Bijlage 1a - Vast te stellen omgevingsplan 'Chw Omgevingsplan De Laar' -tekst-
Tekst van het document
Bestemmingsplan "Chw Omgevingsplan De Laar 2020" (vastgesteld)
bergingen, garages en andere niet voor bewoning geschikte ruimtes niet worden meegeteld. (NEN 2580 is de Nederlandse norm voor het bepalen van de oppervlakte en inhoud van een gebouw. Ook het bouwbesluit en de woningwet refereert naar deze norm.) 2. Subonderdeel 2: ook is als eis opgenomen dat een gebouw niet mag worden opgedeeld in meer dan één onzelfstandige wooneenheid per 18m2 van de totale gebruiksoppervlakte. Bij deze 18m2 eis worden ook de gemeenschappelijke ruimtes meegeteld. Rekenvoorbeeld: Dit houdt in dat een gebouw met een gebruiksoppervlakte van 180m2 in totaal kan worden opgedeeld in 10 onzelfstandige wooneenheden. De oppervlakte van een kamer/onzelfstandige wooneenheid maakt bij deze regel niet uit, zolang het gebouw maar niet wordt bewoond door meer dan één bewoner/onzelfstandige wooneenheid per 18m2. 3. Subonderdeel 3: Tenslotte is opgenomen dat voldoende ruimte voor fiets en afvalcontainer en afvalzakken op eigen terrein aanwezig is. Dit is 3 m2 waarbij als aanvullende eis geldt dat vanaf 4 onzelfstandige wooneenheden 1m2 bergingsruimte per wooneenheid wordt toegevoegd. Deze eis is opgenomen om te voorkomen dat fietsen en afval in de openbare ruimte worden geplaatst. In onderdeel b staan de weigeringsgronden voor de vergunning. 1.
De eis uit subonderdeel 1 gaat over het verbod om te verkameren met als doel het verschaffen van kortdurend verblijf te vergelijken met logies, al dan niet als onderdeel van de arbeidsvoorwaarden, aan werknemers. Bij een kortdurend verblijf gaat het over een verblijf van maximaal drie maanden. 2. De eis uit subonderdeel 2 gaat over het tegen gaan van concentraties. Deze eis houdt in dat een woning (die niet kamergewijs wordt bewoond) niet mag worden ingesloten door twee kamergewijs bewoonde panden aan dezelfde straat. 3. Subonderdeel 3 bevat de eis dat bijgebouwen niet in gebruik mogen worden genomen als onzelfstandige wooneenheid. Voor de definitie van bijbehorend bouwwerk wordt aangesloten bij de landelijke regelgeving (het Besluit omgevingsrecht). Een bijbehorend bouwwerk kan bijvoorbeeld een aanbouw, schuur, tuinhuis of serre zijn. 3.6.2
Artikel 43 Omgevingsplanactivteit woningsplitsing
3.6.2.1 Aanwijzing vergunningplichtige gevallen Uit 44.1 volgt dat alleen nog maar met een door burgemeester en wethouders te verlenen (binnenplanse) omgevingsvergunning voor planologisch strijdig gebruik het toegestaan is om woningen (en panden met een woonbestemming) te splitsen.
Splitsen houdt volgens de regels in dat één woning of (een gedeelte van) een gebouw waar wonen is toegestaan bouwkundig en/of functioneel wordt gesplitst naar twee of meerdere zelfstandige woningen. Hierbij wordt onder woning verstaan een zelfstandig gedeelte van een gebouw, dat dient voor de huisvesting van één huishouden. Een huishouden is één of meer personen die op hetzelfde adres wonen en een economisch-consumptieve eenheid vormen, met de intentie om zelfstandig, bestendig, voor onbepaalde tijd, in gezinsverband of in een met een gezinsverband vergelijkbaar samenlevingsverband te wonen. Deze definitie sluit aan bij vaste jurisprudentie.
Bewoners van onzelfstandige wooneenheden voor kamerverhuur gezamenlijk en werknemers die kortdurend in Nederland verblijven (waarbij geen sprake is van continuïteit en onderlinge verbondenheid) vallen niet onder de definitie huishouden.
3.6.2.2 Beoordelingsregels In 44.2 staan de voorwaarden voor vergunningverlening bij splitsing. Deze voorwaarden gelden cumulatief. Naast dit vereiste, dient ook altijd getoetst te worden aan een norm van een 'goede ruimtelijke ordening' (artikel 2.12 aanhef Wabo). De omgevingsvergunning is behalve voor woningen ook vereist voor het splitsen van ruimten waar in het
Bestemmingsplan "Chw Omgevingsplan De Laar 2020" (vastgesteld)
35
bestemmingsplan een woonbestemming op ligt zonder daadwerkelijk een woning aanwezig is, bijvoorbeeld binnen een gemengde bestemming of onder de categorie centrumdoeleinden. Bijvoorbeeld een ruimte waar meerdere functies zijn toegestaan waaronder kantoren, winkel of woningen of een combinatie daarvan. In onderdeel 1 staat dat het college alleen een vergunning kan verlenen indien de gebruiksoppervlakte van de bestaande woning gelijk of groter is dan 110 m2. De gebruiksoppervlakte is de vloeroppervlakte binnen de bouwmuren bepaalt volgens NEN 2580 met dien verstande dat daarbij aangebouwde bergingen, garages en andere niet voor bewoning geschikte ruimtes niet worden meegeteld. (NEN 2580 is de Nederlandse norm voor het bepalen van de oppervlakte en inhoud van een gebouw. Ook het bouwbesluit en de woningwet refereert naar deze norm.). Uit onderdeel 2 volgt dat het college alleen een vergunning kan verlenen indien de woningen die als gevolg van splitsing ontstaan voldoen aan een bepaald minimum gebruiksoppervlakte. De algemene eis is dat de gebruiksoppervlakte van een zelfstandige woning die als gevolg van splitsing ontstaat niet kleiner mag zijn dan 50m2. De voorwaarde in onderdeel 3 stelt een berging met een oppervlakte van ten minste 5 m2 per woning verplicht. In onderdeel 3 wordt een buitenruimte verplicht gesteld voor de gesplitste woningen.
Het begrip buitenruimte is niet nader gedefinieerd in de begripsbepalingen om flexibiliteit te behouden bij de mogelijke invulling. Een gedeelde buitenruimte of een frans balkon kunnen ook bijvoorbeeld vallen onder een buitenruimte.
3.7
Handhaving
Bestemmingsplannen zijn bindend voor overheid en burger. Enerzijds kan de gemeentelijke overheid naleving van bestemmingsplannen afdwingen (optreden tegen strijdig gebruik en/of bebouwing). Anderzijds vormt het bestemmingsplan ook het juridisch kader voor de burger waar deze uit af kan leiden wat zijn eigen bouw- en gebruiksmogelijkheden zijn, maar ook wat de mogelijkheden en onmogelijkheden zijn van zijn buren en directe omgeving. Het bestemmingsplan geeft immers de gewenste planologische situatie voor het betreffende gebied binnen de planperiode aan. In de nota “beleidsuitgangspunten handhaving bestemmingsplannen” zijn de volgende uitgangspunten opgenomen: stringent beleid: als uitgangspunt geldt dat in principe elke overtreding wordt aangepakt; géén stilzwijgend gedogen; gewenste maar illegale ontwikkelingen zo mogelijk vooraf maar in ieder geval zo snel mogelijk legaliseren; gedogen van illegale gevallen alleen in uitzonderlijke gevallen, bij voorkeur alleen tijdelijk en met redenen omkleed. Deze beleidsuitgangspunten zijn geëvalueerd in de nota "Handhavingsplan Fysieke Leefomgeving 2011-2014". De destijds geformuleerde uitgangspunten pretenderen dat alle overtredingen worden opgespoord en aangepakt.
Deze ambitie blijkt met de beschikbare menskracht te ambitieus en daarom is in de nieuwe nota een prioriteitsstelling opgenomen waarin wordt aangegeven aan welke handhavingsonderwerpen op het gebied van bouwregelgeving en de gebouwde omgeving de komende periode met name aandacht wordt besteed. Dit houdt in dat het uitgangspunt dat in principe elke overtreding wordt aangepakt afhankelijk wordt van de prioriteitsstelling uit het Handhavingsplan. De prioriteitsstelling is ondermeer afhankelijk van het type overtreding en het type gebied (beschermd stadsgezicht, buitengebied, industrieterrein enz.) waar de overtreding wordt geconstateerd en zal op basis van politieke realiteit per looptijd van het Handhavingsplan worden geactualiseerd. De grondslag voor een goed werkend handhavingsbeleid wordt gevormd door een inventarisatie van het feitelijke gebruik en de bestaande bebouwing zo kort mogelijk voor respectievelijk het in ontwerp ter visie leggen van casu quo het in werking van een bestemmingsplan. Als vervolg op deze inventarisatie zullen de verleende omgevingsvergunning voor het bouwen en gevolgde afwijkingsprocedures worden geregistreerd. 36
Bestemmingsplan "Chw Omgevingsplan De Laar 2020" (vastgesteld)
Handhavend optreden tegen overtredingen van bestemmingsplannen kan niet alleen plaatsvinden via publiekrechtelijke, maar ook via de strafrechtelijke weg. In de regels is daartoe de zogenaamde strafbepaling opgenomen, waarin overtredingen van de regels worden aangemerkt als een strafbaar feit als bedoeld in artikel 1a, aanhef en lid 2 van de Wet op de Economische Delicten. De bijbehorende strafmaat is hechtenis van ten hoogste zes maanden of een geldboete van de vierde categorie (maximaal € 19.500). Bij ernstige overtredingen zal handhaving ook via de strafrechtelijke weg plaatsvinden. De opsporingsambtenaren van de gemeente of politie zullen in die gevallen proces-verbaal van de overtreding maken. Het (reguliere) bestuursrechtelijke traject zal gelijktijdig worden ingezet.
3.8
Exploitatie
Het omgevingsplan 'Chw Omgevingsplan De Laar 2020' is beheersmatig van aard. De uitvoering van het bestemmingsplan brengt geen kosten met zich mee. Een onderbouwing van de economische uitvoerbaarheid kan achterwege gelaten worden.
Bestemmingsplan "Chw Omgevingsplan De Laar 2020" (vastgesteld)
37
38
Bestemmingsplan "Chw Omgevingsplan De Laar 2020" (vastgesteld)
Hoofdstuk 4 4.1
Procedure
Vooroverleg
Artikel 3.1.1 Bro overleg In het kader van artikel 3.1.1 Bro is het concept-omgevingsplan opgestuurd naar Waterschap, en de aangrenzende gemeente. De gemeente Overbetuwe had geen opmerkingen. Het Waterschap had een aantal technische opmerkingen. Aan de hand hiervan is de verbeelding aangepast en water toegevoegd.
Daarnaast is het omgevingsplan ter informatie naar de bewonersoverleggroepen in de wijk gestuurd.
Publicatie voornemen ontwikkeling Dit is een beheeromgevingsplan dat geen ontwikkelingen mogelijk maakt. Daarom was het niet nodig om het voornemen te publiceren.
4.2
Terinzagelegging (ontwerp-omgevingsplan
Het ontwerpbestemmingsplan heeft zes weken ter inzage gelegen van 21 april tot en met 1 juni 2020.
Bestemmingsplan "Chw Omgevingsplan De Laar 2020" (vastgesteld)
39
40
Bestemmingsplan "Chw Omgevingsplan De Laar 2020" (vastgesteld)
Aanwezige gasdrukmeet- en regelsations Aanwezige gasdrukmeet- en regelstations in De Laar:
Deurnestraat 71 te Arnhem:
DS Kaststation (Inh. 0,5 tot 15m3) Veiligheidsafstand van 4 meter tot beperkt kwetsbare objecten en 6 meter tot kwetsbare objecten Nummer behuizing '6 000 082' Coördinaten: 187515.9, 440820.5
Afbeelding 1a: Locatie van het gasdrukmeet- en regelstation (rode punt).
Afbeelding 1b: Ligging van het gasdrukmeet- en regelstation (rode cirkel).
Randweg 49 te Arnhem:
DS Kaststation (Inh. 0,5 tot 15m3) Veiligheidsafstand van 4 meter tot beperkt kwetsbare objecten en 6 meter tot kwetsbare objecten Nummer behuizing'6 000 091' Coördinaten: 187692.3, 439673.0
Afbeelding 2a: Locatie van het gasdrukmeet- en regelstation (rode punt).
Bestemmingsplan "Chw Omgevingsplan De Laar 2020" (vastgesteld)
Afbeelding 2b: Ligging van het gasdrukmeet- en regelstation (rode cirkel).
41
Venlosingel 174 te Arnhem:
DS Kaststation (Inh. 0,5 tot 15m3) Veiligheidsafstand van 4 meter tot beperkt kwetsbare objecten en 6 meter tot kwetsbare objecten Nummer behuizing '6 000 090' Coördinaten: 188397.7, 439845.2
Afbeelding 3a: Locatie van het gasdrukmeet- en regelstation (rode punt).
42
Afbeelding 3b: Ligging van het gasdrukmeet- en regelstation (rode cirkel).
Bestemmingsplan "Chw Omgevingsplan De Laar 2020" (vastgesteld)
Regels van het bestemmingsplan Chw Omgevingsplan De Laar 2020 (plannummer: NL.IMRO.0202.947-0301)
Hoofdstuk 1 Artikel 1 1.1
Inleidende regels Begrippen
bestemmingsplan
De geometrisch bepaalde planobjecten met de bijbehorende regels en de daarbij behorende bijlagen. 1.2
plan
Het bestemmingsplan Chw Omgevingsplan De Laar 2020 met identificatienummer NL.IMRO.0202.947-0301 van de gemeente Arnhem. 1.3
aanduiding
Een geometrisch bepaald vlak of figuur, waarmee gronden zijn aangeduid, waar ingevolge de regels worden gesteld ten aanzien van het gebruik of het bebouwen van deze gronden. 1.4
aanduidingsgrens
De grens van een aanduiding indien het een vlak betreft. 1.5
aaneengebouwde woning
Een woning die onderdeel uitmaakt van een blok van minimaal drie woningen waarvan de hoofdmassa aan elkaar gebouwd / verbonden is. 1.6
bebouwing
Eén of meer gebouwen of bouwwerken geen gebouwen zijnde. 1.7
bebouwingspercentage
Een op de verbeelding of in de regels aangegeven percentage dat de grootte van een gedeelte van een bestemmingsvlak of gedeelte van een bouwvlak aangeeft dat ten hoogste mag worden bebouwd; 1.8
bed and breakfast
Overnachtingsaccomodatie gericht op het bieden van de mogelijkheid tot een kortdurend verblijf met het serveren van een ontbijt in een woning, gedreven door de bewoner van die woning. 1.9
bedrijf
Een onderneming of gedeelte van een onderneming, die een organisatorisch zelfstandige eenheid vormt en is gericht op de productie of de afzet van goederen of de verlening van diensten, hieronder begrepen ondernemingen of gedeelten van ondernemingen, die door of vanwege de overheid worden geleid. 1.10
beleidsregels Parkeren van de gemeente Arnhem
Onder de Beleidsregels Parkeren van de gemeente Arnhem wordt verstaan: de 'Beleidsregels voor toepassing van artikel 2.5.30 van de Bouwverordening gemeente Arnhem 2003', dan wel zoals deze regels komen te luiden na wijziging van deze regels. 1.11
beroep aan huis
Een (para)medisch, juridisch, administratief, therapeutisch, verzorgend, ontwerptechnisch, kunstzinnig of daarmee gelijk te stellen beroep of bedrijf dat in een woning wordt uitgeoefend.
Bestemmingsplan "Chw Omgevingsplan De Laar 2020" (vastgesteld)
43
1.12
bestaande bebouwing
Eén of meer gebouwen en/of bouwwerken, geen gebouwen zijnde en niet zijnde een tijdelijk toegestaan bouwwerk, die op het tijdstip van de inwerkingtreding van dit plan volgens het geldende recht aanwezig of in uitvoering zijn dan wel na dat tijdstip zijn of mogen worden opgericht krachtens een omgevingsvergunning, die vóór dat tijdstip is aangevraagd. 1.13
bestaande situatie
a. bij bouwwerken: legale bouwwerken die aanwezig of in uitvoering zijn op het tijdstip van de ter visie legging van het ontwerp van het bestemmingsplan en bouwwerken die mogen worden gebouwd krachtens een vergunning; b. bij gebruik: legaal gebruik van grond en opstallen zoals aanwezig tijdens de inwerkingtreding van het bestemmingsplan dat na de inwerkingtreding van het plan niet langer onderbroken is dan een jaar. 1.14
bestemmingsgrens
De grens van een bestemmingsvlak. 1.15
bestemmingsvlak
Een geometrisch bepaald vlak met eenzelfde bestemming. 1.16
bijbehorend bouwwerk
Uitbreiding van een hoofdgebouw dan wel functioneel met een zich op hetzelfde perceel bevindend hoofdgebouw verbonden, daar al dan niet tegen aan gebouwd en met de aarde verbonden bouwwerk met een dak. 1.17
bijgebouw
Een zelfstandig bouwwerk dat niet in directe verbinding staat met het hoofdgebouw. Het bijgebouw wordt via een aparte toegangsdeur worden bereikt. Het kan wel tegen de woning aangebouwd worden. Voorbeeld van een bijgebouw zijn een garage en een schuur 1.18
bijzondere woonvorm
Een woonvorm waar bewoners nagenoeg zelfstandig wonen met (voorzieningen voor) verzorging en begeleiding (ook 24-uurs begeleiding) en daar niet verblijven met het doel om therapeutisch behandeld te worden. 1.19
bouwen
Het plaatsen, het geheel of gedeeltelijk oprichten, vernieuwen of veranderen en het vergroten van een bouwwerk. 1.20
bouwgrens
De grens van een bouwvlak. 1.21
bouwlaag
Een geheel van voor personen toegankelijke ruimten, waarbinnen de vloerhoogte niet meer dan 1,20 meter varieert, met uitsluiting van onderbouw en zolder of vliering casu quo kapruimte. 1.22
bouwperceel
Een aaneengesloten stuk grond, waarop ingevolge de regels een zelfstandige, bij elkaar behorende bebouwing is toegelaten. 1.23
bouwperceelgrens
Een grens van een bouwperceelgrens.
44
Bestemmingsplan "Chw Omgevingsplan De Laar 2020" (vastgesteld)
1.24
bouwvlak
Een geometrisch bepaald vlak, waarmee gronden zijn aangeduid, waar ingevolge de regels bepaalde gebouwen en bouwwerken geen gebouwen zijnde zijn toegelaten. 1.25
bouwwerk
Een bouwkundige constructie van enige omvang die direct en duurzaam met de aarde is verbonden. 1.26
brutovloeroppervlak:
De oppervlakte van een ruimte of een groep van ruimten, gemeten op vloerniveau langs de buitenomtrek van de opgaande scheidingswanden, die de desbetreffende ruimte of groep van ruimtes omhullen, waarbij de oppervlakte van delen van vloeren, waarboven de netto hoogte kleiner is dan 1,5 meter niet worden meegerekend. 1.27
detailhandel
Het bedrijfsmatig te koop aanbieden, waaronder begrepen het uitstallen ten verkoop, het verkopen of leveren van goederen aan diegenen die deze goederen kopen voor gebruik, verbruik of aanwending anders dan in de uitoefening van een beroeps- of bedrijfsactiviteit; dienstverlening door een horecabedrijf en internetverkoop wordt hieronder niet begrepen. 1.28
dienstverlenend bedrijf
Een bedrijf met een uitsluitend of in hoofdzaak dienstverlenende of verzorgende taak, al dan niet met een baliefunctie, zoals een uitzendbureau, kapsalon, kopieerservicebedrijf, een autorijschool en dergelijke. Detailhandel en garagebedrijven worden hieronder niet begrepen. 1.29
dienstwoning
Een woning in of bij een gebouw of op een terrein, bedoeld voor (het huishouden van) een persoon, wiens huisvesting daar gelet op de bestemming van het gebouw of terrein noodzakelijk is. 1.30
dunning
Velling welke uitsluitend is bedoeld als een verzorgingsmaatregel ter bevordering van de groei van de overblijvende bo(o)m(en), bos of houtopstand. 1.31
gebouw
Elk bouwwerk, dat een voor mensen toegankelijke, overdekte, geheel of gedeeltelijk met wanden omsloten ruimte vormt. 1.32
gebruiksoppervlakte
De vloeroppervlakte binnen de bouwmuren bepaald volgens NEN 2580 met dien verstande dat daarbij aangebouwde bergingen, garages en andere niet voor bewoning geschikte ruimtes niet worden meegeteld 1.33
gezondheids- en welzijnszorg
Geneeskundige verzorging en verpleging zoals ziekenhuizen; medische, tandheelkundige en paramedische praktijken; apotheken; verpleeg- en verzorgingshuizen; dag- en nachtvoorzieningen voor gehandicapten, psychiatrische patiënten, jongeren en maatschappelijke opvang met (therapeutische) behandeling inclusief overnachting; maatschappelijke dienstverlening zonder overnachting: dienstverlening gericht op ouderen en gehandicapten, kinderopvang en buitenschoolse opvang, jeugdzorg, maatschappelijk werk en dergelijke.
Bestemmingsplan "Chw Omgevingsplan De Laar 2020" (vastgesteld)
45
1.34
grondgebonden woning
Een gebouw, dat een vrijstaande woning of meerdere aaneengebouwde, uitsluitend naast elkaar en niet boven elkaar gelegen, woningen omvat 1.35
grootschalige detailhandel
Detailhandel die vanwege de omvang van de gevoerde artikelen een groot oppervlak nodig heeft voor de uitstraling, zoals de verkoop van tuininrichtingsartikelen, meubelen, keukens, sanitair, (elektrische) fietsen, bromfietsen en scooters. 1.36
grootschalige detailhandel
detailhandel die vanwege de omvang van de gevoerde artikelen een groot oppervlak nodig heeft voor de uitstraling, zoals de verkoop van tuininrichtingsartikelen, meubelen, keukens, sanitair, (elektrische) fietsen, bromfietsen en scooters. 1.37
hoofdgebouw
Eén of meer panden, of een gedeelte daarvan, dat noodzakelijk is voor de verwezenlijking van de geldende of toekomstige bestemming van een perceel en, indien meer panden of bouwwerken op het perceel aanwezig zijn, gelet op die bestemming het belangrijkst is. 1.38
horeca - 1
Een horecabedrijf gericht op het verstrekken van etenswaren, niet zijnde maaltijden, en het schenken van (zwak-alcoholische) dranken, met openingstijden overwegend tijdens de dagperiode, zoals lunchrooms, broodjeszaken, koffiezaken, juicebars, ijssalons. 1.39
horeca - 2
Een horecabedrijf gericht op het overwegend via counterverkoop verstrekken van etenswaren, zoals fastfood, niet zijnde maaltijden, en (zwak-alcoholische) dranken met openingstijden tijden dag- en avondperiode, zoals cafetaria's, snackbars, grill-rooms, shoarmaroom, pizzeria, fastfood restaurants en afhaalcentra. 1.40
horeca - 3
Een horecabedrijf gericht op het serveren van maaltijden en dranken in een restaurant-setting met openingstijden tijdens de namiddag en vroege avond, zoals restaurants, bistro, fastcasual concepten, grand-cafés en café-restaurants. 1.41
horeca - 4
Een horecabedrijf gericht op het verstrekken van (niet)-alcoholische drank als hoofdfunctie met daaraan ondersteunend het verstrekken van etenswaren met openingstijden zowel tijdens de dag- als avond- en nachtperiode, zoals cafés, cocktail-bars, wijnbars en shisha-lounges. 1.42
horeca - 5
Een horecabedrijf gericht op het verstrekken van dranken en eventueel etenswaren in combinatie met (live) entertainment of harde/elektronisch versterkte muziek, met openingstijden tijdens de avond- en nachtperiode, zoals discotheken, (nacht)clubs en andere uitgaansconcepten. 1.43
horeca - 6
Een horecabedrijf gericht op het bieden van nachtverblijf met openingstijden in de regel dagrond, al dan niet met een nachtportier of een onbemande receptie, zoals hotels, B&B met meer dan 4 slaapplaatsen, hostels en pensions. 1.44
horecabedrijf
Een bedrijf of instelling gericht op het verstrekken van logies, van maaltijden en spijzen of van dranken, alsmede het exploiteren van zaalaccommodatie; detailhandel wordt hier niet onder begrepen.
46
Bestemmingsplan "Chw Omgevingsplan De Laar 2020" (vastgesteld)
1.45
hospes/hospita
De 100% economisch en juridisch eigenaar die zélf daadwerkelijk in het gebouw woont en minimaal 50% van de gebruiksoppervlakte van het gebouw gebruikt voor zijn eigen huishouden en maximaal 2 onzelfstandige wooneenheden verhuurt. Kenmerkend voor de hospes/hospita is dat de huurder van een wooneenheid de toiletruimte, badruimte en de keuken deelt met de eigenaar van de woning. De onzelfstandige wooneenheden mogen niet beschikken over eigen voorzieningen, als badgelegenheid, keuken en/of toilet. 1.46
huishouden
Eén of meer personen die op hetzelfde adres wonen en een economisch-consumptieve eenheid vormen, met de intentie om zelfstandig, bestendig, voor onbepaalde tijd, in gezinsverband of in een met een gezinsverband vergelijkbaar samenlevingsverband te wonen. 1.47
internetverkoop
detailhandel zonder showroom, waarvan de handel voornamelijk via internet en andere media verloopt. 1.48
kamergewijze bewoning
Een gebouw waarin zich 3 onzelfstandige wooneenheden bevinden of meer. 1.49
kantoor
Een ruimte, of bij elkaar horende ruimten, die bestemd zijn om voornamelijk te worden gebruikt voor administratieve werkzaamheden of dienstverlening. 1.50
kleinschalige bedrijvigheid
bedrijf, dat qua aard en invloed op de omgeving past binnen een gemengd gebied met wonen, ook indien gevoelige objecten zijn gelegen: a direct naast het bedrijf; b in hetzelfde gebouw of een aanpandig gelegen gebouw, indien in dat gebouw gevoelige objecten zijn toegelaten. 1.51
normaal onderhoud, gebruik en beheer
Gebruik gericht op het in zodanige conditie houden van objecten of de terreingesteldheid dat het voortbestaan van deze objecten of de terreingesteldheid op ten minste het bestaande kwaliteitsniveau wordt gehouden. Onder normaal onderhoud, gebruik en beheer wordt ook dunning van beplanting begrepen. 1.52
nutsbedrijven
Bedrijven die uitsluitend of in hoofdzaak zijn gericht op: a. de levering van elektriciteit, gas, water en warmte; b. de verzorging van telecommunicatie; c. de afvoer en verwerking van afvalstoffen. 1.53 onderbouw Een gedeelte van een gebouw, dat wordt afgedekt door een vloer, waarvan de bovenkant minder dan 1,20 meter boven peil is gelegen.
Bestemmingsplan "Chw Omgevingsplan De Laar 2020" (vastgesteld)
47
1.54
ondergeschikte horeca
Een horecavoorziening welke dient ter ondersteuning van de hoofdactiviteit en daar onderdeel van uitmaakt, waarbij de horecavoorziening qua oppervlakte, aard en ruimtelijke uitstraling ondergeschikt is aan de hoofdactiviteit, de horecavoorziening uitsluitend te bereiken is via de entree van de hoofdactiviteit en de openingstijden van de horecavoorziening niet afwijken van de openingstijden van de hoofdactiviteit, zoals een kantine of restaurant/café ; 1.55
onderwijs
Georganiseerde communicatie van niet-incidentele aard met als doel overdracht van kennis, vermeerdering van inzicht en/of aanleren van vaardigheden zoals primair en speciaal onderwijs, voortgezet onderwijs, middelbaar (beroeps)onderwijs en educatie, tertiair onderwijs en overig onderwijs en bij onderwijs behorende sportvoorzieningen. 1.56
onzelfstandige wooneenheden
Een onzelfstandig gedeelte van een gebouw bedoelt voor de huisvesting van één huishouden. Kenmerkend voor de wooneenheid is het gezamenlijk gebruik (met andere wooneenheden) van een toiletruimte, badruimte en/of een keuken. Een wooneenheid kan uit meerdere ruimten bestaan. 1.57
openbare dienstverlening
Openbaar bestuur en overheidsdiensten zoals een politiebureau, gemeentehuis, gerechtsgebouw, brandweerkazerne, bibliotheek en penitentiaire inrichting; uitvaartverzorging, crematoria en begraafplaatsen. 1.58 overig bouwwerk Een bouwkundige constructie van enige omvang, geen pand zijnde, die direct en duurzaam met de aarde is verbonden. 1.59
pand
De kleinste bij de totstandkoming functioneel en bouwkundig- constructief zelfstandige eenheid die direct en duurzaam met de aarde is verbonden en betreedbaar en afsluitbaar is. 1.60
peil
1. voor een gebouw , waarvan de hoofdtoegang onmiddellijk aan een weg of pad grenst: de hoogte van die weg of dat pad ter plaatse van de hoofdtoegang; 2. voor een gebouw, waarvan de hoofdtoegang niet direct aan de weg grenst: de hoogte van het afgewerkte terrein ter plaatse van de hoofdtoegang bij voltooiing van de bouw; 3. voor een ander bouwwerk: de hoogte van het afgewerkte terrein ter plaatse bij voltooiing van de bouw; 4. voor zover als zodanig aangegeven in de bestemmingsregels: Normaal Amsterdams Peil (N.A.P.) 1.61 productiegebonden detailhandel detailhandel in goederen die ter plaatse worden vervaardigd, gerepareerd of toegepast in het productieproces, waarbij de detailhandelsfunctie ondergeschikt is aan de productiefunctie. 1.62
prostitutie
Het zich beschikbaar stellen tot het verrichten van seksuele handelingen met een ander tegen vergoeding. 1.63
prostitué(e)
Degene, die zich beschikbaar stelt tot het verrichten van seksuele handelingen met een ander tegen vergoeding.
48
Bestemmingsplan "Chw Omgevingsplan De Laar 2020" (vastgesteld)
1.64
publiekgericht kantoor
Een kantoor ten behoeve van technische, administratieve of persoonlijke dienstverlening, (hieronder niet begrepen detailhandel of horeca-activiteiten), met een publiekaantrekkend karakter, dan wel met een baliefunctie. 1.65
raamprostitutie
Een vorm van prostitutie waarbij de werving van klanten geschiedt door een prostitué(e) die door houding, gebaren, kleding of anderszins, vanuit een vitrine de aandacht op zich vestigt en waarbij de seksuele handelingen in een voor het publiek besloten ruimte plaatsvinden. 1.66
seksinrichting
Een voor publiek toegankelijke, besloten ruimte (hieronder wordt mede begrepen een voer- of vaartuig) waarin bedrijfsmatig, of in omvang alsof zij bedrijfsmatig was, seksuele handelingen worden verricht, of vertoningen van pornografische aard plaatsvinden. Onder seksinrichtingen wordt in elk geval verstaan een (raam)prostitutiebedrijf, een seksclub, een privé-huis, een erotische massagesalon, een seksbioscoop, een seksautomatenhal, een sekstheater of parenclub, al dan niet in combinatie met elkaar. 1.67
stadswinkel
Een gebouw of een ruimte in een gebouw, dat door zijn inrichting kennelijk bedoeld is voor detailhandel in (hoofdzakelijk) een grote verscheidenheid aan levensmiddelen door middel van zelfbediening, met een bedrijfsvloeroppervlak van maximaal 500m2. 1.68
standplaats
Een kavel, waarop nutsvoorzieningen aanwezig zijn, bestemd voor het plaatsen van een woonwagen. 1.69
straatmeubilair
Onverminderd het bepaalde in bijlage II van het Besluit omgevingsrecht wordt onder straatmeubilair voor de werking van dit bestemmingsplan mede verstaan: papier-, glas- en andere inzamelbakken, toegangsconstructies voor ondergrondse voorzieningen; kunstwerken, speeltoestellen en draagconstructies voor reclame, alsmede abri's en kleinschalige bouwwerken ten behoeve van (openbare) nutsvoorzieningen. 1.70
thuisprostitutie
Vorm van prostitutie waarbij de seksuele dienstverlening plaatsvindt op het woonadres van de prostitué(e) en waarbij ook alleen door deze prostitué(e) op dit adres gewerkt wordt als prostitué(e). 1.71
vegetatiedak
Een dakbedekking waarop een laag is aangebracht die hoofdzakelijk bestaat uit aarde, levende planten, zoals sedum, mos of vergelijkbare vegetatie. 1.72
verkameren
Het gebruiken van een (gedeelte van een) gebouw waar wonen is toegestaan als kamergewijze bewoning. Hieronder wordt tevens verstaan het toevoegen van onzelfstandige wooneenheden aan bestaande gevallen van kamergewijze bewoning. 1.73
vestigingsbeleid
Het beleid neergelegd in de nota 'van Rood naar Groen' (vastgesteld 26 juni 2000). 1.74
werken, werkzaamheden van geringe omvang
Werken of werkzaamheden die geen wezenlijke verandering van de terreingesteldheid of van een inrichting tot gevolg hebben.
Bestemmingsplan "Chw Omgevingsplan De Laar 2020" (vastgesteld)
49
1.75
wijk
Wijk, zoals gehanteerd wordt in de indeling van het Centraal Bureau voor de Statistiek. 1.76
winkel
Een ruimte of bij elkaar behorende ruimten, die bestemd zijn voor de uitoefening van detailhandel, met inbegrip van bijbehorende magazijnruimte of werkruimte. 1.77
wonen
Voor de werking van dit bestemmingsplan wordt onder wonen mede geval begrepen bijzondere woonvormen en bed and breakfast met ten hoogste vier slaapplaatsen; 1.78
woning
Een complex van ruimten, bedoeld voor de huisvesting van één huishouding, een bijzondere woonvorm of een kamerverhuurbedrijf. 1.79
woningsplitsing
Het bouwkundig en/ of functioneel splitsen van één woning of (een gedeelte van een) gebouw waar wonen is toegestaan tot twee of meer zelfstandige woningen. 1.80
woonwagen
Voor bewoning bestemd gebouw dat is geplaatst op een standplaats en in zijn geheel of in delen kan worden verplaatst. 1.81
zelfstandige woning
Een zelfstandig (gedeelte van een) gebouw, dat dient voor de huisvesting van één huishouden. Kenmerkend voor de woning is de aanwezigheid van eigen voorzieningen, waaronder minimaal een toiletruimte, badruimte en een keuken met kooktoestel.
Artikel 2
Wijze van meten
Bij toepassing van deze regels wordt als volgt gemeten 2.1
de dakhelling
Langs het dakvlak ten opzichte van het horizontale vlak. 2.2
de goothoogte van een bouwwerk
Vanaf het peil tot aan de bovenkant van de bovenste goot, c.q. de druiplijn, het boeibord, of een daarmee gelijk te stellen constructiedeel. 2.3
de inhoud van een bouwwerk
Tussen de onderzijde van de begane grondvloer, de buitenzijde van de gevels (of het hart van de scheidsmuren) en de buitenzijde van daken en dakkapellen. 2.4
de bouwhoogte van een bouwwerk
Vanaf het peil tot aan het hoogste punt van een gebouw of van een overig bouwwerk met uitzondering van ondergeschikte bouwonderdelen, zoals schoorstenen, antennes, liftopbouwen en naar de aard daarmee gelijk te stellen bouwonderdelen. 2.5
de oppervlakte van een bouwwerk
Tussen de buitenwerkse gevelvlakken en/of het hart van de scheidingsmuren, neerwaarts geprojecteerd op het gemiddelde niveau van het afgewerkte bouwterrein ter plaatse van het bouwwerk.
50
Bestemmingsplan "Chw Omgevingsplan De Laar 2020" (vastgesteld)
2.6
de hoogte van een windturbine
Vanaf het peil tot aan de (wieken)as van de windturbine.
Bestemmingsplan "Chw Omgevingsplan De Laar 2020" (vastgesteld)
51
52
Bestemmingsplan "Chw Omgevingsplan De Laar 2020" (vastgesteld)
Hoofdstuk 2 Artikel 3 3.1
Functies Centrumgebied
Toegelaten activiteiten
Ter plaatse van de functie 'Centrumgebied' zijn uitsluitend de op de verbeelding aangeduide en in hoofdstuk 4 nader omschreven activiteiten toegestaan, met inachtneming van de in hoofdstuk 3 genoemde waarden en de in de hoofdstukken 5 en 6 voor de afzonderlijke activiteiten gegeven regels.
Artikel 4 4.1
Gemengd gebied
Toegelaten activiteiten
Ter plaatse van de functie 'Gemengd gebied' zijn uitsluitend de op de verbeelding aangeduide en in hoofdstuk 4 nader omschreven activiteiten toegestaan, met inachtneming van de in hoofdstuk 3 genoemde waarden en de in de hoofdstukken 5 en 6 voor de afzonderlijke activiteiten gegeven regels.
Artikel 5 5.1
Groengebied
Toegelaten activiteiten
Ter plaatse van de functie 'Groengebied' zijn uitsluitend de op de verbeelding aangeduide en in hoofdstuk 4 nader omschreven activiteiten toegestaan, met inachtneming van de in hoofdstuk 3 genoemde waarden en de in de hoofdstukken 5 en 6 voor de afzonderlijke activiteiten gegeven regels.
Artikel 6 6.1
Maatschappelijk
Toegelaten activiteiten
Ter plaatse van de functie 'Maatschappelijk' zijn uitsluitend de op de verbeelding aangeduide en in hoofdstuk 4 nader omschreven activiteiten toegestaan, met inachtneming van de in hoofdstuk 3 genoemde waarden en de in de hoofdstukken 5 en 6 voor de afzonderlijke activiteiten gegeven regels.
Artikel 7 7.1
Openbaar gebied
Toegelaten activiteiten
Ter plaatse van de functie 'Openbaar gebied' zijn uitsluitend de op de verbeelding aangeduide en in hoofdstuk 4 nader omschreven activiteiten toegestaan, met inachtneming van de in hoofdstuk 3 genoemde waarden en de in de hoofdstukken 5 en 6 voor de afzonderlijke activiteiten gegeven regels.
Artikel 8 8.1
Oppervlaktewater
Toegelaten activiteiten
Ter plaatse van de functie 'Oppervlaktewater' zijn uitsluitend de op de verbeelding aangeduide en in hoofdstuk 4 nader omschreven activiteiten toegestaan, met inachtneming van de in hoofdstuk 3 genoemde waarden en de in de hoofdstukken 5 en 6 voor de afzonderlijke activiteiten gegeven regels.
Bestemmingsplan "Chw Omgevingsplan De Laar 2020" (vastgesteld)
53
Artikel 9 9.1
Parkgebied
Toegelaten activiteiten
Ter plaatse van de functie 'Parkgebied' zijn uitsluitend de op de verbeelding aangeduide en in hoofdstuk 4 nader omschreven activiteiten toegestaan, met inachtneming van de in hoofdstuk 3 genoemde waarden en de in de hoofdstukken 5 en 6 voor de afzonderlijke activiteiten gegeven regels.
Artikel 10 10.1
Stroomgebied
Toegelaten activiteiten
Ter plaatse van de functie 'Stroomgebied' zijn uitsluitend de op de verbeelding aangeduide en in hoofdstuk 4 nader omschreven activiteiten toegestaan, met inachtneming van de in hoofdstuk 3 genoemde waarden en de in de hoofdstukken 5 en 6 voor de afzonderlijke activiteiten gegeven regels.
Artikel 11 11.1
Woongebied
Toegelaten activiteiten
Ter plaatse van de functie 'Woongebied' zijn uitsluitend de op de verbeelding aangeduide en in hoofdstuk 4 nader omschreven activiteiten toegestaan, met inachtneming van de in hoofdstuk 3 genoemde waarden en de in de hoofdstukken 5 en 6 voor de afzonderlijke activiteiten gegeven regels.
54
Bestemmingsplan "Chw Omgevingsplan De Laar 2020" (vastgesteld)
Hoofdstuk 3 Artikel 12 12.1
Waarden Waarde - Archeologie - Verwachting
Doelstelling
Deze waarde is gericht op het bescherming en veiligstelling van archeologische waarden in een gebied met een kans op aanwezige archeologische waarden.
Artikel 13 13.1
Waarde - Archeologie - Waardevol gebied
Doelstelling
Deze waarde is gericht op het bescherming en veiligstelling van archeologische waarden in een archeologisch waardevol gebied met bekende archeologische vindplaatsen.
Artikel 14 14.1
Waarde - Gasleiding
Doelstelling
De voor 'Waarde - Gasleiding' aangewezen gronden zijn, behalve voor de daar voorkomende functie(s), primair bestemd voor een ondergrondse leiding voor het transport van gas. 14.2
Voorrangsbepaling
Indien strijd ontstaat tussen het belang van de bescherming van de leidingen als bedoeld in dit artikel en het bepaalde in de overige artikelen prevaleert de 'Waarde - Gasleiding'.
Artikel 15 15.1
Waarde - Landschap
Doelstelling
Deze waarde is gericht op het behoud, het herstel en de versterking van de op deze gronden voorkomende dan wel daaraan eigen landschappelijke-, ecologische-, cultuurhistorische- en natuurwaarden.
Bestemmingsplan "Chw Omgevingsplan De Laar 2020" (vastgesteld)
55
56
Bestemmingsplan "Chw Omgevingsplan De Laar 2020" (vastgesteld)
Hoofdstuk 4 Artikel 16 16.1
Activiteiten Activiteit detailhandel - exclusief supermarkten
Toegelaten activiteiten
a. Ter plaatse van de gebiedsaanuiding 'overige zone - activiteit detailhandel - exclusief supermarkten' is detailhandel op de begande grond toegestaan; b. Op deze gronden zijn supermarkten niet toegestaan.
Artikel 17 17.1
Activiteit detailhandel - grootschalig
Toegelaten activiteiten
Ter plaatse van de gebiedsaanduiding 'overige zone - activiteit detailhandel grootschalig' is toegestaan: a. grootschalige detailhandel, met uitzondering van detailhandel in de food-sector; b. ondergeschikte horeca ten behoeve van grootschalige detailhandel.
Artikel 18 18.1
Activiteit detailhandel - inclusief supermarkten
Toegelaten activiteiten
Ter plaatse van de gebiedsaansuiding 'overige zone - activiteit detailhandel- inclusief supermarkten' is detailhandel op de begande grond toegestaan met inbegrip van supermarkten.
Artikel 19 19.1
Activiteit dienstverlening
Toegelaten activiteiten
Ter plaatse van de aanduiding 'overige zone-activiteit dienstverlening' is een dienstverlenend bedrijf toegestaan.
Artikel 20 20.1
Activiteit garagebox
Toegelaten activiteiten
Ter plaatse van de gebiedsaanduiding 'overige zone - activiteit garagebox' zijn voorzieningen ten behoeve van autostalling of de opslag van goederen ten behoeve van het wonen toegestaan.
Artikel 21 21.1
Activiteit gasleiding
Toegelaten activiteiten
Ter plaatse van de aanduiding 'overige zone-gasleiding' is het transport van gas toegestaan door een ondergrondse leiding met de daarbij behorende belemmeringenstrook.
Bestemmingsplan "Chw Omgevingsplan De Laar 2020" (vastgesteld)
57
Artikel 22
Activiteit gezondheids- en welzijnszorg
Ter plaatse van de aanduiding 'overige zone - activiteit gezondheids- en welzijnszorg' zijn toegestaan: a. gezondheids- en welzijnszorg en daarmee te vergelijken activiteiten; b. en kleinschalige ondergeschikte horeca en detailhandeluitsluitend ten dienste van bovengenoemde activiteiten.
Artikel 23 23.1
Activiteit groen
Toegelaten activiteiten
Ter plaatse van de gebiedsaanduiding 'overige zone - activiteit groen' zijn activiteiten toegestaan met betrekking tot: a. b.
aanleg, beheer en gebruik van aanwezige groenvoorzieningen; aanleg, beheer, onderhoud en gebruik van watergangen, waterpartijen, waterinfiltratievoorzieningen en andere voorzieningen voor de waterhuishouding c. de aanleg, beheer, onderhoud en gebruik van fiets- en wandelpaden.
Artikel 24 24.1
Activiteit horeca van categorie 1
Toegelaten activiteiten
Ter plaatse van de gebiedsaanduiding 'overige zone - activiteit horeca van categorie 1' zijn op de begane grond horecabedrijven in de categorie horeca - 1 toegestaan.
Artikel 25 25.1
Activiteit horeca van categorie 2
Toegelaten activiteiten
Ter plaatse van de gebiedsaanduiding 'overige zone - activiteit horeca van categorie 2' zijn op de begane grond horecabedrijven van categorie horeca - 2 toegestaan.
Artikel 26 26.1
Activiteit horeca van categorie 3
Toegelaten activiteiten
Ter plaatse van de gebiedsaanduiding 'overige zone - activiteit horeca van categorie 3' zijn op de begane grond horecabedrijven van categorie horeca - 3 toegestaan.
Artikel 27 27.1
Activiteit kantoor
Toegelaten activiteiten
Ter plaatse van de gebiedsaanduiding 'overige zone - ativiteit kantoor' is een kantoor toegestaan.
58
Bestemmingsplan "Chw Omgevingsplan De Laar 2020" (vastgesteld)
Artikel 28 28.1
Activiteit kattenpension
Toegelaten activiteiten
Ter plaatse van de gebiedsaanduiding 'overige zone - activiteit kattenpension' is toegestaan een kattenpension.
Artikel 29 29.1
Activiteit levensbeschouwing
Toegelaten activiteiten
Ter plaatse van de aanduiding 'overige zone-Activiteit levensbeschouwing' zijn toegestaan: a. instellingen en organisaties op levensbeschouwelijk en religieus gebied en daarmee te vergelijken activiteiten toegestaan. b. en kleinschalige ondergeschikte horeca en detailhandel, uitsluitend ten dienste van bovengenoemde activiteiten.
Artikel 30 30.1
Activiteit lichte gezondheidszorg
Toegelaten activiteiten
Ter plaatse van de aanduiding 'overige zone-lichte gezondheidszorg' zijn toegestaan: a.
voorzieningen voor niet-institutionele gezondheidszorg, zoals huisartspraktijken, apothekers en paramedische praktijken, zoals fysiotherapie en ergotherapie en daarmee te vergelijken activiteiten toegestaan. b. en kleinschalige ondergeschikte horeca en detailhandel, uitsluitend ten dienste van bovengenoemde activiteiten.
Artikel 31 31.1
Activiteit maatschappelijke organisaties
Toegelaten activiteiten
Ter plaatse van de aanduiding 'overige zone - activiteit maatschappelijke organisaties' zijn toegestaan: a. politieke-, belangen- en ideële organisaties/ verenigingen en hobbyclubs en de daarmee te vergelijken activiteiten toegestaan; b. en kleinschalige ondergeschikte horeca en detailhandel, uitsluitend ten dienste van bovengenoemde activiteiten.
Artikel 32 32.1
Activiteit nutsvoorziening
Toegelaten activiteiten
Ter plaatse van de gebiedsaanduiding 'overige zone - activiteit nutsvoorziening' zijn nutsbedrijven of soortelijke instellingen toegestaan.
Bestemmingsplan "Chw Omgevingsplan De Laar 2020" (vastgesteld)
59
Artikel 33 33.1
Activiteit onderwijs en educatie
Toegelaten activiteiten
Ter plaatse van de aanduiding 'overige zone - activiteit onderwijs en educatie' zijn toegestaan: a. onderwijs- en educatieve voorzieningen, daarmee te vergelijken activiteiten en de daarbij behorende sportvoorzieningen toegestaan; b. en kleinschalige ondergeschikte horeca en detailhandel, uitsluitend ten dienste van bovengenoemde activiteiten.
Artikel 34 34.1
Activiteit openbare dienstverlening
Toegelaten activiteiten
Ter plaatse van de gebiedsaanduiding 'overige zone - activiteit openbare dienstverlening' is toegestaan: a. openbare dienstverlening en daarmee te vergelijken activiteiten; b. en kleinschalige ondergeschikte horeca en detailhandel, uitsluitend ten dienste van bovengenoemde activiteiten.
Artikel 35 35.1
Activiteit opslag en stalling
Toegelaten activiteiten
Ter plaatse van de gebiedsaanduiding 'overige zone - activiteit opslag en stalling' is opslag en stalling toegestaan.
Artikel 36 36.1
Activiteit park
Toegelaten activiteiten
Ter plaatse van de gebiedsaanduiding 'overige zone-Activiteit park' zijn de volgende activiteiten toegestaan: a. activiteiten met betrekking tot aanleg, beheer en gebruik van aanwezige groenvoorzieningen; b. activiteiten met betrekking tot de aanleg, beheer, onderhoud en gebruik van watergangen, waterpartijen, waterinfiltratievoorzieningen en andere voorzieningen voor de waterhuishouding; c. activiteiten met betrekking tot de aanleg, beheer, onderhoud en gebruik van fiets- en wandelpaden, straatmeubilair en speelvoorzieningen. 36.2
Verboden activiteiten
a. Onder gebruik in strijd met het omgevingsplan, wordt in ieder geval begrepen gebruik van gronden: 1. als standplaats voor onderkomens en stacaravans of voor enige andere vorm van kamperen; 2. voor het aanbrengen van afbeeldingen of tekens voor commerciële doeleinden; 3. voor het opstellen, opslaan, lozen c.q. storten, al dan niet ten verkoop, van onbruikbare dan wel aan hun oorspronkelijk gebruik onttrokken voorwerpen, materialen, stoffen, producten, voer- of vaartuigen of machines. b. De in dit lid onder a. genoemde gebruiksvormen zijn niet verboden, indien en voorzover deze onlosmakelijk verbonden zijn met werken en werkzaamheden, waarvoor een omgevingsvergunning is verleend.
60
Bestemmingsplan "Chw Omgevingsplan De Laar 2020" (vastgesteld)
Artikel 37 37.1
Activiteit reclame
Toegelaten activiteiten
Ter plaatse van de gebiedsaanduiding 'overige zone-activiteit reclame' zijn reclamedoeleinden toegestaan.
Artikel 38 38.1
Activiteit verblijfsgebied
Toegelaten activiteiten
Ter plaatse van de aanduiding 'overige zone - activiteit verblijfsgebied' zijn activiteiten met betrekking tot aanleg, bouw, gebruik en instandhouding van de volgende voorzieningen toegelaten: a. b. c. d. e.
gericht op bestemmingsverkeer en verblijfsfuncties; verzieningen voor het openbaar vervoer, zoals busstations; terrassen; nutsvoorzieningen; onderdoorgangen, alsmede toegangen tot ondergrondse voorzieningen ten behoeve van direct aangrenzende bestemmingen;
Artikel 39 39.1
Activiteit water
Toegelaten activiteiten
Ter plaatse van de aanduiding 'overige zone-activiteit water' zijn toegestaan: a. watergangen met een waterhuishoudkundige of waterstaatkundige functie; b. waterpartijen.
Artikel 40 40.1
Activiteit wegverkeer
Toegelaten actviteiten
Ter plaatse van de aanduiding 'overige zone-activiteit wegverkeer' zijn activiteiten met betrekking tot aanleg, bouw, gebruik en instandhouding van de volgende voorzieningen toegelaten: a. gericht op de afwikkeling van het doorgaande verkeer; b. voorzieningen voor het openbaar vervoer, zoals busstations; c. geluidwerende voorzieningen.
Artikel 41 41.1
Activiteit wonen
Toegelaten activiteiten
Op de voor 'overige zone - Activiteit wonen' aangewezen locaties zijn de volgende activiteiten toegelaten: a. het wonen, hieronder niet begrepen bewoning van woonwagens of woonschepen; b. beroep aan huis. 41.2
Specifieke gebruiksregels
Beroep aan huis, waaronder mede begrepen bed and breakfast, is uitsluitend toegelaten tot maximaal 33% van het vloeroppervlakte van de woning, mits:
Bestemmingsplan "Chw Omgevingsplan De Laar 2020" (vastgesteld)
61
1. door de bewoner wordt uitgeoefend en; 2. dit geen onevenredige aantasting van het woon- en leefklimaat ter plaatse of een onevenredige parkeerdruk tot gevolg heeft en; 3. het geen detailhandel, internetverkoophiervan uitgezonderd, prostitutie of horeca betreft. 41.3
Verboden activiteiten
Onder gebruik van de locaties en opstallen in strijd met het wonen wordt in elk geval begrepen: a. gebruik als beroeps- of bedrijfsmatige werk- of opslagruimte, anders dan voor beroep aan huis. b. het bewonen, of laten bewonen, van een kamergewijze bewoning door meer dan één persoon per18m2 gebruiksoppervlakte; c. het verschaffen van kortdurend verblijf van maximaal 3 maanden, te vergelijken met logies, al dan niet als onderdeel van de arbeidsvoorwaarden aan werknemers in een kamergewijze bewoning; d. het gebruik van bijgebouwen als onzelfstandige wooneenheid in een kamergewijze bewoning
Artikel 42 42.1
Activiteit woonwagenstandplaats
Toegelaten activiteiten
Ter plaatse van Activiteit woonwagenstandplaats is toegestaan: a. wonen in een woonwagenstandplaats; b. beroep aan huis. 42.2
Specifieke gebruiksregels
Beroep aan huis, waaronder mede begrepen bed and breakfast is uitsluitend toegelaten tot maximaal 33% van het vloeroppervlakte van de woning, mits: 1. door de bewoner uitgeoefend en; 2. dit geen onevenredige aantasting van het woon- en leefklimaat ter plaatse of een onevenredige parkeerdruk tot gevolg heeft; 3. het geen detailhandel, internetverkoop hiervan uitgezonderd, prostitutie of horeca betreft.
42.3
Verboden activiteiten
Onder gebruik van de locaties en opstallen in strijd met het wonen wordt in elk geval begrepen gebruik als beroeps- of bedrijfsmatige werk- of opslagruimte, anders dan voor beroep aan huis.
Artikel 43 43.1
Omgevingsplanactiviteit verkamering
Aanwijzing vergunningplichtige gevallen
Het is verboden om ter plaatse van de aanduiding 'overige zone-omgevingsplanactiviteit verkamering' zonder omgevingsvergunning van een (gedeelte) van een gebouw te verkameren (vanaf drie onzelfstandige wooneenheden), tenzij sprake is van verkameren door een hospes/hospita. 43.2
Beoordelingsregels
a. Een omgevingsvergunning als bedoeld onder 43.1 kan worden verleend bij verkamering, indien: 1. de gebruiksoppervlakte van de bestaande woning gelijk is aan of groter is dan 110 m2, en; 2. het gebouw niet opgedeeld wordt in meer dan één onzelfstandige wooneenheid per 18m2 gebruiksoppervlakte; en; 3. het verkamerde gebouw minimaal beschikt over een bergingsruimte met een oppervlakte van ten minste 3 m2 ten behoeve van de stalling van fietsen, afvalcontainer(s) of afvalzakken. Vanaf 4
62
Bestemmingsplan "Chw Omgevingsplan De Laar 2020" (vastgesteld)
onzelfstandige wooneenheden geldt als aanvullende eis dat 1m2 bergingsruimte per wooneenheid wordt toegevoegd. b. De omgevingsvergunning wordt in ieder geval niet verleend indien: 1. sprake is van verkameren met als doel het verschaffen van kortdurend verblijf van maximaal 3 maanden, te vergelijken met logies, al dan niet als onderdeel van de arbeidsvoorwaarden, aan werknemers; of 2. indien zich door het verkameren een niet-verkamerd gebouw wordt ingesloten door legale kamergewijze bewoning van gebouwen aan dezelfde straat; of 3. indien een bijgebouw in gebruik wordt genomen als onzelfstandige wooneenheid.
Artikel 44 44.1
Omgevingsplanactiviteit woningsplitsing
Aanwijzing vergunningplichtige gevallen
Het is verboden om ter plaatse van de aanduiding 'overige zone-omgevingsplanactiviteit woningsplitsing' zonder omgevingsvergunning een (gedeelte) van een gebouw te splitsen naar twee of meerdere zelfstandige woningen. 44.2
Beoordelingsregels
Een omgevingsvergunning als bedoeld onder 44.1 kan worden verleend bij woningsplitsing, indien: 1. de gebruiksoppervlakte van de bestaande woning gelijk is aan of groter is dan 110 m2, en; 2. de gebruiksoppervlakte van elke zelfstandige woning die als gevolg van splitsing ontstaat niet kleiner is dan 50 m2, en; 3. de gesplitste woningen over een bergingsruimte met een oppervlakte van ten minste 5 m2 per woning en; 4. de gesplitste woningen beschikken over een buitenruimte.
Artikel 45 45.1
Bijbehorende activiteiten
Toegelaten activiteiten
Ter plaatse van de gebiedsaanduiding 'overige zone-bijbehorende activiteiten' zijn toegestaan: 1. groen-, watervoorzieningen; 2. overige voorzieningen en bijbehorende activiteiten, die qua aard, oppervlakte en ruimtelijke uitstraling ondergeschikt zijn aan de hoofdactiviteit. Hieronder worden geen ondergeschikte horeca en detailhandel verstaan.
Bestemmingsplan "Chw Omgevingsplan De Laar 2020" (vastgesteld)
63
64
Bestemmingsplan "Chw Omgevingsplan De Laar 2020" (vastgesteld)
Hoofdstuk 5 Artikel 46 46.1
Bouwen, werken en werkzaamheden Algemene bouwregels
Bouwen passend binnen functie/activiteit
Bouwwerken mogen uitsluitend worden opgericht, voor zover deze passen binnen de functies dan wel activiteiten zoals omschreven in deze regels. 46.2
Bouwen binnen bouwvlak
a. Indien op de verbeelding een bouwvlak is aangegeven mag, behoudens andersluidende bepalingen in deze regels, uitsluitend worden gebouwd binnen dit bouwvlak. a. Indien geen bouwvlak is aangegeven, mag uitsluitend worden gebouwd voor zover in de betreffende activiteitenregel uitdrukkelijk is bepaald én daarvoor bouwregels zijn opgenomen. 46.3
Bouwen conform maatvoering
a. Indien op de verbeelding ter plaatse van een locatie maatvoeringsaanduidingen zijn opgenomen, mag uitsluitend worden gebouwd met inachtneming van de ter plaatse van deze locatie gegeven maximum-,minimum- dan wel verplichte maten, zoals bepaald door deze aanduidingen. b. Voor een locatie waar geen maatvoeringsaanduidingen op de verbeelding zijn opgenomen, mag uitsluitend worden gebouwd indien dat expliciet is bepaald in de functie- dan wel activiteitenregel en met inachtneming van de eventueel in de regels opgenomen maten, die van toepassing zijn op de betreffende locatie 46.4
Bebouwingspercentage
a. Indien in een bouwvlak geen bebouwingspercentage is aangegeven, mag dit vlak geheel worden bebouwd. b. Indien een bouwvlak en een bebouwingspercentage zijn aangegeven is het bebouwingspercentage van toepassing op de locaties binnen het bouwvlak. c. Indien in een werkingsgebied, respectievelijk bouwvlak slechts één bebouwingspercentage is aangegeven geldt dit percentage voor het gehele werkingsgebied, respectievelijk bouwvlak. d. Indien in een werkingsgebied , respectievelijk bouwvlak meerdere bebouwingspercentages zijn aangegeven, gelden deze percentages voor die delen van werkingsgebied, respectievelijk bouwvlak waarin ze zijn aangegeven. 46.5
Afwijkende maatvoering
a. Voor een bouwwerk, dat krachtens een omgevingsvergunning op het tijdstip van inwerkingtreding van het omgevingsplan aanwezig of in uitvoering is, dan wel gebouwd kan worden en dat in het plan is toegelaten, maar waarvan de bestaande afstands-, hoogte-, inhouds- en oppervlaktematen afwijken van de maatvoeringsbepalingen in de bouwregels, geldt dat: 1. bestaande maten, die meer bedragen dan in het plan is toegelaten, mogen als ten hoogste toelaatbaar worden aangehouden; 2. bestaande maten, die minder bedragen dan in het plan is toegelaten, mogen als ten minste toelaatbaar worden aangehouden. b. ingeval van herbouw is het bepaalde in lid a onder 1 en 2 uitsluitend van toepassing, indien herbouw op dezelfde plaats plaatsvindt; c. op een bouwwerk als hiervoor bedoeld, is het Overgangsrecht bouwwerken als opgenomen in artikel 70 niet van toepassing.
Artikel 47 47.1
Bouwregel archeologie - hoge verwachting
Bouwregels
Ter plaatse van de aanduiding 'overige zone: Bouwregel archeologie - hoge verwachting' mogen:
Bestemmingsplan "Chw Omgevingsplan De Laar 2020" (vastgesteld)
65
a. bouwwerken geen gebouwen zijnde worden gebouwd die voor archeologisch onderzoek noodzakelijk zijn; b. bouwwerken ten behoeve van de andere, voor deze gronden aangewezen functies en activiteiten worden gebouwd, indien het betreft: 1. vervanging, vernieuwing of verandering van bestaande bebouwing, waarbij de oppervlakte voor zover gelegen op of onder peil niet wordt uitgebreid of 2. een bouwwerk waarvan de binnen de 'Waarde - Archeologie - Verwachting' gelegen oppervlakte ten hoogste 200 m2 bedraagt en 3. het een bouwwerk betreft dat zonder graafwerkzaamheden dieper dan 40 centimeter en zonder heiwerkzaamheden kan worden geplaatst. 47.2
Afwijken van de bouwregels
a. Burgemeester en wethouders zijn bevoegd af te wijken van het bepaalde in lid 47.1 met inachtneming van de voor deze gronden geldende overige bouwregels. b. Afwijken als bedoeld in lid 47.2 sub a. kan, indien op basis van archeologisch onderzoek of naar het oordeel van een archeologische deskundige is aangetoond dat de archeologische waarden niet onevenredig worden of kunnen worden geschaad. c. Afwijken als bedoeld in lid 47.2 sub a. kan voorts, indien op basis van archeologisch onderzoek is aangetoond dat op de betrokken locatie de archeologische waarden door de bouwwerkzaamheden niet worden geschaad of mogelijke schade kan worden voorkomen door aan de omgevingsvergunning voor het afwijken regels te verbinden gericht op: 1. het treffen van maatregelen, waardoor archeologische resten in de bodem kunnen worden behouden; 2. het doen van opgravingen; 3. begeleiding van de bouwwerkzaamheden door een archeologisch deskundige.
Artikel 48 48.1
Bouwregel archeologie - lage verwachting
Bouwregels
Ter plaatse van de aanduiding 'overige zone - Bouwregel archeologie - lage verwachting' mogen: a. bouwwerken geen gebouwen zijnde worden gebouwd die voor archeologisch onderzoek noodzakelijk zijn; b. bouwwerken ten behoeve van de andere, voor deze gronden aangewezen functies en activiteiten worden gebouwd, indien het betreft: 1. vervanging, vernieuwing of verandering van bestaande bebouwing, waarbij de oppervlakte voor zover gelegen op of onder peil niet wordt uitgebreid of 2. een bouwwerk waarvan de binnen de Waarde - Archeologie - Verwachting gelegen oppervlakte ten hoogste 2000 m2 bedraagt en 3. het een bouwwerk betreft dat zonder graafwerkzaamheden dieper dan 40 centimeter en zonder heiwerkzaamheden kan worden geplaatst. 48.2
Afwijken van de bouwregels
a. Burgemeester en wethouders zijn bevoegd af te wijken van het bepaalde in lid 48.1 met inachtneming van de voor deze gronden geldende overige bouwregels. b. Afwijken als bedoeld in lid 48.2 sub a. kan, indien op basis van archeologisch onderzoek of naar het oordeel van een archeologische deskundige is aangetoond dat de archeologische waarden niet onevenredig worden of kunnen worden geschaad. c. Afwijken als bedoeld in lid 48.2 sub a. kan voorts, indien op basis van archeologisch onderzoek is aangetoond dat op de betrokken locatie de archeologische waarden door de bouwwerkzaamheden niet worden geschaad of mogelijke schade kan worden voorkomen door aan de omgevingsvergunning voor het afwijken regels te verbinden gericht op: 1. het treffen van maatregelen, waardoor archeologische resten in de bodem kunnen worden behouden; 2. het doen van opgravingen;
66
Bestemmingsplan "Chw Omgevingsplan De Laar 2020" (vastgesteld)
3. begeleiding van de bouwwerkzaamheden door een archeologisch deskundige.
Artikel 49 49.1
Bouwregel archeologie - waardevol gebied
Bouwregels
Ter plaatse van de aanduiding 'overige zone - Bouwregel archeologie - waardevol gebied' mogen: a. bouwwerken geen gebouwen zijnde worden gebouwd die voor archeologisch onderzoek noodzakelijk zijn; b. bouwwerken ten behoeve van de andere, voor deze gronden aangewezen bestemmingen worden gebouwd, indien het betreft: 1. vervanging, vernieuwing of verandering van bestaande bebouwing, waarbij de oppervlakte voor zover gelegen op of onder peil niet wordt uitgebreid of 2. een bouwwerk waarvan de binnen de Waarde - Archeologie - Waardevol gebied gelegen oppervlakte ten hoogste 50 m2 bedraagt en 3. het een bouwwerk betreft dat zonder graafwerkzaamheden dieper dan 40 centimeter en zonder heiwerkzaamheden kan worden geplaatst. 49.2
Afwijken van de bouwregels
a. Burgemeester en wethouders zijn bevoegd af te wijken van het bepaalde in lid 49.1 met inachtneming van de voor deze gronden geldende overige bouwregels. b. Afwijken als bedoeld in lid 49.2 sub a. kan, indien op basis van archeologisch onderzoek of naar het oordeel van een archeologische deskundige is aangetoond dat de archeologische waarden niet onevenredig worden of kunnen worden geschaad. c. Afwijken als bedoeld in lid 49.2 sub a. kan voorts, indien op basis van archeologisch onderzoek is aangetoond dat op de betrokken locatie de archeologische waarden door de bouwwerkzaamheden niet worden geschaad of mogelijke schade kan worden voorkomen door aan de omgevingsvergunning voor het afwijken regels te verbinden gericht op: 1. het treffen van maatregelen, waardoor archeologische resten in de bodem kunnen worden behouden; 2. het doen van opgravingen; 3. begeleiding van de bouwwerkzaamheden door een archeologisch deskundige.
Artikel 50 50.1
Bouwregel bijbehorende bouwwerken
Bouwregels
Op de gronden ter plaatse van de aanduiding 'overige zone - Bouwregel bijbehorende bouwwerken' mogen: 1. bijbehorende bouwwerken worden gebouwd, voor zover het betreft: a. uitbreiding van de hoofdbebouwing, tot een maximumbouwhoogte gelijk aan de hoogte van de begane-grondbouwlaag van de hoofdbebouwing, vermeerderd met maximaal 40 centimeter ten behoeve van isolatie of afschot; b. andere bijbehorende bouwwerken, met een maximumbouwhoogte gelijk aan de goothoogte van het hoofdgebouw, waarbij de goothoogte van vrijstaande bouwwerken niet meer mag bedragen dan de hoogte van de begane-grondbouwlaag van de hoofdbebouwing; c. bouwwerken geen gebouwen zijnde worden gebouwd, passend binnen de bestemming, met een maximumbouwhoogte van 3 meter waarbij de oppervlakte van het totaal van deze bebouwing per bouwperceel de in onderstaand schema opgenomen maten niet overschrijdt. oppervlakte gebied met de aanduiding 'bijgebouwen' per bouwperceel < 90 m 2
maximale oppervlakte bouwwerken 50% van de oppervlakte van het gebied met de aanduiding 'bijgebouwen' per bouwperceel met een minimum van 20 m 2
Bestemmingsplan "Chw Omgevingsplan De Laar 2020" (vastgesteld)
67
90-150 m 2 150-300 m 2 300-500 m 2 500-1000 m 2
50.2
45 m 2 55 m 2 65 m 2 75 m 2
Afwijken van de bouwregels
Burgemeester en wethouders kunnen met een omgevingsvergunning afwijken van het bepaalde in het in lid 50.1 onder b. opgenomen schema ten behoeve van een verhoging van de maximale grootte van bouwwerken voor percelen waarbij de bebouwbare zone groter is dan 1000 m2 met maximaal 25 m2 mits: 1. dit vanuit stedenbouwkundig en landschappelijk oogpunt niet op bezwaren stuit en 2. de belangen van omwonenden met betrekking tot privacy, uitzicht en bezonning niet worden geschaad.
Artikel 51 51.1
Bouwregel groen
Bouwregels
Ter plaatse van de aanduiding 'overige zone - Bouwregel groen' mogen uitsluitend in de bestemming passende bouwwerken, worden gebouwd, zoals speeltoestellen en verlichting.
Artikel 52 52.1
Bouwregel gasleiding
Bouwregels
Voor het bouwen gelden ter plaatse van de aanduiding 'overige zone - Bouwregel gasleiding' de volgende regels: a. op deze gronden mogen uitsluitend bouwwerken, geen gebouwen zijnde, worden gebouwd met een bouwhoogte van ten hoogste 3 m; b. ten behoeve van de andere, voor deze gronden geldende functies en activiteiten mag, met inachtneming van de voor de betrokken bestemming(en) geldende (bouw)regels, uitsluitend worden gebouwd, indien het bouwplan betrekking heeft op vervanging, vernieuwing of verandering van bestaande bouwwerken, waarbij de oppervlakte, voor zover gelegen op of onder peil, niet wordt uitgebreid en gebruik wordt gemaakt van de bestaande fundering. 52.2