CConstaterende datArnhem
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 5 - ‘Handreiking nieuwe cultuurvisie’ van Cultuur Netwerk Arnhem (CNA)

Politieke Avond 17 december 2025, gemeente ArnhemBij agendapunt: Vaststellen: Uitgangspuntennota Cultuurbeleid 2025 – 2028 ‘Standplaats Arnhem’1.658 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Handreiking nieuwe cultuurvisie CNA-werkgroep 23 september 2024 Aanleiding In juni 2024 werden de eerste bevindingen van de onderzoeken naar de kunst en cultuursector van Arnhem in opdracht van de gemeente gepresenteerd door Ingrid van Engelshoven (Arnhem creatieve stad van verbinding, Subsidiestelsel en bouwstenen cultuurbeleid Arnhem door Blueyard), door Rento Zoutman (SECTORANANALYSE PODIUMKUNSTEN ARNHEM door Walter Ligthart en Rento Zoutman) en door Simon Mamahit (Aanbevelingen Popmuziek). De onderzoeken zijn op het moment van dit schrijven nog niet openbaar gemaakt. Vanuit CNA ontstond de behoefte om in gezamenlijkheid proactief te reageren om zo samen met de gemeente de volgende stap in de beleidsontwikkeling te kunnen zetten. Hiertoe werd een tijdelijke werkgroep in het leven geroepen. CNA-Werkgroep ontwikkeling cultuurbeleid De werkgroep bestaat uit Jenny Doest (Rozet), Inge Pollet (Plaatsmaken), Harold Oddens, Posttheater/ Hoogte80), Peter Hendrikx (Theater aan de Rijn), Mirjam van Tiel en Fanne Boland (beide Theater Oostpool). Er zijn twee bijeenkomsten (19 augustus en 12 september) en een kort afstemmoment met Ralph Dassen voor de CNA-bijeenkomst van 19 september. Eerste bijeenkomst 19 augustus 2024 In deze bijeenkomst is besloten een tweeledige reactie op te stellen. Ten eerste een reactie op de procedure van de beleidsontwikkeling tot nu toe.

Ten tweede een handreiking naar de gemeente in de vorm van een aantal thema’s die instellings-overstijgend zijn en daarmee regie – of op zijn minst overzicht en afstemming – vragen. Reactie op procedure beleidsontwikkeling voor kunst en cultuur in Arnhem Wat opvalt is dat de onderzoeken nog niet gedeeld zijn met het CNA, terwijl dit najaar (2024) het beleid vastgesteld zal worden. Ook valt op dat de onderzoeken met name een signalerende en inventariserende kwaliteit hebben. Uit de onderzoeken komt naar voren dat er behoefte is aan regie vanuit de gemeente. In de inspraak-momenten tot nu toe (bijv. presentatie op 10 juni jl. in Rozet en stadsgesprek op 17 juni jl. in Musis) wordt nog niet duidelijk op welke wijzen de gemeente die ‘regie’ invulling zou kunnen geven. Pas als daar diverse voorstellen voor op tafel liggen kan er sprake zijn van daadwerkelijke transparantie en inspraak, zoals bijvoorbeeld CNN heeft gehad in de beleidsontwikkeling in Nijmegen. CNA verzoekt de gemeente om die inspraak mogelijk te maken om zo tot in de gehele culturele sector breed gedragen beleid te komen. De behoefte vanuit CNA is specifiek het instellings-overstijgende perspectief onder de aandacht te brengen. Er zijn immers heel wat vraagstukken die niet op individueel instellingsniveau alleen ‘opgelost’ of ‘ingevuld’ kunnen worden.

Sterker nog, het kan oneigenlijk concurrentie tot gevolg hebben als hier niet gezamenlijk in opgetrokken wordt, en/of de kunst en cultuursector als geheel minder sterk maken. Hier volgt een lijst met mogelijke vraagstukken waarmee wij de gemeente hopen te inspireren tot een gedeelde en structurele aanpak.

1

Thema’s en vraagstukken voor gemeentelijke regie en/of sector-brede afstemming 1) Functies formuleren: Vanuit het overzicht over de gehele stad zouden er in samenspraak tussen CNA en gemeente functies geformuleerd moeten worden die structureel aanwezig zouden moeten zijn voor een gezonde kunst- en cultuursector. Het beleid is nu vooral gericht op individuele instellingen en projecten waardoor het daarop aansluitende overstijgende perspectief ontbreekt. Door functies te expliciteren kan niet alleen duidelijk worden welke cruciale onderdelen onderbelicht blijven, ook kan de door sector en gemeente gewenste samenwerking tussen instellingen worden bevorderd. Concreet voorbeeld: voor een project in een wijk als Arnhem Zuid zijn twee specialismen noodzakelijk, ten eerste contact & vertrouwen in de wijk, ten tweede inhoud & artistieke kwaliteit. Twee (of meer) instellingen die een van de genoemde specialismen hebben, kunnen de handen ineenslaan om de functie te vervullen. De gemeente zou de verantwoordelijkheid moeten nemen een dergelijke functie voor langere periode, bijvoorbeeld minimaal 8 jaar, te waarborgen. Een aantal van de volgende thema’s zouden onder dergelijke functies kunnen vallen.

2) Spreiding: Het aanbod moet beter verdeeld worden over de gehele stad, maar dat hoeft niet te betekenen dat er overal hetzelfde aanbod gevestigd is met overal aparte ateliers, zalen en broedplaatsen. Graag trekken we samen op met de gemeente in het maken van een overzicht van het bestaande aanbod en spreiding, niet zozeer gebaseerd op vestigingsplek, maar vooral op aanbod. Daarbij kan ook een onderscheid gemaakt worden in verschillende reikwijdtes en reisbereidheid per activiteit. Concreet voorbeeld: een grootschalig popconcert heeft een grotere reikwijdte dan dansworkshops voor kinderen in een wijkcentrum. Niet in elke wijk is alles nodig. De gemeente heeft samen met CNA een belangrijke rol in het creëren van overzicht, het garanderen van onderlinge afstemming en het faciliteren en daarmee structureel maken van het benodigde aanbod. 3) Huisvesting: Ook hierin zou – naast benodigde nieuwbouw/ verbouw – veel te winnen kunnen zijn door coördinatie en afstemming, omdat de bestaande infrastructuur van gebouwen nog niet volledig benut wordt – bijvoorbeeld voor het vraagstuk om (jonge) makers in de stad te faciliteren. Daarnaast vragen we aandacht voor een goede balans tussen programmering en huisvesting. Ook gezien de indexering van de subsidies die de gestegen huisvestingskosten niet kunnen compenseren.

Dit thema huisvesting wordt door de gemeente vooralsnog zeer vanuit instellingsniveau benaderd. Met grote verschillen in de mate waarin de gemeente zich verantwoordelijk voelt. Op basis van de gewenste functies kan in kaart gebracht worden wat de ideale infrastructuur zou zijn en hoe het benutten van reeds bestaande ruimtes geoptimaliseerd kan worden. Dat vraagt om een stevig beleid en coördinatie vanuit de gemeente, waarbij afstemming met de hele sector essentieel is. 4) Onderwijs: De hele culturele sector heeft baat bij stevige verbindingen met onderwijs. Op alle onderwijsniveaus. Zorg dat de opleidingen in de stad aan tafel zitten en een rol spelen in het vervullen van de functies en afstemming in de kunsten cultuursector. Dan maak je de connectie tussen opleidingen, arbeidsmarkt en talentontwikkeling pas echt sterk. Daarnaast is het informeel en non-formeel leren van groot belang voor de sector, dus neem ook dit specifieke ‘opleiding’-perspectief mee. Zorg dat ook budgetten uit de betreffende domeinen (onderwijs, werkgelegenheid, jeugd en jongeren) komen en niet allemaal uit de kunst en cultuur. 2

5) Talentontwikkeling: Breng de keten van talentontwikkeling goed in kaart. En breng in kaart wat bestaande culturele instellingen kunnen doen (en al doen) voor belangrijke vraagstukken als de behoefte aan broedplaatsen, werkplaatsen en residentieplekken. Samenwerking is ook hier een speerpunt. Dit is bij uitstek een functie waarin de sector het voortouw kan nemen. 6) Verduurzaming/energietransitie: Elke organisatie zal moeten verduurzamen, maar velen zijn te klein om dat proces autonoom te doorlopen. Zorg dat er op dat vlak uitwisseling en kennisdeling is op structurele schaal binnen de kunst en cultuursector van de stad. De organisaties die wat dit betreft vooroplopen kunnen anderen laten profiteren van hun voorsprong, in dit gemeenschappelijke doel. Daarnaast kan kunst en cultuur van betekenis zijn in het creëren van bewustzijn en draagvlak hiervoor door het vertellen van verhalen. Dit kan geen artistieke eis zijn, maar uitwisseling en wederzijdse inspiratie kan een mogelijke stroomversnelling teweegbrengen. 7) Maatschappelijke polarisatie: In de stad spelen veiligheidsissues, criminaliteit, laaggeletterdheid, zowel bij de ‘linkse’ als ‘rechtse’ populatie. Met de kunst- en cultuursector beïnvloed je het gesprek dat we voeren over elkaar en onszelf. Welke verhalen vertellen we met elkaar? Inzet op de grens van het artistieke en sociale domein is cruciaal voor de stad.

Daarvoor zijn uitwisseling en middelen nodig, ook op de lange termijn. Goed voorbeeld: programma’s voor azc’s vanuit geld voor vluchtelingen. Maak dit geen eis voor subsidie, maar wel een mogelijkheid om educatie/participatie-beleid mee vorm te geven. Faciliteer de uitwisseling op die verschillende vlakken/ gemeenteloketten en zorg dat de budgetten ook samengesteld worden uit de betrokken domeinen. Stimuleer meer op impact dan op (financiële) afrekening. 8) Erfgoed: Ook op dit vlak leidt afstemming tot meer dan de som der delen. Niet alleen instellingen met erfgoed als expliciete opdracht, maar ook andere organisaties en projecten dragen hier (veelal onzichtbaar) aan bij, ook door bijvoorbeeld de gezichtsbepalende en monumentale panden. Het overzicht ontbreekt waardoor hiaten niet zichtbaar zijn, maar ook verbindingen niet gelegd worden. Al onze leden bouwen dagelijks aan immaterieel erfgoed door het bijdragen aan ‘het volledige verhaal’. Concreet voorbeeld: Keti Koti Arnhem. Ook zijn er initiatieven om archivering (voor podiumkunstinstellingen) gemakkelijker te maken en te ontsluiten voor publiek. Afstemming over wat er al is zou het gemeentebeleid kunnen laden. 9) Arbeidsmarkt/ werkgelegenheid: Onze instellingen staan niet alleen garant voor banen voor artistieke professionals, maar ook voor veel niet-artistieke functies daar omheen.

Ook is er de nood om (juist ook niet-artistiek!) personeel representatiever te maken voor de stad als geheel. Ook hierin kan afstemming tot meer succes leiden, bijv. door gedeelde kennismakingsprojecten voor diverse mbo en hbo opleidingen of collectief personeelsbeleid. 10) Toegankelijkheid: Gezamenlijk staan we voor een breed palet aan kunstvormen en kunstpraktijken met een sterke verbinding met educatie en amateurkunst. Maar ook hier zou het samen optrekken grote voordelen op kunnen leveren. Bijvoorbeeld door het beter kenbaar maken van die volledigheid en reikwijdte van het veld als geheel naar publiek en deelnemers toe (bijvoorbeeld door collectieve marketing i.s.m. de gemeente). Daarnaast kan de voortvarendheid waarmee de sector dit thema de laatste jaren oppakt inspirerend zijn voor andere domeinen.

3

De volgende stap: partnerschap Wat het CNA wenst is partnerschap met de gemeente in de totstandkoming van de nieuwe beleidsvisie, maar ook in de voortgang van eigen exploitatie en ontwikkeling. CNA heeft behoefte aan minder protocol en meer kennisdeling en afstemming. Natuurlijk heeft ieder haar eigen rol en dient er (juridische) distantie te zijn, maar kan het veel meer samen, zoals bijvoorbeeld op de thema’s hierboven beschreven. Het mes snijdt dan als het goed is aan twee kanten: de gemeente krijgt meer draagvlak voor het nieuwe cultuurbeleid en het CNA zal de collectiviteit waar het netwerk voor staat, toekomstbestendig kunnen maken voor de overstijgende vraagstukken waar we allemaal voor staan.

----------------------------------Graag lichten wij vanuit de CNA-werkgroep een en ander nog verder toe in een persoonlijk gesprek, bestuurlijk en/of ambtelijk.

Met vriendelijke groet, Ralph Dassen Voorzitter CNA r.dasse@focusarnhem.nl

4

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Arnhem&id=1bf1bfef-ec5c-4ddb-bda2-ddb8b53b5c3e