dient de Archiefwet aangepast te worden. De behandeling van deze wet door de Tweede Kamer is inmiddels verschillende keren uitgesteld, voor het laatst afgelopen september. Het debat is nu voorzien in december 2025. Hierdoor zal 1 januari 2025 als datum van uittreden door het Rijk niet gehaald worden en is het uittreden nu voorzien op 1 januari 2026, afhankelijk van de behandeling van de Archiefwet door de Tweede Kamer én de Eerste Kamer. Ook zullen beide Kamers akkoord moeten gaan met de gewijzigde gemeenschappelijke regeling. Na dit akkoord zal de regeling voorgelegd worden aan de gemeenteraad. Zodra hier meer over bekend is wordt de raad geïnformeerd.
Antwoord:
Zolang de gewijzigde gemeenschappelijke niet in werking is getreden, blijft de huidige regeling van kracht. Voor de gemeente Arnhem zijn hier geen financiële risico’s aan verbonden. De bijdrage van het Rijk aan het Gelders Archief blijft gehandhaafd. Daarnaast heeft de gemeente aangegeven aan het Gelders Archief dat de prijsindexatie voor verbonden partijen in 2025 naar verwachting maximaal 3,5% zal bedragen. Het Gelders Archief voldoet in haar begroting aan deze indexatie. Portefeuillehouder:
Bob Roelofs
36
PvdA Fractie: Pagina: Vraag:
Antwoord:
PvdA-1 Er is een aantal jaar geleden een bestemmingsreserve Stadsontwikkelfonds ingesteld. Is hier al een bestedingsplan voor ontwikkeld? Is er een afwegingskader op grond waarvan wordt bepaald wanneer en waarvoor het stadsontwikkelfonds wordt ingezet? Voor inzet van de reserve is het bestedingsdoel bepalend. De reserve wordt ingezet voor de stedelijke ontwikkeling. Bestedingsvoorstellen worden individueel afgewogen en maken onderdeel uit van de besluitvorming van de raad om middelen beschikbaar te stellen voor gebiedsexploitaties / projecten. Nagenoeg het gehele beschikbare saldo van de reserve is op deze wijze al bestemd. Doel BR Stadsontwikkelfonds
Portefeuillehouder: Fractie: Pagina: Vraag:
Antwoord:
Deze reserve wordt ingezet om onze ambities ten aanzien van de stedelijke ontwikkeling te kunnen realiseren of als cofinanciering voor middelen van andere overheden. Naast het borgen van de voortgang of versnelling van projecten, zijn deze middelen ook bedoeld voor onder andere het dekken van de onrendabele toppen bij het realiseren van huisvesting voor bijzondere doelgroepen en het realiseren van meer sociale huurwoningen, maatschappelijke functies of vergroening van de openbare ruimte. Paul Smeulders PvdA-2 Zijn er voorbeelden te geven van woningbouwprojecten die zijn ondersteund vanuit het stadsontwikkelfonds? Welke bijdrage is vanuit het stadsontwikkelfonds verstrekt en op welke grond(en)? Vanuit het stadsontwikkelfonds wordt bijgedragen aan: - Spoorzone Arnhem Oost (9,5 mln, begroting 2024 en raadsvoorstel spoorzone) - gebiedsontwikkeling Arnhem West (4 mln, perspectiefnota 2025 en begroting 2025) - flexwoningen op het Merwedeterrein (400K, begroting 2024 en raadsbesluit 8 maart 2023) - masterplan transformatie Koepelgevangenis (92K, raadsbesluit 28 juni 2023) - de Hobbit (300K, perspectiefnota 2025 en begroting 2025) - de Luthersestraat 9 (310K, raadsbrief 17 september 2024)
Portefeuillehouder:
Paul Smeulders
Fractie: Pagina: Vraag:
PvdA-3
Antwoord: Portefeuillehouder:
Binnen de reserve is een bedrag van circa € 300.000 nog onbestemd. Paul Smeulders
Welk budget zit er nu in de BR Stadsontwikkelfonds?
37
Fractie: Pagina: Vraag: Antwoord:
PvdA-4 Wat is de aanleiding voor het ontwikkelperspectief Arnhem Centrum? Wat wordt hierin opgenomen? Aanleiding In de Omgevingsvisie Arnhem 2040 is het centrum is aangewezen als een van de vier verstedelijkingsgebieden. Het Ontwikkelperspectief is de vervolgstap hierop en laat zien hoe de ambities en thema’s uit de Omgevingsvisie landen in centrum Arnhem. Net als veel binnensteden in Nederland, kent ook Arnhem uitdagingen om de komende decennia het centrum blijvend aantrekkelijk, bruisend en leefbaar te houden. Een krachtig winkelhart, meer vergroening en verduurzaming, transformatie van vastgoed (zowel functioneel als bouwkundig), bereikbaarheid voor inwoners en bezoekers, aantrekkelijk woon- en leefklimaat zijn enkele voorbeelden van de uitdagingen en kansen waar het centrum van Arnhem voor staat. Om de komende jaren hierop maximaal sturing te kunnen geven, kansen te benutten en de opgaven gericht op te pakken, is een integraal perspectief op de ontwikkeling van het centrum nodig. Wat wordt hierin opgenomen? Het Ontwikkelperspectief geeft antwoord op wat voor centrum we in 2040 willen en kunnen zijn, welke stappen nodig zijn om daar te komen en welke ruimtelijk een programmatische ingrepen daarvoor nodig zijn.
Het laat onder andere op hoofdlijnen zien welke ontwikkelingsrichting ingeslagen wordt ten aanzien van verstedelijking en verdichting, welke bijbehorende mobiliteitstransitie nodig is en wat dit betekent voor de openbare ruimte, de programmatische verschuiving (compacter winkelhart en meer en andere vormen van werk, wonen en cultuur), historie en erfgoed (het Arnhemse DNA), energie en verduurzaming (waaronder consequenties van de energietransitie) en klimaat en groen (meer groen en biodiversiteit, minder hittestress en wateroverlast). Er wordt ook ingegaan op aspecten als gastvrijheid en identiteit (groen, creatief en vrij). Deze thema’s worden integraal bekeken. We gaan hierbij uit van vastgestelde kaders zoals het omgevingsplan Binnenstad en Singels, de Woonvisie, de Visie Werklocaties en Kantorennota, het Plan Gezonde Leefomgeving, integraal Veiligheidsplan en het (nog niet vastgestelde) Duurzaam Mobiliteitsplan. Het stedenbouwkundig bureau PosadMaxwan heeft de opdracht gekregen om ons te begeleiden bij het opstellen van het ontwikkelperspectief.
Portefeuillehouder:
Bob Roelofs
Fractie: Pagina: Vraag:
PvdA-5 6 “Ook dit draagt bij aan het verminderen van de personeelstekorten, omdat één begeleider zo meer inwoners tegelijkertijd kan begeleiden. Om deze beweging op gang te krijgen, zullen wij aanbieders hiertoe stimuleren en bovendien in de regionale inkoop financiële prikkels inrichten. Via pilots met zorgaanbieders en in samenwerking met de regionale inkooporganisatie bereiden we dit voor.” (p. 6). Wat wordt er concreet als pilot opgestart? Wat zijn de financiële prikkels? De proeftuin begeleiding in kleine groepen loopt momenteel en tot en met 1
Antwoord:
38
Portefeuillehouder:
december 2024. Daarna kijken we hoe en in welke vorm dit vervolg krijgt. Er wordt toegewerkt naar een financiële prikkel waarbij zorgaanbieders gestimuleerd worden om meer op begeleiding in groepen te declareren, indien dit passend is voor de inwoner. Bob Roelofs/ Marco van der Wel
Fractie: Pagina: Vraag:
PvdA-6 15-16 “De milieuzone wordt dit jaar volledig verankerd in de organisatie en belegd bij partijen die de verkeershandhaving van de binnenstad verzorgen.” Wat verandert er ten opzichte van de afgelopen jaren?
Antwoord:
De afgelopen jaren was de milieuzone nog niet verankerd in de organisatie. We hebben de organisatie en uitvoering rond de milieuzone nog niet vastgelegd voor de lange termijn. Op dit moment zijn we beleidsmatig en op het gebied van uitvoering afspraken beter aan het vastleggen. Voor de buitenwereld zal er niets veranderen. De afspraken zijn bedoeld om binnen de organisatie beter samen te werken en beter kunnen handhaven. Nermina Kundić
Portefeuillehouder: Fractie: Pagina: Vraag:
Antwoord:
PvdA-7 17 “De ODRA verwacht een volumestijging op basis van een hogere realisatie in de afgelopen jaren en de uitbreiding van de taken op het gebied van groene handhaving. Daarvoor wordt structureel € 25.000 aanvullend budget begroot.” (p. 17) Betreffen dit wettelijke taken? Dit betreft de stijging die is aangekondigd bij de behandeling van de ODRAbegroting 2025 (zie Raadsvoorstel 'ODRA begroting 2025 en jaarstukken 2023'). De, voor Arnhem, belangrijkste volumestijgingen zitten in de volgende onderdelen: •
Portefeuillehouder:
aanpassing van een aantal begrotingsposten aan een hogere realisatie in de afgelopen jaren; • verhoging van het budget voor adviseurs uitvoeringsbeleid; en • op verzoek van de gemeente uitbreiding van taken op het gebied van groene handhaving. De adviseurs uitvoeringsbeleid en groene handhaving zijn gedeeltelijk wettelijke taken en de aanpassing van de begrotingsposten is vanwege een hogere realisatie van wettelijke taken. Marco van der Wel
Fractie: Pagina: Vraag:
PvdA-8 19 2% besparingsraming VGGM (p. 19). Is al zeker dat VGGM deze besparing kan realiseren? Is ook overwogen om een grotere of kleinere besparing te realiseren? Hoe is deze 2% bepaald?
Antwoord:
Het is nog niet duidelijk of en wanneer de 2% besparing gerealiseerd kan worden door VGGM. Op dit moment wordt er een inventarisatie gemaakt van de te realiseren besparingen op de korte termijn. Dit zullen waarschijnlijk met name financieel technische oplossingen zijn. Deze besparingen worden in de
39
kaderbrief 2026 (te versturen vóór 1 dec 2024) toegelicht en gekwantificeerd. Daarnaast worden er richtingen verkend voor langere termijn besparingen, dit vraagt een zorgvuldige uitwerking en afweging. De richtingen die hiervoor verkend worden, worden ook in de kaderbrief 2026 verder toegelicht, maar zijn dan nog niet kwantificeerbaar. In deze korte en lange termijn inventarisatie wordt ook de mogelijkheid om een grotere of kleinere besparing te realiseren meegenomen. De raad wordt bij het versturen van de kaderbrief in de gelegenheid gesteld om wensen en bedenkingen mee te geven voor de totstandkoming van de ontwerpbegroting 2026. De 2% besparing is bepaald op basis van de opdracht die het Algemeen Bestuur van VGGM op 3 april jl. aan het Dagelijks Bestuur van VGGM heeft gegeven om voor 30 april, naast de ontwerpbegroting 2025, inzichtelijk te maken wat de consequenties zijn van een indicatieve besparing van tenminste 2% voor 2025 en een grotere besparing vanaf 2026 later dit jaar. Portefeuillehouder:
Maurits van de Geijn
Fractie: Pagina: Vraag:
PvdA-9 22 Wordt de huurovereenkomst voor het stadskantoor verlengd tot 2023? Waarom vervalt daarin de huurkorting? Hoeveel bedraagt de huur nu en wat wordt de huur? (p. 22) Voor het stadskantoor wordt gehuurd bij twee verschillende verhuurders, één voor de oudbouw en één voor de nieuwbouw. De betreffende huurkorting is een contractuele afspraak met de verhuurder van de nieuwbouw ontstaan vanuit de vorige contractonderhandelingen. De huurkorting is verstrekt voor een bepaalde periode, tot en met 30 juni 2023. De contractuele korting op de huurprijs is na deze datum verlopen. Vervallen huurkorting bedraagt €937.000. Te betalen huur 2024 €4,45 miljoen
Antwoord:
Portefeuillehouder:
Een mogelijke oplevering van vernieuwde huisvesting is later gereed dan de opzegmogelijkheid per 1 juli 2025 die contractueel is afgesproken. De huurovereenkomsten voor het Stadskantoor hebben we daarom niet opgezegd en gecontinueerd voor tot en met 30 juni 2030. Maurits van de Geijn
Fractie: Pagina: Vraag:
PvdA-10 16 Op p. 16 staan ontwikkelingen/bezuinigingen op onderhoud groen, wegenonderhoud, bomenonderhoud en dagelijks onderhoud (waaronder onkruid). Heeft dit nu al gevolgen voor het onderhoud van verhardingen en groen in wijken? Zal bijvoorbeeld onkruid langer blijven doorgroeien in wijken? Zo ja, kan dit ook schade veroorzaken aan de publieke ruimte?
Antwoord:
Samenvattend kan gesteld worden dat deze bezuinigingen zullen leiden tot een vermindering van de beeldkwaliteit maar dat schade aan de publieke ruimte zo veel mogelijk wordt voorkomen. Wegenonderhoud
40
We verminderen het budget voor wegenonderhoud structureel omdat we door vergroening minder verharding onderhouden. Daarnaast besparen we incidenteel op het onderhoud wegen door het onderhoud waar mogelijk tijdelijk uit te stellen. Vanaf 2029 zal dan het reguliere budget weer nodig zijn om direct in te kunnen grijpen op de meest kritische plekken zodat kapitaalvernietiging zo veel mogelijk wordt voorkomen. Wijkonderhoud Het budget voor dagelijks onderhoud in de wijken wordt verlaagd door onder andere het minder legen van afvalbakken, verwijderen van onkruid en een lagere frequentie van maaien. Dit kan leiden tot een mindere beeldkwaliteit. Door het maken van gerichte keuzes willen we het negatieve effect hiervan zoveel mogelijk beperken. Juist in de Arnhem-Oost wijken willen we inzetten op tegengaan van verloedering en daarom stellen we voor deze wijken uit te sluiten van deze bezuinigingsmaatregel. Bomenonderhoud We bezuinigingen structureel op het groot onderhoud aan bomen en op het beheersen van boomziekten. We halveren de inzet op het vervangen van boom- en laanstructuren. Hierdoor vallen er gaten in de boomstructuur. Bomen kunnen eerder uitvallen als gevolg van de toename aan ziektes en de ervaring van overlast door eikenprocessierups kan toenemen. De wettelijke verplichte zorgplicht in de vorm van dagelijks onderhoud blijft overeind zodat de veiligheid geborgd blijft.
Onderhoud stedelijk groen We beperken onze inzet op het onderhoud van het stedelijke groen, waarbij de directe woonomgeving zoveel mogelijk wordt ontzien. Dit houdt in dat plantvakken minder intensief worden onderhouden en gazons minder vaak gemaaid. Effect hiervan is dat het stedelijk groen een wilder karakter krijgt en de verwachting is dat dit een positief effect op de biodiversiteit kan hebben. Portefeuillehouder: ChristenUnie Fractie: Pagina: Vraag: Antwoord:
Bob Roelofs/ Marco van der Wel/ Cathelijne Bouwkamp/ Nermina Kundic
CU-1 (mondeling gesteld op 2-10) Toename beroep inkomensregelingen 2022? Waar komt dit door? Pas sinds enkele jaren meten we het gebruik van inkomensregelingen, uitgedrukt in het totaal aantal unieke gebruikers over jaren heen. Zo’n meting is grofmazig en eigenlijk pas als indicator bruikbaar na meerdere jaren. Over de jaren 2021-2023 is nooit een analyse gemaakt van de fluctuatie in het gebruik. Daarvoor zou ook een behoorlijke investering moeten worden gedaan, omdat het aan veel verschillende factoren kan liggen dat iemand het ene jaar wel een regeling gebruikt en het volgende jaar niet. Dit kan bijvoorbeeld liggen aan verhuizing, verhoging van de inkomensgrens of niet meer voldoen aan een andere voorwaarde, het vergeten van aanvragen of overlijden. Ook kan het liggen aan een gemeentelijke communicatie-actie die in meer of mindere mate is aangeslagen, maar ook daarvan is het lastig om een toename van het gebruik van een regeling daaraan toe te schrijven. Om achteraf een goed beeld te krijgen van zo’n grofmazige indicator zou je interviews moeten afnemen en enquêtes. Dat zorgt voor extra kosten en
41
Portefeuillehouder: Fractie: Pagina: Vraag:
Antwoord:
vraagt veel capaciteit. Het college heeft er in 2023 voor gekozen om vooruit te kijken en de capaciteit te richten op verbetering van het bereik van inkomensregelingen, en de onderliggende oorzaken van niet-gebruik te onderzoeken in brede zin. Zie daarvoor het onderzoeksrapport over bestaanszekerheid. Mark Lauriks CU-2 Wat zijn de geschatte aanschaf- en exploitatiekosten van een eventuele nieuwe Bibliobus? Wat zijn de kosten die momenteel door Rozet gemaakt worden ter vervanging van de verdwenen Bibliobus? Rozet heeft in juli 2023 onderzocht wat de kosten van een eventuele nieuwe bibliobus zijn. De eenmalige investeringskosten bestaan naast aanschafkosten ook uit kosten voor gereed maken voertuig. De totale kosten verschillen per variant en worden door Rozet geschat op tussen de 300.000 en 900.000 euro eenmalige kosten en tussen de 161.150 en 214.000 euro structurele kosten, afhankelijk van het type voertuig. De structurele kosten bestaan uit afschrijvingskosten en exploitatielasten waaronder brandstof- en onderhoudskosten, personele kosten en collectiekosten. Deze kostenraming is gebaseerd op een inschatting door Rozet en gebaseerd op prijspeil 2022. De daadwerkelijke kosten voor de aanschaf van een nieuwe bibliobus kunnen dan ook afwijken van bovenstaande bedragen.
Portefeuillehouder: Fractie: Pagina: Vraag:
De werkzaamheden van de bibliobus worden opgevangen door bibliotheken op school en door Rozetjes. De kosten hiervoor bedragen circa € 30.000 en bestaan uit FTE, ICT en collectiekosten. Cathelijne Bouwkamp CU-3 81 In 2025 gaan we diverse fietsprojecten uitvoeren, waaronder: • Snelfietsroute Arnhem – Nijmegen (Verbeterplan RijnWaalpad); • Doorfietsroute De Liemers: fietspaden Johan de Wittlaan • Hommelseweg als onderdeel van de snelfietsroute Arnhem Noord Alteveer; • Doorfietsroute Om de Noord: Noordelijke Parallelweg tot Callunastraat Vraag: kunnen wij van deze routes een kaartje ontvangen?
42
Antwoord:
Portefeuillehouder:
Nermina Kundić
Fractie: Pagina: Vraag:
CU-4 104 (Programma Arnhem-Oost): “….realisatie op alle scholen in Arnhem-Oost een Rijke Schooldag…”: hoeveel kinderen uit de Arnhem-Oost wijken gaan naar een school die buiten die wijken ligt (en daarmee buiten het Arnhem-Oost gebied)? Het gaat ons hier om cijfers van alle vormen van onderwijs: speciaal onderwijs, bijzonder onderwijs, onderwijs voor hoogbegaafde kinderen. Voor de beantwoording van deze vraag hebben we gebruik gemaakt van cijfers van de woonwijk van leerlingen in het speciaal basisonderwijs (sbo), regulier basisonderwijs (bo), regulier voortgezet onderwijs (vo) en (voortgezet) speciaal onderwijs ((v)so) in Arnhem op 1-10-2023. Deze cijfers zijn afkomstig van DUO. Het gaat dus om leerlingen die op een Arnhemse school zitten. Arnhemse leerlingen die op een school buiten Arnhem naar school gaan, zijn niet meegenomen in deze cijfers. Het werkelijke aantal leerlingen dat in een Arnhem-Oost wijk woont, maar buiten een Arnhem-Oost wijk naar school gaat, ligt dus waarschijnlijk hoger dan onderstaande getallen.
Antwoord:
In totaal gaat het om 2.477 leerlingen woonachtig in Arnhem-Oost die buiten Arnhem-Oost naar een sbo, (v)so, bo of vo school gaan. onderwijstype
schoolgaand buiten Arnhem-Oost
schoolgaand binnen Arnhem-Oost
(v)so
215
112
bo
1.116
2.540
Sbo*
159
-
vo
987
872
totaal
2.477
3.524
Er bevindt zich geen school voor speciaal basisonderwijs in een van de Arnhem-Oost wijken.
43
Portefeuillehouder:
Cathelijne Bouwkamp/Nermina Kundic
Fractie: Pagina: Vraag:
CU-5 105 … dat meer jongeren een startkwalificatie behalen: hoeveel jongeren halen een diploma van de Praktijkschool en stromen niet door naar regulier vervolgonderwijs, een beroep of een dagbesteding? In het vsv dashboard voor jongeren in kwetsbare positie zijn voor de gemeente Arnhem de volgende gegevens voorhanden van jongeren die in schooljaar 2022/2023 uitstroomden vanuit het praktijkonderwijs. Dit zijn de meest recente cijfers beschikbaar vanuit DUO. In het vsv dashboard zijn gegevens afgerond op tientallen (absoluut) en hele percentages. - Van praktijkonderwijs naar onderwijs: 64% (40 jongeren) - Van praktijkonderwijs naar werk: 21% (20 jongeren, deze categorie bevat geen ZZP-ers en werknemers in het buitenland) - Van praktijkonderwijs naar uitkering: minder dan 10 jongeren in ons systeem bekend, daarom kunnen we op basis van AVG niet inzoomen, omdat het op de persoon herleidbaar is. - Van praktijkonderwijs naar niet in beeld: minder dan 10 jongeren in ons systeem bekend, daarom kunnen we op basis van AVG niet inzoomen, omdat het op de persoon herleidbaar is. Nermina Kundić
Antwoord:
Portefeuillehouder: Fractie: Pagina: Vraag:
Antwoord:
CU-6 115 Onder We werken aan versterking religieus erfgoed is sprake van de uitvoering van een toekomstplan voor de synagoge. Wanneer kan de gemeenteraad dit verwachten? Het toekomstplan voor de synagoge wordt in maart 2025 opgeleverd en zal in Q2 2025 gedeeld worden met de raad.
Portefeuillehouder:
Bob Roelofs
Fractie: Pagina: Vraag:
CU-7 124 Hier staat dat “een budget van 1,2 mln is opgenomen in de wijkprogramma’s”. Waar in de begroting wordt dit toegelicht en op welke plek wordt dit bij het onderdeel wijkprogramma’s toegelicht? Waarvoor is dit primair bedoeld? Dit betreft het onderdeel Vroegsignalering. Dit is een stadsbrede voorziening, waarbij het beleid in programma Participatie en Armoedebestrijding is opgenomen, maar waarvan het budget in de acht wijkprogramma’s is opgenomen. Dit geldt overigens ook voor een groot deel van de budgetten voor schuldhulpverlening en armoedebestrijding. Het is een (historische) Arnhemse begrotingskeuze om dit in de wijkprogramma’s onder te brengen, maar de toelichtingen zijn te vinden in het beleid rondom armoede en participatie. Mark Lauriks
Antwoord:
Portefeuillehouder:
44
Fractie: Pagina: Vraag:
Antwoord:
Portefeuillehouder: Fractie: Pagina: Vraag:
Antwoord:
Portefeuillehouder:
CU-8 128 Aantal unieke huishoudens dat gebruik maakt van een inkomensregeling: er is een groot verschil in cijfers tussen de genoemde jaren. Wat is daarvan de oorzaak? Pas sinds enkele jaren meten we het gebruik van inkomensregelingen, uitgedrukt in het totaal aantal unieke gebruikers over jaren heen. Zo’n meting is grofmazig en eigenlijk pas als indicator bruikbaar na meerdere jaren. Over de jaren 2021-2023 is nooit een analyse gemaakt van de fluctuatie in het gebruik. Daarvoor zou ook een behoorlijke investering moeten worden gedaan, omdat het aan veel verschillende factoren kan liggen dat iemand het ene jaar wel een regeling gebruikt en het volgende jaar niet. Dit kan bijvoorbeeld liggen aan verhuizing, verhoging van de inkomensgrens of niet meer voldoen aan een andere voorwaarde, het vergeten van aanvragen of overlijden. Ook kan het liggen aan een gemeentelijke communicatie-actie die in meer of mindere mate is aangeslagen, maar ook daarvan is het lastig om een toename van het gebruik van een regeling daaraan toe te schrijven. Om achteraf een goed beeld te krijgen van zo’n grofmazige indicator zou je interviews moeten afnemen en enquêtes. Dat zorgt voor extra kosten en vraagt veel capaciteit.
Het college heeft er in 2023 voor gekozen om vooruit te kijken en de capaciteit te richten op verbetering van het bereik van inkomensregelingen, en de onderliggende oorzaken van niet-gebruik te onderzoeken in brede zin. Zie daarvoor het onderzoeksrapport over bestaanszekerheid. Mark Lauriks CU-9 130 Bovenaan de pagina staat De prijs van de Sociale Werkvoorziening (SW) uitkering stijgt harder dan de daling van het SW bestand, waardoor de lasten stijgen met € 2,4 miljoen in 2025. Door afname van het SW bestand daalt de begrote last naar € 1,9 miljoen lager in 2028. Is er reden om aan te nemen dat de afname van het SW bestand in de komende jaren wel effect zal hebben? Een tussentijdse CAO-loonsverhoging voor SW-medewerkers zorgt ten opzichte van 2024 voor het stijgen van de uitkeringslasten in 2025. De huidige CAO voor de medewerkers van de Sociale Werkvoorziening loopt tot en met 31 december 2025. Voor 2026 en verder is nog onbekend wat de effecten zouden kunnen zijn van een nieuwe CAO. De kosten kunnen daarom nu alleen geraamd worden op basis van het feit dat de SW-populatie afneemt door het natuurlijk verloop. Dat maakt dat de lasten dalend worden geraamd voor de komende jaren. Bij een nieuwe CAO voor 2026 en verder zouden de dalende verschillen voor 2026 (deels) tenietgedaan kunnen worden of zelfs weer omslaan in hogere lasten dan baten voor 2027 en 2028.
Deze onvoorspelbaarheid hebben wij opgenomen in onze risicoparagraaf. We zijn continu met de Modulaire gemeenschappelijke regeling (formeel werkgever) en Scalabor (uitvoerend werkgever) in gesprek over waar de komende jaren SW-kosten omgebogen kunnen worden om eventuele stijgingen te voorkomen en/of op te vangen. Mark Lauriks
45
Fractie: Pagina: Vraag: Antwoord:
CU-10 149-150 Hoeveel subsidieaanvragen voor het toegankelijkheidsfonds zijn er gedaan? Hoeveel zijn er toegekend? Welk bedrag is er nog beschikbaar? In de subsidieregeling is opgenomen dat bedrijven voordat ze een aanvraag doen, contact opnemen met het Apcg. Apcg maakt vervolgens een fysieke schouw op locatie of een ‘digitale’ schouw van de website van het bedrijf. Om zo de mate van toegankelijkheid in kaart te brengen en advies uit te brengen hoe de toegankelijkheid te verbeteren. Deze eerste stap hebben we verplicht, omdat we 1) bedrijven willen ondersteunen die hun toegankelijkheid willen verbeteren, maar niet weten hoe dit te doen en 2) om te waarborgen dan de beoogde aanpassingen volgens de ervaringsdeskundigheid van het Apcg en de AST daadwerkelijk de toegankelijkheid verbeteren. Vervolgens kunnen bedrijven op basis van het advies bepalen waarvoor ze subsidie willen aanvragen. We vragen bij een aanvraag, naast het advies van het Apcg, om een beknopte beschrijving van de voorgenomen aanpassing(en), een offerte van de voorgenomen aanpassing(en) en een begroting van de voorgenomen aanpassing(en). Het is hiermee een ander type subsidie dan bijvoorbeeld een subsidie voor activiteiten voor Arnhemmers. Aanpassingen t.b.v. toegankelijkheid komen nauw om daadwerkelijk een bijdrage aan de toegankelijkheid te leveren.
Het Apcg heeft tot nu toe bij 14 bedrijven die in aanmerking komen voor subsidie een schouw gedaan. Er zijn 6 subsidieaanvragen gedaan. Daarvan is 1 aanvraag afgewezen, omdat het bedrijf geen consumentenbezoek ontvangt. Dit is wel een voorwaarde om subsidie te ontvangen. Er is alsnog een schouw aangeboden aan het bedrijf, maar is niet op in gegaan. 1 aanvraag is door de aanvrager teruggetrokken vanwege een mogelijke verhuizing. 4 aanvragen zijn nog lopend. Er is nog geen subsidie toegekend. De doorlooptijd van dossiers is langer dan bij andere typen subsidies door de hierboven beschreven procedure en aanpassingen aan de buitenkant/gevel van een pand vragen afstemming met de inrichting van onze eigen openbare ruimte. Apcg heeft op ons verzoek contact met de 9 bedrijven die naar aanleiding van de schouw nog geen subsidieaanvraag hebben gedaan. Eén van deze bedrijven is inmiddels permanent gesloten, enkele van deze bedrijven wachten nog op een advies van het Apcg. Het uitbrengen van advies duurt daar onverhoopt langer, vanwege afstemming met de inrichting van onze eigen openbare ruimte. Apcg stimuleert de resterende bedrijven om op basis van hun gegeven advies een aanvraag tot subsidie te doen. De gehele €75.000 is nu dus nog beschikbaar en dit zal meegenomen worden naar 2025, waardoor er in 2025 €150.000 beschikbaar is.
Portefeuillehouder:
Deze subsidieregeling vraagt meer tijd dan andere type regelingen. Tegelijkertijd gaan we voor 2025 bekijken hoe we het proces kunnen versnellen of vereenvoudigen, met behoud van de AST. We wijzen bedrijven opnieuw op de regeling en bekijken welke bedrijven we actief gaan benaderen. Maurits van de Geijn
46
Fractie: Pagina: Vraag:
Antwoord:
Portefeuillehouder: Fractie: Pagina: Vraag:
Antwoord:
Portefeuillehouder: Fractie: Pagina: Vraag:
Antwoord:
CU-11 156 Welke ondersteuning voor (aanstaande) ouders is er specifiek voor (aanstaande) vaders? Hoe worden specifiek vaders benaderd en betrokken? Op dit moment doen we niets specifiek voor vaders binnen de aanpak Kansrijke Start. Wel werken we binnen Kansrijke Start met de pilots Power Parents en Centering Pregnancy in de wijk, waarbij er óók aandacht is voor vaders. En ook binnen de reguliere contactmomenten bij de Jeugdgezondheidszorg is er aandacht voor vaders, maar niet specifiek voor alléén vaders. Maurits van de Geijn CU-12 262 Eén van de risico's waarmee BVO DRAN te maken heeft is “een zeer dynamische omgeving”. Wat wordt daarmee bedoeld? Met ‘een zeer dynamische omgeving” bedoelen wij dat de dienstverlening van de gecontracteerde vervoerders onder druk kan komen te staan door externe factoren zoals: • De toenemende verkeersdrukte in en rondom Arnhem • Het landelijke groeiende tekort aan chauffeurs • Het groeiend aantal ritten waarbij een grote afstand moet worden afgelegd. Aanbieders van zorg en andere instellingen waar de inwoners naartoe worden vervoerd liggen steeds vaker verder weg. Dit komt onder andere door wachtlijsten bij aanbieders en instellingen die dichterbij liggen. Marco van der Wel CU-13 137 Versterken eigen kracht jeugdigen…: hier is sprake van de pilot Lichtenbeek.
Kan kort worden toegelicht wat deze pilot inhoudt en wat het effect is op de school? De werkwijze om begeleiding/persoonlijke verzorging (ook wel genaamd Jeugdhulp Binnen Onderwijs; JBO) op Lichtenbeek (speciaal onderwijs) in te zetten is vereenvoudigd. Het Ontwikkelperspectiefplan dat door school wordt opgesteld wordt door ouders ondertekend, gelijktijdig met een aanvraag voor jeugdhulp. De toegang (sociaal wijkteam) voert een lichte toets uit. Als meer dan 12 uur jeugdhulp in school nodig is, wordt de ‘gebruikelijke weg’ gevolgd en is de wijkcoach nauw betrokken. Dat is ook het geval als ouders dat wensen of als er al hulpverlening in het gezin aanwezig is. De inzet van de jeugdhulp in de klas is, waar mogelijk, meer gebundeld in de uitvoering. Dit heeft tot gevolg dat er minder hulpverleners in een klas aanwezig zijn, wat bevorderlijk is voor de rust in de klas en het welzijn van de kinderen. Ouders, leerkrachten, wijkcoaches en hulpverleners zijn tevreden over deze aanpak.
Portefeuillehouder:
Bob Roelofs/ Nermina Kundić
47
Fractie: Pagina: Vraag:
CU-14 62 We werken toe naar fysieke aanwezigheid in het DAK op vijf dagdelen per week. • Is er een behoeftepeiling gedaan waar deze wens uit naar voren komt? • Hoe verhoudt deze uitbreiding zich tot de 22-uursopvang? • Wat gaat dit (meer) kosten?
Antwoord:
Het DAK is in 2021 opgericht naar aanleiding van een onderzoek naar de voorzieningenbehoefte van dak- en thuislozen, waarin de aanbeveling is gedaan om een daklozenloket te openen, zodat dak- en thuislozen zich altijd bij een centraal punt kunnen melden voor meer informatie en/of hulp. Uit de pilotperiode bleek het te voorzien in de behoefte en is het DAK vanaf 2022 bestendigd, waarbij onder andere als ontwikkelopgave is vastgesteld om tot een vijfdaagse openstelling van het DAK te komen. In de pilotperiode is namelijk naar voren gekomen dat de verruiming van de openstelling kan bijdragen aan het realiseren van één ‘ingang’ voor de dak- en thuislozen en degenen die beroepsmatig betrokken zijn. Daarnaast hebben ketenpartners met de laatste jaarlijkse evaluatie in het belang van (dreigend) dak- en thuisloze mensen aanbevolen om tot een vijfdaagse openstelling te komen, zodat hiermee de toegankelijkheid van het loket voor de doelgroep kan worden verbeterd. Sinds kort kent het DAK een vijfdaagse telefonische bereikbaarheid, deze wordt ook veel geraadpleegd op de dagen dat het DAK nu gesloten is, waarbij de gewenste verruiming van de openstelling van het DAK goed aansluit op de behoefte die er lijkt te zijn. Het zijn twee verschillende voorzieningen.
Het DAK is gericht op het bieden van persoonlijk hulp bij (dreigend) dakloosheid, bijvoorbeeld bij het aanvragen van een briefadres, het regelen van onderdak of het aanvragen van een uitkering. De pilot 22-uursopvang betreft de dag- en nachtopvang.
Portefeuillehouder: Fractie: Pagina: Vraag: Antwoord:
De benodigde inzet vanuit burgerzaken kan binnen het huidige beschikbare afdelingsbudget worden gerealiseerd. Maurits van de Geijn CU-15 (mondeling gesteld op 2-10) 62 Hoe is de afname SW te verklaren? En hoe verhoudt zich dit tot beschut werk? De afname SW komt voornamelijk doordat medewerkers de pensioengerechtigde leeftijd bereiken. Met de komst van de Participatiewet is er geen nieuwe instroom meer in de SW. De SW is niet 1 op 1 te vertalen naar de Participatiewet. Wel is het zo dat zowel ten tijde van de Wet sociale werkvoorziening als bij de Participatiewet beschut werk een van de instrumenten is dat ingezet kan worden om inwoners naar een passende werkplek te ondersteunen. We zien daarbij steeds meer mogelijkheden voor de inzet van beschut werk vanwege de krapte op de arbeidsmarkt en door Simpel Switchen (makkelijker