CConstaterende datAmsterdam
Koppel je AI →
Document · PDF

VRM24_0901 - Bijlage 1 - investeringsnota kolenkitbuurt midden.pdf

Raadscommissie Ruimtelijke ordening 15 januari 2025, gemeente AmsterdamBij agendapunt: Vaststellen van de Investeringsnota Kolenkitbuurt Midden (stadsdeel West) en het beschikbaar stellen van een krediet (VN2024-015914)12.696 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

Investeringsnota Kolenkitbuurt Midden november 2024

Inhoud 1

Samenvatting

3

2

Inleiding

5

3

Analyse van de Kolenkitbuurt Midden

4

5

6

2.1 Aanleiding 2.2 De opgave

7

Stedenbouwkundig plan (toekomst­perspectief)

30

8

Consultatie, participatie & communicatie

38

Planning en Proces

41

6 6

9

7.1 Hoofdlijnen en ontwerp gebouwen 7.2 Programma 7.3 Openbare ruimte 7.4 Parkeren

31 32 33 36

3.1 Historische/ruimtelijke analyse 3.2 Omgeving 3.3 Bestaande voorzieningen 3.4 Sociaaleconomische analyse

10 11 12 12

Uitgangspunten vernieuwing

15

9

16 17 18

10 Organisatie: inrichting van de uitvoerings­organisatie

43

11 Ontwikkelstrategie

45

4.1 Afweging renovatie of sloop-nieuwbouw (o.a. verdichten met behoud cultuurhistorische waarde) 4.2 Voorzieningen 4.3 Bestemmingsplannen/omgevingswet

Duurzaamheid en Milieu

5.1 Circulair (duurzaam) gebouwde omgeving 5.2 Duurzame energie en aardgasvrij 5.3 Klimaatadaptatie 5.4 Natuurinclusief bouwen 5.5 Uitstootvrije mobiliteit en schone lucht

Onderzoeks­resultaten

6.1 Bodemonderzoek 6.2 Bomenonderzoek: bomeninventarisatie en bomeneffectanalyse 6.3 Archeologie 6.4 QuickScan natuur 6.5 QuickScan klimaatadaptatie 6.6 Rainproof 6.7 Watercompensatie 6.8 Kabels en leidingen

19

20 20 21 21 21

23

24

24 25 25 27 27 27 28

8.1 Betrokken partijen 8.2 Participatie Stedenbouwkundig Plan 8.3 Vervolg participatie 8.4 Communicatie- en participatiemiddelen

10.1 Opdrachtgevers 10.2 Projectorganisatie

11.1 Sloop-nieuwbouw en perceeluitbreiding 11.2 Taakverdeling en uitgangspunten 11.3 Financiën 11.4 Ruimtegebruik 11.5 Programma en opbrengsten 11.6 Investeringen 11.7 Realisatie 11.8 Saldo grondexploitatie 11.9 Economische uitvoerbaarheid

39 39 40 40

44 44 46 46 46 46 46 46 46 47 47

Inhoud

2

1 Samenvatting

3

De gemeente Amsterdam en woningcorporatie Rochdale vernieuwen gezamenlijk het gebied ‘Kolenkitbuurt Midden’ in stadsdeel West. In 2003 is het Vernieuwingsplan Kolenkitbuurt vastgesteld. De uitvoering van het plan is inmiddels bijna afgerond. Deze aanpak heeft de buurt de afgelopen jaren aanzienlijk verbeterd. De Kolenkitbuurt Noord en Kolenkitbuurt Midden (op de woonblokken van Eigen Haard na) zijn nog niet meegenomen in deze vernieuwing. Deze Investeringsnota betreft de Kolenkitbuurt Midden. De Kolenkitbuurt Noord vormt straks het sluitstuk en valt buiten deze Investeringsnota. De woningen in de Kolenkitbuurt Midden zijn in slechte staat en vormen een grote tegenstelling met het vernieuwde gedeelte van de Kolenkitbuurt. Om aan te sluiten op de stedelijke vernieuwing is deze Investeringsnota

Noord

Midden

Zuid

opgesteld zodat ook de Kolenkitbuurt Midden straks een aantrekkelijke en toekomstbestendige woonbuurt wordt. De nota omvat een ontwikkelstrategie voor de ruimtelijke inrichting, maar besteedt ook aandacht aan de sociaal-fysieke ingrepen in de buurt. De gemeentelijke ‘Principenota Verkenning Kolenkitbuurt Noord en Midden’ (2021) ligt hieraan ten grondslag. Bewoners zijn betrokken geweest bij het ontwikkelen van het vernieuwingsplan van de buurt, onder andere via het zogenoemde Participatie Collectief (2021-2022). Voor Kolenkit Midden is gezamenlijk met Rochdale een integrale visie opgesteld. Hierbij is de balans gezocht tussen de cultuurhistorische waarden en de wensen voor het toevoegen van andere woningtypen en segmenten. Hierover heeft uitgebreide participatie plaatsgevonden. De visie resulteert in een combinatie van renovatie van het Akbarblok en sloop-nieuwbouw van het blok aan de Sinjeur Semeynsstraat. Deze Investeringsnota richt zich op het sloop-nieuwbouwblok gelegen aan de Sinjeur Semeynsstraat en de transformatie van de zogenoemde Piggelmeewoningen aan het Piet Paaltjenspad ten behoeve van commerciële voorzieningen. Het woonblok in de Akbarstraat (ook wel ‘Akbarblok’) wordt door Rochdale gerenoveerd. Dit blok valt buiten de grenzen van de grondexploitatie van deze Investeringsnota.

De aangrenzende openbare ruimte in de Akbarstraat en op het Lidewijdepad maken wel deel uit van de grondexploitatie. Daarmee is het Akbarblok, hoewel programmatisch geen onderdeel van deze nota, wel onderdeel van het projectgebied KolenkitMidden. Om deze reden wordt de ruimtelijke visie op het Akbarblok wel toegelicht in deze nota. De nota legt een aantal principiële keuzes vast waarvoor de gemeente financiële middelen wil reserveren. De nadere uitwerking van de ingrepen in de openbare ruimte werkt de gemeente in de vervolgfases verder uit samen met bewoners en andere betrokken partijen. Het project kent een doorlooptijd van circa 5 jaar. Voor de Kolenkitbuurt Noord wordt in een later stadium een Investerings­ besluit voorbereid. De vernieuwing van Noord vindt naar verwachting plaats aansluitend aan de vernieuwing van Kolenkitbuurt Midden. Sinds 2003 is de vernieuwing van de Kolenkitbuurt in gang gezet. Hoofdstuk 1

Samenvatting

4

2

Inleiding

5

2.1 Aanleiding Kolenkitbuurt Midden is, samen met Kolenkitbuurt Noord tot nu toe buiten deze stedelijke vernieuwingsplannen gebleven. De woningen worden nu aangepakt, omdat het merendeel van de woonblokken in technisch slechte staat verkeert en de huidige woonvoorraad en de woonomgeving niet meer voldoen. Deze slechte technische staat gaat gepaard met sociaalmaatschappelijke problematiek in dit gedeelte van de buurt. Ook de openbare ruimte is verouderd en is toe aan vernieuwing. Het is van groot belang om de vernieuwing van dit deel van de Kolenkit nu in gang te zetten. De vernieuwing gaat waar mogelijk gezamenlijk op met het versterken van de sociaaleconomische positie van de buurtbewoners en het verbeteren van de leefbaarheid in de buurt. Voor Kolenkit Midden is gezamenlijk met Rochdale een integrale visie is opgesteld. Hierbij is de balans is gezocht tussen de cultuurhistorische waarden en de wensen voor het toevoegen van andere woningtypen en segmenten. Hierover heeft uitgebreide participatie plaatsgevonden. De visie resulteert in een combinatie van renovatie van het Akbarblok en sloop-nieuwbouw van het blok aan de Sinjeur Semeynsstraat. De van deze nota deel uitmakende grondexploitatie omvat de sloop-nieuwbouw van het Sinjeur Semeynsblok en de transformatie van de Piggelmeewoningen getransformeerd ten behoeve van commerciële voorzieningen.

In het project­gebied Kolenkit Midden ligt ook het Akbarblok. Dit betreft een renovatie­project van Rochdale en valt buiten de grenzen van de grond­ exploitatie. De aangrenzende openbare ruimte in de Akbarstraat en Lidewijdepad maken wel deel uit van de grondexploitatie. Daarmee is het Akbarblok, hoewel programmatisch geen onderdeel van de grondexploitatie, wel onderdeel van het projectgebied Kolenkit-Midden. Om deze reden wordt de ruimtelijke visie op het Akbarblok wel toegelicht in deze nota.

Bestaande situatie Het deel van Kolenkit Midden dat nog vernieuwd moet worden bestaat (op hoofdlijnen) uit 2 open bouwblokken met in totaal ca. 440 sociale huurwoningen. Dit betreft zowel het sloop-nieuwbouwblok aan de Sinjeur

Semeynsstraat als het te renoveren Akbarblok. De Piggelmeewoningen bevinden zich aan het Piet Paaltjenspad. Rochdale is eigenaar van de bouwblokken, bestaande uit sociale huurwoningen (en twee bedrijfsruimten). De grond onder de bouwblokken is in erfpacht uitgegeven aan Rochdale. Vóór 2003 hebben de woonblokken in de Kolenkitbuurt Midden een onderhoudsaanpak ondergaan, waardoor ze er op dat moment relatief goed bij stonden. De onderhoudsaanpak was een maatregel voor de korte termijn, waardoor deze blokken nu een grote tegenstelling vormen met het al verbeterde deel van de Kolenkit. Er is daardoor een tweedeling ontstaan in de buurt, zowel op het fysieke als op het sociale domein. Ingrijpen op korte termijn is nodig. Om deze reden heeft het Dagelijks Bestuur van Stadsdeel West in 2020 opdracht gegeven voor het integraal verbeteren van de Kolenkitbuurt Midden (en Noord). Dit heeft geresulteerd in een vastgestelde Principenota ‘Verkenning Kolenkitbuurt Midden en Noord’ in juni 2021.

2.2 De opgave Het doel van de vernieuwing is om de Kolenkitbuurt Midden een aantrekkelijke en toekomstbestendige woonbuurt te maken, waarbij zowel de woningen als de openbare ruimte wordt vernieuwd. De ambities van de gemeente en van Rochdale voor deze vernieuwing staan hieronder genoemd.

Aantrekkelijke, gemengde en toekomstbestendige woonbuurt De Kolenkitbuurt Midden wordt een prettige buurt om te wonen. Het creëren van een aantrekkelijke, gemengde en toekomstbestendige omgeving staat hierbij centraal, zowel ruimtelijk als sociaal. Alle woonblokken in het gebied worden gerenoveerd óf vernieuwd door sloop-nieuwbouw. Hierbij wordt ook de openbare ruimte in het gebied aangepakt. De mogelijkheden voor vernieuwing in het gebied zijn onderzocht. Er kunnen circa 145 extra woningen worden toegevoegd in de buurt door het slopen van het Sinjeur Semeynsblok (nu ca. 220 woningen) en het terugbouwen van circa 385 woningen in de nieuwbouwblokken. De sloop-nieuwbouw biedt kans om extra woningen toe te voegen aan de buurt en tegelijkertijd een

Hoofdstuk 2

Inleiding

6

diverser woningaanbod te realiseren. Hierdoor ontstaan ook kansen voor doorstroming naar een ander woningsegment in de buurt. Uitgangspunt bij de aanpak is het behouden van het aantal sociale huurwoningen en de woningen beter aan te laten sluiten op de wensen van de huidige én de toekomstige bewoners, onder andere door het toevoegen van woningen voor jongeren, gezinnen, senioren en mindervaliden.

In het stedenbouwkundig plan wordt, naast het aantal woningen, ook de gebruikswaarde van het groen en de openbare ruimte vergroot. Dit gebeurt door onder andere de gebruikskwaliteiten van openbare en collectieve buitenruimtes te verbeteren, de inrichting van omgeving op te waarderen en privé (gebouwen, binnentuinen en -ruimtes) en openbaar (de straat, de openbare ruimte) beter op elkaar aan te laten sluiten.

Versterking sociaaleconomische positie bewoners Uitgangspunt is om de Kolenkitbuurt Midden, naast de ruimtelijke vernieuwing, ook in sociaaleconomisch opzicht te versterken zodat deze op tenminste hetzelfde niveau is als het gemiddelde van alle Amsterdamse buurten. De plannen bevatten fysieke ruimte voor mogelijkheden voor het uitbreiden van de sociale, economische en maatschappelijke functies in de buurt.

EN TSO PLAN CHA

VRO U GEL WENUKH OF

RW

G

AAR

STR ANS END ELF

SWE

FFEL

A AT

AT M E IM

ORG

ENS

TRA

ALE END UW LEE

LER

JAN VAN S

EG RSW

ME

SINJ EUR SEME YNSS TRAAT

S E N L OM

N DA

A AT

BO

UWE

STR

Onze ambitie is een integrale vernieuwing van de buurt met aandacht voor groen, ruimtelijkheid en het behoud van het karakter van de buurt. De huidige indeling van het groen en de openbare ruimte in de Kolenkitbuurt Midden zijn ingedeeld volgens de ideeën van het Algemeen Uitbreidingsplan (AUP) voor de uitbreiding van Amsterdam: veel groen wat zich diep in de wijk bevindt.

LEE

AKB AR

Aandacht voor groen, ruimtelijkheid en karakter van de buurt

DE SCHA APHE RDER STRA AT

AKBA RSTR AAT

We zetten in op een openbare ruimte die uitnodigt tot ontmoeting, met voldoende sport- en speelmogelijkheden en kwalitatief gebruiksgroen, bijvoorbeeld om in te wandelen, te sporten en te (moes)tuinieren. Een belangrijk aandachtspunten voor de openbare ruimte is de toegankelijkheid en sociale veiligheid: het gevoel dat het van jou is, dat je er welkom bent en dat je er veilig bent. Dat begint bij een goed ontwerp, maar ook gezamenlijk gebruik en sociaal beheer draagt hieraan bij. Bewoners worden betrokken bij de plannen voor- en gebruik van de openbare ruimte. Rochdale zet waar mogelijk in de eigen blokken in op collectieve voorzieningen en tuinen die aan gemeenschappelijk gebruik bijdragen. Daarnaast is een goede ‘stad op ooghoogte’ met diversiteit in bouwstijlen, gebruik van groen zoals geveltuintjes en het gevoel van veiligheid een belangrijk onderdeel van de totale vernieuwing van de Kolenkit.

A10

WI LTZ AN GH LA AN

A10

EG

Hoofdstuk 2

Inleiding

7

Sinjeur Semeynsstraat

Hoofdstuk 1

Achtergrond

8

3 Analyse van de Kolenkitbuurt Midden 9

3.1 Historische/ruimtelijke analyse Historische context De Kolenkit is onderdeel van het uitbreidingsplan Bosch en Lommer uit 1935 dat onder regie van Cornelis van Eesteren kort voor, tijdens en na de Tweede Wereldoorlog tot stand kwam. Na de voltooiing van het Plan West van Berlage in de jaren ’20 en ’30 werden twee nieuwe uitbreidingsplannen voor West gemaakt, Plan Landlust aan de oostkant en Plan Bosch en Lommer aan de westkant. Plan Bosch en Lommer bestrijkt een groot gebied, van de Admiraal de Ruyterweg in het oosten tot de Ringspoorbaan in het westen en van de Jan van Galenstraat in het zuiden tot de Haarlemmerweg in het noorden. Plan Bosch en Lommer is als eerste uitwerking van het Algemeen Uitbreidings­ plan uit 1934 voor de Amsterdamse ruimtelijke ordening en volkshuisvesting revolutionair te noemen. Er werd radicaal gebroken met de tot dan toe geldende stedenbouw van gesloten bouwblokken en stratenpatronen. Het plan was bedoeld voor de moderne maatschappij waarin meer aandacht werd gegeven voor het welzijn van de bewoners. Een plan voor een nieuwe manier van wonen in de grote stad. Ook met de beperkte middelen van die tijd werden nieuwe stedenbouwkundige technieken toegepast. Door slimme verdelingen (verkaveling) in stroken met losstaande gebouwen met routes ertussen werd toch veel groen toegevoegd aan de woonbuurten.

De bebouwing tussen de Leeuwendalersweg en de Wiltzanghlaan in zowel het oostelijk als het westelijk deel is hiervan een goed voorbeeld en is daarom in de welstandsnota ook met de hoogste orde gewaardeerd.

Op de kruispunten Leeuwendalersweg/De Schaapherderstraat en Leeuwendalersweg/Akbarstraat zitten verspringingen in de verkaveling. De lange noord-zuidlijnen in de wijk worden op deze plek licht gebogen naar het noorden. Dit voorkomt te lange straatwanden wat een gevoel van anonimiteit kan geven. De groenstructuur in combinatie met laagbouw in oost-westrichting, zorgt voor een zachte overgang naar de eerste tuinstadblokken van het AUP. De hierboven genoemde, en destijds in het AUP slim bedachte groen­ beleving, aandacht voor leef- en recreatieruimte en sociale veiligheid zijn nog steeds belangrijke thema’s inde stad. Behoud van deze sterke stedenbouwkundige opzet is daarom van belang. De noordzijde van de Leeuwendalersweg met de groenvlakken inclusief boomgroepen, de drie strookjes met Piggelmeewoningen, het Piet Paaltjenspad en de ten opzichte van elkaar verschoven korte kanten van de strookbebouwing vormen één van de belangrijkste stedenbouwkundige elementen van het gebied. In de huidige situatie is al rekening gehouden met deze waarden. Ook het woonblok Rhapsody voegt zich in de verhouding tussen het noordelijke en zuidelijke deel van het Middengebied.

Ruimtelijke context Bosleeuw Midden en de Kolenkitbuurt ten noorden van de Leeuwendalersweg zijn als meest waardevolle structuren van het oorspronkelijke Plan Bosch en Lommer nog grotendeels intact. De aanleg van het westelijke deel van de Ringweg A10 in de jaren ‘60 sneed de wijk in tweeën.

Historische luchtfoto in westelijke richting, met linksboven de Kolenkitkerk, door het midden de Einsteinweg (A10) in aanleg, gekruist door de Bos en Lommerweg.’

Hoofdstuk 3 Analyse van de Kolenkitbuurt Midden

10

Buurtlijnen en groen De groenstructuur in de Kolenkitbuurt is een integraal onderdeel van het stedenbouwkundig ontwerp en is ook opgenomen in de welstands­ waarderingskaart. Dit houdt in dat de beeldbepalende boomgroepen, bomenlanen, groene taluds, plantsoenen en plantvakken in relatie moeten worden gezien met het totaalontwerp van woongebouwen in het groen.

Beeldbepalende straten en verbindingen in de wijk De Bos en Lommerweg, de Leeuwendalersweg en de Wiltzanghlaan en de straten van de Erasmusgracht tot aan het Multatulisportpark zijn belangrijke lijnen die de buurt met elkaar verbinden. De aanleg van het westelijke deel van de Ringweg A10 in de jaren 60 zorgde voor een duidelijke, fysieke scheiding tussen Bos en Lommer en de Kolenkitbuurt. Lijnen binnen het

visiegebied die van groot belang zijn voor de herkenbaarheid en het karakter van de Kolenkitbuurt zijn: • Jan van Schaffelaarplantsoen – De Schaapherderstraat – Ferdinand Huyckstraat • Akbarstraat • Leeuwendalersweg • Piet Paaltjenspad • Lidewijdepad Hiervoor geldt behoud van de bestaande rooilijnen (grens tussen de openbare weg en aangrenzende eigendommen, privé of van de overheid) en het openhouden van verbindingen. Daarnaast is aansluiting op de bouwhoogte van de directe omgeving evenals bescherming van de groenstructuur met laanbomen en groenvakken belangrijk.

3.2 Omgeving De Kolenkitbuurt Midden maakt deel uit van de wijk Bos en Lommer, centraal gelegen in de grootstedelijke regio van Amsterdam: net buiten de Ring A10, tussen Haarlem en het centrum van Amsterdam in. Het Amsterdamse havengebied ligt ten noorden van Bos en Lommer, samen met bedrijventerrein Sloterdijk. Ten noordoosten van het gebied wordt de komende decennia gewerkt aan een compleet nieuwe stad met veel ruimte voor volwaardige woon-werkwijken: Haven-stad. De Kolenkitbuurt Midden is goed bereikbaar binnen Amsterdam en vanuit de rest van de regio door onder andere de metrohalte Burgemeester de Vlughtlaan, de bus- en tramhalte aan de zuidzijde en Station Sloterdijk in de nabije omgeving. Naast het openbaar vervoer is de buurt ook goed bereikbaar per fiets of met de auto. Er zijn voldoende fietspaden die de buurt met het centrum en de omgeving van Amsterdam verbinden.

Historische luchtfoto in zuidwestelijke richting, met links de Einsteinweg (A10) in aanleg, gekruist door de Bos en Lommerweg. Linksonder het Bos en Lommerplein met daarachter de (fiets)onderdoorgang van de A10 over de Leeuwendalersweg, rechtsboven is een blokje ‘Piggelmeewoningen’ zichtbaar.

Hoofdstuk 3 Analyse van de Kolenkitbuurt Midden

11

3.3 Bestaande voorzieningen

3.4 Sociaaleconomische analyse

Commerciële voorzieningen

Bevolking

De Kolenkitbuurt Midden is gelegen in een gemengd woongebied. De bouwblokken in het gebied bestaan in de huidige situatie uit woningen, met aan de Wiltzanghlaan en aan de Leeuwendalersweg een aantal voorzieningen aan de doorgaande wegen. Deze combinatie van wonen en voorzieningen is kenmerkend voor het gemengd stedelijke karakter van stadsdeel West.

De wijk kenmerkt zich door een relatief jonge bevolkingssamenstelling. Een kwart van de wijk is 18 jaar of jonger, ruim een derde is jonger dan 27 jaar. Er wonen relatief weinig ouderen van 66+(6,1%). We verwachten echter een toename in de vraag naar geschikte ouderenwoningen. Dit komt onder andere door de vergrijzing, maar ook omdat veel ouderen op dit moment niet in geschikte woningen wonen. Verder kent de Kolenkitbuurt Midden een grote groep meest kwetsbare bewoners en de groep minimajongeren is tweemaal zo hoog als gemiddeld in Amsterdam. Het toevoegen van een uiteenlopend woningaanbod zorgt ervoor dat de wijk mogelijk diverser wordt in onder meer leeftijd, inkomen en culturele achtergrond en dat huidige bewoners er op een prettige manier kunnen blijven wonen.

In de nabije omgeving van de Kolenkitbuurt Midden liggen de Bos en Lommerweg en het Bos en Lommerplein. Aan weerszijden van de Bos en Lommerweg zijn diverse voorzieningen te vinden, het Bos en Lommerplein is een winkelgebied met een verschillend aanbod aan voorzieningen, waaronder winkels, horeca, kantoren, dienstverlening en maatschappelijke voorzieningen.

Maatschappelijke voorzieningen De Kolenkitbuurt heeft een divers aanbod aan maatschappelijke en culturele voorzieningen, met onder meer Voetbalvereniging Sloterdijk, Tennis in West, het Zidtheater, broedplaats WOW en De Bouwput aan de noordkant van de buurt. In het middengebied zijn onder andere Maqam, the Villy, de Kolenkitkas, de Kolenkitkoks en buurtproject Vet! te vinden. In de Kolenkit Zuid zijn Stichting Aminah, Bensy Gym, de Kolenkitkerk en de Mevlanamoskee gevestigd. De buurt kent twee basisscholen; de El Amienschool en de Bos en Lommerschool. Verder bevindt zich in de wijk Buurtpunt de Kit, een ontmoetingsplek voor en door de buurt. Op de kavel ‘Ringspoorzone Noord’, langs het ringspoor, wordt een jongerenvoorziening en een Huis van de Wijk gevestigd op de begane grond van het woon­ gebouw dat door wooncoöperatie Eureka! ontwikkeld wordt.

Wonen en leefbaarheid Voor velen is de Kolenkitbuurt Midden een betaalbare wijk om te wonen, wat op deze plek in de stad een te koesteren kwaliteit is. Kolenkit Midden is een door de bewoners geliefde buurt, zo geeft bijna 90% van de bewoners van het Sinjeur Semeynsblok aan in de buurt te willen blijven wonen. Bewoners waarderen de levendigheid en het contact met de buren. Tegelijkertijd wonen er veel grote gezinnen in krappe woningen. De beperkte ruimte om te leven, te studeren of te ontspannen, zorgt voor een grote behoefte aan (ontmoetings-)ruimtes in de buurt en helaas ook voor relatief veel (geluids-)overlast, zowel in de wooncomplexen als op straat.

Werk en inkomen De werkloosheid in de wijk ligt structureel hoger dan het gemiddelde van de stad. Het inkomen is lager dan de gemiddelden in de stad en in West. De financiële zelfredzaamheid is daardoor beperkt. Dat is niet alleen zorgelijk voor de bewoners die het betreft, het zorgt ook voor een geringe draagkracht voor ondernemers en ondernemingen.

Hoofdstuk 3 Analyse van de Kolenkitbuurt Midden

12

Leefomgeving & groen Er is relatief weinig openbaar groen in de Kolenkitbuurt. Bewoners hebben behoefte aan meer gebruiksgroen, bijvoorbeeld om te (moes)tuinieren. Volgens de ‘referentienorm groen’ is tussen de 10 en 15 m2 groen per persoon comfortabel. Dit komt neer op 20 tot 30m2 per woning. Binnen het nieuwe plangebied halen we, ondanks dat er extra woningen komen, de groennorm met zo’n 20 m2 groen per woning. Wanneer het uitgegeven groen (groen verkocht door de gemeente) wordt meegerekend wordt dit nog wat hoger, zo’n 25 m2 per woning. Daarnaast is er behoefte aan meer speelruimte voor kinderen en plekken voor sociale ontmoeting, ook dit wordt meegenomen in de plannen.

Conclusie De leefsituatie in de Kolenkitbuurt Midden is in de huidige situatie relatief ongunstig, zowel wat betreft de leefomgeving als de sociaaleconomische positie van bewoners. Vanwege de slechte kwaliteit van de woningen, de woonomgeving en de sociaaleconomische positie van bewoners is de Kolenkitbuurt Midden zowel voor woningcorporatie Rochdale als de gemeente een aandachtsbuurt. Tegelijkertijd is de Kolenkit een door de bewoners geliefde buurt. Bewoners waarderen de levendigheid en het contact met de buren. De economische, maatschappelijke en sociale voorzieningen hebben een belangrijke functie in de buurt. Het doel van de vernieuwing van de Kolenkit Midden is om deze structuur verder te versterken. Doordat er extra woningen bijkomen zijn belangrijke aandachtspunten: meer kwalitatief groen, ruimte voor ontmoeting en verbinding en voldoende sport- en speelvoorzieningen.

Rhapsody in West aan het Jan van Schaffelaarplantsoen

Hoofdstuk 3 Analyse van de Kolenkitbuurt Midden

13

Akbarstraat

4 Uitgangspunten vernieuwing

15

4.1 Afweging renovatie of sloop-nieuwbouw (o.a. verdichten met behoud cultuurhistorische waarde) Leidraad voor het stedenbouwkundig plan zijn de uitgangspunten van het AUP. Ongeveer de helft van de bestaande bebouwing in de Kolenkitbuurt Midden wordt gerenoveerd, het andere deel wordt vervangen door nieuwbouw. Het te renoveren gedeelte is het blok gelegen aan de Akbarstraat en het westelijke gedeelte van de Schaapherdersstraat. De bebouwing aan de overkant (oostelijk deel Schaapherdersstraat en Sinjeur Semeynsstraat) wordt gesloopt en nieuw gebouwd. De Piggelmeewoningen aan het Piet Paaltjenspad krijgen een nieuwe functie ten behoeve van (commerciële) voorzieningen. De Investeringsnota heeft betrekking op de nieuwbouw/transformatie. De drie keuzes worden apart toegelicht.

Renovatie Om tot de keuze renovatie te komen heeft woningstichting Rochdale de volgende afwegingen gemaakt: • Het blok, ook wel het Tweede Akbarblok genoemd, heeft een belangrijke waardering, zowel stedenbouwkundig (orde 1) als architectonisch (orde 2). Het woningblok wordt gezien als kenmerkend en belangrijk voor behoud van het oorspronkelijke straatbeeld van de Kolenkitbuurt. • De relatief kortere voorbereidingstijd van renovatie ten opzichte van nieuwbouw. Het biedt de mogelijkheid om de huidige bewoners op korte termijn een kwalitatief betere woning aan te bieden. • Het schept kansen om de bewoners van het te slopen gebouw tijdelijk onder te brengen in de gerenoveerde woningen. • De bestaande woninggrootte in dit blok is ook onderdeel van het geplande woningprogramma, sloop is daarom niet noodzakelijk. • Bij renovatie zijn minder materialen nodig, wat grondstoffen bespaart. • Het blijkt mogelijk woonruimte op de begane grond aan de straat te maken, waar nu bergingen zijn. Hierdoor verbetert de sociale controle en de relatie tussen de woningen en de straat.

Sloop-nieuwbouw • Het ‘Sinjeur Semeynsblok’ heeft door de renovatie-ingrepen uit het verleden nog maar een beperkte architectonische waarde (basisorde). • De mogelijkheid om extra woningen toe te kunnen voegen (ook in de middeldure en vrije sector). • De mogelijkheid om woningen te realiseren voor de gewenste doelgroepen zoals grotere gezinswoningen, ouderenwoningen, jongerenwoningen en rolstoelwoningen. • Veel van de huidige bewoners hebben aangegeven een voorkeur te hebben voor nieuwbouw (ten opzichte van renovatie). • Ruimte kunnen bieden aan voorzieningen die bijdragen aan de leefbaarheid in de buurt. • De buitenruimtes en groenstructuur opnieuw en beter kunnen invullen. • Met de gewenste kwaliteitsverbetering is nieuwbouw qua stichtingskosten financieel aantrekkelijker. • Het kunnen realiseren van zeer energiezuinige woningen. • Aantrekkelijke woningen kunnen realiseren door onder andere het optimaliseren van gebruiksruimten, buitenruimten en bergingen en dergelijke. • Realiseren van woningen die makkelijker en goedkoper te beheren zijn.

Transformatie Aan de keuze om de Piggelmeewoningen aan het Piet Paaltjenspad om te bouwen tot voorzieningen, liggen de volgende argumenten ten grondslag: • De “Piggelmeewoningen” hebben een belangrijke waardering, zowel stedenbouwkundig (orde 1) als architectonisch (orde 2.) De rijtjes laagbouwwoningen aan de groene plantsoentjes worden gezien als kenmerkend en belangrijk voor behoud van het oorspronkelijke karakter van de Kolenkitbuurt. • De technische kwaliteit van de huidige woningen is slecht. • De woonkwaliteit is laag: de woningen zijn klein en daardoor niet (meer) geschikt als seniorenwoningen (waar ze oorspronkelijk voor bedoeld waren). • De woningen liggen centraal in de buurt, aan de centrale langzaam­ verkeersroute door de buurt: de Leeuwendalersweg. Hoofdstuk 4 Uitgangspunten vernieuwing

16

• Vanuit de buurt is er veel behoefte aan extra voorzieningen en ruimte om elkaar te ontmoeten. • Door de indeling om te draaien en de gebouwtjes een voorkant te geven aan de Leeuwendalersweg, wordt deze route aantrekkelijk en verbetert de sociale veiligheid. • De voorzieningen kunnen een goede combinatie vormen met de naast­ gelegen plantsoentjes die nu weinig gebruikt worden. • Een andere inrichting biedt de beste kansen om het huidige volume en karakter van de strookjes te behouden.

4.2 Voorzieningen Vanuit de sociale opgave in het gebied is de behoefte aan ruimte voor ontmoeting en samenkomst groot. Wat betreft het niet-wonen programma zijn buurtfuncties nodig die bijdragen aan de levendigheid, het veiligheidsgevoel (ogen op straat) en verbinding en ontmoeting van verschillende groepen bewoners.

Maatschappelijke voorzieningen Het beleid voor maatschappelijke voorzieningen is vastgelegd in het beleid voor onderwijs, sport, zorg, cultuur, basisvoorzieningen, groen en openbare ruimte. De ruimtelijke gevolgen voor de groei van de stad zijn vastgelegd door het college in de in 2018 vastgestelde ‘referentienormen voor maatschappelijke voorzieningen, groen en spelen’. Deze normen zijn als uitgangspunt opgenomen in de Omgevingsvisie Amsterdam 2050 (OVA). Het realiseren van een complete stad, inclusief alle benodigde voorzieningen, staat in de OVA centraal. Doel is de groei van de stad in de verschillende planfasen te voorzien van een voldoende maatschappelijk programma, inclusief ruimte voor sport, groen en recreatie, omdat we bouwen aan een gezonde en sociaal duurzame stad. De Kolenkitbuurt omvat meer dan het grondexploitatiegebied waarover deze investeringsnota gaat. De referentienormen moeten dan ook in het grotere geheel bekeken worden.

Een gezonde buurt Een goed ingerichte leefomgeving draagt bij aan een gezondere leefstijl en aan het voorkomen van ziekten. De vijf belangrijkste kenmerken van een gezonde omgeving zijn: rookvrij, een gezond voedselaanbod, een gezond buitenmilieu (geen luchtverontreiniging en geluidsoverlast), voldoende beweegmogelijkheden en ruimte voor rust en sociale ontmoeting. Het is belangrijk dat er aandacht is in de openbare ruimte voor ontmoeting en verbinding, zelfbeheer en sociale programmering.

Groennormen

Leeuwendalersweg

De World Health Organization (WHO), heeft in haar betrokkenheid bij het onderwerp gezondheid een document geproduceerd over groen in de stad en berekend dat elke stad tenminste 9 m2 groene ruimte per inwoner Hoofdstuk 4 Uitgangspunten vernieuwing

17

moet aanbieden. Deze hoeveelheden zijn opgenomen in de Amsterdamse referentienorm. Een optimale hoeveelheid groen ligt tussen de 10 en 15 m2 per persoon. Dit komt neer op 20 tot 30m2 per woning. Binnen het nieuwe plangebied halen we, ondanks de verdichting, de groennorm met zo’n 20 m2 groen per woning. Wanneer het uitgegeven groen wordt meegerekend wordt dit nog wat hoger, zo’n 25 m2 per woning. Daarnaast is er behoefte aan meer speelruimte voor kinderen en plekken voor sociale ontmoeting. Deze behoefte wordt meegenomen in het plan voor de openbare ruimte. Ruimte voor spelen is en komt er bijvoorbeeld aan het Lidewijdepad.

Sport- en speelplekken De gebruiks-en belevingskwaliteit van de speelplekken in de buurt wordt versterkt. Aandachtspunten zijn speel- en sportvoorzieningen voor verschillende leeftijden, aandacht voor kinderen tot 4 jaar en veilig spelen voor de deur. Daarnaast draagt een goed groenplan voor de buurt bij aan de belevings- en gebruikswaarde van het groen voor de buurtbewoners, dat bewegen en ontmoeten stimuleert.

(Buurt)initiatieven zoals buurtmoestuinen De gezamenlijke moestuin binnen het blok aan de Sinjeur Semeynsstraat is een belangrijke voorziening die bijdraagt aan de sociaaleconomische opgave. De gezamenlijke tuin zorgt voor sociale samenhang en is voor velen een zinvolle (vrije)tijdsbesteding die bijdraagt aan het welzijn van bewoners. Het is daarom de ambitie om deze voorziening in de toekomstige situatie te behouden.

Commerciële voorzieningen De omgevingsvisie, Koers 2025 en de Woonagenda 2025 benadrukken het belang van Amsterdam om een complete stad te maken waarbij voor­zieningen zich dicht bij de woningen bevinden. Het is daarom belangrijk het bestaande oppervlakte aan economische functies te behouden. De Omgevingsvisie 2050 stelt dat behoud en inpassing van bedrijvigheid in gemengde wijken doorslaggevend is voor een sterke economie en gelijke kansen voor alle Amsterdammers. Naast bovenstaand beleid is voor het Stedenbouwkundig Plan ook rekening gehouden met de uitgangspunten uit overige beleidsstukken zoals het Detailhandelsbeleid, Horecabeleid West en het afwegingskader voor het omzetten van kleinschalige bedrijfsruimte Amsterdam.

Op dit moment zitten er, naast woningen, al een aantal voorzieningen aan De Wiltzanghlaan. Deze voorzieningen dienen zoveel mogelijk behouden te worden. De hoekpanden in de straat zijn hier het meest geschikt voor, samen met de te transformeren Piggelmeegebouwen. In stadsdeel West is vraag naar kinderdagverblijven (KDV). De Piggelmee­ woningen aan het Piet Paaltjenspad worden getransformeerd ten behoeve van (commerciële) voorzieningen. Hier wordt door Rochdale ook gedacht aan voorzieningen met een meerwaarde voor de buurt, zoals een kinderdagverblijf, eerstelijnszorgvoorzieningen zoals een huisarts maar ook andere commerciële buurtfuncties zoals een wasserette, ijssalon of fietsenmaker zijn hier denkbaar.

4.3 Bestemmingsplannen/omgevingswet Het plangebied is overwegend gelegen tussen de Wiltzanghlaan, Leeuwendalersweg, de Akbarstraat en de ringweg A10. Het bestemmings­ plan ‘BP_Kolenkitbuurt’ is hier van toepassing. De bouwcontouren zitten in dit bestemmingsplan strak rond de bestaande bebouwing. Op grond van artikel 4.6 van de Invoeringswet Omgevingswet, maken bestemmingsplannen als bedoeld in artikel 3.1 van de Wet ruimtelijke ordening per 1 januari 2024 onderdeel uit van het (tijdelijk deel van het) omgevingsplan. Een voorgenomen initiatief dat in strijd is met het bestemmingsplan, is dus automatisch in strijd met het (tijdelijk deel van het) omgevingsplan. Indien meer bouwruimte wordt gevraagd dan het bestemmingsplan toestaat, is een omgevingsvergunning nodig om de strijd met de regels uit het Omgevingsplan op te heffen door een buitenplanse omgevingsplanactiviteit (BOPA). Het meest Westelijk gelegen Piggelmeeblok maakt onderdeel uit van het bestemmingsplan ‘Kolenkitbuurt Middengebied’. Voor dit ‘ontwikkel’bestemmingsplan geldt dat bewust veel ruimte is gecreëerd voor bouw­ plannen, zodat het bestemmingsplan de gewenste ontwikkelingen niet in de weg staat.

Hoofdstuk 4 Uitgangspunten vernieuwing

18

5 Duurzaamheid en Milieu

19

Duurzame gebiedsontwikkeling en transformatie gaat niet alleen over het bouwen van woningen. Het betekent ook het ontwikkelen van een groene, schone en leefbare stad, die generaties lang meegaat. Het duurzaamheidsbeleid voor duurzaam ontwikkelen kent de volgende thema’s: 1. Circulair (duurzaam) gebouwde omgeving; 2. Duurzame energie en aardgasvrij; 3. Klimaatadaptatie; 4. Natuurinclusief bouwen; 5. Uitstootvrije mobiliteit en schone lucht. Voor het uiteindelijke ontwerp moet een aantal afwegingen worden gemaakt met betrekking tot duurzaamheid. Gezien het stedenbouwkundig plan en het nu geldende beleid op duurzaamheid kunnen voor de ontwikkeling van de Kolenkitbuurt Midden de volgende kansen worden benoemd.

5.1 Circulair (duurzaam) gebouwde omgeving Voor nieuwbouw geldt ten aanzien van circulair bouwen de Milieuprestatie Gebouwen (MPG) van 0,8 voor woningen en het gebruik van FSC-hout. De aanscherping van de normering circulair bouwen per 1 januari 2025 betekent onder andere: • De MPG voor woningen gaat naar 0,5 en voor kantoren naar 0,85; • Voor overige functies wordt een MPG geïntroduceerd; • CO2-emissie gaat zwaarder meewegen in de uitkomst van de milieu­ prestatieberekening;

opslag en materiaalgebruik. Voor de ambities op circulair ontwikkelen in Kolenkitbuurt Midden geldt dat: • De woningcorporatie een inventarisatie laat maken voor het hergebruik van materialen bij sloop nieuwbouw. • De woningcorporatie haar woningbouwplannen gaat ontwerpen op een MPG van 0,5 of minder; • De woningcorporatie waar mogelijk adaptief bouwt • Geen uitlogende materialen worden toegepast; • De gemeente probeert in de openbare ruimte zoveel mogelijk her­ gebruikte materialen toe te passen, zonder de Puccini uitgangspunten te schaden. De Puccinimethode is de standaard voor het Amsterdamse straatbeeld. We richten er al onze straten, pleinen en plantsoenen mee in. Deze standaard staat voor een kwalitatief goede fysieke inrichting van de openbare ruimte. Waar mogelijk worden materialen die vrijkomen tijdens werkzaamheden elders in de stad hergebruikt.

5.2 Duurzame energie en aardgasvrij Alle nieuwbouw, zowel woningbouw als utiliteitsbouw, moet wettelijk minimaal voldoen aan de eisen voor Bijna Energieneutrale Gebouwen (BENG) en aan Temperatuur Overschrijding in juli (TOjuli).

Warmte en koeling Conform ‘Amsterdam Aardgasvrij’ en de Wet VET (Voortgang energietransitie) is bij nieuwbouw geen gasaansluiting meer toegestaan. De Kolenkitbuurt Midden valt niet in het concessiegebied voor stadswarmte waarbij de aansluitplicht op stadswarmte geldt. Dit betekent dat Rochdale ook voor andere oplossingen kan kiezen zoals een Warmte Koude Opslag (WKO) voor verwarmen en koelen.

Het Nieuwe Normaal Verder streeft de gemeente Amsterdam er in de Strategie Amsterdam Circulair naar om te bouwen volgens het Nieuwe Normaal (HNN). HNN kent 10 circulaire bouwprincipes. Het toepassen van deze principes in het ontwerp en de bouw leidt tot een meer circulair gebouw en bijbehorende openbare ruimte ten aanzien van onder meer milieu-impact (MPG), CO2-uitstoot/

Ontwikkelende partijen moeten in het ontwerp rekening houden met passieve koelingsmaatregelen om extra belasting op het elektriciteitsnet te voorkomen. Installaties dienen inpandig op eigen terrein te worden opgelost. Voor de ambities op duurzame energie in de Kolenkitbuurt Midden betekent dit het volgende:

Hoofdstuk 5 Duurzaamheid en Milieu

20

• De corporatie zet het dakoppervlak maximaal in voor het opwekken van elektriciteit door zonnepanelen. In combinatie met een groen/blauw dak leveren panelen een beter rendement op; • De corporatie plaatst in alle woningen slimme apparatuur die inzicht geeft in energieverbruik en daarmee helpt bij energiebesparing en gedragsverandering.

5.3 Klimaatadaptatie Om wateroverlast en waterschade bij extreme regenbuien tegen te gaan, is op grond van de Hemelwaterverordening bij nieuwe bouwwerken verplicht het hemelwater op eigen perceel te bergen. Vertraagd afvoeren van hemelwater wordt bij voorkeur gedaan door het in de bodem te infiltreren of via het (eventueel nabijgelegen) oppervlaktewater. Als dit niet mogelijk is, vanwege bijvoorbeeld hoog grondwater zoals hier, mag hemelwater vertraagd worden afgevoerd via het riool. De gemeente heeft de wettelijke zorgplicht om afvloeiend hemelwater over het openbaar gebied te verwerken. In het door het college vastgestelde Omgevingsprogramma Riolering 2022-2027 (OPR) staat hoe de gemeente Amsterdam deze verantwoordelijkheid invult. In de Strategie Klimaatadaptatie wordt nadruk gelegd op het voorkomen van hittestress en andere ingrepen voor het rekening houden met verdergaande verandering van het klimaat. Voor de ambities op klimaatadaptatie in Kolenkitbuurt Midden betekent dit dat: Zowel het ontwerp van de openbare ruimte als het private binnenterrein van de woningcorporatie zo groen mogelijk ingericht wordt.

Vanwege de hoge grondwaterstand geen infiltratie in de bodem mogelijk is en hemelwater via drains naar de riolering afgevoerd moet worden; Er nader onderzoek wordt gedaan naar hittestress en regenbestendigheid (rainproof) en de uitkomsten hiervan verwerkt worden in het ontwerp voor de openbare ruimte; De woningcorporatie op het eigen terrein een wateropvang realiseert die gebruikt kan worden voor de bewatering van het groen. Dit kan op het dak in combinatie met groen en zonnepanelen of wellicht in de binnentuin.

5.4 Natuurinclusief bouwen Groen in de openbare ruimte, aan de gevel en op de daken van gebouwen leveren een belangrijke bijdrage aan klimaatadaptatie, het bevorderen van de biodiversiteit en een prettige leefomgeving. In het ontwerp voor het binnenterrein ambieert Rochdale zich waar mogelijk aan het 30 punten­ systeem ‘Natuurinclusief Bouwen’ te houden in overleg met een (stads) ecoloog. De corporatie levert hiervoor in de voorlopige- en definitieve ontwerpfase een groenplan aan met daarin afspraken over het beheer. In het ontwerp voor de openbare ruimte wordt rekening gehouden met plantensoorten die van nature in Nederland voorkomen en verschillende insectenhotels in overleg met een (stads)ecoloog.

5.5 Uitstootvrije mobiliteit en schone lucht De gemeente wil in 2030 voldoen aan de adviesnormen van de World Health Organization. Het Actieplan Schone Lucht omschrijft hoe de gemeente dat aanpakt. Alle nieuwbouwplannen en transformatieplannen worden getoetst aan de parkeernorm voor auto, fiets en scooter. Met de Agenda Autoluw is de inzet om het autogebruik zoveel mogelijk te beperken door een lage autoparkeernorm en het stimuleren van fiets en openbaar vervoer. Het parkeren van auto’s gebeurt in principe op de eigen kavel. Verder staan in het actieplan de volgende ambities: • Fietsgebruik wordt gestimuleerd bij nieuwe woningen door goede toegankelijkheid met voldoende (inpandige) ruimte voor (bak)fietsen/ scooters en een aantal oplaadpunten voor elektrische fietsen en scooters. • Duurzame bouwlogistiek wordt gestimuleerd. Bouwlogistiek is de grootste logistieke stroom in de stad en heeft ook de meeste impact (stikstof, luchtvervuiling et cetera) op de leefbaarheid. Ook zijn er gebieden in ontwikkeling waar wordt gewerkt met multimodale bouwhubs. • De gemeente stimuleert waar mogelijk uitstootvrije bouwwerktuigen of bouwwerktuigen met een schone emissienorm. Vanuit dit oogpunt moet er gewerkt worden met elektrisch aangedreven mobiele werktuigen en als dit niet haalbaar is geldt de minimale fasenorm IIIB (nationale wetgeving).

Hoofdstuk 5 Duurzaamheid en Milieu

21

Voor de ambities voor schone lucht in de Kolenkitbuurt Midden betekent dit dat: • Er rekening wordt gehouden met voldoende (inpandige) ruimte voor scooters, scootmobielen en een aantal oplaadpunten voor elektrische tweewielers; voorwaarden hiervoor zijn opgenomen in de bouwbrief; • De woningcorporatie zorgt tijdens de bouw voor duurzame bouwlogistiek en stimuleert het gebruik van schone werktuigen; • Lopen en fietsen wordt gestimuleerd door het verbeteren van de bereikbaarheid en toegankelijkheid van de gebouwen. De inrichting van openbare ruimte sluit hierop aan.

Hoofdstuk 5 Duurzaamheid en Milieu

22

6 Onderzoeks­ resultaten

23

De volgende onderzoeken zijn verricht: bodemonderzoek, onderzoek ontplofbare oorlogsresten, bomeninventarisatie en bomeneffectanalyse, archeologie, quickscan natuur, rainproof, waterbalans en kabels & leidingen.

6.1 Bodemonderzoek Verkennend advies bodem/ondergrond Voor wat betreft de bodemkwaliteit is gekeken naar de bodemopbouw, historische bodeminformatie, en de milieuhygiënische kwaliteit. Op basis van historische bodemgegevens is de verwachte algemene bodemkwaliteit van het plangebied dat het licht verontreinigd is. Op basis van de resultaten van het historisch onderzoek blijkt dat vanuit milieuhygiënisch oogpunt geen belemmeringen zijn met betrekking tot de voorgenomen herontwikkeling. Voorafgaand aan de daadwerkelijke realisatie zullen, door een bodemonderzoek, plaatselijk de gegevens met betrekking tot de bodemkwaliteit geactualiseerd worden. Daarnaast zal op basis van de AB2016 (algemene erfpachtbepalingen) een recent bodemonderzoek (< 5 jaar) als bijlage bij de erfpachtaanbieding worden gevoegd die betrekking heeft op het uit te geven kavel.

Onderzoek ontplofbare oorlogsresten Het nog te ontwikkelen gebied in de Kolenkit werd verdacht van gedumpte munitie. Om deze reden is er een vooronderzoek uitgevoerd dat heeft geleid tot een Projectgebonden Risicoanalyse/Maatwerkadvies. Hieruit is naar voren gekomen dat het niet aannemelijk is dat er binnen het projectgebied munitiedump heeft plaatsgevonden. Er is daarom geen reden om een NGE-verwachtingsgebied naar aanleiding van loopgraven af te bakenen.

6.2 Bomenonderzoek: bomeninventarisatie en bomeneffectanalyse Rondom het gebied van het Sinjeur Semeynsblok heeft in 2022 een bomeninventarisatie plaatsgevonden. Hieruit blijkt dat er geen bomen met cultuurhistorische waarde aanwezig zijn. Wel hebben de bomen hun

waarde met betrekking tot stadsschoon, schaduw, demping van warmte en productie van zuurstof. In 2023 is voor het gehele plangebied een Boom Effect Analyse (BEA) verricht. De bomen binnen het plangebied staan niet op de monumentale bomenlijst. Er zijn een drietal bomen in het plangebied die op basis van het nog op te stellen maaiveldontwerp ontwerp openbare ruimte verder beoordeeld worden om te bepalen of ze mogelijk aan de lijst van te beschermen bomen moeten worden toegevoegd. Aan de noordzijde van het plangebied bevindt zich de Wiltzanghlaan, waarvan de bomen binnen de bufferzone van de hoofdbomenstructuur liggen. In totaal zijn 191 bomen beoordeeld, waarvan 28 bomen zich bevinden in het struikgewas op de dijkhelling van de A10. Het bomenbestand in het plangebied is met 36 verschillende boomsoorten divers. De conditie van alle bomen is onderzocht, waarbij de meerderheid (125 stuks) als redelijk tot goed wordt beoordeeld. Daarbij hebben 52 bomen een matige en 9 bomen een slechte conditie. Op basis van de conditie en de standplaats van de bomen is een inschatting gemaakt van hun toekomstverwachting. Hieruit blijkt dat 24 bomen binnen het gebied een levensverwachting hebben van minder dan 10 jaar. Zelfs los van de renovatie- en herinrichtingsplannen zijn deze bomen niet duurzaam te behouden.

Sommige waardevolle bomen worden beïnvloed door verharding die tegen hun stammen drukt. Het verwijderen van oppervlakkige wortels kan aanzienlijke en mogelijk onherstelbare schade veroorzaken. Bij verdere ontwikkeling en inrichting van de buitenruimte moet hiermee rekening worden gehouden. Het ophogen van de wijk als oplossing voor grondwaterproblemen kan, wanneer binnen de bewortelde zone wordt opgehoogd, een negatieve impact hebben op bomen. Als de ophoging gefaseerd over meerdere groeiseizoenen wordt uitgevoerd, kunnen de bomen geleidelijk herstellen.

Hoofdstuk 6 Onderzoeksresultaten

24

Hoewel de herinrichtingsplannen nog niet volledig duidelijk zijn, is er een inschatting gemaakt van de impact op de bestaande bomen. Daaruit blijkt dat 60 bomen niet behouden kunnen worden. Belangrijke beeldbepalende bomen kunnen onder bepaalde voorwaarden behouden blijven met behulp van boombeschermende maatregelen. Voor bomen met een matige of slechte conditie wordt geadviseerd om deze vanuit beheeroogpunt te vervangen, omdat onder de huidige omstandigheden duurzaam behoud niet mogelijk is. In gebieden waar de herinrichtingsplannen al wel duidelijk waren, zijn adviesmaatregelen genoemd. Om het duurzaam behoud van bomen mogelijk te maken, is het belangrijk om aandacht te besteden aan de ondergrondse groeiplaatsen. In sommige gevallen moeten de groeiplaatsen van de bomen worden verbeterd (hier zijn methoden voor) om ze gezond oud te laten worden en om oppervlakkige wortelontwikkeling te verminderen.

Zij hebben getoetst op natuurbescherming, beschermde soorten in het kader van de natuurwetgeving en natuurbeleid, aanwezigheid van beschermde risicosoorten en de meekoppelkansen bij de uitvoering waarmee de natuurwaarden in en rond het gebied behouden of eventueel opgewaardeerd worden. Uit de QuickScan zijn de volgende resultaten voortgekomen:

Gebiedsbescherming Natura 2000, NNN, HGS, ES Het plangebied ligt tussen de 6,7 en 9,3 km van de dichtstbijzijnde Natura 2000 gebieden. Er is geen sprake van fysieke, negatieve of overige indirecte effecten van de werkzaamheden op die gebieden. Het plangebied ligt buiten en grenst tevens niet aan een NNN-gebied idem HGS en ES. Vervolgstappen zijn daardoor niet nodig. Bij de aanvraag van de omgevingsvergunning dient de initiatiefnemer een in het kader van stikstofuitstoot een AERIUS-berekening uit te laten voeren.

6.3 Archeologie

Soortenbescherming flora, reptielen, vissen en grondgebonden zoogdieren

Hieronder is een uitsnede van het plangebied te zien waarin de archeo­ logische verwachtingswaarden zijn benoemd. Hierin is te zien dat er mogelijke zeventiende- en achttiende-eeuwse bebouwing en historische wegen aanwezig zijn. Als ontgronding (afgraving) van de oorspronkelijk aanwezige bodem plaatsvindt, dient in de planvorming rekening te worden gehouden met archeologisch onderzoek, voorafgegaan door een Plan van Eisen (PvE). Dit verloopt via het bureau Monumenten & Archeologie Amsterdam.

Gezien het gebrek aan waarnemingen en de afwezigheid van geschikt biotoop, zijn vervolgstappen in het kader van Wet Natuurbescherming (Wnb) voor beschermde flora, reptielen en vissen niet nodig. Hetzelfde geldt voor de impact op marterachtigen. Ook hier is geen vervolg nodig gezien het plangebied geen essentieel onderdeel vormen van het leefgebied van marterachtigen. Wel is een eenmalige melding van het gebruik van deze vrijstelling nodig (meldingsplicht provincie Noord-Holland). Ook is te allen tijde de zorgplicht van kracht.

6.4 QuickScan natuur

Vleermuizen

Voor de ontwikkeling van de Kolenkitbuurt Midden is een QuickScan flora en fauna uitgevoerd. Onderzocht is of op de locatie dier- en/ of plantsoorten aanwezig zijn die op grond van de Wet natuurbescherming strikt beschermd zijn. Advies- en ingenieursbureau Witteveen en Bos heeft de voorgenomen werkzaamheden in de openbare ruimte van het plangebied en de eventuele effecten daarvan in beeld gebracht.

Het plangebied is geen essentieel deel van het foerageergebied van vleermuizen (het gebied waar ze voedsel zoeken). Ook is het geen onderdeel van een essentiële vliegroute. Hiermee is uitgesloten dat de vernieuwing leidt tot vernietiging van essentiële foerageergebieden of vliegroutes voor vleermuizen. Er bestaat echter een mogelijkheid dat in de omgeving van het plangebied foeragerende en overvliegende vleermuizen worden verstoord, wanneer de werkzaamheden zorgen voor geluid, licht

Hoofdstuk 6 Onderzoeksresultaten

25

of trillingen in het gebied. Tijdens de uitwerking dient het uitvoeringsplan getoetst worden op het effect van het/de te produceren geluid, licht en trillingen.

Boombewonende soorten Enkele bomen binnen het plangebied zijn mogelijk zomer-, kraamen paarverblijfplaatsen van boombewonende soorten zoals de rosse vleermuis of ruige dwergvleermuis. Voor het kappen van de bomen is vleermuisonderzoek volgens het vleermuisprotocol vereist. Een oplossing om de mogelijke verstoringscontour te verkleinen kan ook zijn het gebruiken van een alternatieve heimethode (intrillen of schroeven van heipalen). In dit geval zijn er geen vervolgstappen nodig in het kader van de Wet Natuurbescherming.

Vogels In het plangebied zijn geen vogelsoorten aanwezig waarvan de nesten jaarrond beschermd zijn. Als er tijdens de uitvoeringsfase in het broedseizoen werkzaamheden plaatsvinden, moet een deskundige ondanks bovenstaande wel eerst vaststellen dat er geen broedende vogels aanwezig zijn in het plangebied. Daarnaast zijn er in het plangebied wel verschillende (potentieel jaarrond beschermde) nesten waargenomen. Als de bomen waarin de nesten aanwezig zijn ook voor de werkzaamheden gekapt moeten worden, worden potentieel jaarrond beschermde nesten vernietigd. Daarom moeten deze nesten onderzocht worden op het gebruik door buizerd, havik en sperwer. Ook buiten en in de directe omgeving van het plangebied kunnen jaarrond beschermde nesten voorkomen. Als tijdens de verdere uitwerking van de plannen blijkt dat er werkzaamheden plaatsvinden die (plotselinge) sterke trillingen veroorzaken, zoals heien of het intrillen van palen, dan is er aanvullend soortgericht onderzoek nodig.

Amfibieën Vrijstelling voor artikel 3.10 van de Wet Natuurbescherming in het kader van ruimtelijke ingrepen is van toepassing voor bruine kikker, gewone

pad, meerkikker, kleine watersalamander en bastaardkikker. In het plangebied is geen geschikt leefgebied voor deze soorten gebleken. Een ontheffingsaanvraag voor deze soorten is daarom niet nodig. Wel is een eenmalige melding van het gebruik van deze vrijstelling nodig (meldingsplicht provincie Noord-Holland). Ook is te allen tijden zorgplicht van kracht. Het plangebied zelf is in haar huidige staat niet aantrekkelijk voor de rugstreeppad. Om aanwezigheid tijdens de uitvoeringsfase te voorkomen kunnen mitigerende maatregelen worden getroffen.

Vlinders, libellen en andere ongewervelden Vlindersoort Grote vos is meermalen verspreid door de omgeving van het plangebied waargenomen, zowel in parken als in woonwijken. Er zijn geen waarnemingen bekend van de Iepenpage in of direct rond (125 m) het plangebied. Tijdens het veldbezoek zijn geen sporen gevonden van beschermde ongewervelden.

Risicosoorten Er is een groeiplaats van de Aziatische duizendknoop bij Piet Paaltjenspad 12 in het plangebied. Risico op verspreiding is door de werkzaamheden aanwezig, daarom hoort volgens ‘Protocol uitgraven Japanse duizendknoop’ gewerkt te worden om te voorkomen dat deze soort verder wordt verspreid door de werkzaamheden. Overige invasieve planten zijn niet in het plangebied waargenomen.

Risicosoorten: fauna Bij de Schaapherderstraat staat een rij Moeraseiken, zij kunnen in bepaalde periodes eikenprocessierupsen bevatten. Als werkzaamheden plaats­ vinden moet vooraf in de maanden mei, juni, juli onderzocht worden of eikenprocessierups aanwezig is. Als deze aangetroffen worden, moeten passende maatregelen worden getroffen om de veiligheid van medewerkers te waarborgen. Voor de stadsduif is het plangebied niet van bijzondere waarde. Het advies is om ongeacht de periode van de start van de werk­ zaamheden een broedvogelcheck te laten uitvoeren op onder andere stadsduiven omdat deze jaarrond kunnen broeden.

Hoofdstuk 6 Onderzoeksresultaten

26

Natuurinclusieve maatregelen

6.6 Rainproof

Als er kasten voor huismus- en gierzwaluwkasten worden geplaatst, dan moeten deze in een groep van circa 6 kasten in de noordoostgevel van de nieuwbouw ingebouwd worden op de hiervoor passende hoogte ten aanzien van het maaiveld. Vleermuisverblijfplaatsen in nieuwe bebouwing: hierbij kan gedacht worden aan spouwmuurverblijfplaatsen en ruimte onder de A10 geschikt maken en inbouwkasten plaatsen. Verder wordt aangeraden het openbaar groen van de herinrichting van de Kolenkitbuurt in te richten door gebruik te maken van inheemse variëteiten van plantensoorten en verschillende soorten te plaatsen zodat biodiversiteit binnen het plangebied verbeterd wordt.

Ook het aspect van Rainproof is in de QuickScan klimaatadaptatie meegenomen. Volgens de doelstellingen van Amsterdam Rainproof wordt de Kolenkitbuurt Midden zodanig ontworpen dat een bui van 70 mm in één uur kan worden verwerkt, zonder schade aan huizen en vitale infrastructuur. Voor verwerking van het (overtollige) hemelwater geldt de drietrapsstrategie ‘vasthouden, bergen, afvoeren’. Op basis van deze waarden is de “water op straat situatie” gevisualiseerd. Er is slechts een beperkt risico op wateroverlast bij extreme neerslag. De volgende aanbevelingen worden in de volgende planfase uitgewerkt:

6.5 QuickScan klimaatadaptatie Er is in dit kader reeds een QuickScan klimaatadaptatie uitgevoerd. Hieruit is gebleken dat er in het gebied een te hoge grondwaterstand is, die niet voldoet aan het nu geldende beleid. In het plangebied is er sprake van nieuwbouw en bestaande bouw. Ter plaatse van de bestaande bouw is het niet mogelijk om in grote mate op te hogen. Tijdens het ontwerpproces van het maaiveld dient gekeken te worden naar een optimale ophoging om een zo groot mogelijke drooglegging te realiseren met een goede aansluiting op de drempels van de bestaande woningen. Als aanvullende maatregel wordt er een waterafvoer aangebracht op plekken waar een ophoging maar beperkt aangebracht kan worden. Naast een te hoge grondwaterstand is er in het gebied ook sprake van hittestress. De aanbevelingen in dit kader zijn: maak schaduwplekken door bomen en ander groen, vooral bij de belangrijkste wandel- en fietsroutes en gebruik inheemse bomen met een breed bladerdek en wortelgestel waarbij rekening gehouden wordt met de hoge grondwaterstand. Verder zijn daken en gevels geschikt om planten aan toe te voegen voor het opvangen van water en om hittestress tegen te gaan.

• Regen lokaal bergen en vertraagd afvoeren, bijvoorbeeld door berging op straat. • Het toekomstige ontwerp toetsen op Rainproof. Hiermee kunnen eventuele knelpunten vroegtijdig worden gesignaleerd en kan het ontwerp hierop worden aangepast. Een ontwerp dient ten minste tot VO (voorlopig ontwerp) te zijn uitgewerkt om deze berekening te kunnen uitvoeren. Ook wordt aanbevolen om periodiek een wateradviseur mee te laten kijken met de voortgang, om zo tijdig en laagdrempelig advies te krijgen.

6.7 Watercompensatie Bij een toename van verhard oppervlak wordt dit gecompenseerd door binnen hetzelfde watersysteem nieuw oppervlaktewater toe te voegen ter grootte van minimaal 10 procent van de verhardingstoename. Onder voorwaarden kan compensatie worden gerealiseerd door alternatieve waterberging. In geval van verplichte watercompensatie wordt advies gevraagd aan Waternet. De wateropgave voor Kolenkitbuurt Midden (en ook de overige resterende plannen in de Kolenkitbuurt) moet breed worden gezien. In het bestemmingsplan van 2006 is voor het Vernieuwingsplan Kolenkitbuurt een waterbalans opgesteld. Tijdens het realiseren van de plannen is niet gemonitord hoe de realiteit zich verhoudt tot de originele plannen. Op basis van een vergelijking van de oorspronkelijke situatie

Hoofdstuk 6 Onderzoeksresultaten

27

(in 2003) met de huidige situatie, gecombineerd met het uitvoeringsplan Kolenkitbuurt Midden en de Ringspoorzone Noord is berekend dat voor deelgebied Midden geen extra watercompensatie vereist is. De resultaten zijn met Waternet afgestemd en akkoord bevonden.

6.8 Kabels en leidingen Er liggen diverse (hoofd)kabels en leidingen in het plangebied. Vanwege herstructurering van het gebied en het feit dat het overgrote deel van de leidingen van nutsvoorzieningen is verouderd, wordt een groot deel van het kabels- en leidingenpakket in de ondergrond vervangen door de betreffende nutspartijen. Het aanwezige hoofdnet van KPN in de Sinjeur Semeynsstraat blijft liggen en geldt als uitgangspunt voor de verdere planvorming. Ook de gebouwde voorzieningen van Liander aan het Lidewijdepad blijven liggen.

Hoofdstuk 6 Onderzoeksresultaten

28

Sinjeur Semeynsstraat

7 Stedenbouwkundig plan (toekomst­ perspectief) 30

7.1 Hoofdlijnen en ontwerp gebouwen Akbarblok Het tweede blok in het middengebied, ook wel het ‘Akbarblok’ genoemd (architectenorde 2), volgt een apart omgevingsvergunningstraject omdat het blok niet wordt gesloopt maar wordt gerenoveerd en deels getransformeerd. De verkaveling en volumes blijven gelijk aan de bestaande situatie. De woningen krijgen binnenisolatie en de plattegronden worden aangepast. Bergingen op de begane grond worden omgezet naar woonruimte en worden bij de bovenliggende woningen getrokken.

Piggelmeewoningen De drie karakteristieke strookjes met achttien voormalige ouderenwoningen, de “Piggelmeewoningen” aan het Piet Paaltjenspad, hebben architectuur­ orde 2 en volgen ook een apart omgevingsvergunningstraject. De sub­ commissie Integrale Ruimtelijke Kwaliteit (SIRK) heeft geadviseerd om de huidige bebouwing te behouden vanwege de erfgoedwaarde die de strookjes vertegenwoordigen binnen de Kolenkitbuurt. De Piggelmee­ woningen aan het Piet Paaltjenspad worden getransformeerd ten behoeve van (commerciële) voorzieningen. Hier wordt gedacht aan voorzieningen met een (maatschappelijke) meerwaarde voor de buurt, zoals een kinder­ dagverblijf, huisarts, wasserette, ijssalon of fietsenmaker.

Sinjeur Semeynsblok Het Stedenbouwkundig Plan is tot stand gekomen in samenwerking met woningcorporatie Rochdale en gaat over de sloop-nieuwbouw van het Sinjeur Semeynsblok met 222 woningen, grofweg gelegen tussen de Sinjeur Semeynsstraat en de De Schaapherderstraat. Het ontwerp voor het nieuwe blok baseert zich op een vergroting van de footprint, de bouwvolumes en het aantal woningen met ongeveer een factor anderhalf. Het huidige blok heeft vier woonlagen met bergingen op de begane grond. Het ontwerp volgt voor een groot deel de oorspronkelijk verkaveling uit het AUP. Om de verdichting en bouw van meer woningen te kunnen realiseren wordt ten zuiden van het Lidewijdepad de verkaveling

Impressie stedenbouwkundig plan

Hoofdstuk 7 Stedenbouwkundig plan (toekomstperspectief)

31

gewijzigd. De nu nog doorlopende Sinjeur Semeynsstraat is hier onderdeel geworden van een autovrij hof in een groter bouwblok, door toevoeging van een straatwand langs de A10 en het Lidewijdepad.

In 2023 is het stedenbouwkundig ontwerp opgesteld. Dit ontwerp is op hoofdlijnen akkoord bevonden door de Subcommissie Integrale Ruimtelijke Kwaliteit (SIRK).

Het blok bestaat uit een noordelijk en zuidelijk deel. Het noordelijk deel volgt de oorspronkelijke rooilijnen aan de straat maar door een toegenomen woningdiepte wordt het binnenterrein smaller. De twee delen worden gescheiden door het Lidewijdepad, en zijn in de De Schaapherderstraat verbonden door een lange straatwand. Het Lidewijdepad gaat via een onderdoorgang in de De Schaapherderstraat verder zoals in de bestaande situatie ook het geval is. In de Sinjeur Semeynsstraat wordt een hoger volume gebouwd van zeven bouwlagen, tegenover de Max Havelaarflat. De De Schaapherderstraat krijgt zes bouwlagen en de Wiltzanghlaan vijf.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/14943587/1