CConstaterende datAmsterdam
Koppel je AI →
Document · PDF

TKN 5 - Ruimtelijke Ordening (30) 3. beantwoording raadsadres GEANONIMISEERD.pdf

Raadscommissie Ruimtelijke ordening 13 januari 2021, gemeente AmsterdamBij agendapunt: Kennisnemen van de beantwoording van het raadsadres inzake het verzoek om de cultuurhistorische waardestelling van het pand Nieuwe Leliestraat 74–76 te wijzigen van een Orde 2 pand in een Orde 3 pand. (ZD2020-013743)1.382 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Bezoekadres Weesperplein 8 1018XA Amsterdam Postbus 2758 1000 CT Amsterdam Telefoon 14 020 amsterdam.nl

Retouradres: Postbus 2758, 1000CT Amsterdam

EAOM B.V.

Datum

10 december 2020

Ons kenmerk Uw kenmerk Behandeld door Kopie aan

250176.22248 / jmo E. Mattie, Ruimte & Duurzaamheid, E.Mattie@amsterdam.nl Raadscommissie Ruimtelijke Ordening

Bijlage(n) Onderwerp

Beantwoording raadsadres inzake Nieuwe Leliestraat 74-76

Geachte heer, Op 27 augustus 2020 heeft u een raadsadres ingediend inzake Nieuwe Leliestraat 74-76. De gemeenteraad heeft het college van burgemeester en wethouders op 30 september jl. gevraagd uw raadsadres te beantwoorden. Een kopie van het antwoord zal aan de leden van de raadscommissie Ruimtelijke Ordening worden gestuurd. In het raadsadres vraagt u de gemeenteraad een uitspraak te doen over een omissie in het bestemmingsplan ten aanzien van de ordewaardering van het dubbelpand aan de Nieuwe Leliestraat 74 - 76 in Amsterdam. Naar uw mening is het niet met de juiste orde in het bestemmingsplan opgenomen. In plaats van de huidige Orde 2 waardering, zou aan het dubbelpand een Orde 3 waardering moeten worden toegekend. Om uw standpunt te onderbouwen, heeft u een rapport bijgevoegd (Nieuwe Leliestraat 74–76, herwaardering orde, Monumentenadvies.nl, augustus 2020). Op grond van het rapport verzoekt u de gemeenteraad het adres Nieuwe Leliestraat 74 - 76 in het bestemmingsplan op te nemen met een Orde 3 aanduiding. Ook vraagt u om een aanvraag omgevingsvergunning te toetsen aan de criteria die gelden voor een Orde 3 pand in plaats van de criteria die gelden voor een Orde 2 pand. Ten aanzien van dit verzoek, bericht ik u als volgt.

Uit de conclusie van het door u bijgevoegde rapport, wordt duidelijk dat het dubbelpand aan de Nieuwe Leliestraat 74-76 dateert uit de eerste helft van de jaren ’60 van de twintigste eeuw. In 1973 is het verbouwd en kreeg de gevel haar huidige aanzien. In het rapport wordt vervolgens gesteld dat, op basis van criteria van de gemeente Amsterdam, het pand niet zo

Een routebeschrijving vindt u op amsterdam.nl

Gemeente Amsterdam

Datum 10 december 2020 Kenmerk Pagina 2 van 4

bijzonder of waardevol is dat dit een Orde 2 rechtvaardigt. Orde 3 zou in deze de passende en juiste waardering zijn van dit object. Alvorens in te gaan op de ordewaardering van het betreffende dubbelpand, volgen hieronder eerst de definities van Orde 2 en 3: Orde 2 Dit zijn bouwwerken van vóór 1940, die vanwege hun hoge architectonische kwaliteit, hun plaats in de stedenbouwkundige structuur en/of als toonaangevend element in de gevelwand een belangrijke bijdrage leveren aan het stadsbeeld. Uitgangspunt bij Orde 2 panden is behoud/restauratie. Van Orde 2 zijn tevens panden van na 1940, maar voor 1970 van zeer bijzondere cultuurhistorische, architectuurhistorische of in zeldzame gevallen stedenbouwkundige betekenis. Orde 3 Dit zijn bouwwerken van vóór 1940, die wat schaal en detaillering betreft, passen in de gevelwand, maar geen architectonische of stedenbouwkundige meerwaarde hebben. Binnen de Orde 3 panden is sprake van grote kwaliteitsverschillen. Op basis van een kwaliteitstoets wordt bepaald of sprake is van panden met cultuurhistorische, bouwhistorische, architectuurhistorische en/of stedenbouwkundige waarden. Wanneer dat het geval is, is behoud het uitgangspunt. Het kwaliteitsniveau van deze genoemde waarden bepaalt of sloop/nieuwbouw mogelijk is. Bij verbouwing is behoud en herstel van de oorspronkelijke gevelelementen uitgangspunt.

Hierbij zijn veranderingen in materiaal, maatvoering en detaillering toegestaan, mits deze de oorspronkelijke karakteristiek van het gebouw niet verstoren. Van Orde 3 zijn tevens panden uit de periode tussen 1940 en 1970 die in cultuurhistorisch, architectuurhistorisch of, in zeldzame gevallen, stedenbouwkundig opzicht een positieve bijdrage leveren aan de beeldkwaliteit of op andere wijze een positieve betekenis hebben voor de stad. De in het rapport benoemde feiten, aangaande de ouderdom, worden niet betwist. Daarmee dient de vraag of het pand onder de Orde 2 of Orde 3 kan vallen, beantwoord te worden aan de hand van de criteria voor panden tussen 1940 en 1970. Dat het pand na 1970 verbouwd is doet daar niets aan af. Het volgende moet daarbij worden opgemerkt: Nieuwe Leliestraat 74-76 heeft formeel een Orde 2 waardering gekregen bij het vaststellen van de Ordekaart in 1999. De Ordekaart voor de Amsterdamse binnenstad is voorafgaand aan de formele vaststelling opgesteld door een team van stadsdeel Centrum en Bureau Monumenten & Archeologie, op basis van een visuele inspectie ter plaatse. Circa 6.000 panden zijn toen gewaardeerd, wat tevens de verklaring is dat niet van alle individuele panden een rapportage is opgesteld.

Een routebeschrijving vindt u op amsterdam.nl

Gemeente Amsterdam

Datum 10 december 2020 Kenmerk Pagina 3 van 4

De Ordekaart heeft de reguliere inspraak doorlopen. Met de vaststelling van het bestemmingsplan Jordaan in 1999 is de ordewaardering vertaald in de bouwregels die deel uitmaken van het bestemmingsplan. In het kader van de beantwoording van het raadsadres is (opnieuw) door Ruimte & Duurzaamheid beoordeeld of het pand voldoet aan de criteria voor Orde 2 (tussen 1940-1970). ‘Van Orde 2 zijn tevens panden van na 1940, maar voor 1970 van zeer bijzondere cultuurhistorische, architectuurhistorische of in zeldzame gevallen stedenbouwkundige betekenis.’ Dat sprake is van een zeer bijzondere cultuurhistorische betekenis is nergens uit gebleken, ook niet na nader onderzoek. Wel is sprake van enige cultuurhistorische waarde omdat het pand getuigt van de historiserende wijze van bouwen en verbouwen in de binnenstad, in een periode dat kaalslag, gevolgd door nieuwbouw in een moderne architectuurstijl nog de norm was. Hetzelfde geldt voor de architectuurhistorische waarde, niet zeer bijzonder, maar wel van waarde, vanwege de zorgvuldigheid waarmee een en ander tot stand is gebracht. Ook voor de kenners is het niet meteen duidelijk dat het gaat om een pand uit 1963 (verbouwd begin jaren ’70).

Het opgestelde rapport dat de afwaardering van Orde 2 naar Orde 3 moet onderbouwen, stelt dat het pand ‘niet van een bijzondere betekenis is, maar een referentie met een knipoog naar de 17de en 18de-eeuwse stijlkenmerken van het eenvoudige woonhuis’. Het is juist deze referentie naar deze periode die bijzonder is te noemen. De stedenbouwkundige betekenis is evident: door de bescheiden maat en de schaal en door de bewuste tweedeling in de voorgevel is aangesloten bij de 17de-eeuwse stadsuitbreiding en parcellering, wat in deze periode – net als historiserend bouwen – beslist niet de norm was., Naast de cultuurhistorische- en architectuurhistorische waarde, rechtvaardigt de evidente stedenbouwkundige waarde de orde 2 waardering. In het rapport wordt gesteld dat de kapvorm a-typisch is. Dat is onjuist. Ook in de kapvorm is aansluiting gezocht bij een veel voorkomend type langskap bij juist kleinere, geschakelde woningen uit de 17de en 18de eeuw. Dat deze kap in het niet-zichtbare achtervlak later alsnog verminkt is, doet de stedenbouwkundige waarde niet teniet. Tot slot moet worden opgemerkt dat bij ingrijpende verbouwing en/of ophoging van een Orde 3 pand, op grond van het bestemmingsplan een bouwhistorische verkenning en een kwaliteitstoets moeten worden uitgevoerd.

Getoetst wordt in dat geval de mate van bouwhistorische, cultuurhistorische, architectuurhistorische en stedenbouwkundige waarde. Een ingrijpende verbouwing kan slechts worden toegestaan als uit de toets naar voren komt dat het kwaliteitsniveau van alle genoemde waarden zodanig laag is dat een omgevingsvergunning voor ingrijpende verbouwing niet hoeft te worden geweigerd.

Een routebeschrijving vindt u op amsterdam.nl

Gemeente Amsterdam

Datum 10 december 2020 Kenmerk Pagina 4 van 4

Ook als bij de Nieuwe Leliestraat 74-76 sprake zou zijn van een waardering als Orde 3 pand (en niet Orde 2), zou mede gelet op de bevindingen in bijgaand rapport, om dezelfde redenen als hierboven, medewerking aan een aanvraag omgevingsvergunning niet voor de hand liggen. Conclusie Een en ander beoordelend kan gesteld worden dat de Orde 2 waardering niet ten onrechte is toegekend aan het dubbelpand aan de nieuwe Leliedwarsstraat 74-76. Uw verzoek aan de gemeenteraad om het bestemmingsplan aan te passen en de afdeling Vergunningen van stadsdeel Centrum alsook de commissie Ruimtelijke Kwaliteit (welstand) te berichten dat een aanvraag omgevingsvergunning voor het betreffende dubbelpand moet worden getoetst aan de criteria horend bij een Orde 3 waardering, kan daarom niet worden gehonoreerd. Voor de verdere afhandeling en procedure behorend bij de door u ingediende aanvraag omgevingsvergunning voor dit adres, verwijs ik u naar de afdeling Vergunningen van stadsdeel Centrum. Ik ga ervan uit u hiermee voldoende te hebben geïnformeerd. Met vriendelijke groet,

Marieke van Doorninck Wethouder Ruimtelijke Ontwikkeling en Duurzaamheid cc raadscommissie Ruimtelijke Ordening

Een routebeschrijving vindt u op amsterdam.nl

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/9577589/2