CConstaterende datArnhem
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 1 - Wijzigingsbesluit 'Laarkwartier 0005'

Politieke Avond 25 februari 2026, gemeente ArnhemBij agendapunt: Vaststellen: Wijzigingsbesluit omgevingsplan Laarkwartier en Omgevingskwaliteitsplan Laarkwartier39.393 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 5

GEMEENTEBLAD

Officiële uitgave van de gemeente Arnhem

Wijziging Omgevingsplan gemeente Arnhem - Laarkwartier - 0005 De gemeenteraad van de Gemeente Arnhem

Concept

gelezen het voorstel van burgemeester en wethouders van 13 januari 2026 Gelet op: • artikel 2.4 van de Omgevingswet; Besluit;

Artikel I "Omgevingsplan gemeente Arnhem" opgenomen in Bijlage A wordt vastgesteld.

Artikel II Het wijzigingenoverzicht door te voeren ten opzichte van het ontwerp.

Artikel III Door dit besluit vervallen de delen van het bestemmingsplannen aangegeven in dit besluit, behorende bij de pons met identificatie /join/id/regdata/gm0202/2025/30f2c7c3663d4c8a8565e8d85004c385/nld@202601-06;14325433.

Artikel IV Dit besluit treedt in werking vier weken na bekendmaking ervan. Aldus vastgesteld door de gemeenteraad De griffier, De voorzitter, Tegen het wijzigingsbesluit kan beroep worden ingesteld bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State. Dat kan gedurende de beroepstermijn. Het beroep dient te worden gericht aan de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State, Postbus 20019, 2500 EA ’s-Gravenhage. Voor het op andere wijze dan schriftelijk instellen van beroep, wordt verwezen naar de website van de Raad van State. Een belanghebbende kan altijd beroep instellen, ook als hij geen zienswijzen heeft ingediend op het ontwerpwijzigingsbesluit. Een niet-belanghebbende kan ook beroep instellen als hij: - een zienswijze tegen het ontwerp-omgevingsplan heeft ingediend; of - geen zienswijze heeft ingediend en kan aantonen dat hij redelijkerwijs niet in staat is geweest om zienswijzen in te dienen; of - beroep wil instellen tegen wijzigingen die de raad bij de vaststelling van het omgevingsplan ten opzichte van het ontwerp-omgevingsplan heeft aangebracht. Het wijzigingsbesluit treedt in werking op de dag waarop 4 weken zijn verstreken sinds de dag waarop de gemeente het besluit bekend heeft gemaakt. Het instellen van beroep heeft geen schorsende werking. Dat betekent dat het wijzigingsbesluit, ook al is er beroep ingesteld, in werking treedt.

Dit document bevat verschilmarkering t.o.v. eerdere regelingtekst. Tekst en afbeeldingen die worden toegevoegd zijn onderstreept en groen gemarkeerd, of van een groen kader voorzien. Tekst en afbeeldingen die worden verwijderd zijn doorgestreept en rood gemarkeerd, of van een rood kader voorzien.

1

Degene die beroep heeft ingesteld kan de Voorzieningenrechter van de Afdeling bestuursrechtspraak verzoeken om met het oog op onverwijlde spoed een voorlopige voorziening te treffen. Het verzoek dient geadresseerd te worden aan de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State, ter attentie van de Voorzieningenrechter van de Afdeling bestuursrechtspraak, postbus 20019, 2500 EA ’s-Gravenhage. Onder de Omgevingswet heeft een verzoek om voorlopige voorziening géén schorsende werking. Dat betekent dat het indienen van een voorlopige voorziening er niet automatisch voor zorgt dat een omgevingsplan voorlopig niet uitgevoerd kan worden. Dat gebeurt pas als de voorzieningenrechter een verzoek om voorlopige voorziening geheel of gedeeltelijk toewijst.

Concept

(van 6-1-2026 15:51)

Bijlage A Bijlage bij artikel I A

Concept

Hoofdstuk 10 wordt op de aangegeven wijze gewijzigd:

Hoofdstuk 10 Gereserveerd Activiteiten met betrekking tot transformatiegebieden [Gereserveerd]

Afdeling 10.1 Algemene bepalingen Paragraaf 10.1.1 Aanwijzing transformatiegebieden Artikel 10.1 Toepassingsbereik Dit hoofdstuk is van toepassing op de locatie Transformatiegebieden Arnhem.

Artikel 10.2 Voorrangsbepaling transformatiegebieden De regels in het tijdelijk deel omgevingsplan en bruidsschat die in strijd zijn met dit hoofdstuk zijn niet van toepassing binnen transformatiegebieden. De regels in afdeling 22.2, met uitzondering van paragraaf 22.2.7.3, en afdeling 22.3 zijn niet van toepassing voor zover die regels in strijd zijn met regels in dit hoofdstuk.

Artikel 10.3 Transformatiegebied Bartok Park Zuid De locatie ‘Transformatiegebied Bartok Park Zuid ’ is aangewezen als transformatiegebied, waarbij het gebied wordt getransformeerd naar een woongebied met een openbare fietsenstalling.

Artikel 10.4 Transformatiegebied Bartok Park Noord De locatie 'Transformatiegebied Bartok Park Noord' is aangewezen als ontwikkelgebied, waarbij het gebied wordt getransformeerd naar een gemengd gebied met mogelijkheden tot een woonfunctie, culturele functie en tuinfunctie.

Artikel 10.5 Transformatiegebied Laarkwartier De locatie 'Transformatiegebied Laarkwartier' is aangewezen als transformatiegebied, waarbij het gebied wordt getransformeerd naar een gemengd gebied, een openbaar verblijfsgebied, een groengebied en parkgebied met mogelijkheden tot een woonfunctie, kantoorfunctie, verblijfsfunctie en parkfunctie.

Paragraaf 10.1.2 Aanwijzingen in fysieke leefomgeving in transformatiegebieden Subparagraaf 10.1.2.1 Functies Artikel 10.6 Functie wonen transformatiegebied Er is een functie Wonen tranformatiegebied.

Artikel 10.7 Functie verblijfsgebied transformatiegebied Er is een functie Verblijfsgebied transformatiegebied.

Artikel 10.8 Functie nutsvoorziening transformatiegebied Er is een functie Nutsvoorziening transformatiegebied.

Artikel 10.9 Functie tuin transformatiegebied Er is een functie Tuin transformatiegebied.

2

Concept

(van 6-1-2026 15:51)

Artikel 10.10 Functie park transformatiegebied Er is een functie Park transformatiegebied.

Artikel 10.11 Functie groen transformatiegebied

Concept

Er is een functie Groen transformatiegebied.

Artikel 10.12 Functie kantoor transformatiegebied Er is een functie Kantoor transformatiegebied.

Artikel 10.13 Functie dienstverlening transformatiegebied Er is een functie Dienstverlening transformatiegebied.

Artikel 10.14 Functie bedrijf transformatiegebied Er is een functie Bedrijf transformatiegebied.

Subparagraaf 10.1.2.2 Waarden Subsubparagraaf 10.1.2.2.1 Beschermd stadsgezicht Binnenstad en singels transformatiegebied Artikel 10.15 Waarde gemeentelijk beschermd stadsgezicht Binnenstad en Singels transformatiegebied Er is een waarde Gemeentelijk beschermd stadsgezicht Binnenstad en Singels transformatiegebied.

Artikel 10.16 Toepassingsbereik Deze subparagraaf is van toepassing op het verrichten van activiteiten binnen de locatie Gemeentelijk beschermd stadsgezicht Binnenstad en Singels transformatiegebied.

Artikel 10.17 Oogmerk Deze regels uit deze subparagraaf zijn gesteld met het oog op: a. Het beschermen van het beschermde stadsgezicht Binnenstad en singels

Artikel 10.18 Maatwerkvoorschrift Een maatwerkvoorschrift kan worden gesteld over de bouwactiviteiten binnen een Gemeentelijk beschermd stadsgezicht Binnenstad en Singels transformatiegebied.

Subsubparagraaf 10.1.2.2.2 Landschap en natuur transformatiegebied Artikel 10.19 Waarde landschap en natuur Er is een waarde Landschap en Natuur transformatiegebied.

Artikel 10.20 Toepassingsbereik Deze subparagraaf is van toepassing op het verrichten van activiteiten binnen de locatie Landschap en Natuur transformatiegebied.

Artikel 10.21 Oogmerk Deze regels uit deze subparagraaf zijn gesteld met het oog op: a. Het behoud, het herstel en de versterking van de op deze gronden voorkomende dan wel daaraan eigen landschappelijke-, ecologische-, cultuurhistorische- en natuurwaarden.

Artikel 10.22 Maatwerkvoorschrift Een maatwerkvoorschrift kan worden gesteld over de bouwactiviteiten binnen een waarde Landschap en Natuur transformatiegebied.

3

Concept

(van 6-1-2026 15:51)

Afdeling 10.2 Standaardbepalingen in transformatiegebieden Paragraaf 10.2.1 Algemeen

Concept

Artikel 10.23 Toepassingsbereik Deze afdeling is van toepassing op het verrichten van activiteiten binnen Transformatiegebieden Arnhem.

Artikel 10.24 Normadressaat Aan dit hoofdstuk wordt voldaan door degene die de activiteit verricht, tenzij anders is bepaald. Diegene draagt zorg voor de naleving van de regels over de activiteiten.

Paragraaf 10.2.2 Gebruiksactiviteiten Subparagraaf 10.2.2.1 Algemene bepalingen Artikel 10.25 Algemene regels over gebruiksactiviteiten binnen transformatiegebieden 1.

Deze paragraaf is van toepassing op gebruiksactiviteiten binnen een transformatiegebied.

2.

Het gebruik van gronden en bouwwerken voor andere gebruiksactiviteiten dan die zijn geregeld in hoofdstuk 10 zijn verboden.

3.

De volgende activiteiten zijn toegestaan: a. groen- en watervoorzieningen b. overige voorzieningen en bijbehorende activiteiten, die qua aard, oppervlakte en ruimtelijke uitstraling ondergeschikt zijn aan de hoofdactiviteit, zoals nutsvoorzieningen, fitnessvoorzieningen en kinderopvang ten behoeve van de hoofdactiviteit. Hieronder worden geen ondergeschikte horeca, niet zijnde bedrijfskantines, en detailhandel verstaan

Subparagraaf 10.2.2.2 Gebruiksactiviteit cultuur Artikel 10.26 Toepassingsbereik gebruiksactiviteit cultuur Deze subparagraaf is van toepassing op het exploiteren van culturele functies, zoals expositieruimten, ateliers, muziek- en kunstonderwijs en naar de aard daarmee gelijk te stellen voorzieningen, met uitzondering van musea, muziektheaters, bioscopen en naar aard vergelijkbare voorzieningen, in transformatiegebieden.

Artikel 10.27 Algemene regels: locaties voor culturele functies exploiteren toegestaan Binnen transformatiegebieden is het exploiteren van culturele functies uitsluitend toegestaan ter plaatse van de locatie activiteit Cultuur transformatiegebied - toegestaan.

Subparagraaf 10.2.2.3 Gebruiksactiviteit nutsvoorziening Artikel 10.28 Toepassingsbereik 1.

Deze subparagraaf is van toepassing op de het gebruiken van een nutsvoorziening binnen transformatiegebieden.

2.

Deze subparagraaf is niet toepassing op ondergeschikte nutsvoorzieningen bedoeld in derde lid van artikel 10.25.

Artikel 10.29 Algemene regels: locaties voor nutsvoorziening toegestaan Binnen transformatiegebieden is het gebruik van nutsvoorzieningen uitsluitend toegestaan ter plaatse van de locatie activiteit Nutsvoorziening transformatiegebied - toegestaan.

Subparagraaf 10.2.2.4 Gebruiksactiviteit tuin Artikel 10.30 Toepassingsbereik gebruiksactiviteit tuin 1.

4

Deze paragraaf is van toepassing op het gebruiken van een tuin binnen transformatiegebieden.

Concept

(van 6-1-2026 15:51)

2.

Deze subparagraaf is niet toepassing op het gebruik als tuin bedoeld in derde lid van artikel 10.23.

Artikel 10.31 Algemene regels: locaties voor tuin gebruiken toegestaan

Concept

Binnen transformatiegebieden is het gebruik als tuin uitsluitend toegestaan ter plaatse van de locatie activiteit Tuin transformatiegebied - toegestaan.

5

Subparagraaf 10.2.2.5 Gebruiksactiviteit verblijfsgebied Artikel 10.32 Toepassingsbereik gebruiksactiviteit verblijfsgebied Deze subparagraaf is van toepassing op de activiteiten verrichten binnen de functie Verblijfsgebied transformatiegebied.

Artikel 10.33 Algemene regels: locaties voor verblijfsgebied toegestaan Binnen transformatiegebieden zijn activiteiten binnen de functie Verblijfsgebied transformatiegebied toegestaan indien het gaat om aanleg, bouw, gebruik en instandhouding van de volgende voorzieningen: a. ten behoeve van bestemmingsverkeer en verblijfsfuncties; b. aanleg, beheer, onderhoud en gebruik van fiets- en wandelpaden, straatmeubilair en speelvoorzieningen; c. voorzieningen voor het openbaar vervoer, zoals busstations; d. terrassen; e. nutsvoorzieningen; f. onderdoorgangen, alsmede toegangen tot ondergrondse voorzieningen ten behoeve van direct aangrenzende functies en activiteiten.

Subparagraaf 10.2.2.6 Gebruiksactiviteit wonen Artikel 10.34 Toepassingsbereik gebruiksactiviteit wonen Deze subparagraaf is van toepassing op het wonen binnen transformatiegebieden.

Artikel 10.35 Algemene regels: locaties voor garagebox toegestaan Binnen transformatiegebieden is het gebruik van een garagebox ten behoeve van het stallen van vervoersmiddelen of de opslag van goederen toegestaan ter plaatse van de locatie activiteit Garagebox gebruiken transformatiegebied - toegestaan.

Artikel 10.36 Algemene regels: locaties voor wonen toegestaan Binnen transformatiegebieden is wonen uitsluitend toegestaan ter plaatse van de locatie activiteit Wonen transformatiegebied - toegestaan.

Artikel 10.37 Algemene regels: wonen Voor wonen gelden de volgende regels: a. beroep aan huis is toegestaan, waaronder mede begrepen bed and breakfast, mits: 1. dit maximaal 33% van het vloeroppervlakte van de woning betreft; en 2. dit door de bewoner wordt uitgeoefend; en 3. dit geen onevenredige aantasting van het woon- en leefklimaat ter plaatse of een onevenredige parkeerdruk tot gevolg heeft; en 4. het geen detailhandel, internetverkoop hiervan uitgezonderd, prostitutie of horeca betreft. b. onder wonen wordt niet begrepen: 1. bewoning van woonwagens of woonschepen; 2. het bewonen, of laten bewonen, van een kamergewijze bewoning door meer dan één persoon per 18 m2 gebruiksoppervlakte; 3. het verschaffen van kortdurend verblijf van maximaal 3 maanden, te vergelijken met logies, al dan niet als onderdeel van de arbeidsvoorwaarden aan werknemers in een kamergewijze bewoning; 4. het gebruik van bijgebouwen als onzelfstandige wooneenheid in een kamergewijze bewoning.

Concept

(van 6-1-2026 15:51)

Artikel 10.38 Woning splitsen - vergunningplicht Het is verboden om zonder omgevingsvergunning een (gedeelte) van een gebouw te splitsen naar twee of meerdere zelfstandige woningen.

Concept

Artikel 10.39 Woning splitsen - beoordelingsregels 1.

Een omgevingsvergunning als bedoeld in artikel 10.38 mag alleen worden verleend op de locatie activiteit Woning splitsen transformatiegebied - vergunningplicht indien: a. de gebruiksoppervlakte van de bestaande woning gelijk is aan of groter is dan 110 m2; en b. de gebruiksoppervlakte van elke zelfstandige woning die als gevolg van splitsing ontstaat niet kleiner is dan 50 m2; en c. de gesplitste woningen over een bergingsruimte met een oppervlakte van ten minste 5 m2 per woning; en d. de gesplitste woningen beschikken over een buitenruimte.

2.

Een omgevingsvergunning als bedoeld in artikel 10.38 mag alleen worden verleend op de locatie activiteit Woning splitsen kernwinkelgebied transformatiegebied - vergunningplicht indien: a. de gebruiksoppervlakte van elke zelfstandige woning die als gevolg van splitsing ontstaat niet kleiner is dan 40m2.

Artikel 10.40 Woning verkameren - vergunningplicht 1.

Het is verboden om zonder omgevingsvergunning een (gedeelte) van een gebouw te verkameren (vanaf drie onzelfstandige wooneenheden).

2.

Het verbod, als bedoeld het eerste lid geldt niet indien sprake is van verkameren door een hospita.

Artikel 10.41 Woning verkameren - beoordelingsregels Een omgevingsvergunning als bedoeld in artikel 10.40 mag alleen worden verleend indien op de locatie activiteit Verkamering transformatiegebied - vergunningplicht: a. de gebruiksoppervlakte van de bestaande woning gelijk is aan of groter is dan 110 m2; en b. het gebouw niet opgedeeld wordt in meer dan één onzelfstandige wooneenheid per 18 m2 gebruiksoppervlakte; en c. het verkamerde gebouw minimaal beschikt over een bergingsruimte met een oppervlakte van ten minste 3 m2 ten behoeve van de stalling van fietsen, afvalcontainer(s) of afvalzakken. Vanaf 4 onzelfstandige wooneenheden geldt als aanvullende eis dat 1 m2 bergingsruimte per wooneenheid wordt toegevoegd.

Artikel 10.42 Omgevingsnorm bouwlaag wonen Ter plaatse van de omgevingsnorm Bouwlaag Wonen transformatiegebied met werkingsgebied omgevingsnorm Bouwlaag wonen transformatiegebied is het wonen uitsluitend op de aangegeven bouwlaag toegestaan.

Artikel 10.43 Omgevingsnorm maximum aantal woningen Ter plaatse van de omgevingsnorm Maximum aantal woningen transformatiegebied met het werkingsgebied omgevingsnorm Maximum aantal woningen transformatiegebied mag het aantal woningen niet meer bedragen dan aangegeven in de omgevingsnorm.

Subparagraaf 10.2.2.7 Gebruiksactiviteit bedrijf - geschikt voor functiemenging Artikel 10.44 Toepassingsbereik gebruiksactiviteit bedrijf - geschikt voor functiemenging Deze subparagraaf is van toepassing op het exploiteren van Bedrijfsactiviteit geschikt voor functiemenging binnen transformatiegebieden.

6

Concept

(van 6-1-2026 15:51)

Artikel 10.45 Algemene regels: locaties voor bedrijf - geschikt voor functiemenging gebruiken toegestaan

Concept

Binnen transformatiegebieden is het exploiteren van bedrijven (geschikt voor functiemenging) uitsluitend toegestaan ter plaatse van de locatie activiteit Bedrijf geschikt voor functiemenging transformatiegebied - toegestaan.

Artikel 10.46 Omgevingsnorm bouwlaag bedrijf - geschikt voor functiemenging Ter plaatse van de omgevingsnorm Bouwlaag Bedrijf geschikt voor functiemenging transformatiegebied met werkingsgebied omgevingsnorm Bouwlaag bedrijf geschikt voor functiemenging transformatiegebied is het exploiteren van bedrijven (geschikt voor functiemenging) uitsluitend op de aangegeven bouwlaag toegestaan.

Subparagraaf 10.2.2.8 Gebruiksactiviteit dienstverlening Artikel 10.47 Toepassingsbereik gebruiksactiviteit dienstverlening Deze subparagraaf is van toepassing op het exploiteren van dienstverlening binnen transformatiegebieden.

Artikel 10.48 Algemene regels: locaties voor dienstverlening exploiteren toegestaan Binnen transformatiegebieden is het exploiteren van dienstverlening ter plaatse van de begane grond uitsluitend toegestaan ter plaatse van de locatie activiteit Dienstverlening transformatiegebied - toegestaan.

Artikel 10.49 Omgevingsnorm bouwlaag dienstverlening Ter plaatse van de omgevingsnorm Bouwlaag Dienstverlening transformatiegebied met werkingsgebied omgevingsnorm Bouwlaag dienstverlening transformatiegebied is het verlenen van diensten uitsluitend op de aangegeven bouwlaag toegestaan.

Subparagraaf 10.2.2.9 Gebruiksactiviteit groen Artikel 10.50 Toepassingsbereik gebruiksactiviteit groen Deze subparagraaf is van toepassing op het verrichten van activiteiten binnen de locatie Groen transformatiegebied.

Artikel 10.51 Algemene regels: locaties voor groen gebruiken toegestaan Binnen transformatiegebieden zijn activiteiten binnen de functie Groen transformatiegebied toegestaan met betrekking tot: a. aanleg, beheer, onderhoud en gebruik van groenvoorzieningen; b. aanleg, beheer, onderhoud en gebruik van fiets- en wandelpaden, straatmeubilair, speelvoorzieningen en bestaande ontsluitingswegen; c. extensieve recreatie.

Subparagraaf 10.2.2.10 Gebruiksactiviteit kantoor Artikel 10.52 Toepassingsbereik gebruiksactiviteit kantoor Deze subparagraaf is van toepassing op het gebruiken van kantoren binnen transformatiegebieden.

Artikel 10.53 Algemene regels: locaties voor kantoor gebruiken toegestaan Binnen transformatiegebieden is het gebruiken van kantoren ter plaatse van de begane grond uitsluitend toegestaan ter plaatse van de locatie activiteit Kantoor transformatiegebied - toegestaan.

Artikel 10.54 Omgevingsnorm bouwlaag kantoor Ter plaatse van de omgevingsnorm Bouwlaag Kantoor transformatiegebied met werkingsgebied omgevingsnorm Bouwlaag kantoor transformatiegebied is het verlenen van diensten uitsluitend op de aangegeven bouwlaag toegestaan.

7

Concept

(van 6-1-2026 15:51)

Subparagraaf 10.2.2.11 Gebruiksactiviteit ontsluitingsweg Artikel 10.55 Toepassingsbereik gebruiksactiviteit ontsluitingsweg

Concept

Deze subparagraaf is van toepassing op het gebruiken van een ontsluitingsweg binnen de locatie activiteit Ontsluitingsweg transformatiegebied - toegestaan.

Artikel 10.56 Algemene regels: locaties voor ontsluitingsweg gebruiken toegestaan Op de locatie activiteit Ontsluitingsweg transformatiegebied - toegestaan is het gebruik van ontsluitingswegen toegestaan.

Subparagraaf 10.2.2.12 Gebruiksactiviteit park Artikel 10.57 Toepassingsbereik gebruiksactiviteit park Deze subparagraaf is van toepassing op verrichten van activiteiten binnen de locatie Park transformatiegebied.

Artikel 10.58 Algemene regels: locaties voor park gebruiken toegestaan Binnen transformatiegebieden zijn activiteiten binnen de functie Park transformatiegebied toegestaan met betrekking tot: a. aanleg, beheer, onderhoud en gebruik van groenvoorzieningen; b. aanleg, beheer, onderhoud en gebruik van fiets- en wandelpaden, straatmeubilair, speelvoorzieningen en bestaande ontsluitingswegen; c. extensieve recreatie.

Paragraaf 10.2.3 Bouwactiviteiten Subparagraaf 10.2.3.1 Algemeen Artikel 10.59 Algemene regels over bouwen 1.

Deze paragraaf is van toepassing op het bouwen, verbouwen en in stand houden van gebouwen ter plaatse van transformatiegebieden.

2.

Bouwwerken mogen uitsluitend worden opgericht, voor zover deze passen binnen de functies dan wel activiteiten zoals omschreven in deze regels.

3.

Het bouwen, verbouwen en instand houden van andere bouwwerken dan die zijn geregeld in hoofdstuk 10 zijn verboden.

Artikel 10.60 Wijze van meten Bij de toepassing van deze regels wordt als volgt gemeten: a. de goothoogte van een bouwwerk: vanaf het peil tot aan de bovenkant van de bovenste goot, c.q. de druiplijn, het boeibord, of een daarmee gelijk te stellen constructiedeel. b. de inhoud van een bouwwerk: tussen de onderzijde van de begane grondvloer, de buitenzijde van de gevels (of het hart van de scheidsmuren) en de buitenzijde van daken en dakkapellen. c. de bouwhoogte van een bouwwerk: vanaf het peil tot aan het hoogste punt van een gebouw of van een overig bouwwerk met uitzondering van ondergeschikte bouwonderdelen, zoals schoorstenen, antennes, liftopbouwen en naar de aard daarmee gelijk te stellen bouwonderdelen. d. de oppervlakte van een bouwwerk: tussen de buitenwerkse gevelvlakken en/of het hart van de scheidingsmuren, neerwaarts geprojecteerd op het gemiddelde niveau van het afgewerkte bouwterrein ter plaatse van het bouwwerk.

Artikel 10.61 Algemene bouwregel: bouwvlak

8

1.

Het bouwen van hoofdgebouwen is uitsluitend toegestaan binnen het Bouwvlak tranformatiegebieden.

2.

In afwijking van het eerste lid is het toegestaan om buiten het bouwvlak te bouwen indien

Concept

(van 6-1-2026 15:51)

a.

Concept

b.

de overschrijding van het bouwvlak niet meer bedraagt dan 2 m, de activiteitengrens niet wordt overschreden en het de bouw betreft van erkers, luifels, balkons, keldergaten (koekoeken) of galerijen; het de bouw van volledig beneden peil gelegen bouwwerken betreft, mits: 1. een diepte van 6 m niet wordt overschreden; 2. het maaiveld wordt afgewerkt op een wijze die past binnen de activiteit en de ter plaatse geldende waarden; 3. geen onevenredige toename van de parkeerdruk plaatsvindt; 4. de activiteitengrens niet wordt overschreden.

Artikel 10.62 Algemene bouwregel: bouwen conform maatvoering 1.

Ter plaatse van de locatie omgevingsnorm Maximum bouwhoogte transformatiegebied bedraagt de maximum bouwhoogte niet meer dan aangegeven met de omgevingsnorm Maximum bouwhoogte transformatiegebieden.

2.

Ter plaatse van het werkingsgebied omgevingsnorm Maximum goothoogte transformatiegebied bedraagt de maximum goothoogte niet meer dan aangegeven met de Maximum goothoogte transformatiegebieden.

3.

Afwijken van het bepaalde in het eerste en het tweede lid is toegestaan indien: a. de afwijking niet meer bedraagt dan 10% van de in de regels vastgelegde maten en een onevenredig afbreuk wordt gedaan aan het straat- en bebouwingsbeeld, de privacy van omwonenden en de gebruiksmogelijkheden van de aangrenzende gronden; b. Ten behoeve van het oprichten van hekwerken op platte daken voor het gebruik als dakterras indien: 1. de hoogte niet meer bedraagt dan 1 meter boven de aangegeven maximum bouwhoogte; 2. dit passend is in het bebouwingsbeeld van de omringende bebouwing en 3. de belangen van omwonenden met betrekking tot privacy, uitzicht en bezonning niet onevenredig worden geschaad.

Artikel 10.63 Algemene regel: vergunningvrij bouwen Het bouwen, verbouwen en in stand houden van bouwwerken conform paragraaf 22.2.7.2 en paragraaf 22.2.7.3 is toegestaan.

Subparagraaf 10.2.3.2 Bouwen in verblijfsgebied Artikel 10.64 Bouwen in verblijfsgebied transformatiegebied – vergunningplicht 1.

Het is verboden om op de locatie Verblijfsgebied transformatiegebied zonder omgevingsvergunning een bouwwerk te bouwen.

2.

Het bepaalde in het eerste lid geldt niet als er sprake is van vergunningsvrij bouwen conform 10.63.

Artikel 10.65 Bouwen in verblijfsgebied transformatiegebied – beoordelingsregels De omgevingsvergunning als bedoeld in artikel 10.64 wordt alleen verleend indien het aangevraagde bouwwerk: a. past binnen de functie/activiteit, bedoeld in artikel 10.59; b. de bouwhoogte maximaal 5 meter hoog is; c. voldoet aan het bepaalde in artikel 22.29.

Subparagraaf 10.2.3.3 Bouwen in groen Artikel 10.66 Bouwen in groen - vergunningplicht

9

1.

Het is verboden om op de locatie Groen transformatiegebied zonder omgevingsvergunning een bouwwerk te bouwen.

2.

Het bepaalde in het eerste lid geldt niet als er sprake is van vergunningsvrij bouwen conform 10.63.

Concept

(van 6-1-2026 15:51)

Artikel 10.67 Bouwen in groen - beoordelingsregels

Concept

Een omgevingsvergunning als bedoeld in artikel 10.66 wordt alleen verleend indien het aangevraagde bouwwerk: a. past binnen de functie/activiteit, bedoeld in artikel 10.59; b. de bouwhoogte maximaal 4 meter hoog is; c. voldoet aan het bepaalde in artikel 22.29.

Subparagraaf 10.2.3.4 Bouwen in park Artikel 10.68 Bouwen in park - vergunningplicht Op de locatie Park transformatiegebied is het verboden om zonder omgevingsvergunning te bouwen.

Artikel 10.69 Bouwen in park - beoordelingsregels De omgevingsvergunning als bedoeld onder 10.68 wordt alleen verleend indien: a. geen onevenredig afbreuk wordt gedaan op stedenbouwkundige, landschappelijke, ecologische, cultuurhistorische en natuurwaarden; b. de bouwhoogte maximaal 4 meter bedraagt; c. voldoet aan het bepaalde in artikel 22.29.

Paragraaf 10.2.4 Milieubelastende activiteiten Subparagraaf 10.2.4.1 Geluid Subsubparagraaf 10.2.4.1.1 Geluid bedrijven geschikt voor functiemenging Artikel 10.70 Toepassingsbereik 1. Deze subparaaf is van toepassing op het geluid dat wordt veroorzaakt door Bedrijfsactiviteit geschikt voor functiemenging, waarbij het gaat om activiteiten die worden verricht op dezelfde locatie en die: a. rechtstreeks met elkaar samenhangen en met elkaar in technisch verband staan; of b. elkaar functioneel ondersteunen. 2.

De waarden in dit artikel zijn niet van toepassing op: a. het geluid op een niet-geluidgevoelige gevel;h b. et geluid van een activiteit op 'geluidgevoelige gebouwen met een functionele binding of voormalige functionele binding' met die activiteit; en c. onversterkt menselijk stemgeluid, tenzij het muziekgeluid is of daarmee vermengd is.

Artikel 10.71 Verhouding met regels in het tijdelijke deel van het omgevingsplan van rijkswege (bruidsschat) Waar de regels in dit artikel afwijken van de regels over geluid in paragraaf 22.3.4 van het omgevingsplan, hebben de regels in dit artikel voorrang op die bepalingen.

Artikel 10.72 Waar de waarden gelden De waarden uit tabel 10.1 uit artikel 10.73 voor het geluid als gevolg van die activiteit gelden, tenzij anders bepaald: a. op een geluidgevoelig gebouw dat op grond van dit omgevingsplan of een omgevingsvergunning voor een omgevingsplanactiviteit is toegelaten, anders dan een woonschip of woonwagen: 1. op de gevel, als het gaat om een geluidgevoelig gebouw; en 2. op de uiterste locatie waar een gevel mag komen, als het gaat om een nieuw te bouwen geluidgevoelig gebouw, tot dat het geluidgevoelige gebouw is gerealiseerd, waarna de geluidbelasting op de gevel geldt (zie onder a); b. op een woonschip of woonwagen, op de begrenzing van de locatie voor het plaatsen van dat woonschip of die woonwagen; c. voor zover er binnen 10 meter vanaf de grens van de locatie waar de activiteit wordt verricht geen geluidgevoelig gebouw is gelegen of toegelaten, gelden de waarden in dit artikel voor het

10

Concept

(van 6-1-2026 15:51)

d.

langtijdgemiddeld beoordelingsniveau ook op een afstand van 10 meter van de grens van de locatie waar de activiteit wordt verricht. de onder 3 genoemde afstand van 10 meter wordt verruimd tot maximaal 30 meter, voor zover de locatie grenst aan openbaar gebied en tot zover er geen geluidgevoelige gebouwen zijn gelegen of toegelaten.

Concept

Artikel 10.73 Geluidwaarden Bij het verrichten van een activiteit is het geluid als gevolg van die activiteit niet hoger dan: Tabel 10.1 07.00-19.00 uur

19.00-23.00 uur

23.00-07.00 uur

50 dB(A)

45 dB(A)

40 dB(A)

Maximaal geluidniveau LAmax veroorzaakt door aandrijfgeluid van transportmiddelen

70 dB(A)

70 dB(A)

Maximaal geluidniveau LAmax veroorzaakt door piekgeluiden

65 dB(A)

65 dB(A)

Langtijdgemiddelde beoordelingsniveau LAr, LT

Paragraaf 10.2.5 Gebouw of activiteit met parkeerbehoefte toevoegen Artikel 10.74 Toepassingsbereik Deze paragraaf is van toepassing binnen transformatiegebieden en gaat over het: a. bouwen van een gebouw met een parkeerbehoefte; b. het wijzigen van gebruik van gronden en/of bouwwerken waarvoor een omgevingsvergunning is benodigd.

Artikel 10.75 Gebouw of activiteit met parkeerbehoefte toevoegen 1.

Er moet gelet op de omvang of de bestemming van het gebouw in voldoende mate worden voorzien in ruimte voor het parkeren of stallen van auto's in, op of onder het gebouw, dan wel op of onder het onbebouwde terrein dat bij dat gebouw behoort.

2.

De onder het eerste lid bedoelde ruimte voor het parkeren van personenauto's moet afmetingen hebben die zijn afgestemd op gangbare personenauto's.

3.

Aan het bepaalde in het eerste lid wordt geacht te zijn voldaan indien de ruimte voor parkeren of stallen voldoet aan de in de 'Beleidsregels Parkeren van de gemeente Arnhem' daartoe opgenomen normen.

Artikel 10.76 Laden en lossen Indien de bestemming van een gebouw aanleiding geeft tot een te verwachten behoefte aan ruimte voor het laden en lossen van goederen, dient, onverminderd het bepaalde elders in de regels van dit plan, in deze behoefte in voldoende mate zijn voorzien aan, in, of onder het gebouw, dan wel op of onder het onbebouwde terrein dat bij dat gebouw behoort.

Artikel 10.77 Specifieke bepaling strijdig gebruik Tot een strijdig gebruik van gronden en bouwwerken wordt in elk geval gerekend het gebruiken of laten gebruiken van gronden of bouwwerken waarbij niet in voldoende mate ruimte is aangebracht en in stand wordt gehouden op eigen terrein overeenkomstig de beleidsregels zoals die golden op het tijdstip van indiening van de aanvraag om een omgevingsvergunning.

Artikel 10.78 Beleidsregels 1.

11

Burgemeester en wethouders passen deze regels toe met inachtneming van de door hen vastgestelde beleidsregels met betrekking tot het parkeren, zoals die gelden op het tijdstip van indiening van de aanvraag om een omgevingsvergunning.

Concept

(van 6-1-2026 15:51)

2.

Indien deze beleidsregels gedurende de planperiode worden gewijzigd, wordt rekening gehouden met de wijziging.

Concept

Artikel 10.79 Afwijkbevoegdheid Burgemeester en wethouders kunnen bij een omgevingsvergunning afwijken van het bepaalde in artikel 10.75 en artikel 10.76 indien: a. indien het voldoen aan hetgeen in bovengenoemde artikelen door bijzondere omstandigheden op overwegende bezwaren stuit, of b. voor zover op andere wijze in de benodigde parkeer- of stallingsruimte zoals bedoeld in artikel 10.75 dan wel laad- of losruimte zoals bedoeld in artikel 10.76 wordt voorzien.

Artikel 10.80 Voorwaarden voor afwijken Een omgevingsvergunning kan worden verleend indien geen onevenredige aantasting plaatsvindt van: a. de parkeersituatie in de openbare ruimte; b. de woon- en leefsituatie.

Paragraaf 10.2.6 In stand houden Subparagraaf 10.2.6.1 Algemene bepalingen Artikel 10.81 Toepassingsbereik Deze paragraaf is van toepassing op het in in stand houden in transformatiegebieden.

Subparagraaf 10.2.6.2 Natuurinclusief en klimaatadaptief bouwen Artikel 10.82 Toepassingsbereik Deze subparagraaf gaat over het in stand houden van maatregelen in het kader van natuurinclusief en klimaatadaptief bouwen.

Artikel 10.83 Afwijken instandhoudingsverplichting klimaatadaptief en natuurinclusief bouwen - vergunningplicht Het is verboden om zonder een omgevingsvergunning een bouwwerk te gebruiken zonder de vereiste klimaatadaptieve en natuurinclusieve maatregelen in het kader van de vergunningverlening aan te brengen en in stand te houden.

Artikel 10.84 Afwijken instandhoudingsverplichting klimaatadaptief en natuurinclusief bouwen - beoordelingsregels - beoordelingsregels De omgevingsvergunning bedoeld in artikel 10.83 kan worden verleend indien indien op andere wijze kan worden voorzien in het treffen van voldoende klimaatadaptieve en natuurinclusieve maatregelen zoals opgenomen in de Beleidsregels Klimaatadaptief en Natuurinclusief bouwen.

Artikel 10.85 Afwijken instandhoudingsverplichting klimaatadaptief en natuurinclusief bouwen - bijzondere aanvraagvereisten Bij de aanvraag om een omgevingsvergunning voor het afwijken van de instandhoudingsverplichting klimaatadaptief en natuurinclusief bouwen worden de volgende gegevens en bescheiden ingediend: a. een ingevuld format van het Puntensysteem Klimaatadaptief en Natuurinclusief Bouwen Gemeente Arnhem b. voor zover noodzakelijk voor de beoordeling van de klimaatadaptieve en natuurinclusieve maatregelen, tekeningen van: 1. alle gevels van het bouwwerk; 2. het dakaanzicht.

Paragraaf 10.2.7 Overige activiteiten Subparagraaf 10.2.7.1 Algemeen

12

Concept

(van 6-1-2026 15:51)

Artikel 10.86 Toepassingsbereik Deze paragraaf is van toepassing op het verrichten van overige activiteiten binnen transformatiegebieden.

Subparagraaf 10.2.7.2 Het verrichten van activiteiten in een tuin

Concept

Artikel 10.87 Toepassingsbereik Deze subparagraaf is van toepassing op het verrichten van activiteiten op de locatie Tuin transformatiegebied zijnde het aanbrengen van oppervlakteverhardingen.

Artikel 10.88 Algemene regels: Activiteiten verrichten in een tuin Op de locatie Tuin transformatiegebied is het aanbrengen van ondergeschikte oppervlakte aan noodzakelijke en functionele verharding toegestaan.

Artikel 10.89 Activiteiten verrichten in een tuin - vergunningplicht Het is verboden om zonder vergunning activiteiten in een Tuin transformatiegebied te verrichten zijnde het aanbrengen van oppervlakteverhardingen in afwijking van het bepaalde in 10.88.

Artikel 10.90 Activiteiten verrichten in een tuin - beoordelingsregels Een omgevingsvergunning als bedoeld onder 10.89 kan worden verleend indien geen onevenredige afbreuk wordt gedaan aan de cultuurhistorische waarde of de waardevolle groenelementen binnen de tuin.

Subparagraaf 10.2.7.3 Het verrichten van werken, niet zijnde bouwwerken, en werkzaamheden binnen een gebied met landschappelijke waarden Artikel 10.91 Toepassingsbereik Deze paragraaf is van toepassing op het uitvoeren van werken, niet zijnde bouwwerk, of werkzaamheden uitvoeren op de locatie Landschap en Natuur transformatiegebied.

Artikel 10.92 Aanwijzing vergunningplichtige gevallen werken, niet zijnde bouwwerken, of werkzaamheden uitvoeren op locatie Landschap en natuur transformatiegebieden 1.

Het is verboden om zonder omgevingsvergunning de volgende werken, niet zijnde bouwwerken of werkzaamheden uit voeren: a. het vellen, rooien en beschadigen van houtgewassen b. het aanbrengen van beplantingen c. het aanbrengen van ondergrondse of bovengrondse leidingen, constructies, installaties of andere apparatuur; d. het verlagen van de bodem of het afgraven van gronden waarvoor geen ontgrondingsvergunning is vereist e. het ophogen van gronden; f. het gebruik van groeistoffen, stoorstoffen of kunstmes g. thet aanleggen, verbreden of verharden van voet-, rijwielpaden, ontsluitingswegen en parkeerplaatsen h. het aanbrengen van oppervlakte verharding groter dan 25 m2.het aanbrengen van recreatievoorzieningen (incl. raster, wildroosters en ruitervoorzieningen i. het graven, dichten, verdiepen of verbreden van greppels, sloten, vijvers, beken en andere watergangen; j. het aanleggen van reservoirs.

2.

Het verbod bedoeld onder het eerste lid is niet van toepassing indien: a. die van geringe omvang zijn, dan wel het normale onderhoud en beheer betreffen; b. welke op het tijdstip waarop het plan rechtskracht verkrijgt, in uitvoering zijn.

Artikel 10.93 Beoordelingsregels werken, niet zijnde bouwwerken, of werkzaamheden uitvoeren op locatie Landschap en natuur transformatiegebieden Een omgevingsvergunning als bedoeld in artikel 10.92 mag alleen worden verleend indien:

13

Concept

(van 6-1-2026 15:51)

a. b.

deze verband houden met de doeleinden, die aan de desbetreffende bestemmingen zijn toegekend en hierdoor dan wel door daarvan hetzij direct, hetzij indirect te verwachten gevolgen de landschappelijke-, cultuurhistorische- en natuurwaarden niet onevenredig worden of kunnen worden aangetast.

Concept

Paragraaf 10.2.8 Geluid Artikel 10.94 Gezamenlijk geluid 1.

Ter plaatse van de locatie omgevingsnorm gezamenlijk geluid weg- en spoorwegverkeer bedraagt het gezamenlijk geluid van weg- en spoorwegverkeer aangegeven met de omgevingsnorm Gezamenlijk geluid van weg- en spoorwegverkeer in Lden.

Afdeling 10.3 Transformatiegebied Bartok Park Zuid Paragraaf 10.3.1 Gebruiksactiviteiten Bartok Park Zuid Artikel 10.95 Toepassingsbereik Deze paragraaf is van toepassing op het verrichten van gebruiksactiviteiten op de locatie Transformatiegebied Bartok Park Zuid .

Artikel 10.96 Transformatiegebied Bartok Park Zuid – algemene regels over gebruiksactiviteiten Met het oog op een evenwichtige toedeling van functies aan locaties worden alleen de volgende activiteiten verricht: a. wonen, bedoeld in 10.2.2.6; b. verblijfsgebied, bedoeld in 10.2.2.5; c. exploiteren van een openbare fietsenstalling, bedoeld in 10.97; d. het gebruiken van een nutsvoorziening, bedoeld in 10.2.2.3.

Artikel 10.97 Gebruiksactiviteiten openbare fietsenstalling - toegestaan Het gebruik van een openbare fietstelstalling is toegestaan voor zover dat plaatsvindt ter plaatse van de locatie activiteit Openbare fietsenstalling gebruiken Bartok Park Zuid - toegestaan.

Artikel 10.98 Overgangsrecht gebruik 1.

Het gebruik van grond en bouwwerken dat bestond op het tijdstip van inwerkingtreding van afdeling 10.3 en hiermee in strijd is, mag worden voortgezet.

2.

Het is verboden het met het omgevingsplan strijdige gebruik, bedoeld in het lid te veranderen of te laten veranderen in een ander met dat plan strijdig gebruik, tenzij door deze verandering de afwijking naar aard en omvang wordt verkleind.

3.

Indien het gebruik, bedoeld in het eerste lid na de inwerkingtreding van het plan voor een periode langer dan een jaar wordt onderbroken, is het verboden dit gebruik daarna te hervatten of te laten hervatten.

4.

Het bepaalde in het eerste lid is niet van toepassing op het gebruik dat reeds in strijd was met het voorheen geldende bestemmingsplan, daaronder begrepen de overgangsbepalingen van dat plan.

Paragraaf 10.3.2 Bouwactiviteiten Bartok Park Zuid Artikel 10.99 Toepassingsbereik bouwactiviteiten Transformatiegebied Bartok Park Zuid Deze paragraaf is van toepassing op het bouwen, verbouwen en in stand houden van gebouwen op de locatie Transformatiegebied Bartok Park Zuid .

Artikel 10.100 Hoofdgebouw bouwen – vergunningplicht Het is verboden om zonder omgevingsvergunning een hoofdgebouw te bouwen of te verbouwen.

14

Concept

(van 6-1-2026 15:51)

Concept

Artikel 10.101 Hoofdgebouw bouwen – beoordelingsregels De omgevingsvergunning als bedoeld in artikel 10.117 wordt alleen verleend indien het aangevraagde bouwwerk: a. past binnen de functie/activiteit, bedoeld in artikel 10.59; b. voldoet aan de bepalingen ten aanzien van het bouwvlak, bedoeld in artikel 10.61; c. voldoet aan de bepalingen ten aanzien van de maatvoeringen, bedoeld in artikel 10.62; d. voorziet in voldoende klimaatadaptieve en natuurinclusieve maatregelen zoals bedoeld in artikel 10.107; e. voldoet aan het bepaalde in 22.29; f. voldoet aan 10.2.5 Gebouw of activiteit met parkeerbehoefte toevoegen.

Artikel 10.102 Bijbehorend bouwwerk bouwen – vergunningplicht 1.

Het is verboden om zonder omgevingsvergunning een bijbehorend bouwwerk te bouwen of te verbouwen.

2.

Het bepaalde in het eerste lid geldt niet als er sprake is van vergunningsvrij bouwen conform 10.63.

Artikel 10.103 Bijbehorend bouwen – beoordelingsregels 1.

De omgevingsvergunning als bedoeld in artikel 10.102 wordt alleen verleend indien het aangevraagde bouwwerk: a. past binnen de functie/activiteit, bedoeld in artikel 10.59; b. wordt gebouwd binnen de locatie Bouwvlak tranformatiegebieden of activiteit Bijbehorende bouwwerken bouwen Bartok Park Zuid - vergunningplicht; c. voldoet aan de bepalingen ten aanzien van de maatvoeringen, bedoeld in artikel 10.62; d. binnen een bouwvlak wordt gebouwd waar de figuur ‘Historische rooilijn 1940'’ geldt zoals bedoeld in het kaartje in het tweede lid, dat de naar het openbaar gebied gekeerde gevel van een gebouw op de gevellijn gebouwd moet worden; e. voorziet in voldoende klimaatadaptieve en natuurinclusieve maatregelen zoals bedoeld in artikel 10.107; f. voldoet aan het bepaalde in 22.29.

2.

Historische rooilijnen binnen het gemeentelijk beschermd stadsgezicht Binnenstad en Singels NL.IMRO.0202.886-0301

Artikel 10.104 Overige bouwwerken bouwen – vergunningplicht

15

1.

Het is verboden om zonder omgevingsvergunning binnen de locatie Bouwvlak transformatiegebieden een overig bouwwerk, niet zijnde een hoofgebouw of een bijbehorend bouwwerk, te bouwen.

2.

Het bepaalde in het eerste lid geldt niet als er sprake is van vergunningsvrij bouwen conform 10.63.

Concept

(van 6-1-2026 15:51)

Artikel 10.105 Overige bouwwerken bouwen – beoordelingsregels

Concept

De omgevingsvergunning als bedoeld in artikel 10.104 wordt alleen verleend als het aangevraagde bouwwerk: a. past binnen de functie/activiteit, bedoeld in artikel 10.59; b. voldoet aan de bepalingen ten aanzien van de maatvoeringen, bedoeld in artikel 10.62; c. voldoet aan het bepaalde in artikel 22.29.

16

Artikel 10.106 Bouwen – bijzondere aanvraagvereisten Bij de aanvraag om een omgevingsvergunning voor het bouwen, verbouwen of in stand houden van een gebouw worden de volgende gegevens en bescheiden ingediend: a. de gegevens en bescheiden bedoeld in 22.35; b. een ingevuld format van het Puntensysteem Klimaatadaptief en Natuurinclusief Bouwen Gemeente Arnhem c. voor zover noodzakelijk voor de beoordeling van de klimaatadaptieve en natuurinclusieve maatregelen, tekeningen van: 1. alle gevels van het bouwwerk; 2. het dakaanzicht.

Artikel 10.107 Beoordelingsregel klimaatadaptief en natuurinclusief bouwen, groene inrichting en voldoende waterberging 1.

Bij de aanvraag om een omgevingsvergunning moet worden aangetoond dat voldoende klimaatadaptieve en natuurinclusieve maatregelen worden getroffen.

2.

Aan het bepaalde onder a wordt geacht te zijn voldaan indien door de genomen maatregelen voldoende punten worden gehaald zoals opgenomen in de beleidsregels 'Beleidsregels Klimaatadaptief en Natuurinclusief Bouwen' en het bijbehorende 'Puntensysteem Klimaatadaptief en Natuurinclusief bouwen'.

3.

Burgemeester en wethouders passen deze regels toe met inachtneming van de door hen vastgestelde beleidsregels met betrekking tot het natuurinclusief en klimaatadaptief bouwen, zoals die gelden op het tijdstip van indiening van de aanvraag om een omgevingsvergunning.

4.

Indien deze beleidsregels gedurende de planperiode worden gewijzigd, wordt rekening gehouden met de wijziging.

5.

In aanvulling op het bepaalde in het tweede lid geldt dat voor het bouwen van het hoofdgebouw; a. Een waterberging op eigen terrein wordt voorzien; b. indien het dakoppervlak in het projectgebied voorzien wordt van groene daken, zoals weergegeven in navolgende afbeelding 8.1, met een afwijkingsmogelijkheid van 10%; c. de aanleg en instandhouding van minimaal twee bomen in de 2e grootte binnen één jaar na ingebruikname van de bouwwerken in het plangebied.

Concept

(van 6-1-2026 15:51)

Artikel 10.108 Algemene regels: bouwen in verblijfsgebied transformatiegebied

Concept

Binnen het transformatiegebied Bartok Park Zuid is het toegestaan op de locatie Verblijfsgebied transformatiegebied te bouwen indien het bouwwerk: a. past binnen de functie/activiteit, bedoeld in artikel 10.59; b. de bouwhoogte maximaal 5 meter hoog is.

Artikel 10.109 Overgangsrecht bouwwerken 1.

Een bouwwerk dat op het tijdstip van inwerkingtreding van afdeling 10.3 aanwezig of in uitvoering is, dan wel gebouwd kan worden krachtens een omgevingsvergunning voor het bouwen, en afwijkt van het plan, mag, mits deze afwijking naar aard en omvang niet wordt vergroot, a. gedeeltelijk worden vernieuwd of veranderd; b. na het teniet gaan ten gevolge van een calamiteit geheel worden vernieuwd of veranderd, mits de aanvraag van de omgevingsvergunning voor het bouwen wordt gedaan binnen twee jaar na de dag waarop het bouwwerk is teniet gegaan.

2.

Het bevoegd gezag kan eenmalig in afwijking van het eerste lid de inhoud van een bouwwerk als bedoeld in het eerste lid vergroten met maximaal 10%.

3.

Het bepaalde in het eerste lid is niet van toepassing op bouwwerken die weliswaar bestaan op het tijdstip van inwerkingtreding van afdeling 10.3, maar zijn gebouwd zonder vergunning en in strijd met het daarvoor geldende plan, daaronder begrepen de overgangsbepaling van dat plan.

Afdeling 10.4 Transformatiegebied Bartok Park Noord Paragraaf 10.4.1 Gebruiksactiviteiten Bartok Park Noord Subparagraaf 10.4.1.1 Algemeen Artikel 10.110 Toepassingsbereik Deze paragraaf is van toepassing op het verrichten van gebruiksactiviteiten op de locatie Transformatiegebied Bartok Park Noord.

Artikel 10.111 Transformatiegebied Bartok Park Noord – algemene regels over gebruiksactiviteiten Met het oog op een evenwichtige toedeling van functies aan locaties worden alleen de volgende activiteiten verricht: a. cultuur, bedoeld in 10.2.2.2; b. verblijfsgebied, bedoeld in 10.2.2.5; c. wonen, bedoeld in 10.2.2.6 en de aanvullingen in 10.4.1.2; d. tuin, bedoeld in 10.2.2.4;

Subparagraaf 10.4.1.2 Gebruiksactiviteit wonen Artikel 10.112 Locaties wonen – vergunningplicht Het is verboden om zonder omgevingsvergunning op locatie activiteit Wonen Bartok Park Noord vergunningplicht een gebouw te gebruiken voor wonen.

Artikel 10.113 Wonen – beoordelingsregels De omgevingsvergunning bedoeld in 10.112 wordt alleen verleend als geluidsonderzoek aantoont dat het geluid dat afkomstig is van milieubelastende activiteiten op het moment van de aanvraag om omgevingsvergunning, ter plaatse van de gevel van de woning niet meer bedraagt dan 50 dB(A) etmaalwaarde, resulterend in een langtijdgemiddeld beoordelingsniveau van: a. 50 dB(A) in de dagperiode van 7.00 uur - 19.00 uur; b. 45 dB(A) in de avondperiode van 19.00 uur - 23.00 uur; en c. 40 dB(A) in de nachtperiode van 23.00 uur - 7.00 uur.

17

Concept

(van 6-1-2026 15:51)

Artikel 10.114 Wonen – aanvraagvereisten Bij de aanvraag om een omgevingsvergunning wonen bedoeld in 10.112 worden de volgende gegevens en bescheiden ingediend: a. een akoestisch onderzoek.

Concept

Artikel 10.115 Overgangsrecht gebruik 1.

Het gebruik van grond en bouwwerken dat bestond op het tijdstip van inwerkingtreding van afdeling 10.4 en hiermee in strijd is, mag worden voortgezet.

2.

Het is verboden het met het omgevingsplan strijdige gebruik, bedoeld in het lid te veranderen of te laten veranderen in een ander met dat plan strijdig gebruik, tenzij door deze verandering de afwijking naar aard en omvang wordt verkleind.

3.

Indien het gebruik, bedoeld in het eerste lid na de inwerkingtreding van het plan voor een periode langer dan een jaar wordt onderbroken, is het verboden dit gebruik daarna te hervatten of te laten hervatten.

4.

Het bepaalde in het eerste lid is niet van toepassing op het gebruik dat reeds in strijd was met het voorheen geldende bestemmingsplan, daaronder begrepen de overgangsbepalingen van dat plan.

Paragraaf 10.4.2 Bouwactiviteiten Bartok Park Noord Artikel 10.116 Toepassingsbereik bouwactiviteiten Transformatiegebied Bartok Park Noord Deze paragraaf is van toepassing op het bouwen, verbouwen en in stand houden van gebouwen op de locatie Transformatiegebied Bartok Park Noord.

Artikel 10.117 Hoofdgebouw bouwen – vergunningplicht Het is verboden om zonder omgevingsvergunning een hoofdgebouw te bouwen of te verbouwen.

Artikel 10.118 Hoofdgebouw bouwen – beoordelingsregels De omgevingsvergunning als bedoeld in artikel 10.117 wordt alleen verleend indien het aangevraagde bouwwerk: a. past binnen de functie/activiteit, bedoeld in artikel 10.59; b. voldoet aan de bepalingen ten aanzien van het bouwvlak, bedoeld in artikel 10.61; c. voldoet aan de bepalingen ten aanzien van de maatvoeringen, bedoeld in artikel 10.62; d. voorziet in voldoende klimaatadaptieve en natuurinclusieve maatregelen zoals bedoeld in artikel 10.107; e. voldoet aan het bepaalde in 22.29; f. voldoet aan 10.2.5 Gebouw of activiteit met parkeerbehoefte toevoegen.

Artikel 10.119 Bijbehorend bouwwerk bouwen – vergunningplicht 1.

Het is verboden om zonder omgevingsvergunning een bijbehorend bouwwerk te bouwen of te verbouwen.

2.

Het bepaalde in het eerste lid geldt niet als er sprake is van vergunningsvrij bouwen conform 10.63.

Artikel 10.120 Bijbehorend bouwen – beoordelingsregels 1.

18

De omgevingsvergunning als bedoeld in artikel 10.102 wordt alleen verleend indien het aangevraagde bouwwerk: a. past binnen de functie/activiteit, bedoeld in artikel 10.59; b. wordt gebouwd binnen de locatie Bouwvlak tranformatiegebieden of activiteit Bijbehorende bouwwerken Bartok Park Noord - vergunningplicht; c. voldoet aan de bepalingen ten aanzien van de maatvoeringen, bedoeld in artikel 10.62; d. voorziet in voldoende klimaatadaptieve en natuurinclusieve maatregelen zoals bedoeld in artikel 10.107;

Concept

(van 6-1-2026 15:51)

e.

Concept

f.

binnen de locatie activiteit Bijbehorende bouwwerken Bartok Park Noord - vergunningplicht alleen mag worden gebouwd indien aan het bepaalde in het tweede en derde lid wordt voldaan; voldoet aan het bepaalde in 22.29.

2.

Voor bouwen geldt dat: a. uitbreiding van de hoofdbebouwing, tot een maximumbouwhoogte gelijk aan de hoogte van de begane-grondbouwlaag van de hoofdbebouwing, vermeerderd met maximaal 40 cm ten behoeve van isolatie of afschot; b. andere bijbehorende bouwwerken, met een maximumbouwhoogte gelijk aan de goothoogte van het hoofdgebouw, waarbij de goothoogte van vrijstaande bouwwerken niet meer mag bedragen dan de hoogte van de begane-grondbouwlaag van de hoofdbebouwing; c. bouwwerken geen gebouwen zijnde worden gebouwd, passend binnen de activiteit, met een maximumbouwhoogte van 3 m.

3.

Waarbij geldt dat de oppervlakte van het totaal van deze bebouwing per bouwperceel de in onderstaand schema opgenomen maten niet overschrijdt. Tabel 10 oppervlakte gebied met de locatie ' activiteit Bijbehorende bouwwerken Bartok Park Noord - vergunningplicht ' per bouwperceel

maximale oppervlakte bouwwerken

< 90 m2

50% van de oppervlakte van het gebied met de gebiedsaanduiding 'bijbehorende bouwwerken' per bouwperceel met een minimum van 20 m2

90-150 m2

45 m2

150-300 m2

55 m2

300-500 m2

65 m2

500-1000 m2

75 m2

Tabel oppervlakte bijbehorende bouwwerken

Artikel 10.121 Overige bouwwerken bouwen – vergunningplicht 1.

Het is verboden om zonder omgevingsvergunning binnen de locatie Bouwvlak transformatiegebieden een overig bouwwerk, niet zijnde een hoofgebouw of een bijbehorend bouwwerk, te bouwen.

2.

Het bepaalde in het eerste lid geldt niet als er sprake is van vergunningsvrij bouwen conform 10.63.

Artikel 10.122 Overige bouwwerken bouwen – beoordelingsregels De omgevingsvergunning als bedoeld in artikel 10.121 wordt alleen verleend als het aangevraagde bouwwerk: a. past binnen de functie/activiteit, bedoeld in artikel 10.59; b. voldoet aan de bepalingen ten aanzien van de maatvoeringen, bedoeld in artikel 10.62; c. voldoet aan het bepaalde in artikel 22.29.

Artikel 10.123 Beoordelingsregel klimaatadaptief en natuurinclusief bouwen, groene inrichting en voldoende waterberging

19

1.

Bij de aanvraag om een omgevingsvergunning moet worden aangetoond dat voldoende klimaatadaptieve en natuurinclusieve maatregelen worden getroffen.

2.

Aan het bepaalde onder a wordt geacht te zijn voldaan indien door de genomen maatregelen voldoende punten worden gehaald zoals opgenomen in de beleidsregels 'Beleidsregels Klimaatadaptief en Natuurinclusief Bouwen' en het bijbehorende 'Puntensysteem Klimaatadaptief en Natuurinclusief bouwen'.

Concept

(van 6-1-2026 15:51)

Concept

3.

Burgemeester en wethouders passen deze regels toe met inachtneming van de door hen vastgestelde beleidsregels met betrekking tot het natuurinclusief en klimaatadaptief bouwen, zoals die gelden op het tijdstip van indiening van de aanvraag om een omgevingsvergunning.

4.

Indien deze beleidsregels gedurende de planperiode worden gewijzigd, wordt rekening gehouden met de wijziging.

5.

In aanvulling op het bepaalde in het tweede lid geldt dat voor het bouwen van het hoofdgebouw; a. Een waterberging op eigen terrein wordt voorzien; b. indien het dakoppervlak in het projectgebied voorzien wordt van groene daken, zoals weergegeven in navolgende afbeelding 8.1, met een afwijkingsmogelijkheid van 10%;

Artikel 10.124 Bouwen – bijzondere aanvraagvereisten Bij de aanvraag om een omgevingsvergunning voor het bouwen, verbouwen of in stand houden van een gebouw worden de volgende gegevens en bescheiden ingediend: a. de gegevens en bescheiden bedoeld in 22.35; b. een ingevuld format van het Puntensysteem Klimaatadaptief en Natuurinclusief Bouwen Gemeente Arnhem c. voor zover noodzakelijk voor de beoordeling van de klimaatadaptieve en natuurinclusieve maatregelen, tekeningen van: 1. alle gevels van het bouwwerk; 2. het dakaanzicht.

Artikel 10.125 Overgangsrecht bouwwerken 1.

Een bouwwerk dat op het tijdstip van inwerkingtreding van afdeling 10.4 aanwezig of in uitvoering is, dan wel gebouwd kan worden krachtens een omgevingsvergunning voor het bouwen, en afwijkt van het plan, mag, mits deze afwijking naar aard en omvang niet wordt vergroot, a. gedeeltelijk worden vernieuwd of veranderd; b. na het teniet gaan ten gevolge van een calamiteit geheel worden vernieuwd of veranderd, mits de aanvraag van de omgevingsvergunning voor het bouwen wordt gedaan binnen twee jaar na de dag waarop het bouwwerk is teniet gegaan.

2.

Het bevoegd gezag kan eenmalig in afwijking van het eerste lid de inhoud van een bouwwerk als bedoeld in het eerste lid vergroten met maximaal 10%.

3.

Het bepaalde in het eerste lid is niet van toepassing op bouwwerken die weliswaar bestaan op het tijdstip van inwerkingtreding van afdeling 10.4, maar zijn gebouwd zonder vergunning en in strijd met het daarvoor geldende plan, daaronder begrepen de overgangsbepaling van dat plan.

Afdeling 10.5 Transformatiegebied Laarkwartier

20

Concept

(van 6-1-2026 15:51)

Paragraaf 10.5.1 Gebruiksactiviteiten Laarkwartier Subparagraaf 10.5.1.1 Algemeen Artikel 10.126 Toepassingsbereik

Concept

Deze paragraaf is van toepassing op het verrichten van gebruiksactiviteiten op de locatie Transformatiegebied Laarkwartier.

Artikel 10.127 Overgangsrecht gebruik 1.

Het gebruik van grond en bouwwerken dat bestond op het tijdstip van inwerkingtreding van afdeling 10.5 en hiermee in strijd is, mag worden voortgezet.

2.

Het is verboden het met het omgevingsplan strijdige gebruik, bedoeld in het lid te veranderen of te laten veranderen in een ander met dat plan strijdig gebruik, tenzij door deze verandering de afwijking naar aard en omvang wordt verkleind.

3.

Indien het gebruik, bedoeld in het eerste lid na de inwerkingtreding van het plan voor een periode langer dan een jaar wordt onderbroken, is het verboden dit gebruik daarna te hervatten of te laten hervatten.

4.

Het bepaalde in het eerste lid is niet van toepassing op het gebruik dat reeds in strijd was met het voorheen geldende bestemmingsplan, daaronder begrepen de overgangsbepalingen van dat plan.

Artikel 10.128 Transformatiegebied Laarkwartier - algemene regels over gebruiksactiviteiten Met het oog op een evenwichtige toedeling van functies aan locaties worden alleen de volgende activiteiten verricht: a. wonen, bedoeld in 10.2.2.6, met inachtneming van het bepaalde in ; b. verblijfsgebied, bedoeld in 10.2.2.5; c. groen, bedoeld in 10.2.2.9; d. park, bedoeld in 10.2.2.12; e. bedrijf geschikt voor functiemenging, bedoeld in 10.2.2.7; f. kantoor, bedoeld in 10.2.2.10; g. dienstverlening, bedoeld in 10.2.2.8; h. ontsluitingsweg, bedoeld in 10.2.2.11 i. parkeren, bedoeld in 10.129

Subparagraaf 10.5.1.2 Parkeren Artikel 10.129 Gebruiksactiviteit Parkeren Laarkwartier - toegestaan Het parkeren is uitsluitend toegestaan voor zover dat plaatsvindt op de begane grond ter plaatse van de locatie activiteit Parkeren Laarkwartier - toegestaan.

Subparagraaf 10.5.1.3 Wonen Artikel 10.130 Afwijken omgevingsnorm maximum aantal woningen - vergunningplicht Het is verboden om zonder omgevingsvergunning af te wijken van het maximum aantal woningen zoals opgenomen in 10.43.

Artikel 10.131 Beoordelingsregels afwijken omgevingsnorm maximum aantal woningen De vergunning bedoeld in artikel 10.130 kan worden verleend indien: a. het woon- en leefklimaat van omliggende gebouwen en locaties naar het oordeel van het bevoegd gezag niet onevenredig worden aangetast; b. geen ontoelaatbare verslechtering van doorstroming en verkeersveiligheid; c. de parkeerbehoefte wordt opgevangen binnen het plangebied; d. de toename van woningen niet leidt tot significant negatieve effecten op nabijgelegen Natura 2000-gebieden of andere beschermde natuurwaarden.

21

Concept

(van 6-1-2026 15:51)

Concept

Artikel 10.132 Afwijken omgevingsnorm maximum aantal woningen - bijzondere aanvraagvereisten Bij de aanvraag om een omgevingsvergunning bedoeld in artikel 10.130 worden de volgende gegevens en bescheiden ingediend: a. situatietekening en toelichting op de gewenste uitbreiding; b. verkeersonderzoek; c. stikstofberekening en ecologische quickscan.

Paragraaf 10.5.2 Bouwactiviteiten Laarkwartier Subparagraaf 10.5.2.1 Algemeen Artikel 10.133 Toepassingsbereik bouwactiviteiten Transformatiegebied Laarkwartier Deze paragraaf is van toepassing op het bouwen, verbouwen en in stand houden van gebouwen op de locatie Transformatiegebied Laarkwartier.

Artikel 10.134 Overgangsrecht bouwwerken 1.

Een bouwwerk dat op het tijdstip van inwerkingtreding van afdeling 10.4 aanwezig of in uitvoering is, dan wel gebouwd kan worden krachtens een omgevingsvergunning voor het bouwen, en afwijkt van het plan, mag, mits deze afwijking naar aard en omvang niet wordt vergroot, a. gedeeltelijk worden vernieuwd of veranderd; b. na het teniet gaan ten gevolge van een calamiteit geheel worden vernieuwd of veranderd, mits de aanvraag van de omgevingsvergunning voor het bouwen wordt gedaan binnen twee jaar na de dag waarop het bouwwerk is teniet gegaan.

2.

Het bevoegd gezag kan eenmalig in afwijking van het eerste lid de inhoud van een bouwwerk als bedoeld in het eerste lid vergroten met maximaal 10%.

3.

Het bepaalde in het eerste lid is niet van toepassing op bouwwerken die weliswaar bestaan op het tijdstip van inwerkingtreding van afdeling 10.4, maar zijn gebouwd zonder vergunning en in strijd met het daarvoor geldende plan, daaronder begrepen de overgangsbepaling van dat plan.

Artikel 10.135 Bouwen - bijzondere aanvraagvereisten Bij de aanvraag om een omgevingsvergunning voor het bouwen, verbouwen of in stand houden van een gebouw worden de volgende gegevens en bescheiden ingediend: a. de gegevens en bescheiden bedoeld in 22.35; b. een ingevuld format van het Puntensysteem Klimaatadaptief en Natuurinclusief Bouwen Gemeente Arnhem; c. voor zover noodzakelijk voor de beoordeling van de klimaatadaptieve en natuurinclusieve maatregelen, tekeningen van: 1. alle gevels van het bouwwerk; 2. het dakaanzicht. d. bij het bouwen of verbouwen van een hoofdgebouw: 1. het trillingsonderzoek als bedoeld in Bijlage 1; 2. een windhinderonderzoek; 3. voor het beoordelen van geluid: I. een motivering bij de aanvraag waaruit blijkt dat aan de bepalingen in 10.142 wordt voldaan II. een uitwerking van de noodzakelijk geluidwerende maatregelen; III. plattegronden van de woningen met de genomen maatregelen.

Artikel 10.136 Beoordelingsregel klimaatadaptief en natuurinclusief bouwen

22

1.

Bij de aanvraag om een omgevingsvergunning moet worden aangetoond dat voldoende klimaatadaptieve en natuurinclusieve maatregelen worden getroffen.

2.

Aan het bepaalde onder a wordt geacht te zijn voldaan indien door de genomen maatregelen voldoende punten worden gehaald zoals opgenomen in de beleidsregels 'Beleidsregels Kli-

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Arnhem&id=dccf40f3-0b60-456a-92b5-2ce0499f6592