Bijlage 1a - Geamendeerde Visie Dierenwelzijn 2021-2030
Tekst van het document
Visie Dierenwelzijn 2021-2030
PAGINA
2
ONDERWERP
Visie Dierenwelzijn 2021-2030
1. BELANG EN BETEKENIS VAN DIERENWELZIJN 1.1 Aanleiding voor deze visie 1.2 Betekenis en belang van dierenwelzijn 1.3 Realisatie van de visie
7 7 7 8
2. ONZE VISIE OP DIERENWELZIJN 9 2.1 Dierenwelzijn van gehouden dieren 9 2.2 Dierenwelzijn van in het wild levende dieren 13 Bijlage De wettelijke kaders 15
ONDERWERP
5
Visie Dierenwelzijn 2021-2030
PAGINA
VOORWOORD
3
Inhoudsopgave
PAGINA
4
ONDERWERP
Visie Dierenwelzijn 2021-2030
Tegelijkertijd staat de biodiversiteit onder druk. Dat brengt verantwoordelijkheid met zich mee. We willen dat er voor de verschillende dieren plek is in onze stad. Daarom betrekken we hun welzijn bij de keuzes die we maken. En natuurlijk is de aanwezigheid van dieren niet altijd alleen maar mooi of bijzonder: huisdieren worden aan hun lot overgelaten en dieren zorgen soms voor overlast of schade. Ook daarmee gaan we aan de slag. Arnhem is een stad waar Arnhemmers omkijken naar elkaar. Laat dat ook gelden voor die andere, soms onzichtbare bewoners: onze dieren. Omdat ze zo belangrijk zijn voor de leefbaarheid van onze stad, en voor hun welzijn afhankelijk zijn van ons mensen.
Cathelijne Bouwkamp Wethouder gemeente Arnhem
ONDERWERP
Omdat onze mooie, groene stad wordt omgeven door veel natuur is de kans groot dat je tijdens een wandeling of fietstocht oog in oog komt te staan met dieren in het wild. Misschien wel met de Arnhemse big five: de wolf, het edelhert, de das, de slechtvalk en de bever. Die nabijheid van een rijkdom aan soorten is bijzonder, en dat vergeten we weleens.
Visie Dierenwelzijn 2021-2030
Met dit uitgangspunt is de gemeente de afgelopen jaren de goede weg ingeslagen als het gaat om dierenwelzijn. We maken hier de balans op én willen een extra stap zetten. Dat doen we met deze ambitieuze visie dierenwelzijn, die we voor de komende jaren hebben vertaald in een zogeheten uitvoeringsagenda. Zo zetten we woorden om in daden.
PAGINA
Dieren hebben recht op een goed leven. Dat klinkt misschien vanzelfsprekend, maar dat is nog niet altijd het geval. Daarom heeft het college deze visie geschreven hoe we willen omgaan met dieren in Arnhem. Of het nu gaat om huisdieren, of om in het wild levende dieren: ze zijn vaak afhankelijk van het gedrag van ons, de mens.
5
Voorwoord
PAGINA
6
ONDERWERP
Visie Dierenwelzijn 2021-2030
Deze visie is de opvolger van de Uitvoeringsagenda dierenwelzijn 2016-2020 gemeente Arnhem.
1.2 Betekenis en belang van dierenwelzijn Dierenwelzijn is een toestand van fysieke en psychische harmonie van het dier met zichzelf en de omgeving. Het gaat dus om de subjectieve ervaringen van het dier (gevoelens), het biologisch functioneren (gezondheid) en het kunnen uiten van natuurlijk (soortspecifiek) gedrag. Bij het vaststellen van dierenwelzijn dienen we zoveel mogelijk uit te gaan van wat van belang is voor de dieren. Welzijn is daarom de kwaliteit van leven zoals het wordt ervaren door de dieren zelf. Dierenwelzijn is ten eerste belangrijk vanwege de intrinsieke waarde van dieren. In de Wet dieren (2013) is opgenomen dat dieren een eigen waarde hebben. Daarnaast is het welzijn van in het wild levende dieren belangrijk voor het behoud van ecosystemen. Als hun welzijn en daarmee uiteindelijk hun aantallen en soortenrijkdom afnemen, komen ecosystemen onder druk te staan (en daarmee ook de waardevolle ecosysteemdiensten die ze leveren). En dierenwelzijn is belangrijk omdat dieren een positieve invloed hebben op het algehele welzijn van mensen. Gezelschapsdieren zorgen bijvoorbeeld voor meer sociale contacten, meer steun bij stress en de zelfwaardering van de mens neemt toe. Met een dier voelen mensen zich meer gehecht, staan ze positiever in het leven en voelen zich beter (zie ook onderzoek van dr Endenburg, Utrecht).
Behoud en verbetering van de biodiversiteit in Arnhem is dermate belangrijk voor ons dat we een aparte Biodiversiteitsagenda 2021-2025 hebben opgesteld. Met de maatregelen in deze agenda wordt ook het dierenwelzijn bevorderd. Hierin staat bijvoorbeeld beschreven hoe we bijdragen aan een geschikte leefomgeving met voldoende ruimte, rust, schuilplaatsen en voedsel voor in het wild levende diersoorten, van de Arnhemse Big 5 aan de top van de voedselketen (de Wolf, het Edelhert, de Das, de Slechtvalk en de Bever) tot aan de bodemdieren. Klimaatadaptatie is ook belangrijk voor ons en heeft ook positieve effecten op dierenwelzijn. Onze plannen daarvoor zijn uiteengezet in de Strategie Klimaatadaptatie 2020-2030.
1.3 Realisatie van de visie In het volgende hoofdstuk zetten we onze visie op dierenwelzijn uiteen. Deze visie is uitgangspunt voor ons handelen rond dierenwelzijn in 2021-2030. Op basis van deze visie en de actuele situatie stellen we eens per twee jaar een uitvoeringsagenda voor de komende twee jaar op. Deze wordt ter kennisname naar de raad gestuurd. De wettelijke kaders van dierenwelzijn vindt u in bijlage.
ONDERWERP
Deze Visie Dierenwelzijn 2021-2030 is uitgangspunt voor ons handelen rond dierenwelzijn. In deze Visie beschrijven we vooral waar we naartoe willen en welke onderwerpen daarbij belangrijk zijn. Vervolgens beschrijven we wat we al doen om dat te bereiken en wat we nog extra gaan doen. Op basis van deze visie en de actuele situatie stellen we eens per twee jaar een uitvoeringsagenda op.
Visie Dierenwelzijn 2021-2030
Als gemeente zijn we medeverantwoordelijk voor het welzijn van dieren binnen onze gemeentegrenzen. We hebben een zorgplicht met betrekking tot dieren, zodra blijkt dat er niet meer voor ze wordt gezorgd. Alle dieren, zowel gehouden dieren als in het wild levende dieren, verdienen daarbij onze zorg en aandacht. Maar dieren kunnen ook gevaar, schade of overlast opleveren. Wij vinden het dan ook belangrijk om kaders te hebben voor de wijze waarop wij in Arnhem met levende dieren en hun eventuele eigenaren omgaan. De bevoegdheden van de gemeente op het gebied van dierenwelzijn zijn beperkt, omdat de nationale regels vaak leidend zijn. Dit neemt niet weg dat wij wel degelijk mogelijkheden hebben om een positieve impact op dierenwelzijn te hebben.
PAGINA
1.1 Aanleiding voor deze visie
7
1. Belang en betekenis van dierenwelzijn
PAGINA
8
ONDERWERP
Visie Dierenwelzijn 2021-2030
1. Helpen van eigenaren met informatie over het correct houden van huisdieren Veel problemen op het gebied van dierenwelzijn komen voort uit onwetendheid. Deze onwetendheid leidt tot het niet goed begrijpen en het verkeerd opvoeden van en omgaan met dieren. Soms zijn dieren in een impuls in huis gehaald, zonder te beseffen wat het betekent om een dier te hebben en wat de kosten ervan zijn2. We vinden het belangrijk dat eigenaren van dieren geïnformeerd zijn over het correct houden van huisdieren en dat de aankoop van een dier een weloverwogen beslissing is. Hierdoor kan dieren veel leed bespaard blijven en komen er minder dieren in het asiel terecht. 2. Helpen van ouderen, zorgbehoevenden en minima die niet (meer) goed kunnen zorgen voor hun huisdieren Soms hebben eigenaren wat ondersteuning nodig bij het zorgen voor hun huisdier. Zo kunnen sommige Arnhemmers de medische kosten van een dierenartsbezoek niet betalen, waardoor hun dier niet de zorg krijgt die het nodig heeft en onnodig lijdt. En soms voelen ouderen en zorgbehoevenden zich genoodzaakt afstand te doen van hun dier. Bijvoorbeeld als ze voor langere tijd in het ziekenhuis moeten verblijven. Of als ze naar een zorginstelling moeten en hun huisdier niet mogen meenemen. Juist voor deze mensen kan het hebben van een huisdier erg belangrijk zijn voor hun lichamelijk en psychisch welzijn.
Deze situaties hebben dan ook voor zowel dier als mens een zeer negatief effect. Wij helpen dan ook dieren met eigenaren die om uiteenlopende redenen (tijdelijk) niet goed meer voor hen kunnen zorgen. We vinden het belangrijk dat de mogelijkheid onderzocht wordt of het huisdier mee kan als ouderen in een instelling of seniorencomplex gaan wonen. In veel gevallen is dat niet alleen beter voor het dier (dat anders al snel in het dierenasiel terecht komt), maar ook voor het baasje. Het welzijn van het dier moet in deze keuze voorop staan. Daarom willen wij dat wordt voorzien in hulp bij de zorg voor de dieren van mensen die dat nodig hebben.
1
Gezelschapsdieren zoals honden, katten, cavia’s, konijnen, vogels, reptielen, amfibieën en vissen, maar ook hobbymatig
gehouden landbouwhuisdieren zoals schapen, geiten, paarden en kippen. En de dieren die worden gehouden op gemeentelijke grond, zoals op verpachte landbouwgronden en bij evenementen. 2
De kosten van voeding en verzorging van huisdieren liggen al snel rond de 550 euro per jaar.
ONDERWERP
Eigenaren van gehouden dieren zijn verantwoordelijk voor een goede verzorging van en het voorkomen van schade, overlast en gevaar voor en door hun dier. Wij helpen hen daarbij en grijpen in waar nodig en mogelijk. Hierbij hanteren wij de volgende uitgangspunten.
Visie Dierenwelzijn 2021-2030
2.1 Dierenwelzijn van gehouden dieren
PAGINA
Arnhem is een groene, diervriendelijke en natuurinclusieve stad met een grote biodiversiteit. Er is voor zowel in het wild levende als door mensen gehouden1 dieren plek in onze stad. Wij vinden hun welzijn belangrijk. In ons beleid geven we de wensen en behoeften van dieren dan ook een plek. We stellen daarbij de intrinsieke waarde van het dier centraal: het belang van dieren en hun welzijn (in hun vaak afhankelijke relatie tot de mens) wordt gezien en beschermd. We zien en erkennen daarnaast ook het belang van dieren voor mensen. En we willen dat mens en dier in onze stad in harmonie kunnen samenleven.
9
2. Onze visie op dierenwelzijn
Paardenweides We vinden het belangrijk dat het welzijn van de paarden op de paardenweiden die we verpachten, wordt gewaarborgd. Het gaat dan om de kwaliteit van de schuilstallen, de beschikbare buitenruimte en de mogelijkheid tot natuurlijk, sociaal gedrag (zoals contact met soortgenoten en dagelijkse weidegang). Landbouwgrond Wij willen dat de landbouwgronden die we in pacht uitgeven duurzaam worden gebruikt met oog voor het vergroten van de biodiversiteit en voor het welzijn van de dieren op deze gronden. Denk aan natuurinclusieve landbouw en veeteelt, voldoende weidegang van het melkvee en deelname aan monitoringsprogramma’s voor vermindering van medicijngebruik. Schapenbegrazing Voor het versterken van de natuurwaarden en biodiversiteit van onze gebieden zetten we waar mogelijk en zinvol schapenbegrazing in. We houden rekening met het welzijn van de dieren, bijvoorbeeld door lammeren bij de schapen te laten. Paarden en runderen in de uiterwaarden We willen de uiterwaarden op een zo natuurlijk mogelijke wijze beheren en een zo groot mogelijk aaneengesloten natuurgebied met zo min mogelijk barrières (rasters en hekwerken) creëren. Dit schept mogelijkheden om het leefgebied van de Konikpaarden en Gallowayrunderen, die al sinds de jaren ‘90 in Meinerswijk aanwezig zijn, te vergroten. We willen het sociale leven van de dieren zichtbaar laten zijn voor onze parkbezoekers.
Deze dieren kunnen zichzelf redden in de uiterwaarden: zij vinden er hun eigen voer. Net als in het wild levende dieren zijn ze aan het eind van de winter wel vermagerd, maar er is in het groeiseizoen voldoende voedsel om weer aan te sterken. De dieren zijn vrijwel nooit ziek en als ze ziek zijn herstellen ze zelf. Medicatie is niet nodig. Soms zijn er onderlinge gevechten waarbij ze elkaar kunnen verwonden. Dat is natuurlijk gedrag van dieren die in sociaal verband leven. Ook hiervan herstellen ze op eigen kracht. We grijpen dan ook zo min mogelijk in en geven de dieren zoveel mogelijk de ruimte om hun natuurlijk gedrag te vertonen en daarmee hun rol in het ecosysteem van de uiterwaarden te spelen. We grijpen alleen in bij onnodig lijden en noodsituaties, zoals bijvoeren bij langdurig hoogwater. Ook oude koeien en paarden horen bij een natuurlijke leeftijdsopbouw. De oudste koeien zijn ca. 20 jaar en de oudste paarden ca. 30 jaar. Aan het einde van de winter lijken deze dieren er oppervlakkig gezien soms slecht uit te zien maar in werkelijkheid zijn ze nog vitaal. Wanneer mogelijk laten we deze dieren zo oud als mogelijk worden.
ONDERWERP
Evenementen We geven de voorkeur aan evenementen waarbij geen dieren zijn betrokken. De dieren kunnen zich hier namelijk meestal niet op natuurlijke wijze gedragen en raken gestrest door drukte en lawaai. Er zijn enkele uitzonderingen denkbaar waarbij de aanwezigheid van dieren een belangrijke rol speelt én waarbij het dierenwelzijn goed is geborgd. Dit wordt getoetst bij het afgeven van de vergunning. Het is daarom belangrijk dat ook kleine evenementen met dieren onder de vergunningsplicht gaan vallen.
Visie Dierenwelzijn 2021-2030
4. Bevorderen van dierenwelzijn van op gemeentelijke grond gehouden dieren Wij vinden het welzijn van op onze grond (door derden) gehouden dieren belangrijk.
PAGINA
10
3. Zorgen voor opvang van huisdieren waarvoor niet (meer) wordt gezorgd Huisdieren waarvoor niet meer wordt gezorgd worden opgevangen door het Dierentehuis Arnhem e.o. We willen de Stichting Dierentehuis Arnhem e.o. ondersteunen bij het verbeteren van haar verouderde huisvesting, zodat de dierenverblijven beter aansluiten bij de huidige eisen op het gebied van dierenwelzijn. Dieren die op straat worden gevonden (zwerfdieren) komen hier terecht, waar ze worden verzorgd tot er een nieuwe eigenaar is gevonden. Het kan ook zo zijn dat dieren tijdelijke opvang nodig hebben als gevolg van een huisontruiming, huiselijk geweld, arrestatie of (gedwongen) opname van de eigenaar. We vinden het belangrijk dat ook deze dieren kunnen worden opgevangen in het dierenasiel als familie of kennissen van de eigenaar geen uitkomst kunnen bieden.
11
PAGINA
Visie Dierenwelzijn 2021-2030
ONDERWERP
Door de jaarlijkse aanwas van kalveren en veulens selecteren we in de kudde zodat een goede doorsnede van leeftijden en geslacht aanwezig blijven. We onderzoeken of er andere, diervriendelijke methoden van populatiebeheer zijn, zoals anticonceptie. Om het sociale gedrag binnen een kudde optimaal te laten functioneren is het niet de bedoeling dat mensen ze benaderen, aaien of voeren of dat honden in het begrazingsgebied komen. Dieren die worden benaderd door mensen kunnen mensen gaan lastigvallen of letsel bezorgen. Dieren die structureel overlast of letsel bezorgen moeten worden verwijderd. We zoeken een opvangmogelijkheid elders voor deze dieren. Dit wordt echter steeds moeilijker. We zoeken dan ook een andere, diervriendelijke oplossing hiervoor. Wanneer er geen andere oplossing is worden ze geslacht. In het natuurgedeelte van de uiterwaarden zijn honden niet toegestaan omdat zij overlast, schade en gevaar kunnen opleveren voor de kuddes en andere dieren in het gebied. Stadsboerderijen, Burgers’ Zoo Het in contact brengen van kinderen en volwassenen met dieren is belangrijk voor het leren omgaan met en het denken over dieren. Natuurcentrum Arnhem beheert twee educatieve stadsboerderijen waarvan wij eigenaar zijn: Presikhaaf (Noord) en De Korenmaat (Zuid). Hoofddoelstelling is en blijft educatie over dieren, zoals de verzorging van en omgang met dieren en dierenwelzijn.
De stadsboerderijen zijn voor Arnhem van groot belang en we hechten veel waarde aan een goede samenwerking. We zijn trots op de aanwezigheid van het Arnhemse dierenpark Burgers’ Zoo. Zij participeert in verschillende natuurorganisaties - waaronder de Vleermuiswerkgroep, Vogelwerkgroep Arnhem en Paddenwerkgroep van het IVN - die allen bijdragen aan onderzoek naar en beschermen van de natuur. 5. Op diervriendelijke wijze voorkomen of bestrijden van schade, overlast en gevaar door en voor dieren Huisdieren zijn belangrijk voor mensen. Ze zorgen voor veel plezier en ontvangen meestal veel liefde. Soms leveren ze echter overlast, schade of gevaar op voor mens en natuur. Honden We willen dat hondeneigenaren en andere inwoners zonder ergernissen kunnen samenleven en dat zij in de openbare ruimte zo veel mogelijk hun natuurlijke gedrag kunnen vertonen, met zo weinig mogelijk overlast, gevaar en schade voor mens, andere dieren en natuur. Dit betekent het volgende voor honden in Arnhem: Natuurlijk gedrag: 1. voldoende ruimte om te wandelen 2. voldoende plekken voor honden om vrij te bewegen, rennen, snuffelen en hun sociaal gedrag te vertonen. Voorkoming van overlast voor mens en dier: 3. geen hondenpoep in de openbare ruimte 4. honden aan de lijn 5. geen aanhoudend geblaf of gejank 6. aangelijnde honden verontrusten grazers. We willen een goede oplossing hiervoor.
6. Zoveel mogelijk voorkomen, beperken en bestraffen van door mensen toegebracht onnodig dierenleed. Dierenmishandeling en verwaarlozing van dieren komen helaas ook voor. Verwaarlozing van dieren komt vaak voort uit onkunde die vaak voortvloeit uit het gebrek aan kennis over het dier en reflectie op het eigen handelen. We willen dat Arnhemmers geïnformeerd zijn over het correct houden van huisdieren, maar ook over wat te doen bij (vermoedens van) dierenmishandeling/verwaarlozing. Wij vinden het belangrijk dat mensen die dieren kopen weten waar ze aan beginnen. Dieren die uit een impuls worden gekocht belanden waarschijnlijk vaker gedumpt en wat een voorkombaar beslag op schaarse opvangruimte in het asiel oplevert. Om die reden willen we dat dieren in Arnhem alleen in
ONDERWERP
Overig Niet alle diersoorten zijn geschikt als huisdier. Wij zouden graag een landelijk verbod zien op het houden van dieren van diersoorten: 1. waarbij welzijn en gezondheid van het dier in gevaar komt bij het houden als huisdier (zoals het geval is bij veel exotische dieren); 2. met een risico van invasiviteit en andere schade bij ontsnapping of vrijlating (bijvoorbeeld de roodwangschildpad: een alleseter zonder natuurlijke vijanden in Nederland); 3. die gevaar voor de volksgezondheid en veiligheid opleveren; 4. die beschermd zijn.
Visie Dierenwelzijn 2021-2030
Katten Weggelopen of achtergelaten huiskatten en hun nakomelingen leveren problemen op. Hun welzijn is vaak laag vanwege een slechte gezondheid (ziekte en verwondingen) en gebrek aan voedsel. Verder kunnen mens en dier besmet raken en ziek worden van veel voorkomende infecties bij zwerfkatten. Tot slot doden (verwilderde en huis) katten vogels, muizen, eekhoorns, konijnen, reptielen en amfibieën. Registratie is ons inziens het meest effectieve middel tegen zwerfkatten en andere problemen zoals diefstal, illegale handel, dumpingen en vermissingen. Wij willen dus graag dat zoveel mogelijk Arnhemse katten gechipt worden. Dit is voor katten nog niet verplicht (voor honden wel).
PAGINA
12
7. groepen (roedels) loslopende honden kunnen leiden tot ongewenste confrontaties met hondenbezitters en recreanten. Hondenuitlaatcentrales proberen andere gebruikers in parken te vermijden waardoor veel extra paden en versnippering en schade aan de natuur optreedt. Dit leidt tot schade aan en rond de losloopgebieden in onze parken. Zo ontstaan veel extra paden en treedt er versnippering en verstoring van de natuur op. We willen een goede oplossing hiervoor. Voorkoming van gevaar voor mens en natuur: 8. geen honden op voor kinderen ingerichte openbare ruimtes 9. bijtincidenten voorkomen en zorgvuldig omgaan met bijtincidenten 10. aangelijnde honden verontrusten grazers en (grondbroedende) vogels. Zij associëren honden met hun natuurlijke vijand: de wolf. Grazers kunnen agressief worden naar honden, ook als ze ‘niets doen’. Niet iedereen houdt zich aan het aanlijngebod. Loslopende honden jagen grazers, (grondbroedende) vogels, zoogdieren en ander wild op en vallen ze aan. In hondenpoep kan een parasiet zitten die onder andere spontane abortus bij koeien veroorzaakt. We willen een goede oplossing hiervoor.
13
PAGINA
Visie Dierenwelzijn 2021-2030
ONDERWERP
dierenspeciaalzaken kunnen worden verkocht, dus niet in tuincentra. De gemeente kan dit niet reguleren: wij gaan dit uitdragen richting het Rijk. Bij het realiseren van onze visie op dierenwelzijn van gehouden dieren werken wij zoveel mogelijk samen met zorginstellingen, de Stichting Dierentehuis Arnhem e.o. en andere maatschappelijke organisaties.
2.2 Dierenwelzijn van in het wild levende dieren Uniek van onze gemeente zijn de vele in het wild levende dieren op ons grondgebied. Ze komen zowel in de Arnhemse natuurgebieden als in de stad voor. Daar mogen we trots op zijn, maar het brengt ook verantwoordelijkheid met zich mee. Door de gevolgen van klimaatverandering, de snelle teruggang in biodiversiteit en het versplinteren van leefgebieden zijn onze in het wild levende dieren erg kwetsbaar: niet alleen de beschermde diersoorten (bijvoorbeeld edelhert, damhert, ree, wolf, vos, das, bever en steenmarter), maar nadrukkelijk ook zij die niet wettelijk beschermd worden. We hanteren drie uitgangspunten bij dierenwelzijn van in het wild levende dieren: 1. Behouden en bevorderen van een gezonde leefomgeving, waarbij dieren zoveel mogelijk de ruimte krijgen om hun natuurlijke gedrag te vertonen en hun rol in het ecosysteem te spelen Wij vinden het belangrijk dat wilde dieren op ons grondgebied: 1. een voldoende grote en gezonde leefomgeving hebben met zo min mogelijk onnatuurlijke barrières als hekwerken en wegen; 2. beschermd worden tegen door mensen veroorzaakt verstoring en onnodig lijden, zoals te hoge recreatiedruk, stroperij, gemotoriseerd verkeer en loslopende honden; 3. onderdeel uitmaken van een gezond en volledig ecosysteem met een grote biodiversiteit; 2.
Op zo diervriendelijk mogelijke wijze voorkomen of bestrijden van schade, overlast en gevaar door dieren Als (het risico op) schade, gevaar of overlast van dieren te groot is of dreigt te worden willen wij op een zo diervriendelijk en natuurlijk mogelijke wijze ingrijpen, het liefst via preventie. Overlast door beschermde diersoorten en insecten Vossen jagen op weidevogels, (scharrel)kippen, (jonge) hazen, konijnen, lammeren en reekalveren. Wolven in een roedel jagen in hun leefgebied op wild (met name ree). Minder dan 1% van hun voedsel bestaat uit gehouden vee (schapen). Trekkende wolven veroorzaken de meeste schade. Zij jagen op gemakkelijk te vangen dieren zoals schapen en geiten. We willen de Arnhemse dierhouders informeren over de aanwezigheid van wolven en vossen en de risico’s daarvan voor huisdieren en gehouden dieren, het voorkomen van aanvallen en mogelijkheden voor schadevergoeding door de provincie. En we vinden dat de provincie ook preventieve maatregelen moet vergoeden als er sprake is van regelmatig voorkomende schade door (trekkende) wolven. Tot op heden ondervinden we in Arnhem weinig of geen overlast van beschermde diersoorten als bever, vleermuis en steenmarter of van insecten. Al deze dieren spelen een zeer belangrijke rol in de voedselpiramide en in hun ecosystemen.
Waar deze dieren toch voor overlast zorgen, wegen we het welzijn en belang van het dier tegenover de (vaak geringe) schade voor de mens. Zo bestrijden we bijen, hommels, wespen en Europese hoornaars alleen als er reëel gevaar dreigt of is voor mensen, bijvoorbeeld omdat er veel aanwezig zijn op plekken met veel kinderen, zieken of ouderen. Mocht er in de toekomst toch te veel overlast ontstaan door een van deze dieren, dan herstellen we deze schade op diervriendelijke wijze. Ganzen en duiven Jaarlijks verblijven, broeden en overwinteren vele duizenden ganzen binnen onze gemeentegrens, vooral in Arnhem-zuid. Ze veroorzaken schade en overlast aan mens en natuur. Hetzelfde geldt voor duiven. Wij continueren de huidige succesvolle diervriendelijke bestrijding, waarbij we rasters plaatsen rond eilanden om het broeden door ganzen te bemoeilijken en nestbeheer toepassen. Wij willen het ganzenbeheer in de regio daarnaast beter op elkaar afstemmen, omdat ganzen van het ene in het andere gebied terecht komen.
PAGINA
14
Ratten Vanuit dierenwelzijn is het beter plaagdieroverlast te voorkomen dan de dieren achteraf te doden. We gaan daarom meer inzetten op preventie.
Het is verboden om beschermde diersoorten opzettelijk te doden, te vangen of hun voortplantings- of rustplaatsen te beschadigen of te vernielen, tenzij de provincie ontheffing of vrijstelling verleent. Desondanks wordt er gestroopt op vogels, vis, klein - en grootwild: naar schatting enkele tientallen edelherten, damherten, reeën en zwijnen per jaar. Ook houdt niet iedere hondenbezitter zich aan het aanlijngebod. Loslopende honden jagen op grootwild, wat leidt tot verstoring van dieren en hun rustplaatsen en verwonding en doden van grootwild. Soms worden wilde dieren zodanig toegetakeld door een hond dat het wild moet worden afgemaakt. We willen dit beperken. In het wild levende dieren houden zich niet aan menselijke gebiedsgrenzen. Om effectief te zijn zoeken we samenwerking en afstemming met eigenaren en beheerders van omliggende gebieden (gemeenten, Geldersch Landschap en Kasteelen, Vereniging Natuurmonumenten, Staatsbosbeheer, Defensie) en kennisinstituut IPC De Groene Ruimte. Wij streven naar voorkoming of beperking van stress bij Arnhemse dieren veroorzaakt door vuurwerk. Stress bij dieren door vuurwerk kan het best worden voorkomen indien er voor het hele Arnhemse grondgebied (en liefst regionaal) een vuurwerkverbod geldt. In de reguliere bio-industrie staat dierenwelzijn niet voorop.
We willen daarom een diervriendelijk cateringbeleid binnen de gemeente: bij borrels, recepties, vergaderlunches en andere evenementen moet vegetarisch eten de standaard worden.
ONDERWERP
3. Voorkomen, beperken en bestraffen van door mensen toegebracht dierenleed. We streven naar het zoveel mogelijk voorkomen van dierenleed waarbij we het wild zichtbaar houden voor bezoekers met minimale problemen. Een van die problemen is aanrijdingen met wild. Er worden nog regelmatig dieren op wegen binnen de gemeente Arnhem aangereden (circa 50 per jaar).
Visie Dierenwelzijn 2021-2030
Eikenprocessierups De lange termijnoplossing voor plagen zoals de eikenprocessierups is het vergroten van de biodiversiteit (zie Biodiversiteitsagenda 2021-2025).
15
PAGINA
Visie Dierenwelzijn 2021-2030
ONDERWERP
BIJLAGE De wettelijke kaders Wet dieren Op 1 januari 2013 is de Wet dieren in werking getreden. De Wet dieren is een kaderwet. Dit betekent dat deze een beperkt aantal regels stelt en daarnaast de mogelijkheid biedt om allerlei deelonderwerpen (bijvoorbeeld regels ten aanzien van houden en doden van dieren) te regelen via Algemene Maatregelen van Bestuur (AMvB’s) en ministeriële regelingen. De Wet dieren is de belangrijkste wet met betrekking tot gehouden dieren en bundelt alle regels ten aanzien van deze dieren in één wet. De volgende wetten zijn opgegaan in de Wet dieren en zijn of komen fasegewijs (deels) te vervallen: • Gezondheids- en welzijnswet voor dieren • Diergeneesmiddelenwet • Wet op de dierenbescherming (inclusief Waak- en heemhondenbesluit) • Wet op de uitoefening van de diergeneeskunde 1990 • Kaderwet diervoeders • Landbouwkwaliteitswet De belangrijkste regels op het gebied van dierenwelzijn zijn opgenomen in drie AMvB’s. Het betreft het Besluit houders van dieren, het Besluit gezelschapsdieren en het Besluit diergeneeskundigen. In het Besluit houders van dieren zijn algemene regels opgenomen voor het houden van dieren, het doden van dieren en evenementen met dieren. Ook bevat het besluit aanvullende regels over dierenmishandeling en specifieke regels voor het houden van bepaalde diersoorten (runderen, varkens, kippen).
Met name dit besluit bevat regels die voorheen golden op grond van de Gezondheids- en welzijnswet voor dieren. In het Besluit diergeneeskundigen zijn onder andere regels opgenomen over lichamelijke ingrepen die zijn toegestaan. In de Wet dieren (artikel 1.3) staat de intrinsieke waarde van het dier centraal. Om een minimale garantie voor de bewaring van deze eigen waarde te kunnen bieden, zijn in hetzelfde artikel de vijf vrijheden opgenomen. Dat betekent dat, zover redelijkerwijs verlangd kan worden, de zorg voor dieren in ieder geval inhoudt dat dieren vrij zijn van: a. honger, dorst en onjuiste voeding; b. fysiek en fysiologisch ongerief; c. pijn, verwondingen en ziektes; d. angst en chronische stress; e. beperkingen van hun natuurlijke gedrag. De Wet dieren stelt beperkingen aan de mogelijkheden om dieren te gebruiken bij evenementen en wedstrijden. Zo is het verboden om dieren als prijs, beloning of gift uit te reiken (artikel 2.13), dierengevechten te organiseren (artikel 2.14) of bij een dier onnodig pijn of letsel te veroorzaken of zijn gezondheid of welzijn aan te tasten (artikel 2.1) en het vertonen en vervoeren van wilde zoogdieren ten behoeve van een circus of een ander optreden. Huisdieren, paarden, kamelen en diverse andere soorten worden vooralsnog wel toegestaan bij circussen en andere optredens waar dieren worden ingezet.
Zorgplicht Een ieder heeft op grond van artikel 1.4 van de Wet dieren en artikel 1.11 van de Wet natuurbescherming een zorgplicht voor dieren. In beide gevallen houdt dit in dat handelingen die mogelijkerwijs schade kunnen toebrengen aan het dier achterwege moeten worden gelaten of, voor zover mogelijk, moeten worden voorkomen dan wel beperkt. Iedereen is volgens artikel 2.1 van de Wet dieren verplicht een dier in nood te helpen. Verder zijn er afzonderlijke strafbepalingen over dierenmishandeling en -verwaarlozing die verbieden om dieren de nodige zorg te onthouden. Deze bepalingen gelden, bij wijze van uitzondering, ook voor in het wild levende (niet gehouden) dieren. In het geval van de Wet natuurbescherming houdt de zorgplicht in dat in het wild levende dieren in principe met rust dienen te worden gelaten. Inwoners moeten gewonde of zieke dieren in nood echter wel helpen. Dit kan bijvoorbeeld door het dier naar een dierenasiel te brengen of een dierenambulance te bellen. Bij gewonde of dode marters, dassen, vossen, reeën, zwijnen en herten dient de politie in kennis gesteld te worden. In artikel 8 lid 3 van het Burgerlijk Wetboek (boek 5) is vastgelegd dat een gevonden dier met een vermeende eigenaar onder de verantwoordelijkheid van de gemeente valt. De gemeente moet dit dier gedurende 14 dagen voor de eigenaar bewaren.
Gemeenten zijn volgens de Algemene Wet Bestuursrecht verder verplicht om in het geval van huisontruimingen ‘zaken’ die hierbij worden achtergelaten (‘aan straat gezet’) tijdelijk op te slaan. Wanneer een ‘zaak’, een dier in dit geval, in beslag wordt genomen, kan de gemeente het maximaal 13 weken in bewaring houden. Wanneer het na deze periode niet mogelijk is om het dier weer over te dragen aan de rechtmatige eigenaar, is de gemeente bevoegd het over te dragen aan het dierenasiel, te verkopen of te euthanaseren.
ONDERWERP
Voor paarden en paardachtigen (dus ook ezels en kruisingen van ezels en paarden) is het verplicht het dier te laten chippen en registreren vanaf een leeftijd van 6 maanden. Dit geldt voor alle paardachtigen geboren in de EU na 1 juli 2009. Voor deze dieren geldt dat zij bovendien een paardenpaspoort moeten hebben.
Visie Dierenwelzijn 2021-2030
Identificatie en registratie Vanaf 1 april 2013 geldt in Nederland wel een chip- en registratieverplichting voor honden. Dit houdt in dat chippen én registreren verplicht is voor pups die na 1 april 2013 zijn geboren. Haal je een hond, ongeacht zijn leeftijd, vanuit het buitenland naar Nederland, dan ben je verplicht deze binnen twee weken nadat hij Nederland is binnengebracht te registreren bij een daarvoor aangewezen databank. Deze honden moeten al gechipt zijn om Nederland binnen te kunnen komen. Bij veranderingen zoals een verhuizing of als het dier een nieuwe eigenaar krijgt, is de eigenaar op wiens naam het dier op dat moment geregistreerd staat verantwoordelijk voor het stopzetten van zijn registratie binnen 14 dagen. En de nieuwe eigenaar is zelf verantwoordelijk om de gegevens op zijn naam te zetten.
PAGINA
16
Wet natuurbescherming Per 1 januari 2017 trad de Wet natuurbescherming in werking. Deze wet vervangt de Natuurbeschermingswet 1998, de Boswet en de Flora- en faunawet. Het is daarmee de belangrijkste wet voor de bescherming van in het wild levende dieren en hun leefomgeving. In de Wet natuurbescherming is de bescherming vooral gericht op soorten die vanuit internationale afspraken beschermd moeten worden door Nederland. Wel is er voor de ‘overige’ soorten een basisbeschermingsregime en geldt voor alle soorten een zorgplicht. De provincie is bevoegd gezag. De Wet natuurbescherming zal overgaan in het stelsel van de Omgevingswet.
PAGINA
Visie Dierenwelzijn 2021-2030
ONDERWERP
Handhaven dierenwelzijn Het handhaven van dierenwelzijn is in principe geen verantwoordelijkheid van de gemeente. Echter, een gemeente kan via de APV op het gebied van openbare orde en veiligheid eisen stellen aan evenementen die direct of indirect hun weerslag hebben op het dierenwelzijn. Deze eisen kunnen worden vastgelegd in vergunningen. Overtreding van het vergunningvoorschrift kan worden gehandhaafd. Een andere optie om te handhaven is opgenomen in de Wet aanpak woonoverlast. Deze wet – die sinds 1 juli 2017 in werking is – biedt de gemeente meer mogelijkheden om woonoverlast sneller aan te pakken. In het geval van langdurige overlast kan de burgemeester officiële waarschuwingen geven en gedragsverandering afdwingen. De voorwaarde is dat bemiddeling met de buren niets oplevert. In het kader van stank- en geluidsoverlast kan de gemeente op deze wijze ook effectief ingrijpen in situaties waarin het welzijn van huisdieren wordt aangetast.
17
Verkoop van dieren Artikelen 3.17 tot en met 3.20 van het Besluit Houders van Dieren bevatten bepalingen over verkoop van dieren: • Bij de verkoop of aflevering van een gezelschapsdier moet de verkoper schriftelijke informatie over de benodigde verzorging van het dier geven. Het gaat hierbij om informatie over de verzorging, de huisvesting en het gedrag van het gezelschapsdier, en over de kosten die het houden van het dier met zich meebrengen. • De verkoper moet ook informatie geven over de gezondheidsstatus van het verkochte of afgeleverde dier. • Als een dier bij verkoop of aflevering verpakt wordt, moet dit zo gebeuren dat het welzijn en de gezondheid van het dier niet onnodig worden benadeeld. • Het is tenslotte verboden een gezelschapsdier te verkopen aan een persoon jonger dan 16 jaar.