Agendabundel
Tekst van het document
Bundel van de Politieke Avond van 21 april 2021
Agenda bijlagen Raadskamerindeling 21 april 2021 1.RZ
18.45 uur - 20.15 uur: Agenderingsverzoek "AVAN-PAS" Locatie: Raadzaal Behandeladvies 21 april 2021 Agenderingsverzoek "Ronde tafel gesprek Avan-Pas" van de fractie Arnhem Centraal Collegenota "Wmo-beleidsregels Passende zorg" Raadsbrief "Wmo-beleidsregels en afdoening moties 19M172 en 19M54", d.d. 10-12-2019 Bijlage 1 - Wmo-beleidsregels Bijlage 2 - Visie op transformatie van zorg Raadsbrief "Stand van zaken doelgroepenvervoer" d.d. 09-02-21 Bijlage 1 - Kaderbrief 2022 Bijlage 2 - Syntheserapport "Financiele toekomst Avan" d.d. 01-12-2020 Bijlage 3 - Factsheet Avan Bijlage 4 - Rapport "Gesprekken stakeholders" d.d. 01-12-2020 Bijlage 5 - Rapport "Kwantitatieve analyse ritdata Avan" d.d. 01-12-2020 Bijlage 6 - Rapport "Peiling contactambtenaren en Wmo consulenten" d.d. 01-12-2020 Bijlage 7 - Rapport "Peiling pashouders Avan" d.d. 01-12-2020 Ongevraagd advies APCG - Beleidsregels WMO Tekst mail APCG aan de gemeente Arnhem d.d. 20-01-2021 Tekst mail APCG aan de wijkteams d.d. 21-01-2021 Reactie op mail APCG inzake brief maatregel Wmo-pas Avan en mail APCG inzake maatwerk aan het Wijkteam d.d. 23-02-2021 Schriftelijke bijdrage mw. G. Schnellen Lijst van deelnemers aan rondetafelgesprek Behandelresultaat 21 april 2021
2.LF
18.45 uur - 20.15 uur: Regionale energiestrategie Arnhem Nijmegen (RES) 1.0 Fase: meningsvormend (2) Locatie: Landgoed/Festival Dossier 2662 voorblad Behandeladvies 21 april 2021, meningsvormende (2) behandeling amendement "Alleen regionaal afval verbranden" (21A17) van de fracties D66, VVD en Arnhemse Ouderen Partij motie "Kernenergie bespreek je niet lokaal, maar met de regio" (21M49) van de fracties CDA en VVD motie "Behoud het groen in de energietransitie" (21M50) van de fracties GroenLinks, Arnhem Centraal, PvdA en Partij voor de Dieren motie "Geen kernenergie" (21M51) van de fractie GroenLinks Raadsvoorstel "Regionale energiestrategie Arnhem Nijmegen (RES) 1.0" Bijlage 1 - Regionale energiestrategie (RES) 1.0 Arnhem Nijmegen Bijlage 2 - Reactienota bij RES 1.0 Wensen en bedenkingen + antwoorden Schriftelijke bijdrage mw. J. van de Geer - Rijn en IJssel Energie Coöperatie Schriftelijke bijdrage mw. S. Vodovar - Jong-RES Arnhem-Nijmegen Presentatie - RES Behandelresultaat 7 april 2021, informatieve behandeling
Behandelresultaat 14 april 2021, meningsvormende (1) behandeling Link naar Publieksversie RES 1.0 Raadskameradvies t.b.v. de besluitvormende behandeling op 26-05-2021 3.WGG
18.45 uur - 20.15 uur: Agenderingsverzoek "Verbeterruimte in gelijke kansen en inclusie van diverse medewerkers" Locatie: Walburgis Behandeladvies 21 april 2021 Lijst van deelnemers aan rondetafelgesprek Agenderingsverzoek "Verbeterruimte in gelijke kansen en inclusie van diverse medewerkers" van de fracties ChristenUnie, SP en DENK Verenigd Arnhem Raadsbrief "Rapport stappen diverse en inclusieve organisatie", d.d. 06-04-2021 Bijlage 1 - Rapport 'Naar een diverse en inclusieve organisatie' - Stappen die zijn gezet in 2018-2020 Bijlage 2 - Bestuursopdracht 'Diverse en Inclusieve Organisatie' E-mail van onderzoeker Rapport Universiteit Tilburg 'Naar een diverse organisatie van de gemeente Arnhem' Beantwoording technische vragen Schriftelijke bijdrage mw. J. Majoor Schriftelijke bijdrage dhr D. Cochius (APCG) Schriftelijke bijdrage dhr Q. Shafiq Schriftelijke bijdrage mw. J. Doest (Rozet) Behandelresultaat 21 april 2021
4 5.RZ
20.15 uur - 20.30 uur: Pauze 20.30 uur - 21.45 uur: Gebiedsvisie Merwedeterrein Fase: informatief (rondetafelgesprek) Locatie: Raadzaal Dossier 2450 voorblad Behandeladvies 21 april 2021, informatieve behandeling Raadsvoorstel "Gebiedsvisie Merwedeterrein" Bijlage 1 - Gebiedsvisie Merwedeterrein Bijlage 2 - Reactiedocument met verzamelde reacties op concept visie inclusief beantwoording Schriftelijke bijdrage van ProRail inzake "Vooraankondiging rondetafelgesprek Gebiedsvisie Merwedeterrein" Schriftelijke bijdrage van dhr. H. Vos Schriftelijke bijdrage Huurdersvereniging Woonwagenbewoners Arnhem Schriftelijke bijdrage mw. R. Brandt Schriftelijke bijdrage dhr. M. Jansen Schriftelijke bijdrage dhr. G. Aydemir Schriftelijke bijdrage dhr. R. Voerman Lijst van deelnemers aan rondetafelgesprek Behandelresultaat 21 april 2021, informatieve behandeling
6.LF
20.30 uur - 21.45 uur: Visie 'Circulaire Economie Arnhem' Fase: meningsvormend (1/2) Locatie: Landgoed/Festival Dossier 2360 voorblad Behandeladvies 21 april 2021, meningsvormende (1/2) behandeling motie "Arnhem AWARD voor circulariteit & innovatie" (21M45) van de fracties DENK Verenigd Arnhem en CDA motie "Werkbudget adviseur circulaire economie" (21M46) van de fractie D66 motie "Duidelijke communicatie naar burgers over circulaire economie" (21M47) van de fracties D66 en Partij voor de Dieren motie "Circulaire ECONOMIE = duurzaam" (21M48) van de fracties VVD, GroenLinks en PvdA
Raadsvoorstel "Visie Circulaire Economie Arnhem" Bijlage 1 - Visie circulair Arnhem Bijlage 2 - Op weg naar een circulair Arnhem (PvA) Schriftelijke inspraakbijdrage van dhr. W. Huntink Schriftelijke inspraakbijdrage van VNO-NCW Arnhem Schriftelijke inspraakbijdrage van StAB Lijst van deelnemers aan rondetafelgesprek Manifest circulaire economie Regio Arnhem Nijmegen Behandelresultaat 24 maart 2021, informatieve behandeling Behandelresultaat 7 april 2021, meningsvormende (1) behandeling Regionale Agenda - Regio Arnhem Nijmegen Voorbeelden van bedrijven op het gebied van circulair Behandelresultaat 7 april 2021, meningsvormende (1) behandeling Beantwoording technische vragen D66 Behandelresultaat 21 april 2021, meningsvormende (1/2) behandeling 7.WG
20.30 uur - 21.45 uur: Agenderingsverzoek "Een soepel proces met gemeente en ODRA" Locatie: Walburgis Behandeladvies 21 april 2021 Agenderingsverzoek "Een soepel proces met gemeente en ODRA” namens VVD en D66 d.d. 02-07-20 Memo Agenderingsverzoek 'Een soepel proces met gemeente en ODRA d.d. 22-01-21 Rapport "Samenwerking ODRA en gemeente" d.d. 27-01-21 Aangenomen motie "Nieuwe realiteit, nieuwe werkwijze" (17M35) Raadsbrief "Afhandeling toezeggingen ODRA en afdoening motie 17M35", d.d. 03-12-2019 Lijst van deelnemers aan rondetafelgesprek Foto's casus mevrouw Kreger Schriftelijke bijdrage dhr. H. Mensink (ArthurArmstrong BV) Behandelresultaat 21 april 2021
8 9.RZ
21.45 uur - 22.00 uur: Pauze 22.00 uur - 23.15 uur: Regionaal Programma Werklocaties 2021-2024 Fase: informatief & meningsvormend (1) Locatie: Raadzaal Dossier 2638 voorblad Behandeladvies 21 april 2021, informatieve & meningsvormende (1) behandeling Raadsvoorstel "Regionaal Programma Werklocaties 2021-2024" Bijlage 1 - RPW 2021-2024 Bijlage 2 - Advies Ecorys benutten ontwikkelruimte RPW Arnhem-Nijmegen Bijlage 3 - Advies Ecorys invulling en beoordeling XXL-logistiek Bijlage 4 - Reactienota concept Regionaal Programma Werklocaties inzake de totstandkoming RPW 2021-2024 Bijlage 5 - Eindrapport Ontwikkelkaart XXL logistiek Posad Maxwan Aanvullende bijlage 1 bij rapport Posad Maxwan over DocksNLD Behandelresultaat 21 april 2021, informatieve & meningsvormende (1) behandeling Memo van wethouder van Dellen inzake "Toezeggingen 21 april", d.d. 22-04-2021
10.LF
22.00 uur - 23.15 uur: Plan van aanpak Huisvesting creatieve en culturele sector 2021 - 2024 Fase: meningsvormend (1) Locatie: Landgoed/Festival Dossier 2215 voorblad Behandeladvies 21 april 2021, meningsvormende (1) behandeling Raadsvoorstel "Plan van aanpak Huisvesting creatieve en culturele sector 2021 - 2024"
Bijlage 1 - Plan van aanpak Huisvesting creatieve en culturele sector 2021-2024 Bijlage 2 - Onderzoek "Huisvesting Culturele en Creatieve sector Arnhem" Bureau Buiten (2019) Bijlage 3 - Bijlagenrapport Bureau Buiten (2019) Bijlage 4 - Motie Plan voor Creatieve Werkruimten (20M39) Lijst met deelnemers rondetafelgesprek Schriftelijke toelichting De Vloer, school voor podiumkunsten Toekomstvisie Jacobiberg Schriftelijke inbreng De Vormforensen "project plan Rijndistrict" Behandelresultaat 3 februari 2021, informatieve behandeling Pitch rondetafelgesprek gemeenteraad 3 februari 2021, SLAK ateliers Raadskameradvies t.b.v. de besluitvormende behandeling op 26-5-2021 11.WG
22.00 uur - 23.15 uur: Zienswijze begroting 2022 VGGM Fase: informatief & meningsvormend (1) Locatie: Walburgis Dossier 2701 voorblad Behandeladvies 21 april 2021, informatieve & meningsvormende (1) behandeling amendement "Investeren in publieke gezondheid" van de fractie ChristenUnie en D66 motie "Investeren in preventie en publieke gezondheid loont" van de fracties D66 en ChristenUnie Raadsvoorstel "Zienswijze begroting 2022 VGGM" Bijlage 1 - Aanbiedingsbrief VGGM Bijlage 2 - Begroting en Kaders 2022 VGGM Bijlage 3 - Concept Zienswijzebrief Raadskameradvies t.b.v. de besluitvormende behandeling op 12-05-2021
Agenda bijlagen 1 Raadskamerindeling 21 april 2021
Raadskamerindeling Politieke Avond 21 april 2021
Raadszaal
Landgoed/Festival
Walburgis
18.45 uur - 20.15 uur (90)
18.45 uur - 20.15 uur (90)
18.45 uur - 20.15 uur (90)
Agenderingsverzoek "AVANPAS"
Regionale energiestrategie Arnhem Nijmegen (RES) 1.0 (m2)
Agenderingsverzoek "Verbeterruimte in gelijke kansen en inclusie van diverse medewerkers"
20.15 uur - 20.30 uur: Pauze
Raadszaal
Landgoed/Festival
Walburgis
20.30- 21.45 uur (75)
20.30- 21.45 uur (75)
20.30 - 21.45 uur (75)
Gebiedsvisie Merwedeterrein (i)
Visie 'Circulaire Economie Arnhem' (m1/2)
Agenderingsverzoek "Een soepel proces met gemeente en ODRA"
21.45 uur - 22.00 uur: Pauze Raadszaal
Landgoed/Festival
Walburgis
22.00 uur - 23.15 uur (75)
22.00 uur - 23.15 uur (75)
22.00 uur - 23.15 uur (75)
Regionaal Programma Werklocaties 2021-2024 (i/m1)
Plan van aanpak Huisvesting creatieve en culturele sector 2021 - 2024 (m1)
Zienswijze begroting 2022 VGGM (i/m1)
1.RZ 18.45 uur - 20.15 uur: Agenderingsverzoek "AVAN-PAS" 1 Behandeladvies 21 april 2021
Titel/onderwerp:
Agenderingsverzoek AVAN-PAS
Raadsadviseur:
E.J.S. Dirksen
Telefoonnr:
377 4712
Van: Initiatiefnemers Portefeuillehouder:
Arnhem Centraal Manders R. van der Zee
Ambtenaar:
Ellen Krabbenborg/Esther Vaessen
Telefoonnr: E-mailadres:
377 4628 / 377 5150 Ellen.krabbenborg@arnhem.nl Esther.vaessen@arnhem.nl
Doel activiteit
Rondetafelgesprek plus bespreking van het onderwerp stelt de raadskamer in staat het door het college gevoerde beleid te controleren
Elsebee.dirksen@arnhem.nl
Toelichting Inhoud (voor de complete tekst van het agenderingsverzoek zie bijlage) "Vanuit verschillende hoeken is gebleken dat de verzwaarde criteria m.b.t. het verschaffen van een AVAN-pas bij de doelgroep problemen geeft, die blijkbaar ook niet via maatwerk worden opgelost." Arnhem Centraal heeft middels een agenderingsverzoek verzocht om een rondetafelgesprek te organiseren. Hiervoor zijn naast vertegenwoordigers uit de doelgroep ook het APCG, de WMO-adviesraad, de SWOA en de wijkteams uitgenodigd. Aansluitend heeft Arnhem Centraal een aantal vragen aan het college: 1. Hoe komt het dat het ongevraagde APCGadvies niet bij de collegestukken zit? Is dit advies toen wel meegenomen? 2. Wordt motie 19M172 in de praktijk goed uitgevoerd? 3. Is het niet beter om mensen met een scootmobiel gewoon toegang te geven tot de AVAN-pas? Met goed weer en een goede gezondheid zullen zij vanzelf wel onafhankelijk buiten willen rijden. 4.Vind het college dat recht wordt gedaan aan het VN verdrag of is dit gewoon een kwestie van bezuinigen? 5. Is het college bereid via maatwerk de problemen op te (laten) lossen van de scootmobielers, diegenen die niet kunnen lopen op kleinere afstanden en het minimum criteria van 12 keer jaarlijks? Voorgesteld resultaat van de bespreking Spreekrecht publiek Behandeladvies
Beslissen of met het rondetafelgesprek en de behandeling voldaan is aan het agenderingsverzoek of dat een vervolgbehandeling wenselijk is. Ja Rondetafelgesprek: De voorzitter opent de vergadering met een welkomstwoord. Vervolgens stellen de deelnemers zichzelf voor en geven een korte inleidende pitch over hun belangrijkste inbreng. Daarna is er ruimte voor een open gesprek tussen de fractievertegenwoordigers en de aanwezige gasten. Als dit nodig mocht zijn, zal een aantal insprekers via Teams op de klassieke wijze inspreken. Indien er voldoende tijd overblijft, volgt na een korte schorsing de behandeling van het Agenderingsverzoek: - Iedere fractie heeft twee termijnen, waarin meningen kunnen worden verkondigd of politieke vragen kunnen worden gesteld. Bij een agenderingsverzoek krijgt de indiener(s) van het verzoek als eerste het woord in de eerste termijn. - De wethouder reageert na de termijn van de raad als alle fracties aan het woord zijn geweest en beantwoordt de vragen, waarbij hij antwoorden kan samenvoegen zodat herhaling van vrijwel overeenkomstige punten achterwege blijft. De voorzitter ziet erop
toe dat de beantwoording van de wethouder ter zake is en in gaat op de gestelde vragen. - Interrupties (in de vorm van een korte vraag of opmerking zonder inleiding) zijn in alle termijnen toegestaan. Zoals altijd kan de voorzitter interrupties beperken. Bijlagen Agenderingsverzoek "Ronde tafel gesprek Avan-Pas" van de fractie Arnhem Centraal Collegenota "Wmo-beleidsregels Passende zorg" Raadsbrief "Wmo-beleidsregels en afdoening moties 19M172 en 19M54", d.d. 10-12-2019 Bijlage 1 - Wmo-beleidsregels Bijlage 2 - Visie op transformatie van zorg Raadsbrief "Stand van zaken doelgroepenvervoer" d.d. 09-02-21 Bijlage 1 - Kaderbrief 2022 Bijlage 2 - Syntheserapport "Financiële toekomst Avan" d.d. 01-12-2020 Bijlage 3 - Factsheet Avan Bijlage 4 - Rapport "Gesprekken stakeholders" d.d. 01-12-2020 Bijlage 5 - Rapport "Kwantitatieve analyse ritdata Avan" d.d. 01-12-2020 Bijlage 6 - Rapport "Peiling contactambtenaren en Wmo consulenten" d.d. 01-12-2020 Bijlage 7 - Rapport "Peiling pashouders Avan" d.d. 01-12-2020 Ongevraagd advies APCG - Beleidsregels WMO Tekst mail APCG aan de gemeente Arnhem d.d. 20-01-2021 Tekst mail APCG aan de wijkteams d.d. 21-01-2021 Reactie op mail APCG inzake brief maatregel Wmo-pas Avan en mail APCG inzake maatwerk aan het Wijkteam d.d. 23-02-2021 Lijst met deelnemers rondetafelgesprek (wordt later toegevoegd)
1 Agenderingsverzoek "Ronde tafel gesprek Avan-Pas" van de fractie Arnhem Centraal
AGENDERINGSVERZOEK RONDE TAFEL GESPREK AVAN-PAS Vanuit verschillende hoeken is gebleken dat de verzwaarde criteria mbt het verschaffen van een AVAN-pas bij de doelgroep problemen geeft, die blijkbaar ook niet via maatwerk worden opgelost. APCG heeft de wethouder een ongevraagd negatief advies gegeven en refereert aan het VN-verdrag Handicap, dat zegt over mobiliteit: Artikel 20 - De Staten die Partij zijn nemen alle effectieve maatregelen om de persoonlijke mobiliteit van personen met een handicap met de grootst mogelijke mate van zelfstandigheid te waarborgen onder meer door: de persoonlijke mobiliteit van personen met een handicap te faciliteren op de wijze en op het tijdstip van hun keuze en tegen een betaalbare prijs; In de raadsbrief van 17 december 2019 is te lezen: Afdoen motie 19M172 en stand van zaken toezegging tijdens raadsdebat Wmo-verordening 27-11 Op 27 november heeft uw raad de motie Doen wat nodig is boven richtlijnen (19M172) aangenomen. In deze motie wordt het college verzocht: De vast te stellen richtlijnen dusdanig vorm te geven dat de wijkcoaches ''doen wat nodig is'' als uitgangspunt blijven hanteren; De richtlijnen dusdanig vorm te geven dat indien een inwoner op grond van de richtlijnen niet de voor hem of haar best passende zorg zou krijgen, de richtlijnen in dat geval niet gehanteerd hoeven te worden. Problemen die tot dusverre aan de orde zijn:
Men komt niet aan de 12 ritten per jaar, waardoor de pas vervalt. Vooral corona maakt dit moeilijk of onmogelijk. Daarnaast is de gezondheidstoestand van de doelgroep kwetsbaar waardoor afspraken verzet moeten worden en dan opeens de 12 keer niet wordt gehaald. Op te kleine afstanden kan geen gebruik meer gemaakt worden van vervoer via de pas. Echter, voor iemand met een rollator kan en kilometer al erg ver of zelfs onmogelijk zijn. Veel wijkcoaches zijn nu zeer terughoudend om af te wijken van de regels . In hoeverre is hen dat toegestaan? Welke speelruimte is er? De scootmobiel kan moeilijk of niet mee met andere vormen van vervoer. Men wordt geacht 5 kilometer met de scootmobiel te kunnen overbruggen. Met slechte weeromstandigheden is dit een probleem voor een kwetsbare groep. De kosten gaan stevig omhoog zonder WMO-pas, hetgeen een probleem is voor een financieel minder draagkrachtige doelgroep.
Graag wil de fractie van Arnhem Centraal de raadsbrief aangepast vervoer en het ongevraagde advies van de APCG agenderen en belanghebbenden de gelegenheid geven mee te praten via een ronde tafelgesprek. Daarnaast wil de fractie de wethouder de ruimte geven om te reageren op de problemen en op de samenhang met het VNverdrag . En om samen te kijken naar mogelijke oplossingen. Ook ziet d fractie bij de online stukken : MANDAATNOTA WMO BELUIDSREGELS VERSIE 2 17 DEC 2019 het ongevraagde advies van de APCG niet bijgevoegd. Deels is dit meegenomen in het advies van de WMO raad, maar het college vindt te hebben voldaan aan het verdrag en het niet nodig te vinden voor de scootmobiel een extra regeling in te voeren voor slechte weersomstandigheden.
Onze vragen: 1. Hoe komt het dat het ongevraagde APCGadvies niet bij de collegestukken zit? Is dit advies toen wel meegenomen? 2. Wordt motie 19M172 in de praktijk goed uitgevoerd? 3. Is het niet beter om mensen met een scootmobiel gewoon toegang te geven tot de AVANpas? Met goed weer en een goede gezondheid zullen zij vanzelf wel onafhankelijk buiten willen rijden. 4. Vind het college dat recht wordt gedaan aan het VN verdrag of is dit gewoon een kwestie van bezuinigen? 5. Is het college bereid via maatwerk de problemen op te (laten) lossen van de scootmobielers, diegenen die niet kunnen lopen op kleinere afstanden en het minimum criteria van 12 keer jaarlijks?
Namens de fractie van Arnhem Centraal Lea Manders
Bijlagen: MANDAATNOTA WMO BELUIDSREGELS VERSIE 2 17 DEC 2019 en bijlagen Uit advies WMO raad: WMO RAAD: Mensen moet zelfstandig kunnen reizen, dit is een uitgangspunt volgens het VN verdrag inzake de rechten van mensen met een handicap. Advies: neem dit punt als algemeen uitgangspunt bij de beleidsregel vervoersvoorziening. Reactie gemeente: De gemeente is van mening dat dit voldoende is opgenomen in de teksten zoals nu opgenomen in de beleidsregels. WMO RAAD Er wordt verwacht om 5 kilometer met een scootmobiel te kunnen rijden. In de winter is dit een behoorlijke afstand. Vraag: is het mogelijk om in de winter een tijdelijke pas voor vervoer aan te vragen? Reactie gemeente: Nee, uitgangspunt is dat een scootmobiel voor korte afstanden ook in de winter een passende vervoersvoorziening is. Daarnaast is het technisch gezien te ingewikkeld om dit in te regelen met Avan.
1 Collegenota "Wmo-beleidsregels Passende zorg"
Aan burgemeester en wethouders Zaaknummer
415760
Portefeuillehouder(s)
Roeland van der Zee
Programmamanager Ellen Krabbenborg Ambtenaar
Gerard Fidder
Vertrouwelijk
Nee
Telefoonnummer
026-377 2303
Datum in college
10-12-2019
Datum fataal
17-12-2019
Onderwerp:
Wmo-beleidsregels Passende zorg
a Voorstel 1. De Wmo-beleidsregels vast te stellen. 2. Moties 19M172 en 19M54 af te doen . 3. De raad over bovenstaande onderwerpen te informeren met bijgaande brief. Inleiding Op verzoek van de sociale wijkteams zijn de Wmo-beleidsregels ontwikkeld. De Wmo beleidsregels geven meer duidelijkheid aan inwoners, sociale wijkteams en aanbieders wat onder passende, effectieve en efficiёnte zorg (doen wat nodig is) wordt verstaan en hoe dit ingezet moet worden. Op dit moment zijn er geen beleidsregels/richtlijnen en is de wijkcoach volledig autonoom om ''te doen wat nodig is''. Het bieden van duidelijkheid en ondersteuning aan wijkcoaches leidt er toe dat er meer sturing en grip komt op de zorguitgaven, zodat deze aansluiten op de vastgestelde MJPB 2020-2023. De komende periode zal het college richting de Perspectiefnota een brede visie op het sociaal domein verder uitwerken. Dit kan ook leiden tot aanpassing van de Wmo-beleidsregels. Gelet op de oplopende zorguitgaven en de noodzaak om hier meer sturing en grip op te krijgen kan het vaststellen en invoeren van deze beleidsregels niet wachten op deze aangepaste visie. Het college kan de beleidsregels op ieder moment wijzigen zodra inhoudelijke of financiële ontwikkelingen in de praktijk hierom vragen of de aangepaste visie hiertoe aanleiding geeft.
Het ontwikkelen van de nu vastgestelde beleidsregels - inclusief richtlijnen - is aangekondigd in de Perspectiefnota. De inhoud van de beleidsregels is in nauwe samenwerking met de sociale wijkteams tot stand gekomen en wordt door hen gedragen. Daarnaast heeft de Adviesraad Wmo een gevraagd advies afgegeven over deze beleidsregels. Dit advies is waar nodig en mogelijk verwerkt. Het gevraagde advies en de wijze waarop dit is verwerkt is bijgevoegd. Op verzoek van de Adviesraad is ook een bijlage toegevoegd waarin de huidige visie van de gemeente Arnhem op de transformatie van zorg is beschreven. Daarin zijn de leidende principes van de nota Naar een veerkrachtige samenleving van een actuele toelichting voorzien en in samenhang gebracht met de transformatiebewegingen die we
in de Perspectiefnota hebben geschetst. Een samenvatting van deze huidige visie is verwerkt in de raadsbrief. Naast de Wmo-beleidsregels wordt momenteel ook gewerkt aan beleidsregels - inclusief richtlijnen voor de jeugdhulp. Deze zijn ter advisering voorgelegd aan de Adviesraad Jeugd en zullen naar verwachting komende week aan u worden voorgelegd. Aangezien de gemeente langer ervaring heeft met de Wmo en er meer jurisprudentie beschikbaar is, zijn de Wmo-beleidsregels iets sneller gereed dan de beleidsregels jeugdhulp. Beoogd effect Het bieden van passende, effectieve en efficiënte zorg, waarbij inwoners zoveel mogelijk regie over hun eigen leven kunnen houden. Hiertoe wordt de zelfredzaamheid van inwoners zoveel mogelijk gestimuleerd of anders gestabiliseerd, waar mogelijk ondersteund via het sociale netwerk van inwoners. Deze aanpak draagt er toe bij dat er meer sturing en grip komt op de zorguitgaven, zodat deze aansluiten bij de vastgestelde MJPB. Argumenten 1.1
De Wmo-beleidsregels dragen bij aan passende, effectieve en efficiënte zorg. De Wmo-beleidsregels geven houvast wat onder passende, effectieve en efficiënte zorg wordt verstaan. Hiermee wordt nader invulling gegeven aan ''doen wat nodig is''. Het gaat er om dat een inwoner zicht krijgt op hetgeen hem gaat helpen om tot een duurzame oplossing van zijn vraag te komen. Hiertoe verkent de inwoner samen met het wijkteam zijn ondersteuningsvraag, zijn behoeften en de noodzakelijke resultaten. Daarbij wordt ook verkend wat hij op eigen kracht, met mantelzorg of met hulp uit het sociaal netwerk of door het verrichten van maatschappelijk nuttige activiteiten kan doen om zijn zelfredzaamheid en participatie te verbeteren of te handhaven. In aanvulling hierop wordt gekeken of een algemene voorziening passend is of dat eventueel een maatwerkvoorziening nodig is. De beleidsregels geven daarbij inzicht welke maatwerkvoorziening passend, effectief en efficiënt is.
1.2
De Wmo-beleidsregels geven meer duidelijkheid en sturing aan inwoners, sociale wijkteams en aanbieders over het bieden van passende zorg. De Wmo-beleidsregels bouwen voort op de werkwijze die sociale wijkteams in de afgelopen jaren hebben ontwikkeld en waarmee invulling is gegeven aan ''doen wat nodig is''. Tegelijkertijd wordt via de Wmo-beleidsregels deze aanpak nu explicieter gemaakt en aangescherpt, waardoor dit meer duidelijkheid en sturing geeft aan inwoners, sociale wijkteams en aanbieders wat onder passende, effectieve en efficiënte zorg wordt verstaan en hoe dit ingezet moet worden.
2.1
Zie pagina 3 en 4 van de raadsbrief voor toelichting op de afdoening van de moties
Kanttekeningen en risico's 1.1
De Wmo-beleidsregels kunnen (bij onjuist gebruik) leiden tot minder maatwerk en minder 'doen wat nodig is'. De Wmo is een maatwerkwet. Dat houdt in dat op individueel niveau wordt vastgesteld of ondersteuning noodzakelijk is. Een zorgvuldige beoordeling en toegangsprocedure tot de inzet van maatwerkvoorzieningen staan centraal en worden nu beter gefaciliteerd en geobjectiveerd met de Wmo-beleidsregels. Het werken met een vaste gedragslijn, neergelegd in beleidsregels, voorkomt eventuele willekeur bij de inzet van zorg. Als beleidsregels zijn vastgesteld is een bestuursorgaan verplicht conform zijn eigen beleidsregels te handelen, maar is het ook verplicht tot afwijking van die beleidsregels wanneer het vasthouden daaraan wegens bijzondere omstandigheden tot gevolgen leidt die onevenredig zijn in verhouding tot het doel van de beleidsregels. Indien noodzakelijk is het dus mogelijk om beargumenteerd af te wijken van de beleidsregels. Dit zal in de voorlichting aan sociale wijkteams ook nadrukkelijk worden meegegeven.
Financiën De Wmo-beleidsregels dragen er toe bij dat er meer sturing en grip komt op de zorguitgaven, zodat deze aansluiten op de MJPB. Hiermee wordt ook bijgedragen aan het realiseren van maatregelen op de producten beschermd wonen/beschermd thuis, begeleiding, groepsbegeleiding, doelgroepenvervoer, hulpmiddelen en activerend werk (zie pagina 10 van de MJPB 2020-2023). Uitvoering Na vaststelling van de Wmo-beleidsregels zal in februari gestart worden met een implementatie- en voorlichtingscampagne voor alle wijkcoaches van de sociale wijkteams. De gemeente Arnhem en teamleiders van de sociale wijkteams zullen deze voorlichting gezamenlijk verzorgen. Conform een toezegging aan de raad gaan de beleidsregels niet eerder in dan 1 februari 2020. In januari 2020 zal het college een wijzigingsbesluit van de verordeningen Wmo en jeugdhulp voorleggen aan de raad waarin een extra waarborg voor een zorgvuldige invoering van de beleidsregels wordt voorgesteld. Communicatie De Wmo-beleidsregels worden gepubliceerd in het Gemeenteblad op www.overheid.nl. Via de sociale wijkteams worden inwoners en aanbieders geïnformeerd over de Wmo-beleidsregels.
De Wmo-beleidsregels sluiten voor de producten huishoudelijke ondersteuning, begeleiding, groepsbegeleiding, activerend werk en beschermd wonen/beschermd thuis nauw aan op de aanbesteding die op 1 juli 2020 tot nieuwe contracten leidt met aanbieders. Vanuit de regionale
Inkooporganisatie Sociaal Domein Centraal Gelderland worden sociale wijkteams/lokale toegang en aanbieders ook geïnformeerd over de nieuwe aanpak. Na het eerste half jaar zal het college de werking van de beleidsregels evalueren en de uitkomsten delen met de raad. Bijlagen Stukken voor college Raadsbrief Wmo-beleidsregels Passende zorg Wmo-beleidsregels Bijlage Visie op transformatie van zorg Gevraagd advies van de Adviesraad Wmo, inclusief wijze van verwerken (2 bijlagen) Kwaliteitskader PGB Uitgangspuntennotitie Moties 19M54 en 19M172 Stukken voor gemeenteraad Raadsbrief Wmo-beleidsregels Passende zorg Wmo-beleidsregels Bijlage Visie op transformatie van zorg Gevraagd advies van de Adviesraad Wmo, inclusief wijze van verwerken (2 bijlagen) Kwaliteitskader PGB Uitgangspuntennotitie
1 Raadsbrief "Wmo-beleidsregels en afdoening moties 19M172 en 19M54", d.d. 10-12-2019
Aan de gemeenteraad
Datum
: 10 december 2019
Zaaknummer
: 415760
Contactpersoon
: Gerard Fidder
Telefoonnummer
: 026 3772303
Onderwerp: Wmo-beleidsregels en afdoening moties 19M172 en 19M54
Geachte voorzitter en leden, Wij stellen u voor kennis te nemen van ons besluit om de Wmo-beleidsregels vast te stellen. Inleiding Op verzoek van de sociale wijkteams zijn de Wmo-beleidsregels ontwikkeld. De Wmo-beleidsregels geven meer duidelijkheid aan inwoners, sociale wijkteams en aanbieders wat onder passende, effectieve en efficiёnte zorg (doen wat nodig is) wordt verstaan en hoe dit ingezet moet worden. Op dit moment zijn er geen beleidsregels/richtlijnen en is de wijkcoach volledig autonoom om ''te doen wat nodig is''. Het bieden van duidelijkheid en ondersteuning aan wijkcoaches leidt er toe dat er meer sturing en grip komt op de zorguitgaven, zodat deze aansluiten op de vastgestelde MJPB 2020-2023. De komende periode zal het college richting de Perspectiefnota een brede visie op het sociaal domein verder uitwerken. Dit kan ook leiden tot aanpassing van de Wmo-beleidsregels. Gelet op de oplopende zorguitgaven en de noodzaak om hier meer sturing en grip op te krijgen kan het vaststellen en invoeren van deze beleidsregels niet wachten op deze aangepaste visie. Het college zal de beleidsregels op ieder moment wijzigen zodra inhoudelijke of financiële ontwikkelingen in de praktijk hierom vragen of de aangepaste visie hiertoe aanleiding geeft. Het ontwikkelen van de nu vastgestelde beleidsregels - inclusief richtlijnen - is aangekondigd in de Perspectiefnota.
De inhoud van de beleidsregels is in nauwe samenwerking met de sociale wijkteams tot stand gekomen en wordt door hen gedragen. Daarnaast heeft de Adviesraad Wmo een gevraagd advies afgegeven over deze beleidsregels. Dit advies is waar nodig en mogelijk verwerkt. Het gevraagde advies en de wijze waarop dit is verwerkt is bijgevoegd. Op verzoek van de Adviesraad is ook een bijlage toegevoegd waarin de huidige visie van de gemeente Arnhem op de transformatie van zorg is beschreven. Daarin zijn de leidende principes van de nota Naar een veerkrachtige samenleving van een actuele toelichting voorzien en in samenhang gebracht met de transformatiebewegingen die we in de Perspectiefnota hebben geschetst. De leidende principes zijn: Dat wat mensen kunnen staat centraal. Dichtbij, dienstverlening in de buurt. Ondersteuning integraal en overzichtelijk. Kostenbewust. Stadskantoor - Eusebiusbuitensingel 53 • Postbus 59 • 6800 LK Arnhem Telefoon 0900-1809 • Fax 026-3774830 • www.arnhem.nl
afdeling sociaal en economisch beleidsdomein
Datum Zaaknummer Pagina
: 10 december 2019 : 415760 :2
Het sociaal wijkteam werkt in lijn met deze leidende principes en met behulp van de beleidsregels. Daarbij wordt de volgende aanpak gehanteerd: 1. De wijkcoach vormt samen met de inwoner een beeld van hoe de inwoner meedoet in de samenleving en doet een integrale uitvraag op de diverse leefgebieden, dus breder dan alleen zorg, om in beeld te krijgen wat speelt en wat nodig is. 2. Inwoners hebben regie (eventueel met ondersteuning door de wijkcoach) op het vinden van eigen oplossingen; zij zijn zich bewust van wat zij zelf kunnen. Zij zijn in staat zelf oplosingen te vinden en uit te voeren. Als de inwoner niet (volledig) zelf de regie kan voeren, wordt de rol van de wijkcoach groter. 3. Inwoners gebruiken hun eigen netwerk: zij zijn zich bewust van de ondersteuningsmogelijkheden in hun directe omgeving en zetten die ook in. 4. Inwoners benutten de beschikbare algemene voorzieningen. De wijkcoach ondersteunt bij het vinden van deze algemene voorzieningen, in de wijk of daarbuiten. 5. Afhankelijk van de situatie verleent de wijkcoach zelf eventuele laagdrempelige zorg en ondersteuning. 6. De wijkcoach zet tijdig (door de gemeente ingekochte) specialistische vormen van ondersteuning in. In het belang van de inwoner maakt de wijkcoach resultaatafspraken met de uitvoerende partij en bewaakt de realisatie. 7.
De wijkcoach beziet samen met de inwoner wanneer en op welke wijze een lichtere vorm van ondersteuning ingezet kan worden. Bovenstaande aanpak is in lijn met de transformatiebeweging die in de Perspectiefnota via onderstaand plaatje is geschetst:
Op deze wijze zijn de Wmo-beleidsregels gericht op het bieden van passende, effectieve en efficiënte zorg, waarbij inwoners zoveel mogelijk regie over hun eigen leven kunnen houden. De Wmobeleidsregels helpen om de Arnhemse visie op de transformatie van zorg te realiseren en bouwen voort Stadskantoor - Eusebiusbuitensingel 53 • Postbus 59 • 6800 LK Arnhem Telefoon 0900-1809 • Fax 026-3774830 • www.arnhem.nl
afdeling sociaal en economisch beleidsdomein
Datum Zaaknummer Pagina
: 10 december 2019 : 415760 :3
op de werkwijze die sociale wijkteams in de afgelopen periode hebben ontwikkeld en waarmee invulling is gegeven aan ''doen wat nodig is''. Via de beleidsregels wordt de aanpak nu explicieter gemaakt en aangescherpt. Dit geeft meer duidelijkheid aan inwoners, sociale wijkteams en aanbieders wat onder passende, effectieve en efficiënte zorg wordt verstaan en hoe dit ingezet moet worden. Hierdoor komt er meer sturing en grip op de zorguitgaven, zodat deze aansluiten op de vastgestelde MJPB 2020-2023. Afdoen motie 19M172 en stand van zaken toezegging tijdens raadsdebat Wmo-verordening 27-11 Op 27 november heeft uw raad de motie Doen wat nodig is boven richtlijnen (19M172) aangenomen. In deze motie wordt het college verzocht: De vast te stellen richtlijnen dusdanig vorm te geven dat de wijkcoaches ''doen wat nodig is'' als uitgangspunt blijven hanteren; De richtlijnen dusdanig vorm te geven dat indien een inwoner op grond van de richtlijnen niet de voor hem of haar best passende zorg zou krijgen, de richtlijnen in dat geval niet gehanteerd hoeven te worden. Zoals hierboven toegelicht geven de beleidsregels invulling aan ''doen wat nodig is'' en het bieden van passende, effectieve en efficiënte zorg.
Zoals tijdens het raadsdebat is toegelicht zijn in onze ogen de begrippen best passend, effectief en efficiënt ook in lijn met ''goedkoopst adequaat'', zoals vastgelegd in de Wmo-verordening en de Wmo-beleidsregels. Hiermee doen we deze motie af. Daarnaast is toegezegd om de beleidsregels niet eerder dan 1 februari 2020 te laten ingaan. Dit is verwerkt in de bijgevoegde beleidsregels. In januari 2020 zal het college een wijzigingsbesluit van de verordeningen Wmo en jeugdhulp aan u voorleggen waarin een extra waarborg voor een zorgvuldige invoering van de beleidsregels wordt voorgesteld. Beleidsregels jeugdhulp Naast de Wmo-beleidsregels wordt momenteel ook gewerkt aan beleidsregels - inclusief richtlijnen - voor de jeugdhulp. Het college verwacht medio december hierover een besluit te kunnen nemen en uw raad hierover te informeren. Aangezien de gemeente langer ervaring heeft met de Wmo en er meer jurisprudentie beschikbaar is, zijn de Wmo-beleidsregels iets sneller gereed dan de beleidsregels jeugdhulp. Wmo-beleidsregels De Wmo-beleidsregels bestaan uit een algemeen deel en een deel met richtlijnen voor de verschillende zorgvormen. In het vervolg van deze brief lichten wij de verschillende onderdelen op hoofdlijnen toe. Algemeen deel In het algemene deel wordt benadrukt dat maatwerk centraal staat.
Dit houdt in dat op individueel niveau wordt vastgesteld of ondersteuning noodzakelijk is. Het gaat er om dat een inwoner zicht krijgt op wat hem gaat helpen om tot een duurzame oplossing van zijn vraag te komen. Hiertoe verkent de inwoner samen met het wijkteam zijn ondersteuningsvraag, zijn behoeften en de noodzakelijke resultaten. Daarbij wordt ook verkend wat hij op eigen kracht, met mantelzorg of met hulp uit het sociaal netwerk of door het verrichten van maatschappelijk nuttige activiteiten kan doen, om zijn zelfredzaamheid en participatie te verbeteren of te handhaven. In aanvulling hierop wordt gekeken of een algemene voorziening passend is Stadskantoor - Eusebiusbuitensingel 53 • Postbus 59 • 6800 LK Arnhem Telefoon 0900-1809 • Fax 026-3774830 • www.arnhem.nl
afdeling sociaal en economisch beleidsdomein
Datum Zaaknummer Pagina
: 10 december 2019 : 415760 :4
of dat ook een maatwerkvoorziening nodig is. De algemene afwegingen en de stappen die daarin gezet worden, zijn beschreven in het algemene deel. Richtlijn Huishoudelijke ondersteuning Algemene voorziening huishoudelijke ondersteuning breder toegankelijk De algemene voorziening huishoudelijke ondersteuning (nu nog Huishoudelijke Hulp Toelage/HHT genoemd) wordt met ingang van 1 juli 2020 breder toegankelijk voor inwoners vanaf 18 jaar t/m 74 jaar. Het gaat dan om inwoners bij wie sprake is van een langdurige fysieke beperking, die niet of onvoldoende in staat zijn het huishouden te doen, maar wel zelf hulp kunnen regelen via gecontracteerde aanbieders. In grote lijnen wordt hiermee het bestaande beleid en de bestaande uitvoering van de algemene voorziening HHT gecontinueerd; alleen wordt er het leeftijdscriterium afgehaald. Dit leidt tot een verschuiving van de maatwerkvoorziening huishoudelijke ondersteuning (nu nog hulp bij huishouden genoemd) naar de (voorliggende) algemene voorziening 'huishoudelijke ondersteuning' voor inwoners die zelf regie kunnen voeren. Voordelen van de algemene voorziening zitten in meer passende zorg voor inwoners met zelfregie, de lagere drempel, de flexibiliteit, de vermindering van de administratieve last voor aanbieders en vermindering van de werkdruk van de sociale wijkteams.
Richtlijn huishoudelijke ondersteuning: De richtlijn huishoudelijke ondersteuning geeft de sociale wijkteams meer houvast over welke huishoudelijke activiteiten wel/niet onder huishoudelijke ondersteuning vallen. Indien een inwoner huishoudelijke ondersteuning nodig heeft en de voorliggende algemene voorziening huishoudelijke ondersteuning niet passend is, komt de inwoner in aanmerking voor de maatwerkvoorziening huishoudelijke ondersteuning. De maatwerkvoorziening huishoudelijke ondersteuning bestaat daarbij uit basisuren (105 uren per jaar/2 uur per week) met een eventuele opplusmogelijkheid op basis van wat aanvullend individueel en op maat toegekend kan worden. Afdoen motie 19M54 Op 3 juli 2019 heeft uw raad de motie "voorkom pijnlijke en dure rechtszaken huishoudelijke hulp" (19M54) aangenomen. Hierbij werd het college verzocht om er voor te zorgen dat ''Arnhem altijd een urenindicatie afgeeft''. Met de opgestelde richtlijn huishoudelijke ondersteuning en een voortzetting van het beleid om in uren de huishoudelijke hulp toe te kennen, ook in de nieuwe aanbesteding/inkoopronde 2020, beschouwen wij deze motie 19M54 (zaaknummer 386735) als afgedaan. Richtlijn Begeleiding De inhoud van de richtlijn Begeleiding komt voort uit de wijzigingen in de inkoop die per 1 juli 2020 ingaan.
Begeleiding bestaat uit individuele begeleiding thuis of elders - niet op de locatie van een aanbieder - en is gericht op het ontwikkelen of anders stabiliseren van de zelfredzaamheid van inwoners, zodat deze zo lang mogelijk zelfstandig kunnen blijven wonen. Indien de inwoner weer zelfredzamer kan worden en - samen met het sociale netwerk of door inzet van algemene voorzieningen - meer regie over het eigen leven kan krijgen, is de begeleiding ook tijdelijk of dient een passend volume aan begeleiding te worden ingezet. Daarbij wordt in de richtlijn ook verduidelijkt in welke situaties gespecialiseerde Stadskantoor - Eusebiusbuitensingel 53 • Postbus 59 • 6800 LK Arnhem Telefoon 0900-1809 • Fax 026-3774830 • www.arnhem.nl
afdeling sociaal en economisch beleidsdomein
Datum Zaaknummer Pagina
: 10 december 2019 : 415760 :5
begeleiding (begeleiding door een ambulant begeleider op minimaal HBO-niveau) of basisbegeleiding (begeleiding door een ambulant begeleider op minimaal MBO-niveau) wordt ingezet. Richtlijn Groepsbegeleiding De inhoud van de richtlijn Groepsbegeleiding komt voort uit de wijzigingen in de inkoop die per 1 juli 2020 ingaan. De maatwerkvoorziening Dagbesteding is inhoudelijk getransformeerd en heeft een nieuwe naam gekregen: Groepsbegeleiding. Waar Dagbesteding meer gericht was op het hebben van een zinvolle daginvulling legt Groepsbegeleiding de nadruk op het actief stimuleren en/of onderhouden van fysieke en cognitieve vaardigheden. Op deze manier kan de inwoner zo lang mogelijk zelfstandig thuis blijven wonen. Daarnaast ligt bij Groepsbegeleiding meer nadruk op de talenten en mogelijkheden van de inwoner. Tevens is het uitgangspunt dat de inwoner zo lokaal mogelijk naar de Groepsbegeleiding gaat. Zo draagt Groepsbegeleiding bij aan het uitbreiden van het netwerk van de inwoner in diens eigen woonomgeving en wordt de inzet van maatwerkvervoer verminderd. Deze inhoudelijke transformatie is tot stand gekomen in afstemming met gebruikers van dagbesteding, de adviesraad Sociaal Domein, het sociale wijkteam, zorgaanbieders en regiogemeenten. De richtlijn biedt tevens een aangescherpt kader voor wijkcoaches in de toekenning van Groepsbegeleiding.
Wijkcoaches hebben vanaf 1 juli 2020 de keuze uit twee productsoorten: Groepsbegeleiding Ontwikkeling richt zich op het actief verbeteren of voorkomen van verslechtering van de zelfredzaamheid (met concrete ontwikkeldoelen). Groepsbegeleiding Stabiel richt zich op het stabiel houden van de situatie van de inwoner. Richtlijn Activerend werk Activerend Werk is ten opzichte van de start in 2017 weinig veranderd. De wijzigingen behelzen het aanscherpen van de omschrijving Activerend Werk en het afbakenen wanneer Activerend Werk niet van toepassing is. Dit is ook in de richtlijn opgenomen waardoor het voor wijkcoaches duidelijker wordt en zij activerend werk eenduidiger en passend kunnen inzetten. Richtlijn Beschermd wonen / beschermd thuis Een afwegingskader voor de inzet van beschermd wonen, schept duidelijkheid naar de regiogemeenten in verband met de regionale samenwerking. Door extra gelden voor de groep inwoners met een licht verstandelijke beperking (LVB) per 1-1-2017 en de afspraken die hierover met de regio zijn gemaakt is het wenselijk om duidelijker invulling te geven aan de toegang tot beschermd wonen. Daarnaast schept een afwegingskader duidelijkheid naar inwoners, zorgaanbieders en consulenten/wijkcoaches.
Richtlijnen Wonen, rollen en vervoer 'Wonen, rollen en vervoer' heeft betrekking op woningaanpassingen en hulpmiddelen (inclusief rolstoelen) en doelgroepenvervoer. De richtlijnen verduidelijken waar de grenzen liggen van de inzet vanuit de Wmo, waar een eigen verantwoordelijkheid ligt bij de inwoner, of waar een verantwoordelijkheid ligt bij andere domeinen, zoals de zorgverzekeraars. Op basis van o.a. wetgeving, jurisprudentie, casuïstiek en de huidige uitvoering van het vervoer zijn de richtlijnen opgesteld.
Stadskantoor - Eusebiusbuitensingel 53 • Postbus 59 • 6800 LK Arnhem Telefoon 0900-1809 • Fax 026-3774830 • www.arnhem.nl
afdeling sociaal en economisch beleidsdomein
Datum Zaaknummer Pagina
: 10 december 2019 : 415760 :6
Communicatie Na vaststelling van de Wmo-beleidsregels zal in februari gestart worden met een implementatie- en voorlichtingscampagne richting alle wijkcoaches van de sociale wijkteams. De gemeente Arnhem en teamleiders van de sociale wijkteams zullen deze voorlichting gezamenlijk verzorgen. Via de sociale wijkteams worden inwoners en aanbieders geïnformeerd over de Wmo-beleidsregels. De Wmo-beleidsregels sluiten voor de producten huishoudelijke ondersteuning, begeleiding, groepsbegeleiding, activerend werk en beschermd wonen/beschermd thuis nauw aan op de aanbesteding die op 1 juli 2020 tot nieuwe contracten leidt met aanbieders. Alle aanbestedingsdocumenten zijn te vinden op de website van de Inkoop-SDCG. Vanuit de regionale Inkooporganisatie Sociaal Domein Centraal Gelderland worden sociale wijkteams en aanbieders ook geïnformeerd over de nieuwe aanpak. Na het eerste half jaar zal het college de werking van de beleidsregels evalueren en de uitkomsten delen met de raad. Hoogachtend, het college van burgemeester en wethouders van Arnhem, de secretaris, de burgemeester,
Bijlagen: Wmo-beleidsregels Bijlage Visie op transformatie van zorg Gevraagd advies van de Adviesraad Wmo, inclusief wijze van verwerken (2 bijlagen) Kwaliteitskader PGB Uitgangspuntennotitie
Stadskantoor - Eusebiusbuitensingel 53 • Postbus 59 • 6800 LK Arnhem Telefoon 0900-1809 • Fax 026-3774830 • www.arnhem.nl
afdeling sociaal en economisch beleidsdomein
1 Bijlage 1 - Wmo-beleidsregels
Besluit van
10 december 2019
Zaaknummer
4157608
HET COLLEGE VAN BURGEMEESTER EN WETHOUDERS VAN ARNHEM; Gelet op artikel 4:81 van de Algemene wet bestuursrecht; Besluit vast te stellen de volgende
Beleidsregels Wmo gemeente Arnhem 2020
Hoofdstuk 1
Inleiding
In dit document, de Beleidsregels Wmo gemeente Arnhem 2020, staat hoe het college in de uitvoering van de Wmo 2015 omgaat met de bevoegdheden op grond van de wet, de Verordening maatschappelijke ondersteuning gemeente Arnhem en de Nadere regels maatschappelijke ondersteuning gemeente Arnhem. De reden voor het vaststellen van deze Beleidsregels is tweeledig. Allereerst is in de MJPB 2020-2023 opgenomen dat het college met maatregelen komt om meer sturing te geven op het sociaal domein. Dit mede om de inzet van de beschikbare middelen zo effectief mogelijk in te zetten voor de inwoners die dit het hardst nodig hebben. Hiervoor zijn beleidsregels ontwikkeld. In de beleidsregels wordt verduidelijkt wat onder passende, effectieve en efficiënte zorg wordt verstaan (doen wat nodig is). Daarnaast hebben de gemeenten in Centraal Gelderland besloten om nieuwe afspraken te maken met aanbieders van zorg. De nieuwe contracten zullen in werking treden per 1-7-2020. Uitgangspunten en afwegingskaders bij de in te zetten nieuwe producten zijn opgenomen in deze Beleidsregels. Leeswijzer In hoofdstuk 2 van deze Beleidsregels wordt een aantal wettelijke begrippen nader geduid en worden criteria benoemd die een rol spelen bij de afweging of een inwoner in aanmerking komt voor ondersteuning op grond van de Wmo 2015.
In hoofdstuk 3 wordt beschreven hoe de noodzaak tot het bieden van een maatwerkvoorziening samen met de inwoner wordt onderzocht. Hoofdstuk 4 beschrijft geeft handvatten voor de beoordeling of de maatschappelijke ondersteuning in de vorm van een persoonsgebonden budget verstrekt kan worden. Hoofdstuk 5 handelt over de kwaliteitseisen die worden gesteld aan maatwerkvoorzieningen. Hoofdstuk 6 regelt inwerkingtreding en citeertitel van deze beleidsregels. De Richtlijnen in de bijlagen bevatten de meer specifieke afwegingskaders die behoren bij de betreffende maatwerkvoorzieningen. Deze zijn aanvullend op het algemeen afwegingskader in hoofdstuk 2.
Hoofdstuk 2
Algemeen afwegingskader
Inleiding Deze Beleidsregels zijn een verdere uitwerking van de geldende verordening Maatschappelijke ondersteuning gemeente Arnhem en de Nadere regels maatschappelijke ondersteuning gemeente Arnhem. De Wmo is een maatwerkwet. Dat houdt in dat op individueel niveau wordt vastgesteld of ondersteuning noodzakelijk is. Er bestaat geen categoriaal recht op een maatwerkvoorziening op grond van de Wmo zelf. Daarom staat in de Wmo een zorgvuldige toegangsprocedure tot de maatwerkvoorziening centraal. Het gaat erom dat een inwoner zicht krijgt op hetgeen hem gaat helpen om tot een duurzame oplossing van zijn vraag te komen. Hiertoe verkent de inwoner samen met het wijkteam zijn ondersteuningsvraag, zijn behoeften en de noodzakelijke resultaten en ook wat hij op eigen kracht, met mantelzorg of hulp uit het sociaal netwerk dan wel door het verrichten van maatschappelijk nuttige activiteiten kan doen om zijn zelfredzaamheid en participatie te handhaven of te verbeteren. In aanvulling hierop wordt gekeken of een algemene voorziening passend is of dat (ook) een maatwerkvoorziening nodig is. Het wettelijke kader en de Verordening leggen de kaders van de toegangsprocedure vast. Het resultaat van de procedure moet steeds zijn dat een passende bijdrage wordt geleverd aan zelfredzaamheid en participatie.
Individueel én objectief Als een inwoner aanspraak maakt op ondersteuning op grond van de Wmo zal dit verzoek gewogen worden. Het gaat daarbij om een individuele weging en de uitkomst kan daarom per inwoner verschillen. Hoewel de weging dus altijd individueel is, moet deze tegelijkertijd objectief zijn. Daarom worden altijd de volgende elementen op de hierna beschreven wijze betrokken bij de weging: 1. Eigen mogelijkheden / eigen kracht Niet iedere beperking leidt tot verminderde zelfredzaamheid of een participatieprobleem zoals bedoeld in de Wmo. En niet elke beperking van de zelfredzaamheid of participatie vraagt om overheidsondersteuning. Door eigen oplossingen in te zetten kan in veel gevallen een levenspatroon voortgezet worden dat als aanvaardbaar gezien kan worden. Dat zou anders kunnen zijn wanneer de beperkingen leiden tot een participatieprobleem dat niet met eigen oplossingen of hulp van anderen kan worden opgelost. Om te kunnen bepalen of en welke ondersteuning nodig is, is zorgvuldig onderzoek noodzakelijk. Dat onderzoek richt zich eerst op het geobjectiveerd vaststellen van beperkingen en het verlies van zelfredzaamheid en participatie dat hieruit voortkomt. Daarna wordt bekeken welke eigen mogelijkheden de inwoner heeft om de nodige hulp en ondersteuning hierbij te krijgen.
Onder eigen mogelijkheden wordt onder meer verstaan dat gebruik gemaakt wordt van voorliggende voorzieningen zoals de Zorgverzekeringswet (basis- en aanvullende verzekering) of voorzieningen via het UWV (Zie ook: 8. Afstemmen op andere voorzieningen). Dat rekening gehouden wordt met datgene wat de inwoner op eigen kracht kan doen ter bevordering van zijn zelfredzaamheid en participatie, impliceert ook dat soms consequenties van eigen keuzes voor eigen rekening van de inwoner blijven. 2. Algemeen gebruikelijke voorzieningen Eigen kracht kan ook betekenen zelf betalen. Soms kan een ondersteuningsvraag worden opgelost met het aanschaffen van een algemeen gebruikelijke voorziening. Een algemeen gebruikelijke voorziening is een voorziening die - normaal in de handel verkrijgbaar is,
- ook door mensen zonder beperkingen wordt aangeschaft en gebruikt of - die niet aanzienlijk duurder is dan voorzieningen met vergelijkbare functies. Dit betekent dat indien de inwoner vraagt om een voorziening die voor een persoon zonder beperkingen in een financieel vergelijkbare positie (waarbij behalve naar het inkomen ook wordt gekeken naar zorguitgaven) tot het normale aanschaffingspatroon behoort, hij deze zelf moet bekostigen. Het verstrekken van dergelijke voorzieningen op grond van de Wmo is dan niet redelijk en strookt niet met de doelstelling van de wet. Het betekent ook dat diensten die iemand zelf al adequaat sinds geruime tijd betrekt om de beperkingen op het gebied van zelfredzaamheid en participatie te verminderen of weg te nemen en die overlappen met de gevraagde maatwerkvoorziening, niet hoeven te worden verstrekt. Als bijvoorbeeld iemand al jaren een eigen hulp heeft dan kan de particuliere hulp als algemeen gebruikelijk worden beschouwd. Een dergelijke beslissing moet heroverwogen worden als de inwoner stopt met het betrekken van de diensten, bijvoorbeeld vanwege het ontbreken van financiële draagkracht. Wat algemeen gebruikelijk is wordt beïnvloed door maatschappelijke ontwikkelingen, die aan verandering onderhevig zijn.
Voorbeelden van een algemeen gebruikelijke voorziening zijn een e-bike, tandem, openbaar vervoer, thermostatische kranen en het lid zijn van een vereniging of club. In individuele gevallen kan een voorziening die op zichzelf als algemeen gebruikelijk kan worden beschouwd, vanwege omstandigheden van de persoon toch niet algemeen gebruikelijk zijn. Het gaat dan bijvoorbeeld om een plotseling optredende beperking waardoor algemeen gebruikelijke voorzieningen eerder dan normaal moeten worden vervangen of moeten worden aangepast. 3. Algemene voorzieningen Algemene voorzieningen zijn laagdrempelig toegankelijk. In de stad is een gevarieerd aanbod aan voorzieningen aanwezig. Met de activiteit of ondersteuning die via deze algemene voorzieningen wordt geboden kan een individuele inwoner (een deel van) zijn participatieproblemen verminderen of zijn zelfredzaamheid verhogen. In deze gevallen is het niet noodzakelijk een maatwerkvoorziening in te zetten of kan volstaan worden met een aanvulling op de algemene voorziening. Er zal altijd op individueel niveau onderzocht worden of de inwoner met de algemene voorziening voldoende resultaat kan behalen. 4. Aanvaardbaar niveau Het streven is om de inwoner op het niveau van participatie en zelfredzaamheid te brengen dat bij zijn situatie past.
Daarbij zijn van belang de situatie van de inwoner voordat hij getroffen werd door zijn beperkingen, alsmede de situatie van personen in vergelijkbare omstandigheden en in dezelfde leeftijdscategorie die geen beperkingen hebben. Aanvaardbaar wil aan de andere kant zeggen, dat de inwoner zich er soms bij neer moet leggen dat er belemmeringen blijven, of dat hij zich enige beperkingen zal moeten getroosten. De ondersteuning beperkt zich in die zin tot wat noodzakelijk is in het licht van zelfredzaamheid en participatie, en breidt zich niet uit tot wat de inwoner noodzakelijk vindt in het kader van smaak. Het betekent ook niet per definitie dat hij alle hobby’s moet kunnen uitoefenen die hij voorheen uitoefende. 5. Financiële mogelijkheden De wet staat niet toe dat slechts op basis van inkomen ondersteuning wordt verleend of geweigerd. Tegelijkertijd biedt het beschikken over financiële middelen de mogelijkheid in eigen oplossingen te voorzien. Het college mag hierop een beroep doen in het gesprek met de burger.
6. Gebruikelijke hulp Gebruikelijke hulp is hulp die verwacht wordt van huisgenoten en die “normaal” wordt geacht in de relatie tussen huisgenoten. Het is de normale, dagelijkse hulp die partners of ouders, inwonende kinderen of andere volwassen huisgenoten geacht worden elkaar onderling te bieden omdat ze als leefeenheid samen een huishouden voeren en op die grond een gezamenlijke verantwoordelijkheid hebben voor het functioneren van dat huishouden en voor elkaar. Ondersteuning wordt in de volgende gevallen als gebruikelijke hulp beschouwd: 1. In kortdurende situaties (maximaal 3 maanden): als uitzicht op herstel (van de zelfredzaamheid) dusdanig is dat ondersteuning daarna niet meer nodig zal zijn. 2. In langdurige situaties: - bij normaal maatschappelijk verkeer binnen de persoonlijke levenssfeer (bezoek familie/vrienden, bezoek arts, brengen en halen van kinderen naar school, sport of clubjes, etc.); - hulp bij overnemen van alle taken die bij een huishouden behoren zoals de thuisadministratie, het schoonhouden van het huis, et cetera; - het leren omgaan van derden (familie/vrienden/leerkracht etc.) met de inwoner; - ouderlijk toezicht op kinderen, de aard en mate hiervan is afhankelijk van de leeftijd van het kind. Deze afbakening is overgenomen van het CIZProtocol gebruikelijke zorg uit 2015.
In individuele gevallen kan het voorkomen dat een huisgenoot of partner geen gebruikelijke hulp kan leveren omdat deze zodanige gezondheidsproblemen heeft of zodanige overbelasting dreigt dat redelijkerwijs kan worden geconcludeerd dat de betreffende taken niet uitgevoerd kunnen worden. Het is aan de inwoner en de betreffende leden van het huishouden om dit te onderbouwen met objectieve en relevante gegevens. Deze onderbouwing kan betrokken worden bij de weging of een maatwerkvoorziening noodzakelijk is. Wanneer de partner of huisgenoot gezondheidsproblemen en beperkingen heeft of door de combinatie van een (volledige) werkkring of opleiding en het voeren van het huishouden overbelast dreigt te raken, zullen de (medische) gegevens ter onderbouwing daarvan door de inwoner moeten worden aangeleverd. De gemeente moet daar een geobjectiveerd oordeel over kunnen vormen. Wanneer de dreigende overbelasting wordt veroorzaakt door een combinatie van werk en gebruikelijke hulp en andere activiteiten dan werk en huishouden, gaan werk en gebruikelijke hulp voor. Het beoefenen van vrijetijdsbesteding kan op zich geen reden zijn om alsnog een maatwerkvoorziening toe te kennen voor taken die in redelijkheid overgenomen kunnen worden door huisgenoten in het kader van gebruikelijke hulp.
In geval de leden van een leefeenheid overbelast dreigen te raken door de combinatie van werk en verzorging van de zieke partner/huisgenoot, gaat het aanvragen van persoonlijke verzorging via de Zorgverzekeringswet voor op het eventueel bieden van een maatwerkvoorziening op grond van de Wmo. Indien de enige huisgenoot van de inwoner vanwege zijn/haar werk fysiek niet aanwezig is, wordt dit betrokken bij de afweging of de gebruikelijke hulp daadwerkelijk geleverd kan worden. Hiermee kan alleen rekening worden gehouden, wanneer het om aaneengesloten perioden van ten minste zeven etmalen gaat. De afwezigheid van de huisgenoot moet een verplichtend karakter hebben en inherent zijn aan diens werk, denk hierbij aan offshore werk, internationaal vrachtverkeer en werk in het buitenland. Wanneer de enige huisgenoot een aaneengesloten periode van ten minste zeven etmalen van huis is, is er in die periode feitelijk sprake van een éénpersoonshuishouden en kan er geen gebruikelijke hulp worden geleverd.
In geval de inwoner een zeer korte, bekende levensverwachting heeft kan, ter ontlasting van de leefeenheid van de inwoner, afgewogen worden of taken die redelijkerwijs onder de gebruikelijke hulp vallen toch in aanmerking kunnen komen voor een maatwerkvoorziening. 7. Ondersteuning door mantelzorgers en vrijwilligers Wanneer verminderde zelfredzaamheid of een participatieprobleem (gedeeltelijk) kan worden opgelost door een mantelzorger of vrijwilliger, kan aanvullend daarop een algemene of maatwerkvoorziening nodig zijn. Indien noodzakelijk wordt bij het bepalen van de meest passende ondersteuningsvorm rekening gehouden met de belangen van de mantelzorger of vrijwilliger. 8. Afstemmen op andere voorzieningen Dit zijn (wettelijke) voorzieningen waar eerst een beroep op kan worden gedaan alvorens een maatwerkvoorziening wordt overwogen: • Voorliggend op de Wmo is een voorziening/dienst op grond van een andere wettelijke regeling, zoals de Zorgverzekeringswet (Zvw) of via het Uitvoeringsinstituut Werknemers Verzekeringen (UWV). Indien dit het geval is, zal er op grond van de Wmo geen voorziening worden verstrekt. • Onderwijs: begeleiding van kinderen met problemen is de verantwoordelijkheid van school en de ouders. Tevens zijn er mogelijkheden vanuit de Wet passend onderwijs. Daarnaast kan een beroep gedaan worden op de Jeugdwet.
• Arbeidsvoorzieningen: op grond van de Ziektewet, de Wet werk en inkomen naar arbeidsvermogen(WIA), de Wajong en de Participatiewet zijn er mogelijkheden voor aangepast werk. • Hoewel de Wet langdurige zorg (Wlz) formeel niet als een voorliggende voorziening kan worden beschouwd kan ondersteuning via de Wmo geweigerd worden als een inwoner aanspraak heeft op ondersteuning op grond van de Wlz of er gegronde redenen zijn om aan te nemen dat de inwoner hierop aanspraak kan maken en dit weigert te onderzoeken. 9. Goedkoopst adequate voorziening Indien een voorziening moet worden ingezet, wordt gekeken naar de inzet van algemene voorzieningen. Zijn deze niet aanwezig of bieden ze geen of onvoldoende oplossing, dan kan (aanvullend daarop) een maatwerkvoorziening worden ingezet. Bij een maatwerkvoorziening wordt gekozen voor de goedkoopst adequate voorziening. Er zijn vaak meerdere geschikte oplossingen, maar er wordt gekozen voor de oplossing die naar objectieve maatstaven de goedkoopste is. Indien de inwoner een duurdere voorziening wil (die eveneens adequaat is) komen de meerkosten voor rekening van de inwoner. 10. Langdurig noodzakelijk Bij het bepalen van de goedkoopst adequate voorziening, wordt rekening gehouden met de (te verwachten) gebruiksduur en intensiteit van het gebruik.
Bij kortdurend of incidenteel gebruik, kan een groter beroep op eigen mogelijkheden of de inzet van voorliggende of algemene voorzieningen worden gedaan. Uiteraard wordt hierbij rekening gehouden met de feitelijke aanwezigheid van eigen mogelijkheden, voorliggende of algemene voorzieningen. 11. Voorzienbaarheid In situaties dat een inwoner zijn hulpvraag redelijkerwijs van tevoren had kunnen voorzien en zelf actie had kunnen ondernemen om te voorkomen dat deze hulpvraag zou ontstaan, kan besloten worden een
aanvraag voor een voorziening af te wijzen. Van inwoners wordt namelijk verwacht dat zij zelf of samen met het eigen netwerk oplossingen zoeken voor ervaren of toekomstig redelijkerwijs te verwachten belemmeringen. Zo ook wordt verwacht dat zij bij het doen van een aanschaf of bij een verhuizing rekening houden met de al aanwezige beperkingen en de redelijkerwijs te verwachten ontwikkeling hiervan. De mogelijkheid een aanvraag af te wijzen vanwege "voorzienbaarheid" van de hulpvraag gaat echter níet zo ver dat van een inwoner verwacht kan worden dat hij preventief maatregelen treft en investeringen doet die tot doel hebben te voorkomen dat toekomstige onzekere gebeurtenissen in zijn gezondheidstoestand als gevolg van het ouder worden leiden tot een beroep op deze wet. Indien een inwoner die naar een inadequate woning is verhuisd kan aantonen dat hij deze keuze heeft gemaakt omdat er geen reëel alternatief voorhanden was, dan zal hiermee rekening gehouden worden bij de afweging.