Bijlage 7 - De Connectie definitief Accountantsverslag 2020
Tekst van het document
DE CONNECTIE ACCOUNTANTSVERSLAG OVER HET BOEKJAAR 2020
INHOUDSOPGAVE 1.
UITGANGSPUNTEN VAN DE CONTROLE ........................................................................................................................................................................................... 3
2.
MANAGEMENT SAMENVATTING ..................................................................................................................................................................................................... 5
3.
BELANGRIJKSTE BEVINDINGEN......................................................................................................................................................................................................... 7
4.
VOORZIENINGEN EN SCHATTINGEN................................................................................................................................................................................................. 9
5.
INKOOP EN AANBESTEDING ........................................................................................................................................................................................................... 11
6.
ANALYSE VERMOGEN EN RESULTAAT ............................................................................................................................................................................................ 12
7.
INTERNE BEHEERSING .................................................................................................................................................................................................................... 15
8.
OVERIGE BEVINDINGEN ................................................................................................................................................................................................................. 16
Bijlagen A: Niet-gecorrigeerde controleverschillen B: Onafhankelijkheidsbevestiging en overige dienstverlening C: Overzicht met de belangrijkste afkortingen
2
1. UITGANGSPUNTEN VAN DE CONTROLE 1.1. Controleverklaring In het kader van de door het bestuur aan ons verstrekte opdracht voor de controle van de jaarrekening 2020 van Bedrijfsvoeringsorganisatie De Connectie (hierna: De Connectie) brengen wij u hierbij verslag uit van onze belangrijkste bevindingen naar aanleiding van onze jaarrekeningcontrole werkzaamheden die wij onlangs hebben uitgevoerd. De jaarrekeningcontrole is uitgevoerd zoals overeengekomen in de opdrachtbevestiging. In september 2020 hebben wij de interimcontrole verricht, die gericht is op de interne beheersing binnen de voor ons relevante processen van De Connectie. De interimcontrole hebben wij afgesloten met een managementletter en een boardletter, die in november 2020 met het bestuur is besproken. De controle in de afgelopen periode is gericht op de jaarrekening 2020 zelf. De uitgevoerde werkzaamheden resulteren in een controleverklaring bij de jaarrekening 2020 en een nadere toelichting via dit verslag van bevindingen. De controleverklaring kent een voorgeschreven format en zullen wij separaat toezenden. 1.2. Reikwijdte van de controle Met de opdrachtbevestiging heeft u ons de opdracht gegeven tot het controleren van de jaarrekening. De reikwijdte van onze controle staat hierin omschreven.
Er is gedurende het verloop van de controle over 2020 geen sprake geweest van een beperking in de reikwijdte van onze controle. Tijdens de uitvoering van de controle hebben zich geen wijzigingen van materieel belang in de reikwijdte voorgedaan. Wij achten de reikwijdte van onze controle voor 2020 voldoende voor de doelstelling van onze controle. 1.3.
Onafhankelijkheid • Astrium Overheidsaccountants B.V. (hierna: ‘Astrium’) is onafhankelijk van De Connectie en voor zover wij weten heeft zich geen inbreuk voorgedaan op de van toepassing zijnde regels en het beleid ten aanzien van onafhankelijkheid. • Ons zijn geen relaties bekend tussen Astrium en De Connectie, die naar ons professionele oordeel mogelijk van invloed kunnen zijn op onze onafhankelijkheid. • Bijlage B bevat een nadere uiteenzetting van onze onafhankelijkheid.
3
1.4. Materialiteit De materialiteit bij de uitvoering van de jaarrekeningcontrole 2020 is € 518.080. Deze materialiteit vloeit voort uit het door het Bestuur d.d. 18 november 2020 vastgestelde controleprotocol, hetgeen voldoet aan de wettelijke minimumvereisten. Goedkeuringstoleranties Fouten Onzekerheden Rapporteringstoleranties Fouten Onzekerheden
Toelichting 1% van de totale lasten (incl. reserve dotaties) 3% van de totale lasten (incl. reserve dotaties)
Bedrag € 518.080 (2019: € 459.790)
30% van de goedkeuringstolerantie
€ 155.424 € 155.424
€ 1.554.240 (2019: € 1.379.370)
1.5. WNT De verantwoording op basis van de Wet normering bezoldiging topfunctionarissen publieke en semipublieke sector (WNT) in de jaarrekening hebben wij gecontroleerd met inachtneming van het specifiek daarvoor van toepassing zijnde controleprotocol, waarbij een afwijkende (lagere) materialiteit geldt.
4
2. MANAGEMENT SAMENVATTING Uitkomsten jaarrekeningcontrole • Wij zijn voornemens bij de jaarrekening 2020 een goedkeurende controleverklaring te verstrekken. Ons oordeel omvat zowel de getrouwe weergave van vermogen en resultaat als de financiële rechtmatigheid van baten, lasten en balansmutaties. •
Het jaarverslag bevat de vereiste aspecten en is verenigbaar met de jaarrekening.
•
De in de jaarrekening gehanteerde continuïteitsveronderstelling is aanvaardbaar.
•
De solvabiliteit van De Connectie is van onvoldoende omvang en het weerstandsvermogen is minimaal. Dit betekent dat De Connectie in hele beperkte mate in staat is om zelf financiële tegenvallers op te vangen en direct een beroep zal moeten doen op reguliere bijdragen vanuit de gemeenten of aanvullende bijdragen zal moeten vragen.
•
Op basis van de uitgevoerde crediteurenanalyse blijken geen inkopen in het boekjaar 2020 waarbij de Europese aanbestedingswetgeving niet is nageleefd. Er is derhalve ook geen sprake van onrechtmatigheden (2019 onrechtmatigheid van € 281.000).
•
In het huidig jaar heeft de organisatie meer uitgegeven aan investeringen dan waarvoor initieel investeringskredieten zijn verleend. Dit leidt in beginsel tot een onrechtmatigheid. Voorafgaand aan de vaststelling van de jaarrekening 2020 zal door het bestuur alsnog deze overschrijdingen worden bekrachtigd (zgn. indemniteitsprocedure). Daarmee blijven deze ‘onrechtmatig’ maar tellen niet mee in onze foutevaluatie. In dit accountantsverslag hebben wij al rekening gehouden met de goedkeuring door het bestuur voorafgaand aan het vaststellen van de jaarrekening
•
In 2020 is een start gemaakt met het meerjarig project 2!Connect en heeft De Connectie een aantal belangrijke stappen gezet in het verder optimaliseren en toekomstbestendig maken van de ICT infrastructuur en daarmee ook de dienstverlening naar de gemeenten. In het jaar 2020 zijn meer uitgaven gedaan dan waar in de (lineaire) begroting rekening mee was gehouden. Dit heeft nu geleid tot extra bijdragen vanuit de gemeenten en een grotere inzet van bestemmingsreserves. De verwachting is dat het gehele project binnen budget zal worden uitgevoerd en daarmee in de komende jaren minder uitgegeven zal worden dan begroot.
Bestuurlijke aandachtspunten • Het naleven van de Europese aanbestedingswetgeving en het eigen inkoopbeleid van uw organisaties vraagt blijvende aandacht. De organisatie heeft hier in de loop van 2020 goede stappen in gezet en procesverbeteringen doorgevoerd. Het is van belang de kennis en ervaring vanuit deze procesverbeteringen een goed vervolg te geven en de kennis actief te blijven delen met de medewerkers die de inkoop daadwerkelijk doen. Wij adviseren u verder om actief de naleving van het eigen inkoopbeleid te blijven monitoren, ook in het kader van de rechtmatigheidsverantwoording vanaf 2021. •
In 2020 heeft een eerste ISAE-3402 audit plaatsgevonden. Dit betreft een zogeheten Type I audit waarbij onderzoek is gedaan naar de opzet en het bestaan van de interne beheersingsmaatregelen binnen de belangrijkste (administratieve) processen. Deze interne beheersingsmaatregelen moeten de belangrijkste risico’s zoals opgenomen in het Risk Control Framework mitigeren tot een aanvaardbaar laag niveau. In november 2020 heeft de auditor PwC een assurancerapport type I met beperking afgegeven. In eerste instantie betreft dit een type 1 rapport (opzet en bestaan van beheersmaatregelen). In 2021 zal naar verwachting een Type II rapport volgen (onderzoek naar de werking van beheersingsmaatregelen). De goede werking van beheersingsmaatregelen is een belangrijke kwalificatie voor uw dienstverlening en is daarom van belang om te monitoren.
•
De wereldwijde uitbraak van het COVID-19 virus heeft op basis van de inschatting van het bestuur van De Connectie geen significante invloed op de cijfers over het boekjaar 2020. Wij kunnen ons vinden in de uitkomsten van de analyse door de organisatie en de rapportage hieromtrent. Wij vragen ook nu weer uw aandacht om de impact van passende maatregelen, die genomen zijn om de continuïteit van de bedrijfsactiviteiten te waarborgen, de komende maanden te blijven monitoren en waar nodig bij te sturen. Het bestuur van De Connectie is van mening dat een duurzame voortzetting van de bedrijfsactiviteiten ondanks de uitbraak van het COVID-19 virus niet in het geding is. De jaarrekening is opgesteld uitgaande van de veronderstelling van continuïteit van de organisatie en de impact is toereikend toegelicht in zowel een aparte paragraaf van het jaarverslag als in de waarderingsgrondslagen.
5
•
Het controleproces voor de jaarrekening 2020 is, ondanks de beperkingen van een controle op afstand soepel verlopen, waarbij wij kunnen opmerken dat wij onze werkzaamheden in een goede en constructieve samenwerking hebben kunnen uitvoeren. Wel zijn extra en uren tegen hoger tarief ingezet en zijn wij afgeweken van de originele planning, omdat vlak voorafgaand aan de start van onze controle de planning in goed overleg is opgeschoven. Dit gaf de organisatie de tijd om de controle goed voor te kunnen bereiden.
Financiële resultaten Het jaarverslag van De Connectie geeft middels 3 programma’s en de algemene dekkingsmiddelen inzicht in de belangrijkste oorzaken van de afwijkingen ten opzichte van de begroting. In 2020 is er sprake van een negatief rekeningresultaat van € 895.000 t.o.v. het (laatste gewijzigde) begrote positieve resultaat van € 36.000 (resultaat 2019: €1.507.000 positief). Voornamelijk veroorzaakt door € 5.156.000 hogere lasten, €4.191.000 hogere baten en een hogere onttrekking uit reserves ad. € 34.000. Het negatief resultaat wordt in belangrijke mate veroorzaakt door incidentele uitgaven in het kader van de ICT opgave. Dit betreft in totaal € 655.000 meer uitgaven dan begroot. Dit betreft een verschuiving in de tijd op het programma 2!Connect waarbij in komende jaren dit verschil zal worden goedgemaakt. In 2020 is per saldo een incidentele last gerealiseerd van € 1.125.000, hetgeen in par. 2.2.5 van de jaarrekening wordt toegelicht. Structureel liggen de lasten (€ 44,8 mio) meer in lijn met de baten (€ 45,1 mio).
•
Na balansdatum heeft een datalek plaatsgevonden. De organisatie heeft in het kader van een ‘welkomstactie’ van een schoonmaakbedrijf NAW-gegevens verstrekt aan het schoonmaakbedrijf van alle aangesloten ambtenaren. Nadat geconstateerd is dat sprake bleek van een datalek, heeft De Connectie direct actie ondernomen. Dit betreft onder andere dat De Connectie na constatering heeft vereist dat het schoonmaakbedrijf het databestand direct vernietigt. Voor zover wij hebben begrepen betreft het alleen data die betrekking heeft op NAW gegevens en geen identificatie data.
Analyse Eigen Vermogen / Weerstandsbuffer De Connectie kent een eigen vermogen wat bestaat uit de bestemmingsreserves soc. plan (€ 309K), veranderopgaven (€ 526K), ICT (€ 196K) en een negatief rekening resultaat (€ -896K). De totale omvang van het eigen vermogen bedraagt daarmee €135K ten opzichte van € 2.365K ultimo 2019. In de paragraaf weerstandsvermogen van de jaarrekening wordt uitgelegd dat het totaal van de ingeschatte risico’s (2020: € 5,8 mio, in 2019: € 4,9 mio) de beschikbare weerstandscapaciteit (€ -0,9 mio) ver overschrijdt. Het weerstandsvermogen is ten opzichte van voorgaand jaar significant gedaald vanwege het gerealiseerde verlies over 2020. De stijging van de risico inschatting is voor ruim € 0,5 mio het gevolg van de effecten van de corona crisis, en voor € 0,3 mio extra risico’s waarmee de opgave van de Connectie onder druk is komen te staan. Daardoor zal bij onverwachte tegenvallers direct een beroep moeten worden gedaan op de betrokken gemeenten. Dat moeten deze gemeente zich realiseren en is een directe consequentie van de afspraken binnen deze GR.
6
3. BELANGRIJKSTE BEVINDINGEN 3.1. Eindoordeel naar aanleiding van de jaarrekening controle Op basis van de door ons verrichte werkzaamheden zijn wij voornemens een goedkeurende controleverklaring af te geven bij de jaarrekening 2020 van uw organisatie. Deze goedkeurende strekking betreft zowel de getrouwe weergave van vermogen en resultaat in overeenstemming met het Besluit Begroting en Verantwoording provincies en gemeenten (BBV) als de financiële rechtmatigheid van baten, lasten en balansmutaties. Op basis van onze werkzaamheden zijn wij van mening dat de in de jaarrekening gehanteerde continuïteitsveronderstelling aanvaardbaar is. Op de geconstateerde niet gecorrigeerde - controleverschillen komen wij afzonderlijk terug. Ze zijn gespecificeerd in bijlage A van dit verslag. Daarnaast hebben wij vastgesteld dat het jaarverslag de minimale wettelijk voorgeschreven informatie bevat, dat de inhoud van dit verslag geen tegenstrijdigheden bevat met de door ons gecontroleerde jaarrekening en dat het jaarverslag geen materiële afwijkingen bevat voor zover wij dat vanuit onze controle kunnen beoordelen. Wat betreft de WNT verantwoording hebben wij geen fouten of onzekerheden bij onze controlewerkzaamheden aangetroffen voor het boekjaar 2020. Wij hebben ook geen onverschuldigde betalingen vastgesteld bij de uitvoering van de WNT controle.
3.2. Vermogen en resultaat De Connectie kent een eigen vermogen dat bestaat uit een aantal bestemmingsreserves en het gerealiseerde jaarresultaat. Alle lasten worden in principe gedekt uit de bijdragen vanuit de betrokken gemeenten, volgens een vooraf afgesproken verdeling met uitzondering van de uitgaven op het project 2! Connect. Daarvan is bewust gekozen om overschrijdingen grotendeels ten laste van de bestemmingsreserve te brengen. Het gerealiseerde jaarresultaat bestaat voornamelijk uit de afwijkingen ten opzichte van de laatst gewijzigde begroting. Deze dekking vanuit de gemeentelijke bijdragen geldt in principe voor ieder jaar dat de organisatie bestaat en daarom zijn de waarderingsgrondslagen in de jaarrekening gebaseerd op continuïteit.
7
3.3. Voorzieningen en schattingen Ultimo 2019 is een voorziening voor verplichtingen, verliezen en risico’s getroffen in de balans. Het betreft de voorziening voor een verlieslatende leaseovereenkomst. Aan de voorziening zal, in lijn met de resterende leasetermijnen, in 4 gelijke jaarlijkse termijnen worden onttrokken. Wij hebben reeds bij de controle 2019 onderzocht of deze volledig is. De toereikendheid van voorzieningen is namelijk een belangrijk toetspunt in onze controle. Onze conclusie is dat de Connectie een betrouwbare inschatting heeft gemaakt van de totale resterende omvang van de verliezen in het kader van een verlieslatend contract. In 2020 is sprake van een vrijval van de voorziening voor een bedrag dat correspondeert met de vervallen periode. Wij kunnen concluderen dat de schatting zorgvuldig tot stand is gekomen en voldoende rekening wordt gehouden met de tijdwaarde van geld. In hoofdstuk 4 gaan wij nader in op de controle van de voorzieningen en schattingen.
8
4. VOORZIENINGEN EN SCHATTINGEN 4.1. Voorzieningen Wij hebben gecontroleerd of de voorzieningen van De Connectie toereikend zijn. Daarbij hebben we specifiek beoordeeld of de gevormde voorzieningen voldoen aan de eisen en voorwaarden van het BBV. In artikel 44 van het BBV is opgenomen dat voorzieningen (alleen) gevormd moeten worden voor: 1. Verplichtingen en verliezen waarvan de omvang op de balansdatum onzeker is, doch redelijkerwijs te schatten. 2. Op de balansdatum bestaande risico’s ter zake van bepaalde te verwachten verplichtingen of verliezen waarvan de omvang redelijkerwijs is te schatten. 3. Kosten die in een volgend begrotingsjaar zullen worden gemaakt, mits het maken van die kosten zijn oorsprong mede vindt in het begrotingsjaar of in een voorafgaand begrotingsjaar en de voorziening strekt tot gelijkmatige verdeling van lasten over een aantal begrotingsjaren. 4. Van derden verkregen middelen die specifiek besteed moeten worden. Overigens geldt dat altijd voldoende onderbouwing aanwezig dient te zijn alvorens een voorziening gevormd mag worden. 4.2. Voorziening voor verplichtingen, verliezen en risico’s De voorziening bestaat uit een verlieslatende leaseovereenkomst. Aan de voorziening zal, in lijn met de resterende leasetermijnen, in 4 gelijke jaarlijkse termijnen worden onttrokken.
De Connectie heeft de voorziening in 2019 gevormd vanwege een verlieslatend contract. De onttrekking aan de voorziening van € 46.000 is bepaald op basis van zowel een inschatting van de resterende termijnen van het verlieslatende contract. Vanaf 2020 zal gedurende de resterende looptijd van de leaseovereenkomst een bedrag van € 46.000 jaarlijks vrijvallen tegen de werkelijke maandelijkse betalingen van de leasetermijnen. Hiermee voldoet de voorziening aan de bepalingen in artikel 44 van het BBV. Er zijn door de Connectie geen andere redenen ontdekt waarvoor een voorziening dient te worden gevormd. Uit onze controle zijn ook geen overige signalen gebleken op basis waarvan moet worden geconcludeerd dat een voorziening noodzakelijk is. Overall: De door het bestuur gemaakte schattingen voor het bepalen van de voorziening wordt door ons toereikend geacht en verwerking heeft plaatsgevonden in overeenstemming met het BBV.
9
Het bestuur is verantwoordelijk voor het maken van schattingen bij het opmaken van de jaarrekening. Als accountant beoordelen wij deze schattingen:
Belangrijke schattingen
Mate van subjectiviteit
Onze beoordeling
Toelichting
2020 2019 Waardering van Materiële Vaste Activa inclusief afschrijvingen
Laag
De afschrijvingstermijnen zijn gebaseerd op de afschrijvingstermijnen van de activa die bij de oprichting van De Connectie zijn overgenomen. Deze termijn liggen voor het overgrote deel binnen de door het algemeen bestuur gestelde afschrijvingstermijnen. Er zijn geen indicaties dat de afschrijvingstermijnen niet zijn afgestemd op de economische levensduur van de activa. Wel is de controle van de materiële vaste activa in de jaarrekening bewerkelijk geweest, omdat de oorspronkelijke aanschafwaarde van de activa (bij de gemeente) niet in de activa-administratie zijn opgenomen. Wij vragen De Connectie de activa-staat in komend jaar dusdanig aan te leveren dat de toetsing van de rekenkundige juistheid van de afschrijvingen eenvoudiger valt te controleren.
Waardering debiteuren
Laag
Minimaal jaarlijks wordt de voorziening voor dubieuze debiteuren geactualiseerd. De inschatting van het management is dat er per balansdatum geen voorziening benodigd is. Wij kunnen ons hier, mede op basis van de uitkomst van onze werkzaamheden, in vinden.
Voorzieningen
Laag
N.v.t.
Wij verwijzen naar de toelichting op de voorzieningen. De inschatting is gemaakt op basis van contractuele bepalingen en resterende boekwaarde bij een gebruikelijke afschrijvingsduur. Daarmee is de voorziening slechts in beperkte mate gevoelig voor subjectiviteit.
10
5. INKOOP EN AANBESTEDING 5.1. Naleving Europese Aanbestedingsrichtlijnen Het normenkader voor de rechtmatigheidscontrole, zoals vastgesteld door het bestuur, bevat onder andere de Europese aanbestedingswetgeving. Bij onze jaarrekeningcontrole hebben wij aan de hand van een door uw organisatie uitgevoerde crediteurenanalyse (spend-analyse) gecontroleerd of de Europese aanbestedingswetgeving gedurende boekjaar 2020 is nageleefd. Naast inzicht in de rechtmatigheid van individuele dossiers geeft deze analyse ook inzicht in de beheersing van het inkoopproces, die (ook) het naleven van de aanbestedingswetgeving moet waarborgen. Daarbij zijn ons de volgende zaken opgevallen: De organisatie heeft zelf een inkoopanalyse uitgevoerd en heeft de hieronder genoemde afwijkingen geconstateerd. Wij merken de aandacht die de organisatie heeft voor het naleven van de Europese aanbestedingsregels en de verbeteringen die de organisatie heeft doorgevoerd in 2020. Wij geven u in overweging om in de spend-analyse vanaf 2021 naast de EU aanbestedingsregels ook de naleving van uw eigen inkoopbeleid te monitoren. In het kader van de eigen rechtmatigheidsverklaring is dat ook een belangrijk onderdeel. 5.2. Uit de spend-analyse volgen geen bevindingen Bij de uitvoering van de werkzaamheden hebben wij geen bevindingen ten aanzien van het overschrijden van de drempel van € 214.000.
Onze bevindingen ten aanzien van de SPEND analyse kunnen als volgt gespecificeerd worden. Boekjaar
Bedrag ten onrechte niet Europees aanbesteed
2020
€ nihil
Contractwaarde 2021 e.v. (inschatting)
€ nihil
Totaal
€ nihil
Wij hebben bij onze controle beoordeeld in hoeverre de organisatie risico loopt bij de aanbesteding van inhuur van extern personeel op basis van de aanbestedingswet, die sinds 1 juli 2016 ingrijpend is gewijzigd ten aanzien van (onder andere) inhuur van personeel. Organisaties moeten vanaf 1 juli 2016 het volledige regime van de aanbestedingswet toepassen bij het gunnen van contracten vanwege inhuur van extern personeel. De situatie in uw organisatie als volgt: De organisatie heeft in 2020 belangrijke stappen hierin gezet door gebruik te maken van een inhuurdesk. De organisatie aan wie deze opdracht is gegund, is Europees aanbesteed en deze partij is verantwoordelijk voor werving en selectie van inhuur van personeel. Daarmee wordt enerzijds het netwerk van beschikbare kandidaten aanzienlijk uitgebreid, waardoor kwalitatief betere kandidaten kunnen worden geselecteerd en anderzijds wordt het risico op overschrijding van aanbestedingsdrempels sterk gereduceerd. 11
6. ANALYSE VERMOGEN EN RESULTAAT 6.1. Eigen vermogen Het BBV kent een duidelijk onderscheid tussen resultaatbepaling (het gerealiseerde saldo van baten en lasten) en resultaatbestemming. Alle baten en lasten dienen via het overzicht van baten en lasten in de jaarrekening te lopen. De organisatie mag geen baten of lasten rechtstreeks in het eigen vermogen muteren. Bovengenoemde BBV eis is van toepassing bij De Connectie omdat u - zoals eerder beschreven – ook een eigen vermogen kent. Voor het negatieve resultaat over 2020 wordt een voorstel gedaan om dit te onttrekken aan bestemmingsreserves. Het besluit over deze dotatie vindt plaats in de bestuursvergadering van 8 april 2021. Vooralsnog is het resultaat als een afzonderlijke post in het Eigen Vermogen gepresenteerd in de jaarrekening. Om het resultaat van de jaarrekening goed te kunnen begrijpen, is het bij uw organisatie van belang dat u inzicht heeft in de afwijkingen ten opzichte van de laatst gewijzigde begroting. Dit inzicht wordt in uw jaarrekening geboden in paragraaf 2.2.2. waarin de afwijkingen op programma niveau worden toegelicht. Op een aantal grote afwijkingen gaan wij hieronder in. Onderscheid moet worden gemaakt in lasten voor eigen personeel en inhuur personeel (samen per saldo € 1,45 mio lasten boven begroting). • •
De personele lasten voor het eigen personeel liggen € 1,31 mio onder de begroting (2019; € 3,4 mio). De personele lasten voor het ingehuurde personeel liggen € 2,76 mio boven de begroting (2019; € 5,4 mio).
De nadelige effecten van de Corona crises liggen € 0,82 mio boven de begroting. Die lasten worden echter gecompenseerd en hebben per saldo geen nadelig effect ten opzichte van de begroting. Naast de compensatie van de corona effecten, liggen de baten met name hoger vanwege de bijdragen van gemeenten inzake Maat- en meerwerk ( € 1,76 mio hogere baten boven begroting ). De overschrijding op inhuur personeel en onderschrijding op salarissen zijn met elkaar verbonden. Binnen alle programma’s liggen de lasten voor vast personeel lager dan begroot. Dat heeft te maken met het niet kunnen invullen van vacatures en leidt ook tot meer dan begrote kosten op de inhuur van personeel. De krapte op de arbeidsmarkt lijkt de belangrijkste oorzaak hiervoor.
12
Ten opzichte van de investeringsbegroting is de realisatie in 2020 - net als in 2019 - vertraagd. De begrote investeringen bedroegen € 8,0 mio (2019; € 9,1 mio) terwijl de gerealiseerde investeringen € 4,4 mio (2019; € 5,4 mio) bedroegen. In paragraaf 2.2.6 van de jaarrekening worden de verschillen tussen begroting en realisatie toegelicht. Zo wordt o.a. aangegeven welke investeringen conform planning zijn afgerond en welke zijn doorgeschoven. Slechts enkele investeringen zijn in 2020 conform planning afgerond. Er is in die toelichting een afzonderlijke categorie verantwoord van niet begrote of te laag begrote investering. Een grote post van die categorie betreft de “Mob App (tablets/labtops/smartphone)” waarvoor €1,9 mio meer is geïnvesteerd dan begroot. Wij vernamen dat de vraag naar mobiele devices vanwege de Corona crises veel hoger lag dan verwacht. Voor deze investeringen geldt dat leidinggevenden van de gemeenten toestemming geven en dat de meerkosten aanvullend in rekening worden gebracht. Voor een verdere beoordeling van de financiële positie geven de voorgeschreven kengetallen meer inzicht. Deze kengetallen worden in uw jaarrekening verantwoord in de paragraaf Weerstandsvermogen en risicobeheersing.
6.2. Analyse van de financiële positie Met betrekking tot de financiële positie zijn een aantal kengetallen te benoemen, die wij hieronder hebben weergegeven (in vergelijking met de begroting 2020):
30%
2%
10% 9% 8% 7% 6% 5% 4% 3% 2% 1% 0%
25% 20%
15% 10% 5% 0% werkelijkheid begroting werkelijkheid 2020 2020 2019
Structurele exploitatie ruimte
Solvabiliteit
Netto schuld quote
1% 0% -1%
werkelijkheid begroting 2020 werkelijkheid 2020 2019
-2% -3% werkelijkheid begroting 2020 werkelijkheid 2020 2019
-4%
Op basis van deze kengetallen zien wij de volgende ontwikkelingen in de financiële positie van uw organisatie:
13
De netto schuld quote, bepaald door de langlopende schulden te delen door de totale baten, laat een stijgende trend zien, terwijl een daling was begroot. De ratio geeft aan in hoeverre de schulden meer bedragen dan de jaarlijkse inkomsten. Wij stellen vast dat ruim wordt voldaan aan de gehanteerde maximale norm van 130% van de VNG. De omvang is relatief laag, en geeft op basis van de norm geen signaal voor een verhoogd risico. De solvabiliteit geeft de mate aan waarin de bezittingen (balanstotaal) zijn gefinancierd uit eigen middelen (eigen vermogen). De VNG hanteert als richtlijn een minimum omvang van 20% als norm. De Connectie scoort hier laag op gezien de beperkte omvang van het eigen vermogen. Hoewel een daling was begroot, heeft het gerealiseerde verlies een negatief effect gehad op het eigen vermogen. Hiertegenover staat dat de eigenaren, conform G.R., ervoor dienen te zorgen dat De Connectie altijd in staat moet zijn om haar financiële verplichtingen te voldoen De structurele exploitatie ruimte helpt mee om te beoordelen welke structurele ruimte een organisatie heeft om (structurele) tegenvallers op te vangen, of welke structurele stijging van de baten of structurele daling van de lasten daarvoor nodig is. Een positief percentage betekent dat incidentele lasten deels uit structurele middelen worden gedekt.
Dit is bij De Connectie in 2020 het geval, hetzij voor een zeer gering percentage. Een negatief percentage betekent dat structurele lasten deels uit incidentele baten worden gedekt.
6.3. Weerstandsvermogen Omdat De Connectie in principe een eigen vermogen cq. reserves kent, is er in principe ook sprake van een weerstandsvermogen. Ten einde een oordeel te geven over de financiële positie van de organisatie dienen de risico’s zoals opgenomen in de paragraaf Weerstandsvermogen en risicobeheersing te worden vergeleken met de buffer die De Connectie in nood zou kunnen aanspreken. In de jaarrekening zijn de risico’s financieel weergegeven in de paragraaf weerstandvermogen. In 2020 heeft De Connectie een verlies geleden van € 896K. Aangezien de organisatie geen algemene reserves heeft, is door het verlies feitelijk een negatief eigen vermogen ontstaan. Er is derhalve geen sprake van een beschikbare weerstandscapaciteit. Hoogstens een negatieve weerstandscapaciteit. Aangezien De Connectie alleen specifieke bestemmingsreserves kent, die alleen voor de betreffende bestemmingen kunnen worden ingezet, betekent dit dat betrokken gemeenten de lasten van De Connectie moeten dragen voor eventuele tegenvallers. Eventuele financiële risico’s die zich openbaren moeten worden gedragen door de betrokken gemeenten. Hoe groot de mogelijke risico’s (financieel) zijn, is vermeld c.q. berekend in de paragraaf Weerstandsvermogen en risicobeheersing. Voor 2020 bedraagt de risicoscore € 5.888.000 (2019: €4.988.000).
6.4. Conclusie financiële positie De van toepassing zijnde kengetallen en de inschatting van eventuele risico’s geven een signaal voor een verhoogd risico omdat De Connectie zelf geen algemene reserves en weerstandsvermogen kent. Door gebrek aan eigen reserves dient De Connectie volledig te steunen op de bijdragen van de gemeenten om eventuele toekomstige tegenvallers op te vangen. Dat is de consequentie van de samenwerking zoals die voor de organisatie is geregeld in de gemeenschappelijke regeling.
14
7. INTERNE BEHEERSING 7.1. Samenvatting bevindingen managementletter 2020 Als onderdeel van de jaarrekeningcontrole hebben wij eind november 2020 een interimcontrole uitgevoerd. Deze interimcontrole is primair gericht op de bedrijfsvoering binnen de organisatie met name de opzet, het bestaan en de werking van maatregelen van administratieve organisatie en interne beheersing (AO/IB), voor zover van belang voor onze controle op de betrouwbaarheid van de in de jaarrekening opgenomen gegevens. Onze bevindingen, voortvloeiend uit de interimcontrole, zijn vastgelegd in de managementletter ten behoeve van het Bestuur. De samenvatting en conclusie uit de managementletter 2020 is als volgt: Conclusie Ons beeld is dat de administratieve organisatie en interne beheersing (de controles in de lijn, gecombineerd met de verbijzonderde interne controles) van De Connectie voldoet aan de daaraan te stellen eisen. De medewerkers die wij gesproken hebben, zijn betrokken bij de organisatie en hebben voldoende kennis van het taakveld waarin zij werkzaam zijn. Ten aanzien van de processen waarbij in het proces zelf nog onvoldoende interne controlewerkzaamheden zijn ingebouwd, zijn toereikende verbijzonderde interne controlewerkzaamheden ingeregeld. Bij de uitvoering van onze controlewerkzaamheden kunnen wij hierdoor goed gebruik maken van deze uitgevoerde aanvullende werkzaamheden.
Daarnaast concluderen wij dat uw organisatie werkt om de interne beheersing verder te optimaliseren. Dit blijkt uit de inspanningen en voorbereidingen die de Connectie heeft uitgevoerd ten behoeve van de ISAE3402 rapportage type 2 vanaf boekjaar 2021 en het goedkeurend assurance rapport type 1 die in 2020 voor de eerste keer is uitgebracht. De managementletter 2020 is met meerdere gremia besproken. De gerapporteerde onderwerpen in de managementletter 2020 moeten voortvarend worden opgepakt en in onderling overleg afgewikkeld. De onderwerpen met betrekking tot procesverbeteringen hebben wij een prioriteitsstelling meegegeven. Wij adviseren de organisatie deze onderwerpen gedurende de uitvoering te monitoren en de voortgang te bewaken. Tijdens de interimcontrole 2021 zullen wij de opvolging van onze adviezen beoordelen en hierover rapporteren in onze managementletter. Voor onze specifieke bevindingen en overige aanbevelingen verwijzen wij u naar de definitief uitgebrachte management letter en boardletter.
15
8. OVERIGE BEVINDINGEN 8.1. Wijziging in verslaggevingsvoorschriften en overige wet- en regelgeving In de jaarrekening 2020 zijn geen stelsel- of schattingswijzigingen verwerkt. De organisatie heeft de jaarrekening conform de BBV opgemaakt. 8.2. Bevestiging van het Bestuur Wij hebben van het Bestuur een ondertekende schriftelijke bevestiging bij de jaarrekening ontvangen. 8.3. Bevestiging van het Bestuur Er zijn geen meningsverschillen met het management noch het Bestuur geweest en er waren geen beperkingen bij de uitvoering van onze controle. Naar onze mening is ons bij de uitvoering van onze controleopdracht door de medewerkers en het Bestuur van uw organisatie de volledige medewerking verleend en hebben wij volledige toegang tot de benodigde informatie gehad. 8.4. Wet Normering Topinkomens (WNT) De Wet normering bezoldiging topfunctionarissen publieke en semipublieke sector (WNT) is in werking getreden met ingang van 1 januari 2013. De WNT regelt niet alleen de openbaarmaking van topinkomens in de publieke en semipublieke sector, maar stelt ook maxima aan de hoogte van de bezoldiging van topfunctionarissen en tevens aan de ontslagvergoedingen.
Met ingang van 1 januari 2013 is bij wet vastgelegd dat rechtspersonen of organisaties die volledig of in aanzienlijke mate uit publieke middelen zijn gefinancierd, beloningen van topfunctionarissen openbaar dienen te maken, ook als deze de in de wet gestelde maximale bezoldiging van € 201.000 niet te boven gaan. Conform de WNT regels worden zowel de bestuurders als topfunctionarissen (wethouders van de betrokken gemeenten) verantwoord. Uit de werkzaamheden blijkt dat in 2020 voor de topfunctionarissen geen sprake is van een overschrijding van de grensbedragen en dat de WNT juist is verantwoord in de jaarstukken. In de jaarrekening wordt op een juiste wijze toegelicht dat voor het bestuur sprake is van een onbezoldigde functie en ook hierin wordt voldaan aan de toelichtingsvereisten.
16
Naleving anticumulatiebepaling WNT niet gecontroleerd In overeenstemming met het Controleprotocol WNT 2020 hebben wij de anticumulatiebepaling, bedoeld in artikel 1.6a WNT en artikel 5, lid 1 sub n en o Uitvoeringsregeling WNT niet gecontroleerd. Dit betekent dat wij niet hebben gecontroleerd of er wel of niet sprake is van een normoverschrijding door een leidinggevende topfunctionaris vanwege eventuele dienstbetrekkingen als leidinggevende topfunctionaris bij andere WNT-plichtige instellingen, alsmede of de in dit kader vereiste toelichting juist en volledig is. 8.5. Fraude als onderdeel van de accountantscontrole In Nederland is de accountant wettelijk verplicht om alle ontdekte fraudegevallen te rapporteren aan het management van de organisatie. Hoewel wij een kritische houding hebben ten opzichte van risico’s van fraude in de jaarrekening, willen wij opmerken dat onze controle niet specifiek is gericht op het ontdekken hiervan. De accountant is wel verantwoordelijk voor het betrekken van frauderisico’s in de planning en uitvoering van zijn controleopdracht. Wij hebben een fraudediscussie gevoerd binnen het controleteam en met de ambtelijke organisatie van De Connectie. Tijdens dit overleg is gesproken of het management aanwijzingen en of vermoedens heeft gehad voor de mogelijke aanwezigheid materiële onjuistheden als gevolg van fraude in de jaarstukken.
In 2020 is geconstateerd dat sprake is geweest van vervreemding van hardware (laptops en toebehoren) door een extern ingehuurde kracht. Het management heeft direct actie ondernomen, zowel in het kader van onderzoek naar de schade en aangifte bij de politie, alsmede direct preventieve maatregelen getroffen om dit in de toekomst te voorkomen. De Connectie heeft de omvang van de schade, rekening houdend met een mogelijke verhaalbaarheid op de dader of de organisatie die deze medewerker heeft gedetacheerd, bepaald en hiervoor een toereikende voorziening getroffen. De lasten die hiermee samenhangen zijn als incidentele last geclassificeerd. Van het management hebben wij de bevestiging ontvangen dat er, naast bovengenoemd fraudegeval, geen onregelmatigheden zijn geconstateerd waarbij het management of de werknemers zijn betrokken die een belangrijke rol spelen bij de maatregelen van interne beheersing, of anderen in het geval dat de fraude van materieel belang kan zijn voor de jaarrekening. Tevens hebben wij zelfstandig werkzaamheden uitgevoerd die erop gericht waren om het risico van het ‘omzeilen’ van de interne beheersingsmaatregelen door het management te detecteren. Wij hebben specifieke controles uitgevoerd op memoriaalboekingen en schattingen en hebben significante en ongebruikelijke transacties met behulp van gegevensanalyses onderzocht.
Conclusie: Wij hebben tijdens de uitvoering van onze controle van de jaarrekening 2020 geen aanwijzingen verkregen dat er, met uitzondering van de ontvreemde hardware, sprake is geweest van fraude. 8.6. Begrotingsrechtmatigheid De toe te passen normen voor het begrotingscriterium zijn gebaseerd op de artikelen 189, 190 en 191 van de Gemeentewet. Deze normen dient het bestuur zelf nader in te vullen en te concretiseren. Dit gebeurt door middel van de begroting en via de verordening op het financieel beheer ex artikel 212 van de Gemeentewet. Het systeem van budgetbeheer en -bewaking moet waarborgen dat de baten en lasten binnen de begroting blijven en dat het dagelijks bestuur belangrijke wijzigingen of dreigende overschrijdingen tijdig meldt aan het algemeen bestuur, zodat de zij hierover tijdig (binnen het begrotingsjaar) een besluit kan nemen. 17
Een systeem met onvoldoende waarborgen voor tijdige melding aan het algemeen bestuur van budgetoverschrijdingen heeft het risico in zich dat de directie / dagelijks bestuur inbreuk maakt op het budgetrecht van het bestuur. Het begrotingscriterium is verder verfijnd en uitgewerkt in de Kadernota Rechtmatigheid van de Commissie BBV. Een overschrijding van de begroting is altijd onrechtmatig, maar hoeft door de accountant niet in alle gevallen te worden meegewogen in zijn oordeel. Essentieel is dat het bestuur nadere regels kan stellen wanneer: 1. kostenoverschrijdingen die zijn gecompenseerd door direct gerelateerde baten; 2. kostenoverschrijdingen passend binnen het beleid en 3. kostenoverschrijdingen bij openeinderegelingen moeten meewegen bij het oordeel van de accountant. In die gevallen dat het bestuur geen nader beleid stelt, geldt het uitgangspunt dat de accountant deze 3 soorten kostenoverschrijdingen niet betrekt bij de beslissing of hij al dan niet een goedkeurend rechtmatigheidsoordeel kan afgeven. In het kader van de begrotingsrechtmatigheid kijkt de accountant naar de lastenoverschrijdingen per programma (indien van toepassing in relatie met de batenoverschrijding). De Connectie kent onderstaande 3 programma’s waarvoor een overschrijding van de begrote lasten van toepassing is. Programma
Begrote lasten (na wijziging)
Gerealiseerde lasten
Lasten overschrijding
€’000
€’000
Bedrijfsvoering gemeenten
€36.337
€40.473
€4.136
Belastingen gemeenten
€4.084
€4.556
€472
Bedrijfsvoering De Connectie
€5.750
€6.573
€823
€’000
De organisatie heeft ons een analyse opgeleverd waaruit blijkt dat de lastenoverschrijdingen worden afgedekt door de bovengenoemde 3 soorten kostenoverschrijdingen. Wij hebben deze overschrijdingen daarom niet hoeven mee te wegen in ons rechtmatigheidsoordeel. Daarnaast moet de accountant kosten- danwel investeringsoverschrijdingen, waarvan het bestuur in de jaarrekening moet aangeven dat deze nog geautoriseerd dienen te worden, in het verslag van bevindingen aan de orde stellen. In de jaarrekening 2020 van De Connectie wordt in paragraaf 2.2.6 een overzicht gegeven van de afwijkingen tussen de gerealiseerde en begrote investeringen. In dat overzicht is een aparte categorie aangemaakt voor “Niet-begrote investeringen, noodzakelijk en conform bestaand beleid”. Aangezien deze investeringen niet begroot zijn, zal een zogenaamde indemniteitsprocedure gevolgd worden waarin 18
vóór het vaststellen van de jaarrekening alsnog toestemming wordt verkregen voor deze investeringen, waardoor wij die investeringsoverschrijdingen niet in onze controleverklaring hoeven mee te wegen. Wij zullen bij het verstrekken van onze verklaring vaststellen of de indemniteitsprocedure is gevolgd, maar gaan daar vooralsnog van uit.
8.7. Betrouwbaarheid en continuïteit van de automatiseringsomgeving Onze jaarrekeningcontrole is gericht op het geven van een oordeel omtrent de jaarrekening zelf en is niet primair gericht op het doen van uitspraken omtrent de betrouwbaarheid en de continuïteit van de geautomatiseerde gegevensverwerking als geheel of van onderdelen daarvan. Onze bevindingen daaromtrent raken dan ook slechts die onderdelen, die wij onderzocht hebben in het kader van de jaarrekening, wat wil zeggen dat wij ter zake geen volledigheid pretenderen. Op grond van artikel 393 lid 4, Titel 9 Boek 2 BW rapporteren wij onze bevindingen met betrekking tot de betrouwbaarheid en continuïteit van de geautomatiseerde gegevensverwerking in dit verslag. Hierbij dient opgemerkt te worden dat de controle van de jaarrekening niet specifiek is gericht op de betrouwbaarheid en continuïteit van de geautomatiseerde gegevensverwerking. Wij zijn van mening dat voldoende maatregelen zijn getroffen om de betrouwbaarheid en de continuïteit van de geautomatiseerde gegevensverwerking en informatievoorziening te waarborgen. Wij willen de organisatie bedenken voor de prettige samenwerking en zijn vanzelfsprekend graag bereid een nadere toelichting te verstrekken. Met vriendelijke groet, Astrium Overheidsaccountants B.V.
Drs. D.J. Han RA
19
Bijlage A – Niet-gecorrigeerde controleverschillen Aard van de fouten
Rechtmatigheid
Getrouwheid
In de jaarrekening opgenomen verplichtingen zijn ten dele ten onrechte exclusief BTW opgenomen
€ nihil
€ nihil
In de jaarrekening opgenomen crediteuren die betrekking hebben op vooruitbetaalde kosten zijn niet volledig opgenomen
€ nihil
€ nihil
Niet volledig opgenomen verplichtingen als gevolg van nagekomen facturen over 2020
€ nihil
€ nihil
Totaal fouten
€ nihil
€ nihil
Aard van de onzekerheden
Rechtmatigheid
Getrouwheid
Waardering vorderingen
€ nihil
€ nihil
Totaal onzekerheden
€ nihil
€ nihil
Alle controleverschillen / bevindingen zijn in de laatste versie van de jaarrekening 2020 verwerkt. De in de foutevaluatie opgenomen bevindingen 1 en 2 hebben per saldo geen resultaateffect en betreffen onjuiste balansclassificaties. Dit betekent dat deze wel meegenomen moeten worden in het rechtmatigheidsoordeel maar niet de getrouwheid raken. Wij hebben van het Bestuur een schriftelijke bevestiging bij de jaarrekening ontvangen, waarin het bestuur bevestigt dat geen sprake is van niet- gecorrigeerde fouten die, zowel individueel als in totaal, in het kader van de jaarrekening materieel (kunnen) zijn. De totale omvang van de fouten die als onrechtmatig worden geclassificeerd, is lager dan de tolerantie van 1% van de totale lasten inclusief dotaties aan reserves (€ 518.080) en heeft derhalve geen gevolgen voor de strekking van onze goedkeurende controleverklaring. 20
Bijlage B – Onafhankelijkheidsbevestiging en overige dienstverlening Bevestiging onafhankelijkheid In overeenstemming met de Nederlandse Corporate Governance Code dient de externe accountant mogelijke conflicten met betrekking tot zijn onafhankelijkheid, zowel in wezen als in schijn, onder de aandacht te brengen van het bestuur. Wij bevestigen dat onze onafhankelijke positie ten opzichte van De Connectie in overeenstemming met de Nederlandse wettelijke en beroepsvoorschriften is gewaarborgd. Wij zijn van mening dat onze objectiviteit gedurende het afgelopen jaar niet is aangetast. Stelsel van waarborgen om onafhankelijke positie te waarborgen Astrium beschikt over een stelsel van maatregelen om onze onafhankelijke positie bij controlecliënten te waarborgen. Het stelsel van maatregelen is een integraal onderdeel van de bestuurlijke organisatie en van het voor de gehele organisatie van toepassing zijnde stelsel van kwaliteitsbeheersings- maatregelen. Bijgaande niet-limitatieve opsomming geeft u een indruk van de maatregelen die bijdragen aan het waarborgen van onze onafhankelijke positie: • Schriftelijke onafhankelijkheidsbepalingen waarin alle bestaande onafhankelijkheidsvereisten en de risico’s ten aanzien van de bedreiging van de onafhankelijkheid en de daaraan gerelateerde waarborgen zijn verwerkt.
• Procedures voor tijdige bekendmaking van de voorschriften en de daarin aangebrachte wijzigingen aan alle gevolmachtigden en werknemers bij Astrium. • Procedures voor de organisatie van periodieke training inzake de toepassing van de onafhankelijkheidsvoorschriften. • Procedures die erop gericht zijn dat onze gevolmachtigden en werknemers in specifieke casussen en omstandigheden de onafhankelijkheidsvoorschriften naleven. • De benoeming van professionals op seniorniveau die verantwoordelijk zijn voor het continu actualiseren van de procedures en voorschriften, de tijdige bekendmaking ervan en het adequaat functioneren van het gehele stelsel van waarborgen.
• Procedures voor een schriftelijke rapportage per controlecliënt waarin is vastgelegd of sprake is van omstandigheden die de onafhankelijkheid van de accountant die de controleopdracht uitvoert bedreigen, op welke wijze met potentiële bedreigingen is omgegaan en indien er bedreigingen zijn gesignaleerd, welke maatregelen dan zijn genomen om deze bedreiging voor de onafhankelijkheid weg te nemen. De vastlegging van deze beoordeling inclusief een gemotiveerde conclusie (de zogenoemde onafhankelijkheidsevaluatie) wordt in het dossier opgenomen. • Procedures die vereisen dat een daartoe geëigende afdeling binnen Astrium wordt geconsulteerd, als sprake is van een mogelijke aantasting van de onafhankelijkheid in relatie tot een specifieke cliënt. Indien de bestuursstructuur van de controlecliënt voorziet in een audit commissie of algemeen bestuur, overwegen wij ook een van deze beide instanties te raadplegen. De opzet en werking van ons stelsel van maatregelen worden periodiek door de externe toezichthouder getoetst. Interne roulatie Een te grote mate van vertrouwdheid of vertrouwen kan een bedreiging vormen voor de onafhankelijkheid van de accountant wanneer bepaalde leden van het controleteam geregeld en voor lange tijd aan de wettelijke controle van een controlecliënt meewerken.
Wij beoordelen de bedreiging voor de onafhankelijkheid die kan voortvloeien uit de langdurige betrokkenheid van andere leden van het controleteam bij de controleopdracht. Waar nodig nemen wij maatregelen om de bedreiging weg te nemen. Persoonlijke, zakelijke of financiële relaties met de organisatie Wij hebben een evaluatie gemaakt van persoonlijke, zakelijke en financiële relaties tussen Astrium, haar gevolmachtigden en haar medewerkers en de organisatie die van invloed kunnen zijn op onze onafhankelijkheid. Bij deze evaluatie zijn ons geen zaken gebleken welke aan u gerapporteerd dienen te worden.
21
Bijlage C – Overzicht met de belangrijkste afkortingen EMITA
Executive master of IT-auditing
RA
Registeraccountant
RE
Register EDP-auditor
WMO
Wet Maatschappelijke Ondersteuning
VIC
Verbijzonderde Interne Controle
PGB
Persoonsgebonden budget
SVB
Sociale Verzekeringsbank
BBV
Besluit Begroting en Verantwoording
vGRP VNG
Verbreed Gemeentelijk Riolerings Plan Vereniging van Nederlandse Gemeenten
AO/IB VPB
Administratieve organisatie en interne beheersing Vennootschapsbelasting
WNT
Wet Normering Topinkomens
SiSa
Single information Single Audit
BW
Burgerlijk Wetboek
www.astriumoverheidsaccountants.nl 22