Tweede halfjaarrapportage MIRT-verkenning OVSA.pdf
Tekst van het document
2e halfjaarrapportage
MIRT-verkenning OV-verbinding Sloterdijk – Amsterdam centrum Rapportage over de periode januari 2025 tot en met juni 2025
Inhoud 1.
Inleiding
3
2.
Managementsamenvatting
5
3.
Wat hebben we bereikt?
6
4.
Vooruitblik komend half jaar
10
5.
Projectkaders
12
2
1. Inleiding Dit is de tweede halfjaarrapportage van de MIRT-verkenning OV-verbinding Sloterdijk – Amsterdam centrum (OVSA). In deze rapportage wordt terug geblikt op de voortgang van de MIRT-verkenning over de periode januari 2025 tot en met juni 2025. Daarnaast wordt een half jaar vooruitgekeken.
1.1
Start van de MIRT-verkenning
De startbeslissing voor de MIRT-verkenning is met het vaststellen van het startdocument genomen in het Bestuurlijk Overleg Leefomgeving (BOL) op 15 juni 2023 door de staatssecretaris van het Ministerie van Infrastructuur en Waterstaat. Daarmee zijn de afspraken uit het Bestuurlijk Overleg MIRT (BO MIRT) van november 2022, voor het starten van de MIRT-verkenning, bekrachtigd. Medio december 2024 hebben de 3 opdrachtgevende partijen afspraken over de scope, planning, verantwoordelijkheden en het beschikbare budget voor de uitvoering van de MIRT-verkenning vastgelegd in een bestuurlijke samenwerkingsovereenkomst (SOK). 1.2
Opgave en projectdoelstelling
Door de grootschalige binnenstedelijke gebieds-
Om Haven-Stad (Zuid) te ontwikkelen naar een hoog-
ontwikkeling van Haven-Stad (Zuid) en de rand
stedelijk, leefbaar en duurzaam woon- en werkgebied,
voorwaardelijke schaalsprong naar een hoogwaardig
en om (toekomstige) knelpunten in het OV-netwerken
OV-netwerk, is het nodig om de ontbrekende schakel
aan te pakken, werken Rijk en regio samen in de MIRT-
in het openbaar vervoer tussen Sloterdijk en Amsterdam
verkenning OVSA. Het doel is om te komen tot een
centrum te verkennen. Inclusief de aansluiting op
voorkeursalternatief voor de OV-ontsluiting die de
de nationale- en lokale/regionale OV-netwerken.
ontwikkeling van de eerste fase van Haven-Stad Zuid
Daarbij wordt gekeken naar vervoersbewegingen in
(vanaf 2035) mogelijk maakt. Daarbij wordt toekomst-
oost-westelijke en noord-zuidelijke richting en mogen
vastheid als beoordelingscriterium meegenomen.
bestaande OV-netwerken niet worden overbelast.
3
1.3
De projectpartners
1.4
Systematiek van de MIRT-verkenning
De MIRT-verkenning is een nauwe samenwerking tus-
Deze verkenning maakt gebruik van de MIRT-syste-
sen verschillende partijen. Hierin zijn het Ministerie
matiek. MIRT staat voor Meerjarenprogramma Infra-
van Infrastructuur en Waterstaat, de Vervoerregio
structuur, Ruimte en Transport en is een gebruikelijke
Amsterdam en de gemeente Amsterdam (Verkeer en
systematiek voor projecten en programma’s die de
Openbare Ruimte (V&OR) de drie opdrachtgevende
bereikbaarheid, veiligheid en ruimtelijke inrichting van
partijen. De programmaorganisatie Haven-Stad,
Nederland bevorderen. Een project of programma dat
ProRail, de Nederlandse Spoorwegen (NS), GVB en
de MIRT-systematiek volgt kent vier fasen: de voor-
het Ministerie van Volkshuisvesting en Ruimtelijke
bereidingsfase, de verkenningsfase, de planning- en
Ordening zijn de adviserende partijen.
studiefase en de aanlegfase. De komende jaren wordt in de MIRT-verkenning OVSA gewerkt aan de verken-
De Uitvoeringsorganisatie Infrastructuur en Energie
ningsfase.
(UIE) van de gemeente Amsterdam is opdrachtnemer voor het projectmanagement van de MIRT-verkenning
In de MIRT-verkenning worden alle denkbare oplossin-
en heeft een onafhankelijke projectorganisatie ingericht.
gen verzameld en de haalbare oplossingen uiteengezet
De projectorganisatie is in februari 2024 gestart.
om vervolgens te trechteren naar één slimme, duurzame en haalbare oplossing: het voorkeurs alternatief. De verkenningsfase eindigt met een voorkeursbeslissing over het voorkeursalternatief voor het mogelijk maken van de ontwikkeling van de eerste fase van Haven-Stad Zuid (vanaf 2035).
Systematiek van de MIRT-verkenning
4
2. Managementsamenvatting Scope
Uitdagingen en risico’s
In december 2024 hebben de
De MIRT-verkenning kent ver-
afspraken vastgelegd over de scope,
Er wordt een overzicht bijgehouden van
beschikbare budget voor de uitvoering van
onderzoek kunnen beïnvloeden.
de MIRT-verkenning is nader uitgewerkt in
met betrokken partijen gedeeld. Binnen de
uitgangspunten van de projectorganisatie.
de beheersing van de belangrijkste risico’s.
verslagperiode niet gewijzigd. Het afgelopen
binnen het huidige financiële kader een
een lange lijst met alle mogelijke oplossings
vervoerwaarde heeft voor de eerste fase en
3 opdrachtgevende partijen
schillende uitdagingen en risico’s.
planning, verantwoordelijkheden en het
risico’s die de voortgang of kwaliteit van het
de MIRT-verkenning, in een SOK. De scope van
Dit overzicht wordt regelmatig bijgewerkt en
het vastgestelde projectplan en de nota van
MIRT-verkenning wordt actief gestuurd op
De scope van de MIRT-verkenning is in de
De grootste uitdaging momenteel is om
half jaar stond in het teken van het komen tot
oplossing te ontwikkelen die voldoende
richtingen voor de MIRT-verkenning, de
óók toekomstvast is op de lange(re) termijn.
zogenoemde ‘longlist’.
Financiën
Planning In de vorige halfjaarrapportage is beschreven dat de mijlpalen
voor de MIRT-verkenning in het projectplan van de projectorganisatie vigerend zijn.
Deze zijn gewijzigd ten opzichte van de SOK. Samen met het ingenieursbureau is de
definitieve planning inclusief een aantal kleine buffers vastgesteld. Hiermee is de haal
baarheid van de planning toegenomen en koerst de projectorganisatie erop om eind
2027 de MIRT-verkenning inhoudelijk gereed te hebben. Daarna kan besluitvorming plaatsvinden.
Het taakstellend budget voor de
uitvoering van de MIRT-verkenning
is 25 miljoen euro(exclusief btw, prijspeil
juli 2024). De huidige verwachting is dat de MIRT-verkenning binnen het taakstellend budget kan worden voltooid.
Omgeving en communicatie Het participatieproces is
formeel gestart met de publicatie
en terinzagelegging van de kennisgeving voornemen en participatie. De reacties op
de 15 ontvangen zienswijzen zijn gebundeld in de overzichtsnota. De overzichtsnota is in juni 2025 gepubliceerd. Daarnaast markeren de livegang van de projectwebsite en
Legenda
de eerste fysieke participatiebijeenkomst Binnen de vastgestelde projectkaders, beheersbaar
belangrijke mijlpalen in het participatie- en communicatieproces.
door projectorganisatie.
Kwaliteit en organisatie Buiten de vastgestelde projectkaders, beheersbaar door projectorganisatie.
Na het doorlopen van een
aanbestedingsprocedure is eind
januari 2025 het ingenieursbureau gestart. Daarnaast is per 1 maart 2025 de nieuwe
Buiten de vastgestelde projectkaders, niet beheersbaar door projectorganisatie, escalatie naar het opdrachtgevers.
ambtelijk opdrachtgever van de Vervoerregio Amsterdam gestart. De projectpartners en
de projectorganisatie staan gesteld voor het uitvoeren van de verkenning.
5
3. Wat hebben we bereikt? Het afgelopen half jaar stond in het teken van het komen tot een lange lijst
met alle mogelijke oplossingsrichtingen voor de MIRT-verkenning, de zogenoemde ‘longlist’. Samen met de projectpartners en de omgeving zijn
we tot deze longlist gekomen. In het derde kwartaal van 2025 wordt de rapportage longlist vastgesteld. Daarnaast markeerde de publicatie van
de kennisgeving voornemen en participatie op 12 maart 2025 de formele start van het participatietraject. 3.1
Omgeving, communicatie en participatie
De inspanningen leverden 46 reacties op. Er werden
Afgelopen maanden lag de focus op het informeren
vanuit het formele participatieproces 15 zienswijzen in-
en het betrekken van belanghebbenden en geïnteres-
gediend. Vanuit het informele proces kwamen via
seerden bij de MIRT-verkenning.
de digitale enquête 8 reacties, 12 reacties van de
Lancering communicatiemiddelen. De website
informatiebijeenkomst en 11 reacties via de website en
www.ovsloterdijkamsterdam.nl is gelanceerd, de eerste
overige kanalen. Met die inbreng is de voorlopige long
digitale nieuwsbrieven zijn verzonden, er zijn twee
list met daarop 23 oplossingsrichtingen aan gevuld
animatievideo’s geproduceerd en er is een app voor
met 9 nieuwe oplossingsrichtingen. Ter illustratie zijn
deze MIRT-verkenning gelanceerd. Via deze middelen
hieronder twee voorbeelden van oplossingsrichtingen
deelt de projectorganisatie informatie over de MIRT-ver-
toegevoegd.
kenning en kunnen betrokkenen hun ideeën met ons delen. Inhoudelijk lag de nadruk in de communicatie op het informeren over de participatie en het komen tot de longlist. Start van het participatieproces. Met de publicatie en terinzagelegging van het voornemen kennisgeving en participatie – samen met het participatieplan – is het
Sloterdijk
formele participatieproces gestart. Naast de formele participatie loopt ook een informeel participatieproces
Centraal
waarbij geïnteresseerden en belanghebbenden worden geïnformeerd en betrokken. Binnen de MIRT-verkenning worden bewoners, bedrijven, maat-
Kaart oplossingsrichting Bus 1B
schappelijke organisaties en andere belanghebbenden actief betrokken bij de planvorming. Ook met raakvlakprojecten wordt structureel gesproken. Verrijken van de longlist. Op 6 mei 2025 vond de eerste fysieke participatiebijeenkomst plaats. Verschillende communicatiemiddelen (huis-aan-huis, sociale media, lokale kranten, e.d.) zijn ingezet om geïnteresseerden
Sloterdijk
en belanghebbenden uit te nodigen. 30 bezoekers hebben tijdens de bijeenkomst hun ideeën voor de
Centraal
longlist en aandachtspunten voor de MIRT-verkenning gedeeld. Ook via een digitale enquête is er gereageerd op de voorlopige longlist.
Kaart oplossingsrichting Metro 6A
6
3.2 Ruimtelijke procedures
in het proces van de verkenning, bijvoorbeeld in effect
Er is structureel overleg gevoerd met de bevoeg-
analyses of het raakvlakkenmanagement.
degezagen van de MIRT-verkenning: de gemeente
Ingediende zienswijzen (participatieplan). 3 indieners
Amsterdam en het Ministerie van Infrastructuur en
hebben verbeter- en aandachtspunten voor het par-
Waterstaat. De belangrijkste onderwerpen van af-
ticipatieplan aangegeven. Die opmerkingen hebben
gelopen periode zijn de publicatie en terinzageleg-
niet geleid tot aanpassing van het participatieplan,
ging van de kennisgeving voornemen en participatie.
maar wel tot een kritische herbeschouwing van de
Op 12 maart 2025 is die kennisgeving door de gemeente
inhoud en het niveau van de informatie die de project
en het ministerie gepubliceerd in respectievelijk het
organisatie naar buiten brengt.
Gemeenteblad en de Staatscourant. De kennisgeving
Individuele beantwoording zienswijzen. De 15 indieners
heeft tot en met 23 april 2025 ter inzage gelegen. Er zijn
van de zienswijzen zijn individueel per brief geïnfor-
15 zienswijzen ingediend.
meerd over, of en hoe de zienswijze meegaat in het
Ingediende zienswijzen (voornemen).
De
ziens-
verdere proces van de MIRT-verkenning. Daarnaast
wijzen op het voornemen hebben betrekking op:
zijn alle reacties in de overzichtsnota gebundeld en in
aange dragen oplossingsrichtingen, bouwstenen en
juni 2025 gepubliceerd op de projectwebsite. Hiermee
aandachtspunten, raakvlakken en kansen. De aan-
is voor iedereen duidelijk welke zienswijzen zijn inge-
gedragen oplossingsrichtingen en bouwstenen gaan
diend en hoe hiermee wordt omgegaan.
mee in de MIRT-verkenning en komen terug in de rapportage longlist. De oplossingsrichtingen en bouw
3.3 Inkoop en contract
stenen die buiten het plangebied liggen, vallen niet
Afronden aanbestedingsprocedure. Begin 2025 is de
binnen de scope van de MIRT-verkenning en worden
aanbestedingsprocedure afgerond om een ingenieurs
om deze reden niet meegenomen als (onderdeel van
bureau, voor specifiek benodigde kennis die niet be-
een) oplossingsrichting op de longlist. De aandachts-
schikbaar is binnen het Ingenieursbureau van de
punten, raakvlakken en kansen worden meegenomen
gemeente Amsterdam, te contracteren dat samen
7
met de projectorganisatie de MIRT-verkenning gaat uitvoeren. Op de voorlopige gunning eind 2024 zijn geen bezwaren binnengekomen en daarom heeft op 27 januari 2025 de definitieve gunning plaatsgevonden. In het eerste half jaar van 2025 is sprake van een constructieve samenwerking tussen het ingenieursbureau en de projectorganisatie bij het uitvoeren van alle aspecten van de MIRT-verkenning.
3.4 Inhoudelijke voortgang Vaststellen nota van uitgangspunten versie 1.
Opstellen longlist oplossingsrichtingen. Begin 2025
1
In februari 2025 is de nota van uitgangspunten versie 1
is gestart met het opstellen van een lange lijst met
vastgesteld in het directeurenoverleg. De nota van
oplossingsrichtingen voor de MIRT-verkenning, de
uitgangspunten versie 1 is opgesteld samen met de
‘longlist’. Samen met specialisten vanuit de project-
inhoudelijk specialisten van de verschillende project-
partners en aangedragen ideeën vanuit de omge-
partners en is een belangrijk vertrekpunt voor de in-
ving, zijn verschillende oplossingsrichtingen bedacht.
houdelijke onderzoeken die in de MIRT-verkenning
Die oplossingsrichtingen bestaan uit een combinatie
worden uitgevoerd. Na het vaststellen van de nota van
van verschillende haalbare bouwstenen (vervoers-
uitgangspunten worden samen met het ingenieurs
opties), gericht op de OV-ontsluiting voor het moge-
bureau en de projectpartners de uitgangspunten
lijk maken van de ontwikkeling van de eerste fase van
aangevuld en verdiept.
Haven-Stad Zuid. De verschillende modaliteiten bus, trein, tram, metro en overig komen terug in de oplossingsrichtingen op de longlist. Een oplossingsrichting kan bijvoorbeeld bestaan uit een metroverbinding, een tramverbinding en aanvullend busvervoer, maar ook uit tramverbindingen die in meerdere richtingen Haven-Stad Zuid zouden kunnen ontsluiten.
1
Met de nota van uitgangspunten voor de MIRT-verkenning wordt niet bedoeld een nota van uitgangspunten zoals bekend binnen PBI
van de gemeente Amsterdam.
8
Opstellen beoordelingskader voor zeef 0. In het eerste kwartaal van 2025 is gestart met het opstellen van het beoordelingskader voor de eerste stap in het trechteringsproces, van een longlist van oplossingsrichtingen naar de shortlist met oplossingsrichtingen: de zogenoemde ‘zeef 0’. Daarbij is ook vooruitgekeken naar de beoordelingskaders voor zeef 1 en 2, die later in de MIRT-verkenning worden vastgesteld en toegepast.
Actualiseren probleemanalyse. In het voorjaar van
De beoordelingskaders zijn instrumenten en worden
2025 is gestart met het actualiseren van de vervoer-
gebruikt voor het beoordelen
kundige probleemanalyse. De resultaten worden in
en vervolgens vergelijken
het najaar van 2025 verwacht. Daarmee wordt de
en afwegen van de ver-
probleemanalyse die in de voorbereidingsfase van de
schillende oplossingen.
MIRT-verkenning is opgesteld, geactualiseerd.
9
4. Vooruitblik komend half jaar Het komende half jaar staat de MIRT-verkenning in het teken van het uit-
voeren van de eerste trechteringsstap van longlist naar shortlist: ‘zeef 0’. Ook worden de voorbereidingen voor de tweede trechteringsstap van shortlist naar notitie kansrijke oplossingsrichtingen (NKO) – de zogenoemde ‘zeef 1’ –
opgestart. Parallel wordt het participatie- en communicatieproces geïntensiveerd om de verschillende doelgroepen open, transparant en tijdig te blijven betrekken.
Intensiveren van het participatie- en communicatieproces. In de periode tot en met eind 2025 intensiveert de projectorganisatie het participatie- en communicatieproces met de verschillende doelgroepen. De projectorganisatie blijft met de projectpartners in gesprek via reguliere contactmomenten. De publieke en professionele doelgroepen worden op aanvullende manieren betrokken om reacties op te halen en inzichten op te doen. Door het open, transparant en tijdig betrekken van de omgeving, kan tot kwalitatief betere
zogenoemde ‘shortlist’. Dat gebeurt met behulp van
besluiten worden gekomen. De publicatie van de
een beoordelingskader. Hierin wordt onder meer ge-
rapportage longlist en een inventarisatie van belang-
keken naar de financiële haalbaarheid en de bijdrage
rijke omgevingsaspecten zijn belangrijke momenten
aan de doelstelling van de MIRT-verkenning van de
de komende periode.
verschillende oplossingsrichtingen. De shortlist en de
Opstellen ambitie voor duurzaamheid en brede wel-
wijze waarop tot de shortlist is gekomen (trechterings-
vaart. In de zomerperiode worden de onderwerpen
stap ‘zeef 0’) wordt vastgelegd in de rapportage short-
duurzaamheid en brede welvaart verder uitgewerkt:
list. In november 2025 wordt de rapportage shortlist
Wat zijn de ambities voor duurzaamheid en brede
bestuurlijk vastgesteld.
welvaart? Welke aanpak voor de MIRT-verkenning
Komen tot een beoordelingskader voor ‘zeef 1’.
past hierbij? De projectorganisatie werkt dit uit met de
Het beoordelingskader voor zeef 1 – de stap om van
projectpartners met behulp van een ambitieweb.
realistische oplossingsrichtingen op de shortlist naar
Vaststellen van de rapportage longlist. In het derde
kansrijke oplossingsrichtingen te komen – wordt in het
kwartaal van 2025 vindt besluitvorming in het
najaar nader opgesteld. Hierin worden de verschillen-
directeuren overleg plaats over de rapportage long
de aspecten en onderwerpen die worden onderzocht
list. Het vaststellen van de lange lijst met oplossings
om tot de kansrijke oplossingsrichtingen te komen,
richtingen markeert een belangrijk moment. De oplos-
vastgelegd. Denk hierbij ook aan onderwerpen zoals
singsrichtingen op de longlist worden in het vervolg van
duurzaamheid en toekomstvastheid, maar ook aan
de MIRT-verkenning stapsgewijs nader onderzocht.
ruimtelijke inpasbaarheid, en technische maakbaar-
Van longlist naar shortlist: uitvoeren van ‘zeef 0’.
heid en haalbaarheid. Ook wordt bij het opstellen van
De oplossingsrichtingen op de longlist worden onder-
het beoordelingskader gekeken naar de inzichten die
zocht en in het najaar beoordeeld om tot een kortere
zijn opgedaan in de actualisatie van de vervoerkundige
lijst met realistische oplossingsrichtingen te komen, de
probleemanalyse.
10
In de getoonde planningsfiguur zijn verschillende on-
zoek wordt gedaan gedurende de MIRT-verkenning en
derwerpen opgenomen op basis waarvan oplossingen
hebben een indicatieve functie. De figuur laat zien dat
worden beoordeeld. De onderwerpen geven een beeld
oplossingen gedurende de MIRT-verkenning stap voor
van de verschillende onderwerpen waarnaar onder-
stap en in meer detail worden onderzocht.
11
5. Projectkaders In december 2024 hebben de 3 opdrachtgevende partijen afspraken over de
scope, de planning, de verantwoordelijkheden en het beschikbare budget voor de uitvoering van de MIRT-verkenning vastgelegd in de SOK. Het vastgestelde projectplan van de projectorganisatie sluit hier grotendeels bij aan.
In het projectplan zijn de mijlpalen ten opzichte van de SOK aangepast. Dit is in de vorige halfjaarrapportage toegelicht. Hiermee zijn de projectkaders vastgelegd. 5.1
Scope
5.2 Planning
De scope van de MIRT-verkenning is sinds het vast
In het projectplan zijn de mijlpalen voor de MIRT-
stellen van het projectplan en de SOK en gedurende
verkenning vastgelegd. Samen met het ingenieurs-
de verslagperiode niet gewijzigd.
bureau is in mei 2025 de detailplanning inclusief een aantal kleine buffers vastgesteld. Hiermee wordt de planning haalbaarder. Door het creëren van een buffer op het vaststellen van de NKO is een tussenmijlpaal verschoven. De eindmijlpaal is onveranderd gebleven. Tot en met medio 2026 verwacht de projectorganisatie de Analytische fase grotendeels te doorlopen. Die fase eindigt met een NKO en een (concept) Notitie Reikwijdte en Detailniveau (NRD) die ter inzage wordt gelegd. Vervolgens worden in de Beoordelingsfase (20262027) de kansrijke oplossingsrichtingen in meer detail onderzocht en afgewogen (‘zeef 2’). Dit resulteert in een advies voorkeursalternatief: een slimme, duurzame en haalbare oplossing. In 2027 is naar verwachting het inhoudelijke deel van de MIRT-verkenning gereed. Daarna vindt besluitvorming over het voorkeursalternatief plaats in de Besluitvormingsfase.
12
5.3 Financiën Voor werkzaamheden die nodig zijn om de MIRT-verkenning uit te voeren en te komen tot een voorkeursbeslissing, is in de SOK afgesproken dat de gemeente Amsterdam en de Vervoerregio Amsterdam een taakstellend budget beschikbaar stellen van 25 miljoen euro (exclusief btw, prijspeil juli 2024). Tot en met de huidige verslagperiode is hiervan voor 5,05 miljoen euro aan verplichtingen aangegaan. De huidige verwachting is dat de MIRT-verkenning binnen het taakstellend budget kan worden voltooid.
Budget en kosten
Totaal
Origineel budget
€ 25 mln
Toevoegingen
€
Actueel budget
€ 25 mln
Aangegane verplichtingen projectorganisatie OVSA
€ 5 mln
Gerealiseerde kosten Projectorganisatie OVSA
€ 3 mln
Nog te contracteren
€ 20 mln
Prognose einde werk
€ 25 mln
Verwacht resultaat
€
-
-
Stand van zaken financiën
30
kosten in euro x 1 mln
25 20 15 10 5 0 Q4-2024
Q2-2025
Q4-2025
Q2-2026
Q4-2026
Q2-2027
Q4-2027
Tijdlijn in halve jaren Legenda Kasreeks
Budget
Prognose te maken kosten
Realisatie kosten
13
5.4 Uitdagingen en risico’s
Beheersing verkeersmodellering.
De MIRT-verkenning kent verschillende uitdagingen
van de probleemanalyse heeft in het afgelopen half
en risico’s. Er wordt een overzicht bijgehouden van
jaar vertraging opgelopen vanwege een gesignaleerd
risico’s die de voortgang of kwaliteit van het onder-
mankement in het gebruikte verkeersmodel. Deze ver-
zoek kunnen beïnvloeden. Dit overzicht wordt regel-
traging heeft vooralsnog geen invloed op mijlpalen.
matig bijgewerkt en met betrokken partijen gedeeld.
Het verkeersmodel is kwetsbaar, omdat ‘kleine’ fouten
Binnen de MIRT-verkenning wordt actief gestuurd op
in het verkeersmodel een grote impact op resultaten
de beheersing van de belangrijkste risico’s. Een aantal
kunnen hebben. Die kwetsbaarheid vormt een risico
van de grootste uitdagingen en belangrijkste risico’s
voor de planning.
wordt hieronder toegelicht.
Beheersmaatregel: Als beheersmaatregel is in een
De
actualisatie
relatief vroege fase van de MIRT-verkenning gestart met de verkeersmodellering en worden extra controles uitgevoerd. Besluitvorming en capaciteit. De governance van de MIRT-verkenning is georganiseerd volgens een zandlopermodel. Producten worden vastgesteld in de governance van de MIRT-verkenning en doorlopen een besluitvormingsproces met verschillende gremia. De doorlooptijd in de besluitvorming van een Een oplossing voor de eerste fase van Haven-Stad
conceptversie van een product tot een definitief vast-
Zuid én toekomst. Het doel van deze MIRT-verkenning
gesteld product is daarmee lang, en tegelijkertijd ook
is om te komen tot een voorkeursalternatief voor de
zorgvuldig. De organisatie van het zorgvuldige besluit
OV-ontsluiting voor het mogelijk maken van de ont-
vormingsproces is een uitdaging: capaciteit tijdig
wikkeling van de eerste fase van Haven-Stad Zuid
organiseren, zonder dat de MIRT-verkenning vertraagt.
(vanaf 2035). Tegelijkertijd wordt toekomstvastheid
Daarnaast vergroot de behandeling in de verschillende
als beoordelingscriterium meegenomen. Dit betekent
gremia de kans op ‘rework’ en herbehandeling van
dat onderzocht wordt of de oplossing ook op de lan-
een product, mogelijk resulterend in vertraging van de
ge(re) termijn, eventueel met een uitbreiding, kan
besluitvorming.
voorzien in de vervoersbehoefte aan de noordwest-
Beheersmaatregel: Om het risico op vertraging of
kant van Amsterdam. Het huidige financiële kader is
verminderd draagvlak te beheersen, is een aan-
niet toereikend om de meest voor de hand liggende
tal beheersmaatregelen getroffen. Zo wordt besluit
oplossing uit de pre-verkenning – het sluiten van de
vorming tijdig en zorgvuldig gepland om te voorkomen
metroringlijn met een aansluiting op de Oostlijn – te
dat er ‘rework’ ontstaat en worden werkgroepen
realiseren. Het is een uitdaging om binnen het huidige
opgericht om partijen vroegtijdig bij producten te
financiële kader een oplossing te ontwikkelen die vol-
betrekken. Ook zorgt de projectorganisatie voor een
doende vervoerwaarde heeft voor de eerste fase en
‘zachte landing’ van producten door uitvoerig uitleg
óók toekomstvast is op de lange(re) termijn.
te geven in informerende sessies. De werkgroepen en
Beheersmaatregel: De rapportage shortlist wordt
informerende sessies vragen tijd en capaciteit van de
bestuurlijk vastgesteld, zodat er bestuurlijk draagvlak
opdrachtgevers en de adviserende partijen. Het regel-
is voor de oplossingen die verder worden onderzocht
matig bespreken en evalueren van dit proces met de
in de MIRT-verkenning.
opdrachtgevers en adviserende partijen blijft van belang.
Financiering van het voorkeursalternatief. Voor de vaststelling van het voorkeursalternatief is het noodzakelijk dat de dekking van de kosten geregeld is. De Vervoerregio Amsterdam heeft zorg gedragen voor hun deel. De gemeente Amsterdam onderzoekt de mogelijkheden om hun deel gedekt te krijgen.
14
De MIRT-verkenning OV-verbinding Sloterdijk - Amsterdam centrum is een samenwerking tussen de
gemeente Amsterdam, de Vervoerregio Amsterdam en Ministerie van Infrastructuur en Waterstaat.
Colofon: MIRT-verkenning OV-verbinding Sloterdijk – Amsterdam centrum Documentnummer: OVSA/00858 September 2025 www.ovsloterdijkamsterdam.nl