Voortgang Professioneel Controleren 2021
Tekst van het document
Professioneel Controleren
Voortgang 2021
2
Inleiding Jaarlijks wordt de voortgang van het plan gemeten om te bepalen waar de eenheid staat. Het betreft een door de politie intern uitgevoerd onderzoek. De aanpak wordt gemonitord via vier onderzoekslijnen: 1. Bekendheid van de politie met de maatregelen professioneel controleren; 2. Analyse van de politiecontroles; 3. Dialoog met jongeren; 4. Beleving van burgers bij politiecontroles. Onderzoekslijn 1: Bekendheid van de politie met de maatregelen professioneel controleren De eerste onderzoekslijn is een enquête onder politiemedewerkers. Hiervoor is een vragenlijst ontwikkeld, die de percepties van politiemedewerkers op de voortgang meet op de criteria: kennis, houding en gedrag. In totaal zijn 2935 operationele politiemedewerkers van de basisteams en de dienst operationele samenwerking benaderd voor deelname aan het onderzoek. De enquête is uiteindelijk door 411 medewerkers ingevuld. Dat komt neer op 14% respons. Kennis Er wordt geïnformeerd naar de mate waarin politiemedewerkers bekend zijn met geïntroduceerde maatregelen, die conform het Plan van Aanpak Professioneel Controleren 2019 – 2022 op de teams worden ingezet ter bevordering van de professionaliteit van controles om etnisch profileren te voorkomen. In onderstaande tabel zijn de resultaten van 2019 tot 2021 opgenomen. De meting laat een groei zien in de gerapporteerde bekendheid met de maatregelen.
Gelet op het belang dat de gemeenteraad hecht aan het kennen van het handelingskader1 (motie 859 van de raadsleden van Dantzig (D66), Roosma (GroenLinks), Taimounti (DENK), en van Lammeren (PvdD), is specifiek het handelingskader actief onder de aandacht van alle uitvoerende politiecollega’s gebracht. Door het te bespreken in briefings, bij geplande controles, bij de introductie van nieuwe collega’s of studenten en tijdens 1-op-1 gesprekken met ambassadeurs. Hierdoor zit de eenheid nagenoeg op 100% bekendheid2. Maatregel Handelingskader MEOS-app VR-training Workshop SDR/spotten Kennisquiz Ambassadeurs Dialoogbijeenkomsten Geen van maatregelen
1
2018 (BEKE) 28% 15% 6% 23% 31% geen data 17% geen data 35%
2019
2020
2021
67% 32% 14% 41% 35% 35% 40% 17% 14%
70% 54% 27% 53% 37% 36% 48% 21% 7%
85% 51% 48% 63% 47% 52% 71% 26% 6%
2022
De politie hanteert een handelingskader om etnisch profileren bij proactieve controles tegen te gaan. Zo heeft een
politiemedewerker bij het uitvoeren van een controle objectiveerbare aanleidingen nodig; etniciteit mag daarbij geen enkele grondslag vormen (neutraliteit). Ook geeft de medewerker uitleg aan de betrokkene wat de aanleiding is van de controle (actieve verantwoording en transparantie). 2
Goed om hierbij op te merken dat 100% bekendheid niet mogelijk is, bijvoorbeeld i.v.m. ziekte, verlof, studenten die wisselen
tussen school en praktijk en nieuwe instroom en uitstroom.
3
Belangrijker dan de 100% bekendheid is of agenten er ook naar handelen. Dit vraagt bewustwording en gedragsverandering. Met vijf vragen wordt de kennis van het handelingskader getoetst. Hieronder zijn de resultaten weergegeven. Op grond van de cijfers zien we een positieve ontwikkeling in het aandeel respondenten dat aangeeft dat bepaalde (subjectieve) informatie (e.g. onderbuikgevoel en statistische over-representatie van bepaalde herkomstgroepen in misdaadstatistieken) geen doorslaggevende rol mag spelen in de afweging om te controleren. Geef aan of jij denkt dat onderstaande factoren volgens het 'handelingskader proactief controleren' een doorslaggevende rol mogen spelen in de afweging om iemand te controleren. 1. Er is sprake van informatie die concreet wijst op strafbaar gedrag of een signalering 2. Het hebben van een onderbuikgevoel bij het zien van één of meerdere personen 3. Oververtegenwoordiging van bepaalde groepen in de misdaadstatistieken 4. Gedragingen en omstandigheden die ondubbelzinnig passen binnen een MO 5. Iemand die qua etniciteit niet thuishoort in een bepaalde buurt/straat
% correcte antwoorden 2019
2020
2021
geen data geen data geen data geen data geen data
96% 43% 73% 90% 86%
96% 59% 84% 91% 88%
2022
Houding Er wordt tevens gevraagd naar de mate waarin medewerkers het belang zien in het tegengaan van etnisch profileren. Ook wordt hen gevraagd of zij etnische diversiteit in het personeelsbestand belangrijk vinden. Hieronder zijn de resultaten van 2019 tot 2021 opgenomen. Binnen de eenheid is er een groeiend draagvlak voor de maatregelen, die de organisatie neemt om etnisch profileren tegen te gaan. Ook wordt het belang van een divers personeelsbestand meer onderkend. Indicatoren bij criterium ‘houding’ Periodieke toename in percentage functionarissen dat meerwaarde ziet in maatregelen voor professioneel controleren in de praktijk aandeel dat belangrijk vindt dat de organisatie aandacht heeft voor etnisch profileren aandeel teamchefs dat het voorkomen van etnisch profileren belangrijk vindt, volgens respondent (index) aandeel noodhulpcollega's dat het voorkomen van etnisch profileren belangrijk vindt, volgens respondent (index) Periodieke toename van het percentage medewerkers dat etnische diversiteit in het personeelsbestand belangrijk vindt. aandeel dat belangrijk vindt dat de organisatie meer medewerkers met een andere etnische achtergrond aanneemt
2019
Resultaten jaartal 2020 2021
78%
84%
88%
73%
84%
90%
54%
63%
72%
37%
72%
76%
2022
Gedrag In de enquête wordt naar gedrag en routines van de politiemedewerkers geïnformeerd. Hieronder zijn de resultaten opgenomen3. Hieruit blijkt dat verreweg de meeste deelnemers zeggen te selecteren op basis van afwijkend objectiveerbaar gedrag, hoewel een deel ook subjectieve informatie laat meewegen. Ten opzichte van vorig jaar valt op dat een groter deel qua routines te handelen conform handelingskader. De politiepraktijk is weerbarstig. Vaak is een controle een opeenstapeling van meerdere ‘plusjes’. Geef aan in welke mate jij onderstaande factoren een rol laat spelen in jouw afwegingen om iemand te controleren. Er is sprake van informatie die concreet wijst op strafbaar gedrag of een signalering Het hebben van een onderbuikgevoel bij het zien van één of meerdere personen Oververtegenwoordiging van bepaalde groepen in de misdaadstatistieken Gedragingen en omstandigheden die ondubbelzinnig passen binnen een MO Iemand die qua etniciteit niet thuishoort in een bepaalde buurt/straat 3
% dat 'vaak' of 'altijd' de volgende factoren laat meewegen in afweging controle 2019 2020 2021 2022 geen data 93% 95% geen data 26% 17% geen data 9% 4% geen data 73% 74% geen data 4% 2%
Dit is in de eerste rapportage 2019 niet gemeten.
4
In de vragenlijst wordt geïnformeerd naar de mate waarin men anderen elkaar ziet aanspreken op gedrag en de moeite die men ervaart om aangesproken te worden en kritiek te ontvangen. Ook wordt geïnformeerd naar de mate waarin de kwaliteit van controles besproken wordt tijdens (de)briefings. Uit eerdere analyses viel op dat het bespreken van controles als moeilijk wordt ervaren. Dit gaat steeds beter. De ambassadeurs hebben een belangrijke aanjagende rol in het voeren van gesprekken over de kwaliteit van controles. Indicatoren bij criterium ‘gedrag’ Toename in mate waarin collega’s elkaar aanspreken op elkaars gedrag; mate waarin respondent collega's elkaar heeft zien aanspreken op de wijze waarop een controle werd uitgevoerd. mate waarin respondent collega's moeite ziet hebben om aangesproken te worden op de wijze waarop ze controles uitvoeren mate waarin respondent collega's moeite ziet hebben om anderen aan te spreken op de wijze waarop ze controles uitvoeren
2019
Resultaten jaartal 2020 2021
33%
69%
77%
23%
22%
17%
26%
29%
26%
25%
77%
85%
2022
Verbetering in zelfreflectie bij politiefunctionarissen via gedragsvragen op verschillende niveaus (vragen over eigen optreden en dat van collega’s); mate waarin respondent de kwaliteit van controles besproken heeft zien worden tijdens (de)briefings Verbetering in het percentage politiefunctionarissen dat aantoonbaar selecteert aan de hand van afwijkend gedrag in plaats van op uiterlijke kenmerken.
instrument wordt thans ontwikkeld
Ten aanzien van het instrument: binnenkort verschijnen hierover de eerste publicaties.
Onderzoekslijn 2: Analyse van de politiecontroles Binnen deze lijn wordt gekeken naar de bevragingen en controles, die via MEOS (Mobiel Effectiever Op Straat) zijn gedaan, met als doel te kunnen vaststellen of er een trend zichtbaar is in de mate waarop politiefunctionarissen selecteren aan de hand van afwijkend gedrag in plaats van op uiterlijke kenmerken. Een structureel onderzoek naar deze data op grote schaal is op dit moment in ontwikkeling en nog onvoldoende gevorderd om tot resultaten te leiden. In de Tweede Kamer is hier onlangs aandacht voor gevraagd door een motie hierover aan te nemen. Onderzoekslijn 3: Dialoog met jongeren In de Veiligheidsmonitor (onderzoekslijn 4) wordt aandacht besteed aan de ervaringen van burgers met de politie, in het bijzonder de percepties m.b.t. controles door de politie. Met name jongeren met een niet-westerse migratieachtergrond zijn in dat onderzoek sterk ondervertegenwoordigd. Om die reden is de Universiteit Twente gevraagd om de beleving van jongeren, die deelnamen aan groepsdialogen met de politie (onderzoekslijn 3), te peilen. Vragen die in dit onderzoek zijn gesteld lopen parallel met de vragen in de Veiligheidsmonitor. Binnen deze lijn wordt gekeken naar de perceptie van jongeren. In dialoogbijeenkomsten gaan agenten met jongeren in gesprek over wat er speelt in de wijk en over hun beleving ten aanzien van politiecontroles.
Vooraf en achteraf krijgen de deelnemers vragen van de Universiteit van Twente voorgelegd. De vraag die in dit onderzoek centraal staat, is wat de perceptie van moeilijk bereikbare jongeren met een niet westerse migratieachtergrond is ten aanzien van de rechtvaardigheid van controles door de politie. In de bijlage is het onderzoek ‘Dialogen met jongeren over Professionele controles’ opgenomen, uitgevoerd door de Universiteit Twente. Hoewel de bijeenkomsten relatief weinig hebben plaatsgevonden (i.v.m. corona), lijken ze op het eerste gezicht, volgens onderzoek, wel bij te dragen aan meer tevredenheid en vertrouwen in de politie. De onderzoeker stelt vast dat herhaaldelijke metingen en data nodig zijn om dit met meer zekerheid te kunnen vaststellen.
5
Onderzoekslijn 4: Beleving van burgers bij politiecontroles Voor deze onderzoekslijn zijn vragen aan de Veiligheidsmonitor Amsterdam toegevoegd 4, die inzicht geven in de tevredenheid van burgers over de politie en de mate waarin burgers het gevoel hebben dat zij rechtvaardig door de politie worden behandeld. Uit onderzoek blijkt dat de tevredenheid over politiecontroles dit jaar is toegenomen, ook onder mensen met een westerse en niet-westerse migratieachtergrond. Volgens de onderzoekers van OIS zaten er relatief gezien meer burgers met een westerse en niet-westerse migratieachtergrond in de survey. 11% van de respondenten uit de Veiligheidsmonitor 2021 geeft aan door de politie te zijn gecontroleerd. Dat komt redelijk overeen met eerdere metingen. Meer dan driekwart van de respondenten, die gecontroleerd zijn (82%), geeft aan de reden van de controle uitgelegd te hebben gekregen en bijna alle respondenten vond deze reden (zeer) duidelijk (88%). Driekwart (74%) vond de politie rustig, correct en respectvol. Dit zijn duidelijke verbeteringen ten opzichte van eerdere jaren. Wel geeft een iets groter deel aan het gevoel te hebben dat de reden van de controle te maken had met hun afkomst, huidskleur of uiterlijk (19%).
Als wordt gekeken naar de algemene tevredenheid over de politie, dan valt op dat ook dit cijfer het afgelopen jaar sterk is toegenomen; van 61% in 2020 naar 87% in 2021. Tevens is erg een grotere tevredenheid over het functioneren van de politie in de buurt; van 30% in 2020 naar 52% in 2021. Daar staat tegenover dat een aanzienlijk deel van mensen met een niet-westerse migratieachtergrond (vooral mensen met Antilliaanse, Surinaamse en Marokkaanse herkomst) het gevoel heeft dat de reden van hun controle te maken had met hun afkomst, huidskleur en/of uiterlijk, ook al zijn zij verhoudingsgewijs niet (veel) vaker gecontroleerd dan etnische Nederlanders. Net als bij de vorige metingen valt op dat mannen vaker aangeven te zijn gecontroleerd dan vrouwen, jongeren vaker dan ouderen, lager opgeleiden vaker dan hoogopgeleiden. Ook mensen met een niet westerse migratieachtergrond zeggen vaker gecontroleerd te zijn in 2021. Overeenkomstig de metingen uit voorgaande jaren valt ook in deze meting op dat opleiding, herkomst, woonplaats en leeftijd belangrijke voorspellers zijn voor de mate van onheus behandeld en gediscrimineerd voelen.
Tevredenheid politie controle Aandeel dat de afgelopen 12 maanden één keer of vaker is gecontroleerd Aandeel dat de laatste keer de reden voor de controle meegedeeld heeft gekregen Aandeel dat deze reden duidelijk vond Aandeel dat vindt dat politie hen rustig, respectvol en correct heeft benaderd
4
2019 10%
2020 9%
2021 11%
53%
51%
82%
59% 55%
66% 49%
88% 74%
Veiligheidsmonitor en vragen
1.
Hoe vaak bent u de afgelopen 12 maanden (naar schatting) gecontroleerd door de politie?
2.
Is u de laatste keer de reden voor de controle meegedeeld?
3.
In hoeverre vond u deze reden duidelijk?
4.
In hoeverre bent u het eens met de volgende stelling: Bij de laatste controle heeft de politie mij
5.
rustig, respectvol en correct benaderd.
6.
Hoe tevreden of ontevreden bent u over het totale functioneren van de politie in uw buurt?
Vanaf 2020 zijn de onderstaande vragen uitgebreid met4: 7.
Denkt u dat uw afkomst, huidskleur of uiterlijk voor de Amsterdamse politie redenen waren om u de laatste keer aan te spreken? (Nee/Ja)
8.
Indien ja: Kunt u dat toelichten?
6
Aandeel dat denkt dat afkomst, huidskleur of uiterlijk voor politie redenen waren om aan te spreken
N.v.t.5
17%
19%
Tevredenheid politie algemeen Aandeel dat tevreden is over laatste politiecontact Aandeel dat tevreden is over het functioneren van de politie in de buurt Aandeel dat denkt dat sommige mensen in dezelfde situatie sneller door de politie worden aangehouden
2019 63% 39%
2020 61% 30%
2021 87% 52%
32%
41%
52%
7