CConstaterende datArnhem
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 1 - Wijzigingsbesluit 'Bartok Park Zuid 003'

Politieke Avond 28 januari 2026, gemeente ArnhemBij agendapunt: Vaststellen: Wijzigingsbesluit omgevingsplan Bartok Park Zuid31.581 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 4

Wijziging Omgevingsplan gemeente Arnhem - Bartok Park Zuid - 0003 De gemeenteraad van Gemeente Arnhem gelezen het voorstel van burgemeester en wethouders van 16 december 2025 Gelet op: artikel 2.4 van de Omgevingswet; Besluit;

Artikel I "Omgevingsplan gemeente Arnhem" opgenomen in Bijlage A wordt vastgesteld.

Artikel II Het wijzigingenoverzicht door te voeren ten opzichte van het ontwerp.

Artikel III Dit besluit treedt in werking vier weken na bekendmaking ervan.

Artikel IV Door dit besluit de delen van de bestemmingsplannen behorende bij de pons met identificatie /join/id/regdata/gm0202/2025/30f2c7c3663d4c8a8565e8d85004c385/nld@2025-12-09;15581681 te laten vervallen.

Sluiting Aldus vastgesteld door de gemeenteraad

De griffier, De voorzitter, Tegen het wijzigingsbesluit kan beroep worden ingesteld bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State. Dat kan gedurende de beroepstermijn. Het beroep dient te worden gericht aan de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State, Postbus 20019, 2500 EA ’s-Gravenhage. Voor het op andere wijze dan schriftelijk instellen van beroep, wordt verwezen naar de website van de Raad van State. Een belanghebbende kan altijd beroep instellen, ook als hij geen zienswijzen heeft ingediend op het ontwerpwijzigingsbesluit. Een niet-belanghebbende kan ook beroep instellen als hij: - een zienswijze tegen het ontwerp-omgevingsplan heeft ingediend; of - geen zienswijze heeft ingediend en kan aantonen dat hij redelijkerwijs niet in staat is geweest om zienswijzen in te dienen; of - beroep wil instellen tegen wijzigingen die de raad bij de vaststelling van het omgevingsplan ten opzichte van het ontwerpomgevingsplan heeft aangebracht. Het wijzigingsbesluit treedt in werking op de dag waarop 4 weken zijn verstreken sinds de dag waarop de gemeente het besluit bekend heeft gemaakt. Het instellen van beroep heeft geen schorsende werking. Dat betekent dat het wijzigingsbesluit, ook al is er beroep ingesteld, in werking treedt.

Degene die beroep heeft ingesteld kan de Voorzieningenrechter van de Afdeling bestuursrechtspraak verzoeken om met het oog op onverwijlde spoed een voorlopige voorziening te treffen. Het verzoek dient geadresseerd te worden aan de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State, ter attentie van de Voorzieningenrechter van de Afdeling bestuursrechtspraak, postbus 20019, 2500 EA ’s-Gravenhage. Onder de Omgevingswet heeft een verzoek om voorlopige voorziening géén schorsende werking. Dat betekent dat het indienen van een voorlopige voorziening er niet automatisch voor zorgt dat een omgevingsplan voorlopig niet uitgevoerd kan worden. Dat gebeurt pas als de voorzieningenrechter een verzoek om voorlopige voorziening geheel of gedeeltelijk toewijst.

Bijlagen Bijlage A Bijlage bij artikel I A Hoofdstuk 10 wordt op de aangegeven wijze gewijzigd:

Hoofdstuk 10 GereserveerdActiviteiten met betrekking tot transformatiegebieden

Verwijderd : Gereserveerd

Toegevoegd : Afdeling 10.1 Algemene bepalingen Paragraaf 10.1.1 Aanwijzing transformatiegebieden Artikel 10.1 Toepassingsbereik Dit hoofdstuk is van toepassing op locatie Transformatiegebieden Arnhem.

Artikel 10.2 Voorrangsbepaling transformatiegebieden De regels in het tijdelijk deel omgevingsplan en bruidsschat die in strijd zijn met dit hoofdstuk zijn niet van toepassing binnen transformatiegebieden. De regels in afdeling 22.2, met uitzondering van paragraaf 22.2.7.3, en afdeling 22.3 zijn niet van toepassing voor zover die regels in strijd zijn met regels in dit hoofdstuk.

Artikel 10.3 Transformatiegebied Bartok Park Zuid De locatie ‘Transformatiegebied Bartok Park Zuid ’ is aangewezen als transformatiegebied, waarbij het gebied wordt getransformeerd naar een woongebied met een openbare fietsenstalling.

Paragraaf 10.1.2 Aanwijzingen in fysieke leefomgeving in transformatiegebieden Subparagraaf 10.1.2.1 Functies Artikel 10.4 Functie wonen transformatiegebied Er is een functie Wonen tranformatiegebied.

Artikel 10.5 Functie verblijfsgebied transformatiegebied Er is een functie Verblijfsgebied transformatiegebied.

Artikel 10.6 Functie nutsvoorziening transformatiegebied Er is een functie Nutsvoorziening transformatiegebied.

Subparagraaf 10.1.2.2 Waarden Subsubparagraaf 10.1.2.2.1 Beschermd stadsgezicht Binnenstad en singels transformatiegebied Artikel 10.7 Waarde gemeentelijk beschermd stadsgezicht Binnenstad en Singels transformatiegebied Er is een waarde Gemeentelijk beschermd stadsgezicht Binnenstad en Singels transformatiegebied.

Artikel 10.8 Toepassingsbereik Deze subparagraaf is van toepassing op het verrichten van activiteiten binnen de locatie Gemeentelijk beschermd stadsgezicht Binnenstad en Singels transformatiegebied.

Artikel 10.9 Oogmerk Deze regels uit deze subparagraaf zijn gesteld met het oog op:

a. Het beschermen van het beschermde stadsgezicht Binnenstad en singels

Artikel 10.10 Maatwerkvoorschrift Een maatwerkvoorschrift kan worden gesteld over de bouwactiviteiten binnen een Gemeentelijk beschermd stadsgezicht Binnenstad en Singels transformatiegebied.

Toegevoegd : Afdeling 10.2 Standaardbepalingen in transformatiegebieden Paragraaf 10.2.1 Algemeen Artikel 10.11 Toepassingsbereik Deze afdeling is van toepassing op het verrichten van activiteiten binnen Transformatiegebieden Arnhem.

Paragraaf 10.2.2 Gebruiksactiviteiten Subparagraaf 10.2.2.1 Algemene bepalingen Artikel 10.12 Algemene regels over gebruiksactiviteiten binnen transformatiegebieden 1.Deze paragraaf is van toepassing op gebruiksactiviteiten binnen een transformatiegebied. 2.Het gebruik van gronden en bouwwerken voor andere gebruiksactiviteiten dan die zijn geregeld in hoofdstuk 10 zijn verboden. 3.De volgende activiteiten zijn toegestaan: a. groen- en watervoorzieningen b. overige voorzieningen en bijbehorende activiteiten, die qua aard, oppervlakte en ruimtelijke uitstraling ondergeschikt zijn aan de hoofdactiviteit, zoals nutsvoorzieningen, fitnessvoorzieningen en kinderopvang ten behoeve van de hoofdactiviteit. Hieronder worden geen ondergeschikte horeca, niet zijnde bedrijfskantines, en detailhandel verstaan

Subparagraaf 10.2.2.2 Gebruiksactiviteit nutsvoorziening Artikel 10.13 Toepassingsbereik 1.Deze subparagraaf is van toepassing op de het gebruiken van een nutsvoorziening binnen transformatiegebieden. 2.Deze subparagraaf is niet toepassing op ondergeschikte nutsvoorzieningen bedoeld in derde lid van artikel 10.12.

Artikel 10.14 Algemene regels: locaties voor nutsvoorziening toegestaan Binnen transformatiegebieden is het gebruik van nutsvoorzieningen uitsluitend toegestaan ter plaatse van de locatie activiteit Nutsvoorziening transformatiegebied - toegestaan.

Subparagraaf 10.2.2.3 Gebruiksactiviteit verblijfsgebied Artikel 10.15 Toepassingsbereik gebruiksactiviteit verblijfsgebied Deze subparagraaf is van toepassing op de activiteiten verrichten binnen de locatie Verblijfsgebied transformatiegebied.

Artikel 10.16 Algemene regels: locaties voor verblijfsgebied toegestaan Binnen transformatiegebieden zijn activiteiten binnen de functie Verblijfsgebied transformatiegebied toegestaan indien het gaat om aanleg, bouw, gebruik en instandhouding van de volgende voorzieningen: a. ten behoeve van bestemmingsverkeer en verblijfsfuncties; b. aanleg, beheer, onderhoud en gebruik van fiets- en wandelpaden, straatmeubilair en speelvoorzieningen; c. voorzieningen voor het openbaar vervoer, zoals busstations; d. terrassen; e. nutsvoorzieningen; f. onderdoorgangen, alsmede toegangen tot ondergrondse voorzieningen ten behoeve van direct aangrenzende functies en activiteiten.

Subparagraaf 10.2.2.4 Gebruiksactiviteit wonen Artikel 10.17 Toepassingsbereik gebruiksactiviteit wonen Deze subparagraaf is van toepassing op de locatie Wonen tranformatiegebied.f

Artikel 10.18 Algemene regels: locaties voor garagebox toegestaan Binnen transformatiegebieden is het gebruik van een garagebox ten behoeve van het stallen van vervoersmiddelen of de opslag van goederen toegestaan ter plaatse van de locatie activiteit Garagebox gebruiken transformatiegebied toegestaan.

Artikel 10.19 Algemene regels: locaties voor wonen toegestaan

Binnen transformatiegebieden is wonen uitsluitend toegestaan ter plaatse van de locatie activiteit Wonen transformatiegebied - toegestaan.

Artikel 10.20 Algemene regels: wonen Voor wonen gelden de volgende regels: a. beroep aan huis is toegestaan, waaronder mede begrepen bed and breakfast, mits: 1. dit maximaal 33% van het vloeroppervlakte van de woning betreft; en 2. dit door de bewoner wordt uitgeoefend; en 3. dit geen onevenredige aantasting van het woon- en leefklimaat ter plaatse of een onevenredige parkeerdruk tot gevolg heeft; en 4. het geen detailhandel, internetverkoop hiervan uitgezonderd, prostitutie of horeca betreft. b. onder wonen wordt niet begrepen: 1. bewoning van woonwagens of woonschepen; 2. het bewonen, of laten bewonen, van een kamergewijze bewoning door meer dan één persoon per 18 m2 gebruiksoppervlakte; 3. het verschaffen van kortdurend verblijf van maximaal 3 maanden, te vergelijken met logies, al dan niet als onderdeel van de arbeidsvoorwaarden aan werknemers in een kamergewijze bewoning; 4. het gebruik van bijgebouwen als onzelfstandige wooneenheid in een kamergewijze bewoning.

Artikel 10.21 Woning splitsen - vergunningplicht Het is verboden om zonder omgevingsvergunning een (gedeelte) van een gebouw te splitsen naar twee of meerdere zelfstandige woningen.

Artikel 10.22 Woning splitsen - beoordelingsregels Een omgevingsvergunning als bedoeld in artikel 10.21 mag alleen worden verleend op de locatie activiteit Woning splitsen kernwinkelgebied transformatiegebied - vergunningplicht indien: a. de gebruiksoppervlakte van de bestaande woning gelijk is aan of groter is dan 110 m2; en b. de gebruiksoppervlakte van elke zelfstandige woning die als gevolg van splitsing ontstaat niet kleiner is dan 50 m2; en c. de gesplitste woningen over een bergingsruimte met een oppervlakte van ten minste 5 m2 per woning; en d. de gesplitste woningen beschikken over een buitenruimte.

Artikel 10.23 Woning verkameren - vergunningplicht 1.Het is verboden om zonder omgevingsvergunning een (gedeelte) van een gebouw te verkameren (vanaf drie onzelfstandige wooneenheden). 2.Het verbod, als bedoeld het eerste lid geldt niet indien sprake is van verkameren door een hospita.

Artikel 10.24 Woning verkameren - beoordelingsregels Een omgevingsvergunning als bedoeld in artikel 10.23 mag alleen worden verleend indien opde locatie activiteit Verkamering transformatiegebied - vergunningplicht: a. de gebruiksoppervlakte van de bestaande woning gelijk is aan of groter is dan 110 m2; en b. het gebouw niet opgedeeld wordt in meer dan één onzelfstandige wooneenheid per 18 m2 gebruiksoppervlakte; en c. het verkamerde gebouw minimaal beschikt over een bergingsruimte met een oppervlakte van ten minste 3 m2 ten behoeve van de stalling van fietsen, afvalcontainer(s) of afvalzakken. Vanaf 4 onzelfstandige wooneenheden geldt als aanvullende eis dat 1 m2 bergingsruimte per wooneenheid wordt toegevoegd.

Paragraaf 10.2.3 Bouwactiviteiten Subparagraaf 10.2.3.1 Algemeen Artikel 10.25 Algemene regels over bouwen 1.Deze paragraaf is van toepassing op het bouwen, verbouwen en in stand houden van gebouwen ter plaatse van transformatiegebieden. 2.Bouwwerken mogen uitsluitend worden opgericht, voor zover deze passen binnen de functies dan wel activiteiten zoals omschreven in deze regels. 3.Het bouwen, verbouwen en instand houden van andere bouwwerken dan die zijn geregeld in hoofdstuk 10 zijn verboden.

Artikel 10.26 Wijze van meten Bij de toepassing van deze regels wordt als volgt gemeten:

a. de goothoogte van een bouwwerk: vanaf het peil tot aan de bovenkant van de bovenste goot, c.q. de druiplijn, het boeibord, of een daarmee gelijk te stellen constructiedeel. b. de inhoud van een bouwwerk: tussen de onderzijde van de begane grondvloer, de buitenzijde van de gevels (of het hart van de scheidsmuren) en de buitenzijde van daken en dakkapellen. c. de bouwhoogte van een bouwwerk: vanaf het peil tot aan het hoogste punt van een gebouw of van een overig bouwwerk met uitzondering van ondergeschikte bouwonderdelen, zoals schoorstenen, antennes, liftopbouwen en naar de aard daarmee gelijk te stellen bouwonderdelen. d. de oppervlakte van een bouwwerk: tussen de buitenwerkse gevelvlakken en/of het hart van de scheidingsmuren, neerwaarts geprojecteerd op het gemiddelde niveau van het afgewerkte bouwterrein ter plaatse van het bouwwerk.

Artikel 10.27 Algemene bouwregel: bouwvlak 1.Het bouwen van hoofdgebouwen is uitsluitend toegestaan binnen het Bouwvlak tranformatiegebieden. 2.In afwijking van het eerste lid is het toegestaan om buiten het bouwvlak te bouwen indien a. de overschrijding van het bouwvlak niet meer bedraagt dan 2 m, de activiteitengrens niet wordt overschreden en het de bouw betreft van erkers, luifels, balkons, keldergaten (koekoeken) of galerijen; b. het de bouw van volledig beneden peil gelegen bouwwerken betreft, mits: 1. een diepte van 6 m niet wordt overschreden; 2. het maaiveld wordt afgewerkt op een wijze die past binnen de activiteit en de ter plaatse geldende waarden; 3. geen onevenredige toename van de parkeerdruk plaatsvindt; 4. de activiteitengrens niet wordt overschreden.

Artikel 10.28 Algemene bouwregel: bouwen conform maatvoering 1.Ter plaatse van de locatie omgevingsnorm Maximum bouwhoogte transformatiegebied bedraagt de maximum bouwhoogte niet meer dan aangegeven met de omgevingsnorm Maximum bouwhoogte transformatiegebieden. 2.Afwijken van het bepaalde in het eerste lid is toegestaan indien: a. de afwijking niet meer bedraagt dan 10% van de in de regels vastgelegde maten en een onevenredig afbreuk wordt gedaan aan het straat- en bebouwingsbeeld, de privacy van omwonenden en de gebruiksmogelijkheden van de aangrenzende gronden; b. Ten behoeve van het oprichten van hekwerken op platte daken voor het gebruik als dakterras indien: 1. de hoogte niet meer bedraagt dan 1 meter boven de aangegeven maximum bouwhoogte; 2. dit passend is in het bebouwingsbeeld van de omringende bebouwing en 3. de belangen van omwonenden met betrekking tot privacy, uitzicht en bezonning niet onevenredig worden geschaad.

Artikel 10.29 Algemene regel: vergunningvrij bouwen Het bouwen, verbouwen en in stand houden van bouwwerken conform paragraaf 22.2.7.2 en paragraaf 22.2.7.3 is toegestaan.

Subparagraaf 10.2.3.2 Bouwen in verblijfsgebied Artikel 10.30 Bouwen in verblijfsgebied transformatiegebied – vergunningplicht 1.Het is verboden om op de locatie Verblijfsgebied transformatiegebied zonder omgevingsvergunning een bouwwerk te bouwen. 2.Het bepaalde in het eerste lid geldt niet als er sprake is van vergunningsvrij bouwen conform 10.29.

Artikel 10.31 Bouwen in verblijfsgebied transformatiegebied – beoordelingsregels De omgevingsvergunning als bedoeld in artikel 10.30 wordt alleen verleend indien het aangevraagde bouwwerk: a. past binnen de functie/activiteit, bedoeld in artikel 10.25; b. de bouwhoogte maximaal 5 meter hoog is; c. voldoet aan het bepaalde in artikel 22.29.

Paragraaf 10.2.4 Gebouw of activiteit met parkeerbehoefte toevoegen Artikel 10.32 Toepassingsbereik Deze paragraaf is van toepassing binnen transformatiegebieden en gaat over het: a. bouwen van een gebouw met een parkeerbehoefte; b. het wijzigen van gebruik van gronden en/of bouwwerken waarvoor een omgevingsvergunning is benodigd.

Artikel 10.33 Gebouw of activiteit met parkeerbehoefte toevoegen 1.Er moet gelet op de omvang of de bestemming van het gebouw in voldoende mate worden voorzien in ruimte voor het parkeren of stallen van auto's in, op of onder het gebouw, dan wel op of onder het onbebouwde terrein dat bij dat gebouw behoort.

2.De onder het eerste lid bedoelde ruimte voor het parkeren van personenauto's moet afmetingen hebben die zijn afgestemd op gangbare personenauto's. 3.Aan het bepaalde in het eerste lid wordt geacht te zijn voldaan indien de ruimte voor parkeren of stallen voldoet aan de in de 'Beleidsregels Parkeren van de gemeente Arnhem' daartoe opgenomen normen.

Artikel 10.34 Laden en lossen Indien de bestemming van een gebouw aanleiding geeft tot een te verwachten behoefte aan ruimte voor het laden en lossen van goederen, dient, onverminderd het bepaalde elders in de regels van dit plan, in deze behoefte in voldoende mate zijn voorzien aan, in, of onder het gebouw, dan wel op of onder het onbebouwde terrein dat bij dat gebouw behoort.

Artikel 10.35 Specifieke bepaling strijdig gebruik Tot een strijdig gebruik van gronden en bouwwerken wordt in elk geval gerekend het gebruiken of laten gebruiken van gronden of bouwwerken waarbij niet in voldoende mate ruimte is aangebracht en in stand wordt gehouden op eigen terrein overeenkomstig de beleidsregels zoals die golden op het tijdstip van indiening van de aanvraag om een omgevingsvergunning.

Artikel 10.36 Beleidsregels 1.Burgemeester en wethouders passen deze regels toe met inachtneming van de door hen vastgestelde beleidsregels met betrekking tot het parkeren, zoals die gelden op het tijdstip van indiening van de aanvraag om een omgevingsvergunning. 2.Indien deze beleidsregels gedurende de planperiode worden gewijzigd, wordt rekening gehouden met de wijziging.

Artikel 10.37 Afwijkbevoegdheid Burgemeester en wethouders kunnen bij een omgevingsvergunning afwijken van het bepaalde in artikel 10.33 en artikel 10.34 indien: a. indien het voldoen aan hetgeen in bovengenoemde artikelen door bijzondere omstandigheden op overwegende bezwaren stuit, of b. voor zover op andere wijze in de benodigde parkeer- of stallingsruimte zoals bedoeld in artikel 10.33 dan wel laad- of losruimte zoals bedoeld in artikel 10.34 wordt voorzien.

Artikel 10.38 Voorwaarden voor afwijken Een omgevingsvergunning kan worden verleend indien geen onevenredige aantasting plaatsvindt van: a. de parkeersituatie in de openbare ruimte; b. de woon- en leefsituatie

Paragraaf 10.2.5 In stand houden Subparagraaf 10.2.5.1 Algemene bepalingen Artikel 10.39 Toepassingsbereik Deze paragraaf is van toepassing op het in in stand houden in transformatiegebieden.

Subparagraaf 10.2.5.2 Natuurinclusief en klimaatadaptief bouwen Artikel 10.40 Toepassingsbereik Deze subparagraaf gaat over het in stand houden van maatregelen in het kader van natuurinclusief en klimaatadaptief bouwen.

Artikel 10.41 Afwijken instandhoudingsverplichting klimaatadaptief en natuurinclusief bouwen - vergunningplicht Het is verboden om zonder een omgevingsvergunning een bouwwerk te gebruiken zonder de vereiste klimaatadaptieve en natuurinclusieve maatregelen in het kader van de vergunningverlening aan te brengen en in stand te houden.

Artikel 10.42 Afwijken instandhoudingsverplichting klimaatadaptief en natuurinclusief bouwen beoordelingsregels - beoordelingsregels De omgevingsvergunning bedoeld in artikel 10.41 kan worden verleend indien indien op andere wijze kan worden voorzien in het treffen van voldoende klimaatadaptieve en natuurinclusieve maatregelen zoals opgenomen in de Beleidsregels Klimaatadaptief en Natuurinclusief bouwen.

Artikel 10.43 Afwijken instandhoudingsverplichting klimaatadaptief en natuurinclusief bouwen - bijzondere aanvraagvereisten Bij de aanvraag om een omgevingsvergunning voor het afwijken van de instandhoudingsverplichting klimaatadaptief en natuurinclusief bouwen worden de volgende gegevens en bescheiden ingediend: a. een ingevuld format van het Puntensysteem Klimaatadaptief en Natuurinclusief Bouwen Gemeente Arnhem b. voor zover noodzakelijk voor de beoordeling van de klimaatadaptieve en natuurinclusieve maatregelen, tekeningen van: 1. alle gevels van het bouwwerk; 2. het dakaanzicht.

Toegevoegd : Afdeling 10.3 Transformatiegebied Bartok Park Zuid Paragraaf 10.3.1 Gebruiksactiviteiten Bartok Park Zuid Artikel 10.44 Toepassingsbereik Deze paragraaf is van toepassing op het verrichten van gebruiksactiviteiten op de locatie Transformatiegebied Bartok Park Zuid .

Artikel 10.45 Transformatiegebied Bartok Park Zuid – algemene regels over gebruiksactiviteiten Met het oog op een evenwichtige toedeling van functies aan locaties worden alleen de volgende activiteiten verricht: a. wonen, bedoeld in 10.2.2.4; b. verblijfsgebied, bedoeld in 10.2.2.3; c. exploiteren van een openbare fietsenstalling, bedoeld in 10.46; d. het gebruiken van een nutsvoorziening, bedoeld in 10.2.2.2.

Artikel 10.46 Gebruiksactiviteiten openbare fietsenstalling - toegestaan Het gebruik van een openbare fietstelstalling is toegestaan voor zover dat plaatsvindt ter plaatse van de locatie activiteit Openbare fietsenstalling gebruiken Bartok Park Zuid - toegestaan.

Artikel 10.47 Overgangsrecht gebruik 1.Het gebruik van grond en bouwwerken dat bestond op het tijdstip van inwerkingtreding van afdeling 10.3 en hiermee in strijd is, mag worden voortgezet. 2.Het is verboden het met het omgevingsplan strijdige gebruik, bedoeld in het lid te veranderen of te laten veranderen in een ander met dat plan strijdig gebruik, tenzij door deze verandering de afwijking naar aard en omvang wordt verkleind. 3.Indien het gebruik, bedoeld in het eerste lid na de inwerkingtreding van het plan voor een periode langer dan een jaar wordt onderbroken, is het verboden dit gebruik daarna te hervatten of te laten hervatten. 4.Het bepaalde in het eerste lid is niet van toepassing op het gebruik dat reeds in strijd was met het voorheen geldende bestemmingsplan, daaronder begrepen de overgangsbepalingen van dat plan.

Paragraaf 10.3.2 Bouwactiviteiten Bartok Park Zuid Artikel 10.48 Toepassingsbereik bouwactiviteiten Transformatiegebied Bartok Park Zuid Deze paragraaf is van toepassing op het bouwen, verbouwen en in stand houden van gebouwen op de locatie Transformatiegebied Bartok Park Zuid .

Artikel 10.49 Hoofdgebouw bouwen – vergunningplicht Het is verboden om zonder omgevingsvergunning een hoofdgebouw te bouwen of te verbouwen.

Artikel 10.50 Hoofdgebouw bouwen – beoordelingsregels De omgevingsvergunning als bedoeld in artikel 10.49 wordt alleen verleend indien het aangevraagde bouwwerk: a. past binnen de functie/activiteit, bedoeld in artikel 10.25; b. voldoet aan de bepalingen ten aanzien van het bouwvlak, bedoeld in artikel 10.27; c. voldoet aan de bepalingen ten aanzien van de maatvoeringen, bedoeld in artikel 10.28; d. voorziet in voldoende klimaatadaptieve en natuurinclusieve maatregelen zoals bedoeld in artikel 10.56; e. voldoet aan het bepaalde in 22.29;

f. voldoet aan Paragraaf 10.2.4 Gebouw of activiteit met parkeerbehoefte toevoegen.

Artikel 10.51 Bijbehorend bouwwerk bouwen – vergunningplicht 1.Het is verboden om zonder omgevingsvergunning een bijbehorend bouwwerk te bouwen of te verbouwen. 2.Het bepaalde in het eerste lid geldt niet als er sprake is van vergunningsvrij bouwen conform 10.29.

Artikel 10.52 Bijbehorend bouwen – beoordelingsregels 1.De omgevingsvergunning als bedoeld in artikel 10.51 wordt alleen verleend indien het aangevraagde bouwwerk: a. past binnen de functie/activiteit, bedoeld in artikel 10.25; b. wordt gebouwd binnen de locatie Bouwvlak tranformatiegebieden of activiteit Bijbehorende bouwwerken bouwen Bartok Park Zuid - vergunningplicht; c. voldoet aan de bepalingen ten aanzien van de maatvoeringen, bedoeld in artikel 10.28; d. binnen een bouwvlak wordt gebouwd waar de figuur ‘Historische rooilijn 1940'’ geldt zoals bedoeld in het kaartje in het tweede lid, dat de naar het openbaar gebied gekeerde gevel van een gebouw op de gevellijn gebouwd moet worden; e. voorziet in voldoende klimaatadaptieve en natuurinclusieve maatregelen zoals bedoeld in artikel 10.56; f. voldoet aan het bepaalde in 22.29. 2.

Historische rooilijnen binnen het gemeentelijk beschermd stadsgezicht Binnenstad en Singels

NL.IMRO.0202.886-0301

Artikel 10.53 Overige bouwwerken bouwen – vergunningplicht 1.Het is verboden om zonder omgevingsvergunning binnen de locatie Bouwvlak transformatiegebieden een overig bouwwerk, niet zijnde een hoofgebouw of een bijbehorend bouwwerk, te bouwen. 2.Het bepaalde in het eerste lid geldt niet als er sprake is van vergunningsvrij bouwen conform 10.29.

Artikel 10.54 Overige bouwwerken bouwen – beoordelingsregels De omgevingsvergunning als bedoeld in artikel 10.53 wordt alleen verleend als het aangevraagde bouwwerk: a. past binnen de functie/activiteit, bedoeld in artikel 10.25; b. voldoet aan de bepalingen ten aanzien van de maatvoeringen, bedoeld in artikel 10.28; c. voldoet aan het bepaalde in artikel 22.29.

Artikel 10.55 Bouwen – bijzondere aanvraagvereisten Bij de aanvraag om een omgevingsvergunning voor het bouwen, verbouwen of in stand houden van een gebouw worden de volgende gegevens en bescheiden ingediend: a. de gegevens en bescheiden bedoeld in 22.35; b. een ingevuld format van het Puntensysteem Klimaatadaptief en Natuurinclusief Bouwen Gemeente Arnhem c. voor zover noodzakelijk voor de beoordeling van de klimaatadaptieve en natuurinclusieve maatregelen, tekeningen van: 1. alle gevels van het bouwwerk; 2. het dakaanzicht.

Artikel 10.56 Beoordelingsregel klimaatadaptief en natuurinclusief bouwen, groene inrichting en voldoende waterberging 1.Bij de aanvraag om een omgevingsvergunning moet worden aangetoond dat voldoende klimaatadaptieve en natuurinclusieve maatregelen worden getroffen. 2.Aan het bepaalde onder a wordt geacht te zijn voldaan indien door de genomen maatregelen voldoende punten worden gehaald zoals opgenomen in de beleidsregels 'Beleidsregels Klimaatadaptief en Natuurinclusief Bouwen' en het bijbehorende 'Puntensysteem Klimaatadaptief en Natuurinclusief bouwen'. 3.Burgemeester en wethouders passen deze regels toe met inachtneming van de door hen vastgestelde beleidsregels met betrekking tot het natuurinclusief en klimaatadaptief bouwen, zoals die gelden op het tijdstip van indiening van de aanvraag om een omgevingsvergunning. 4.Indien deze beleidsregels gedurende de planperiode worden gewijzigd, wordt rekening gehouden met de wijziging. 5.In aanvulling op het bepaalde in het tweede lid geldt dat voor het bouwen van het hoofdgebouw; a. de waterberging op eigen terrein wordt voorzien; b. het dakoppervlak in het projectgebied wordt voorzien van groene daken, zoals weergegeven in navolgende afbeelding 8.1, met een afwijkingsmogelijkheid van 10%; c. de aanleg en instandhouding van minimaal twee bomen in de 2e grootte binnen één jaar na ingebruikname van de bouwwerken in het plangebied.

Artikel 10.57 Overgangsrecht bouwwerken 1.Een bouwwerk dat op het tijdstip van inwerkingtreding van afdeling 10.3 aanwezig of in uitvoering is, dan wel gebouwd kan worden krachtens een omgevingsvergunning voor het bouwen, en afwijkt van het plan, mag, mits deze afwijking naar aard en omvang niet wordt vergroot, a. gedeeltelijk worden vernieuwd of veranderd; b. na het teniet gaan ten gevolge van een calamiteit geheel worden vernieuwd of veranderd, mits de aanvraag van de omgevingsvergunning voor het bouwen wordt gedaan binnen twee jaar na de dag waarop het bouwwerk is teniet gegaan. 2.Het bevoegd gezag kan eenmalig in afwijking van het eerste lid de inhoud van een bouwwerk als bedoeld in het eerste lid vergroten met maximaal 10%. 3.Het bepaalde in het eerste lid is niet van toepassing op bouwwerken die weliswaar bestaan op het tijdstip van inwerkingtreding van afdeling 10.3, maar zijn gebouwd zonder vergunning en in strijd met het daarvoor geldende plan, daaronder begrepen de overgangsbepaling van dat plan. B Artikel 22.28 wordt op de aangegeven wijze gewijzigd:

Artikel 22.28 Inperkingen artikel 22.27 vanwege cultureel erfgoed 1.Op een activiteit die wordt verricht in, aan of op een gemeentelijk monument, voorbeschermd gemeentelijk monument, provinciaal monument, voorbeschermd provinciaal monument, rijksmonument of voorbeschermd rijksmonument is artikel 22.27 niet van toepassing. 2.Op een activiteit die wordt verricht bij een gemeentelijk monument, voorbeschermd gemeentelijk monument, provinciaal monument, voorbeschermd provinciaal monument, rijksmonument of voorbeschermd rijksmonument is alleen artikel 22.2722.27 [vervallen], aanhef en onder d tot en met i, van toepassing. 3.Op een activiteit die wordt verricht op een locatie waaraan in dit omgevingsplan de functie-aanduiding rijksbeschermd stads- of dorpsgezicht is gegeven, is artikel 22.27 alleen van toepassing voor zover het gaat om: a. inpandige wijzigingen; b. een wijziging van een achtergevel of achterdakvlak, als die gevel of dat dakvlak niet naar openbaar toegankelijk gebied is gekeerd; c. een bouwwerk op een gebouwerf aan de achterkant van een hoofdgebouw, als dat gebouwerf niet ook deel uitmaakt van het gebouwerf aan de zijkant van dat gebouw en niet naar openbaar toegankelijk gebied is gekeerd; of d. een bouwwerk op een locatie die onderdeel is van openbaar toegankelijk gebied. 4.[Vervallen] C Bijlage I wordt op de aangegeven wijze gewijzigd:

Bijlage I Overzicht Informatieobjecten

Verwijderd : Archeologie - Bodemverstoring opgehoogd /join/id/regdata/gm0202/2024/16589af5b7ad4b9eb94f14bbb0224b78/nld@2025-04-17;10232600

Verwijderd : Archeologie - Bodemverstoring vergraven/afgegraven /join/id/regdata/gm0202/2024/81ec5d31bc7f425a937051815c84f4af/nld@2025-04-17;10232600

Verwijderd : Archeologie - Waardevol gebied (gemeentelijk archeologische monument) /join/id/regdata/gm0202/2024/1cc5cff00d954326a5688dc2ae7b963c/nld@2025-04-17;10232600

Toegevoegd : activiteit Bijbehorende bouwwerken bouwen Bartok Park Zuid - vergunningplicht /join/id/regdata/gm0202/2025/eff1c273837842719336601b3658d74c/nld@2025-12-09;15581681

Toegevoegd : activiteit Garagebox gebruiken transformatiegebied - toegestaan /join/id/regdata/gm0202/2025/5b23007c2b9f43bcaddf9850d3fe384f/nld@2025-12-09;15581681

Toegevoegd : activiteit Nutsvoorziening transformatiegebied - toegestaan /join/id/regdata/gm0202/2025/b7c953c7a40342a09eda34a550a6a6f7/nld@2025-12-09;15581681

Toegevoegd : activiteit Openbare fietsenstalling gebruiken Bartok Park Zuid - toegestaan /join/id/regdata/gm0202/2025/5b3ef41db21c46d18bb15a042a5c1f26/nld@2025-12-09;15581681

Toegevoegd : activiteit Verkamering transformatiegebied - vergunningplicht /join/id/regdata/gm0202/2025/e69d9e774f674d9998c05656f8478916/nld@2025-12-09;15581681

Toegevoegd : activiteit Wonen transformatiegebied - toegestaan /join/id/regdata/gm0202/2025/1b2f96d118264cbb8019475c434a48cc/nld@2025-12-09;15581681

Toegevoegd : activiteit Woning splitsen kernwinkelgebied transformatiegebied - vergunningplicht /join/id/regdata/gm0202/2025/ba8c2d68d75c4f8bae7caa6b2420b113/nld@2025-12-09;15581681 Archeologie - Hoge verwachting /join/id/regdata/gm0202/2024/9bec80fb59ab4fc58c81f7e84499b66b/nld@2025-04-17;10232600 Archeologie - Lage verwachting /join/id/regdata/gm0202/2024/a2982723d6fc4964b5ba7a85fe79c50b/nld@2025-04-17;10232600 Archeologie - Middelhoge verwachting /join/id/regdata/gm0202/2024/f0c45b05c4154ed9806b50856dc6f549/nld@2025-04-17;10232600

Toegevoegd : Archeologie - Overige gebieden - opgehoogd terrein /join/id/regdata/gm0202/2024/16589af5b7ad4b9eb94f14bbb0224b78/nld@2025-12-09;15581681

Toegevoegd : Archeologie - Overige gebieden - vergraven/afgegraven /join/id/regdata/gm0202/2024/81ec5d31bc7f425a937051815c84f4af/nld@2025-12-09;15581681 Archeologie - Waardevol gebied /join/id/regdata/gm0202/2024/9a2e41f4cca34b0db24b547573e1b4a3/nld@2025-04-17;10232600 Archeologie - Waardevol gebied (begraafplaats) /join/id/regdata/gm0202/2024/378528ba65524d638a8656188d3e3ea0/nld@2025-04-17;10232600

Verwijderd : waarde Archeologie - bodemverstoring opgehoogd /join/id/regdata/gm0202/2024/6efcf5009f904b82bf82491f74a2958b/nld@2025-04-17;10232600

Verwijderd : waarde Archeologie - bodemverstoring vergraven/afgegraven /join/id/regdata/gm0202/2024/4e514938bcaa473daaff86a6e30eb826/nld@2025-04-17;10232600

Toegevoegd : Archeologie - Waardevol gebied (gemeentelijk beschermd) /join/id/regdata/gm0202/2024/1cc5cff00d954326a5688dc2ae7b963c/nld@2025-12-09;15581681 Archeologie - Waardevol gebied (rijksbeschermd, UNESCO) /join/id/regdata/gm0202/2024/1fc6d89dbceb4bc2b438172b77345373/nld@2025-04-17;10232600 Archeologie - Waardevol gebied (rijksbeschermd) /join/id/regdata/gm0202/2024/9c8e77c30c3c447ea746e84ac4a684d7/nld@2025-04-17;10232600

Toegevoegd : Bouwvlak tranformatiegebieden /join/id/regdata/gm0202/2025/37499556bff34507858913686d5b3f39/nld@2025-12-09;15581681

Toegevoegd : Gemeentelijk beschermd stadsgezicht Binnenstad en Singels transformatiegebied /join/id/regdata/gm0202/2025/7de54c3806b94f20a9213cb08b9538d5/nld@2025-12-09;15581681 Geomorfologie - Leemlagen > 1,5 m /join/id/regdata/gm0202/2024/dddfdcf678f344ea93197f92994cdb3e/nld@2025-04-17;10232600 Geomorfologie - Leemlagen > 3,0 m /join/id/regdata/gm0202/2024/3ebd3bf18e4243a9adca462d4014572a/nld@2025-04-17;10232600

Verwijderd : waarde Archeologie - waardevol gebied (gemeentelijk archeologische monument) /join/id/regdata/gm0202/2024/98e88b096f2d4beda22e5845ca4e8c74/nld@2025-04-17;10232600 Geomorfologie - Leemlagen > 4,0 m

/join/id/regdata/gm0202/2024/ee78d41327d14286af1b2d0744f12072/nld@2025-04-17;10232600

Toegevoegd : Maximum bouwhoogte transformatiegebieden /join/id/regdata/gm0202/2025/2f4efcfe67c6484188fef5cca74707f0/nld@2025-12-09;15581681

Toegevoegd : Nutsvoorziening transformatiegebied /join/id/regdata/gm0202/2025/6863fb10b0e646fa86ca4d4e1dc75a1c/nld@2025-12-09;15581681

Toegevoegd : omgevingsnorm Maximum bouwhoogte transformatiegebied /join/id/regdata/gm0202/2025/cc78abc08849462498864e3b14109a86/nld@2025-12-09;15581681

Toegevoegd : Transformatiegebied Bartok Park Zuid /join/id/regdata/gm0202/2025/fd886c23af9e4914b1a25ce60657f782/nld@2025-12-09;15581681

Toegevoegd : Transformatiegebieden Arnhem /join/id/regdata/gm0202/2025/73da6c6a95124820a84c0197e9c7d3e2/nld@2025-12-09;15581681

Toegevoegd : Verblijfsgebied transformatiegebied /join/id/regdata/gm0202/2025/17ca56c5c00d46a983024eedea6fa0d3/nld@2025-12-09;15581681 waarde Archeologie - hoge verwachting /join/id/regdata/gm0202/2024/9e4f91a463174d9a9d30c359cc0b7a2c/nld@2025-04-17;10232600 waarde Archeologie - lage verwachting /join/id/regdata/gm0202/2024/9fcba801164d40e88ac71d2c4f741f0e/nld@2025-04-17;10232600 waarde Archeologie - middelhoge verwachting /join/id/regdata/gm0202/2024/ec0554d2b8d7401ab3ad6afcc56a441e/nld@2025-04-17;10232600

Toegevoegd : waarde Archeologie - overige gebieden - opgehoogd terrein /join/id/regdata/gm0202/2024/6efcf5009f904b82bf82491f74a2958b/nld@2025-12-09;15581681

Toegevoegd : waarde Archeologie - overige gebieden - vergraven/afgegraven /join/id/regdata/gm0202/2024/4e514938bcaa473daaff86a6e30eb826/nld@2025-12-09;15581681 waarde Archeologie - waardevol gebied /join/id/regdata/gm0202/2024/ec77b177f9bf4d5bb7439e93f32a2d9b/nld@2025-04-17;10232600 waarde Archeologie - waardevol gebied (begraafplaats) /join/id/regdata/gm0202/2024/d2585260ebdb449a9dcf1e7f62a04451/nld@2025-04-17;10232600

Toegevoegd : waarde Archeologie - waardevol gebied (gemeentelijk beschermd) /join/id/regdata/gm0202/2024/98e88b096f2d4beda22e5845ca4e8c74/nld@2025-12-09;15581681 waarde Archeologie - waardevol gebied (rijksbeschermd, UNESCO) /join/id/regdata/gm0202/2024/f17e7682c7584376b126504d72222c18/nld@2025-04-17;10232600 waarde Archeologie - waardevol gebied (rijksbeschermd) /join/id/regdata/gm0202/2024/75610a2893154054bf0edba39ec4ace0/nld@2025-04-17;10232600 waarde Geomorfologie - leemlagen >1,5m /join/id/regdata/gm0202/2024/5821124b38734e38b94a30ce98123862/nld@2025-04-17;10232600 waarde Geomorfologie - leemlagen >3,0m /join/id/regdata/gm0202/2024/a5fed0cb12bc4b05840ed56e4ca3d102/nld@2025-04-17;10232600

waarde Geomorfologie - leemlagen >4,0m /join/id/regdata/gm0202/2024/5191ff2ef8174e66a10743abf14b774a/nld@2025-04-17;10232600

Toegevoegd : Wonen tranformatiegebied /join/id/regdata/gm0202/2025/1186951b7c64456799d5c9ae064d5627/nld@2025-12-09;15581681 D Bijlage III wordt op de aangegeven wijze gewijzigd:

Bijlage III Bij artikel 1.1, derde lid, van dit omgevingsplan, begripsbepalingen

Verwijderd : Archeologisch deskundige Een door burgemeester en wethouders als zodanig aangewezen archeoloog die voldoet aan de door en krachtens de Erfgoedwet gestelde kwalificaties en eisen. Archeologisch onderzoek Onderzoek verricht door een dienst, bedrijf of instelling, gecertificeerd volgens de BRL 4000 en daarmee in het bezit van de voor archeologisch onderzoek noodzakelijke certificaten, werkend volgens de Kwaliteitsnorm voor de Nederlandse Archeologie. Archeologisch onderzoek resulteert in een rapportage, in het geval van gravend onderzoek volgens de uitgangspunten van een onderliggend Programma van eisen. Archeologische verwachting De aan een gebied toegekende archeologische verwachting in verband met de kans op het voorkomen van archeologische relicten in dat gebied. Archeologische waarde De aan een gebied toegekende waarde in verband met de in dat gebied voorkomende archeologische relicten. Historische begraafplaats Een besloten gebied waar menselijke resten van overleden personen zijn bijgezet en die niet meer als zodanig in gebruik is. Specifieke archeologische verwachting De aan een gebied toegekende archeologische verwachting in verband met de kans op het voorkomen van archeologische relicten in dat gebied, specifiek relicten uit de Tweede Wereldoorlog, prehistorische akkercomplexen, het kanaal De Grift en de Romeinse Rijksgrens of Limeszone.

Tijdelijk deel omgevingsplan Het tijdelijke deel van het omgevingsplan bestaat uit: ruimtelijke regels uit bestemmingplannen en het exploitatieplan; rijksregels over activiteiten (aangeduid als bruidsschat) opgenomen in hoofdstuk 22. Toestemmingsvrij Een activiteit waarbij geen melding, informatie of een vergunning nodig is.

Toegevoegd : Archeologisch deskundige Een door burgemeester en wethouders als zodanig aangewezen archeoloog die voldoet aan de door en krachtens de Erfgoedwet gestelde kwalificaties en eisen. Archeologisch onderzoek Onderzoek verricht door een dienst, bedrijf of instelling, gecertificeerd volgens de BRL 4000 en daarmee in het bezit van de voor archeologisch onderzoek noodzakelijke certificaten, werkend volgens de Kwaliteitsnorm voor de Nederlandse Archeologie. Archeologisch onderzoek resulteert in een rapportage, in het geval van gravend onderzoek volgens de uitgangspunten van een onderliggend Programma van eisen. Archeologische verwachting De aan een gebied toegekende archeologische verwachting in verband met de kans op het voorkomen van archeologische relicten in dat gebied. Archeologische waarde De aan een gebied toegekende waarde in verband met de in dat gebied voorkomende archeologische relicten. Bebouwingspercentage Het in procenten uitgedrukte deel van een werkingsgebied dat maximaal mag worden bebouwd.

Bed and breakfast Overnachtingsaccomodatie gericht op het bieden van de mogelijkheid tot een kortdurend verblijf met het serveren van een ontbijt in een woning, gedreven door de bewoner van die woning. Bedrijf Een onderneming of gedeelte van een onderneming, die een organisatorisch zelfstandige eenheid vormt en is gericht op de productie of de afzet van goederen of de verlening van diensten, hieronder begrepen ondernemingen of gedeelten van ondernemingen, die door of vanwege de overheid worden geleid. Bedrijfsactiviteit Een activiteit gericht op a. het produceren, bewerken, herstellen, installeren of inzamelen van goederen; b. verhuur, opslag en distributie van goederen; c. bouwnijverheid, hoveniersbedrijven of daarmee vergelijkbare bedrijven; d. onderzoek en ingenieursbedrijven; e. groothandel. Beleidsregels Parkeren van de gemeente Arnhem De 'Beleidsregels Parkeren Arnhem 2022', dan wel zoals deze regels komen te luiden na wijziging van deze regels. Beroep aan huis Een (para)medisch, juridisch, administratief, therapeutisch, verzorgend, ontwerptechnisch, kunstzinnig of daarmee gelijk te stellen beroep of bedrijf dat in een woning, inclusief bijbehorende bouwwerken, wordt uitgeoefend. Bestaand(e) a.

bij bouwwerken: legale bouwwerken die aanwezig of in uitvoering zijn op het tijdstip van de ter visie legging van het ontwerp van hoofdstuk [22h] van dit omgevingsplan en bouwwerken die mogen worden gebouwd krachtens een vergunning; b. bij gebruik: legaal gebruik van grond en opstallen zoals aanwezig tijdens de inwerkingtreding van het hoofdstuk [22h] van dit omgevingsplan dat na de inwerkingtreding van het plan niet langer onderbroken is dan een jaar. Bijgebouw Een zelfstandig bouwwerk dat niet in directe verbinding staat met het hoofdgebouw. Het bijgebouw wordt via een aparte toegangsdeur bereikt en kan tegen een hoofdgebouw worden aangebouwd. Voorbeelden van een bijgebouw zijn een garage of een schuur. Bijzondere woonvorm Een woonvorm waar bewoners nagenoeg zelfstandig wonen met (voorzieningen voor) verzorging en begeleiding (ook 24-uurs begeleiding) en daar niet verblijven met het doel om therapeutisch behandeld te worden. Cultuurhistorische waarde De kenmerken van het gebruik dat de mens in de loop van de geschiedenis van grond en gebouwen heeft gemaakt, zoals dat onder meer tot uitdrukking komt in de beplanting, de stedenbouwkundig structuur en/of de architectuur.

Detailhandel Het bedrijfsmatig te koop aanbieden, waaronder begrepen het uitstallen ten verkoop, het verkopen of leveren van goederen aan diegenen die deze goederen kopen voor gebruik, verbruik of aanwending anders dan in de uitoefening van: een beroeps- of bedrijfsactiviteit. Onder detailhandel wordt niet begrepen: dienstverlening door een horecabedrijf, internetverkoop en bezorgservices, tankstations, bezorgdiensten zoals dark stores. Duurzaamheidsvoorzieningen Maatregelen genomen in het kader van natuurinclusief bouwen, zonnepanelen, warmtepompen en vergelijkbare voorzieningen in het kader van duurzaamheid. Galerij Een overdekte gang langs de buitenkant van een hoofdgebouw. Gebruiksoppervlakte

De vloeroppervlakte binnen de bouwmuren bepaald volgens NEN 2580 met dien verstande dat daarbij aangebouwde bergingen, garages en andere niet voor bewoning geschikte ruimtes niet worden meegeteld. Historische begraafplaats Een besloten gebied waar menselijke resten van overleden personen zijn bijgezet en die niet meer als zodanig in gebruik is. Horeca - 1 Horecabedrijf gericht op het verstrekken van etenswaren, niet zijnde maaltijden, en het schenken van (zwakalcoholische) dranken, met openingstijden overwegend tijdens de dagperiode, zoals lunchrooms, broodjeszaken, koffiezaken, juicebars en ijssalons. Horeca - 2 Horecabedrijf gericht op het overwegend via counterverkoop verstrekken van etenswaren, zoals fastfood, niet zijnde maaltijden, en (zwak-alcoholische) dranken met openingstijden tijden dag- en avondperiode, zoals cafetaria's, snackbars, grill-rooms, shoarmaroom, pizzeria, fastfood restaurants en afhaalcentra. Horeca - 3 Horecabedrijf gericht op het serveren van maaltijden en dranken in een restaurant-setting met openingstijden tijdens de namiddag en vroege avond, zoals restaurants, bistro, fastcasual concepten, grand-cafés en caférestaurants.

Horeca - 4 Horecabedrijf gericht op het verstrekken van (niet)-alcoholische drank als hoofdfunctie met daaraan ondersteunend het verstrekken van etenswaren met openingstijden zowel tijdens de dag- als avond- en nachtperiode, zoals cafés, cocktail-bars, wijnbars en shisha-lounges. Horeca - 5 Horecabedrijf gericht op het verstrekken van dranken en eventueel etenswaren in combinatie met (live) entertainment of harde/elektronisch versterkte muziek, met openingstijden tijdens de avond- en nachtperiode, zoals discotheken, (nacht)clubs en andere uitgaansconcepten. Horeca - 6 Horecabedrijf gericht op het bieden van nachtverblijf met openingstijden in de regel dagrond, al dan niet met een nachtportier of een onbemande receptie, zoals hotels, bed and breakfast met meer dan 4 slaapplaatsen, hostels en pensions. Huishouden Eén of meer personen die op hetzelfde adres wonen en een economisch-consumptieve eenheid vormen, met de intentie om zelfstandig, bestendig, voor onbepaalde tijd, in gezinsverband of in een met een gezinsverband vergelijkbaar samenlevingsverband te wonen. Internetverkoop Detailhandel zonder showroom, waarvan de handel voornamelijk via internet en andere media verloopt. Kamergewijze bewoning Een gebouw waarin zich 3 of meer onzelfstandige wooneenheden bevinden.

Nutsvoorziening Voorziening ten behoeve van het openbare nut, zoals zoals transformatorhuisjes, gasreduceerstations, schakelhuisjes, duikers, bemalingsinstallaties, gemaalgebouwtjes, telefooncellen, voorzieningen ten behoeve van ondergrondse afvalinzameling en apparatuur voor telecommunicatie. Onderbouw Een gedeelte van een gebouw, dat wordt afgedekt door een vloer, waarvan de bovenkant minder dan 1,20 meter boven peil is gelegen. Ondergeschikte horeca Een horecavoorziening welke dient ter ondersteuning van de hoofdactiviteit en daar onderdeel van uitmaakt, waarbij de horecavoorziening qua oppervlakte, aard en ruimtelijke uitstraling ondergeschikt is aan de hoofdactiviteit, de horecavoorziening uitsluitend te bereiken is via de entree van de hoofdactiviteit en de openingstijden van de horecavoorziening niet afwijken van de openingstijden van de hoofdactiviteit, zoals een kantine of restaurant/café. Onzelfstandige wooneenheid Een onzelfstandig gedeelte van een gebouw bedoeld voor de huisvesting van één huishouden. Kenmerkend voor de wooneenheid is het gezamenlijk gebruik (met andere wooneenheden) van een toiletruimte, badruimte en/of een keuken. Een wooneenheid kan uit meerdere ruimten bestaan. Pand De kleinste bij de totstandkoming functioneel en bouwkundig- constructief zelfstandige eenheid die direct en duurzaam met de aarde is verbonden en betreedbaar en afsluitbaar is.

Peil a. voor een gebouw, waarvan de hoofdtoegang onmiddellijk aan een weg of pad grenst: de hoogte van die weg of dat pad ter plaatse van de hoofdtoegang; b. voor een gebouw, waarvan de hoofdtoegang niet direct aan de weg grenst: de hoogte van het afgewerkte terrein ter plaatse van de hoofdtoegang bij voltooiing van de bouw; c. voor een ander bouwwerk: de hoogte van het afgewerkte terrein ter plaatse bij voltooiing van de bouw. d. voor zover als zodanig aangegeven in de omgevingplanregels: Normaal Amsterdams Peil (N.A.P.) Seksinrichting Een voor publiek toegankelijke, besloten ruimte (hieronder wordt mede begrepen een voer- of vaartuig) waarin bedrijfsmatig, of in omvang alsof zij bedrijfsmatig was, seksuele handelingen worden verricht, of vertoningen van pornografische aard plaatsvinden. Onder seksinrichtingen wordt in elk geval verstaan een (raam)prostitutiebedrijf, een seksclub, een privé-huis, een erotische massagesalon, een seksbioscoop, een seksautomatenhal, een sekstheater of parenclub, al dan niet in combinatie met elkaar. Specifieke archeologische verwachting De aan een gebied toegekende archeologische verwachting in verband met de kans op het voorkomen van archeologische relicten in dat gebied, specifiek relicten uit de Tweede Wereldoorlog, prehistorische akkercomplexen, het kanaal De Grift en de Romeinse Rijksgrens of Limeszone.

Tijdelijk deel omgevingsplan Het tijdelijke deel van het omgevingsplan bestaat uit: ruimtelijke regels uit bestemmingplannen en het exploitatieplan; rijksregels over activiteiten (aangeduid als bruidsschat) opgenomen in hoofdstuk 22. Toestemmingsvrij Een activiteit waarbij geen melding, informatie of een vergunning nodig is. Vegetatiedak waterberging Een dakbedekking waarop een laag is aangebracht die hoofdzakelijk bestaat uit aarde, levende planten, zoals sedum, mos of vergelijkbare vegetatie. Een vegetatiedak is minimaal 10 cm dik en heeft een minimale waterbergingscapaciteit van 40mm. Verkamering Het gebruiken van een (gedeelte van een) gebouw waar wonen is toegestaan voor kamergewijze bewoning. Hieronder wordt tevens verstaan het toevoegen van onzelfstandige wooneenheden aan bestaande gevallen van kamergewijze bewoning. Vestigingsbeleid Het beleid neergelegd in de nota 'van Rood naar Groen' (vastgesteld 26 juni 2000). Wijk Wijk, zoals gehanteerd wordt in de indeling van het Centraal Bureau voor de Statistiek. Wonen Activiteit inhoudende de bewoning van een woonruimte. Onder wonen wordt ook begrepen bijzondere woonvormen. Woning Een complex van ruimten, bedoeld voor de huisvesting van één huishouden, een bijzondere woonvorm of een kamerverhuurbedrijf kamergewijze bewoning.

Woningsplitsing Het bouwkundig en/ of functioneel splitsen van één woning of (een gedeelte van een) gebouw waar wonen is toegestaan tot twee of meer zelfstandige woningen. Woonwagen Voor bewoning bestemd gebouw dat is geplaatst op een standplaats en in zijn geheel of in delen kan worden verplaatst. Zelfstandige woning Een zelfstandig (gedeelte van een) gebouw, dat dient voor de huisvesting van één huishouden. Kenmerkend voor de woning is de aanwezigheid van eigen voorzieningen, waaronder minimaal een toiletruimte, badruimte en een keuken met kooktoestel. E De volgende sectie wordt op de aangegeven wijze gewijzigd:

4 Ontwikkelingen en tijdreizen

Nieuwe ruimtelijke ontwikkelingen en andere aanpassingen, onder andere vanwege de transitie naar één omgevingsplan, komen te landen in het omgevingsplan. In de loop der tijd zullen vele wijzigingen plaatsvinden. Om eerdere versies van het omgevingsplan te zien, is ‘tijdreizen’ mogelijk. Via het Omgevingsloket (regels op de kaart) kunnen oude versies geraadpleegd worden. Hieronder is een overzicht opgenomen met alle wijzigingen van het omgevingsplan. Overzicht wijzigingen van het omgevingsplan. Omschrijving gebied

Wijziging

Datum vaststelling

Link publicatie

plan

Bartok Park Zuid

Transformeren Bartok Park Zuid naar wonen

Ambtsgebied Arnhem

Thematische

Datum vaststelling

xxx https://zoek.officielebekendmakingen.nl/gmb-

wijziging

plan 16-04-2025

2025-174865.html

31-01-2024

http://lokaleregelgeving.overheid.nl/CVDR696216

archeologie en leemlagen Ambtsgebied Arnhem

Technisch in beheer nemen bruidsschat

Gemeente Arnhem

Deze tabel wordt aangevuld met datum vaststelling en een link publicatie op het moment dat het volgende wijzigingsbesluit is genomen. F Na sectie ' Voorrangsregels leemlagen' wordt een sectie ingevoegd, luidende:

Toegevoegd : Artikel 10.55 Bouwen – bijzondere aanvraagvereisten Zie voor het format de gemeentelijke website van de gemeente Arnhem, https://arnhem.bestuurlijkeinformatie.nl/Reports/Item/26473435-606d-4df0-8ffc-9e1c4ce1afbd

G De volgende sectie wordt op de aangegeven wijze gewijzigd:

Artikel 22.28 Inperkingen artikel 22.27 vanwege cultureel erfgoed Artikel 22.28 bevat uitzonderingen en aanvullende randvoorwaarden voor de in artikel 22.27 aangewezen gevallen. Gevolg is dat, als uitzondering op de uitzondering, de vergunningplicht uit artikel 22.26 toch blijft gelden voor die gevallen (als niet aan de aanvullende randvoorwaarden wordt voldaan). Deze systematiek is overgenomen uit de artikelen 4a en 5, vierde lid, van bijlage II bij het voormalige Besluit omgevingsrecht. De vergunningvrije mogelijkheden zijn in het kader van de bescherming van cultureel erfgoed beperkt in geval van (voor)beschermde monumenten en archeologische monumenten en rijksbeschermde stads- en dorpsgezichten. Artikel 22.28, vierde lid, is een voortzetting van artikel 5, vierde lid, van bijlage II bij het voormalige Besluit omgevingsrecht, waarbij op basis van de jurisprudentie één wijziging is aangebracht.

Artikel 22.28, vierde lid, aanhef, verklaart als hoofdregel de op grond van artikel 22.27, aanhef en onder a en b, van dit omgevingsplan bestaande mogelijkheden om een bijbehorend bouwwerk of een bouwwerk voor recreatief nachtverblijf te bouwen zonder de op grond van artikel 22.26 van dit omgevingsplan vereiste omgevingsvergunning voor een bouwactiviteit buiten toepassing, als er op de locatie van het bouwwerk regels gelden als bedoeld in artikel 22.22 22.22 [vervallen] van dit omgevingsplan over het verrichten van archeologisch onderzoek in het kader van een aanvraag om een omgevingsvergunning voor een bouwactiviteit. In artikel 22.28, vierde lid, onder a, is de al onder het Besluit omgevingsrecht bestaande uitzondering op deze hoofdregel opgenomen dat deze niet geldt als de oppervlakte van het bouwwerk minder dan 50 m2 bedraagt. Op basis van de jurisprudentie is aan de regeling in dit omgevingsplan een subonderdeel toegevoegd (artikel 22.28, vierde lid, onder b). Per saldo leidt dit nieuwe subonderdeel ertoe dat de vergunningvrije bouwmogelijkheden voor een bijbehorend bouwwerk en een bouwwerk voor recreatief nachtverblijf op grond van artikel 22.27, aanhef en onder a en b, van dit omgevingsplan in een groter aantal gevallen van toepassing blijven, ook al gelden er op de locatie van het bouwwerk regels als bedoeld in artikel 22.2222.22 [vervallen] van dit

omgevingsplan over het verrichten van archeologisch onderzoek in het kader van een aanvraag om een omgevingsvergunning voor een bouwactiviteit. Het nieuwe subonderdeel regelt namelijk dat die vergunningvrije bouwmogelijkheden in dat geval ook van toepassing blijven als het tijdelijke deel van het omgevingsplan, bedoeld in artikel 22.1, onder a, van de Omgevingswet, een verbod bevat om zonder omgevingsvergunning grondwerkzaamheden te verrichten die nodig zijn voor het verrichten van de bouwactiviteit en daarop regels als bedoeld in artikel 22.2222.22 [vervallen] van dit omgevingsplan over het verrichten van archeologisch onderzoek in het kader van een aanvraag om een omgevingsvergunning voor het uitvoeren van een werk, geen bouwwerk zijnde, of een werkzaamheid, van toepassing zijn. Op het moment dat sprake is van een dergelijk verbod met daarop betrekking hebbende regels over het verrichten van archeologisch onderzoek, is er geen reden om de desbetreffende vergunningvrije gevallen uit artikel 22.27 te beperken. In dat geval is de bescherming van de archeologische waarden op de locatie voldoende verzekerd. De uitzondering op de vergunningplicht uit artikel 22.26 kan dan blijven gelden. De toevoeging van dit nieuwe subonderdeel is een uitvloeisel van de uitspraak van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State met nummer ECLI:NL:RVS:2014:2066.

Bij deze uitspraak heeft de Afdeling kort samengevat geoordeeld dat het bestaan van een vergunningplicht voor een bouwactiviteit een eventuele vergunningplicht voor het uitvoeren van grondwerkzaamheden die nodig zijn voor het verrichten van de bouwactiviteit onverlet laat. Om die reden is het niet langer meer nodig om de bescherming van archeologische waarden die gevolgen kunnen ondervinden van grondwerkzaamheden in het kader van een bouwactiviteit, te laten plaatsvinden via regels die betrekking hebben op die bouwactiviteit. Het zijn twee zelfstandige kaders. In de voormalige planologische regelingen die onderdeel uitmaken van het tijdelijke deel van het omgevingsplan, bedoeld in artikel 22.1, onder a, van de Omgevingswet, is dit uiteraard nog niet tot uitdrukking gebracht. Om die reden gebeurt dit nu in het nieuwe subonderdeel. Het is aan gemeenten om dit bij het vaststellen van het omgevingsplan verder te regelen en de regels die met het oog op de bescherming van archeologische waarden op een locatie worden gesteld aan het bouwen en het uitvoeren van grondwerkzaamheden in onderlinge samenhang te bezien en desgewenst aan te passen.

In aanvulling op de toelichting op artikel 2.30 van het Bbl (bij het Invoeringsbesluit Omgevingswet oorspronkelijk genummerd als artikel 2.15g) wordt hieronder ingegaan op de instructieregels en instructies die in ieder geval in acht genomen moeten worden bij het in het omgevingsplan aanpassen van de artikelen 22.26 en 22.27 van dit omgevingsplan en de in dit artikel (22.28) opgenomen uitzonderingen daarop voor cultureel erfgoed. Bij aanpassing van het omgevingsplan moet de gemeente de instructieregels en instructies van de provincie en het Rijk in acht nemen. Bij dit onderwerp gaat het dan in ieder geval om de instructieregels uit het Bkl over het behoud van cultureel erfgoed (artikel 5.130) en werelderfgoed (artikel 5.131), de provinciale instructieregels over werelderfgoed (op grond van artikel 7.4, derde lid, van het Bkl) en de instructies ter bescherming van rijksbeschermde stads- en dorpsgezichten, bedoeld in artikel 2.34, vierde lid, van de Omgevingswet (in samenhang met artikel 4.35 van de Invoeringswet Omgevingswet). Voor omgevingsplanactiviteiten in, aan of op via het omgevingsplan (voor)beschermde monumenten of archeologische monumenten zal het daarbij vooral draaien om de vraag of de activiteit van invloed kan zijn op de monumentale waarden.

De omgevingsplanactiviteit met betrekking tot een bouwwerk valt hier immers één op één samen met de omgevingsplanactiviteit met betrekking tot een (gemeentelijk of provinciaal) beschermd monument of archeologisch monument. Als een gemeente niet tot een vergunningvrijregime per locatie wil overgaan, ligt een vergelijkbaar regime als opgenomen in artikel 13.11 van het Bal, waarin de vergunningvrije gevallen voor de rijksmonumentenactiviteit zijn aangewezen, voor de hand. In de omgeving van – bij – (voor)beschermde monumenten is in ieder geval relevant de instructieregel in artikel 5.130, tweede lid, onder d, onder 1°, van het Bkl, dat de aantasting van de omgeving van deze monumenten moet worden voorkomen voor zover deze daardoor zouden worden ontsierd of beschadigd. De mogelijkheden om binnen een rijksbeschermd stads- of dorpsgezicht meer omgevingsplanactiviteiten vergunningvrij te maken, worden enerzijds specifiek begrensd door het niveau van bescherming dat ten tijde van de aanwijzing als beschermd gezicht op grond van de Monumentenwet 1988 of de instructie op grond van artikel 2.34, vierde lid, van de Omgevingswet voldoende beschermend werd geacht. Anderzijds vormt de generieke instructieregel in artikel 5.130, tweede lid, onder d, onder 2°, van het Bkl in algemene zin een ondergrens.

Deze instructieregel bepaalt dat aantasting van het karakter van beschermde stads- en dorpsgezichten (ongeacht op welk overheidsniveau deze zijn beschermd) moet worden voorkomen. Hoewel in de artikelsgewijze toelichting bij artikel 5.130 van het Bkl is opgemerkt dat het tweede lid, onder d, onder 2°, zich in eerste instantie richt op stads- en dorpsgezichten (en cultuurlandschappen) die op initiatief van de gemeente zelf worden beschermd, is de bepaling uitdrukkelijk ook van toepassing op rijksbeschermde stads- en dorpsgezichten. Dit is ook nodig, omdat veel aanwijzingen als rijksbeschermd stads- of dorpsgezicht inmiddels zo’n vijftig jaar oud zijn en de meeste nog op het oude stelsel zijn geënt, waarin van rechtswege een bouwvergunningplicht gold. Daardoor zijn die als instructie aangemerkte oude aanwijzingen in de praktijk niet altijd leesbaar als een actuele en gedetailleerde instructie als bedoeld in artikel 2.34 van de Omgevingswet. De instructieregel in artikel 5.130, eerste lid, van het Bkl verplicht de gemeente in zo’n geval de karakteristieken van het beschermde gezicht aanvullend te analyseren en te betrekken bij de vraag of er ruimte is voor aanvullende vergunningvrije omgevingsplanactiviteiten. Het ligt niet voor de hand dat er op gemeentelijk niveau generiek veel meer vergunningvrij zal kunnen worden verklaard. Voornoemde

instructieregel voor beschermde stads- en dorpsgezichten geldt overigens ook voor eventuele via het omgevingsplan beschermde cultuurlandschappen, iets wat met name in het buitengebied aan de orde zou kunnen zijn. In het licht van het voorgaande wordt ook nog gewezen op het – ook rechtstreeks de gemeenten bindende – verdrag van Granada. Op basis van artikel 4 van dat verdrag moet het beschermingsregime zo ingericht worden dat het bevoegd gezag ter voorkoming van ontsiering, vernieling of afbraak van beschermd cultureel erfgoed in een passende controle en goedkeuringsprocedure in kennis wordt gesteld van alle plannen tot het slopen of wijzigen («afbraak of verandering») van een (voor)beschermd monument of aantasting van de omgeving van zo’n monument, of waardoor een beschermd gezicht of cultuurlandschap geheel dan wel gedeeltelijk wordt aangetast als gevolg van de sloop van bestaande gebouwen, de bouw van nieuwe gebouwen, of belangrijke veranderingen waardoor het karakter van het gezicht of cultuurlandschap zou worden aangetast. Artikel 14, eerste lid, van dit verdrag vraagt verder in de verschillende stadia van besluitvorming te zorgen voor passende structuren voor informatie, overleg en samenwerking tussen de centrale overheid, de regionale en lokale overheden, culturele instellingen en verenigingen en het publiek (participatie).

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Arnhem&id=74e09d63-c8ac-4cbb-aaf2-9c83f0d0c4ec