CConstaterende datArnhem
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 2 - Nota Parkeernormen Arnhem 2025

Politieke Avond 7 januari 2026, gemeente ArnhemBij agendapunt: 20.30 uur - 22.00 uur: Parkeerbeleid Arnhem 202514.778 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 2

F.

Richtlijnen kwaliteit stallingen fiets en scooter ...............................................................44

G.

Begrippenlijst ......................................................................................................................48

Nota Parkeernormen Arnhem 2025

A. Gebiedsindeling

25

B.

Achtergrond bij parkeernormering

Bij het formuleren van de parkeernormen is het belangrijk dat deze recht doen aan de plaatselijke situatie. In deze bijlage is de achtergrond opgenomen die is meegenomen bij het opstellen van de parkeernormen.

B.1 Stedelijkheidsgraad De stedelijkheid van een gemeente blijkt van invloed te zijn op het autobezit en autogebruik in die gemeente. De mate van stedelijkheid wordt uitgedrukt in de ‘omgevingsadressendichtheid’, het aantal adressen per vierkante kilometer. CBS onderscheidt hierin vijf klassen, zoals weergegeven in onderstaande tabel. stedelijkheidsgraad

aantal adressen per km²

1 (zeer sterk stedelijk)

2500 en meer

2 (sterk stedelijk)

1500 tot 2500

3 (matig stedelijk)

1000 tot 1500

4 (weinig stedelijk)

500 tot 1000

5 (niet stedelijk)

minder dan 500

tabel B.1: Omgevingsadressendichtheid (bron: StatLine - Regionale kerncijfers Nederland (cbs.nl)

In 2024 kent de gemeente Arnhem een gemiddelde dichtheid van 2.316 adressen per vierkante kilometer. De gemeente valt daarmee in de categorie sterk stedelijk. Binnen de gemeente Arnhem zijn er echter grote verschillen in stedelijkheidsgraad, zoals blijkt uit Figuur B.1.

Nota Parkeernormen Arnhem 2025

Figuur B.1: Stedelijkheid in Arnhem Om recht te doen aan deze verdeling van stedelijkheidsgraden binnen de gemeente worden binnen de parkeernormering Arnhem ingedeeld in 4 gebieden; A+, A, B, en C gebieden.

B.2 Autobezit Als onderbouwing voor de hoogte van de parkeernorm is een analyse uitgevoerd naar het autobezit en auto- en fietsgebruik binnen de gemeente Arnhem. Het autobezit is van belang voor het opstellen van een passende parkeernorm voor woonfuncties. De eigen auto staat namelijk vooral thuis. Voor overige functies is het autobezit minder relevant; juist het gebruik van vervoersmiddelen is dan leidend voor het aantal benodigde parkeerplaatsen bij de functie. Het gebruik geeft namelijk inzicht of de auto of juist de fiets bij de bestemming geparkeerd moet worden. Het autobezit is geanalyseerd op basis van CBS-gegevens. Het auto- en fietsgebruik is onderzocht op basis van een analyse van de data uit het ODiN (Onderweg in Nederland).

Autobezit

32

Het gemiddelde autobezit in de gemeente Arnhem bedraagt in 2023 0,82 personenauto’s per huishouden4. Het gemiddelde autobezit in 2023 binnen sterk stedelijke gemeentes bedraagt 1,06 personenauto’s per huishouden5. Het aantal personenauto’s per huishouden in Arnhem is ook vergeleken met het autobezit binnen andere stedelijkheidsgraden (Tabel B.). Bron: StatLine - Regionale kerncijfers Nederland (cbs.nl) Bron: StatLine - Regionale kerncijfers Nederland (cbs.nl). Exclusief vijf gemeentes in deze categorie met een groot aantal leasemaatschappijen, die het gemiddelde aantal personenauto’s per huishouden sterk beïnvloeden. 4 5

stedelijkheidsgraad 1 (zeer sterk stedelijk)

gemiddeld aantal personenauto’s per huishouden (2023) 0,82

2 (sterk stedelijk)

1,06

3 (matig stedelijk)

1,18

4 (weinig stedelijk)

1,28

5 (niet stedelijk)

1,28

Tabel B.2: Autobezit naar stedelijkheidsgraad (bron: StatLine - Regionale kerncijfers Nederland (cbs.nl)

Naast de vergelijking met gemeentes op basis van stedelijkheidsgraad is ook het autobezit op buurtniveau geanalyseerd door Goudappel. Uit de analyse blijkt dat het autobezit per buurt sterk varieert. Hierbij geldt dat over het algemeen het autobezit stijgt naarmate de buurt verder van de binnenstad gelegen is.

B.3 Analyse autobezit per type woning Arnhem Voor het opstellen van de Nota parkeernormen voor de gemeente Arnhem is op basis van data een analyse gemaakt van het autobezit in deze gemeente, waaruit een parkeernorm is afgeleid. In deze bijlage is de betreffende analyse opgenomen.

Onderzoeksverantwoording

Nota Parkeernormen Arnhem 2025

Uit Tabel B. wordt duidelijk dat het autobezit in Arnhem het best aansluit bij het autobezit in zeer sterk stedelijke gemeentes.

Aanpak CBS-microdata Goudappel heeft de laatste jaren veel onderzoek gedaan naar parkeernormen in Nederland in relatie tot het autobezit. Om dit verder te onderzoeken heeft Goudappel de beschikking over niet-openbare microdata op basis van CBS-gegevens over autobezit, die gekoppeld zijn aan woningtypen. Zo kan voor heel Nederland op gemeente-, wijk- en buurtniveau het autobezit gericht geanalyseerd worden. Daarbij kan onderscheid gemaakt worden naar autobezit per categorie zoals: • Eigendomssituatie (koop, particuliere huur en sociale huur); • Woningtype (vrijstaand huis, twee-onder-een-kap, rijwoning en appartement); • Leeftijd (0 tot 30 jaar, 30 tot 65 jaar en 65 en hoger jaar); • Oppervlakte (tot 50 m² gbo, 50 tot 75 m² gbo, 75 tot 100 m² gbo, 100 tot 125 m² gbo en 125 m² en groter gbo). Deze categorieën kunnen ook ‘gestapeld’ worden en zo inzichtelijk maken wat het autobezit is onder bijvoorbeeld kleine sociale huurappartementen (tot 50 m2 gbo) in buurt X in gemeente Y (bij voldoende waarnemingen). De microdata zorgt zodoende voor een cijfermatige onderbouwing om parkeernormen op te stellen die aansluiten bij het autobezit in een gemeente.

Inhoud van de data

33

Nota Parkeernormen Arnhem 2025

De resultaten uit de data zijn gebaseerd op niet-openbare microdata van het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS) aangevuld met onderzoeksgegevens van Goudappel. De data gaan over autobezit, woningvoorraad, type woningen, eigendomssituatie en inkomen. Voor de duidelijkheid wordt vermeld dat CBS-microdata altijd binnen de volledig afgesloten netwerkomgeving van het CBS blijft, en alleen resultaten van bewerkingen/statistische gegevens die niet naar personen te herleiden is, worden geëxporteerd. En om in deze gegevens de laatste mogelijke vorm van onthullingsgevaar naar huishoudens te voorkomen, zijn alle gegevens die betrekking hebben op minder dan tien huishoudens verwijderd. Ook zijn de aantallen huishoudens afgerond op vijftallen en het gemiddelde aantal auto’s per huishouden is afgerond op twee decimalen. De gebruikte indeling van gemeente, wijk en buurt is conform de CBS-indeling van 2022. De stedelijkheidsgraad (omgevingsadressendichtheid) van gemeenten, wijken en buurten komt uit ‘Kerncijfers wijken en buurten 2022’. De in de analyse gebruikte gegevens betreffende woningvoorraad, eigendomssituatie en RDW-gegevens hebben betrekking op het jaar 2022. Het ‘bezit’/gebruik van een leaseauto heeft betrekking op het jaar 2021 en is ook inbegrepen in de data.

B.4 Grijze en buitenlandse kentekens Er zijn auto’s die niet staan geregistreerd bij het CBS. Dit zijn voornamelijk auto’s met een buitenlands kenteken en bedrijfswagens. Voor laatstgenoemde geldt dat deze kentekens meestal beginnen met een B of V. Uit ervaringscijfers van Goudappel blijkt dat het aandeel grijze en buitenlandse kentekens circa 8% is. Deze 8% dient daarom opgeteld te worden bij het autobezit van bewoners zoals blijkt uit de data. Tevens is de data op één decimaal naar boven afgerond om rekening te houden met verschillen tussen individuele woningen en toekomstige ontwikkelingen.

Autobezit per type woning Wanneer naar de data wordt gekeken, blijkt dat het autobezit tussen buurten verschilt. Om recht te doen aan deze verschillen is op buurtniveau onderscheid gemaakt naar A+/A gebieden, B gebieden en C gebieden. De parkeernormen voor bewoners passend bij het autobezit zijn opgenomen in onderstaande tabellen.

categorieën woningen

A+/A-gebied

B-gebied

C-gebied

eenheid

kleiner dan 75 m2

0,7

0,7

0,7

woning

75 tot 100 m2

0,8

0,8

0,9

woning

100 tot 125 m2

0,9

1,0

1,1

woning

125 m2 en groter

1,0

1,1

1,2

woning

kleiner dan 75 m2

1,1

1,2

1,2

woning

75 tot 100 m2

1,2

1,3

1,4

woning

100 tot 125 m2

1,3

1,4

1,5

woning

125 m2 en groter

1,5

1,6

1,7

woning

sociale huur

vrije sector

34

Tabel B.3: Autobezit grondgebonden woningen

A+/A-gebied

B-gebied

C-gebied

eenheid

sociale huur

0,4

0,4

0,5

kleiner dan 50 m2

0,5

0,6

0,6

woning

50 tot 75 m2

0,7

0,7

0,7

woning

75 tot 100 m2

0,8

0,8

0,8

woning

100 m2 en groter

woning

vrije sector

woning

kleiner dan 50 m2

0,9

0,9

1,0

woning

50 tot 75 m2

1,0

1,0

1,1

woning

75 tot 100 m2

1,1

1,1

1,2

woning

100 tot 125 m2

1,2

1,2

1,4

woning

125 m2 en groter

1,4

1,4

1,6

woning

Tabel B.4: Autobezit appartementen

Nota Parkeernormen Arnhem 2025

categorieën woningen

35

Nota Parkeernormen Arnhem 2025

C.

Lijst met parkeernormen auto (niet woonfunctie)

De parkeernormen voor niet-woonfuncties zijn gebaseerd op de normen uit de Beleidsregels Parkeren 2022. In A gebieden is deze waarde met 20% gereduceerd en in B gebieden met 10%. Het A+ gebied kent de mogelijkheid tot een vrijstelling van het aanleggen van parkeerplaatsen mits voldoende alternatieven gerealiseerd worden. Mocht de parkeerbehoefte groter zijn dan kan gekeken worden of de parkeerbehoefte gereduceerd kan worden bijvoorbeeld door het toepassen van Mobiliteitsmanagement bij bedrijven. Is dat nog onvoldoende, dan kan gekeken worden naar parkeeroplossingen op afstand. In een van de parkeerhubs of via P+R op grotere afstand van Arnhem. C gebieden hebben over het algemeen een wat slechtere bereikbaarheid per OV en fiets, daarom geldt daar alleen een minimumnorm. Niet voor iedere functie is een parkeernorm opgenomen. Mocht een norm ontbreken, dan verwijzen wij u naar de meest recente CROW-publicatie (thans 744 ‘Parkeerkencijfers 2024’, juni 2024). De parkeernormen zijn uitgedrukt in aantal parkeerplaatsen per eenheid functie. Bij iedere functie is de eenheid weergegeven. De afkorting ‘bvo’ staat voor het Bruto-vloeroppervlak. Het Bruto-vloeroppervlakte is het vloeroppervlak van de buitenomtrek van een ruimte of gebouw incl. gevels, bouwmuren, ramen etc. Inpandig gebouwde parkeervoorzieningen maken geen deel uit van het bvo. Zie NEN 2580 voor verdere informatie. functie

Detailhandel Centrum (binnen Rijn, Buitensingels, incl. Arnhem Centraal, Bergstraat, Coehoornstraat en Roermondsplein) Detailhandel WC Presikhaaf & Kronenburg Detailhandel Winkel wijk, buurt Grootschalige detailhandel vestiging Kantoren & bedrijven en bedrijfsterreinen Kantoren

36

Bedrijven incl. ondergeschikt kantoor

A gebied Min&max (voor A+ geldt alleen een maximum) 0

B-gebied Min&max

C-gebied Min

eenheid

nvt

nvt

pp per 100 m² bvo

2,8

nvt

nvt

pp per 100 m² bvo

2,4

2,7

3,0

pp per 100 m² bvo

5,2

5,9

6,5

pp per 100 m² bvo

0,3

0,7

0,8

pp per 100 m² bvo

0,7

0,8

2,0

pp per 100 m² bvo

Tabel C.1: Parkeernormen bedrijvigheid (auto)

A-gebied Min&max (voor A+ alleen een maximum)

B-gebied Min&max

C-gebied Min

eenheid

1,6

1,8

2,0

pp per 100 m² bvo

6,4

7,2

8

pp per 100 m² bvo

0,12

nvt

nvt

pp per zitplaats

0,32

nvt

nvt

pp per 100 m² bvo

0,4

0,9

1,0

pp per kamer

Restaurant (buiten centrum) Café, bar, discotheek, cafetaria (buiten centrum) Dansstudio, sportschool (buiten A+) Squashbaan (buiten A+)

nvt

11,7

13,0

pp per 100 m² bvo

nvt

5,4

6,0

pp per 100 m² bvo

2,8

3,15

3,5

pp per 100 m² bvo

1,2

1,35

1,5

pp per baan

Tennisbaan (buiten A+)

2,0

2,25

2,5

pp per baan

Sporthal (buiten A+)

2,0

2,25

2,5

pp per 100 m² bvo

Sportveld

nvt

18

20

pp per ha

Zwembad

nvt

9

10

pp per 100 m² bassin

Manege

nvt

0,45

0,5

pp per box

Volkstuin

nvt

0,27

0,3

pp per perceel

Kerk, moskee, religiegebouw Begraafplaats, crematorium (buiten A+)

0,12

0,14

0,15

pp per zitplaats

24

27

30

Arts, maatschap, kruisgebouw, therapeut

1,4

1,5

1,70

Ziekenhuis

nvt

1,4

1,60

pp per eenheid (gelijktijdige begrafenis, crematie) pp per behandelkamer (min. 3 parkeerplaatsen) pp per bed

Cultureel en maatschappelijk Cultureel centrum, wijkgebouw Vergader-, congres-, beursgebouw, Evenementenhal Bioscoop, theater, schouwburg (centrum) Museum en bibliotheek (centrum) Hotel

Onderwijs

Peuterspeelzaal, dagverblijf, crèche Basisonderwijs

0,8

0,9

1,0

Na berekening in overleg over maatwerk pp per 100 m² bvo

0,8

0,9

1,0

pp per leslokaal

Voortgezet onderwijs Vbo, HAVO, VWO) Avondonderwijs

0,8

0,9

1,0

pp per leslokaal

0,6

0,7

0,8

pp per student

Beroepsonderwijs (MBO, ROC, WO, HBO)

4,8

5,4

6,0

pp per leslokaal

Tabel C.1: Parkeernormen cultuur en onderwijsfuncties (auto)

Nota Parkeernormen Arnhem 2025

functie

37

Nota Parkeernormen Arnhem 2025

38

Voor het aantal parkeerplaatsen voor halen en brengen met de auto bij kinderdagverblijf en basisschool, geldt de volgende rekenregel: Groep 1 t/m 8 Aantal leerlingen x % leerlingen met auto x 0,25 x 0,75 + Kinderdagverblijf Aantal leerlingen x % leerlingen met auto x 0,25 x 075 = Totaal aantal parkeerplaatsen voor halen en brengen. Het percentage leerlingen dat met auto wordt gebracht en gehaald ligt tussen de 1% en 60%; is onder meer afhankelijk van stedelijkheidsgraad, stedelijke zone en de gemiddelde afstand naar school. Gemiddeld ligt het percentage op: - groepen 1 t.m 8: 20 - 60% - kinderdagverblijf: 50 - 80% Vervolgens wordt met de school overlegd om maatwerk te leveren.

D.

Lijst met parkeernormen fiets

Functies met een genummerde verwijzing (..) hebben onder de tabel een aanvullende toelichting staan. Bij eenheid staat de afkorting ‘fpp’ voor een fietsparkeerplaats / stallingsplaats. De afkorting ‘bvo’ staat voor het Bruto-vloeroppervlak. Het Bruto-vloeroppervlakte is het vloeroppervlak van de buitenomtrek van een ruimte of gebouw incl. gevels, bouwmuren, ramen etc. Inpandig gebouwde parkeervoorzieningen maken geen deel uit van het bvo. Voor winkels is het bruto-vloeroppervlak gemiddeld 1,25 maal het winkelvloeroppervlak. Zie NEN 2580 voor verdere informatie.

functie winkelen en boodschappen bouwmarkt

A-gebied

B-gebied

C-gebied

eenheid

maatwerk

0,45

0,35

fpp per 100 m² bvo

tuincentrum

maatwerk

0,45

0,35

fpp per 100 m² bvo

groencentrum (1)

maatwerk

0,45

0,35

fpp per 100 m² bvo

bruin- en witgoedzaken

0,40

0,40

0,30

fpp per 100 m² bvo

woonwarenhuis (zeer groot)

maatwerk

maatwerk

0,30

fpp per 100 m² bvo

kringloopwinkel

maatwerk

2,45

1,60

fpp per 100 m² bvo

woonwarenhuis/woonwinkel

0,40

0,40

0,30

fpp per 100 m² bvo

meubelboulevard/woonboulevar d winkelboulevard

maatwerk

0,50

0,40

fpp per 100 m² bvo

maatwerk

0,50

0,40

fpp per 100 m² bvo

outletcentrum

maatwerk

0,50

0,40

fpp per 100 m² bvo

buurtwinkelcentrum en dorps(winkel)centrum buurtsupermarkt

3,35

3,60

3,00

fpp per 100 m² bvo

3,70

2,65

2,05

fpp per 100 m² bvo

fullservice supermarkt (2)

5,35

4,10

3,50

fpp per 100 m² bvo

groothandel specialist (bijvoorbeeld levensmiddelen, kantoorartikelen) grote supermarkt (XL)

maatwerk

1,65

1,40

fpp per 100 m² bvo

5,35

4,10

3,50

fpp per 100 m² bvo

groothandel algemeen

maatwerk

1,65

1,40

fpp per 100 m² bvo

weekmarkt (3)

3,35

3,60

3,00

fpp per 100 m² bvo

Tabel D.1: Parkeernormen winkel en boodschappenfuncties (fiets)

Nota Parkeernormen Arnhem 2025

De parkeernormen zijn gebaseerd op het gemiddelde van de bandbreedte in de CROWfietsparkeerkencijfers uit Fietsparkeerkencijfers 2025. In A en B gebieden gelden hogere parkeernormen dan in C gebieden. De achtergrond daarvan is dat dit gebieden zijn waar meer voorzieningen zijn en de bereikbaarheid per fiets goed is en nog beter wordt. Dusdanig dat er meer gefietst gaat worden en er dus ook meer behoefte ontstaat om de fiets goed te kunnen stallen. In het A+ gebied lossen de parkeerbehoefte voor bezoekers op in collectieve voorzieningen. Voor eigen personeel dient u inpandig op eigen terrein te realiseren. De onderstaande normenzijn een mis tussen bezoekers en werknemers, u zult . Indien CROW nieuwe fietsparkeerkencijfers publiceert, bepalen we opnieuw of we deze overnemen.

39

Nota Parkeernormen Arnhem 2025

40

functie Werken kantoren (zonder baliefunctie)

Agebied 1,70

Bgebied 1,15

Cgebied 1,05

eenheid

commerciële dienstverlening (kantoren met baliefunctie) (4) bedrijf arbeidsintensief/ bezoekersextensief (industrie, laboratorium, werkplaats) (5) bedrijf arbeidsextensief/ bezoekersextensief (loods, opslag, transportbedrijf) (6)

3,00

2,05

1,35

fpp per 100 m² bvo

1,40

1,10

0,90

fpp per 100 m² bvo

0,60

0,45

0,40

fpp per 100 m² bvo

fpp per 100 m² bvo

functie cultuur en ontspanning bowlingcentrum

A-gebied

B-gebied

C-gebied

eenheid

4,50

3,20

2,55

fpp per baan

biljart-/snookercentrum

2,50

1,85

1,55

fpp per tafel

fitnessstudio/sportschool

5,85

3,70

3,00

fpp per 100 m² bvo

fitnesscentrum

5,85

3,70

3,00

fpp per 100 m² bvo

dansstudio

5,85

3,70

3,00

fpp per 100 m² bvo

golfbaan (18 holes) (7)

maatwerk

maatwerk

17,50

fpp per 18 holes

golfoefencentrum (pitch and putt) (8) sporthal

maatwerk

maatwerk

17,50

fpp per centrum

5,50

3,90

3,00

fpp per 100 m² bvo

sportzaal (9)

6,70

3,90

2,70

fpp per 100 m² bvo

sportveld (10)

57,50

57,50

57,50

stadion

0,20

0,20

0,20

fpp per ha netto terrein fpp per zitplaats

kunstijsbaan (kleiner dan 400 meter) kunstijsbaan (400 meter)

3,05

2,50

2,10

fpp per 100 m² bvo

maatwerk

3,90

3,40

fpp per 100 m² bvo

ski- en snowboardhal

maatwerk

maatwerk

3,45

fpp per 100 m² bvo

indoorspeeltuin (kinderspeelhal), gemiddeld en kleiner indoorspeeltuin (kinderspeelhal), groot indoorspeeltuin (kinderspeelhal), zeer groot tennishal

1,50

1,50

1,00

fpp per 100 m² bvo

1,50

1,50

1,00

fpp per 100 m² bvo

1,50

1,50

1,00

fpp per 100 m² bvo

0,80

0,55

0,50

fpp per 100 m² bvo

squashhal

5,10

3,40

3,00

fpp per 100 m² bvo

zwembad overdekt (11)

maatwerk

26,00

20,00

fpp per 100 m² bassin

zwembad openlucht (11)

maatwerk

34,00

28,00

fpp per 100 m² bassin

zwemparadijs (12)

maatwerk

maatwerk

9,50

fpp per 100 m² bvo

wellnesscentrum (thermen, kuurcentrum, beautycentrum) sauna, hammam

maatwerk

maatwerk

4,00

fpp per 100 m² bvo

5,50

4,00

4,00

fpp per 100 m² bvo

bibliotheek

4,00

4,00

3,30

fpp per 100 m² bvo

museum

1,70

1,25

0,85

fpp per 100 m² bvo

bioscoop (13)

9,00

7,50

3,50

fpp per 100 m² bvo

9,00

7,50

3,50

fpp per 100 m² bvo

theater/schouwburg

26,00

20,50

17,50

fpp per 100 m² bvo

Musicaltheater

26,00

20,50

17,50

fpp per 100 m² bvo

Casino

2,00

2,00

1,65

fpp per 100 m² bvo

Volkstuin

maatwerk

1,90

1,80

fpp per 10 tuinen

attractie- en pretpark

maatwerk

maatwerk

10,75

Dierenpark

10,75

10,75

10,75

Jachthaven

0,15

0,15

0,15

fpp per ha netto terrein fpp per ha netto terrein fpp per ligplaats

manege (paardenhouderij)

maatwerk

maatwerk

maatwerk

fpp per box

kinderboerderij (stadsboerderij)

12,50

12,50

12,50

fpp per boerderij

plantentuin (botanische tuin)

maatwerk

19,70

14,05

fpp per tuin

functie horeca en (verblijfs)recreatie bungalowpark (huisjescomplex)

A-gebied

B-gebied

C-gebied

eenheid

maatwerk

maatwerk

0,15

fpp per bungalow

camping (kampeerterrein) (14)

maatwerk

maatwerk

maatwerk

fpp per standplaats

hotel (15)

2,00

2,00

2,00

fpp per 10 kamers

discotheek

12,50

12,50

10,00

fpp per 100 m² bvo

café/bar/cafetaria (15)

11,50

11,50

11,50

fpp per 100 m² bvo

restaurant (inclusief fastfoodrestaurant) (15) evenementenhal/beursgebouw/ congresgebouw

11,50

11,50

6,50

fpp per 100 m² bvo

1,00

1,00

1,00

fpp per 100 m² bvo

functie gezondheidszorg en (sociale) voorzieningen huisartsenpraktijk (-centrum)

A-gebied

B-gebied

C-gebied

eenheid

1,35

1,35

1,05

fpp per behandelkamer

fysiotherapiepraktijk (-centrum)

1,35

1,35

1,05

fpp per behandelkamer

consultatiebureau

1,35

1,35

1,05

fpp per behandelkamer

gezondheidscentrum

1,35

1,35

1,05

fpp per behandelkamer

consultatiebureau voor ouderen

1,35

1,35

1,05

fpp per behandelkamer

tandartsenpraktijk (-centrum)

2,70

2,70

2,40

fpp per behandelkamer

apotheek

7,00

7,00

7,00

fpp per apotheek

ziekenhuis

1,10

1,00

0,95

fpp per 100 m² bvo

crematorium

maatwerk

maatwerk

6,50

fpp per gelijktijdige plechtigheid

begraafplaats

maatwerk

maatwerk

6,50

fpp per gelijktijdige plechtigheid

penitentiaire inrichting

0,45

0,45

0,45

fpp per 10 cellen

religiegebouw

0,35

0,35

0,35

fpp per zitplaats

verpleeg/verzorgingstehuis (16)

0,55

0,55

0,75

fpp per wooneenheid

Nota Parkeernormen Arnhem 2025

filmtheater/filmhuis

41

functie onderwijs kinderdagverblijf (crèche)

A+/A-gebied

B-gebied

C-gebied

eenheid

1,00

1,00

0,75

fpp per 100 m² bvo

basisonderwijs

11,50

11,50

11,50

fpp per lokaal

middelbare school

80,00

80,00

80,00

fpp per 100 leerlingen

ROC

48,00

48,00

48,00

fpp per 100 leerlingen

HBO

64,00

64,00

64,00

fpp per 100 studenten

universiteit

64,00

64,00

64,00

fpp per 100 studenten

avondonderwijs of vrijetijdsonderwijs(19)

3,75

3,75

3,75

fpp per 10 studenten

1)

Nota Parkeernormen Arnhem 2025

2) 3)

4) 5)

6)

7) 8) 9) 10)

11)

12)

13)

14) 15)

16) 17)

42

tuin- en groencentrum: wanneer in de buitenruimte producten worden verkocht (verkoopruimte) dient deze ruimte te worden meegenomen bij de omvang van de functie. fullservice-supermarkt: vloeroppervlakte is meestal tussen de 1.000 en 2.000 m² wvo. weekmarkt (bij klein wijk-, buurt- en dorpscentrum: Van deze functie kunnen alleen globale parkeernormen gegeven worden. Bij het toepassen van deze cijfers moet een forse marge in acht worden genomen. 1 m² kraam = 6 m² bvo (indien geen parkeren achter kraam dan + 1,0 pp per standhouder). commerciële dienstverlening (kantoor met baliefunctie): hier worden ook functies als een makelaar, hypotheekverstrekker, kapper of zonnebankstudie onder beschouwd. bedrijf arbeidsintensief/bezoekersextensief: bijvoorbeeld industrie, een garagebedrijf, een laboratorium of werkplaatsen. Bij deze bedrijven geldt globaal 1 arbeidsplaats per 25-35 m² bvo. De parkeernorm is exclusief het parkeren voor vrachtwagens en andere bedrijfsgerelateerde voertuigen. bedrijf arbeidsextensief/bezoekersextensief: bedrijven zoals een loods, opslag of transportbedrijf. Bij deze bedrijven geldt globaal 1 arbeidsplaats per 30-50 m² bvo. De parkeernorm is exclusief vrachtwagen parkeren. golfbaan (18 holes): een 18-holes golfbaan is gemiddeld 60 – 70 ha groot. golfoefencentrum (pitch and putt): uitgaande van een omvang van circa 6 ha.

sporthal en sportzaal: let op bij grotere aantallen bezoekers zijn de kencijfers te laag. sportveld: normen zijn exclusief kantine, kleedruimte, oefenveldje en toiletten. Van deze functie kunnen alleen globale normen worden opgenomen. Bij het toepassen van deze cijfers moet een forse marge in acht worden genomen. zwembad overdekt & openlucht: bij combinatie zwembad overdekt en openlucht berekenen via verhouding bassin overdekt en openlucht aan de hand van normen overdekt per 100 m² bassin en normen openlucht per 100 m² bassin. zwemparadijs: een zwemparadijs is vaak onderdeel van een andere voorziening, zoals een vakantiepark. Van deze functie kunnen alleen globale normen worden opgenomen. Bij het toepassen van deze cijfers moet een forse marge in acht worden genomen. bioscoop: 1 zitplaats is circa 3 m² bvo. Bij bioscopen moet voor parkeren rekening worden gehouden met een eventuele overlap tussen twee voorstellingen (+ 40%). Gegeven kengetallen betreffen de drukste voorstelling op de drukste dag van de drukste maand. camping: exclusief 10% voor gasten van bezoekers. hotel, café/bar/cafetaria en restaurant: terrasruimte dient te worden meegenomen bij de omvang van de functie. De parkeerbehoefte van deze functie is namelijk in sterke mate afhankelijk van het aantal zitplaatsen en van het autogebruik van de bezoekers.

verpleeg- en verzorgingstehuis: normen zijn inclusief parkeren voor personeel. Avondonderwijs of vrijetijdsonderwijs: bezoekers zijn studenten en overig is personeel.

E.

Aanwezigheidspercentages

Dubbelgebruik wordt volgens de CROW-methodiek berekend aan de hand van aanwezigheidspercentages. Onderstaande aanwezigheidspercentages zijn dan ook afkomstig van CROW. Voor de functies waarvoor geen aanwezigheidspercentages zijn opgenomen, dient te worden aangesloten bij een passende alternatieve functie of dient een specifieke onderbouwing voor de gebruikte aanwezigheidspercentages te worden gegeven.

woningen bewoners woningen bezoekers kantoor/bedrijven commerciële dienstverlening detailhandel grootschalige detailhandel supermarkt sportfuncties binnen sportfuncties buiten bioscoop/theater/podium sociaal medisch verpleeghuis/ verzorgingstehuis ziekenhuis patiënten en bezoekers ziekenhuis medewerkers restaurant5) dagonderwijs avondonderwijs

werkdagochtend 60% 40% 100% 100%

werkdagmiddag 60% 50% 100% 100%

werkdagavond 90% 75% 5% 5%

werkdagnacht 100 0% 0% 0%

koopavond1) 80% 70% 5% 75%

vrijdagmiddag 70% 60% 60% 100%

vrijdagavond 70% 100% 0% 5%

zaterdagmiddag 75% 100% 0% 0%2)

zaterdagavond 80% 100% 0% 0%

zondagmiddag 75% 90% 0% 0%

30% 30%

60% 60%

10% 70%

0% 0%

75% 80%

60% 60%

60% 70%

100% 100%

0%3) 0%3)

60% 0%4)

50% 50% 25% 5% 100% 100%

60% 50% 25% 40% 100% 100%

40% 100% 50% 50% 10% 50%

0% 0% 0% 0% 0% 25%

80% 100% 50% 50% 10% 50%

80% 40% 25% 40% 75% 100%

80% 100% 50% 100% 0% 50%

100% 100% 100% 40% 0% 100%

40% 100% 25% 100% 0% 100%

60% 75% 100% 40% 0% 100%

100%

100%

40%

5%

40%

100%

40%

40%

40%

40%

100% 30% 100% 0%

100% 40% 100% 0%

40% 80% 0% 100%

10% 0% 0% 0%

40% 80% 0% 100%

100% 60% 100% 0%

40% 90% 0% 100%

20% 70% 0% 0%

20% 100% 0% 0%

20% 40% 0% 0%

1) Indien sprake van een traditionele koopavond 2) Indien op zaterdag open: 100% 3) Indien 's avonds open: 70% 4) Indien koopzondag: 100% 5) Hier is sprake van richtgetallen. Maatwerk is bij de verschillende typen restaurants noodzakelijk

Nota Parkeernormen Arnhem 2025

functie

43

F.

Richtlijnen kwaliteit stallingen fiets en scooter

Het gebruik van een stalling hangt sterk af van de kwaliteit, de bruikbaarheid en het comfort. Ook de routing binnen de stalling, de sociale veiligheid en de afmeting van de fietsparkeerplaatsen en de stabiliteit van de fiets in de aangeboden voorzieningen beïnvloeden het gebruik, evenals de (on)mogelijkheid om fietsen met bijzondere afmetingen te stallen. De Leidraad Fietsparkeren (CROW-publicatie 741), het Besluit Bouwwerken Leefomgeving (artikel 4.171 – 4.173) en Fietsparkeur gaan uitgebreid in op de kwaliteitsrichtlijnen voor fietsenstallingen. Hierna zijn de belangrijkste kwaliteitsrichtlijnen voor het ontwerpen van een stalling opgenomen.

Nota Parkeernormen Arnhem 2025

De fiets staat op de best mogelijke locatie Om actieve mobiliteit beter mogelijk te maken moet de fiets de eerste vervoerskeuze zijn die gebruikers tegenkomen bij vertrek en kan de fiets ten opzichte van andere vervoersmiddelen op de beste plek staan bij aankomst. In de situatie dat de fietsparkeervoorziening niet direct bij de entree geplaatst kan worden, is de voorziening eenvoudig vindbaar en bereikbaar voor alle gebruikers.

Dit kan worden bereikt door fietsparkeervoorzieningen dichter bij de entree van de functie te plaatsen dan parkeervoorzieningen voor andere voertuigen. Het is belangrijk dat de fietsparkeervoorziening op een logische locatie ligt ten opzichte van de aanrijroute(s) voor fietsers. Dat betekent ook dat fietsers zo min mogelijk moeten omlopen om van- en naar de fietsparkeervoorziening te komen. Met name bij bezoekersfuncties draagt een goede zichtbaarheid en herkenbaarheid van de voorziening bij aan het gebruik. Ook kan met duidelijke bewegwijzering op de loop- en fietsroutes van- en naar de voorziening het gebruik worden gestimuleerd.

Een eenvoudig toegankelijke voorziening voor alle doelgroepen Fietsparkeervoorzieningen zijn voor alle mogelijke gebruikers zeer eenvoudig en veilig toegankelijk. Fietsparkeervoorzieningen voor bezoekers en voor bakfietsen of aangepaste fietsen (voor mindervaliden) zijn altijd op maaiveldniveau. Ook voor vaste gebruikers zijn fietsparkeervoorzieningen in principe op maaiveldniveau, zeker als de specifieke doelgroep anders geen of weinig gebruik zal maken van de voorziening (bijvoorbeeld ouderen). Waar het overbruggen van een hoogteverschil met een fiets onvermijdelijk is, is het belangrijk dat dit zo comfortabel mogelijk wordt ingericht.

44

In de praktijk is het overbruggen van een hoogteverschil altijd oncomfortabel met de fiets. Daarom is het belangrijk dat een eventuele hellingbaan of fietstrap voldoende breed is en niet te steil. Bij een fietstrap zijn fietsgoten met de juiste afmetingen aanwezig, eventueel voorzien van elektrische ondersteuning om het gebruik van de fietstrap te vereenvoudigen. Leidraad fietsparkeren van CROW bevat uitgebreide informatie over maatvoering en ontwerprichtlijnen voor fietsparkeervoorzieningen. In de opsomming hierna zijn de belangrijkste opgenomen.

Een ander aandachtspunt voor ontwerp is het aantal deuren, de draairichting en het type deur dat wordt toegepast bij afgesloten fietsparkeervoorzieningen. Deuren zorgen namelijk voor een drempel en vertragen het stallingsproces. Deze vertraging kan worden verminderd door zo min mogelijk deuren toe te passen en gebruik te maken van een automatische toegangsdeur. Deuren zijn met name een aandachtspunt onder- en bovenaan een fietstrap of hellingbaan.

De belangrijkste richtlijnen voor een goed toegankelijke en bruikbare fietsenstalling zijn: 1. Vanuit de openbare ruimte is de toegang van de stalling duidelijk zichtbaar en herkenbaar, gezien vanaf de aanrijroute richting bestemming(en). 2. De stalling heeft bij voorkeur een voetgangersuitgang in de richting van de eindbestemming. 3. De afstand mag maximaal ca. 75 meter zijn van de stalling tot de hoofd-/ neven/personeelsingang van de bestemmingen en/of functies waarvoor de stalling is bestemd. 4. De toegang vanaf de weg naar een stalling op lager of hoger niveau is goed en comfortabel te gebruiken voor alle fietsen en scooters; dus ook voor zware fietsen, elektrische fietsen en fietsen met afwijkende maten (kratten, brede sturen, brede banden, lange fietsen, etc.). 5. Het hellingspercentage van een hellingbaan is maximaal 22%; een trap heeft ideaal een hellingspercentage van 18%, met een aantrede van 500 mm en een optrede van 90 mm of met een aantrede van 600 mm en een optrede van 100 mm. Naast een trap horen fietsgoten, bij voorkeur aan beide zijden. 6. Voor een stalling waar ook scooters, bakfietsen en andere zware fietsen in gestald worden kan geen trap worden toegepast. Het hellingpercentage moet zodanig zijn dat het hoogteverschil door bakfietsen, elektrische fietsen en scooters zonder ondersteuning overbrugd kan worden.

Voor de hellingspercentages wordt verwezen naar CROW Leidraad fietsparkeren 2023. 7. Een gebruiker moet de toegang van een stalling gemakkelijk kunnen openen: automatisch, met een eenvoudig te bedienen drukknop of chipkaartlezer.

Nota Parkeernormen Arnhem 2025

Verder is het voor een veilige toegang van belang dat bij alle fietsparkeervoorzieningen een veilige plek is om op- en af te kunnen stappen.

Passende, kwalitatieve fietsparkeervoorzieningen voor iedereen De fietsparkeervoorziening is passend bij de doelgroepen die gebruik maken van de fietsparkeervoorziening en het type fiets dat deze doelgroep gebruikt. Dat betekent in de eerste plaats dat de fietsparkeervoorzieningen voldoen aan het kwaliteitsniveau gesteld door Fietsparkeur. Ook is het type fietsparkeervoorziening afgestemd op de doelgroep en worden indien nodig meerdere soorten voorzieningen toegepast. Zodat bijvoorbeeld rekening wordt gehouden met voldoende, passende voorzieningen voor buitenmodelfietsen.

Bij het ontwerpen van de fietsparkeervoorzieningen op de doelgroepen is het belangrijk om twee vragen te stellen: wie gaat hier mogelijk stallen en is het realistisch dat zij met genoegen gebruik gaan maken van deze fietsparkeervoorziening. Voor ouderen, kinderen en gebruikers van zware fietsen is een etagerek bijvoorbeeld geen optie. En bij gezinnen, scholen of winkels is de kans groot dat er plek nodig is voor fietsen met krat voorop of een bakfiets. Daar moeten passende voorzieningen voor worden gerealiseerd. Indien bij gezamenlijke fietsparkeervoorzieningen voor bewoners etagerekken worden toegepast, is het wenselijk om de plekken te nummeren en te koppelen aan een woning. Zo worden de gunstige plekken onderin eerlijk verdeeld. Hierbij is per

45

woning tenminste één van de plekken onderin beschikbaar. Naast de etagerekken dient er ook ruimte te zijn voor fietsen met andere maten.

Nota Parkeernormen Arnhem 2025

In sommige situaties zijn aanvullende voorzieningen nodig om fietsgebruik goed te faciliteren, zoals stroompunten of kluisjes voor het opladen van accu’s van elektrische fietsen (en scooters) in een gemeenschappelijke fietsparkeervoorziening. Bij zakelijke functies neemt de aanwezigheid van omkleedmogelijkheid en/of douches een drempel weg voor werknemers om met de fiets van en naar werk te gaan.

46

Een ander belangrijk aandachtspunt bij het ontwerp van de fietsparkeervoorziening is de verwachte parkeerduur van de doelgroep. Met name voor kortparkeerders (< 60 minuten) mag de actie van de fiets in het rek plaatsen hooguit enkele seconden in beslag nemen, voordat zij het hinderlijk vinden. Voor veel bezoekers is bovenin een etagerek parkeren dus geen (aantrekkelijke) optie. Op de website van Stichting Fietsparkeur staat de laatste versie van het normstellende document met geschikte systemen. Deze website bevat een keuzewijzer waarmee de juiste fietsparkeervoorziening geselecteerd kan worden voor een specifieke situatie en doelgroep. De belangrijkste richtlijnen voor een goede inrichting en goed bruikbare fietsenstalling zijn: 1. De stalling moet logisch en overzichtelijk zijn ingedeeld. 2. Binnen en vanuit de fietsenstalling naar de bijbehorende bestemming is een logische, snelle en eenvoudige routing. Bij voorkeur kan men vanuit de stalling rechtstreeks (liefst binnendoor) doorlopen naar de bestemming, zonder terug te hoeven lopen door de stalling. 3. De sociale veiligheid wordt gewaarborgd door een overzichtelijke inrichting, goede verlichting en bij voorkeur daglichttoetreding. Als een stalling openbaar toegankelijk is kan (camera)toezicht of bewaking overwogen worden. 4. Gebruikers moeten elkaar in de verkeersruimtes van de stalling kunnen passeren. 5.

Stallingssystemen voor fietsen moeten voldoen aan de eisen van Fietsparkeur of zijn gelijkwaardig daaraan, met een hart op hart afstand van minimaal 400 mm. 6. De minimale vrije hoogte in een gebouwde stalling is 2900 mm om dubbellaags rekken te kunnen plaatsen. Bij gebouwen voor kinderen kan dit 2300 mm zijn, want dubbellaags rekken zijn ongeschikt voor kinderen. 7. De hart-op-hart afstand tussen twee fietsparkeerplaatsen bij een stallingssysteem op gelijk niveau is minimaal 800 mm breed; 8. De hart-op-hart-afstand tussen twee fietsparkeerplaatsen bij een hoog/laag fietsparkeersysteem is minimaal 400 mm breed voor zowel onder- als bovenlaag; De gangpaden in de stalling zijn minimaal 2100 mm breed en een hoofdgang is minimaal 3000 mm breed, zowel voor fiets als scooter; 9. Een parkeersysteem waarin naast standaardfietsen ook fietsen passen met veel voorkomende afwijkende maten, heeft de voorkeur. Dan passen nagenoeg alle fietsen probleemloos op elke stallingsplek, ook die met een krat, bagagedrager vóór, breed stuur, brede banden, etc. Een andere mogelijkheid is een apart parkeervak, waarin afwijkende maten fietsen op hun standaard kunnen worden gestald. 10. De stalling biedt oplaadmogelijkheden voor elektrische tweewielers. 11. De netto-afmetingen van een scooterparkeerplek in een gebouwde stalling zijn minimaal 750 mm breed x 1800 mm lang.

Een aantrekkelijke en sociaal veilige fietsparkeervoorziening. De inrichting en locatie van fietsparkeervoorzieningen is zodanig dat de sociale veiligheid van stallers is gewaarborgd. De sociale veiligheid kan worden bevorderd door te zorgen voor een goed overzichtelijke, verlichte, schone en onderhouden fietsparkeervoorziening.

Of een fietsparkeervoorziening aantrekkelijk en sociaal veilig wordt gevonden, hangt ook af van de locatie en de doelgroep. Voor bezoekers die lang op een plek stallen heeft een afgesloten, of ten minste een overdekte voorziening vaak de voorkeur. Ook is het van belang dat de route in de stalling logisch en prettig is, bijvoorbeeld door doodlopende paden en verborgen hoeken te voorkomen. Evengoed speelt de route van en naar de fietsparkeervoorziening een rol bij hoe gebruikers de voorziening ervaren. Daarom is ook de directe omgeving van de fietsparkeervoorziening bij voorkeur goed verlicht, overzichtelijk en schoon. Indien de fietsparkeervoorziening enige vorm van toezicht of bewaking geniet, kan het bevorderlijk werken voor het veiligheidsgevoel om dit buiten de fietsparkeervoorziening zichtbaar en duidelijk aan te gegeven.

Nota Parkeernormen Arnhem 2025

Een aantrekkelijke en sociaal veilige fietsparkeervoorziening komt niet alleen voort uit een kwalitatief hoogstaand ontwerp. Even belangrijk zijn adequate afspraken over schoonmaak, beheer en onderhoud. Kapotte verlichting dient snel te worden vervangen en een defecte automatische toegangsdeur moet zo snel mogelijk worden gerepareerd.

47

G. Begrippenlijst Aanwezigheidspercentages: aan de hand van de aanwezigheidspercentages kan worden bepaald welk aandeel van de parkeerplaatsen op verschillende momenten door verschillende doelgroepen kan worden benut. Bruto-vloeroppervlakte (BVO): Het Bruto-vloeroppervlakte is het vloeroppervlak van de buitenomtrek van een ruimte of gebouw incl. gevels, bouwmuren, ramen etc. Inpandig gebouwde parkeervoorzieningen maken geen deel uit van het bvo. Zie NEN 2580 voor verdere informatie. Dubbelgebruik: het beoordelen of parkeerplaatsen door meer dan één doelgroep op verschillende momenten kunnen worden gebruikt. Bijvoorbeeld gebruik door kantoorbezoekers overdag en 's avonds door bewoners.

Nota Parkeernormen Arnhem 2025

GROP-lijst: op de GROP-lijst zijn de adressen opgenomen waarvoor geen bewoners- of bedrijfsparkeervergunning kan worden aangevraagd. Initiatiefnemer: de bouwer, ontwikkelaar en/of eigenaar van de grond of opstallen door wie of namens wie de aanvraag om een omgevingsvergunning voor een bouwontwikkeling is ingediend. Ontwikkeling: een ontwikkeling waarvoor een aanvraag om een omgevingsvergunning ingediend moet worden. Het kan gaan over het plaatsen, geheel of gedeeltelijk oprichten, vernieuwen, veranderen of vergroten van een gebouw. Openbare parkeerplaats: een parkeerplaats die zich in de openbare ruimte bevindt en voor een ieder vrij toegankelijk is. Openbaar toegankelijke parkeerplaats: een parkeerplaats die niet per definitie openbaar is, maar wel voor een ieder toegankelijk is. Parkeerbehoefte: de vraag naar het aantal parkeerplaatsen dat een bepaalde functie met een bepaalde omvang heeft. Parkeerdruk: de parkeerdruk betreft de bezetting van de parkeerplaatsen afgezet tegen het totaal aantal beschikbare parkeerplaatsen. Parkeereis: het aantal parkeerplaatsen dat conform de parkeerbehoefte, na de toets dubbelgebruik, in het plangebied gerealiseerd moet worden. Parkeerkencijfers: ontwerpcijfers die verkeerskundigen gebruiken bij het berekenen van de parkeervraag.

Parkeernormen: Parkeernormen (auto en fiets) zijn vastgesteld gemeentelijk beleid dat aangeeft hoeveel parkeerplaatsen bij een ontwikkeling, met een verandering in de parkeerbehoefte, gerealiseerd moeten worden. De parkeernormen zijn gerelateerd aan de gebruiksfuncties van deze ontwikkelingen. Restcapaciteit: het aantal parkeerplaatsen dat op het maatgevende moment onbezet is. Er is sprake van restcapaciteit indien de parkeerdruk in het openbaar gebied voor straat parkeren onder de 85% is.

48

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Arnhem&id=706d70cf-e09e-46a9-8dab-a6533ebe5940