Bijlage 3 - maatregelencatalogus NIB (Natuurinclusief Bouwen Arnhem)
Tekst van het document
Afbeelding: gemeente Ede
ONDERWERP
vissen, waterplanten, amfibieën en insecten
Maatregelencatalogus Natuurinclusief Bouwen Arnhem
Baten: • Biodiversiteit
43
PAGINA
Maatregelencatalogus Natuurinclusief Bouwen Arnhem
ONDERWERP
D22. Ecologische bodempassage of wadi 5-10 punten afhankelijk van grootte
Een wadi (waterdoorlating door infiltratie) is een beplante greppel of sloot met een waterdoorlatende bodem. Bij een wadisysteem stroomt het water van de daken en de wegen niet in het riool, maar via de bovengrondse goten en/of greppels in de wadi en vervolgens naar het grondwater in de bodem. Ecologische wadi’s (dus wadi’s die natuurlijk zijn ingericht en niet alleen uit gras bestaan) met hoog opgaande planten versterken de ecologische infrastructuur omdat ze dienstdoen als ecologische verbindingszone of steppingstone. Ze zorgen ook voor meer biodiversiteit. Wadi’s zijn niet gewenst op klei (Presikhaaf, ‘t Broek, Arnhem-Zuid). Daar moet gekozen worden voor bodempassages (water wordt gefilterd en gaat dan niet naar beneden, de grond in, maar wordt ergens heengeleid, bijvoorbeeld naar oppervlaktewater).
Baten: • Biodiversiteit • Klimaatadaptatie: • Overig:
kleine zoogdieren, vogels, amfibieën, vissen, vlinders, wilde bijen, inheemse vegetatie verkoeling door verdamping, verlicht druk op riool, verbetering wateropvang, verbetering infiltratie, vertraagde waterafvoer verhoging waarde onroerend goed, verbetering waterkwaliteit, minder criminaliteit, bijdrage gezond leefklimaat
Aanbevelingen Het talud dient zo flauw mogelijk te zijn om de plas-draszone zo groot mogelijk te maken. Minimaal wordt een verhouding van 1:3 aangehouden maar bij voorkeur een talud van 1:10. Sloten en beken met een steile oever hebben een lage natuurwaarde en voeren het water snel af. Om de biodiversiteit te vergroten hebben deze oevers daarom de meeste prioriteit om aan te passen naar een natuurvriendelijke oever. Maatregelen rond water, zoals natuurvriendelijke oevers, moeten door de gemeente altijd eerst afgestemd worden met het Waterschap. Een natuurvriendelijke oever betekent namelijk iets voor het onderhoud, waarvoor het Waterschap verantwoordelijk is. Kosten: Geschatte kosten aanleg: Geschatte kosten onderhoud/jaar:
5 - 6 €/m2. 0,15 - 0,45 €/m2 (Provincie Gelderland, 2020)
Aanbevelingen Het is wenselijk om zo veel mogelijk dood hout, losse stenen en andere natuurlijke materialen aan te brengen die zorgen voor beschutting voor insecten, amfibieën en kleine zoogdieren. Denk voor de beplanting aan: Helofyten voor de natte zone: zwanenbloem, riet, mattenbies, grote lisdodde. Hoog opgaande plantensoorten voor de oever: wilgenroosje, moerasspirea, gewone kattenstaart, watermunt. Laag blijvende planten voor de droge zone: gewoon ereprijs, grasmuur, kruipend zenegroen, pinksterbloem. Struiken en bomen voor de droge zone: boswilg, els.
Afbeelding: Nina Kopp, gemeente Amsterdam
PAGINA
44
D23. Amfibieënpoel 25 punten Minimaal 30 m2.
Eisen en randvoorwaarden Oppervlakte: Minimaal 30 m2 en maximaal 500 m2 Hoogte/lengte: Niet dieper dan 2 meter onder het maaiveld. Overige: Noordoever talud zo flauw mogelijk maken, bij voorkeur 1:8 of 1:10 en het diepste punt moet zich op 50 cm onder de laagste grondwaterstand te bevinden. De poel moet natuurlijk te zijn en daarom onder de grondwaterstand liggen. Met deze maatregel wordt niet een vijver met een kunstmatige waterkerende laag bedoeld (zoals een beton of vijverfolie). Aanbevelingen Houd rekening met eventuele aanvullende gemeentelijke vergunningplicht bij het graven van een poel. Van belang is dat er geen vissen worden uitgezet in de poel, dit komt niet ten goede van de biodiversiteit. Poelen zijn bij voorkeur niet beschaduwd en liggen in grasland of enkele meters van de bosrand. Veel soorten profiteren van deze specifieke combinatie van water en groen.
Afbeelding: Nina Kopp, gemeente Amsterdam
ONDERWERP
boomkikker, heikikker, kamsalamander, insecten verkoeling door verdamping
Maatregelencatalogus Natuurinclusief Bouwen Arnhem
Baten: • Biodiversiteit • Klimaatadaptatie:
45
PAGINA
Maatregelencatalogus Natuurinclusief Bouwen Arnhem
ONDERWERP
D24. IJsvogelwand 15 punten, ijsvogelvriendelijke oever- 10 punten
Broedgelegenheid voor ijsvogels creëren door aanleg van een ijsvogelwand d.m.v. betonnen keerwand met gaten of steile natuurlijke wand langs beken, plassen en meren; en/of ijsvogelvriendelijke oever.
Baten: • Biodiversiteit
ijsvogels (de oever biedt ook schuilmogelijkheden voor eenden, meerkoeten en waterhoentjes)
Geschatte kosten: onbekend IJsvogelwand Eisen en randvoorwaarden Hoogte/lengte: Steilwand tussen 50 cm en 2 meter hoog en tussen de 1 en 3 meter breed. Overige: IJsvogels graven zelf gangen in steile wandjes van zand of klei. Zo’n steile wand kan worden gemaakt door het afsteken van een stuk oever. Of er kan een betonnen wand worden gebruikt. De wand liefst minimaal 1 meter boven het water laten uitsteken. IJsvogels zijn schuwe vogels. Daarom alleen effectief als er niet teveel verstoring plaatsvindt. Liefst 25 meter van plekken af waar veel mensen komen, zoals wandelpaden en speelvelden. Of bijvoorbeeld met sleedoornstruweel afschermen. Aanbevelingen Bij voorkeur een tak in de wand steken die boven het water hangt. De maatregel wordt bij voorkeur gecombineerd met het aanleggen van een ijsvogelvriendelijke oever. Zie ook bijvoorbeeld: Harder J. 2012. IJsvogelhandleiding, aanleg, controle en onderhoud van ijsvogelwanden. Afbeelding: Nina Kopp, gemeente Amsterdam
IJsvogelvriendelijke oever: door aanplanten van struweel en bomen langs oppervlaktewater. Eisen en randvoorwaarden Hoogte/lengte: Minimale lengte van 20 meter Beplantingseisen: Inheemse struweelvormers en houtige gewassen als wilgen en elzen Overige: Struweelvormers of bomen binnen 1,5 meter van de oever van sloten of ander oppervlaktewater planten. Het doel is om hierdoor zowel beschutte plekken langs water te creëren, als het creëren van over het water hangende takken, die door ijsvogels gebruikt worden om te jagen.
D25. Eigen initiatief: in overleg 1 tot 25 punten
Er kan ook een eigen maatregel worden geformuleerd! Het aantal punten wordt nader bepaald, in samenspraak met de gemeentelijke ecoloog.
PAGINA
46
Bronnen: Gemeente Amsterdam (2018). Natuurinclusief bouwen en ontwerpen in twintig ideeën. Gemeente Ede (2020). Maatregelencatalogus https://www.ede-natuurlijk.nl/natuurinclusief
ONDERWERP
StAB, stichting Arnhemse bedrijventerreinen. (2017). Vergroening Arnhemse bedrijventerreinen. Catalogus. https://stab-arnhem.nl/wp-content/uploads/2018/10/Catalogus-vergroening.pdf
Maatregelencatalogus Natuurinclusief Bouwen Arnhem
Provincie Gelderland (2020). Hoe vergroenen we woonwijken? Meer ruimte voor biodiversiteit en klimaatadaptatie in woonwijken. https://www.gelderland.nl/Natuur/Biodiversiteit-meer-groen-in-Gelderland
47
PAGINA
Maatregelencatalogus Natuurinclusief Bouwen Arnhem
ONDERWERP