Agendabundel
Tekst van het document
Bundel - Politieke Avond van 26 maart 2025 Agenda bijlagen Raadskamerindeling PA 26 maart 2025 - 20.15 uur: Vaststellen 'TAM-Omgevingsplan Schaapsdrift e.o.' en omgevingskwaliteitsplan 1.RZ 18.45 ‘Schaapsdrift e.o.' Behandeladvies 26 maart, informatieve en meningsvormende bespreking Lijst met insprekers Raadsvoorstel Vaststellen 'TAM-Omgevingsplan Schaapsdrift e.o.' en omgevingskwaliteitsplan ‘Schaapsdrift e.o.' Bijlage 1 Wijzigingenoverzicht Bijlage 2a Zienswijzen geanonimiseerd Bijlage 2b Zienswijzennota geanonimiseerd Bijlage 3a Regels TAM-Omgevingsplan Schaapsdrift e.o. Bijlage 3b Bijlagen bij regels TAM-Omgevingsplan Schaapsdrift e.o. Bijlage 3c Verbeelding TAM-Omgevingsplan Schaapsdrift e.o. Bijlage 3d Motivering TAM-Omgevingsplan Schaapsdrift e.o. Bijlage 3e Bijlagen bij motivering TAM-Omgevingsplan Schaapsdrift e.o. deel 1 Bijlage 3e Bijlagen bij motivering TAM-Omgevingsplan Schaapsdrift e.o. deel 2 Bijlage 4 Omgevingskwaliteitsplan Schaapsdrift e.o. Bijlage 5 Overzicht wijzigingen aangaande amendement 24A06 van 10 april 2024 Bijlage 6 Stedenbouwkundig plan Schaapsdrift e.o. Bijlage 7 Sociaal Plan Bijlage 8 Participatieverslag Schaapsdrift e.o. Bijlage 10 Handreiking TAM-Omgevingsplan Schriftelijke reactie bewoner Casimirstate d.d. 18 maart 2025 Schriftelijke reactie bewoner Casmirlaan d.d.
18 maart 2025 Schriftelijke reactie bewoners Casimirstate (incl handtekeningenactie) d.d. 17 maart 2025’
Agenda Politieke Avond 26 maart 2025 Raadzaal
Landgoed/Festival
Walburgis
18.45 uur - 20.15 uur (90)
18.45 uur - 20.15 uur (90)
18.45 uur - 20.15 uur (90)
Vaststellen 'TAM-Omgevingsplan Schaapsdrift e.o.' en omgevingskwaliteitsplan ‘Schaapsdrift e.o.'
Referendumverordening gemeente Arnhem
Agenderingsverzoek ‘Plan van aanpak Thuiszitters’
(Informatieve & meningsvormende bespreking)
(Informatieve & meningsvormende bespreking)
(Debat)
Pauze: 20.15 uur - 20.30 uur Raadzaal
Landgoed/Festival
Walburgis
20.30 uur – 21.45 uur (75)
20.30 uur – 21.45 uur (75)
20.30 uur – 21.45 uur (75)
Vaststellen 'TAM-Omgevingsplan Schaapsdrift e.o.' en omgevingskwaliteitsplan ‘Schaapsdrift e.o.' (hervatting)
Vaststelling Dienstverleningsvisie 2025 – 2030
Agenderingsverzoek - Raadsbrief 'Inrichten wijknetwerken welzijn en zorg'
(Informatieve & meningsvormende bespreking)
(Meningsvormende bespreking)
(Debat)
Pauze: 21.45 uur – 22.00 uur Raadzaal
Landgoed/Festival
Walburgis
22.00 uur - 23.15 uur (75)
22.00 uur - 23.15 uur (75)
22.00 uur - 23.15 uur (75)
Vaststellen 'TAM-Omgevingsplan Schaapsdrift e.o.' en omgevingskwaliteitsplan ‘Schaapsdrift e.o.' (hervatting)
Gespreksnotitie 'Project Huisvesting - Scenario’s volumestudie'
Agenderingsverzoek - Raadsbrief 'Inrichten wijknetwerken welzijn en zorg' (hervatting)
(Informatieve & meningsvormende bespreking)
(Bestuurlijk gesprek)
(Debat)
GEMEENTERAAD ARNHEM BEHANDELADVIES
Vaststellen 'TAM-Omgevingsplan Schaapsdrift e.o.' en omgevingskwaliteitsplan ‘Schaapsdrift e.o.' Fasering Informatieve bespreking Meningsvormende bespreking Bespreking Moties & Amendementen Besluitvormende vergadering
Voorgesteld besluit Het college stelt voor 1. Het omgevingsplanwijzigingsbesluit ‘TAMOmgevingsplan Schaapsdrift e.o.’ vast te stellen; 2. De beleidsregels van het ‘Omgevingskwaliteitsplan Schaapsdrift e.o.’ vast te stellen; 3. College de bevoegdheid te delegeren om percentages van de woningbouwcategorieën aan te passen.
Procedure:
Aandachtspunten
Datum vergadering 26-03-2025
Informatieve bespreking De informatieve bespreking bestaat uit twee onderdelen: inspraak en een ambtelijke presentatie.
Type voorstel Raadsvoorstel Spreekrecht publiek? Ja Voorgesteld resultaat: Start en afronding informatieve bespreking. Start en afronding van de meningsvormende bespreking. Informatieve fase: Inspreken (rondetafelgesprek of klassiek inspreken)
1. Inspraak. Insprekers krijgen vijf minuten de tijd om de raadskamer toe te spreken, waarna er ruimte is voor vragen. Insprekers worden toegevoegd aan de bijlage ‘Lijst van insprekers’. Mogelijk wordt het inspreken omgezet in een rondetafelgesprek indien het aantal insprekers hiertoe aanleiding geeft. 2. Ambtelijke presentatie Een ambtelijke presentatie met toelichting op de plannen, inclusief gelegenheid voor het stellen van technische vragen. Meningsvormende bespreking Er wordt in twee termijnen vergaderd. • Iedere fractie heeft twee termijnen, waarin meningen kunnen worden verkondigd of politieke vragen kunnen worden gesteld. • De portefeuillehouder reageert na een termijn van de raad als alle fracties aan het woord zijn geweest. De portefeuillehouder beantwoordt de gestelde vragen. Interrupties (in de vorm van een korte vraag of opmerking zonder inleiding) zijn in alle termijnen toegestaan. Zoals altijd kan de voorzitter interrupties beperken.
GEMEENTERAAD ARNHEM BEHANDELADVIES Contactgegevens Portefeuillehouder: Cathelijne Bouwkamp
Ambtenaar Erik Lievers erik.lievers@arnhem.nl +31263774622
Raadsadviseur Willem Lammers willem.lammers@arnhem.nl (06) 31 10 79 51
Aandachtspunten Voorgeschiedenis 1. Raadsvoorstel 1.1. Aanwijzing Wet voorkeursrecht gemeenten Schaapsdrift e.o. – vastgesteld op 1 juni 2022 • • • •
Aangenomen motie "Begrijpelijke en menselijke communicatie voor participatie" (22M63) van de fracties PvdA en GroenLinks Aangenomen motie "Zorgvuldig Vervolgproces Schaapsdrift" (22M64) van de fracties Arnhem Centraal, Partij voor de Dieren, PvdA, D66 en GroenLinks Aangenomen motie "Protocol bij toekomstig toepassen Wvg" (22M65) van de fractie Volt Aangenomen motie "Grip op de gereedschapskist grondbeleid" (22M66) van de fracties D66, Arnhem Centraal, Volt en PvdA
1.2. Verzoek tot opheffing geheimhouding Wvg Schaapsdrift – vastgesteld op 21 december 2022 •
Aangenomen amendement "Opheffen geheimhouding stukken Wvg Schaapsdrift" (22A87) van de fracties PvdA, GroenLinks en Partij voor de Dieren
1.3. Startnotitie Schaapsdrift & 1.4 Afhandeling bezwaarschriften Wet voorkeursrecht gemeenten Schaapsdrift e.o. – vastgesteld op 31 mei 2023 •
Aangenomen amendement "Toekomstperspectief Schaapsdrift en omstreken" (23A13) van de fracties GroenLinks, VVD, CDA, Arnhem Centraal, ChristenUnie, Volt, PvdA, Partij voor de Dieren en BurgerBelang Arnhem
1.5 Gebiedsvisie Schaapsdrift en omgeving – vastgesteld op 10 april 2024 •
Aangenomen amendement 'Inrichting stationsgebied Presikhaaf' (24A06) van de fracties Volt, GL en PvdA
1.6 Beslissen op het bezwaarschrift tegen de afwijzing van het verzoek om opheffing geheimhouding Schaapsdrift e.o. – vastgesteld op 3 juli 2024
GEMEENTERAAD ARNHEM BEHANDELADVIES 2. Agenderingsverzoeken en debatverzoeken 2.1. Agenderingsverzoek Schaapsdrift e.o. en de afweging over het vrijstellen van een aanzienlijk deel van de Schaapsdrift e.o. van de wvg - 5 juli 2023 2.2. Debatverzoek ‘Schaapsdrift e.o.’ – 12 juli 2023 2.3. Agenderingsverzoek ‘Stand van zaken gebiedsvisie Schaapsdrift e.o.’ – 4 oktober 2023 3. Raadsbrieven 3.1. Aanwijzing Wet voorkeursrecht gemeente locatie Schaapsdrift e.o. – 8 maart 2022 3.2. Toezegging 1124 inzake Aanwijzing Wet voorkeursrecht gemeenten Schaapsdrift e.o. & gedeeltelijk intrekken Structuurvisie Arnhem 2020 doorkijk 2040 – 20 mei 2022 3.3. Inlichtingenverzoek AOP om overlegging dossier Wvg Schaapsdrift – 24 juni 2022 3.3. Schaapsdrift – 2 november 2022 3.4. Overschrijding beslistermijn bezwaarschriften Wvg Schaapsdrift e.o. – 19 januari 2023 3.5. Proces Gebiedsvisie Schaapsdrift e.o. – 6 juni 2023 3.6. Stand van zaken gebiedsvisie Schaapsdrift e.o. en afweging Wet voorkeursrecht gemeenten – 28 juni 2023 3.7 Schaapsdrift en omgeving: intrekking voorkeursrecht voor een gedeelte van het voorkeursrechtgebied – 14 juli 2023 3.8 Informeren bewoners Schaapsdrift e.o.
over mogelijk niet behoud van woningen – 23 oktober 2023 3.9 Schaapdrift en omgeving: intrekking voorkeursrecht voor een gedeelte van het voorkeursrechtgebied Schaapsdrift – 9 juli 2024 3.10 Ter inzagelegging gebiedsontwikkeling Schaapsdrift en omgeving – 6 december 2024 4. Artikel 44-vragen 4.1. Plannen en onrust bij bewoners Schaapsdrift en omgeving – 12 april 2022 4.2. Datalek rond casus Schaapsdrift – 20 juni 2022 4.3. Het bericht over het aanhoudende verzet van de bewoners van Schaapsdrift en de inzet van een dubieuze onderzoeksmethode door het college – 9 augustus 2022 4.4. Algemene wet bestuursrecht – Schaapsdrift – 19 december 2022 4.5. Uitbetaling dwangsommen Schaapsdrift – 23 maart 2023 4.5. Schaapsdrift; gemeente geen huismelker – 10 augustus 2023
GEMEENTERAAD ARNHEM BEHANDELADVIES Aandachtspunten -
-
-
-
-
-
-
-
De gebiedsontwikkeling in het gebied Schaapsdrift is al enige tijd gaande. Zo heeft de raad ingestemd met de aanwijzing van de Wet voorkeursrecht gemeenten in dit gebied, met een startnotitie en met een gebiedsvisie. De gebiedsvisie is verder uitgewerkt in een, door het college aangenomen stedenbouwkundigplan. En dat is vervolgens weer nader uitgewerkt in een omgevingsplan én een omgevingskwaliteitsplan. Die laatste twee plannen liggen nu voor met dit raadsvoorstel. In een omgevingsplan staan de regels waarin duidelijk wordt in welk gebied welke activiteiten worden toegestaan etc. Het omgevingsplan bestaat uit bijlage 3a (Regels TAMOmgevingsplan Schaapsdrift e.o.), bijlage 3c (Verbeelding TAM Omgevingsplan Schaapsdrift e.o.) en bijlage 3d (Motivering TAM-Omgevingsplan Schaapsdrift e.o.). Het omgevingsplan is digitaal in te zien via deze link: https://pilot.ruimtelijkeplannen.nl/view?planidn=NL.IMRO.0202.TAM1048-0301 . Je kunt het vergelijken met het huidige bestemmingsplan: https://www.ruimtelijkeplannen.nl/view?planidn=NL.IMRO.0202.807-0301 In het omgevingsplan wordt het mogelijk gemaakt dat er maximaal 623 woningen en 180 zorgwoningen in het gebied kunnen komen. Hierbij is het mogelijk dat het totaal aantal woningen daalt als het aantal m2 per woning stijgt. Er zijn 17 unieke zienswijzen ingediend. Naar aanleiding van de zienswijzen zijn o.a.
het minimum nieuw te bouwen woningen verlaagd, is de maximale bouwhoogte expliciet vastgelegd, is de situering van de parkeerhub en buurthub verplaatst en zijn mogelijkheden voor Innoforte verruimt. Er wordt expliciet om een delegatiebesluit gevraagd (derde dictum van het ontwerpbesluit) zodat het college de bevoegdheid krijgt om het omgevingsplan aan te passen, specifiek voor het aanpassen van de woningbouwcategorieën (sociale huur en betaalbare woningen) per bouwveld. Het ene bouwveld zal een hoger percentage sociale huur hebben dan de andere, maar nu is nog onduidelijk hoe die verdeling precies het beste is. Het omgevingskwaliteitsplan gaat in op de kwalitatieve eisen en wensen die gesteld worden aan de ontwikkelaars en de architecten, en voor de inrichting van de openbare ruimte. Dat eist bijvoorbeeld een autovrije formele groene parkzone met minimale breedte van 17 meter als groene corridor tussen park Sacré Coeur en de Schaapsdrift. Bij de stukken is ook een sociaal plan (bijlage 7) gevoegd. Hierin wordt inzichtelijk gemaakt welke procedures zullen volgen om tot overeenstemming te komen met huurders. Het sociaal plan is vastgesteld door het college en treedt in werking als het omgevingsplan door de raad is aangenomen. De raad kan het sociaal plan niet amenderen (want de raad stelt het ook niet vast). Het voorkeursrecht van de gemeente loopt af na 30 mei 2025.
Als het niet lukt om voor die tijd een omgevingsplan aan te nemen, vervalt dat recht.
GEMEENTERAAD ARNHEM BEHANDELADVIES Moties en Toezeggingen De volgende moties en toezeggingen worden met het raadsvoorstel afgedaan: Niet van toepassing
Mogelijk resultaat: • •
Partijen zijn het eens, het voorstel wordt doorgeleid naar de besluitvormende fase Partijen zijn het niet (volledig) eens en overwegen moties en/of amendementen. Het voorstel wordt doorgeleid naar de Bespreking van Moties en Amendementen.
GEMEENTERAAD ARNHEM OVERZICHT INSPREKERS
Raadsvoorstel Vaststellen 'TAM-Omgevingsplan Schaapsdrift e.o.' en omgevingskwaliteitsplan ‘Schaapsdrift e.o.' Aangemelde insprekers
1 2 3 4 5 6 7 8 9
Naam Peter Donders Christian Smits Eimer Wieldraaijer Anne Ruth Shiboleth Stefani Hilferink (Manager Bedrijfsvoering) en Maurice Houben (Manager Vastgoed) Jurgen Jansen Willem Heerschop Frans Damen Michel Bruisten
(Namens) Organisatie Bewoners wooncomplex Casimir State De Vereniging Behoud Schaapsdrift eo De omwonenden van het (nieuwe) Vreedenhoff Innoforte
Arnhem Hartveilig De familie Damen namens Neijenhuis
Manier van inspreken De insprekers krijgen vijf minuten om de bijdrage te geven. Vervolgens is er ruimte om vragen te stellen door raadsleden.
RAADSVOORSTEL RAADSVOOORSTEL
Aan de gemeenteraad Zaaknummer
4473800
Onderwerp: Vaststellen 'TAM-Omgevingsplan Schaapsdrift e.o.' en omgevingskwaliteitsplan ‘Schaapsdrift e.o.’ Kernboodschap Schaapsdrift en omgeving (e.o.) is een buurt waar wonen en werken met elkaar verweven zijn. Op 11 april 2024 heeft de raad Gebiedsvisie Schaapsdrift en omgeving vastgesteld. Het omgevingsplan en omgevingskwaliteitsplan zijn de volgende stappen in de planvorming voor Schaapsdrift. Hiermee krijgt dit deel van Arnhem een ruimtelijk kwalitatieve impuls die wonen, werken en groen combineert. Daarbij gaan we uit van een gezonde, groene en vitale buurt voor huidige en toekomstige bewoners. Voorstel 1. Het omgevingsplanwijzigingsbesluit 'TAM-Omgevingsplan Schaapsdrift e.o.', zoals vervat in verbeelding NL.IMRO.0202.TAM1048-0301 met bijbehorende regels en motivering, gewijzigd vast te stellen, door de wijzigingen opgenomen in bijlage 1 Wijzigingenoverzicht door te voeren;. 2. De beleidsregels ‘Omgevingskwaliteitsplan Schaapsdrift e.o.’ vast te stellen. 3. Het college de bevoegdheid over te dragen om op grond van artikel 2.8 Omgevingswet het Omgevingsplan ‘TAM-Omgevingsplan Schaapsdrift e.o.’ te wijzigen voor het aanpassen van de percentages van de woningbouwcategorieën.
Bij de uitoefening van deze bevoegdheid geldt dat er moet worden aangetoond dat het toe te voegen woningbouwprogramma in het plangebied bestaat uit minimaal 30% sociale huurwoningen en 36% betaalbare woningen (samen 66%). Inleiding De gemeente Arnhem wil tussen 2020 en 2040 16.000 nieuwe woningen aan de stad toevoegen. Die zijn hard nodig om de groei aan inwoners op te kunnen vangen. We willen woningen bouwen en daarbij het evenwicht van Arnhem als stad behouden. De gemeente heeft als uitgangspunt om het groen in de stad te behouden en waar mogelijk meer groen toe te voegen. Dit zorgt ervoor dat bouwen in het buitengebied niet de voorkeur heeft. Daarom kiezen we ervoor om binnen de bestaande stad te bouwen. Dat noemen we verdichten. In de Omgevingsvisie Arnhem 2040 is onder andere gekozen voor het verdichten rondom OV-knooppunten. Station Arnhem Presikhaaf is zo’n OV-knooppunt en daarmee een logische locatie om woningen toe te voegen. Er is al goed openbaar vervoer in de buurt, evenals voorzieningen. Met de nieuw te bouwen woningen en investering in de openbare ruimte zorgt de gemeente voor het versterken van de bestaande stad en de ontwikkeling van Schaapsdrift tot een aantrekkelijk woon- en werkgebied met meer groen. Daarnaast wordt het
RAADSVOORSTEL station Arnhem Presikhaaf verder ontwikkeld en de bereikbaarheid van Schaapsdrift versterkt. Met Prorail worden op dit moment gesprekken gevoerd over het verbeteren van de toegankelijkheid van het station. Op 11 april 2024 heeft de raad de Gebiedsvisie Schaapsdrift en omgeving vastgesteld. Daarbij is uitgegaan van het principe dat Schaapsdrift e.o. een buurt is waar wordt gewoond en gewerkt. In de gebiedsvisie is vastgelegd hoe de buurt in de toekomst eruit moet komen te zien, wat voor woningen er komen te staan en hoe we omgaan met werkgelegenheid en het groen in het gebied. Daarbij gaan we uit van een gezonde, groene en vitale buurt voor bestaande bewoners en voor nieuwe bewoners. Het realiseren van nieuwe woningen en het toevoegen van groen in de bestaande buurt betekent dat er keuzes moeten worden gemaakt over hoe de schaarse ruimte wordt bestemd. Om die reden is ervoor gekozen om het aantal vierkante meters bedrijfsgebouwen, bestaande uit met name opslagloodsen, terug te brengen. Er blijft voldoende mogelijkheid voor bedrijvigheid in de buurt bestaan. De Gebiedsvisie is verder uitgewerkt in onder andere een Stedenbouwkundig plan. Daarbij is er een uitgebreid participatieproces doorlopen met de bewoners, ondernemers en andere stakeholders in Schaapsdrift. De uitkomsten van het participatieproces zijn verwerkt in de plannen.
Het huidige plan maakt het mogelijk dat er meer bestaande woningen behouden blijven dan dat er oorspronkelijk werd voorzien. In het Stedenbouwkundig plan hebben de hoofdfuncties zoals bebouwing (bouwvelden), groen, water en verkeer hun plek gekregen en aan de hand van impressies is geschetst hoe de buurt eruit kan komen te zien. De nadere programmatische uitwerking geeft het beeld van het toekomstige woon-, niet- woonprogramma en parkeren (van zowel auto en fiets). Het Stedenbouwkundig Plan is vastgesteld door het college. De ambities in de Gebiedsvisie en het Stedenbouwkundig plan zijn verwerkt in het ‘TAMOmgevingsplan Schaapsdrift e.o. (hierna TAM-Omgevingsplan) en een bijbehorend Omgevingskwaliteitsplan (hierna: OKP). De bouw kan pas beginnen als een omgevingsvergunning om te kunnen bouwen is verleend. Het toetsingskader hiervoor is het TAM-Omgevingsplan. Het OKP legt onder andere het gewenste uiterlijk van de nieuwbouw en de kwalitatieve eisen aan de inrichting van het openbaar gebied vast. Het ‘TAM-Omgevingsplan Schaapsdrift e.o.’ en het bijbehorende Stedenbouwkundig plan en OKP hebben ter inzage gelegen, zie raadsbrief. De zienswijzeperiode is op 17 januari 2025 afgelopen. De (17) zienswijzen hebben geleid tot aanpassingen van het TAM-Omgevingsplan en het Stedenbouwkundig plan en OKP. Het college is zich bewust van de impact van de gebiedsontwikkeling Schaapdrift e.o.
voor huurders van woningen en huurders van bedrijfspanden waarvan na vaststelling van het TAM-Omgevingsplan het pand een andere bestemming zal krijgen. Voor deze groep heeft het college een sociaal plan voor Schaapsdrift e.o. opgesteld. Zie hiervoor bijlage 8.
RAADSVOORSTEL Onderdeel van het TAM-Omgevingsplan is het Participatieverslag Schaapsdrift e.o. Hierin wordt uitgebreid beschreven op welke wijze bewoners, ondernemers en andere belanghebbenden betrokken zijn bij de totstandkoming van het plan. Het ‘TAM-Omgevingsplan Schaapsdrift e.o.’ is digitaal in te zien. Voor het raadplegen van een TAMOmgevingsplan is bij het raadsvoorstel een handreiking bijgevoegd. Nu geldt nog het bestemmingsplan ‘Velperweg e.o.’, dit plan is digitaal te raadplegen. Beoogd effect Door het vaststellen van het TAM-Omgevingsplan en het OKP kunnen de gewenste nieuwe ontwikkelingen plaatsvinden binnen de daarvoor vastgestelde kaders en kan de inrichting van het openbaar gebied in Schaapsdrift e.o. doorgang vinden. Argumenten 1.1
Het TAM-Omgevingsplan is de juridische vertaling van het stedenbouwkundig plan. Het Stedenbouwkundig Plan is op 11 maart 2025 vastgesteld door het college. Het Stedenbouwkundig plan voor de buurt Schaapsdrift en omgeving biedt een visie voor een groene, toekomstgerichte stadsbuurt die de huidige kwaliteiten en ruimtelijke structuren van de buurt versterkt en verrijkt. Tegelijkertijd worden nieuwe woon- en werkfuncties toegevoegd die een verdere kwaliteitsimpuls geven aan de buurt. De visie is opgebouwd rondom vier thema’s: zonder groen geen verdichting, de Arnhemse mix, een autoluwe stadsbuurt en een toekomstbestendige buurt. Het Stedenbouwkundig Plan vormt de basis voor twee andere documenten. Het eerste is een TAM-Omgevingsplan, dat het juridische kader vormt. Het tweede is het omgevingskwaliteitsplan (OKP). Het OKP geeft kwalitatieve eisen en wensen mee aan de te maken bouwplannen door ontwikkelende partijen met hun architecten, en voor de inrichting van de openbare ruimte. Dit document is zelfbindend voor de gemeente bij de inrichting van de openbare ruimte en geldt als richtinggevend document bij de gronduitgifte. Er is in de regels van het TAM-Omgevingsplan een koppeling met het OKP opgenomen om zo de ruimtelijke kwaliteit van de bouwwerken te borgen.
1.2
De vastgestelde uitgangspunten in de Gebiedsvisie zijn vastgelegd in het TAMOmgevingsplan, evenals het amendement dat is aangenomen bij de vaststelling van de gebiedsvisie. In het TAM-omgevingsplan wordt aan de in de gebiedsvisie vastgestelde uitgangspunten voldaan aangezien de hoofdstructuur en de vier principes zijn vertaald in concrete onderdelen in het stedenbouwkundige ontwerp en regels in het TAM-Omgevingsplan. Ook sluit het aan op het aan het amendement 24A06 dat door de raad is aangenomen op 10 april 2024. Zie het amendement 24A06 en een overzicht van de wijzigingen aangaande amendement 24A06 in bijlage 5. Op één punt wordt niet geheel voldaan aan het amendement. In het amendement wordt gesproken over een oplopende bouwhoogte van drie tot 12 bouwlagen. In plaats hiervan staat het TAM-Omgevingsplan bebouwing tot 11 bouwlagen toe. Wel is ervoor gekozen om in het stationsgebied drie lagen met een kap toe
RAADSVOORSTEL te staan. Het toekomstige stationsplein vraagt namelijk om een massa om als plein te gaan ervaren en te functioneren. Om deze reden is gekozen voor bebouwing die bestaat uit 3 lagen met een kap aansluitend aan de aanwezige 2-onder 1- kapwoning die bestaat uit 2 bouwlagen met een kap. Hier is in de bezonningsstudie rekening mee gehouden. Daaruit kan geconcludeerd worden dat wel of geen kap geen invloed heeft op de schaduwwerking. 1.3
Het TAM-omgevingsplan legt het (woon)programma vast, maar overschrijdt maxima niet. Binnen de grenzen van het plangebied staan nu 93 woningen en 180 zorgwoningen. Met het toevoegen van 458-530 woningen komt het totaal op maximaal 623 woningen en 180 zorgwoningen. Bij het toevoegen van 458 nieuwe woningen wordt uitgegaan van een gemiddelde bruto vloeroppervlakte van 90m2 per woning. Bij een verlaging van de bruto vloeroppervlakte naar 80m2 komt dit uit op maximaal 530 woningen. Dit is de bandbreedte die in het plan wordt aangehouden. In het TAM-Omgevingsplan gaan we uit van zo’n maximaal 50.000 m2 bruto vloeroppervlak woonprogramma dat gecreëerd mag worden, inclusief terug te bouwen woningen. Per bouwveld is de massa van de bouwblokken begrensd door het bruto-vloeroppervlak. Elk bouwveld krijgt een duidelijke programmatische invulling en een indeling in woningcategorieën. Dit is nodig om te waarborgen dat ten minste twee derde betaalbaar is, waarvan 30% een sociale huurwoning. Per bouwveld is tevens een bepaald aantal vierkante meters voor niet-wonen toegewezen, zodat de geplande 5.000 m², waaronder de Willibrordkerk van 1.100 m2, voor werk- en voorzieningenruimte daadwerkelijk kan worden gerealiseerd.
1.4
Er is een sociaal plan opgesteld voor huurders van woningen en huurders van bedrijfsruimten. De consequenties vanuit de gebiedsvisie voor huurders en gebruikers van panden in Schaapsdrift e.o. die niet behouden blijven zijn groot. Het is belangrijk om hen maatwerk te kunnen bieden. Om hier invulling aan te kunnen geven, heeft het college ervoor gekozen een ‘Sociaal plan’ vast te stellen. In het sociaal plan, dat op 11 maart 2025 door het college is vastgesteld, staat beschreven hoe de gemeente maatwerk wil leveren aan huurders van woningen en bedrijfsruimten die de gemeente vanwege de gebiedsontwikkeling wil aankopen. De gemeente wil deze huurders faciliteren in het vinden van een nieuwe woning of bedrijfsruimte in Schaapsdrift e.o. of elders in Arnhem. Hiermee wil het college de onzekerheid bij deze huurders wegnemen. Het is belangrijk dat er voldoende werkplekken in Arnhem behouden blijven. Daarvoor is het transformatieplan fase 1 Strategie en plan van aanpak opgesteld, dat eigenaren van bedrijfspanden duidelijkheid biedt over wat zij kunnen verwachten en welke rol zij hier zelf in spelen.
RAADSVOORSTEL
1.5
Actualisatie van onderzoeken biedt een actueel en zorgvuldig beeld van ruimtelijke en technische randvoorwaarden. Om de aanpassingen in het Stedenbouwkundig plan mogelijk te maken, was het noodzakelijk om een aantal onderzoeken opnieuw uit te voeren. Dit betreft onder andere studies naar weg- en railverkeer, windhinder, bezonning, trilhinder, luchtkwaliteit en overige vormen van hinder door activiteiten. Daarnaast zijn onderzoeken op het gebied van stikstofdepositie, flora en fauna en mobiliteit herzien. De actualisatie van deze onderzoeken biedt een actueel en zorgvuldig onderbouwd beeld van de ruimtelijke en milieutechnische randvoorwaarden voor de verdere ontwikkeling van het plan. De onderzoeken zijn opgenomen in de bijlagen bij de motivering van het TAM-Omgevingsplan.
1.6
Aan de hand van de zienswijzen zijn er een aantal aanpassingen gedaan. Er zijn in totaal 17 unieke zienswijzen ingediend. De Vereniging voor Behoud van Schaapsdrift, Vivare, Innoforte en Neijenhuis zijn onder andere partijen die een zienswijze hebben ingediend. Een aantal thema’s komen in veel zienswijzen aan bod: parkeren, bezonning, bouwhoogtes, groen en het behoud van de beek, en ruimte voor ondernemers. Hier is de gemeente mee aan de slag gegaan, en aan de hand van de zienswijzen zijn er een aantal aanpassingen gedaan, zoals vermeld in 1.8. In het zienswijzenrapport is een samenvatting van de zienswijzen en de gemeentelijke reactie opgenomen. Het voorstel is om het omgevingsplan ten opzichte van het ontwerpbesluit op een aantal onderdelen te wijzigen (zie voor een volledige beschrijving van de wijzigingen bijlage 1 bij dit raadsvoorstel). Naar aanleiding van de zienswijzen zijn de bouwhoogtes in het omgevingsplan beter vastgelegd, in de verbeelding van het omgevingsplan is de maximale bouwhoogte in meters vastgelegd, voor de bouwlagen is dit opgenomen OKP.
1.7
Zowel het TAM-omgevingsplan en het Stedenbouwkundigplan zijn aan de hand van de zienswijzen op een aantal punten gewijzigd, en wijken op een aantal onderdelen af van de oorspronkelijke gebiedsvisie. De zienswijzen zijn zorgvuldig geanalyseerd en waar mogelijk verwerkt in de verdere uitwerking. Hierdoor sluit het plan beter aan bij de wensen en zorgen van de betrokkenen en draagt het tegelijkertijd bij aan een toekomstbestendige ontwikkeling van het gebied. Er is niet alleen sprake van een zorgvuldig proces, maar ook van een plan dat breder wordt gedragen door de omgeving. De belangrijkste aanpassingen ten opzichte van de oorspronkelijke Gebiedsvisie zijn opgenomen op p. 40 e.v. van het Stedenbouwkundig plan). Programma en bezonning Het minimum nieuw te bouwen woningen is ten opzichte van het concept stedenbouwkundig plan en ter inzage gelegde TAM-Omgevingsplan verlaagd naar aanleiding van een aantal zienswijzen. Verder is de maximale bouwhoogte expliciet vastgelegd in het TAMOmgevingsplan in meters.
RAADSVOORSTEL
Naar aanleiding van diverse zienswijzen over de bezonning in Schaapsdrift e.o. is de bezonningsstudie uitgebreid. Hoewel de gemeente Arnhem geen vastgesteld beleid heeft op bezonning is er in Schaapdrift e.o. gekozen om de lichte TNO-norm voor alle nieuw te realiseren woningen. Het TNO is de Nederlandse organisatie voor toegepastnatuurwetenschappelijk onderzoek. De lichte norm van TNO gaat uit van minimaal 2 uur zon in de periode van 19 februari tot 21 oktober in het hoofdwoonvertrek. Om aan de lichte TNOnorm te voldoen is de mogelijkheid voor een optopping (toevoegen van een extra bouwlaag op een bestaand gebouw) op het kopgebouw, Schaapsdrift 96, beperkt tot één bouwlaag. Ook Schaapsdrift 54 was in eerste instantie te hoog, waardoor de woning aan de overkant niet meer voldeed aan de TNO-norm. Door een deel van de woning te verlagen tot maximaal één bouwlaag wordt aan de lichte TNO-norm voldaan. Buurthub In het TAM-Omgevingsplan en Stedenbouwkundig plan wordt de realisatie van de parkeerhub/buurthub mogelijk gemaakt. In één van de zienswijzen wordt opgemerkt dat de situering van de parkeerhub onwenselijke beperkingen met zich meebrengt. De gemeente heeft onderzocht of een alternatieve situering mogelijk is. Dit blijkt zo te zijn en dat heeft dit plan technisch mogelijk gemaakt. De gevolgen voor bezonning zijn daarvoor in kaart gebracht.
Met deze tweede situering ontstaat er voor de ontwikkelaar meer ruimte voor het maken van een definitieve keuze. Innoforte Op verzoek van Innoforte is in nauw overleg het stedenbouwkundig plan en het Omgevingsplan aangepast. Hiermee wordt tegemoet gekomen aan de wensen van Innoforte om de bouwhoogte te verlagen, een grote binnentuin te realiseren en logistieke vraagstukken op te lossen. In het TAM-Omgevingsplan is de mogelijkheid opgenomen, om onder voorwaarden, dit nieuwe bouwplan te realiseren. Vivare Vivare wenst in het omgevingsplan twee varianten mogelijk te maken: de eerste variant is de volledige sloop van de woningen en nieuwbouw en de tweede variant is gedeeltelijke sloop en nieuwbouw. In het TAM-Omgevingsplan worden beiden varianten mogelijk gemaakt. Indien Vivare kiest voor gedeeltelijke sloop en nieuwbouw moet er van het OKP worden afgeweken, het omgevingsplan maakt dit mogelijk, maar hiervoor is wel een positief advies van de Commissie Omgevingskwaliteit nodig. Neijenhuis Op verzoek van de heer Neijenhuis wordt in het TAM-Omgevingsplan en Stedenbouwkundig plan een andere situering van de parkeerhub mogelijk gemaakt. De flexibiliteit is noodzakelijk omdat de positie pas definitief kan worden gemaakt als er bouwplannen zijn ontworpen.
In het omgevingsplan is het zo in gekaderd dat aan de zijde van de bestaande kavels de hub een maximale hoogte kan krijgen van 5 meter en vervolgens oplopend richting de Middenstraat naar 9 meter. Aan de zijde van de bestaande kavels zal ook vergroening
RAADSVOORSTEL van de gevel plaats moeten vinden en het voorkomen van geluid- en lichthinder nog verder uitwerking. 1.8
Het TAM-omgevingsplan is ambtshalve gewijzigd ten opzichte van het ontwerp Het TAM-Omgevingsplan is op een aantal onderdelen ambtshalve gewijzigd. Deze wijzigingen zijn beschreven in het wijzigingenoverzicht (bijlage 1 bij dit raadsvoorstel). Naast een aantal technische aanpassingen zijn er ook een aantal inhoudelijke wijzigingen. Per veld is een ‘laadvermogen’ opgenomen met het maximum aantal woningen en de maximum bruto vloeroppervlakte aan wonen en niet-wonen waarin expliciet ook de bestaande functies aan zijn toegevoegd. Er is een voorwaardelijke verplichting opgenomen ten aanzien van een waterberging met als eis dat een bui van 40 millimeter binnen 45 minuten op eigen terrein kan worden opgevangen en verwerkt. Voor het exploiteren van de buurthub is een aanvullende voorwaarde opgenomen om ook stemgeluid te onderzoeken. Er is een onderscheid gemaakt tussen veld A1 en veld A2, zoals beschreven in het Stedenbouwkundig plan (bijlage 7). Vanwege het gewijzigde bouwplan van Innoforte is het logischer om deze twee velden te zien als aparte bouwvelden met een eigen ‘laadvermogen’. Een van de aanpassingen is dat op veld A1 geen reguliere woningen meer zijn toegestaan maar alleen zorgwoningen. Voor veld A2 zijn wel reguliere woningen toegestaan, voor de niet-wonen functies wordt aangesloten op hetgeen ook in veld C is toegestaan.
1.9
Het gemeentelijk kostenverhaal wordt verzekerd. Het wettelijk kostenverhaal wordt verzekerd door kostenverhaalsregels in het TAMOmgevingsplan op te nemen. Deze kostenverhaalsregels gelden als voorwaarde (lees: wettelijke verplichting) voor de vaststelling van het TAM-Omgevingsplan, omdat het gemeentelijk kostenverhaal niet anderszins is verzekerd via overeenkomsten of grondverkoop. Met de kostenverhaalsregels wordt tevens enige sturing gegeven aan de ontwikkeling en planuitvoering en kunnen de particuliere grondeigenaren de aan hun eigendom toegekende functie zelf realiseren. De gemeente zal dan de te verhalen kosten in rekening brengen bij de initiatiefnemer (via een kostenverhaalsbeschikking of op grond van een posterieure privaatrechtelijke overeenkomst).
2.1
Het Omgevingskwaliteitsplan (OKP) zorgt voor omgevingskwaliteit. De Omgevingswet introduceert het begrip omgevingskwaliteit, als hoofddoel van de wet, waarbij overheid en initiatiefnemer de plicht hebben te zorgen dat de omgevingskwaliteit verbetert. Om dit een goede plek in de gebiedsontwikkeling te geven is een OKP opgesteld. Het OKP geeft kwalitatieve eisen en wensen mee aan de te maken bouwplannen door ontwikkelende partijen met hun architecten, en voor de inrichting van de openbare ruimte. Dit document is zelfbindend voor de gemeente bij de inrichting van de openbare ruimte en
RAADSVOORSTEL geldt als richtinggevend document bij de gronduitgifte. Daarnaast komt er in de regels van het omgevingsplan een koppeling met dit omgevingskwaliteitsplan om zo de ruimtelijke kwaliteit van de bouwwerken te borgen. Het kwaliteitsteam kan op basis van de fundamentele uitgangspunten in het Stedenbouwkundig plan afwijken van het OKP, zodat ontwerpoplossingen creatief kunnen worden benaderd. 3.1.
Een delegatiebesluit biedt de mogelijkheid om te kunnen schuiven met de woningbouwcategorieën. Het woningbouwprogramma (sociale huur en betaalbare woningen) is per bouwveld vastgelegd in percentages. Het is nodig om dit per bouwveld vast te leggen vanwege de kostenverhaalsregels (het soort woningbouwprogramma heeft gevolgen voor de opbrengsten) en om af te kunnen dwingen dat het betaalbare woningbouwprogramma daadwerkelijk wordt gerealiseerd. Het risico is anders dat eerst het vrije sector programma gebouwd wordt, en vervolgens het betaalbare woningbouwprogramma niet meer gebouwd wordt. Daarnaast geven corporaties aan dat er voor het realiseren van sociale huurwoningen een zeker volume vereist is. Daarmee is het onwerkbaar om per bouwveld exact 30% vast te leggen. Het uitgangspunt is dat het mogelijk moet zijn voor verschillende bouwvelden om onderling hun functies af te stemmen, mits hier heldere afspraken over zijn. Wij hebben onderzocht of het mogelijk is om in de regels van het omgevingsplan de mogelijkheid op te nemen om tussen bouwvelden te kunnen schuiven met de woningbouwcategorieën. Dit blijkt vanuit juridisch oogpunt niet mogelijk te zijn. Ons voorstel is daarom aan uw raad om een delegatiebesluit te nemen, zodat het college het omgevingsplan op dit onderdeel aan kan passen. Hiermee kan de procedure voor het wijzigen van het omgevingsplan worden versneld.
Het schuiven met de woningbouwcategorieën kan alleen als aan de uitgangspunten van de gebiedsvisie (30% sociaal en 36% betaalbaar) wordt voldaan. Daarnaast kan uw raad, door deze bevoegdheid in een delegatiebesluit op te nemen, duidelijke spelregels meegeven aan het college voor het wijzigen van het plan. Dit biedt op voorhand zekerheid.
Kanttekeningen en risico's 1.1
Afwijking algemene voorkeur afspraken gemeente Arnhem Er is gekozen om een TAM-Omgevingsplan in procedure te brengen en daarmee kostenverhaalregels publiekrechtelijk vast te stellen. Dit wijkt af van de algemene voorkeur binnen de gemeente om eerst privaatrechtelijk afspraken te maken met alle eigenaren in het gebied (en dus kosten te verhalen) middels een anterieure overeenkomst of koopovereenkomst en dan pas een wijziging van het omgevingsplan in procedure te brengen. Hiervoor is gekozen om onder andere duidelijkheid te bieden aan de bewoners van
RAADSVOORSTEL Schaapdrift e.o.. Tot de vaststelling van het omgevingsplan is er een mogelijkheid om privaatrechtelijk met de eigenaren in het gebied tot afspraken te komen in een anterieure overeenkomst. Vanaf het moment van vaststellen is de mogelijkheid er ook nog om privaatrechtelijk een overeenkomst te sluiten, echter wordt er dan gesproken van een posterieure overeenkomst. De dan geldende publiekrechtelijke kostenverhaalsregels zijn dan óók van toepassing als uitgangspunt voor de privaatrechtelijke afspraken. 1.2
Het voorkeursrecht in het gebied loopt af na 30 mei 2025. Bij niet tijdige vaststelling van het omgevingsplan verloopt de termijn van voorkeursrecht en dient deze ingetrokken te worden. Als het voorkeursrecht afloopt op 1 juni 2025 kan het project weliswaar nog steeds gerealiseerd worden, maar kan dit gevolgen hebben voor de regie op realisatie van de ontwikkeling en het risico op speculatie. Dit kan negatieve gevolgen hebben voor de grondexploitatie.
1.3
De gemeente heeft een beperkte grondpositie. In het plangebied Schaapsdrift is het eigendom van de gronden verdeeld over verschillende eigenaren. De realisatie van het programma (woningen en overige functies) in Schaapsdrift kan mede om deze reden waarschijnlijk een langdurig proces worden. Dat is niet wenselijk. Het uitgangspunt van de gemeente Arnhem is om grondeigenaren in de gelegenheid te stellen om zelfrealisatie van het programma op hun eigendom mogelijk te maken. Waar nodig zal de gemeente overgaan op het minnelijk verwerven van (grond)eigendommen. Voor het verwerven van de (grond)eigendommen is minnelijke verwerving altijd het uitgangspunt. De inzet van het instrument van onteigening kan op voorhand niet worden uitgesloten om tot realisatie van het project te kunnen komen. Voor het overeenkomen van afspraken over zelfrealisatie of bouwclaim vormen de kostenverhaalsregels in het TAMOmgevingsplan het uitgangspunt. Met een drietal partijen in het gebied lopen onderhandelingen over zelfrealisatie en vinden op dit moment gesprekken plaats om te komen tot een intentieovereenkomst. Daarnaast worden er ook gesprekken gevoerd met ProRail. Het college sluit naar verwachting in maart/april met deze partijen de intentieovereenkomsten.
In de intentieovereenkomsten wordt bevestigd dat partijen met elkaar in gesprek blijven en worden onderzoeksvragen geformuleerd en afspraken gemaakt over looptijd, rol, taakverdeling en kosten. Met de overige eigenaren is de gemeente in gesprek om te komen tot minnelijke verwerving.
1.4
Om de geschetste bouwplannen van Innoforte mogelijk te maken moet een waardevolle particuliere boom worden verplant. Er staat een waardevolle particuliere lindeboom op het terrein van Innoforte, nabij het zorgcomplex langs de Velperweg. Het is niet mogelijk om de nieuwe bebouwing om de boom heen te ontwerpen, omdat dit zou vereisen dat de rooilijn ongeveer tien meter wordt teruggelegd. Dit heeft consequenties voor de binnentuin en het bouwvolume. En daarmee grote financiële gevolgen voor de grondexploitatie. Bovendien zou de boom tijdens de bouwactiviteiten aanzienlijke schade kunnen oplopen, met name aan het wortelstelsel, waardoor deze alsnog zou kunnen afsterven.
RAADSVOORSTEL Er is onderzocht of het technisch mogelijk is om de boom te verplanten. Dit blijkt mogelijk mits er in de nabije omgeving een geschikte plek is of kan worden gemaakt waar de boom optimaal verder kan groeien. Onderdeel van deze ontwikkelopgave is het herplanten van deze waardevolle boom binnen Schaapsdrift. Participatie Het TAM-omgevingsplan en het OKP zijn een uitkomst van verschillende eerdere stappen. Eerst zijn de opgaven, uitgangspunten en te onderzoeken thema’s in een startnotitie beschreven. Uw raad heeft op 31 mei 2023 deze startnotitie vastgesteld. Daarna is de gebiedsvisie vastgesteld; een toekomstvisie voor Schaapsdrift e.o. waarin de ruimtelijke, functionele en programmatische hoofdrichting is vastgelegd voor de ruimte, functies en verschillende programma’s. Tijdens dit gehele proces hebben bewoners en ondernemers hun grote zorgen op verschillende momenten kenbaar gemaakt. De gemeente Arnhem heeft vanaf het begin van het proces een intensief traject opgezet met participatie en gesprekken met de buurt over de gebiedsontwikkeling van Schaapsdrift e.o.. In 2022 werden de eerste gesprekken gestart met bewoners, ondernemers en andere belanghebbenden, met als doel hun wensen en zorgen structureel mee te nemen in de planvorming. Door middel van enquêtes, informatiebijeenkomsten en themasessies werden diverse perspectieven opgehaald.
Tijdens de uitwerking van de gebiedsvisie en het stedenbouwkundig plan werden belanghebbenden betrokken bij keuzes over woningbouw, groenvoorzieningen, verkeer en maatschappelijke functies. De participatie heeft geleid tot concrete aanpassingen in het plan, zoals het behoud van meer bestaande woningen, verbeteringen in de mobiliteitsoplossingen en een grotere focus op leefbaarheid. Het participatieverslag geeft zicht op de manier waarop de inbreng van bewoners en ondernemers vanaf het begin een belangrijke rol heeft gespeeld in de ontwikkeling van Schaapsdrift e.o. (zie bijlage 9). Aanvullend op het participatieproces beschreven in het participatieverslag heeft de gemeente op donderdag 9 januari een bijeenkomst georganiseerd om vragen over het ontwerp TAMOmgevingsplan en het Stedenbouwkundig plan te beantwoorden en een toelichting te geven op deze plannen. Financiën In november 2024 is door uw raad de gebiedsexploitatie Spoorzone Arnhem Oost vastgesteld. Deze gebiedsexploitatie is opgebouwd uit de deelgrondexploitaties Schaapsdrift, Rijnpark fase 1 en Presikhaaf 3 (P3) en daarnaast investeringen in openbaar gebied.
Momenteel geven de gebruikte uitgangspunten uit het stedenbouwkundig plan Schaapsdrift, zoals ook is verwerkt in de kostenverhaalsregels van het omgevingsplan, geen aanleiding om van de vastgestelde gebiedsexploitatie inclusief bijbehorende financiële onderbouwing en van de op dit
RAADSVOORSTEL moment geactualiseerde gebiedsexploitatie als onderdeel van de Financiële jaarplanning (FJP) 2024 af te wijken. Het vast te stellen TAM-omgevingsplan is hiermee financieel uitvoerbaar binnen de kaders van de gebiedsexploitatie Spoorzone Arnhem Oost, zoals die is opgenomen als onderdeel het FJP 2024, welke door uw raad, als bijlage bij de jaarrekening, in mei/juni 2025 wordt behandeld. Uitvoering Na vaststelling van het wijzigingsbesluit en omgevingskwaliteitsplan door uw raad kunnen belanghebbenden nog zes weken beroep aantekenen tegen het wijzigingsbesluit bij de Afdeling Bestuursrechtspraak van de Raad van State. Het omgevingsplan treedt in werking vier weken na de bekendmaking. Indien er geen beroep wordt ingediend wordt het wijzigingsbesluit onherroepelijk. Na besluitvorming zal de gemeente met mogelijke ontwikkelaars in gesprek gaan om tot realisatie van de gebiedsontwikkeling te komen. Communicatie Alle indieners van de zienswijzen hebben een brief ontvangen. Bewoners worden middels een nieuwsbrief en via de website geïnformeerd over de vaststelling van het TAM-omgevingsplan. Om gedurende het besluitvormingsproces in contact te blijven met bewoners, ondernemers en andere belanghebbenden organiseert de gemeente vanaf 5 maart 2025 wekelijkse inloopspreekuren. Eventuele vragen of zorgen kunnen tijdens dit inloopspreekuur worden gedeeld.
De gemeente organiseert na de besluitvorming een inloopavond voor bewoners, ondernemers en andere belanghebbenden om vragen over de besluitvorming in college en raad te beantwoorden. De vaststelling van het TAM-omgevingsplan en het OKP worden gepubliceerd in het digitale gemeenteblad.
Bijlagen Stukken voor gemeenteraad • Bijlage 1 Wijzigingenoverzicht • Bijlage 2a Zienswijzen geanonimiseerd • Bijlage 2b Zienswijzennota geanonimiseerd • Bijlage 3a Regels TAM-Omgevingsplan Schaapsdrift e.o. • Bijlage 3b Bijlagen bij regels TAM-Omgevingsplan Schaapsdrift e.o. • Bijlage 3c Verbeelding TAM-Omgevingsplan Schaapsdrift e.o. • Bijlage 3d Motivering TAM-Omgevingsplan Schaapsdrift e.o. • Bijlage 3e Bijlagen bij motivering TAM-Omgevingsplan Schaapsdrift e.o. • Bijlage 4 Omgevingskwaliteitsplan Schaapsdrift e.o. • Bijlage 5 Overzicht wijzigingen aangaande amendement 24A06 van 10 april • Bijlage 6 Stedenbouwkundig plan Schaapsdrift e.o.
RAADSVOORSTEL • • • • •
Bijlage 7 Sociaal Plan Bijlage 8 Participatieverslag Schaapsdrift e.o. Bijlage 9a Zienswijzen met gegevens NIET PUBLICEREN Bijlage 9b Zienswijzennota met gegevens NIET PUBLICEREN Bijlage 10 Handreiking TAM-Omgevingsplan
RAADSVOORSTEL
Besluit van Zaaknummer
4473800
DE RAAD VAN DE GEMEENTE ARNHEM; gelezen het voorstel van burgemeester en wethouders van 11 maart 2025; Gelet op artikel 2.4, 4.19 en 13.11 Omgevingswet besluit: 1. Het omgevingsplanwijzigingsbesluit 'TAM-Omgevingsplan Schaapsdrift e.o.', zoals vervat in verbeelding NL.IMRO.0202.TAM1048-0301 met bijbehorende regels en motivering, gewijzigd vast te stellen, door de wijzigingen opgenomen in bijlage 1 Wijzigingenoverzicht door te voeren. 2. De beleidsregels ‘Omgevingskwaliteitsplan Schaapsdrift e.o.’ vast te stellen. 3. Het college de bevoegdheid over te dragen om op grond van artikel 2.8 Omgevingswet het Omgevingsplan ‘TAM-Omgevingsplan Schaapsdrift e.o.’ te wijzigen voor het aanpassen van de percentages van de woningbouwcategorieën. Bij de uitoefening van deze bevoegdheid geldt dat er moet worden aangetoond dat het toe te voegen woningbouwprogramma in het plangebied bestaat uit minimaal 30% sociale huurwoningen en 36% betaalbare woningen (samen 66%).
De griffier,
De voorzitter,
Bijlage 1 bij het raadsbesluit – Wijzigingenoverzicht ‘TAM-Omgevingsplan Schaapsdrift e.o. ’ Wijzigingen van technische aard, zoals vernummeringen en kennelijke verschrijvingen, worden niet specifiek benoemd in het wijzigingenoverzicht. In dit document worden eerst de wijzigingen benoemd naar aanleiding van zienswijzen. Vervolgens worden de ambtshalve wijzigingen benoemd. In dit wijzigingenoverzicht wordt voor de regels met groen aangegeven welke onderdelen zijn toegevoegd. Rood geeft de verwijderde onderdelen van de regels aan. In het ‘wijzigingenoverzicht bouwregels verbeelding’ (onderdeel 3) zijn de belangrijkste wijzigingen van de bouwregels aangegeven. In het ‘wijzigingenoverzicht gebruiksactiviteiten’ verbeelding, zijn de aanpassingen van de gebruiksactiviteiten weergeven. Overige wijzigingen in de verbeelding worden specifiek benoemd in dit document. Ook zijn er een aantal kleine (technische) wijzigingen, zodat de gebiedsaanduidingen beter op elkaar aansluiten en de juiste regelset wordt gekoppeld aan een activiteiten. Deze vloeien voort uit de aanpassingen en worden niet specifiek op deze kaartjes aangegeven.
1
Inhoud 1. Aanpassingen naar aanleiding van de zienswijzen................................................... 3 1.1 Bouwhoogtes en bouwlagen ........................................................................... 3 1.2 Regeling Bouwveld D ....................................................................................... 4 1.3 Regeling bedrijf aan huis achter de bestaande woningen aan de Schaapdrift ....... 5 1.4 Warmtevoorziening ......................................................................................... 6 1.5 Technische aanpassingen verbeelding ............................................................. 7 1.6 Schaapsdrift 83/ Stoomwasserij ....................................................................... 7 1.7 Bestaande functies ......................................................................................... 7 1.7 Bouwveld A1 ................................................................................................... 8 2. Ambtshalve aanpassingen .................................................................................... 8 2.1 Technische aanpassing Omgevingsplanactiviteiten ........................................... 8 2.2 Kostenverhaalsregels ......................................................................................
9 2.3 Voorwaardelijke verplichting waterberging ...................................................... 11 2.4 Parkeren ....................................................................................................... 11 2.5 Geluid buurthub ............................................................................................ 13 2.6 Gezamenlijk geluid ........................................................................................ 14 2.7 Omgevingsnormen ........................................................................................ 15 2.8 Definitie betaalbare koopwoning .................................................................... 18 2.9 Ondergeschikte bouwwerken en bouwregel gevellijn ....................................... 19 2.10
Entree parkeren ....................................................................................... 19
2.11 Bijlagen aangepast ...................................................................................... 20 3.
Wijzigingen bouwregels verbeelding ................................................................. 21
4.
Wijzigingen gebruiksactiviteiten verbeelding ..................................................... 22
2
1. Aanpassingen naar aanleiding van de zienswijzen 1.1 Bouwhoogtes en bouwlagen REGELS: Artikel 58 Bouwregel omgevingskwaliteit Schaapsdrift wordt aangepast als volgt: Artikel 58 Bouwregel omgevingskwaliteit Schaapsdrift 58.1 Bouwregels Ter plaatse van de gebiedsaanduiding 'overige zone - bouwregel omgevingskwaliteitsplan Schaapsdrift' aangewezen gronden geldt dat: a. bouwwerken uitsluitend mogen worden opgericht indien ten aanzien van het uiterlijk van bouwwerken, hieronder valt ook de bouwhoogte, wordt voldaan aan de bepalingen uit de beleidsregels 'Omgevingskwaliteitsplan Schaapsdrift e.o.'; b. in afwijking van het gestelde onder a. wordt indien het hoofdgebouw is gerealiseerd niet meer getoetst aan het 'Omgevingskwaliteitsplan Schaapsdrift e.o.' en gelden de bepalingen behorende bij het op het plangebied toepasselijke toetsniveau zoals dat is aangegeven in de welstandsnota; c. indien een bouwlaag 5 meter of hoger is geldt dit als twee bouwlagen; voor gebouwen geldt dat dat deze alleen mogen worden gebouwd indien voor het aantal bouwlagen en de geleding wordt voldaan aan de voorwaarden uit de beleidsregels ‘Omgevingskwaliteitsplan Schaapsdrift e.o.’ d.
ter plaatse van de gebiedsaanduidingen 'overige zone - Omgevingsnormen veld A1 Schaapsdrift', 'overige zone - Omgevingsnorm veld B Schaapsdrift', 'overige zone Omgevingsnormen veld C Schaapsdrift' en 'overige zone - Omgevingsnormen veld D Schaapsdrift' is per veld één een entree toegestaan ten behoeve van parkeren aan de zijde van de Middenstraat; e. [zie wijziging 2.10] f. [zie wijziging 1.3] g. Het is toegestaan om af te wijken van de bepalingen uit de beleidsregels ‘Omgevingskwaliteitsplan Schaapsdrift e.o.’ ten aanzien van het uiterlijk van bouwwerken, het aantal bouwlagen en de geleding van bouwwerken indien dit van belang is voor de ruimtelijke kwaliteit of indien het voldoen aan de regels door bijzondere omstandigheden op zwaarwegende bezwaren stuit. Onderdeel g., luidde als volgt: h. 1.
2.
er met een bezonningstudie moet worden aangetoond dat er sprake is van een aanvaardbare situatie op de bestaande woningen indien: de bebouwing afwijkt van de geprojecteerde nieuwbouw in het bijgevoegde 'Bezonningsonderzoek bestaande woningen met aangepast plan' opgenomen als Bijlage 3 bij de Regels; en de bebouwing hoger is dan de bestaande situatie zoals volgt uit dit onderzoek.
En komt te luiden als: g. [Zie wijziging onderdeel 2.7 omgevingsnormen]. Artikel 48 wordt toegevoegd, artikel 48 luidt als volgt: Artikel 48 Bouwregel afwijken bouwhoogte Schaapsdrift 48.1 Bouwregels 1. Het is toegestaan ter plaatse van de gebiedsaanduiding 'overige zone - bouwregel afwijkende bouwhoogte – Schaapsdrift', om in afwijking van de ter plaatse geldende maximum bouwhoogte zoals opgenomen in de verbeelding, te bouwen. 2. Als maximale bouwhoogtes gelden de bouwhoogtes zoals opgenomen in Bijlage 3 Afwijken bouwhoogtes bij de regels. 3. Hierbij dient, in aanvulling op het bepaalde in 46.10 te worden voldaan aan de voorwaarden genoemd in dit lid.
3
VERBEELDING Op de verbeelding is o.a.: de maatvoering met het aantal bouwlagen geschrapt; - de maatvoering met bouwhoogtes opgenomen. - Een zone opgenomen waar mag worden afgeweken van de bouwhoogtes. Zie overzichtskaart bouwregels verbeelding, onder 3.
TOELICHTING: In het ontwerpplan stonden zowel in de verbeelding als in het Omgevingskwaliteitsplan regels over bouwlagen. Om te verduidelijken wat precies de randvoorwaarden zijn en waar aan getoetst wordt is ervoor gekozen om de maximale bouwhoogtes vast te leggen in de verbeelding. Er is een margezone opgenomen ‘bouwregel afwijkende bouwhoogte – Schaapsdrift' van 2 meter in de binnenterreinen, in bouwveld D en op de hoek in het binnenterrein van bouwveld C. In deze margezone mag, onder voorwaarden (o.a. woonsituatie/ straat en bebouwingsbeeld) net zo hoog worden gebouwd als in het achterliggende vlak. In de regels wordt specifiek opgenomen dat t.a.v. het aantal bouwlagen, het uiterlijk van bouwwerken en de geleding van gebouwen wordt dient te worden voldaan aan het OKP. Met een positief advies van de Commissie Omgevingskwaliteit kan van de bepalingen uit het OKP worden afgeweken. NB. Deze bepaling wordt standaard opgenomen in onze omgevingsplannen en was ook al opgenomen in het ontwerpplan, vanwege de technische aanpassingen vanwege de omgevingsplanactiviteiten [onderdeel 2.1] is deze bepaling in artikel 58 geland. Onderdeel c. is aangepast. Omdat de bouwhoogtes strakker zijn vastgesteld is de eis dat een bouwlaag van 5 meter geldt als twee bouwlagen niet meer nodig, deze regel kan dus worden geschrapt.
1.2 Regeling Bouwveld D REGELS Artikel 19 is toegevoegd, dit artikel luidt als volgt: Artikel 19 Activiteit behoud bestaande bebouwing veld D - Schaapsdrift 19.1 Toegelaten activiteiten Het gebruik als wonen is ter plaatse van de gebiedsaanduiding 'overige zone – Activiteit behoud bestaande bebouwing veld D - Schaapsdrift ' uitsluitend toegestaan als toepassing is gegeven aan artikel 9.
Artikel 49 is toegevoegd, dit artikel luidt als volgt:
Artikel 49 Bouwregel behoud bestaande bebouwing veld D - Schaapsdrift 49.1 Bouwregels In afwijking van de algemene bouwregels, de bouwregel ondergeschikte bouwonderdelen en de bouwregel bouwverbod Park mag ter plaatse van de gebiedsaanduiding 'overige zone – bouwregel behoud bestaande bebouwing veld D - Schaapsdrift' maximaal 34 meter hoog worden gebouwd, indien een gedeelte van de bestaande gebouwen binnen de gebiedsaanduiding behouden blijft. VERBEELDING Zie voor de aanpassing van de verbeelding de kaartjes die zijn opgenomen onder 3 en 4. Toelichting: Vivare wenst in het omgevingsplan twee varianten mogelijk te maken: 1. volledige sloop van de woningen en nieuwbouw en 2. gedeeltelijke sloop en nieuwbouw. In het TAM-Omgevingsplan worden beiden varianten mogelijk gemaakt. Indien Vivare kiest voor gedeeltelijke sloop en nieuwbouw moet er van het OKP worden afgeweken, het omgevingsplan maakt dit mogelijk, maar hiervoor is wel een positief advies van de Commissie Omgevingskwaliteit nodig. Voor deze variant wordt het mogelijk gemaakt om buiten
4
het bouwvlak te bouwen ingevolge artikel 48. Ook is het mogelijk om op grond van artikel 58 het hoogteaccent te verplaatsen. In de aangepaste groenbalans is hiermee rekening gehouden.
1.3 Regeling bedrijf aan huis achter de bestaande woningen aan de Schaapdrift REGELS Onderdeel f. van artikel 58 eerste lid komt te luiden als volgt: bij het bouwen van de buurthub zoals bedoeld in artikel 20, het bouwen in de zone ‘overige zonebijbehorende bouwwerken’ en ‘overige zone - bijbehorende bouwwerken – Schaapsdrift’ dient te worden voorzien in een onderhoudspad ten behoeve van de buurthub van ten minste 2 meter aan de westzijde van de buurthub; •
Artikel 50 wordt toegevoegd, en luidt als volgt:
Artikel 50
Bouwregel bijbehorende bouwwerken
50.1
Bouwregels
Ter plaatse van de gebiedsaanduiding 'overige zone - bouwregel bijbehorende bouwwerken' mogen bijbehorende bouwwerken worden gebouwd, voor zover het betreft: h. uitbreiding van de hoofdbebouwing, tot een maximumbouwhoogte gelijk aan de hoogte van de begane-grondbouwlaag van de hoofdbebouwing, vermeerderd met maximaal 40 cm ten behoeve van isolatie of afschot; i. andere bijbehorende bouwwerken, met een maximumbouwhoogte gelijk aan de goothoogte van het hoofdgebouw, waarbij de goothoogte van vrijstaande bouwwerken niet meer mag bedragen dan de hoogte van de begane-grondbouwlaag van de hoofdbebouwing; j. bouwwerken geen gebouwen zijnde worden gebouwd, passend binnen de activiteit, met een maximumbouwhoogte van 3 m waarbij de oppervlakte van het totaal van deze bebouwing per bouwperceel de in onderstaand schema opgenomen maten niet overschrijdt. oppervlakte gebied met de maximale oppervlakte bouwwerken gebiedsaanduiding 'bijbehorende bouwwerken' per bouwperceel < 90 m2 50% van de oppervlakte van het gebied met de gebiedsaanduiding 'bijbehorende bouwwerken' per bouwperceel met een minimum van 20 m2 90-150 m2 45 m2 2 150-300 m 55 m2 2 300-500 m 65 m2 2 500-1000 m 75 m2
Artikel 51 Bouwregel bijbehorende bouwwerken - Schaapsdrift 51.1 Bouwregels Ter plaatse van de gebiedsaanduiding 'overige zone - bouwregel bijbehorende bouwwerken' mogen bijbehorende bouwwerken worden gebouwd, waaronder technische installaties voor de buurthub en nutsvoorzieningen, met een maximale bouwhoogte van 5 meter. VERBEELDING Zie voor de aanpassing van de verbeelding de kaartjes die zijn opgenomen onder 3 en 4.
TOELICHTING:
In het ontwerpplan was achter alle woningen in Schaapsdrift de ‘activiteit bedrijf aan huis’ toegestaan. Niet achter alle woningen is voor deze locatie alleen een ‘activiteit bedrijf aan huis’
5
passend, de activiteit wonen geeft meer mogelijkheden om deze zone te gebruiken als een tuin voor de bewoners. In de zone mogen alleen bijbehorende bouwwerken worden gebouwd.
1.4 Warmtevoorziening REGELS Artikel 47 Bouwregel aansluitplicht warmtevoorziening 47.1 Aansluitplicht 1. Het is verboden om zonder omgevingsvergunning Ter plaatse van de aanduiding 'overige zone bouwregel aansluitplicht warmtevoorziening' mogen nieuwe gebouwen uitsluitend worden gebouwden indien deze voor warmte zijn aangesloten op één collectief warmtesysteem per bouwveld of voor enkele aangrenzende bouwvelden samen en warmte en koude geleverd krijgen uit dit warmtesysteem. 2. De regel onder 1 is niet van toepassing op woningen die aanwezig zijn op het moment van inwerking treden van dit hoofdstuk. 3. De regel onder 1 vervalt 20 jaar na inwerkingtreding van dit hoofdstuk van het omgevingsplan. 47.2 Beoordelingsregels voor alternatieve voorziening voor warmte en koeling Burgemeester en wethouders verlenen een omgevingsvergunning voor het bouwen en gebruiken van Het bouwen van nieuwe gebouwen die niet worden aangesloten op het warmtesysteem, als geen gebruik van het warmtesysteem wordt gemaakt is alleen in de volgende gevallen toegestaan: 1. De energieprestatie van de alternatieve voorziening voor warmte en koeling is minimaal gelijkwaardig aan de situatie waarin het gebouw wel een aansluiting op een collectief WKO warmtesysteem krijgt, waarbij geldt dat: a. koude in de vergelijking wordt betrokken; b.
de gelijkwaardigheid beoordeeld wordt op basis van de energieprestatie van het aanwezige warmtesysteem; c. de energieprestatie van het warmtesysteem bepaald wordt op basis van NTA 8800; d. de stikstofoxiden- en fijnstofuitstoot van de alternatieve voorziening moet kleiner of gelijk aan nul zijn. De afstand tot het bouwwerk tot een warmtesysteem is groter dan 40 meter én de aansluitkosten zijn hoger dan bij een aansluitafstand van 40 meter. 47.3 Aanvraagvereisten 1. De aanvrager van de omgevingsvergunning voor bouwen zoals bedoeld in artikel 22.36, of diens rechtsopvolger, levert de volgende gegevens: a. NTA 8800-berekening, voor aansluiting op het warmtesysteem. Hierbij wordt voor het warmtesysteem uitgegaan van de situatie waarin het geplande aantal aansluitingen is gerealiseerd; b. Indien toepassing wordt gegeven aan 47.2: ▪ NTA 8800-berekening voor het toegepaste alternatief, zonder de aansluiting op het warmtesysteem; ▪ gegevens waaruit aantoonbaar blijkt dat de NOx- en fijnstofuitstoot van het voorgestelde alternatief kleiner of gelijk aan nul is c. aanvullende documentatie zoals relevante kwaliteitsverklaringen; d. het beoogde gebruik van het bouwwerk en de bijbehorende gronden waarop de aanvraag betrekking heeft; e.
een opgave van de bruto inhoud in kubieke meters en de bruto vloeroppervlakte in vierkante meters van het deel van het bouwwerk waarop de aanvraag betrekking heeft; f. een situatietekening van de bestaande toestand van het terrein en een situatietekening van de nieuwe toestand van het terrein met daarop: ▪ de afmetingen van het perceel en bebouwd oppervlak; ▪ de situering van het bouwwerk ten opzichte van de perceelsgrenzen en de wegzijde; ▪ de wijze waarop de locatie wordt ontsloten; ▪ de aangrenzende locaties en de daarop voorkomende bebouwing; en