CConstaterende datArnhem
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 3 - De bijlagen

Politieke Avond 16 februari 2022, gemeente ArnhemBij agendapunt: Vaststellen: Chw Omgevingsplan en grondexploitatie 'De Hobbit'25.694 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 3

Chw Omgevingsplan De Hobbit

Cluster Strategie, Beleid en Regie, Gemeente Arnhem

Bestemmingsplan Vastgesteld Bijlagen

Colofon Plan: Gemeente: Plannummer:

Chw Omgevingsplan De Hobbit Arnhem 991

IMRO-identificatie: Huidige status: Plantype:

NL.IMRO.0202.991-0301 vastgesteld bestemmingsplan

Datum:

31-1-2022

Bijlagen bij d e t o e l i c h t i n g

Bijlage 1

Boomeffectanalyse

Bijlage 2

Parkeerbalans

Bijlage 3

Onderzoek geluid en luchtkwaliteit

Bijlage 4

Onderzoek stikstofdepositie

Bijlage 5

Verkennend bodemonderzoek

Bijlage 6

Archeologisch onderzoek

1

Bestemmingsplan "Chw Omgevingsplan De Hobbit" (vastgesteld)

BOMENEFFECTANALYSE T.B.V. DE SLOOP VAN BUURTHUIS DE HOBBIT, GEMEENTE ARNHEM - April 2021 -

TITEL Bomeneffectanalyse t.b.v. de sloop van buurthuis De Hobbit, Gemeente Arnhem

LOCATIE Buurthuis De Hobbit Zwanebloemlaan 2A Malburgen-Oost, Arnhem Gemeente Arnhem

OPDRACHTGEVER Mevrouw N. van Leeuwen Ontwerper / voorbereider Gemeente Arnhem

REFERENTIE OPDRACHTGEVER --

EIGENAAR BOMEN Gemeente Arnhem

ONZE REFERENTIE BO/RA/2021.028

DATUM OPNAME 9 april 2021

DATUM RAPPORTAGE 14 april 2021

VELDWERK ing. Aernout Theunissen - boomtechnisch adviseur - bosbouwkundig ingenieur - European Tree Technician (ETT) - geregistreerd boomtaxateur, lid NVTB

RAPPORTAGE ing. Aernout Theunissen

 Bomeneffectanalyse t.b.v. de sloop van buurthuis De Hobbit, Gemeente Arnhem 

2

INHOUDSOPGAVE

Pagina 1. Inleiding 1.1 Aanleiding & probleemstelling 1.2 Project-/ontwerpfase & beheerstatus bomen 1.3 Beoogde werkzaamheden bij de bomen

4 4 5 5

2. Werkwijze & onderzoeksaspecten

7

3. Bevindingen

8

4. Conclusies

10

Bijlage 1: Bomenkaarten Bijlage 2: Gegevensbestand bomen Bijlage 3: Foto’s van de bomen Bijlage 4: Rekenblad taxatie vervangingskosten Bijlage 5: Poster Werken rond bomen Bijlage 6: Verklarende woordenlijst

16 18 19 22 23 24

 Bomeneffectanalyse t.b.v. de sloop van buurthuis De Hobbit, Gemeente Arnhem 

3

1.

INLEIDING

1. 1

Aanleiding & probleemstelling

In opdracht van mevrouw N. van Leeuwen, Ontwerper bij Gemeente Arnhem, heeft firma BoomOntzorging een bomeneffectanalyse (BEA) uitgevoerd t.b.v. de sloop en nieuwbouw op het terrein van buurthuis De Hobbit in de wijk Malburgen-Oost in Arnhem-Zuid. Gemeente Arnhem is voornemens om het huidige buurthuis te slopen en op het terrein een nieuw buurthuis en een sporthal te bouwen. Naar verwachting zullen de werkzaamheden rond eind 2022 van start gaan. Een voorlopig ontwerp is nog niet beschikbaar. Rondom het te slopen buurthuis (Zwanebloemlaan 2a) staan negen grote knotwilgen. De bomen zijn waarschijnlijk ten tijde van de bouw van het buurthuis in 1980 aangeplant. Gemeente Arnhem is voornemens de bomen in te passen in het ontwerp voor de nieuwbouw. Vanwege hun standplaats en de komende sloop- en nieuwbouwwerkzaamheden, ontstaat er echter voor de bomen een verhoogd risico op beschadiging waardoor het beoogde behoud in de knel kan komen. Middels deze BEA is beoordeeld welke potentiële risico’s er vanuit het ontwerp, vanuit de sloop en vanuit de nieuwbouw bij de bomen kunnen ontstaan. Als basis voor de BEA zijn dan ook de volgende onderzoeksvragen geformuleerd: 1. Wat is de samenstelling van de bomen in het projectgebied, wat zijn hun algemene kenmerken en wat is de huidige levensverwachting? 2. Welke knelpunten zijn er voor de bomen t.a.v. het nog te maken ontwerp, t.a.v.

de sloop van het huidige pand en t.a.v. de werkzaamheden tijdens nieuwbouw en welke adviezen en/of randvoorwaarden zijn van toepassing om de risico’s te verkleinen? 3. Welke algemene randvoorwaarden zijn van toepassing voor het duurzame behoud van bomen in het projectgebied? Op 8 april 2021 is de situatie ter plaatse beoordeeld. In deze rapportage staan de gehanteerde werkwijze, de bevindingen, de antwoorden op de onderzoeksvragen en de daaraan gekoppelde adviezen uiteen gezet.

Fig. 1: De locatie van buurthuis De Hobbit in Arnhem-Zuid en de 9 beoordeelde bomen.  Bomeneffectanalyse t.b.v. de sloop van buurthuis De Hobbit, Gemeente Arnhem 

4

1.2

Project-/ontwerpfase & beheerstatus bomen

Project-/ontwerpfase Deze BEA toetst het voornemen van sloop en nieuwbouw op het terrein van buurthuis De Hobbit. Er is vooralsnog geen voorlopig ontwerp dat getoetst kan worden.

Beheerstatus bomen projectgebied De negen knotwilgen zijn allen in eigendom van Gemeente Arnhem en opgenomen in het boombeheersysteem van de gemeente. In het boombeheersysteem zijn de bomen voorzien van een unieke boomcode (boom-ID). Het betreft allemaal ‘reguliere’ gemeentelijke bomen waaraan geen verhoogde beheerstatus is toegekend zoals ‘monumentaal’ of ‘waardevol’. Ook staan de bomen niet landelijk geregistreerd als monumentale boom bij de Bomenstichting.

1. 3

Beoogde werkzaamheden bij de bomen

Hoewel er nog geen voorlopig ontwerp is, kunnen er al wel een aantal werkzaamheden die nabij de bomen zullen gaan plaatsvinden worden voorzien. Het slopen van het huidige gebouw en de nieuwbouw leiden namelijk tot een aantal vaststaande werkzaamheden die risico’s voor de bomen en het duurzame behoud daarvan met zich meebrengen. Ook keuzes die in de ontwerpfase worden gemaakt kunnen leiden tot risico’s t.a.v. het duurzame behoud van de bomen en hebben invloed op risico’s die later tijdens de nieuwbouw kunnen ontstaan. In onderstaande tabel zijn de voornaamste werkzaamheden en de daaraan gekoppelde potentiële risico’s voor de bomen opgenomen. Daarbij wordt onderscheid gemaakt tussen het ontwerp, de sloopwerkzaamheden en de nieuwbouwwerkzaamheden.

Tabel 1: Beoogde werkzaamheden i.r.t. potentiële risico’s voor de bomen Werkzaamheden & activiteiten

Potentiële risico’s voor de bomen

1. Ontwerp ▪ Afstand gevel nieuwbouw tot de bomen

▪ Risico op wortelschade indien de nieuwe gevels te dicht op de bestaande bomen worden geplaatst bij het uitgraven van de fundering. ▪ Indien de gevels te dicht op de bomen worden geplaatst, kan dit ook bij het uitgroeien van de boomkronen na het knotten tot te weinig bovengrondse groeiruimte voor de boom leiden en voor hinder als gevolg van tegen de gevel schurende takken. ➔ Houd in het ontwerp voldoende ruimte tussen de gevel en de bomen om schade aan de wortelkluiten en te weinig bovengrondse groeiruimte te vermijden!

▪ Aanleg van kabels/leidingen

▪ Risico op wortelschade indien tracés voor kabels en leidingen vlak langs de bomen worden gepland. Dat geldt ook voor elektriciteitskabels voor buitenverlichting en voor elektriciteitsvoorziening van de buitenruimte. ➔ Bij het ontwerpen van tracés voor kabels/leidingen en de locatie van de buitenverlichting, houdt voldoende afstand tot de wortelkluiten van de bomen zodat die niet doorgraven hoeven te worden!

▪ Aanleg van verhardingselementen buitenruimte

▪ Risico op wortelschade door het ontwerpen van verhardingselementen nabij bomen. Voor veel verhardingen moet een cunet uitgegraven worden. De aanleg van opsluitbanden nabij bomen veroorzaken vaak ook veel schade aan boomwortels doordat deze diep ingegraven moeten worden en soms in beton gesteld moeten worden waardoor er een brede sleuf door de boomwortels gegraven moet worden. Daarbij kan er (grote) schade aan boomwortels ontstaan. ➔ Plan geen verharding tot dicht langs de bomen. Beperk het gebruik van opsluitbanden nabij bomen. Pas het type verharding aan: bijvoorbeeld kunststof rastertegels op

 Bomeneffectanalyse t.b.v. de sloop van buurthuis De Hobbit, Gemeente Arnhem 

5

parkeerplaatsen i.p.v. een gesloten stenen verharding. Vergroot boomspiegels en verklein ze nooit! ▪ Grondophoging en egalisatie van het terrein

▪ Risico op wortelschade door verstikking van de boomwortels als gevolg van zuurstofgebrek na ophoging. Door grondophoging kunnen de bomen in korte tijd geheel afsterven. Vooral door de hoogteverschillen aan de noord- en oostzijde van het gebouw kan grondophoging een risico voor de bomen vormen. ▪ Schade aan boomwortels door het egaliseren (afgraven) van het wat oneffen terrein bij de parkeerplaats. ➔ Rondom de bomen geen grondophoging > 20 cm. Bij grondophoging altijd eerst de graszoden en strooisel voorzichtig weghalen. Geen maaiveldverlaging direct rondom de bomen!

2. Slopen van het huidige pand ▪ Verwijderen van verharding

▪ Risico op het beschadigen van boomwortels die tegen of vlak onder de verhardingselementen (bestrating, banden, trappen oostzijde) zijn gegroeid. Dit risico neemt toe bij gebruik van zwaar materieel bij het opbreken van de verharding. ➔ Bestaande verharding zo lang mogelijk laten zitten. Extra aandacht bij het opbreken van verharding bij bomen, eventueel met inzet van een bomenwacht.

▪ Gebruik van zwaar materieel en machines nabij bomen

▪ Ontstaan van fysieke beschadigingen aan stam, stamvoet en knotten van de bomen door gebruik van graafmachines en ander zwaar materieel nabij de bomen. ➔ Beschermen van de bomen met bouwhekken die ruim rondom de bomen geplaatst worden. Stellen van eisen t.a.v. de bescherming van de bomen bij aanbesteding. Knotten van de bomen vóór aanvang van de werkzaamheden zodat het kroonvolume sterk afneemt.

3. Nieuwbouw ▪ Grondwerk

▪ Risico op wortelschade bij grondwerk t.b.v. de aanleg van de fundering en de inrichting van het terrein. ▪ Risico op beschadiging van de groeiplaatsen door cementresten en cementwater bij de bomen. ➔ In het ontwerp gevels en verhardingen op voldoende afstand van de bomen plaatsen. Aanpassen van werkmethoden nabij bomen. Bij graafwerk vlak bij bomen een bomenwacht inzetten. Beschermen van de bomen met bouwhekken die ruim rondom de bomen geplaatst worden. Stellen van eisen t.a.v. de bescherming van de bomen bij aanbesteding.

▪ Aanleg buitenruimte

▪ Risico op wortelschade bij het aanleggen van bestratingen, het plaatsen van opsluitbanden en het leggen van kabels/leidingen. ➔ In de ontwerpfase voldoende afstand tussen verharding en kabel-/leidingtracés houden. Boomspiegels niet verkleinen en geen ophoging/egalisatie rondom bomen.

5. Algemeen ▪ Berijden van de bermen en boomspiegels met (zwaar) materieel; ▪ Opslag van materialen en grond in de in de open grond tussen/onder de bomen. ▪ Gebruik van zwaar materieel en machines nabij bomen

▪ Verstikking van de boomwortels door het ontstaan van bodemverdichting van de ondergrondse groeiplaats van de bomen. Daarbij worden de poriën in de bodem dichtgedrukt waardoor lucht (zuurstof) en ook regenwater minder goed de bodem in kunnen dringen. Omdat de boomwortels voor hun groei en functioneren zuurstof uit de bodem op moeten nemen zullen zij bij optredende bodemverdichting verstikken en afsterven. Dit geldt ook voor de bodemorganismen waarmee de bomen in symbiose leven. Ook worden de boomwortels belemmerd in het doorwortelen van de verdichte bodem waardoor groei van de wortelkluit en van nieuwe wortels wordt bemoeilijkt. ▪ Een veel voorkomend verschijnsel na bouw- en aanlegwerkzaamheden bij bomen waar bodemverdichting is ontstaan, is het langzaam afsterven van de bomen gedurende enkele jaren als gevolg van verstikking van de wortelkluit. Civiele aannemers zien daardoor de gevolgen niet, en zijn veelal in de veronderstelling dat het gebruiken van groenstroken en wegbermen voor tijdelijke opslag en parkeren van auto’s en materieel geen nadelige invloed heeft op het voortbestaan van de bomen. ➔ Beschermen van de bomen met bouwhekken die ruim rondom de bomen geplaatst worden. Stellen van eisen t.a.v. de bescherming van de bomen bij aanbesteding. Toezicht op het naleven van bestekseisen t.a.v. de bescherming van bomen.

 Bomeneffectanalyse t.b.v. de sloop van buurthuis De Hobbit, Gemeente Arnhem 

6

2.

WERKWIJZE & ONDERZOEKSASPECTEN

De basis voor de beoordeling zijn de voorgenomen werkzaamheden nabij de bomen en de in paragraaf 1.1 vermeldde onderzoeksvragen. Omdat een voorlopig ontwerp nog niet gereed is, is het toetsen van het ontwerp nog niet mogelijk. Daarom heeft de BEA zich voornamelijk gericht op potentiële risico’s voor de bomen (zie Tabel 1) die kunnen ontstaan bij keuzes in het ontwerp, tijdens de sloop en tijdens de nieuwbouw. De kenmerken van de negen beoordeelde knotwilgen zijn vastgelegd in een gegevensbestand en ingetekend op een digitale kaart. Het gegevensbestand is opgenomen in Bijlage 2 en de bomenkaart is opgenomen in Bijlage 1. Ook zijn van alle bomen foto’s gemaakt. Deze zijn weergegeven in Bijlage 3. Gegevens over de ligging van kabels en leidingen zijn opgevraagd bij het Kadaster (KLICoriëntatie) omdat dit inzicht geeft in de ondergrondse situatie bij de bomen. In onderstaand overzicht staan de opnameaspecten van de negen bomen met toelichting weergegeven. Nr.

Ter referentie toegekend volgnummer van de boom

Boom-ID

Boomcode volgens het boombeheersysteem van Gemeente Arnhem.

Boomsoort

Wetenschappelijke en Nederlandse soortnaam van de boom.

Groentype

Net type boombeplanting waartoe de boom behoort (solitair, bomenrij, laan, boomgroep, bos, struweel/bosschage).

Plantjaar

Geschat plantjaar van de boom op basis van het bouwjaar van het buurthuis waarbij de beplanting behoort.

Hoogte

De gemeten hoogte van de boom, in meter. Omdat het knotbomen zijn waarvan de kroon periodiek wordt teruggezet, is de hoogte van de knot opgemeten en niet van de huidige totale boomhoogte.

Ø Stam

De gemeten stamdiameter van de boom op 1,3 meter hoogte, in centimeter.

Ø Kroon

De gemeten diameter van de kroon, in centimeter. Omdat het knotbomen zijn waarvan de kroon periodiek wordt teruggezet, is de breedte van de knot opgemeten en niet van de huidige gehele kroon.

Esthetische waarde

Subjectieve belevingswaarde, o.a. op basis van boomgrootte, boomvorm en conditie.

Conditie

De conditie van de boom, onderverdeeld in de volgende klassen: goed, redelijk, matig, slecht, dood. De conditie speelt een grote rol in de weerbaarheid tegen aantastingen en in het vermogen van de boom om interne verzwakkingen op te heffen door de vorming van compensatieweefsel. Hierdoor is de conditie sterk gekoppeld aan de leeftijdsverwachting van de boom.

Ernstige gebreken

Eventuele gebreken aan de boom die gevolgen hebben voor de stabiliteit en/of levensverwachting.

Levensverwachting

De geschatte resterende periode dat de betrokken boom nog veilig zijn functie kan vervullen, onderverdeeld in de klassen 0 jaar (dode boom), < 5 jaar, 5-10 jaar, 10-15 jaar en >15 jaar. De levensverwachting is een schatting van het moment dat een boom niet meer langer te handhaven is, waarbij de boom niet geheel afgestorven hoeft te zijn. Voor een gezonde boom zonder ernstige gebreken en een goede conditie is een levensverwachting van maximaal 15 jaar van toepassing.

Afstand boom verharding

De afstand tussen de buitenzijde van de stamvoet tot aan de dichtstbijzijnde verharding. Doorgaans wordt uitgegaan van het hart van de stamvoet, daarvoor is vanwege de dikte van de bomen nu niet gekozen.

Grootte boomspiegel

De afmetingen van de boomspiegel. Dit geldt voor drie bomen die in een boomspiegel staan (boom nr. 7, 8 en 9).

Vervangingskosten NVTB

De monetaire boomwaarde zoals berekend conform de Richtlijnen NVTB 2019. Het betreft een taxatie van de kosten die gemaakt moeten worden om een soortgelijke boom weer terug te krijgen. Het rekenblad van de taxatie is opgenomen in Bijlage 4.

Inpasbaar?

Indicatie of de boom vanuit boomtechnisch oogpunt inpasbaar is in het ontwerp.

Verplantbaar?

Indicatie of de boom redelijkerwijs verplantbaar is.

Opmerkingen

Veld voor eventuele relevante toelichtingen/opmerkingen.

 Bomeneffectanalyse t.b.v. de sloop van buurthuis De Hobbit, Gemeente Arnhem 

7

3.

BEVINDINGEN

Boomtechnische aspecten In totaal zijn er 9 bomen nabij het te slopen buurthuis beoordeeld. Het zijn allemaal knotwilgen die met de bouw van het buurthuis in 1980 zijn aangeplant. De bomen zijn derhalve ca. 41 jaar oud. Door de dikte van de stammen en de hoogte van de knotten (ca. 6 meter) hebben de bomen een imposante verschijningsvorm. Door de beheervorm als knotboom zijn de bomen langdurig in stand te houden zonder dat zij een gevaar voor de omgeving gaan opleveren. Door de grootte die de kronen aannemen tussen de knotbeurten in, beschaduwen zij het terrein en koelen zij de omgeving tijdens warme dagen. In Bijlage 1 zijn de bomenkaarten opgenomen, in Bijlage 2 de opnamegegevens van de bomen en in Bijlage 3 foto’s van de bomen en van hun standplaats. Alle bomen hebben een goede conditie en zijn vrij van symptomen die duiden op een verminderde stabiliteit of verminderde levensverwachting. Boom nr. 9 heeft een grote stamschade, maar die is oppervlakkig en wordt door de boom aan de randen weer overgroeid. Alle negen bomen hebben in hun huidige situatie een levensverwachting van minimaal 15 jaar. Er is in boomtechnisch opzicht geen reden om één of meerdere bomen niet in het ontwerp in te passen: de bomen zijn gezond, stabiel, functioneel en beeldbepalend. De bomen zijn getaxeerd conform de Richtlijnen NVTB 2019 waarbij het Rekenmodel Vervangingskosten is toegepast.

De getaxeerde vervangingskosten (voorheen ‘boomwaarde’) van één enkele boom bedragen € 4.785,00 exclusief BTW. Indien besloten wordt alle bomen te kappen en te vervangen, dan dient er een schaalvoordeel voor vervanging te worden doorberekend van 30% (Richtlijnen NVTB, Tabel D). De vervangingskosten bedragen dan per boom € 3.350,00 exclusief BTW.

Ontwerptechnische aspecten Tijdens de opname zijn er een aantal potentiële risico’s waargenomen waarmee in de ontwerpfase rekening moet worden gehouden om negatieve effecten voor de bomen te vermijden. Per boom of per cluster van bomen zijn dit de volgende aandachtspunten: Boom 1 en 2

▪ Boom 1 en 2 staan in de berm langs de toegangsweg naar het buurthuis. De rijbaan en de berm wordt gescheiden door een hoge opsluitband op 75 cm afstand van de buitenzijde van de stamvoet. Indien de toegangsweg naar het buurthuis opnieuw wordt ingericht en de bandenlijn opnieuw moet worden geplaatst, dan wordt geadviseerd om deze op een wat grotere afstand van de bomen terug te plaatsen (min. 1 banddikte). Achter de band bevindt zich namelijk dichte beworteling. Indien de band op exact dezelfde plaats wordt teruggeplaatst, dan zal er voor het in beton stellen van de band een ruimere sleuf uitgegraven moeten worden, waarbij er aanzienlijke wortelschade kan ontstaan. Ook kan overwogen worden om de banden aan de westzijde van de toegangsweg geheel weg te laten, zodat overtollig regenwater direct in de naastliggende wadi kan wegstromen. ▪ Aan de westzijde van boom 1 en 2 ligt een ca. 1,0 meter diepe wadi. Hoewel het met het huidige beleid van Gemeente Arnhem t.a.v. het stimuleren van infiltratie van regenwater niet aannemelijk is dat deze wadi opgevuld gaat worden (voor bijvoorbeeld meer bouwgrond of parkeren), is dit wel een risico voor de twee bomen. De twee knotwilgen hebben namelijk een belangrijk deel van hun wortelkluit in de kant van de wadi gevormd en zijn voor hun vochtvoorziening deels afhankelijk van dit laaggelegen punt.

Indien de wadi opgevuld gaat worden, kan dit nadelige effecten hebben voor de twee bomen doordat de wortelkluiten gedeeltelijk kunnen verstikken. Indien het tóch wenselijk blijkt de wadi op te vullen, dan zijn er twee opties om de bomen toch te kunnen behouden: a) door de wadi t.h.v. de bomen niet op te vullen en de rest wel; b) de wadi t.h.v. de bomen maximaal 0,50 meter te vullen nadat de graszoden zijn verwijderd; c) een sloot langs boom 1 en 2 te handhaven terwijl de rest opgevuld wordt.

 Bomeneffectanalyse t.b.v. de sloop van buurthuis De Hobbit, Gemeente Arnhem 

8

Boom 3, 4 en 5

▪ Het verlaagde terrein van de wadi loopt ook door achter boom 3 en 4 waar het maaiveld ca. 0,9 meter lager ligt t.o.v. het maaiveld bij de bomen. Ook hier wordt afgeraden om het verdiepte deel van het terrein op te vullen omdat dit het verstikken van de wortelkluiten van boom 3 en 4 kan veroorzaken. ▪ Voor boom 3, 4 en 5 geldt dat de verharding tot dicht bij de bomen doorloopt. Bij boom 4 en 5 is deze op sommige plekken niet meer zichtbaar doordat deze is overspoeld door grond (zie foto’s Bijlage 3). Indien bij het opnieuw inrichten van het terrein de oude verharding wordt vervangen voor nieuwe verharding, dan wordt geadviseerd om de afstand van de verharding tot de bomen zo veel mogelijk te vergroten. Bij boom 3 en 4 dient dan minstens een afstand van 1,0 meter tot aan de buitenzijde stamvoet aangehouden te worden. Bij boom 5 loopt er een tegelpaadje langs de boom waardoor de ruimte beperkt is. Daar wordt geadviseerd om t.h.v. de boom geen opsluitbanden toe te passen indien de verharding wordt vernieuwd. ▪ Voor parkeervakken nabij de bomen kunnen eventueel kunststof rastertegels (TTE-roosters) worden toegepast. Deze hoeven niet in een diep cunet gefundeerd te worden en bevorderen de infiltratie van regenwater en het binnen dringen van zuurstof in de bodem.

Boom 6

▪ De huidige afstand van boom 6 tot aan de aangrenzende verharding is voldoende (1,0 meter tot aan het hek langs de toegang naar het blauwe speelveld en 2,1 meter tot aan het parkeerterrein). Geadviseerd wordt om eventuele nieuwe verharding niet dichter naar de boom toe te plaatsen maar indien mogelijk, juist liever de afstand te vergroten. ▪ In het ontwerp voor de nieuwbouw voldoende ruimte voor de boom reserveren (zowel onder- als bovengronds. Indien de boom in verharding komt te staan, een ruime boomspiegel ontwerpen (hoe ruimer, hoe beter).

Boom 7 en 8

▪ Beide bomen staan in een talud met een hoogteverschil van ca. 0,7 meter. De bomen staan in ruime boomspiegels van ca. 5 meter lang en 3,25 meter breed. Rondom de boomspiegels ligt verharding bestaande uit trottoirtegels en stenen trappen naar het lager gelegen blauwe speelveld. Tussen de oostgevel en de bomen is een afstand van ca. 3,5 meter (hart stamvoet). Het tegelpad tussen de oostgevel en de boomspiegel is ongeveer 2,3 meter breed. Dit is voldoende om overlast door de periodiek breed uitgroeiende kronen te voorkomen. Bij het ontwerp is het dan ook van belang om ook de nieuwe gevel niet dichter naar de bomen toe te plaatsen. ▪ Ten aanzien van de boomspiegel die wordt begrensd door de trappen en het tegelpad boven- en onderlangs wordt geadviseerd om in het ontwerp die wat te verruimen. Bij het kleiner maken of gelijk houden van de grootte, kan er aanzienlijke beschadiging aan de wortelkluiten optreden. ▪ Ophogen van de boomspiegels (om deze vlak te maken) moet worden vermeden omdat daardoor de wortelkluiten door verstikking af kunnen sterven.

Boom 9

▪ Boom 9 staat in een boomspiegel van 3,1 x 2,8 meter die wordt omringd door trottoirtegels. Aan de zuidzijde van de boomspiegel ligt het maaiveld 0,7 meter lager. De overgang in hoogte wordt gevormd door een verticale wand. Indien dit wenselijk is, kan het lager gelegen deel van het plein nabij de boom verhoogd worden zonder dat dit negatieve effecten voor de boom heeft. Er gelden hier t.a.v. het ontwerp geen restricties. ▪ De afstand van de boom tot aan de gevel van het te slopen gebouw is ongeveer 2,8 meter. Dit is voldoende om overlast door de periodiek breed uitgroeiende kronen te voorkomen bij nieuwbouw met de zelfde hoogte. Bij het ontwerp is het dan ook van belang om ook de nieuwe gevel niet dichter naar de bomen toe te plaatsen. ▪ De huidige boomspiegel van de boom is erg klein in relatie tot de grootte van de boom. De boomspiegel is voor de boom het belangrijkste deel waar regenwater naar de wortels stroomt en waar verterend organisch materiaal in de bodem terecht komt en daar bijdraagt aan de voedselvoorziening van de boom en de verbetering van de bodemstructuur. Op termijn gaat de te kleine boomspiegel de conditie en levensverwachting van de boom negatief beïnvloeden. Voor het duurzame behoud van de boom is een verruiming van de boomspiegel dan ook noodzakelijk. Het is moeilijk aan te geven hoeveel ruimer die boomspiegel zal moeten zijn.

Een verruiming door het verwijderen van enkele trottoirtegels rondom helpt, waarbij geldt: hoe meer ruimte, hoe beter. Ook de inrichting van boomspiegels is belangrijk. Hiervoor geldt: hoe natuurlijker, hoe beter. Beplanting of gras beschaduwen de bovenste bodemlaag en voorkomen uitdrogen waarbij blad en ander organisch materiaal kan verteren en in de bodem opgenomen kan worden (mede door bodemorganismen). Indien dit vanuit ontwerptechnische redenen of vanwege het gebruik niet mogelijk blijkt, dan kunnen in de boomspiegel eventueel houtsnippers aangebracht worden (goedkoop/gratis restproduct uit de groenvoorziening). Een mulchlaag van houtsnippers zorgt er o.a. voor dat de grond minder snel uitdroogt, er minder grote temperatuurverschillen in de bodem optreden en er meer organische stof aan de bodem wordt toegevoegd. Een laag rubber vlokken of andere matten om de boomspiegel ‘steriel’ te houden dienen vermeden te worden.

 Bomeneffectanalyse t.b.v. de sloop van buurthuis De Hobbit, Gemeente Arnhem 

9

4.

CONCLUSIES

Hieronder worden de conclusies van het onderzoek uiteengezet. Daarbij is uitgegaan van de in paragraaf 1.1 geformuleerde onderzoeksvragen. In de conclusies zijn indien van toepassing, tevens de adviezen verwerkt. 1. Wat is de samenstelling van de bomen in het projectgebied, wat zijn hun algemene kenmerken en wat is de huidige levensverwachting? 2. Welke knelpunten zijn er voor de bomen t.a.v. het nog te maken ontwerp, t.a.v. de sloop van het huidige pand en t.a.v. de werkzaamheden tijdens nieuwbouw en welke adviezen en/of randvoorwaarden zijn van toepassing om de risico’s te verkleinen? 3. Welke algemene randvoorwaarden zijn van toepassing voor het duurzame behoud van bomen in het projectgebied?

Conclusies t.a.v. onderzoeksvraag 1: Wat is de samenstelling van de bomen in het projectgebied, hun algemene kenmerken en de huidige levensverwachting? Het betreft negen knotwilgen (Salix alba) met een geschatte leeftijd van 41 jaar. De bomen worden sinds lange tijd op ca. 6 meter hoogte geknot, waardoor er op die hoogte brede knotten zijn ontstaan. Alle bomen hebben een goede conditie en zijn vrij van ernstige gebreken die invloed hebben op de stabiliteit en levensverwachting. De levensverwachting van alle bomen is goed en minstens 15 jaar. De bomen zijn getaxeerd conform de Richtlijnen NVTB 2019 en de vervangingskosten voor één enkele boom bedragen € 4.785,00 exclusief BTW. Indien alle bomen gekapt zouden worden, dan geldt er een door te berekenen schaalvoordeel, waardoor de vervangingskosten per boom € 3.350,00 exclusief BTW bedragen. Voor meer gedetailleerde informatie per boom wordt verwezen naar het gegevensoverzicht van de bomen in Bijlage 2 en het foto-overzicht in Bijlage 3.

Conclusies t.a.v. onderzoeksvraag 2: Welke knelpunten zijn er voor de bomen t.a.v. het nog te maken ontwerp, t.a.v. de sloop van het huidige pand en t.a.v. de werkzaamheden tijdens nieuwbouw en welke adviezen en/of randvoorwaarden zijn van toepassing om de risico’s te verkleinen? In onderstaande tabel zijn de knelpunten bij bomen voor de drie projectfases (ontwerp, sloop en nieuwbouw) uiteengezet. Daarbij ook adviezen en randvoorwaarden ter voorkoming van ernstige beschadigingen aan de bomen en hun groeiplaats. In Hoofdstuk 3 zijn t.a.v. de factoren die voor het boombehoud tijdens de ontwerpfase van belang zijn, uitgebreid beschreven.

 Bomeneffectanalyse t.b.v. de sloop van buurthuis De Hobbit, Gemeente Arnhem 

10

Tabel 3: Knelpunten bij de bomen t.a.v. ontwerp, sloop en nieuwbouw & adviezen / randvoorwaarden Knelpunten

Adviezen / randvoorwaarden

1. Ontwerp ▪ Afstand gevel nieuwbouw tot de bomen

▪ T.a.v. de benodigde bovengrondse groeiruimte dient er voldoende afstand tussen de bomen en de gevels van de nieuwbouw aangehouden te worden. Bij de bestaande gevels bij boom 7, 8 en 9 dient de huidige afstand als minimale afstand aangehouden te worden. Indien er nabij de overige bomen gebouwd gaat worden, dan dient daar een minimale afstand van 4,0 meter tot aan het hart van de stam aangehouden te worden.

▪ Aanleg van kabels/leidingen

▪ Bij het leggen van kabels/leidingen dient er op voldoende afstand van de bomen gegraven te worden. Als minimale graafafstand dient bij boom 1 t/m 6 in ieder geval 2,5 meter tot het hart van de stamvoet aangehouden te worden. Bij boom 7 t/m 9 is dit 3,0 meter. Bij boom 1 en 2 zijn er in de rijbaan van de toegangsweg vanwege de sterke bodemverdichting weinig boomwortels te verwachten. In de rijbaan liggen ook al water- en elektriciteitsleidingen. Voor graafwerkzaamheden in de rijbaan geldt de minimale graafafstand van 2,5 meter van de bomen dus niet. ▪ Tijdens het ontwerp dient t.a.v. de buitenverlichting, openbare verlichting (en kabeltracés) rekening met de boomwortels en de bovengenoemde minimale graafafstanden gehouden te worden.

▪ Aanleg van verhardingselementen buitenruimte

▪ Indien bestaande verharding wordt verwijderd, dient de afstand tussen de verharding en de boom in de nieuwe situatie wat groter te zijn dan de bestaande situatie. Dit voorkomt veelal ernstige wortelschade. ▪ Plaats nooit nieuwe verharding terug dichter bij de boom dan in de voorgaande situatie. Dit leidt vaak tot ernstige wortelschade. ▪ Probeer het gebruik van opsluitbanden bij bomen te minimaliseren. Indien oude opsluitbanden worden verwijderd en nieuwe worden teruggeplaatst, plaats ze dan op grotere afstand van de boom (minstens 1 bandbreedte). Overweeg of minder diepe banden gebruikt kunnen worden en het stellen in beton eventueel (plaatselijk) achterwege kan blijven. ▪ Voor de verharding van parkeerplaatsen nabij bomen heeft het gebruik van (kunststof) TTE-roosters de voorkeur boven een dichte bestrating i.v.m. de infiltratie van regenwater en het binnendringen van zuurstof in de bodem (t.b.v. de boomwortels). ▪ Vergroot de bestaande boomspiegels, verklein ze niet! Daarbij geldt: hoe groter, hoe beter en hoe natuurlijker ingericht, hoe beter. Pas geen rubber/kunststof matten o.i.d. toe in boomspiegels.

▪ Grondophoging en egalisatie van het terrein

▪ Geen grondophoging in de wadi en laaggelegen delen bij boom 1 t/m 4. Indien ophoging noodzakelijk is, in het deel naast de bomen maximaal 0,5 meter ophogen in de wadi, nadat de zodenlaag is verwijderd. ▪ Geen graafwerk t.b.v. het verlagen van het maaiveld in een straat van 2 meter rondom de bomen. ▪ Bij boom 7 en 8 niet de boomspiegel ophogen (egaliseren) i.v.m. het risico op het verstikken van de wortelkluit.

2. Slopen van het huidige pand ▪ Verwijderen van verharding

▪ Nabij bomen de oude verharding zo lang mogelijk laten zitten i.v.m. het risico op uitdroging en kneuzing van blootliggende boomwortels. ▪ Indien verharding nabij bomen wordt verwijderd, dit met extra zorg doen om onnodige schade aan boomwortels te vermijden. Eventueel een bomenwacht inzetten voor advies en assistentie ter plaatse.

▪ Gebruik van zwaar materieel en machines nabij bomen

▪ Knotten van de bomen voorafgaand aan de sloopwerkzaamheden. Het knotten dient na de bladval in de late herfst of winter uitgevoerd te worden (niet in de zomer!) ▪ Fysieke bescherming van de bomen door het plaatsen van bouwhekken rondom de bomen en rondom de gehele boomspiegels. ▪ Instructie van medewerkers van het sloopbedrijf over de risico’s t.a.v. de bomen tijdens de sloopwerkzaamheden.

3. Nieuwbouw ▪ Grondwerk

▪ Bij het uitgraven van het bouwvlak t.b.v. de fundering niet dichter bij de bomen graven dan strikt noodzakelijk is. Bij boom 1 t/m 6 dient een minimale graafafstand van 2,5 meter vanaf hart stam aangehouden te worden (behalve in de rijbaan bij boom 1 en 2) en bij boom 7 t/m 9 een minimale graafafstand van 3,0 meter vanaf hart stam. ▪ Indien dicht bij bomen gegraven moet worden, inzetten van een bomenwacht voor assistentie en advies.

 Bomeneffectanalyse t.b.v. de sloop van buurthuis De Hobbit, Gemeente Arnhem 

11

▪ Fysieke bescherming van de bomen door het plaatsen van bouwhekken rondom de bomen en rondom de gehele boomspiegels. ▪ Stellen van heldere eisen t.a.v. de bescherming van de bomen en het voorkomen van schade aan de bomen bij aanbesteding. ▪ Instructie van bouwmedewerkers over het vermijden van schade aan de bomen. ▪ Aanleg buitenruimte

▪ Bij het graven van kabeltracés de minimale graafafstanden aanhouden. ▪ Geen ophoging of afgraven van het maaiveld rondom bomen. ▪ Verruimen van boomspiegels.

Conclusies t.a.v. onderzoeksvraag 3: Welke algemene randvoorwaarden zijn van toepassing voor het duurzame behoud van bomen in het projectgebied? Bij veel aanleg- en bouwwerkzaamheden nabij bomen wordt vaak grote schade aangericht aan de bomen zelf maar vooral ook aan hun ondergrondse groeiplaats. De civiele aannemer die de werkzaamheden uitvoert ziet de resulterende schade aan de bomen meestal niet omdat die pas geruime tijd na oplevering van het project zichtbaar wordt. Ook door ruimtegebrek, tijdgebrek en door de vele verschillende medewerkers en onderaannemers is het vaak niet makkelijk om de bomen én hun groeiplaats effectief te beschermen. Het is daarom van belang om tijdig de eisen ten aanzien van de bescherming van de bomen en hun groeiplaats duidelijk te maken, zodat de uitvoerende aannemer hier tijdens de aanbesteding rekening mee kan houden en daar tijdig over gaat nadenken. Een aantal belangrijke aspecten t.a.v. de algemene bescherming van de bomen en hun groeiplaats tijdens de werkzaamheden zijn de volgende:  Opstellen van heldere bestekseisen t.a.v. de bescherming van bomen en hun groeiplaats. Onderdelen kunnen zijn: ▪ De bomenposter van Vereniging Stadswerk/VHG/NIB van toepassing verklaren Bijlage 5). ▪ De aannemer verplichten tot het opstellen van een boombeschermingsplan.

Daarin wordt vastgelegd wat de risico’s voor de bomen zijn en hoe beschadigingen aan de bomen en hun groeiplaats voorkomen worden. De inzet van standaard boombeschermingsmaatregelen zoals stambescherming, gebruik van bouwhekken, gebruik van rijplaten om verdichting en insporing te voorkomen en instructie naar de medewerkers worden daarin opgenomen. ▪ Vastleggen dat schades aan de bomen zullen worden getaxeerd conform de richtlijnen van de Nederlandse Vereniging van Taxateurs van Bomen (NVTB).  Verplichting tot het aanbrengen van stambescherming ter voorkoming van fysieke beschadigingen aan de stam door aanrijding door zwaar materieel bij bomen waar dit risico reëel wordt geacht. Dit is het geval bij 145 bomen (zie figuur 5).  Voorkomen van bodemverdichting en structuurbederf van de bodem binnen de kroonprojectie van bomen en in groenstroken door: ▪ Het instellen van een algeheel verbod op het berijden van bermen, groenstroken en delen binnen de kroonprojectie van de bomen die als berm tot een groenvak behoren. ▪ Instellen van een algeheel verbod op het tijdelijk deponeren van grond en bouwmaterialen en het parkeren/stallen van voertuigen en machines in deze bermen/groenstroken.

 Bomeneffectanalyse t.b.v. de sloop van buurthuis De Hobbit, Gemeente Arnhem 

12

▪ Parkeren, opslag en berijden van bermen en groenstroken (óók zonder bomen!) alleen na het plaatsen van stalen rijplaten die de druk op de ondergrond verdelen.  Voorkomen van ernstige wortelschade bij opbreek- en graafwerkzaamheden door: ▪ Het instellen van een algeheel verbod om boomwortels dikker dan 5 cm te beschadigen, in te korten of te verwijderen. ▪ Instructie van medewerkers voorafgaand aan de werkzaamheden om uit te leggen wat het belang van het duurzame behoud van bomen is, wat de aangepaste werkwijze nabij bomen is en hoe er met aangetroffen boomwortels en onverwachte situaties omgegaan moet worden.  Aanstellen van een boomtechnisch toezichthouder (bomenwacht) om de werkzaamheden bij de bomen te begeleiden en te controleren op naleving van de boombeschermingsmaatregelen. De bomenwacht kan adviseren bij graafwerkzaamheden nabij bomen en assisteren bij het verwijderen/inkorten van boomwortels. Ook kan de bomenwacht tijdens het startoverleg aan de medewerkers uitleg geven over de risico’s voor de bomen en ze te instrueren hoe met bomen, de boomwortels en de groeiplaatsen om te gaan. Indien laaghangende takken een belemmering vormen voor de werkzaamheden, kan de bomenwacht tevens assisteren in het op deskundige wijze snoeien van de bomen.

Het is van belang dat de bomenwacht door de boomeigenaar (Gemeente Arnhem) wordt ingehuurd en niet door de civiele aannemer, zodat belangenverstrengeling en discutabele onafhankelijkheid vermeden wordt.

Tabel 4: Algemene randvoorwaarden voor werken bij bomen Categorie

Locatie

Randvoorwaarden

Algemene randvoorwaarden a. Gebruik van de groenstroken en bermen binnen het projectgebied

Gehele projectgebied

▪ Conform de vuistregel geldt het gebied tot 1,5 meter buiten de kroonprojectie van een boom als potentieel doorwortelde en dus beschermde zone. ▪ Ook bermen, groenstroken en gazons zonder bomen gelden als beschermde zones vanwege het belang voor infiltratie van regenwater en de mogelijk toekomstige aanplant van bomen en/of struweel. ▪ Verboden om met zwaar materieel door wegbermen, groenstroken en gazons te rijden, tenzij daartoe (stalen) rijplaten zijn aangebracht. ▪ Verboden om auto’s, busjes en materieel in bermen, groenstroken en gazons te parkeren. Daarvoor dienen gangbare parkeervoorzieningen te worden gebruikt of een parkeervoorziening op de bouwplaats. ▪ Verboden om grond, puin, bouwmaterialen in bermen, groenstroken en gazons te deponeren. Voor de tijdelijke opslag van deze materialen dient een depot op de bouwplaats te worden ingericht. Bevindt zich dat in een groenstrook of wegberm, dan dienen er rijplaten te worden geplaatst om de druk te verdelen. ▪ Daar waar geen garanties gegeven kunnen worden over het onbeschermd benutten van bermen, groenstroken en gazons, dienen deze met bouwhekken, skinetten of anderzijds tegen betreding te worden afgezet.

b. Graafwerkzaamheden bij bomen

Gehele projectgebied

▪ Zeer voorzichtig graven in de buurt van bomen i.v.m. het risico op ernstige schade aan boomwortels. ▪ Daar waar veel of dikke wortels worden aangetroffen, tijdig stoppen en deskundige hulp inschakelen voor advies. ▪ Boomwortels dunner dan 5 cm afzagen met een scherpe handzaag of afsteken met scherpe bats om het

 Bomeneffectanalyse t.b.v. de sloop van buurthuis De Hobbit, Gemeente Arnhem 

13

wondoppervlak zo glad en zo klein mogelijk te houden. Deze niet losscheuren met graafmachine. ▪ Bij het aantreffen van wortels dikker dan 5 cm, deskundig hulp inschakelen omdat schade aan die wortels de stabiliteit van de bomen kan beïnvloeden. ▪ Bij tijdelijk blootliggende boomwortels, deze afdekken om indrogen te voorkomen. c. Opbreken van verhardingen

Gehele projectgebied

▪ Verharding nabij bomen zeer voorzichtig opbreken i.v.m. het risico op ernstige schade aan boomwortels. ▪ Bij zeer dichte beworteling tegen/onder de verharding, deze handmatig verwijderen. ▪ Indien bij het verwijderen van de verharding ernstige schade aan de boom dreigt te ontstaan, deskundige hulp inschakelen om te beoordelen wat de gevolgen voor de boom zijn en of er alternatieven mogelijk zijn.

d. Snoeien van bomen

Gehele projectgebied

▪ Snoeien van bomen mag alléén uitgevoerd worden door vakbekwame boomverzorgers met het certificaat ETW of aantoonbaar gelijkwaardig. ▪ Snoeien mag nooit door medewerkers van de bouw-/aanleg zelf worden uitgevoerd.

e. Schade aan bomen

Gehele projectgebied

▪ Indien er door toedoen van de werkzaamheden schade aan de bomen ontstaat, wordt deze getaxeerd conform de methodiek van de Nederlandse Vereniging van Taxateurs van Bomen (NVTB) en door een bij de NVTB geregistreerde boomtaxateur. De taxatie geldt als basis voor het eventueel verhalen van de schade op de veroorzaker.

 Bomeneffectanalyse t.b.v. de sloop van buurthuis De Hobbit, Gemeente Arnhem 

14

We hopen u met deze rapportage voldoende en naar wens geïnformeerd te hebben. Indien u hiertoe nog vragen of opmerkingen heeft dan zijn wij uiteraard graag bereid deze te beantwoorden dan wel nader toe te lichten. Hoogachtend,

Aernout Theunissen

BoomOntzorging.com

 Bomeneffectanalyse t.b.v. de sloop van buurthuis De Hobbit, Gemeente Arnhem 

15

BIJLAGE 1: Bomenkaarten

 Bomeneffectanalyse t.b.v. de sloop van buurthuis De Hobbit, Gemeente Arnhem 

16

 Bomeneffectanalyse t.b.v. de sloop van buurthuis De Hobbit, Gemeente Arnhem 

17

BIJLAGE 2: Gegevensbestand bomen

 Bomeneffectanalyse t.b.v. de sloop van buurthuis De Hobbit, Gemeente Arnhem 

18

BIJLAGE 3: Foto’s van de bomen

Boom 1

Boom 2

Boom 3

Boom 4

Boom 5

Boom 6

Boom 7

Boom 8

Boom 9

 Bomeneffectanalyse t.b.v. de sloop van buurthuis De Hobbit, Gemeente Arnhem 

19

Boom 1

Boom 2

Boom 1 en 2

Boom 3

Boom 4

Boom 5 (1)

Boom 5 (2)

Boom 3, 4 en 5

 Bomeneffectanalyse t.b.v. de sloop van buurthuis De Hobbit, Gemeente Arnhem 

20

Boom 6

Boom 7

Boom 8

Boom 7 en 8

Boom 9

 Bomeneffectanalyse t.b.v. de sloop van buurthuis De Hobbit, Gemeente Arnhem 

21

BIJLAGE 4: Rekenblad taxatie vervangingskosten

Rekenblad vervangingskosten Taxatierapport Registratienummer Objectbeschrijving Boomnummer/-code Locatie Opdrachtgever Naam geregistreerd taxateur NVTB Datum Doelstelling Actuele vervangingskosten Toelichting Methodiek vervangingskostenberekening

78-2021-007 Schietw ilg-knotboom (Salix alba ), leeftijd 41 jaar, 9 bomen 1 t/m 9 Zw anebloemlaan 2A, Malburgen-Oost Arnhem Mevrouw N. van Leeuw en, Gemeente Arnhem De heer ing. A.R. Theunissen, BoomOntzorging.com 14 april 2021 Vaststelling vervangingskosten € 4.785 per boom, exclusief BTW Taxatie vervangingskosten i.v.m. BEA Rekenmodel Vervangingskosten, Richtlijnen NVTB 2019

Aanplant & nazorg Stamomvang nieuw e aanplant Boomleeftijd bij aanplant Duur aanslagperiode incl. nazorg Kosten plantgoed Plantkosten Kosten aanplant Kosten aanplant & rente na 3 jaar Garantie (10%) Subtotaal Kosten nazorg, per jaar Kosten nazorg & rente, na drie jaar Vervangingskosten 3 jaar na aanplant

16-18 cm 1 jaar 3 jaar

€ 622 € 62 € 684 € 811 € 1.495

Soort: Salix alba Soortklasse: 0 € 260 A1 € 295 A2 € 555 A3 1,12

Exclusief 9%BTW Exclusief 21%BTW Regulier

Rentefactor aanplantkosten (Tab. G1)

A4

€ 260 A5 3,12

Exclusief 21%BTW Rentefactor jaarlijks terugkerende kosten (Tab. G2)

A6

Begeleiding tot functievervulling Boomleeftijd bij functievervulling Jaarlijkse beheerkosten Jaren begeleiding tot functievervulling Kosten begeleiding, totaal Kosten plantgoed en aanplant Vervangingskosten bij functievervulling

30 jaar

Functiecategorie 7

€ 25 26 jaar € 1.108 44,31 € 4.141 2,77 € 5.249

Exclusief 21%BTW Intensief i.v.m. periodiek knotten

B1

Rentefactor jaarlijkse kosten gedurende 26 jaar (Tab. G2)

B2

Rentefactor aanplant en nazorg over 26 jaar (Tab. G1)

B3

Afschrijving Afschrijvingsmodel Rentevoet Verw achte totale levensduur (T) Afschrijvingsperiode Boomleeftijd Afgeschreven jaren Resterende levensduur Afschrijvingscomponent Afschrijving Actuele vervangingskosten vóór schade

4 afschrijving volgens annuïteit 4 % 80 jaar 50 jaar 41 jaar 11 jaar 39 jaar Annuïteit € 244 C1 € 464 9% C2 Exclusief BTW € 4.785

A lle ko sten zijn exclusief B TW (vo o r aanko o p plantgo ed geldt 9% B TW, vo o r o verige ko sten geldt 21% B TW). De in de berekeningen gehanteerde rentevo et is 4%

BoomOntzorging.com plaats en datum:

naam / handtekening:

Wageningen, 14 april 2021

Dhr. ing. A.R. Theunissen Geregistreerd taxateur van bomen, lid NVTB

 Bomeneffectanalyse t.b.v. de sloop van buurthuis De Hobbit, Gemeente Arnhem 

22

BIJLAGE 5: Poster Werken rond bomen

 Bomeneffectanalyse t.b.v. de sloop van buurthuis De Hobbit, Gemeente Arnhem 

23

BIJLAGE 6: Verklarende woordenlijst Bast De bast bevindt zich aan de buitenzijde van de stam, tussen het spinthout/cambium en de schors. In de bast vindt vanaf de bladeren/naalden het neerwaartse transport plaats van sap met daarin suikers, hormonen en hulpstoffen naar de wortels en andere delen van de boom. De buitenste afgestorven laag bast is de schors die veel kurkstof bevat en de boom beschermt. Boomspiegel Het stuk open grond rondom de stamvoet van de boom in verharding. De boomspiegel kan bestaan uit open grond maar kan ook bedekt zijn met een mulchlaag, met (sier)planten of met boomroosters. Cambium Een levende laag cellen tussen het hout en de bast van bomen (en heesters) dat naar binnen toe houtweefsel vormt en naar buiten toe bastweefsel. Bij het (plaatselijk) beschadigen of afsterven van het cambium zal deze functie (plaatselijk) belemmerd worden waardoor er geen nieuw hout- en bastweefsel kan worden gevormd. Dit kan grote gevolgen hebben voor de stabiliteit van een boom wanneer de boom daardoor houtrot en holten niet meer met nieuw weefsel kan compenseren. Haarwortel Boomwortels die als primaire functie de opname en transport van vocht en in het water opgeloste voedingsstoffen hebben. Haarwortels dragen slechts beperkt bij aan de standvastheid van de boom.

Houtparasitaire schimmel Dit zijn houtrot-veroorzakende schimmels die rot veroorzaken in het levende hout, bast en cambium van bomen. Er zijn talrijke houtparasitaire schimmels die een variabele mate van agressiviteit hebben en die veelal specifieke delen van de boom aantasten. Het vruchtlichaam (= de paddenstoel) dient vaak voor herkenning van de soort schimmel waardoor de visuele boomveiligheidscontroles het beste in het najaar uitgevoerd kunnen worden. Naast houtparasitaire schimmels zijn er saprotrofe schimmels die eveneens houtrot veroorzaken maar welke alleen reeds afgestorven weefsel afbreken. Soms kunnen saprotrofe schimmels parasitair worden en ook levens weefsel gaan aantasten, hetgeen mogelijk wordt bij verzwakte bomen. IBA Een methodiek voor visuele boomveiligheidscontrole (Integrierte Baumanalyse), waarbij de ernst van zichtbare symptomen van structurele en pathologische verzwakkingen wordt beoordeeld aan de hand van de reactie van de boom op die verzwakkingen. Hierbij wordt ervan uitgegaan dat door de vorming van compensatie- en extra steunweefsel de boom aantastingen en verzwakkingen kan compenseren waardoor de verzwakking van de boom verminderd of opgeheven wordt. Indien de boom in vitaliteit afneemt en de afbraak van levend weefsel niet meer kan compenseren neemt de boom daadwerkelijk in stabiliteit af.

Deze IBA-methodiek is afkomstig van de Duitse boomonderzoekers Michael Schlag en Hermann Reinartz van het Duitse Institut für Baumdiagnose.

 Bomeneffectanalyse t.b.v. de sloop van buurthuis De Hobbit, Gemeente Arnhem 

24

Kroonprojectie De kroonprojectie is de verticale projectie van de rand van de kroon op de grond. Het gebied binnen de kroonprojectie en soms tot circa 2 meter daarbuiten, wordt veelal beschouwd als de zone waarbinnen de meeste boomwortels zich bevinden. Hierop zijn er echter veel uitzonderingen zoals bij zuilvormige bomen, scheefstaande bomen, bomen in verhardingen, bomen in verdichte grond en bomen op plaatsen met een hoge grondwaterstand. Levensverwachting Een inschatting van de resterende levensduur van een boom, meestal uitgedrukt in de klassen: 0 jaar, <5 jaar, 5-10 jaar, 10-15 jaar en >15 jaar. De levensverwachting drukt de verwachte resterende functionele levensduur uit van een boom en niet de absolute biologische levensduur. De klasse ‘0 jaar’ wordt toegekend aan dode bomen. De klasse ‘<5 jaar’ is de minimaal toe te kennen levensverwachting bij nog levende bomen die dermate verzwakt zijn dat ze in hun laatste levensfase verkeren (afstervend zijn) of door een ernstige structurele verzwakking op korte termijn kunnen afbreken of kunnen omwaaien (zonder biologisch dood te zijn). De klasse ‘>15 jaar’ is de maximaal toe te kennen levensverwachting vanwege de onvoorzienbaarheid van optredende ziekten, aantastingen en andere verzwakkingen op lange termijn. Bij deze bomen zijn er geen (ernstige) gebreken aangetroffen die de levensverwachting zouden kunnen verkorten.

NVTB De Nederlandse Vereniging van Taxateurs van Bomen is een vakvereniging voor boomdeskundigen die officieel zijn geregistreerd als boomtaxateur. De NVTB streeft naar een uniforme methodiek voor het bepalen van de monetaire waarde van bomen en van de waardevermindering van bomen als gevolg van schade. De basis voor de waarde- en schadetaxaties zijn de Richtlijnen NVTB 2013. Alle bij de NVTB geregistreerde boomtaxateurs dienen conform deze richtlijnen te werken. Middels een vaktest voor toelating tot de NVTB en een intern kwaliteitswaarborgsysteem worden de leden van de NVTB doorlopend getoetst op vakbekwaamheid en kwaliteit. Stabiliteitswortel De dikke boomwortels die het gestel van de wortelkluit vormen en als primaire functie de verankering van de boom met de grond hebben. Beschadiging of het verwijderen van stabiliteitswortels kan ernstige problemen met de standvastheid van een boom veroorzaken waardoor de boom kan omvallen (windworp). Ook kunnen grote verwondingen van de stabiliteitswortels een invalspoort voor houtparasitaire schimmels vormen waardoor er houtrot in de wortelkluit en stamvoet van de boom kan ontstaan. Stam(voet)breuk Het breken van de stam of de stamvoet als gevolg van een interne verzwakking door bijvoorbeeld houtrot, holten en scheurvorming in het stamhout.

Externe factoren zoals een veranderde/toegenomen windbelasting op de boom spelen veelal een grote rol bij het afbreken van bomen.

 Bomeneffectanalyse t.b.v. de sloop van buurthuis De Hobbit, Gemeente Arnhem 

25

 Bomeneffectanalyse t.b.v. de sloop van buurthuis De Hobbit, Gemeente Arnhem 

26

Project Datum berekening Gebaseerd op ontwerp

De Hobbit 20-10-2021 16-0151 Voorlopig Ontwerp - Buurthuis De Hobbit, Malburgen

Programma Gymnastiekaccommodatie Buurthuis Peuterspeelzaal Appartementen bewoners <75m2 Appartementen bewoners <75m2

omvang 616m2 BVO 645+60m2 BVO 209m2 BVO 12 stuks <75m2 12 stuks <75m2

parkeernorm 2,5/100 2,0/100 1,0/100 0,7/app 0,3/app

berekening #parkeerplaatsen 616/100*2,5 15,4 705/100*2,0 14,1 209/100*1,0 2,1 12*0,7 8,4 12*0,3 3,6 43,6

basis pp

werkdagochtend

werkdagmiddag

Totaal

Dubbelgebruik woningen bewoners woningen bezoekers kantoor/bedrijven commerciële dienstverlening detailhandel grootschalige detailhandel supermarkt sportfuncties binnen sportfuncties buiten bioscoop/theater/podium/ enzovoort sociaal medisch: arts/maatschap/ therapeut/consultatiebureau verpleeg-/verzorgingstehuis/ aanleunwoning/verzorgingsflat ziekenhuis patienten inclusief bezoekers ziekenhuis medewerkers dagonderwijs avondonderwijs buurthuis (bijzonder) Totaal Definitieve Parkeerbalans (incl deelgebruik)

8,4 3,6

15,4

2,1 14,1 43,6 40

4,2 0,4 0,0 0,0 0,0 0,0 0,0 7,7 0,0 0,0 0,0 0,0 0,0 0,0 2,1 0,0 7,1 21,4

4,2 0,7 0,0 0,0 0,0 0,0 0,0 7,7 0,0 0,0 0,0 0,0 0,0 0,0 2,1 0,0 7,1 21,8

werkdagavond

7,6 2,9 0,0 0,0 0,0 0,0 0,0 15,4 0,0 0,0 0,0 0,0 0,0 0,0 0,0 0,0 14,1 39,9

koopavond

werkdagzaterdag- zaterdag- zondagnacht middag avond middag 6,7 8,4 5,0 6,7 5,9 2,5 0,0 2,2 3,6 2,5 0,0 0,0 0,0 0,0 0,0 0,0 0,0 0,0 0,0 0,0 0,0 0,0 0,0 0,0 0,0 0,0 0,0 0,0 0,0 0,0 0,0 0,0 0,0 0,0 0,0 15,4 0,0 15,4 15,4 11,6 0,0 0,0 0,0 0,0 0,0 0,0 0,0 0,0 0,0 0,0 0,0 0,0 0,0 0,0 0,0 0,0 0,0 0,0 0,0 0,0 0,0 0,0 0,0 0,0 0,0 0,0 0,0 0,0 0,0 0,0 0,0 0,0 0,0 0,0 0,0 0,0 0,0 0,0 0,0 0,0 14,1 0,0 0,0 0,0 0,0 38,7 8,4 22,6 25,7 20,0

UITGANGSPUNTEN: woningtype rijwoning (half) vrijstaande woning appartement <75 m² appartement 75 t/m 120 m² appartement >120 m² kamerverhuurbedrijf serviceflat/aanleunwoning verpleeg-/verzorgingshuis

norm 2012 1,5 1,8 1,0 1,3 1,6 0,6 0,7 0,4

BEREKENING:

Blok 1

woningtype rijwoning (half) vrijstaande woning appartement <75 m² appartement 75 t/m 120 m² appartement >120 m² kamerverhuurbedrijf serviceflat/aanleunwoning verpleeg-/verzorgingshuis

aantal

zelf in te vullen

10 0 20 0 0 0 0 0 30

voorziening berekening garage met oprit* 1,0 garage zonder oprit 0,4 carport 0,85 oprit zonder garage/tuinparkeerpla 0,8 openbare parkeerplaats 1,0 * een parkeerplaats in parkeerkelder (onder appartementen) telt als garage met oprit, dus als 1

norm

15 0 20 0 0 0 0 0 35

parkeerplaatsen 15 openbare parkeerplaats 30 garage met oprit 0 garage zonder oprit 0 carport 0 oprit zonder garage/tuinparkeerplaats 30 parkeergelegenheid eigen terrein 67 % eigen terrein 0,3 verhoging norm 44 parkeerplaatsen nodig 45 pp in gebied (onderscheiden naar type) 1 pp tekort/overschot

BEREKENING:

Blok 2

woningtype rijwoning (half) vrijstaande woning appartement <75 m² appartement 75 t/m 120 m² appartement >120 m² kamerverhuurbedrijf serviceflat/aanleunwoning verpleeg-/verzorgingshuis

aantal

zelf in te vullen

5 0 15 0 0 0 0 0 20

norm

8 0 15 0 0 0 0 0 23

parkeerplaatsen 15 openbare parkeerplaats 0 garage met oprit 0 garage zonder oprit 0 carport 15 oprit zonder garage/tuinparkeerplaats 15 parkeergelegenheid eigen terrein 50 % eigen terrein 0,2 verhoging norm 27 parkeerplaatsen nodig 27 pp in gebied (onderscheiden naar type) 1 pp tekort/overschot

% eigen terrein 00 - 25 26 - 35 36 - 45 46 - 55 56 - 65 66 - 75 76 - 85 86 - 95 96 - 100

verhoging 0,00 0,05 0,10 0,15 0,20 0,25 0,30 0,35 0,40

opmerkingen

AANWEZIGHEIDSPERCENTAGES t.b.v. berekening dubbelgebruik

woningen bewoners woningen bezoekers kantoor/bedrijven commerciële dienstverlening detailhandel grootschalige detailhandel supermarkt sportfuncties binnen sportfuncties buiten bioscoop/theater/podium/ enzovoort sociaal medisch: arts/maatschap/ therapeut/consultatiebureau verpleeg-/verzorgingstehuis/ aanleunwoning/verzorgingsflat ziekenhuis patienten inclusief bezoekers ziekenhuis medewerkers dagonderwijs avondonderwijs bijzonder (zelf te bepalen)

werkdag- werkdag- werkdagmiddag avond ochtend 50% 50% 90% 20% 80% 10% 100% 100% 5% 100% 5% 100% 30% 60% 10% 60% 70% 30% 30% 60% 40% 50% 100% 50% 25% 25% 50% 25% 90% 5% 100% 75% 10% 50% 100% 50% 60% 100% 60% 75% 100% 40% 100% 100% 0% 0% 0% 100% 50% 50% 100%

koopavond 80% 70% 5% 75% 75% 80% 80% 100% 50% 90% 10% 100% 60% 40% 0% 100% 100%

werkdag- zaterdag- zaterdagnacht middag avond 100% 60% 80% 0% 60% 100% 0% 0% 0% 0% 0% 0% 0% 100% 0% 0% 100% 0% 0% 100% 40% 0% 100% 100% 0% 100% 25% 0% 40% 100% 0% 10% 10% 25% 100% 100% 5% 60% 60% 25% 40% 40% 0% 0% 0% 0% 0% 0% 0% 0% 0%

zondagmiddag 70% 70% 0% 0% 0% 0% 0% 75% 100% 40% 10% 100% 60% 40% 0% 0% 0%

HISTORISCH- EN VERKENNEND BODEMONDERZOEK NIEUWBOUW GYMZAAL EN WIJKCENTRUM ZWANEBLOEMLAAN (ACHTER NR. 2A) TE ARNHEM

Rapportage historisch- en verkennend bodemonderzoek Zwanebloemlaan (achter nr. 2a) te Arnhem Opdrachtgever

Gemeente Arnhem Postbus 9200 6800 HA Arnhem

Rapportnummer Versienummer

6465.001 D1

Status

Eindrapportage

Datum

13 april 2018

Vestiging

Gelderland Fabriekstraat 19c 7005 AP Doetinchem 0314 - 365150 doetinchem@econsultancy.nl

Opsteller

ing. M.B.M. van Wieringen

Paraaf

Kwaliteitscontrole

ing. R.J.E. Kok

Paraaf

Kwaliteitszorg Econsultancy is lid van de Vereniging Kwaliteitsborging Bodembeheer (VKB). De VKB is een vereniging van bodemadviesen -onderzoeksbureaus en heeft als doel kwaliteitsborging en continue verbetering van de dienstverlening van haar leden op het gebied van bodembeheer. Het VKB keurmerk geeft opdrachtgevers de zekerheid dat het uitvoerend bureau werkt conform de eisen die de VKB aan haar leden stelt op het gebied van competenties en integriteit van medewerkers en het toepassen van vigerende normen en onderzoeksprotocollen. Econsultancy werkt volgens een dynamisch kwaliteitssysteem, zoals beschreven in het kwaliteitshandboek. Ons kwaliteitssysteem is gecertificeerd volgens de kwaliteitsborgingsnormen van de NEN-EN-ISO 9001:2008. Betrouwbaarheid Dit bodemonderzoek is op zorgvuldige wijze uitgevoerd conform de toepasselijke en van kracht zijnde regelgeving. Een bodemonderzoek wordt in zijn algemeenheid echter uitgevoerd door het steekproefsgewijs bemonsteren van de bodem, waardoor het, op basis van de resultaten van een bodemonderzoek, onmogelijk is garanties af te geven ten aanzien van de milieuhygiënische bodemkwaliteit. Daarnaast betreft het bodemonderzoek een momentopname. Econsultancy accepteert op voorhand geen aansprakelijkheid ten aanzien van mogelijke beslissingen die de opdrachtgever naar aanleiding van het door Econsultancy uitgevoerde bodemonderzoek neemt.

In dit kader dient ook opgemerkt te worden dat geraadpleegde bronnen niet altijd zonder fouten en volledig zijn. Daar Econsultancy voor het verkrijgen van historische informatie afhankelijk is van deze bronnen, kan Econsultancy niet instaan voor de juistheid en volledigheid van deze informatie.

INHOUDSOPGAVE 1

INLEIDING .................................................................................................................................. 1

2

HISTORISCH ONDERZOEK ...................................................................................................... 1 2.1 2.2 2.3 2.4 2.5 2.6 2.7 2.8 2.9 2.10 2.11

Geraadpleegde bronnen ................................................................................................... 2 Afbakening onderzoekslocatie vooronderzoek ................................................................. 2 Historisch en huidig gebruik onderzoekslocatie ............................................................... 2 Calamiteiten ...................................................................................................................... 3 Uitgevoerd(e) bodemonderzoek(en) op de onderzoekslocatie ........................................ 3 Belendende percelen/terreindelen.................................................................................... 3 Terreininspectie ................................................................................................................ 4 Toekomstige situatie ......................................................................................................... 4 Informatie lokale of regionale achtergrondgehalten ......................................................... 4 Bodemopbouw .................................................................................................................. 4 Geohydrologie .................................................................................................................. 5

3

CONCLUSIES VOORONDERZOEK (ONDERZOEKSOPZET) ................................................. 5

4

VELDWERK ................................................................................................................................ 5 4.1 4.2

4.3

5

LABORATORIUMONDERZOEK ................................................................................................ 7 5.1 5.2 5.3

6

Algemeen.......................................................................................................................... 5 Grondonderzoek ............................................................................................................... 6 4.2.1 Uitvoering veldwerk ............................................................................................ 6 4.2.2 Zintuiglijke waarnemingen .................................................................................. 6 Grondwateronderzoek ...................................................................................................... 6 4.3.1 Uitvoering veldwerk ............................................................................................ 6 4.3.2 Bemonstering ..................................................................................................... 7

Uitvoering analyses .......................................................................................................... 7 Toetsingskader ................................................................................................................. 8 Resultaten grond- en grondwatermonsters ...................................................................... 9

SAMENVATTING, CONCLUSIES EN ADVIES ........................................................................ 10

BIJLAGEN: 1a. 1b. 1c. 2a. 2b. 2c. 3. 4a. 4b. 4c. 5.

- Topografische ligging van de locatie - Historische kaartfragmenten 1886 - 2015 - Gegevens voormalige bebouwing - Locatieschets met boorposities - Foto's onderzoekslocatie - Kadastrale situatie - Boorprofielen - Analysecertificaten - Getoetste analyseresultaten Circulaire bodemsanering (Wbb) - Getoetste analyseresultaten Regeling bodemkwaliteit (Bbk) - Toetsingskader Circulaire bodemsanering 6465.001

1

INLEIDING

Econsultancy heeft van de gemeente Arnhem opdracht gekregen voor het uitvoeren van een historisch- en verkennend bodemonderzoek aan de Zwanebloemlaan (achter nr. 2a) te Arnhem. Het bodemonderzoek is uitgevoerd in het kader van de voorgenomen nieuwbouw van een wijkcentrum met gymzaal op de onderzoekslocatie. Het verkennend bodemonderzoek heeft tot doel vast te stellen of op de onderzoekslocatie een gronden/of grondwaterverontreiniging aanwezig is, teneinde te bepalen of er milieuhygiënische belemmeringen zijn voor de nieuwbouw op de onderzoekslocatie. Het historisch onderzoek is verricht conform de NEN 5725:2009 "Bodem - Landbodem - Strategie voor het uitvoeren van vooronderzoek bij verkennend en nader onderzoek". Het verkennend bodemonderzoek is uitgevoerd conform de NEN 5740+A1:2016 "Bodem - Landbodem - Strategie voor het uitvoeren van verkennend bodemonderzoek - Onderzoek naar de milieuhygiënische kwaliteit van bodem en grond". De veldwerkzaamheden zijn verricht onder certificaat op grond van de BRL SIKB 2000 "Veldwerk bij milieuhygiënisch bodem- en waterbodemonderzoek", protocollen 2001 en 2002. De analyseresultaten zijn getoetst aan het toetsingskader uit de Circulaire bodemsanering en aan de achtergrondwaarden voor grond uit de Regeling bodemkwaliteit (bijlage B, tabel 1). Econsultancy is onder meer gecertificeerd voor de protocollen 2001 en 2002 van de BRL SIKB 2000.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Arnhem&id=66b97737-0147-4059-9b5b-d10b517d4fc7