Agendabundel
Tekst van het document
Actualisatie meerjareninvesteringsplanning (MIP) Op basis van de realisatie over 2022 zijn de planningen van de investeringsprojecten in het MIP geactualiseerd. Hierdoor verschuift de realisatie van een aantal projecten naar een later jaar. Vertragingen kunnen diverse oorzaken hebben. Het is gebruikelijk dat niet alle investeringen hun oorspronkelijk geplande investeringsritme volgen. In de reeks actualisatie MIP zijn geen nieuwe investeringen opgenomen. Voor een tweetal investeringen wordt de investeringssom aangepast: gymzaal Fluitekruid en zwembad Valkenhuizen. Vertraging in de uitvoering in combinatie met sterk gestegen kosten maken deze aanpassing noodzakelijk. Bij gymzaal Fluitekruid stijgen door de vertraging de plankosten en daarnaast speelt een opwaardering van BENG (Bijna Energieneutrale Gebouwen) naar ENG (Energieneutrale Gebouwen) en toegenomen eisen ten aanzien van duurzaamheid (warmtepomp). De afronding van het buitenterrein van zwembad Valkenhuizen is door de aanleg van het waterdepot uitgelopen. In deze periode zijn de aanlegkosten en materiaalprijzen zeer fors gestegen. Deze prijsstijgingen zijn nog niet eerder doorgerekend. Bij dit soort grote lopende projecten doen we dit namelijk niet generiek, maar via maatwerk.
Door de langer dan voorziene technische uitwerking van de waterbuffer is de aanleg hiervan ook uitgelopen, waardoor ook op dit onderdeel een (beperktere) stijging van de investering benodigd is. De totale actualisatie van de bestaande investeringen levert in 2024 een voordeel op van € 1,5 miljoen oplopend tot € 2,0 miljoen in 2025 en weer aflopend naar € 0,4 miljoen in 2027. Voor alle investeringsprojecten wordt een zo realistisch mogelijke planning gemaakt. De ervaring leert dat onvoorziene omstandigheden ervoor zorgen dat in een aantal gevallen deze planning niet wordt gehaald. Vooraf valt niet te zeggen welke projecten dit betreft. Door de vele investeringsprojecten die lopen, is het op basis van ervaring, echter wel een zekerheid dat dit bij een aantal projecten zal gebeuren. Projecten die later dan oorspronkelijk gepland afgerond worden, worden later geactiveerd, waardoor de kapitaallasten in de begroting naar achteren schuiven. Hier wordt rekening mee gehouden door planningsrealisme in te ramen. Dit geeft een voordeel voor het financieel beeld van € 12.000 in 2024, € 0,4 miljoen in 2025 en € 1,3 miljoen in 2026. In lijn met motie 21M247 (Stijging bouwkosten volledig opnemen in begroting) zijn de projectuitgaven geïndexeerd.
Hiervoor zijn drie verschillende indices gebruikt, namelijk de index Schoolgebouwen nieuwbouw (3,4%), grond-, weg- en waterbouw nieuwbouw (5,1%) en bedrijfsgebouwen nieuwbouw (5,1%). Voor de indexering moet in 2024 € 2,0 miljoen gereserveerd worden, in 2025 € 2,6 miljoen, in 2026 € 2,2 miljoen en dit loopt af tot € 1,4 miljoen in 2027. Uiteraard kunnen we niet exact voorspellen hoe de kosten zich in de komende jaren zullen ontwikkelen.
Nominale en areale ontwikkelingen Jaarlijks moet de begroting voor de komende jaren bijgesteld worden voor de loon- en prijsontwikkeling (nominaal) en volumeontwikkeling (areaal). Hiermee worden alle budgetten naar het prijs- en volumepeil van 2024 gebracht. Dit speelt op een aantal onderdelen van de begroting: de ambtelijke organisatie, zorgcontracten (vanaf 2024), subsidies, gemeenschappelijke regelingen, overige budgetten, areaalontwikkeling, zorg (doorwerking 2023) en parkeergarages. Deze worden hierna toegelicht.
Ambtelijke organisatie De loonontwikkeling van de ambtelijke organisatie volgt uit de cao-afspraken. Op 22 februari jl. is een principe akkoord gesloten voor de cao van gemeenten. Deze cao loopt tot en met 31 december 2023. Het effect voor 2023 is in Turap-1 verwerkt. Voor 2024 zijn nog geen cao-afspraken gemaakt. Daarom baseren we de raming voor
De indexering van subsidies gebeurt op basis van een gemengd percentage. Dit bestaat voor 58% uit de loonontwikkeling van de sector overheid en voor 42% uit de consumentenprijsindex (cpi). De loonontwikkeling bedraagt voor 2024 5,2% en de cpi 3,1%. Daarmee komt de index voor subsidies voor 2024 uit op 4,3%. Dit betekent dat daar structureel € 4,0 miljoen voor moeten worden gereserveerd. Het onderstaande plaatje maakt inzichtelijk hoe de subsidies zijn/worden geïndexeerd:
De subsidiebudgetten zijn in de Begroting 2022 structureel geïndexeerd met 1,5% (1,3 miljoen) (lichtblauw in de figuur). Voor 2023 bedraagt de indexatie 3,1% (€ 2,4 miljoen) (groen in de figuur), welke in de Begroting 2023 is verwerkt. Daarnaast is incidenteel de aanvullende indexatie over 2022, het verschil tussen de raming op basis van het CEP 2022 van 4,7% en de reeds verwerkte 1,5% van 3,2% (€ 2,8 miljoen) in het jaar 2023 (donkerblauw in de figuur) in de Begroting 2023 opgenomen. De totale indexatie van subsidies in 2023 bedraagt dus 3,1% + 3,2% = 6,3% (€ 5,1 miljoen) ten opzichte van 2022. Vanaf de Begroting 2024 komt er 4,3% bij (€ 4,0 miljoen, de roze balk in de figuur). De aanvullende indexatie in 2023 van 3,2% was incidenteel. In aanloop naar de Begroting 2024 wordt bekeken of er noodzaak is om dit structureel te maken en of er aanvullend voor dit jaar aanleiding is om extra compensatie aan subsidiepartners te verstrekken als gevolg van acute problematiek. In dat laatste geval wordt de raad hierover voor de zomer separaat geïnformeerd. Dit hangt ook samen met de wijze waarop we om willen gaan met huurindexaties, die later in het hoofdstuk aan bod komen.
Gemeenschappelijke regelingen Voor gemeenschappelijke regelingen wordt in de Perspectiefnota een totale raming van de benodigde loon- en prijscompensatie gemaakt, uitgaande van dezelfde indexatie als voor de subsidies. Daarmee komt het bedrag dat gereserveerd moet worden vooralsnog uit op € 3,2 miljoen. Zodra de begrotingen van de verschillende gemeenschappelijke regelingen die in de komende periode worden vastgesteld, ontstaat duidelijkheid over de exacte benodigde middelen en wordt de definitieve indexatie in de Begroting 2024 verwerkt.
Overige budgetten De overige budgetten uit de begroting die voor indexering in aanmerking komen zijn budgetten die gedekt worden door de algemene middelen en gevoelig zijn voor prijsontwikkeling, zoals onderhoud van de openbare ruimte, maar ook bijvoorbeeld de niet-loonkosten bij welzijn en armoede. Onderhoud in de openbare ruimte wordt sinds vorig jaar geïndexeerd met de index voor grond-, weg- en waterbouw onderhoud (GGW OH). Deze bedraagt voor 2024 4,9%. Voor de andere budgetten is de prijs materiële overheidsconsumptie (imoc) uit het CEP de belangrijkste index. Deze bedraagt voor 2024 3,9%. Voor de indexering van deze overige budgetten is het nodig om, indien de gebruikelijke systematiek gevolgd wordt, € 5,2 miljoen te reserveren.
Areaalontwikkeling Diverse budgetten in de begroting zijn gevoelig voor de groei van de stad, zoals budgetten voor publieke dienst verlening en onderhoud van de openbare ruimte. Daarom groeien deze budgetten volgens de gebruikelijke syste matiek mee met de areaalontwikkeling met € 2,1 miljoen vanaf 2024.
Zorg (doorwerking vanaf 2023) Jaarlijks worden de zorgtarieven jeugdzorg en Wmo door onze regionale inkooporganisatie geïndexeerd op basis van voorjaarsramingen van het Centraal Planbureau (CPB). Naar aanleiding van de sterk gestegen prijzen in de afgelopen
ONDERWERP
Subsidies
Perspectiefnota 2024–2027
De zorgcontracten moeten jaarlijks worden geïndexeerd met de overheidsbijdrage in de arbeidskostenontwikkeling (OVA) en de consumentenprijsindex (cpi). De OVA bedraagt 4,7% en de cpi 3,1%. Daarmee bedraagt de indexatie van de zorgcontracten 4,3%. Dit leidt tot structureel hogere uitgaven van € 6,6 miljoen vanaf 2024.
PAGINA
Zorgcontracten (vanaf 2024)
13
de loonontwikkeling in 2024 op het Centraal Economisch Plan 2023 dat 9 maart door het CPB is gepubliceerd. De verwachte loonontwikkeling van de sector overheid bedraagt 5,2%. Dit leidt tot een structurele verhoging van de loonkosten van circa € 7 miljoen vanaf 2024. Formatieve ontwikkelingen binnen de gemeente hebben mogelijk ook gevolgen voor de omvang van de dienstverlening van de Connectie. Zo leidt een uitbreiding van de formatie binnen de gemeente Arnhem tot een toename van het aantal te verstrekken ICT-producten. In aanloop naar de Begroting wordt dit effect nader uitgewerkt en in beeld gebracht.
VGGM: Extra loon- en prijsstijgingen, Basis op orde JGZ/ AGZ en Programma Beter Bedrijfsvoeren Ondanks de reeds opgenomen loon- en prijsindex in de Begroting 2023 ontstaat bij de VGGM een tekort als gevolg van de fors hogere prijsontwikkeling ten opzichte van deze toegekende indexatie over 2023. De impact is niet op te vangen met het weerstandsvermogen van VGGM. Dit leidt tot een structurele verhoging van de gemeentelijke bijdragen aan de VGGM van in totaal € 1,2 miljoen vanaf 2023, voor de onderdelen gezondheidszorg en brandweer gezamenlijk. De uitvoering van de verschillende GGD-taken staat onder grote druk als gevolg van diverse ontwikkelingen in de algemene gezondheidszorg (AGZ) en jeugdgezondheidszorg (JGZ). Dit blijkt ook uit een extern gehouden onderzoek. Inwoners van Gelderland-Midden ervaren de druk bij de GGD helaas ook. Een voorbeeld hiervan is de afschaling bij de JGZ waardoor minder contactmomenten hebben plaatsgevonden dan minimaal noodzakelijk zijn. Om de dienstverlening qua basis binnen de JGZ en op onderdelen van de AGZ op orde te houden en op een acceptabel niveau te handhaven is een hogere bijdrage van de deelnemende gemeenten noodzakelijk. Voor Arnhem gaat het om een bedrag van circa € 600.000. Vooralsnog is dit alleen in het jaar 2024 opgenomen.
Dit bedrag dient nog nader uitgewerkt te worden en zal op de middellange termijn ook in samenhang worden bezien met de nog te voeren discussie over de reikwijdte en kwaliteit van het takenpakket GGD. Uit een gehouden benchmarkonderzoek en diverse externe rapporten is daarnaast gebleken dat VGGM in vergelijking met andere Veiligheidsregio’s qua bedrijfsvoering ondergemiddeld en kwetsbaar is georganiseerd. Dat hangt mede samen met het feit dat de (wettelijke) taken van VGGM in de afgelopen jaren zijn toegenomen, maar de bedrijfsvoering hierop niet is aangepast en meegegroeid. Hierdoor ontstaat het risico dat de organisatie onvoldoende in staat is om zich aan te passen bij toekomstige ontwikkelingen. VGGM wil daarom structureel groeien van de huidige situatie van 15,5% naar een norm van 18,8% aan personele overhead (= het gemiddelde van alle veiligheidsregio’s). Dit betekent voor alle deelnemende gemeenten een verhoging van de bijdragen. De VGGM ziet zich genoodzaakt voor 2024 uit te gaan van een gemiddelde overhead van 18,8% (gemiddelde van Nederland) en te onderzoeken welk niveau voor bedrijfsvoering structureel nodig is voor 2025 en verder. Voor 2024 betekent het voor de gemeente Arnhem een extra bijdrage van € 493.000.
Het definitieve bedrag voor 2025 en verder dient nog nader uitgewerkt te worden en zal op de middellange termijn ook in samenhang worden bezien met de nog te voeren discussie over de reikwijdte en kwaliteit van het takenpakket GGD.
Actualisatie BUIG In de raadsbrief ‘Gebundelde uitkering BUIG 2022 en 2023’ van 13 december 2022 is vermeld dat de b ijgestelde raming voor 2023 en verder wordt meegenomen in de Turap 1 en de Perspectiefnota 2024. Het voordeel (€ 1,6 miljoen in 2023 en verder), mede ontstaan doordat steeds meer mensen vanuit de bijstand doorstromen naar betaald werk, gaat terug naar de algemene middelen, in overeenstemming met de afgesproken begrotings systematiek voor BUIG. Het risico op BUIG wordt hiermee groter, omdat we met een kleiner nadeel in onze begroting rekening houden.
Verschil huurindexatie en lasten gemeentelijk vastgoed De gemeente Arnhem hanteert de systematiek van kostprijsdekkende huur. Jaarlijks indexeren wij per 1 mei de huurprijs. Voor de verhuur van onze gebouwen maken wij gebruik van standaard ROZ (Raad Onroerende Zaken)
ONDERWERP
Conform overeenkomsten zijn er prijsindexaties toegepast op bijvoorbeeld de dienstverleningsovereenkomst P1 en de verschillende onderhoudscontracten. Deze indexaties leveren een structureel knelpunt van € 282.000 op. In aanloop naar de Begroting 2024 wordt bekeken of de bestemmingsreserve Bereikbaarheid hiervoor mogelijk ingezet kan worden.
Perspectiefnota 2024–2027
Parkeergarages
PAGINA
Dit geldt ook voor de pleegzorgvergoeding, waarvan het Rijk heeft aangegeven dat deze vergoeding in verband met de hoge inflatie met ingang van 1 januari 2023 met 14,3% verhoogd wordt. Het structureel financieel effect hiervan is € 300.000 per jaar. Tot slot laat het gehele beleidsveld zorg in de afgelopen jaren een daling zien in de kosten voor persoonsgebonden budgetten (PGB’s). Deze daling hangt enerzijds samen met de openstelling van de Wet Langdurige Zorg (WLZ) voor cliënten met een psychische stoornis sinds 1 januari 2021. Anderzijds is de daling het gevolg van scherpere beoordeling door de Sociale Wijkteams of iemand in staat is de zorg of ondersteuning zelf te regelen. Zo niet, dan is Zorg in natura een beter passende zorgvorm. De kostendaling PGB’s is naar verwachting structureel en komt ten goede aan de algemene middelen.
14
periode, heeft het CPB deze ramingen in het najaar van 2022 naar boven aangepast. De VNG heeft gemeenten opgeroepen deze najaarsramingen van het CPB te volgen bij de indexering van de zorgtarieven voor 2023. Dit betekent een aanvullende indexering van de zorgtarieven voor 2023. De indexatie komt op basis van de nieuwe gegevens van het CPB uit op een totaal van 4,78% en dit komt neer op € 1 miljoen vanaf 2023. Dit was 4,05%. De raad is hier reeds over geïnformeerd (raadsbrief van 31 januari 2023). Daarnaast ontstaat een knelpunt doordat het tarief, dat de gemeente betaalt aan aanbieders van Huishoudelijke Ondersteuning, vanaf 2023 wordt verhoogd. Het is wettelijk verplicht om een kostendekkend tarief te betalen. Ook dit betekent circa € 1 miljoen extra kosten vanaf 2023.
Ondergrondse afvalcontainers Op 1 januari 2023 is een nieuw contract voor levering en onderhoud van ons areaal ondergrondse afvalcontainers ingegaan. In dat contract is conform de meest recente wet- en regelgeving een verplichte veiligheidskeuring conform TÜV-keuringsprotocol opgenomen. Op basis van de eerste keuringen is al een aantal containers afgekeurd die vervangen moeten worden om de veiligheid en continuïteit van de afvalinzameling te borgen. De verwachting is dat naar aanleiding van de keuringen in 2023 nog een groot aantal containers vervangen moet worden. Reparatie is in veel gevallen niet toegestaan. Ongeacht verdere besluitvorming over de gewenste inzamelingssystematiek is deze aanvullende investering dus noodzakelijk. Vervangingsinvesteringen vanaf 2024 waren voorzien; de eerste ondergrondse containers zijn immers al zo’n 20 jaar geleden geplaatst en de komende jaren zal vanwege einde levensduur gefaseerd vervanging plaats moeten vinden. De noodzakelijke vervangingen in 2023 als gevolg van de veiligheidskeuringen komen eerder dan voorzien. De inschatting is dat hiervoor in 2023 een investeringskrediet van € 1,7 miljoen nodig is (zie ook Turap-1). Hier tegenover staat dat de begrote investering in het afvalbrengstation van € 1,7 miljoen niet in 2023 plaats zal vinden maar pas in 2024 of later.
De kapitaallasten bij de investeringen in 2023 in de ondergrondse afvalcontainers bedragen € 194.000 vanaf 2024, oplopend tot € 626.000 in 2027. Deze jaarlijkse kapitaallasten zullen conform de huidige werkwijze opgenomen worden in de afvalstoffenheffing. Het is momenteel nog niet te zeggen of dit een effect heeft op de tarieven, dat hangt af van wat er met de andere kosten gebeurt. Voor de tarieven heeft een mutatie in het aantal huishoudens daarnaast ook effect. Bij het bepalen van de tarieven in aanloop naar de Begroting wordt dit effect duidelijk.
ONDERWERP
In juli 2021 is de nieuwbouw van de Confetti opgeleverd. De leerlingenprognose toont aan dat het aantal leerlingen in Schuytgraaf nog stijgt. Daardoor blijft de druk voor de scholen in Schuytgraaf onverminderd groot. Een verdere groei van Confetti is onvermijdelijk. Om de toename van het aantal leerlingen op te vangen is een viertal noodlokalen tegenover de Confetti geplaatst en is in 2021 ten behoeve van onderwijsuitbreiding grond aangekocht. Het is de bedoeling op deze grond extra (definitieve) uitbreiding van 420 m2 voor Confetti te realiseren. De inschatting is dat een extra investeringskrediet van € 1,2 miljoen nodig is in 2025 om de uitbreiding van Confetti te realiseren. Ook bij de beide basisscholen in MFC De Salamander is er sprake van een sterke groei van het aantal leerlingen. Een uitbreiding met leslokalen is noodzakelijk. Deze groei was nog niet eerder voorzien. Vooralsnog wordt uitgegaan van een uitbreiding van 700 m2 met een verwachte investering van circa € 2,1 miljoen. Er wordt gekeken naar mogelijkheden om binnen het bouwvlak te blijven door bijvoorbeeld bovenop bestaande lokalen te bouwen. De kapitaallasten van deze investeringen in het primair onderwijs drukken op de algemene middelen.
Perspectiefnota 2024–2027
Het schoolgebouw aan de Spiekmanlaan wordt (deels) gerenoveerd om minimaal voor 15 jaar als wissellocatie voor onderwijs geschikt te zijn. De eerste beoogde gebruiker is Vrijeschool Parcival-Noord, die nu nog tijdelijk is gehuisvest in het gebouw Brugstraat 6. In de loop van de tijd zal worden bezien of dit gebouw nog langer als wissellocatie voor het onderwijs zal worden gebruikt, als definitieve locatie voor een school zal worden ingezet of een andere bestemming zal krijgen. Om dit gebouw voor minimaal 15 jaar geschikt te maken voor het onderwijs, is een flink aantal onvermijdelijke investeringen noodzakelijk. Te denken valt hierbij onder anders aan uitvoering achterstallig onderhoud en het gebouw geschikt maken voor frisse scholen klasse B. De verwachte investeringslast bedraagt € 1,6 miljoen in 2023. De verwachting is dat de werkzaamheden dit jaar zijn afgerond, zodat de kapitaallasten van jaarlijks circa € 76.000 vanaf 2024 op de begroting zullen drukken. De dekking is voorzien uit de reeds beschikbaar gestelde budgetten voor onderwijshuisvesting.
PAGINA
Onderwijshuisvesting
15
huurcontracten. Conform de algemene voorwaarden behorende bij de ROZ contracten, en zoals gebruikelijk in het vastgoed, gebruiken ook wij voor de indexering van huren de CPI (Consumenten Prijs Index) zoals deze wordt gepubliceerd door het CBS. De indexering van de huurbedragen op basis van de CPI-index levert een indexering op per 1 mei 2023 van ongeveer 8% (ten opzichte van ongeveer 2% voorgaande jaren en 4,5% afgelopen jaar). Sinds de start van de CPI index is deze nog nooit zo hoog geweest. In de markt, ook de commerciële verhuurmarkt, wordt opgeroepen tot coulance afspraken. Hoewel CPI de norm is en ook wij te maken hebben met gestegen bouwen beheerkosten van ons vastgoed zien we mogelijkheden om onze huurders enigszins tegemoet te komen. Wij doen door dit door eenmalig van de CPI als index af te wijken en een lager indexpercentage, namelijk de “kerninflatie”, te hanteren voor de huurprijsindexering (vanaf 1 mei 2023). Dit alleen indien de kerninflatie lager is dan de CPI indexatie. De kerninflatie, gepubliceerd als SA20 bij CBS, is nu 6,7%. Hierdoor ontstaat een structureel effect, omdat de indexatie volgens onze systematiek van constante prijzen structureel wordt doorgetrokken. Voorgaande jaren hielden de indexeringen van de huuropbrengsten en de stijging van de kosten van het onderhoud van vastgoed elkaar redelijk in evenwicht.
Met de hogere indexatie van de huren ontstaat echter een verschil ten opzichte van de ontwikkeling van de lasten (een groot deel betreft namelijk kapitaallasten die gelijk blijven). Het positieve resultaat dat hierdoor ontstaat kan ten gunste van de algemene middelen vallen. Uitgaande van de kerninflatie is dit € 527.000 vanaf 2024. Ook bij het toepassen van de lagere kerninflatie in vergelijking met de CPI ontstaat een knelpunt bij gesubsidieerde partners die bij ons vastgoed huren, aangezien de huurindexatie hoger ligt dan de indexatie van de subsidies. We onderzoeken daarom, mede gelet op het genoemde positieve resultaat dat ontstaat door het verschil tussen huurindexatie en werkelijke kostenstijging, op welke wijze we subsidiepartners die bij ons huren kunnen compenseren voor dit verschil en of dit ook breder voor alle subsidiepartners kan gelden. Mochten zich bij partijen acute problemen voordoen nog voordat we dit onderzoek hebben afgerond, maken we tussentijds individuele afwegingen.
16
PAGINA
Perspectiefnota 2024–2027
ONDERWERP
Voor de jaren 2024-2027 is een jaarlijks investeringskrediet van € 1,3 miljoen nodig ter vervanging van ondergrondse containers. Deze investeringen lopen vanaf 2024 mee in de reguliere investeringscyclus en worden opgenomen in het MIP. De keuring zal bepalen of vervanging ook daadwerkelijk nodig is, zodat de technische levensduur van de containers maximaal benut wordt.
Beheerkosten transferhal Arnhem Centraal De gemeente onderhoudt samen met Prorail en de NS de transferhal van Arnhem Centraal. De uitvoeringsorganisatie die het beheer uitvoert heeft aangeven dat de kosten van het beheer van de transferhal voor de gemeente met € 280.000 zullen stijgen. De stijging heeft voornamelijk betrekking op energie, schoonmaakkosten en procesmatig onderhoud. In aanloop naar de Begroting 2024 wordt bekeken of de bestemmingsreserve Arnhem Centraal hiervoor mogelijk ingezet kan worden.
Om de klimaatcrisis een halt toe te roepen is een fundamentele verandering noodzakelijk. Voor Arnhem heeft de energietransitie en het toewerken naar een circulaire economie absolute prioriteit en daarom hebben we het klimaatfonds bij de begroting van 2023 voor de komende jaren aangevuld met in totaal € 15 miljoen. Daarnaast zijn ook rijksmiddelen beschikbaar gesteld, in totaal € 2.8 miljoen. Met dit geld kunnen we de energietransitie mede mogelijk maken en beschikken over voldoende geld voor cofinanciering. Ook nemen we maatregelen om de klimaatverandering tegen te gaan en de negatieve milieu-impact en afhankelijkheid van primaire grondstoffen te verminderen. We dragen ons deel bij aan de klimaatopgave door te sturen op een duurzaam energiesysteem en circulair gebruik van grondstoffen, materialen en producten. Bij onze duurzame ambities past ook het verminderen van het aantal kilogram restafval per persoon. Dit doen we samen met de stad. Bijvoorbeeld door middel van een burgerberaad zodat inwoners, bedrijven en maatschappelijke instellingen kunnen meedenken over maatregelen die ook werken.
Wat zou je doen met een miljoen euro?
Digipanellid: “Ik zou alles uitgeven aan klimaat en duurzaamheid, maar wel op zo’n manier dat andere problemen mee opgelost worden (wijken vergroenen met eetbare planten waardoor iedereen beschikking heeft over gezond eten, huizen isoleren van bewoners die dit niet kunnen betalen, leefbaarheid wordt sowieso beter met vergroening, meer sociale cohesie in buurtmoestuinen, etc.).”
Snelle en effectieve maatregelen zijn nodig om de klimaatcrisis te bestrijden. In de energietransitie is de afgelopen jaren al flink geïnvesteerd en deze zal de komende jaren, met behulp van de aanvulling van het Klimaatfonds, worden geïntensiveerd. Een circulaire economie is ons ideaalbeeld van een economisch systeem en samenleving waarin we veel minder grondstoffen, materialen en producten gebruiken en waarbij we de grondstoffen die we wel nodig hebben, op een veel duurzamere manier gebruiken. De circulaire economie is niet het doel, maar het middel waardoor consumptie minder negatieve impact heeft op de wereld om ons heen. Het is onze ambitie om in 2030 voor 50% en in 2050 volledig circulair te zijn. Dit doen we onder meer door bestaande en nieuwe bedrijven die zich bezighouden met innovatie en circulariteit te stimuleren; door het gebruik van nieuwe grondstoffen te reduceren en door het creëren van extra werkgelegenheid. Hierbij geven we als gemeente uiteraard zelf het goede voorbeeld, bijvoorbeeld bij aanbestedingen. We trekken nauw op met onze ondernemers en met vertegenwoordigende organisaties zoals het Platform Binnenstad Arnhem (PBA). De economische weerbaarheid en leefbaarheid van bijvoorbeeld onze binnenstad vraagt om een aanpak waarbij we integraal kijken naar onze visies over wonen, klimaat, verdichting en hoogbouw.
We willen inkoop gebruiken als middel om de lokale economie te versterken, meer mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt aan het werk te helpen en inclusiviteits- en diversiteitsafspraken te maken met partners. Ook zetten we het in om circulariteit te ontwikkelen en het reduceren van energiegebruik en CO2. Met andere woorden: we willen meer lokaal, sociaal, duurzaam en circulair inkopen.
ONDERWERP
76% van de Digipanelleden vindt het (heel) belangrijk dat Arnhem de komende jaren in milieu en klimaat investeert.
Perspectiefnota 2024–2027
3.1 EEN DUURZAAM ARNHEM
PAGINA
In dit hoofdstuk schetsen we een aantal belangrijke beleidsontwikkelingen en lichten we in meer beschrijvende zin toe welke knelpunten en ambities in (lopend) beleid en uitvoering daarnaast voorzien worden, maar door het ontbreken van het financiële meerjarenperspectief in deze Perspectiefnota niet van concrete dekking voorzien kunnen worden. In een aantal gevallen is dekking wel mogelijk vanuit een bestemmingsreserve of bestaande middelen, zoals met name bij duurzaamheid.
17
3. Perspectief op ambities en knelpunten
18
PAGINA
Perspectiefnota 2024–2027
ONDERWERP
Er worden op deze maatschappelijke thema’s al goede resultaten geboekt, maar dit gebeurt nog te versnipperd en is onvoldoende in onze werkprocessen geborgd. Om de resultaten op deze maatschappelijke thema’s te vergroten, is het noodzakelijk om een werkwijze in de organisatie te verankeren die ervoor zorgt dat deze thema’s structureel worden.
Digipanellid: "Kijk wat in deze tijd belangrijk is voor de inwoners van Arnhem. Misschien iets minder uitgeven aan het voorop lopen in duurzaamheid maar meer investeren in de mensen die nu moeten overleven met de hoge prijzen. En het belonen van groen in tuinen, wijken, de stad. Denk praktisch na en denk goed na voor je je geld uitgeeft. Misschien zijn er belangen te combineren?"
De energietransitie is primair gericht op het beperken van de opwarming van de aarde. We dragen hieraan bij door de uitstoot van CO2 te reduceren. In 2050 willen we een klimaatneutrale gemeente zijn. Om de doelen van het Klimaatakkoord te behalen forceren we een trendbreuk. Dit doen we door een forse intensivering van alle lopende en reeds geplande inspanningen zoals die staan in het actieplan New Energy made in Arnhem 2020-2030 en door te focussen op vernieuwing en innovatie. Voor de regio Arnhem Nijmegen en voor Arnhem zelf vormen de maatschappelijke opgaven op het gebied van energietransitie, duurzaamheid en circulaire economie niet alleen uitdagingen, maar ook economische kansen. Het cluster – en Arnhem als centrum daarvan – wordt nationaal en internationaal erkend en opgezocht vanwege de samenwerking in toonaangevende projecten rond elektriciteits- en waterstoftechnologie en als vestigingslocatie voor ondernemers of professionals in de energiesector. Wat in onze regio aan innovaties wordt bedacht en gemaakt, wordt breed toegepast: in proeftuinen en ‘smart energy-hubs’ binnen de eigen Groene Metropoolregio Arnhem-Nijmegen, maar zeker ook op andere plekken in Europa en daarbuiten. Dat maakt Arnhem en de regio tot economische Hotspot Energy binnen Europa.
Arnhem kiest daar binnen Hotspot Energy voor een focus op 3 locaties in de stad, te weten Industriepark Kleefse Waard (IPKW), Businesspark Arnhems Buiten en kenniscampus HAN/Van Hall Larenstein. Op deze locaties zal de komende jaren innovatie, kennisontwikkeling en ondernemerschap in het cluster duurzaam groeien.
Crisisaanpak De afgelopen maanden hebben we voor Arnhemse inwoners de crisisaanpak energiearmoede en bestaanszekerheid opgezet. Voor onze ondernemers is de crisisaanpak “Zet de knop om” ontwikkeld. De komende periode gebruiken we om inwoners en bedrijven die dat nodig hebben, volop te ondersteunen. We intensiveren de aanpak energiearmoede en de campagne Arnhem Aan. Ook gaan we door met de toekomstbestendig wonen-lening en het aanjaagfonds, waarmee inwoners ondersteund worden om (collectief) aan de gang te gaan met verduurzamen. Ook hebben we extra geld vrijgemaakt voor kinderen en jongeren die in armoede leven, zijn we een pilot gestart voor energiezuinig witgoed via de bijzondere bijstand en hebben we extra aandacht voor onze ondernemers. Veel landelijke regelingen lopen dit jaar af. Tegelijkertijd houden we er rekening mee dat de gevolgen van de energiecrisis nog steeds effect zullen hebben op onze inwoners, zeker in de volgende winter.
Isolatieprogramma Het isoleren van Arnhemse woningen gaan we versnellen door de Arnhemse Aanpak Woningisolatie. Hierbij richten we ons op particuliere eigenaren, Verenigingen van Eigenaren (VVE’s), particuliere verhuurders en woningcorporaties. Dit doen we door voor iedere Arnhemmer een aanbod te kunnen doen, daar waar mogelijk afspraken te maken en te versnellen door vernieuwende werkwijzen te bevorderen en innovaties toe te passen. Bij deze aanpak worden zowel generieke als wijkgerichte instrumenten ingezet. Daarbij worden werkzaamheden en instrumenten gekoppeld aan het tegengaan van energiearmoede. Hierdoor zorgen we dat de energietransitie inclusief is. Ook pakken we elke kans om meer Arnhemmers (betaald of vrijwillig) op te leiden en/of aan het werk te krijgen binnen de energietransitie. Dit is belangrijk omdat er een steeds groter capaciteitstekort dreigt, die de versnelling van het verduurzamen van onze stad zal vertragen. Ook werken we de transitievisie warmte verder uit met betrekking tot duurzame warmtebronnen en de rol van de gemeente in de warmteketen. We continueren de voorbereiding van de warmtetransitie in de kansrijke buurten (Kronenburg, Elderveld-Noord, Plattenburg, Hoogkamp, All-electric buurten) en betrekken daarbij Arnhemmers wijkgericht. Daarnaast onderzoeken we in Malburgen-Oost, Geitenkamp, Arnhem-West, Presikhaaf, Centrum e.o.
welke duurzame warmte oplossingen het meest effectief zijn. We intensiveren het verduurzamen van bedrijven door een uitrol van de gebiedsgerichte en sectorgerichte aanpak in zogenaamde Green Deals met bedrijven. Deze Green Deals komen voort uit de afgesloten convenanten met werklocaties en/of koepelorganisaties, en gaan niet alleen over energiebesparing maar over duurzaamheid in de volle breedte. We zetten in op grootschalige opwek van duurzame energie. Zo gaan we op zoek naar een geschikte locatie voor een zonneveld in zoekgebied Deelen, waarbij we rekening houden met andere belangen die in het gebied spelen
Actiever grondbeleid Bij onze verstedelijkingsopgave past een meer regisserende actieve overheidsrol, dan de rol die Arnhem de afgelopen jaren heeft ingevuld. Hierover is recent een nota Grondbeleid aan uw raad aangeboden. Zowel de groei van de stad als de actieve rolneming voor de gemeente vraagt opschaling en professionalisering van de organisatie zodat dit mogelijk kan worden gemaakt. Met de omgevingsvisie en verstedelijkingsstrategie hebben college en raad de kaders en richting vastgesteld voor een gezonde groei van de Arnhem in de komende 20 jaar. We zien de urgentie van de woningbouwopgave en het momentum om hier samen met het Rijk op te trekken, waarbij we hun steun gedurende een langere periode hard nodig hebben. Door actief te sturen op stedelijke ontwikkeling ontstaan mogelijkheden om de stad te versterken. Tegelijkertijd moeten we ons bewust zijn van de risico’s voor de gemeente, het beslag op financiële middelen en de uitvoerbaarheid van grootschalige projecten.
Grootschalige woningbouw- en verdichtingslocaties In de omgevingsvisie zijn vier gebieden aangewezen waar we deze groei binnenstedelijk willen invullen: ArnhemCentrum, Arnhem Oost (de Spoorzone), Arnhem Zuid en Arnhem West. Op basis van de kansen en risico’s die zich in de gebieden voordoen, maakt de gemeente plannen en een passende ontwikkelstrategie. Het zwaartepunt qua aantallen woningen in de verstedelijkingsopgave is voorzien in de Spoorzone Arnhem Oost: dit gebied heeft in potentie veel ruimte voor nieuwbouw van woningen, bedrijvigheid, verbeterde mobiliteitsoplossingen en toevoegen van groen. Tegelijkertijd kent dit gebied ook grote uitdagingen in de stedelijke ontwikkeling, zoals de aanwezigheid van het spooremplacement die een barrière vormt.
Spoorzone Arnhem Oost Ruim de helft van de te bouwen woningen in Arnhem zijn voorzien in Spoorzone Arnhem-Oost. In dit gebied is veel ruimte voor nieuwbouw, verbeterde mobiliteit en meer groen. De afgelopen twee jaar werkten we met het Rijk, de Groene Metropoolregio en de provincie Gelderland binnen de Verstedelijkingsstrategie Arnhem Nijmegen Foodvalley aan de ontwikkeling van het sleutelgebied Spoorzone Arnhem-Oost. Het besluit van de regio en het Rijk om Spoor zone Arnhem Oost te ontwikkelen is een belangrijke eerste stap als antwoord op de urgentie om meer (betaalbare) woningen te bouwen. Het rijk wil hieraan € 72 miljoen bijdragen en we hebben goede hoop dat het rijk op afzienbare termijn hier bovenop nog extra middelen beschikbaar stelt. Met deze middelen en afspraken kunnen we de woningnood aanpakken, de omgeving vergroenen en meer banen scheppen. De nadruk ligt bij deze afspraken op de urgente opgave tot en met 2030. Daarom is versnelling van de woningbouwontwikkeling noodzakelijk en hebben we afspraken gemaakt over het gezamenlijk opzetten van een ruimtelijke-, financiële- en ontwikkelstrategie.
ONDERWERP
Digipanellid: “Aantrekken van (schone) bedrijvigheid/werkgelegenheid op alle niveaus: voor “moeilijke doelgroepen” tot en met hoog en specialistisch opgeleid. Arnhem blijft achter in vergelijking met Nijmegen, Eindhoven, Den Bosch. Dit betekent op termijn wegtrekken van een deel van de beroepsbevolking en daling van de inkomsten voor de stad.”
Perspectiefnota 2024–2027
Onze stad heeft veel kwaliteiten waar we trots op zijn en die we willen koesteren. Maar als stad staan we ook voor grote uitdagingen, zoals klimaatverandering. Dat betekent dat we de stad klimaatadaptief zullen moeten maken om te zorgen dat de stad leefbaar is en blijft ondanks het veranderende klimaat. Andere uitdagingen zijn het stimuleren van onze duurzame economie met voldoende werkgelegenheid, het zorgdragen voor een stad met minder kansen ongelijkheid, de grote woningbouwopgave en op welke manier we Arnhem goed bereikbaar houden.
PAGINA
Verstedelijkingsstrategie Arnhem groeit en is in trek bij bewoners, bedrijven en bezoekers. Op 1 januari 2023 wonen er in onze stad ruim 165.000 inwoners. Volgens prognoses zal Arnhem in 2030 zo’n 177.000 inwoners tellen, oplopend tot ca. 186.000 inwoners in 2040 (bron: Staat van de Stad 2022). Deze groeicijfers betekenen dat tot 2040 naar schatting 16.000 woningen moeten worden bijgebouwd. Hiervan zijn inmiddels - sinds 2020 - bijna 3.000 woningen ontwikkeld. We kiezen ervoor om deze woningen in de stad te bouwen, dichtbij openbaar vervoer (ov)-locaties en bestaande voorzieningen. Voor elke woning streven we naar een baan erbij. Voorzieningen (zoals zorg, welzijn, sport, ontspanning, cultuur en parken) moeten gelijke tred houden met het groeiend aantal inwoners. Door vergroening van de leefomgeving willen we de leefbaarheid en veiligheid, in het bijzonder in de Arnhem-Oost wijken, verbeteren.
19
zoals natuur, landbouw en recreatie. We onderzoeken of we als gemeente zelf zonnecarports kunnen ontwikkelen. Ook stellen we een uitnodigingskader op voor (zeer) kleine windturbines. Verder zoeken we naar innovaties, zoals modulaire zonnecarports, verticale zonnepanelen, gevelpanelen en smart energy hubs. In deze hubs komen energiestromen samen in een decentraal netwerk, dat de opwek, de opslag en het verbruik steeds in een onderlinge balans brengt.
20
PAGINA
Perspectiefnota 2024–2027
ONDERWERP
Digipanellid: “Ik vind dat Arnhem veel grootstedelijker moet denken. Neem een voorbeeld aan Berlijn. Zorg voor veel meer “echte” architectonische hoogbouw, bijvoorbeeld op het ENKA terrein, bij de Westervoortsedijk of op de Kleefse Waard. Combineer dit met creatieve hotspots en zorg dat toeristen/dagjesmensen zich over de hele stad verspreiden.” Digipanellid: “Echte hoogbouw met name in nieuw ontwikkelde stadswijken zoals Spoorzone, Rijnwijk, station Zuid.” Het bouwen van vele woningen met bijbehorende voorzieningen vragen forse gemeentelijke inspanningen. Deze vertalen zich naast omvangrijke plankosten ook in een omvangrijke publieke onrendabele top (op basis van landelijke kentallen van gemiddeld €15.000 per woning). Daarnaast zijn voor de ontwikkeling van Spoorzone Arnhem Oost investeringen nodig die samenhangen met de uitplaatsing van het spooremplacement en bereikbaarheidsmaatregelen. Naast de inzet van Rijk en Provincie vraagt dat om cofinanciering door de gemeente. De opgave voor de gemeente is zowel in uitvoering als in financiële zin fors en vereist een langjarig commitment van zowel raad als college. De betrokkenheid van de raad, inwoners en ondernemers bij deze opgave vinden wij cruciaal.
Binnenstad Het komende half jaar stellen we een ontwikkelperspectief voor de binnenstad op. Hierin verwoorden we onze visie op de toekomst van de Arnhemse binnenstad en beantwoorden we de vraag: hoe ziet een aantrekkelijke en levendige Arnhemse binnenstad er in 2040 uit. In het perspectief staat integraliteit centraal. Door de opgaven die we hebben op het gebied van verduurzamen, economie, wonen, leefbaarheid, klimaat en groen met elkaar te verbinden, geven we de binnenstad een krachtige impuls. Het perspectief stellen we samen met de stad op en biedt vervolgens de kaders voor nieuwe (transformatie)projecten en ontwikkelingen in de binnenstad. De gebiedsvisies voor het Stadstheater en omgeving/ Bestuurskwartier (ontwikkeling Oostflank) worden opgestart.
Digipanellid: “Zorg dat we trots zijn op onze stad en daarnaast; zorg dat we opvallen. Ik zie de verloedering en verwaarlozing in de binnenstad toenemen. Veel panden staan leeg en de mensen zien er onverzorgd uit.”
Arnhem Zuid: Kronenburg e.o. Op basis van het door de raad vastgestelde ontwikkelperspectief wordt gewerkt aan planuitwerking voor de ontwikkeling van het winkelcentrum als onderdeel van een bredere kwaliteitsimpuls aan de leefomgeving met ruimte voor betaalbaar wonen, werken, bereikbaarheid en stedelijke voorzieningen. Veranderende marktomstandigheden (stijgende rentes en bouwkosten) zetten de haalbaarheid van de businesscase voor deze gebiedsontwikkeling in toenemende mate onder druk.
Arnhem West In Arnhem West liggen kansen om te komen tot gevarieerde en veerkrachtige wijken in een groene landschappelijke omgeving. De gemeente neemt het komende half jaar het initiatief om te verkennen welke mogelijkheden er zijn om hier vorm aan te geven. Behoud van het unieke landschap, toevoegen van betaalbare koopwoningen en sociale huurwoningen, mobiliteitsoplossingen en passende zorg- en onderwijsvoorzieningen zijn daarbij belangrijke uitgangspunten.
Volkshuisvesting Iedereen heeft recht op een goede en betaalbare woning. Helaas is de praktijk nog steeds anders. Huren in de vrije sector is vaak onbetaalbaar en het kopen van een huis is voor starters en mensen met een gemiddeld inkomen bijna onmogelijk. Ook de wooncrisis vraagt om een radicale omslag. Daarbij hebben we bijzondere aandacht voor huurders, doorstroming op de woningmarkt (ook voor bijzondere doelgroepen) en de huisvesting van statushouders. Zo creëren we tijdelijke betaalbare woningen op het Merwedeterrein voor diverse doelgroepen waaronder statushouders.
Digipanellid: “Betaalbare woningen voor eenpersoonshuishoudens, zodat grotere huizen vrij kunnen komen voor gezinnen.” Digipanellid: “Betaalbare woningbouw heeft mijns inziens prioriteit. Door woningbouw voor 1- en 2-persoonshuishoudens gericht op ouderen, komen er grotere woningen vrij. Hierdoor ontstaat in oudere wijken, verjonging van de bewoners, waardoor ook bestaande scholen hun leerlingenaantal zullen zien stijgen.” Digipanellid: “Bouw comfortabele seniorenwoningen in veilige buurt zodat het voor oudere aantrekkelijk wordt om een groot huis hiervoor in te ruilen.”
Afbouw permanente bewoning vakantieparken Op een aantal van onze vakantieparken, waaronder Vakantiepark Arnhem, vindt permanente bewoning plaats. Dit is niet toegestaan. Daarom werken we via verschillende instrumenten aan het terugdringen hiervan. Om te voorkomen dat daarna op sommige parken bewoning weer toeneemt is de komende jaren actief toezicht noodzakelijk.
Duurzame Mobiliteit We hebben een brede mobiliteitsopgave in Arnhem. We willen een goed bereikbare stad zijn. Een stad waar je je snel, veilig en op een prettige manier kan verplaatsen. We richten ons mobiliteitssysteem meer in gericht op voetgangers, fiets en OV. Tegelijkertijd is het belangrijk dat onze stad, voor wie daarvan afhankelijk is, ook goed per auto bereikbaar is. In Arnhem is verkeersoverlast een steeds groter probleem. Het vele verkeer maakt bovendien dat de luchtkwaliteit op veel plekken in de stad slecht is. Ook laat de bereikbaarheid van de stad te wensen over. Hoewel we oog blijven houden voor degenen die afhankelijk zijn van de auto, komen in de verdeling van de schaarse ruimte op straat eerst de voetganger, dan de fietser, dan het openbaar vervoer en daarna pas de auto. Door deze duurzame keuzes te maken, vergroten we de leefbaarheid van de stad.
Digipanellid: “Auto’s uit stadscentrum weren. Volop inzetten op fietsstad. Fijnstof rigoureus omlaag.”
We stellen een nieuw mobiliteitsplan op waarin naast de bereikbaarheid van de stad, het tegengaan van verkeersoverlast en schone lucht de uitgangspunten zijn. We kijken naar de verkeersstructuur voor de hele stad en specifiek naar het centrum en de singels. Ook maken we plannen om het aantal auto’s in en om de binnenstad terug te dringen en doorgaand verkeer en distributie aanzienlijk te beperken. We koersen aan op een flinke wijziging in het (duurzaam) mobiliteitsbeleid. Hiervoor zullen naar verwachting ook forse investeringen nodig zijn in de infrastructuur (fiets, openbaar vervoer, andere profielen wegen (minder asfalt, lagere snelheden) en hubs. Voor deze investeringen is onvoldoende geld beschikbaar. In het duurzaam mobiliteitsplan zal daar meer inzicht in worden gegeven. Het Willemsplein is een belangrijke plek in de stad en een grootste OV knelpunt van de provincie Gelderland. Aanpassing is echter duur. De aanpassingen gaan gepaard met grote investeringen die niet alleen het Willemsplein raken, maar ook de hele omgeving tussen Arnhem Centraal en Gele Rijdersplein. Voor dit project is beperkt regulier mobiliteitsbudget voorhanden. We gaan dan ook nadrukkelijk op zoek naar gemeentelijke budgetten, zoals het klimaatfonds, vanuit het programma Radicaal Vergroenen en bijvoorbeeld vanuit Groot Wegenonderhoud.
De aanpak van verkeersveiligheidsknelpunten en de realisatie van schoolzones dragen bij aan het verbeteren van de verkeersveiligheid. Daarnaast is het van belang te blijven investeren in het verduurzamen van mobiliteit. De fiets is samen met het openbaar vervoer de sleutel tot een schoon, gezond en efficiënt vervoerssysteem. Om ervoor te zorgen dat nog meer mensen de fiets boven de auto verkiezen zijn verkeersveiligheid en goede
ONDERWERP
De woonwagenlocatie aan de Bethaniënstraat wordt aangepast en uitgebreid. De grondwal wordt daarbij ook verwijderd (ontgraven, afvoeren en verwerken) en de locatie wordt ingericht als openbaar groen. De kosten zullen hoger zijn door hogere tarieven voor de verwerking van de vrijkomende grond. Dit komt omdat de verhouding tussen te storten grond, te reinigen grond en te hergebruiken grond anders uitvalt doordat veel meer grond moet worden gereinigd dan eerder werd aangenomen. Ook zijn de kosten voor het afvoeren van deze grond hoger dan voorzien. Daarnaast blijkt uit een recente inmeting van de grondwal dat er meer grond uit de grondwal vrijkomt dan eerder werd aangenomen.
Perspectiefnota 2024–2027
We hechten aan goed verhuurderschap. Om dat te borgen wil het college verhuurdersvergunningen invoeren. Voor een stadsbrede invoering daarvan zullen zo’n 15.000 adressen onder een vergunningsregime vallen. Structureel budget is reeks beschikbaar, maar het opzetten van vergunningverlening- en handhavingregime vraagt ons om een eenmalige investering.
PAGINA
We committeren ons aan de ambitie van het eind 2022 gelanceerde Nationaal Actieplan Dakloosheid: in 2030 heeft iedereen een thuis, met ondersteuning op maat. Waar mogelijk willen we dakloosheid voorkomen. Dit vraagt om integraal werken in de uitvoering samen met ervaringsdeskundigen en met een inclusieve aanpak. Zolang opvang nodig is zorgen we daarvoor, want niemand hoeft onvrijwillig op straat te slapen.
21
Bij het aannemen van het raadsvoorstel voor het realiseren van flexwoningen op het Merwedeterrein heeft de gemeenteraad een motie aangenomen die het college vraagt een sociaal beheerder aan te stellen voor het gebied. Hoewel we nog afspraken over financiering met woningcorporaties dienen te maken met betrekking tot de ‘sociale componenten’ van de flexwoonontwikkeling bij het Merwedeterrein, en er subsidiekansen liggen bij de Provincie Gelderland, dienen we zelf ook middelen te hebben om voor dit doel in te zetten.
22
PAGINA
Perspectiefnota 2024–2027
ONDERWERP
infrastructuur van groot belang. Voor de bereikbaarheid van de stad zijn goede snelfietsroutes cruciaal. Hiervoor zijn aanvullende budgetten noodzakelijk, waarbij ook hier nadrukkelijk wordt gezocht naar cofinanciering.
3.2 EEN GROEN ARNHEM De groene leefomgeving van Arnhem vinden Digipanelleden verreweg het sterkste punt van Arnhem.
Arnhem wil een aantrekkelijke, gezonde, groene woon- en leefomgeving bieden, passend bij het veranderende klimaat, met oog voor biodiversiteit en dierenwelzijn. In onze stad krijgt de natuur alle ruimte omdat zij de basis vormt voor een prettige, gezonde en toekomstbestendige stad. Het vergroten van de biodiversiteit, het erkennen van de intrinsieke waarden van dieren en het verbeteren van dierenwelzijn krijgt een centrale(re) plek in het beleid. Bijvoorbeeld bij onze eigen inkoop, bij het evenementenbeleid, bij wildbeheer en bij het beheersen van overlast van dieren.
Radicaal groene en toekomstbestendige stad We kiezen ervoor om Arnhem radicaal te vergroenen, zowel kwantitatief als kwalitatief. Kwantitatief betekent dat de stad voldoet aan de 3-30-300 groennorm (3 significante bomen zichtbaar vanuit elke woning, 30% kroonbedekking per wijk en op 300m loopafstand een park van minimaal 1 hectare) en dat er minimaal 48m² toegankelijk groen per inwoner aanwezig is. Ook qua kwaliteit gaan we voor radicale vergroening wat betekent dat het groen moet bijdragen aan een aantal belangrijke onderwerpen zoals klimaatadaptatie, biodiversiteit, klimaatadaptatie, leefbaarheid en gezondheid. De klimaatverandering begint zich steeds duidelijker te manifesteren. In de komende decennia zullen hitte, water overlast en droogte vaker en heviger optreden. Het is daarom nodig om de stad aan te passen op deze nieuwe weersomstandigheden. We vangen de gevolgen van de klimaatverandering op door hittestress, wateroverlast en droogte aan te pakken. Radicaal vergroenen zorgt voor een toekomstbestendige stad waarin het leven voor mens in de stad prettig en gezond blijft. De natuur en daarmee de biodiversiteit staan onder grote druk. Vanwege de intensieve landbouw neemt de biodiversiteit in het buitengebied steeds verder af; de stedelijke omgeving wordt hierdoor steeds belangrijker voor het ontwikkelen van natuur en biodiversiteit.
Onze stad heeft hiervoor ook grote potentie die we maximaal willen benutten. Dat kan door natuurinclusief te bouwen en het aanleggen van stedelijk groen waarin natuurwaarden centraal staan. Bij het beheer van de bossen en natuurterreinen in ons buitengebied zetten we de natuur op één waarbij via natuurvolgend beheer de terreinen geleidelijk worden omgevormd naar toekomstbestendige, klimaatadaptieve en biodiverse bossen en natuurterreinen. We pakken ruimtelijke kansen ten aanzien van Natuurinclusieve landbouw en natuurontwikkeling door strategische aankopen te doen. We zijn bezig met een beheervisie parken Sonsbeek, Zijpendaal en Gulden Bodem en Sonsbeek 125 jaar. Deze wordt binnenkort naar uw raad gestuurd. De parkenvisie kan aanleiding zijn tot extra investeringen.
Leefbaar door vergroenen Aanwezigheid van groen is essentieel voor de leefbaarheid. Bewoners voelen zich prettiger in een groene omgeving. Radicaal vergroenen is daarom gericht op het realiseren van voldoende groen met een goede kwaliteit en toegankelijk heid voor alle Arnhemmers. Daarnaast biedt het groen goede mogelijkheden voor bewonersparticipatie. Zo willen we de sociale cohesie in wijken vergroten en er ook voor zorgen dat zoveel mogelijk mensen een actieve rol spelen bij het groen in hun woonomgeving.
Digipanellid: “Ga door met vergroenen: verharding eruit, groen erin. Dicht gaten in de lanen. De Singels worden eindelijk weer mooi!” Digipanellid: “Breng nog meer groen de stad in: sedumdaken, tegels vervangen voor groen.” Naast mentale gezondheid draagt groen ook bij aan lichamelijke en mentale gezondheid. Groen heeft een positief effect op de kwaliteit van lucht, bodem en water. Minstens zo belangrijk is de rol die groen speelt in bewegen. Parken en groene routes en groen in de wijken nodigen uit tot spelen, wandelen, fietsen en sporten en leveren zo een belangrijke bijdrage aan de gezondheid.
Digipanellid: “Wanneer we thema’s als duurzaamheid, cultuur, onderwijs en leefklimaat aanpakken, wordt de stad vanzelf wat veiliger. Zorg voor kleine voedselbossen in parken en openbaar groen, zodat het openbaar groen ook bruikbaar wordt voor de burger, en de inwoners er zelf beter voor zullen zorgen.”
3.3 EEN KANSRIJK ARNHEM We streven naar een Arnhem waarin al onze inwoners mee kunnen doen en een goed leven kunnen leiden, dat bij ze past. Het hebben van werk of anderszins bijdragen aan de samenleving, is voor ieder mens belangrijk. Mogelijkheden om jezelf te kunnen ontwikkelen en het recht op bestaanszekerheid vinden wij dan ook essentieel. Ook is het ons doel dat elke Arnhemmer een stabiel en fijn thuis heeft. Dat iedereen woont in een geschikte en betaalbare woning in een buurt met voorzieningen passend bij zijn, haar of hen levensfase en zorgvraag. Iedereen die dat nodig heeft moet een beroep kunnen doen op onderdak en de juiste begeleiding of zorg om prettig en liefst zelfstandig te kunnen wonen. Daarom willen we zo snel mogelijk meer beschikbare, betaalbare en passende woningen toevoegen in gevarieerde wijken met voldoende veerkracht.
Digipanel: “In sommige wijken van Arnhem heeft maar liefst 25% van de inwoners moeite met rondkomen.”
Bestaanszekerheid In deze tijden waarin steeds meer mensen in hun bestaanszekerheid worden bedreigd, willen we in een zo vroeg mogelijk stadium in contact komen met inwoners die geldzorgen hebben. Ook willen we voorkomen dat hun geldzorgen problematische schulden worden. Wij willen gerichte preventieplannen maken voor de verschillende doelgroepen en insteken op belangrijke life-events. Om te zorgen dat alle Arnhemmers kunnen rondkomen, gaan we de komende jaren van onze inkomensregelingen het bereik en de toegankelijkheid verbeteren. We verkennen ook de mogelijkheden om deze regelingen te harmoniseren.
Digipanellid: “Om Arnhem leefbaar te houden, is het ook belangrijk te kijken naar de groep werkende mensen en niet alles te steken in armoedebeleid.”
We voeren gerichte communicatiecampagnes uit en werken veel samen met ketenpartners. We zorgen dat we op de juiste plekken aanwezig zijn zodat we onze inwoners pro-actief kunnen benaderen met ons hulpaanbod. Op scholen
ONDERWERP
Ook monitoren we de voortgang van de milieudoelstellingen. Om ongewenste ontwikkelingen tegen te gaan verstevigen we het milieutoezicht (door de Omgevingsdienst Regio Arnhem, ODRA). Samen met de ODRA werken we aan een gezonde en veilige leefomgeving. Evenals de andere deelnemende gemeenten maken we budget vrij om formatie bij de ODRA aan te stellen. Met deze extra arbeidskrachten kunnen zij werk maken van de coördinatie en afstemming van het gezamenlijk milieubeleid.
Perspectiefnota 2024–2027
Gezonde leefomgeving Een gezonde, groene en veilige leefomgeving is een belangrijk uitgangspunt in de omgevingsvisie. In 2023 vertalen we dit naar een visie gezonde leefomgeving. We willen voldoen aan de kaderrichtlijn Water en streven naar het behalen van de normen van de WHO. Ook werken we aan de uitvoering van afspraken uit de Luchtagenda. Om hieraan te kunnen bijdragen willen we deelnemen aan een subsidieregeling voor het verwijderen of onklaar maken van rookgaskanalen. Hiervoor is van de gemeente Arnhem cofinanciering nodig.
PAGINA
Ook de wijkgroenagenda’s vormen een belangrijk onderdeel in het verder vergroenen van de stad. Voor alle wijken wordt daarom, in samenspraak met de bewoners, een wijkgroenagenda opgesteld. Daarin staan de belangrijkste wensen en mogelijkheden voor vergroening in de wijk. Aan de wijkgroenagenda’s is een uitvoeringsbudget gekoppeld waarmee de minder complexe maatregelen snel uitgevoerd kunnen worden. In de wijkgroenagenda’s wordt ook gekeken naar mogelijkheden voor het koele netwerk en de aanleg van buurtbosjes/parkjes.
23
In het komende jaar ontwikkelen we de aanpak voor het radicaal vergroenen van onze stad. Daarbij stellen we bijvoorbeeld een lokaal hitteplan op en werken we de klimaatadaptatietoets uit. Ook gaan we zoveel mogelijk en zo divers mogelijk groen toevoegen, onder andere door minimaal 10.000 bomen te planten. Bij de uitvoering van herinrichtingen – zoals die op de Van Muijlwijkstraat, Onderlangs en de Velperweg – kiezen we nadrukkelijk voor kwalitatief groen en ruimte voor mens en dier.
24
PAGINA
Perspectiefnota 2024–2027
ONDERWERP
zetten we in op financieel bewustzijn bij jongeren en het aanleren van financiële vaardigheden (vooral bij de overgang van 18- naar 18+). Daarnaast willen we meer ketenpartners bereiken met de training "Alert op geldzorgen".
Beschut werk Voor beschut werk hebben we in de Arnhemse begroting (in 2022 en 2023) extra middelen vrijgemaakt en toegevoegd aan het re-integratiebudget. We intensiveren de inzet van beschut werk de komende jaren. Vooralsnog verwachten we niet alle middelen hiervoor nodig te hebben. We stellen voor om de rest van de middelen de komende jaren in de volle breedte in te zetten voor onze inspanningen op het gebied van re-integratie. Dit past bij onze visie dat (de ontwikkeling naar) een passende werkplek voor onze inwoners centraal staat en dat wij doen wat daarvoor nodig is. Voor inwoners die werken naast de bijstand voeren we een Arnhemse bijverdienpremie in. We helpen mensen in de bijstand om zo goed mogelijk te participeren en zetten daarmee het werk van de afgelopen jaren voort.
Schuldhulpverlening Schulden zijn een hardnekkig probleem in het leven van veel Arnhemmers. 12% van de Arnhemse huishoudens heeft zelfs problematische schulden. Het hebben van schulden geeft veel stress, gezondheidsproblemen, en vormt een belangrijke belemmering om aan het werk te gaan (en te blijven). Waar het mensen met kinderen betreft, heeft het bovendien enorm veel impact op het gezin. Het college is voornemens de schuldhulpverlening en vroegsignalering weer in eigen beheer uit te voeren. Bij deze overname van activiteiten is warme overdracht van dossiers cruciaal om de dienstverlening voor onze inwoners te continueren en vertrouwen op te bouwen. Daarnaast zal geïnvesteerd moeten worden om medewerkers aan ons te verbinden, de ICT op orde te hebben en bijvoorbeeld werkprocessen voor te bereiden. In Immerloo starten we een pilot met een radicaal andere schuldenaanpak. Kern van deze aanpak is het direct wegnemen van de schuldenzorg en de proactieve benadering via de zogeheten doorbraakmethode. We zorgen voor een snelle oplossing van de schulden, en helpen daarna inwoners stappen te zetten richting bijvoorbeeld een taalcursus, participatie of werk.
Digipanellid: “Armoede en gezondheid hangen direct met elkaar samen. Investeer in goede praktische hulpverlening bij schulden. Bied arme gezinnen met kinderen extra financiële steun. Investeer in een gezonde jeugd, maak ze financieel wijs. Ondersteun ouders bij het opvoeden voordat er problemen zijn, dat betekent preventie en normaliseren. Maak de ouders van nu sterk door laagdrempelige (online) voorlichting, en een plek en community waar ze met hun vragen terecht kunnen.”
Ervaringsdeskundigen We hebben de afgelopen tijd onder meer binnen de campagnes Geldzorgen ervaring opgedaan in de samenwerking met ervaringsdeskundigen. Zij hebben meegedacht over de campagnes. Door hun verhaal te vertellen, fungeerden zij als ambassadeur. Ze verlaagden de drempel voor inwoners om hun geldzorgen bespreekbaar te maken. Dit zijn vrij incidentele acties geweest, maar wij willen hier meer gebruik van gaan maken. Dat is ook in lijn met ontwikkelingen binnen het sociaal domein waarin steeds meer aandacht uitgaat naar het inwonersperspectief, en met acties genoemd in beleidsplannen zoals de Armoedeaanpak en de Uitvoeringsagenda Schulddienstverlening. Daarom zijn we voornemens een pilot te starten waarin een pool van ervaringsdeskundigen wordt gevormd (oftewel: een ervaringsraad) die meedenkt en advies geeft in de ontwikkeling van beleid. In eerste instantie vooral gericht op bestaanszekerheid, maar met de intentie om dit te verbreden naar andere terreinen.
Kinderen en jongeren We willen jongeren laten opgroeien en opvoeden in een stimulerende en faciliterende omgeving. Een veilige woonomgeving en goede faciliterende onderwijshuisvesting zijn daarbij belangrijke randvoorwaarden. Daarom bieden we kinderen en jongeren in heel Arnhem een stevige en kansrijke basis. Per wijk of gebied kijken we of er aan deze basis iets extra moet worden toegevoegd, op basis van wat daar speelt bij gezinnen, kinderen en jongeren. Onze aanpak voor jongeren richt zich op hun brede omgeving. Daarin spelen ouders, verzorgers, familieleden, vrienden, buurtbewoners, onderwijs, kinder- en jongerenwerk, wijkteams en sportvereniging een belangrijke rol. We stimuleren de ontwikkeling van kinderen en jongeren in brede zin; dus niet alleen hulp bij opgroeien en opvoeden maar in de ontwikkeling naar volwassenheid ook aandacht voor sport, spel, cultuur, kunst, natuur, literatuur, voeding, geld, gezondheid, etc. Zodat kinderen op meerdere manieren kunnen ontdekken waar hun talenten liggen en kansen krijgen om deze te ontwikkelen. Dit doen we met elkaar volgens het principe van de pedagogische wijk, want opvoeden en opgroeien doe je niet alleen: ‘’It takes Arnhem to raise a child’’.
25
PAGINA
Perspectiefnota 2024–2027
ONDERWERP
Digipanellid: “Verantwoordelijkheid ligt niet altijd bij de overheid, maar meer bij ouders.” De coronacrisis heeft zijn sporen nagelaten. Vooral kinderen merken daarvan de effecten. De voor hun relatief lange periode dat zij zonder leeftijdsgenoten hebben moeten doorbrengen heeft ervoor gezorgd dat er meer en complexere problematiek is. De kinderopvang en scholen merken de effecten. Ook hier werken we hard samen met ketenpartners in de stad om deze ontstane problematiek en achterstanden weg te werken. Bijvoorbeeld via het inzetten van extra dagdelen voorschoolse educatie en het aanbieden van onderwijs achterstandenbeleid op scholen binnen het primair onderwijs. Ook het Nationaal Programma Onderwijs (NPO) draagt hieraan bij. De raad heeft via motie 21M105 gevraagd om een campagne om de bewustwording en weerbaarheid van kinderen en jongeren ten aanzien van online seksualiteit bij de tijd te brengen. Om uitvoering te geven aan deze motie wil Arnhem in 2024 starten met een preventiecampagne online seksuele grensoverschrijding. Deze campagne wordt gedekt (€ 168.000 in 2024) vanuit de BR Beschermd en Weerbaar.
Onderwijs Inclusief en passend onderwijs zijn de randvoorwaarden voor kinderen om hun ontwikkelkansen te kunnen benutten. Om deze te verwezenlijken zetten we ons samen met het onderwijs in om elk kind een passende plek binnen het onderwijs te bieden. Daarbij is het uitgangspunt om achterstanden te voorkomen en waar die onverhoopt toch zijn ontstaan zo snel en vroeg mogelijk weg te werken.