CConstaterende datArnhem
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 2 - Rapport Inspectie J&V terroristenafdelingen

Politieke Avond 25 januari 2023, gemeente ArnhemBij agendapunt: 18.45 uur - 20.15 uur: Agenderingsverzoek "Rapport Inspectie J&V terroristenafdeling”9.541 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 2

•

Benoem per functieprofiel welke competenties gewenst zijn voor het werken met gedetineerden op de TA, zodat omschreven is wanneer men voldoende getraind is en over welke competenties medewerkers moeten beschikken.

•

Borg de samenwerking rondom re-integratie met de gemeenten waarbij afspraken worden gemaakt over de informatie die uitgewisseld wordt.

Aan RN deed de Inspectie deze aanbeveling: •

Lever de VERA-2R tijdig aan, gedurende het verblijf van de gedetineerde op de inkomstenafdeling, zodat deze voor de PI bruikbaar is.

Beleidsreactie De beleidsreactie van het ministerie van JenV 19 richtte zich op de ontwikkeling van de aanpak van een veilige re-integratie van geradicaliseerde (ex-) gedetineerden. Daarbij zetten het ministerie en betrokken ketenpartners (naast DJI, de reclassering en gemeenten) in op drie sporen.

Versterking van de samenwerking tussen de betrokken instanties In het Multidisciplinair Afstemmingsoverleg Resocialisatie (MAR) vindt informatieuitwisseling en afweging plaats op het gebied van veiligheid en re-integratie van gedetineerden. Hier nemen DJI, RN en gemeenten in plaats. Het MAR bewaakt en stimuleert de inzet van continuïteit door interventies gezamenlijk en op casusniveau vast te stellen. In de beleidsreactie wordt voorts het voornemen beschreven dat iedere (ex-) gedetineerde één doorlopend re-integratieplan heeft dat door alle partners vastgesteld en ondersteund wordt. DJI maakt met RN afspraken over de verbeteringen van het gebruik van de VERA-2R. Het effect van deze verbeteringen wordt in 2020 tevens onderzocht.

19

Beleidsreactie Inspectierapport de Terroristenafdeling in Nederland, kenmerk 2694282

26

Vervolgonderzoek naar de terroristenafdelingen in Nederland

Verbetering van bestaande en ontwikkeling van nieuwe interventies In de doorontwikkeling van de aanpak zette het ministerie verder in op de versterking van bestaande interventies en de ontwikkeling van nieuwe interventies. Hierbij moest meer aandacht komen voor het meten van de effectiviteit van maatregelen en het delen van kennis en ervaringen daarover.

Verhoging van kennis en kunde over de effectiviteit van handelen bij deze doelgroep. Het derde spoor richtte zich op het versterken van de kennis en kunde en het ketenbreed met en van elkaar leren, het verspreiden van internationale inzichten, het opdoen van kennis over de effectiviteit van interventies en het blijven zorgdragen voor voldoende toegeruste professionals en experts die werken met deze doelgroep tijdens en na detentie. DJI heeft een meldpunt en overleggremium (het Meldpunt Radicalisering en het Multidisciplinair Afstemmingsoverleg Resocialisatie) opgericht en ontwikkeld waar justitiële organisaties (zoals het Openbaar Ministerie en Reclassering Nederland) met andere overheidsorganisaties (zoals gemeenten) over de re-integratie van gedetineerden

27

Vervolgonderzoek naar de terroristenafdelingen in Nederland

3. Operationalisatie deelvragen Per onderzoeksvraag beschrijft de Inspectie wat precies wordt onderzocht. Dit is zoveel mogelijk in lijn met de aanbevelingen uit het onderzoek uit 2018 dat ten grondslag ligt aan dit vervolgonderzoek. Daarbij worden de drie sporen die het ministerie beschreef betrokken en kijkt de Inspectie naar de ontwikkelingen binnen alle TA’s.

Deelvraag 1: Wat is de stand van zaken met betrekking tot het gebruik en de bruikbaarheid van diagnostisch risico-taxatie instrument VERA-2R? In haar eerdere onderzoek zag de Inspectie een risico in het delen van beschikbare informatie ten behoeve van de risico-inschatting. Zo was niet alle relevante informatie (tijdig) voorhanden die wel nodig was voor het maken van een risicoinschatting. Ook verschilden de TA’s van opvatting over het wel of niet gebruiken van het risico-taxatie instrument VERA-2R. In dit vervolgonderzoek kijkt de Inspectie of en op welke wijze de betrokken PI’s het risico-taxatie instrument VERA-2R (of een ander risico-taxatie instrument) inzetten. Ook bevraagt de Inspectie de PI’s op de volledigheid en actualiteit van de aangeleverde informatie van Reclassering Nederland die nodig is voor een goede risico-inschatting.

Deelvraag 2: Hoe zijn de functionarissen die werkzaam zijn op de TA toegerust? De Inspectie concludeerde in 2019 dat duidelijke toerustingseisen en een functieprofiel voor functionarissen op de TA ontbraken. In de reactie van het ministerie van JenV was het voornemen beschreven de kennis en kunde van functionarissen werkzaam op de TA te verbeteren. De Inspectie onderzoekt voor deze deelvraag hoe het ministerie en DJI deze verbetering handen en voeten hebben gegeven, welke opleidingen beschikbaar zijn, welke opleidingen de functionarissen hebben gevolgd en aan welke kennis en kunde behoefte is bij de functionarissen zelf, bij de PI en bij DJI. Met deze profielen zou het transparant en inzichtelijk moeten worden wanneer iemand voldoende is opgeleid om op de TA te werken.

Deelvraag 3: Hoe verloopt de samenwerking en informatiedeling tussen DJI, RN en gemeenten als het gaat om de re-integratie van TA-gedetineerden naar de maatschappij?

De samenwerking en het proces van informatiedeling bleken in het eerdere onderzoek door de Inspectie onvoldoende geborgd en behoefde verbetering. In dit onderzoek kijkt de Inspectie of de DJI, RN en gemeenten passende verbetermaatregelen hebben getroffen en of de systemen en procedures werken waardoor gedetineerden op de TA gebruik kunnen maken van het re-integratie aanbod van gemeenten.

28

Vervolgonderzoek naar de terroristenafdelingen in Nederland

Deelvraag 4: Zijn er andere zorgen en knelpunten die momenteel spelen? Deze laatste deelvraag geeft ruimte aan organisaties en functionarissen om mogelijke andere zorgen en knelpunten te delen die momenteel bestaan over het functioneren van de TA’s in Nederland. De Inspectie richt zich voor beantwoording van deze deelvraag op de rechtspositie van gedetineerden; de omgang met gedetineerden; de maatschappijbeveiliging en de voorbereiding op de terugkeer in de maatschappij. Bij de rechtspositie van gedetineerden gaat het over de volgende twee zaken: de gevarieerdheid en evenwichtigheid van het dagprogramma en de proportionaliteit en rechtsgeldigheid van de toegepaste straffen en maatregelen. Met de omgang met gedetineerden bedoelt de Inspectie de intake, screening en selectie, eventuele zorgbehoeften en veiligheids- en beheersrisico’s en de bejegening en motivering door het personeel. Ten aanzien van de maatschappijbeveiliging staan de toepassing van beveiligingsmaatregelen centraal en het terugdringen van het radicaal gedachtengoed bij de gedetineerden. De voorbereiding op de terugkeer in de samenleving is gericht op (naast dat wat is omschreven in deelvraag 3) bestaande gerichte activiteiten en trajecten voor gedetineerden op de TA.

29

Inspectie Justitie en Veiligheid Toezicht, omdat rechtvaardigheid en veiligheid niet vanzelfsprekend zijn.

Dit is een uitgave van: Inspectie Justitie en Veiligheid Ministerie van Justitie en Veiligheid Hoge Nieuwstraat 8 | 2514 EL Den Haag Postbus 20301 | 2500 EH Den Haag Contactformulier | www.inspectie-jenv.nl November 2022 Aan deze publicatie kunnen geen rechten worden ontleend. Vermenigvuldigen van informatie uit deze publicatie is toegestaan, mits deze uitgave als bron wordt vermeld.

1

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Arnhem&id=8f0c9b31-9309-4fe6-9dff-cb6597ed868c