Bijlage 1 - Gespreksnotitie ‘Vervolg Arnhemse kinderparticipatie’
Tekst van het document
Gespreksnotitie Datum
: 3 december 2024
Aan
: Leden van de gemeenteraad
Van
: College van B&W
Betreft
: Gespreksnotitie Vervolg Arnhemse kinderparticipatie
Hierbij verzoekt het college van burgemeester en wethouders op grond van artikel 43 lid 4 van het Reglement van Orde voor de gemeenteraad om het ‘Vervolg Arnhemse kinderparticipatie’ toe te voegen aan de agenda van de gemeenteraad. Aanleiding Naar aanleiding van de op 21 juli 2021 aangenomen motie 21M54G kinderburgermeester benoemt de gemeente Arnhem sinds november 2022 jaarlijks een kinderburgemeester. Arnhem heeft sindsdien twee kinderburgemeesters gehad. Voor de uitvoering van het kinderburgemeesterschap in de jaren 2024 en 2025 is budget beschikbaar gesteld vanuit de bestemmingsreserve burgerparticipatie. De beleidscapaciteit wordt in 2024 en 2025 net zoals in eerdere jaren ingezet vanuit bestaande formatie. Voor het vervolg vanaf 2026 zijn nog geen afspraken gemaakt. Daarnaast is er in de afgelopen twee jaar een tussenevaluatie en een eindevaluatie (zie bijlage) uitgevoerd waaruit verschillende lessen te leren zijn. Gezien: • de opgedane kennis tijdens de ambtstermijnen van de eerste twee Arnhemse kinderburgemeesters; • de constatering dat er vanaf het jaar 2026 nog geen middelen beschikbaar zijn gemaakt; gaat het college graag voorafgaand aan het opstellen van de perspectiefnota 2026-2029 met de gemeenteraad in gesprek over het vervolg van Arnhemse kinderparticipatie.
Het college wil dit gesprek samen met de raad voeren gezien de raad initiatiefnemer is van het kinderburgemeesterschap. Met dit gesprek beoogt het college om gezamenlijk de kaders rondom kinderparticipatie te bepalen en een richting voor de uitwerking daarvan te kiezen. Aan de hand van de uitkomsten van het gesprek werkt het college de gekozen richting uit en doet het college op basis van deze uitwerking een (financieel) voorstel in de perspectiefnota 2026-2029. Agendering Het college stelt voor het gesprek op te delen in drie gedeeltes. Ten eerste beantwoordt het college graag mogelijke vragen die de raad nog heeft ten aanzien van de kinderburgemeester en kinderparticipatie. Bijvoorbeeld naar aanleiding van de genoemde evaluaties en opgedane lessen bij andere gemeenten. Indien gewenst kan hierbij ook een expert vanuit KinderrechtenNU aansluiten en kan de raad kiezen professionals (bijvoorbeeld uit het onderwijs) uit te nodigen. Ten tweede stelt het college voor om gezamenlijk de kaders voor kinderparticipatie te bepalen. De inzichten uit de ervaringen van de afgelopen twee jaar (in de vorm van de evaluaties) vormen de basis voor dit gesprek.
Wanneer iedereen beschikt over de juiste informatie en de kaders zijn geformuleerd is er ruimte voor een derde onderdeel: welke invulling van kinderparticipatie past bij de geformuleerde kaders? Kinderparticipatie kan namelijk georganiseerd worden in verschillende vormen en maten. Op de volgende pagina leest u een korte beschrijving van vier mogelijke scenario’s. Scenario A: Inzetten op een zichtbare kinderburgemeester In de afgelopen twee jaar bleek de kinderburgemeester vaker te worden uitgenodigd voor activiteiten en evenementen dan waar we vooraf rekening mee gehouden hadden. Hoewel beide kinderburgemeesters
hier positief op reageerden en zij positief terugkijken op de activiteiten, leidde dit tot (te) drukke periodes voor de kinderburgemeester en vroeg dit aanzienlijk meer uren van de organisatie. Om dit in balans te brengen kan de gemeente inzetten op een kinderburgemeester die vooral zichtbaar is door aanwezig te zijn op grote evenementen zoals de sinterklaasintocht, 4 en 5 mei en de Airborneherdenking. Dit heeft de volgende voor- en nadelen: Voordelen
Nadelen
1. De kinderburgemeester is een herkenbaar gezicht voor andere kinderen. 2. Het aantal activiteiten komt overeen met het in het plan van aanpak genoemde aantal. 3. De kinderburgemeester doet unieke ervaringen op. 4. Overzichtelijke belasting voor de kinderburgemeester; geen onnodige stress.
1. Het vraagt jaarlijks ongeveer €38.000,(bestaande uit 0,2 fte1 en €5.000,- vrij budget)2. 2. Het bereik van actieve kinderparticipatie is beperkt tot voornamelijk één kind, namelijk de kinderburgemeester zelf. 3. De activiteiten van de kinderburgemeester zijn vooral ceremonieel. Er wordt geen inhoudelijk project georganiseerd. Dit draagt zeer beperkt bij aan betekenisvolle kinderparticipatie. 4. De gemeente is afhankelijk van het aantal scholen dat een kandidaat nomineert.
Scenario B: Breid het huidige kinderburgemeesterschap uit met een kinderraad Dit scenario is in feite scenario A uitgebreid met een kinderraad. Op die manier kunnen er meer kinderen actief worden betrokken. Daarbij kunnen we met een kinderraad de kinderburgemeester een sterkere rol geven en op die manier meer aandacht voor kinderparticipatie in algemene zin genereren. Op dit moment zijn er echter te weinig middelen (zowel in capaciteit als budget) voor de organisatie van het huidige kinderburgemeesterschap. Dit vraagt daarom reeds om aanvullende middelen. Het instellen, organiseren en begeleiden van een kinderraad vraagt daarbovenop om een aanzienlijke aanvullende investering. Dit heeft de volgende voor- en nadelen: Voordelen
Nadelen
1. Een grotere groep kinderen leert participeren. 2. De ambtelijke organisatie en/of gemeenteraad ontvangt adviezen van kinderen. 3. Kinderen maken op jonge leeftijd kennis met de gemeente(politiek). 4. Het biedt mogelijkheden om aansluiting te zoeken met de jongerenraad.
1. Het vraagt jaarlijks ongeveer €105.500,(bestaande uit 0,7 fte en €25.000,- vrij budget). 2. De gemeente is afhankelijk van het aantal scholen dat een kandidaat nomineert. 3. Het vraagt een langere opstartfase; de gemeente Arnhem is nog onbekend met een kinderraad. 4. Het verwerken van de adviezen vraagt extra tijd en aandacht van ambtenaren en raad
Scenario C: Stoppen met Kinderburgemeesterschap en (beter) benutten van bestaande initiatieven In dit scenario stoppen we met de kinderburgemeester en proberen we kinderen te betrekken bij de politiek door bestaande initiatieven (beter) te benutten. Ook nu betrekt de gemeente kinderen al via andere manieren dan alleen via het kinderburgemeesterschap. Zo organiseerde de gemeente op vrijdag 1 november een debatwedstrijd voor bassischolen, en zet de griffie al in op kinderparticipatie via het democratieprogramma waarbij basisschoolkinderen het spel Democracity van ProDemos spelen. 1
Bij de berekening van de personele kosten is uitgegaan van de huidige situatie van de begeleiding van de kinderburgemeester (schaal 11). De personeelskosten zijn uiteindelijk afhankelijk van de te bepalen salarisschaal. 2 In dit scenario (A) is uitgegaan van de huidige situatie waarbij dit jaarlijkse budget wordt ingezet voor bijvoorbeeld het lidmaatschap van het Nederlands Genootschap van Kinderburgemeesters en een losstaand project.
Bestuur - Griffie
2
Tegelijkertijd zijn er in Arnhem ook voorbeelden waarin kinderen worden betrokken die verder losstaan van (gemeente)politiek, zoals het optreden van de dansschool Up&Down tijdens de Dag van de Wijken, de acties van het KinderWijkTeam of de al bestaande leerlingenraden van basisscholen. Daarnaast kan gekeken worden naar voorbeelden elders in het land zoals het kindervragenuur wat bijvoorbeeld de Tweede Kamer en de gemeente Utrecht organiseren of laagdrempeligere vormen zoals de tekenwedstrijd van de gemeente Veere in het kader van de omgevingsvisie of een wensboom waaraan kinderen hun wensen voor de gemeente kunnen ophangen. Door bestaande initiatieven beter te benutten, te intensiveren en mogelijk uit te breiden kan de gemeente een grote(re) groep kinderen betrekken en op manier leren participeren die aansluit bij de belevingswereld van kinderen. Dit heeft de volgende voor- en nadelen: Voordelen
Nadelen
1. Het is mogelijk om een grote groep kinderen te betrekken. 2. Het draagt bij aan betekenisvolle kinderparticipatie. 3. Het betreft grotendeels bestaande initiatieven die waarbij aansluiting kan worden gezocht. 4. Kinderen leren participeren op een manier die bij hun belevingswereld past. 5. Kinderen maken op jonge leeftijd kennis met de gemeente(politiek). 6. Het betreft een werkwijze die organisch verder kan groeien binnen de organisatie door hier breder aandacht voor te vragen.
1. Het intensiveren en uitbreiden van bestaande initiatieven vraagt middelen; een realistische schatting is hierbij niet mogelijk, gezien dit sterk afhangt van welke lopende initiatieven worden geïntensiveerd en welke worden gestart. 2. Arnhem heeft geen kinderburgemeester.
Scenario D: Stoppen met het kinderburgemeesterschap Hoewel betrokkenen in de afgelopen twee jaar positief waren, leidde de huidige vorm van kinderburgemeesterschap vooral tot betekenisvolle kinderparticipatie van één kind. Daarbij vroeg het kinderburgemeesterschap veel van zowel het kind - wat op momenten kan leidden tot stressvolle situaties - als van de ambtelijke organisatie, wat leidt tot een aanzienlijke hogere inzet van middelen dan verwacht. Daarom valt ook zonder de randvoorwaarden van scenario C te overwegen het Arnhemse kinderburgemeesterschap te beëindigen. Dit scenario heeft één voordeel en één nadeel. Het voordeel is dat er geen middelen nodig zijn. Het nadeel is dat Arnhem geen kinderburgemeester heeft. Proces De vier beschreven scenario’s zijn niet onuitputtelijk, maar bieden uitgangspunten voor het gesprek. De scenario’s laten ook zien dat kiezen voor iedere vorm van kinderparticipatie kosten met zich meebrengt. De scenario’s bevatten waar mogelijk een inschatting van uren en middelen op basis van gesprekken met andere gemeenten en experts. Deze zullen naar aanleiding van de uitkomsten van het gesprek nauwkeuriger worden uitgewerkt en getoetst op haalbaarheid. Het is uiteraard de bevoegdheid van de raad om te besluiten tot het toewijzen van de uiteindelijk voorgestelde middelen.
Zoals eerder beschreven zijn er momenteel afspraken gemaakt over middelen tot en met het jaar 2025. Daarom wenst het college het gesprek met de raad over het vervolg van Arnhemse kinderparticipatie te voeren in het begin van het eerste kwartaal van 2025. Daarmee kan het college via de perspectiefnota 2026-2029 een (financieel) voorstel doen om kinderparticipatie in de komende jaren in te richten. Gelet op het hiervoor beschrevene verzoeken wij u de gespreksnotitie toe te voegen aan de agenda van de raad.
Bestuur - Griffie
3