CConstaterende datAmsterdam
Koppel je AI →
Document · PDF

TKN - 15 Verkeer, Vervoer en Luchtkwaliteit (40) concept beleidsregels zone zwaar verkeer met toelichting.pdf

Raadscommissie Mobiliteit, Luchtkwaliteit, Water (MLW) 14 januari 2021, gemeente AmsterdamBij agendapunt: Kennisnemen van het voorstel voor aanscherpen 7,5t-zone, het ter zienswijze voorleggen van het ontwerpverkeersbesluit 7,5t-zone en het ter inspraak voorleggen van de conceptbeleidsregels voor ontheffingen. (ZD2020-013879)4.523 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

BELEIDSREGELS ONTHEFFING ZONE ZWAAR VERKEER 2021 Beleidsregels ontheffing artikel 87 van het Reglement Verkeersregels en Verkeerstekens van het bord C21 in het kader van de zone zwaar verkeer Amsterdam (beleidsregels ontheffing zone zwaar verkeer 2021) Artikel 1 – Begripsbepalingen In deze beleidsregels worden dezelfde begrippen gehanteerd als in het Reglement Verkeersregels en Verkeerstekens en onderliggende regelgeving. Voor zover van belang wordt hieronder nader omschreven wat aanvullend onder een bepaald begrip wordt verstaan en worden niet in bovengenoemde regelgeving aangeduide begrippen nader omschreven. Ondeelbare lading: lading die niet deelbaar is in compartimenten of deelladingen. Het gaat altijd om lading die ten behoeve van het vervoer niet zonder overmatige kosten of risico van schade, in twee of meer ladingen kan worden gesplitst. Gemeente: de gemeente Amsterdam Massa ledig is het gewicht van het voertuig of samenstel van voertuigen, zonder passagiers en lading, zoals in het kentekenregister van de RDW genoteerd staat (op kentekencard vaak uitsluitend massa rijklaar voertuig: dit is massa ledig voertuig plus 100 kg) Toegestane max.

massa is het wettelijk toegestane maximum gewicht, te weten het ledige gewicht vermeerderd met het maximale laadvermogen, van het voertuig of samenstel van voertuigen, zoals in het kentekenregister van de RDW genoteerd staat Aslast is het gewicht dat via de wielen van een as op de ondergrond wordt overgebracht. De last onder de as of assen van een voertuig of samenstel van voertuigen mag niet meer bedragen dan op het kentekenbewijs of in het kentekenregister van de RDW is vermeld. As-configuratie: Samenstel van voor, achter, vaste, gestuurde, sleep- en liftassen van een voertuig of voertuigcombinatie en hun onderlinge afstand. Intentieverklaring: een eenzijdige verklaring van de aanvrager als bedoeld in artikel 5 van deze beleidsregels Lengte: de lengte van het voertuig of samenstel van voertuigen Samenstel van voertuigen: voertuig inclusief aanhangwagen of trekker-opleggercombinatie Zone zwaar verkeer: de zone, ruimtelijk begrensd gebied dat is gelegen binnen het binnenstedelijk gebied van de gemeente Amsterdam (vastgesteld bij verkeersbesluit. RDW: Rijks Dienst Wegverkeer Artikel 2 – Werkingssfeer Deze beleidsregels zijn uitsluitend van toepassing op aanvragen om een ontheffing op grond van artikel 87 RVV voor zover het betreft het zonale verkeersbord C21 (geslotenverklaring voor

voertuigen of samenstellen van voertuigen waarvan de totaalmassa hoger is dan 7,5t), zoals vastgesteld bij verkeersbesluit dd …. met nr…. Uitgezonderd van de ontheffingsplicht zijn de voorrangsvoertuigen (nood- en hulpdiensten), voor zover de uitoefening van hun taak dit vereist. Artikel 3 – Zonale ontheffing 1. Voor voertuigen of samenstel van voertuigen die volgens de gegevens uit het kentekenregister van de RDW voldoen aan de volgende cumulatieve voorwaarden: a) Een toegestane max. massa van maximaal 30 ton, en b) Een maximale lengte van 10 meter kan een zonale ontheffing worden verleend. 2. Met een zonale ontheffing is het mogelijk te rijden in de gehele zwaar verkeer zone, waarvoor de ontheffing is afgegeven. De overige verkeersborden, ook die met een lokale gewichts- of aslast- of lengtebeperking, dienen te worden nageleefd. 3. Een op basis van het eerste lid van dit artikel verleende zonale jaarontheffing wordt verleend voor de duur van 1 jaar (twaalf maanden) gerekend vanaf de dag dat de ontheffing is toegewezen (datum besluit). 4. Voor voertuigen of samenstel van voertuigen uit het eerste lid van dit artikel kan, ook een dagontheffing worden verleend tot maximaal twaalf maal per kalenderjaar. De duur van deze dagontheffing is één kalenderdag, die begint om 00.00 uur en eindigt om 06.00 uur de volgende dag. Artikel 4 – Route ontheffing – ondeelbare lading 1.

Voor voertuigen of samenstel van voertuigen die volgens de gegevens uit het kentekenregister van de RDW niet kunnen voldoen aan een of beide voorwaarden uit het eerste lid van artikel 3 kan, in het geval ze ingezet worden voor het vervoeren van een ondeelbare lading, - na toetsing van de route door de gemeente – ontheffing worden verleend voor een specifieke route. 2. Een route ontheffing wordt uitsluitend verleend voor het bereiken van een specifieke bestemming/specifieke bestemmingen in combinatie met (een) specifieke route(s). De draagkracht van de bruggen en kademuren op deze route(s) is altijd doorslaggevend voor het al of niet verlenen van de ontheffing. 3. Van de route waarvoor de ontheffing is verleend wordt niet, dan met voorafgaande schriftelijke toestemming van de gemeente afgeweken. Aan een route ontheffing kunnen nadere voorschriften of beperkingen worden gesteld. 4. De ontheffinghouder dient zich er te allen tijde van te vergewissen wat de actuele situatie met betrekking tot stremmingen op de route is waarvoor ontheffing is verleend. Hiervoor kan hij [link] raadplegen. 5. De geldigheid van deze route ontheffing komt overeen met de duur van de werkzaamheden en/of activiteiten. Deze is echter nooit langer dan twaalf maanden. Artikel 5 – De intentieverklaring 1.

Intentieverklaring massa In afwijking van het bepaalde in artikel 3 kan eveneens een zonale ontheffing worden verleend voor een voertuig of samenstel van voertuigen dat op basis van de gegevens uit het kentekenregister niet kan voldoen aan het gestelde in artikel 3, eerste lid onder a, in het geval: a) het een voertuig of samenstel van voertuigen betreft met een ledig gewicht tot maximaal 20 ton, en

b) het voertuig of samenstel van voertuigen een maximale lengte heeft van 10 meter, of ingeval het voertuig of samenstel van voertuigen langer is dan 10 meter, aangetoond kan worden dat dit om reden van een ondeelbare lading is en gegarandeerd kan worden dat alle restricties in de zone, waaronder de lengterestricties in acht worden genomen en c) de kentekenhouder genoegzaam kan aantonen dat het voertuig of samenstel van voertuigen nimmer binnen de zone wordt ingezet met een werkelijke gewicht zwaarder dan 30 ton (inclusief lading), en d) de kentekenhouder hiertoe bij de aanvraag een schriftelijke verklaring aflegt, waarin hij tevens aangeeft hoe hij zijn chauffeur(s) op deze voorwaarden en verplichtingen heeft gewezen. 2. Intentieverklaring lengte In afwijking van het bepaalde in artikel 4 kan eveneens een route ontheffing – deelbare lading worden verleend voor een voertuig of samenstel van voertuigen dat volgens de gegevens uit het kentekenregister van de RDW niet kan voldoen aan het gestelde in artikel 3, eerste lid onder b, in het geval: a) het voertuig of samenstel van voertuigen een toelaatbare max.

massa heeft van 30 ton dan wel hiervoor een intentieverklaring massa is afgegeven als bedoeld in het eerste lid van dit artikel, en b) de kentekenhouder genoegzaam kan aantonen dat het voertuig of samenstel van voertuigen uitsluitend wordt ingezet voor bestemming(en) langs de grote doorgaande wegen. Welke wegen vallen onder de grote doorgaande wegen, is te raadplegen via [link], en c) de kentekenhouder hiertoe bij de aanvraag een schriftelijke verklaring aflegt, waarin hij tevens aangeeft hoe hij zijn chauffeur(s) op deze voorwaarden en verplichtingen heeft gewezen. 3. Op de verleende ontheffing wordt een aantekening gemaakt, indien deze met een afgegeven intentieverklaring tot stand is gekomen. 4. In het geval een route ontheffing wordt verleend onder toepassing van de intentieverklaring lengte uit het tweede lid van dit artikel dient de ontheffinghouder zich er te allen tijde van te vergewissen wat de actuele situatie met betrekking tot stremmingen op de grote doorgaande wegen is waarvoor ontheffing is verleend. Hiervoor kan hij [link] raadplegen. Artikel 6 – Algemene aanvraagvereisten voor een ontheffing zwaar verkeer 1.

Een aanvraag om een ontheffing zwaar verkeer wordt niet in behandeling genomen wanneer niet wordt voldaan aan de volgende aanvraagvereisten: a) Naam en adresgegevens van de aanvrager; b) Kenteken van het voertuig (en dat van de eventuele aanhangwagen of oplegger) c) Indien het kenteken niet op naam van de aanvrager staat; een overeenkomst waaruit blijkt dat het voertuig door de aanvrager gebruikt mag worden; 2. Voor het aanvragen van een ontheffing wordt gebruikt gemaakt van een door het college vastgesteld gedigitaliseerd aanvraagformulier. 3. Indien nodig kan het college naar aanleiding van de aanvraag nadere specifieke vragen stellen of schriftelijke bewijsstukken verlangen. 4. De aanvraag wordt niet in behandeling genomen als de aanvraag onvolledig is. Dit is ook het geval als een aanvrager met gebruikmaking van een verklaring als bedoeld in artikel 5, lid 1, een aanvraag doet en de verklaring is niet volledig (ingevuld). De aanvrager wordt daarvoor eerst in de gelegenheid gesteld om de aanvraag binnen een daartoe gestelde termijn aan te vullen.

Artikel 7 – Aanvullende aanvraagvereisten voor een route ontheffing Een aanvraag om een route ontheffing wordt tevens niet in behandeling genomen wanneer aanvullend op de vereisten uit artikel 6 niet is voldaan aan de volgende vereisten: Een toelichting waarbij de aanvrager vermeldt en aantoont: a) Welke werkzaamheden worden uitgevoerd of welke activiteiten worden gedaan en de duur ervan, en b) Of sprake is van een ondeelbare of een deelbare lading. Ingeval sprake is van een ondeelbare lading, is het noodzakelijk dat tevens aangetoond wordt waaruit de lading bestaat. Ingeval sprake is van een deelbare lading dient de aanvraag vergezeld te zijn van een verklaring, zoals bedoeld in artikel 5, lid 2, en c) Op welke locatie(s) de werkzaamheden of activiteiten plaatsvinden en welke (vaste) route binnen de zone (heen en terug naar de locatie(s)) met het voertuig of samenstel van voertuigen wordt/worden overwogen, waarbij de aanvrager tevens toelicht op grond waarvan hij meent dat de route(s) verantwoord is/zijn. d) Ingeval de aanvrager met gebruikmaking van een verklaring, zoals bedoeld in artikel 5, lid2, ontheffing vraagt, dient hij genoegzaam aan te tonen dat zijn bestemming/bestemmingen ook daadwerkelijk alle zijn gelegen langs de grote doorgaande wegen binnen de zone. Artikel 8 – Ontheffingsvoorschriften 1. De ontheffing is niet overdraagbaar.

Bij verkoop of overdracht van het kenteken naar een andere kentekenhouder is de ontheffingshouder verplicht dit te melden aan de gemeente. Indien blijkt dat het voertuig op een andere naam staat dan die van de aanvrager van de ontheffing, wordt de ontheffing per direct ingetrokken. 2. De ontheffing mag slechts worden gebruikt ten behoeve van de door de aanvrager omschreven werkzaamheden en/of activiteiten. 3. De ontheffing wordt op eerste vordering van een politieambtenaar, de daartoe bevoegde bijzondere opsporingsambtenaar of toezichthouder ter inzage gegeven. 4. Degene die het voertuig bestuurt dient ook op eerste vordering van een politieambtenaar, de daartoe bevoegde bijzondere opsporingsambtenaar of toezichthouder bewijs te kunnen overleggen van de noodzaak van verblijf in de zone. 5. De ontheffinghouder dient ervoor zorg te dragen dat degene die het voertuig in zijn opdracht bestuurt, kennis heeft van de voorschriften en beperkingen, die aan de ontheffing zijn verbonden en de consequenties van het zich niet houden aan deze voorschriften en beperkingen. 6. De ontheffinghouder dient ervoor zorg te dragen dat degene die het voertuig in zijn opdracht bestuurt bekend is met de actuele situatie voor wat betreft stremmingen op de voor hem relevante wegen binnen de zone of de voorgeschreven route. 7.

Overige verkeersborden, ook die met een afwijkende gewichts- en/of aslast- of lengtebeperking, in de zone dienen te allen tijde te worden nageleefd. 8. Bij gebruik van de ontheffing is het zaak dat de omgeving en de overige verkeersdeelnemers niet op enigerlei wijze in gevaar worden gebracht en zo min mogelijk worden gehinderd. 9. Degene die het voertuig bestuurt dient zich binnen de zone te houden aan de volgende gedragsvoorschriften: a. Zoveel mogelijk op de breder opgezette doorgaande wegen rijden b. Niet stilstaan op bruggen om te laden en lossen of te parkeren. c. Niet parkeren op de kademuur binnen een afstand van 3 meter vanaf de waterkant. d. Rijgedrag: Stapvoets rijden over verkeersdrempels en andere oneffenheden om de piekbelasting van zware voertuigen te verminderen. Bij voorkeur niet stoppen in de buurt van een ander zwaar voertuig. Artikel 9 – Nadere voorschriften en beperkingen

1. Aan een ontheffing kunnen nadere specifieke voorschriften worden verbonden ter bescherming van de belangen op grond waarvan het verbod waarvan ontheffing is verleend, van kracht is. 2. Aan de ontheffing kunnen nadere beperkingen worden gesteld ten aanzien van de geldigheid naar gewicht, route, plaats en tijd. Artikel 10 – Intrekking, wijziging of weigering ontheffing 1. Een ontheffing kan worden ingetrokken of gewijzigd indien: - Aan de ontheffing verbonden voorschriften en/of beperkingen niet in acht zijn of worden genomen; - Sprake is van oneigenlijk gebruik van deze ontheffing of eventueel andere aan de ontheffinghouder afgegeven ontheffing(en) op grond van deze beleidsregels; - Ter verkrijging van de ontheffing onjuiste of onvolledige gegevens zijn verstrekt; - Sprake is van veranderde wetgeving (of beleid) of een verandering van omstandigheden of inzichten opgetreden na het verlenen van de ontheffing; - De ontheffinghouder hierom verzoekt. 2. Een ontheffing kan worden geweigerd indien: - Een eerdere ontheffing van de aanvrager in de twee jaren voorafgaand aan de beslissing op de aanvraag, wegens handelen in strijd met ontheffingsvoorschriften en –beperkingen is ingetrokken; - De verwachting bestaat dat er oneigenlijk gebruik zal worden gemaakt van de ontheffing. Artikel 11 – Stappenplan intrekken zonale ontheffing 1.

Als wordt geconstateerd dat een ontheffinghouder of een ander die van de ontheffing gebruik maakt de voorschriften verbonden aan de ontheffing overtreedt, dan kan de ontheffing worden ingetrokken volgens het volgende stappenplan: a. De ontheffinghouder ontvangt bij de eerste overtreding een schriftelijke waarschuwing dat de ontheffing bij een volgende overtreding kan worden ingetrokken; b. Afhankelijk van de resterende geldigheidsduur en de ernst van de overtreding wordt bij een tweede of volgende overtreding: i. De ontheffing gedurende drie maanden ingetrokken. ii. De ontheffing volledig ingetrokken en kan binnen een periode van 2 jaar na de intrekking geen nieuwe aanvraag worden gedaan. 2. Als wordt geconstateerd dat een ontheffinghouder of een ander die van de ontheffing gebruik maakt in strijd met de intentieverklaring zoals vermeld in artikel 5, lid 1, het voertuig of samenstel van voertuigen zodanig heeft beladen dat het werkelijk gewicht zwaarder is dan 30 ton, geldt dat bij een tweede overtreding de ontheffing volledig wordt ingetrokken voor de resterende looptijd. 3. Overtreding van de ontheffingsvoorschriften is op basis van de Wegenverkeerswet artikel 150, lid 2 juncto artikel 177a strafbaar gesteld en opgenomen in de Wet administratiefrechtelijke handhaving verkeersvoorschriften. Artikel 12 – Stappenplan intrekken route ontheffing 1.

Als wordt geconstateerd dat een ontheffinghouder of een ander die van de ontheffing gebruik maakt de voorschriften verbonden aan de route ontheffing overtreedt, dan kan de ontheffing afhankelijk van de ernst van de overtreding worden ingetrokken volgens het volgende stappenplan: a) De ontheffinghouder ontvangt bij de eerste overtreding een schriftelijke waarschuwing dat de ontheffing bij een volgende overtreding kan worden ingetrokken; b) Bij een tweede overtreding wordt de ontheffing volledig ingetrokken en kan binnen een periode van 2 jaar na de intrekking geen nieuwe aanvraag worden gedaan.

De ernst van de overtreding kan ook tot gevolg hebben dat wordt overgegaan tot het nemen van maatregelen ten aanzien van de overige kentekens waarvoor de aanvragende (rechts-) persoon ontheffing is verleend. 2. Als wordt geconstateerd dat een ontheffinghouder of een ander die van de ontheffing gebruik maakt, afwijkt van de voorgeschreven en door de gemeente getoetste route, zonder expliciete toestemming van de gemeente, geldt dat bij een tweede overtreding de ontheffing volledig wordt ingetrokken voor de resterende looptijd. Hetzelfde is het geval als geconstateerd wordt dat een ontheffinghouder of een ander die van de ontheffing gebruik maakt in strijd met de intentieverklaring zoals vermeld in artikel 5, lid 2, met het voertuig of samenstel van voertuigen, zonder expliciete toestemming van de gemeente, afwijkt van de grote doorgaande wegen. 3. Overtreding van de ontheffingsvoorschriften is op basis van de Wegenverkeerswet artikel 150, lid 2 juncto artikel 177a strafbaar gesteld en opgenomen in de Wet administratiefrechtelijke handhaving verkeersvoorschriften.

Artikel 13 - Hardheidsclausule Het college van B&W kan in bijzondere gevallen die bij het opstellen van dit beleid niet zijn voorzien ten gunste van de aanvrager van een ontheffing afwijken van de bepalingen van dit beleid, als toepassing ervan gevolgen heeft voor de aanvrager die onevenredig zijn in verhouding tot de met het beleid te dienen doelen. Artikel 14 - Overige bepalingen 1. Voor aanvragen van gemeentelijke ontheffingen zijn leges verschuldigd conform de legesverordening van de gemeente Amsterdam. 2. Een ontheffing dient te worden aangevraagd op de wijze zoals die op de website van de gemeente is gepubliceerd. 3. Als er voorheen in strijd met ontheffingsvoorschriften dan wel dit ontheffingenbeleid is gehandeld, kan dat reden zijn om een volgende ontheffing te weigeren. 4. Het college van B&W behoudt zich het recht voor het onderhavige ontheffingenbeleid op de daartoe voorgeschreven wijze te wijzigen en/of in te trekken. Artikel 15– Onmiddellijke werking Deze beleidsregels treden onmiddellijk in werking. De onmiddellijke werking gaat in na publicatie. Dit houdt in dat nog lopende ontheffingen, die verleend zijn op grond van het ontheffingenbeleid 7,5 ton zone stadsdeel centrum 2018, zullen worden getoetst aan deze beleidsregels en waar mogelijk, zullen worden omgezet in ontheffingen conform deze beleidsregels.

Voor ontheffingen, die niet kunnen worden verleend volgens deze beleidsregels, geldt echter dat ze zullen worden ingetrokken. Artikel 16 – Inwerkingtreding en naam 1. Deze beleidsregels treden in werking op (beoogde ingangsdatum 1 juli 2021) 2. Deze beleidsregels worden aangehaald als “Beleidsregels ontheffing zone zwaar verkeer 2021”

Toelichting Algemeen Reeds sinds 7 augustus 1996 kent de binnenstad van Amsterdam een 7,5 t-zone (ingesteld door middel van een verkeersbesluit (2884/BS/OR), ingesteld om de binnenstad en de bewoners te beschermen tegen de overlast van zwaar verkeer. Onder overlast wordt verstaan: schade aan wegen, bruggen en kademuren, verkeersonveiligheid, luchtvervuiling en geluidsoverlast. Om de binnenstad te kunnen blijven bevoorraden, verbouwen of renoveren, en schoon te houden met de inzet van voertuigen zwaarder dan 7,5 ton was wel mogelijk om van die geslotenverklaring onder voorwaarden een tijdelijke ontheffing te krijgen en is ontheffingenbeleid vastgesteld (de Regeling Stedelijke Distributie in Stadsdeel Centrum). Dit ontheffingenbeleid is in 2018 nader aangescherpt. Het College heeft aanleiding gezien het ontheffingenbeleid 7,5t-zone uit 2018 verder aan te moeten scherpen. De aanscherping is voornamelijk ingegeven door het belang van het verminderen van de piekbelasting van de kwetsbare bruggen en kademuren in de binnenstad. Het college van B&W gaat er daarbij wel vanuit dat op termijn ook buiten de binnenstad vanwege de kwetsbare bruggen en kademuren aldaar zonale geslotenverklaringen op gewicht zullen moeten worden ingesteld. Deze beleidsregels zijn dan ook zodanig opgesteld dat ze ook op die toekomstige ingestelde zonegebieden van toepassing kunnen zijn.

Zodat in de gemeente Amsterdam op een en dezelfde wijze ontheffing wordt verleend van zo’n zonale gewichtsbeperking. Amsterdam is immers een stad die voor een significant deel immers bestaat uit kademuren en bruggen. Een groot deel van de kademuren en bruggen is einde levensduur en dient te worden vervangen. Daarnaast is er sprake van een toenemende belasting door het verkeer. De gemeente investeert de komende decennia flink in de Amsterdamse bruggen (850 stuks) en kademuren (200 km). De komende tijd gaat vooral veel aandacht uit naar het voorkomen van incidenten en het in kaart brengen van de conditie van de constructies. Van veel bruggen en kademuren weten we niet precies in welke staat ze verkeren en welke belasting ze nog aankunnen. Dat levert risico’s op. In de afgelopen jaren zijn bij een aantal bruggen en kademuren acuut maatregelen getroffen om de veiligheid te garanderen. Zoals het afsluiten, ontlasten of ondersteunen van de constructies. Verwacht wordt dat zonder gerichte maatregelen de incidenten zullen toenemen. Er is dan ook besloten de huidige regelgeving voor zwaar verkeer aan te scherpen als generieke risicobeperkende maatregel naast alle lokale gerichte beperkingen. Belangrijkste wijzigingen ten opzichte van het ontheffingenbeleid 2018: a. De voorwaarden waaronder ontheffingen worden uitgegeven worden vooral strenger voor voertuigen vanaf 30 ton.

Er zijn twee typen ontheffingen: een zonale (jaar- en dag-) ontheffing voor voertuigen die maximaal 30 ton wegen en een maximale lengte van 10 meter hebben en een routeontheffing voor voertuigen die zwaarder zijn dan 30 ton en of langer zijn dan 10 meter. Alleen als de infrastructuur het toestaat en er sprake is van ondeelbare lading is er een routeontheffing mogelijk. Met een zogenaamde intentieverklaring kunnen voertuigen die zich wel aan de eisen kunnen houden, maar niet

b. c. d. e.

als zodanig bekend staan bij de RDW toch een ontheffing aanvragen. Ook wordt zo op de grote doorgaande wegen meer lengte toegestaan. Ontheffinghouders moeten ter plekke kunnen aantonen dat zij een bestemming in de 7,5 t-zone hebben. De eis vooraf 5 vrachtbrieven aan te leveren vervalt. De categorie bijzondere voertuigen vervalt. Ook voor deze voertuigen geldt de gewichtsbeperking. Aanvullende gedragsregels bij de ontheffingsvoorschriften De ontheffingsvoorschriften zijn strenger en er is een handhavingsstappenplan.

Het gebied waar de geslotenverklaring voor voertuigen of samenstellen van voertuigen geldt (verkeersbord C21), wordt ingesteld met een verkeersbesluit. Deze nieuwe beleidsregels zone zwaar verkeer 2021 komt geheel in de plaats van het ontheffingenbeleid 7,5t-zone stadsdeel Centrum 2018. De ontheffingen die op grond van deze beleidsregels worden verleend, gelden uitsluitend voor de gewichtszone en niet voor andere lokale gewichts- of aslast- of lengtebeperkingen. Voorrangsvoertuigen die op grond van het RVV of voertuigen die op grond van artikel 147 van de Wegenverkeerswet voor bord C22a zijn vrijgesteld, vallen niet onder de ontheffingplicht. Wettelijk kader De mogelijkheid om ontheffing te verlenen van verkeersregels en verkeerstekens is geregeld in artikel 87 van het RVV. Ingevolge artikel 149, lid 1 sub d, juncto artikel 18, lid 1 sub d van de Wegenverkeerswet 1994 (WVW) is dit een bevoegdheid van Burgemeester en Wethouders. De mogelijkheid om voorschriften aan de ontheffing te verbinden vindt zijn basis in artikel 150 van de Wegenverkeerswet 1994 (WVW). Artikelsgewijze toelichting Artikel 2 Werkingssfeer Een ontheffing op basis van deze beleidsregels wordt uitsluitend verleend voor zover betreft het zonale verkeersbord C21 (geslotenverklaring voor voertuigen en samenstelling van voertuigen waarvan de totaalmassa hoger is dan 7,5 ton).

Voor het tijdelijk stremmen van de straat is een tijdelijke verkeersmaatregel nodig zoals genoemd in artikel 34 van het Besluit administratieve bepalingen inzake het wegverkeer (BABW). Als gevolg van artikel 91 van het Rvv 1990, mogen voorrangsvoertuigen afwijken van de voorschriften van het Rvv, voor zover de uitoefening van hun taak dit vereist. Artikel 3 Zonale ontheffing Artikel 3, lid 4 Uitsluitend voertuigen of samenstel van voertuigen bedoeld in het eerste lid van artikel 3 kunnen in aanmerking komen voor een dagontheffing. Partijen die slechts een enkele keer (tot 12 x per jaar) de zone aandoen, kunnen zo in plaats van een jaarontheffing een goedkopere dagontheffing aanvragen. Artikel 4 Route ontheffing ondeelbare lading Artikel 4, lid 1 Indien de lading, die vervoerd moet worden naar of vanuit de 7,5 t-zone, ondeelbaar is, en het voertuig of samenstel van voertuigen kan niet voldoen aan een of beide voorwaarden uit artikel 3,

lid 1, kan een route ontheffing worden aangevraagd. Van de ondeelbare lading dient bij de aanvraag bewijs te worden overgelegd. Dit bewijs dient op overtuigende en objectieve wijze te worden geleverd en kan de vorm hebben van: - Foto(‘s), en/of - Vrachtbrief, en/of - Contract Eventueel aangevuld met een toelichting (bijvoorbeeld m.b.t. de werkzaamheden/activiteiten) De gemeente kan daarnaast extra informatie verlangen over het voertuig of samenstel van voertuigen. Te denken valt aan technische informatie over as-configuratie of draaicirkel. Artikel 4, lid 2 Bij de aanvraag moet worden aangetoond welke specifieke bestemming/specifieke bestemmingen men wil aandoen in combinatie met (een) specifieke route(s). De wijze waarop men dit doet is vormvrij. De draagkracht van de bruggen en kademuren op deze route(s) is altijd doorslaggevend voor het al of niet verlenen van de ontheffing. Artikel 4, lid 3 Aanvullende maatregelen ter bescherming van de bruggen en kademuren zijn bijvoorbeeld ondersteunende maatregelen zoals verbeteren van de as-configuratie door bijplaatsen van assen, rijplaten, uitsluitend de route rijden onder begeleiding van verkeersregelaars, versteviging brugdelen, enz.

Artikel 4, lid 4 De gemeente stelt de actuele informatie met betrekking tot de lokale beperkingen en stremmingen in verband met staat van de bruggen en kademuren in de stad beschikbaar via een openbare website. Artikel 5 De intentieverklaring Artikel 5, lid 1 intentieverklaring massa De aan het kenteken gekoppelde RDW-gegevens geven alleen inzicht in de ledige massa, de wettelijk toegestane maximale massa, aslast en lengte. Wat een voertuig of samenstel van voertuigen werkelijk weegt inclusief lading is ongewis. Voor voertuigen met een ledig gewicht lager dan 20 ton, maar waarvan genoegzaam kan worden aangetoond dat ze nooit zwaarder dan 30 ton inclusief lading zullen wegen, is alsnog mogelijk om een zonale ontheffing aan te vragen. Hetzelfde geldt als daarnaast het voertuig of samenstel van voertuigen vanwege een ondeelbare lading langer is dan 10 meter. Waarbij vanzelfsprekend wel alle verdere restricties in de zone, waaronder de lengterestricties in acht moeten worden genomen. De kentekenhouder dient hiertoe bij de aanvraag een schriftelijke verklaring tekenen. Op de ontheffing komt een aantekening te staan dat het om een ontheffing met intentieverklaring gaat. De verklaring wordt naar waarheid ingevuld. Het niet houden aan de toezeggingen uit de verklaring is een overtreding als bedoeld in artikel 10 en kan dus consequenties hebben voor de afgegeven ontheffing.

Artikel 5,lid 2 Intentieverklaring lengte In de stad zijn verschillende doorgaande grote wegen. Ze zijn breder van opzet en kunnen in principe voertuigen of samenstel van voertuigen met een lengte langer dan 10 m aan. Om die reden is de mogelijkheid gecreëerd om voor voertuigen of samenstel van voertuigen met een toelaatbare max. massa van 30 ton of een intentieverklaring als bedoeld in artikel 5, lid 1, en een lengte van meer dan 10 meter, maar die een deelbare lading hebben, een route ontheffing aan te vragen voor uitsluitend deze grote doorgaande wegen. Naast de intentieverklaring is noodzakelijk dat genoegzaam wordt aangetoond dat het voertuig of samenstel van voertuigen uitsluitend bestemmingen heeft langs deze wegen.

De verklaring wordt naar waarheid ingevuld. Het niet houden aan de toezeggingen uit de verklaring is een overtreding als bedoeld in artikel 10 en kan dus consequenties hebben voor de afgegeven ontheffing. Artikel 8 – Ontheffingsvoorschriften Artikel 8, lid 4 De chauffeur dient de noodzaak van verblijf in de zone te kunnen aantonen. De manier waarop is vormvrij. Aantonen van de noodzaak van verblijf is mogelijk aan de hand van een vrachtbrief, contract, opdrachtbon, ed. Artikel 8,lid 5 De ontheffinghouder is verplicht ervoor te zorgen dat de chauffeur, die in zijn opdracht met het voertuig waarvoor ontheffing is verleend in de zone verblijft, kennis heeft van de voorschriften en beperkingen, die aan de ontheffing zijn verbonden en de consequenties van het zich niet houden aan deze voorschriften en beperkingen. De ontheffinghouder is medeverantwoordelijk voor het gedrag van de chauffeur en kan hierop worden aangesproken. Artikel 8, lid 6 De gemeente geeft een gratis maandelijkse nieuwsbrief uit, waarin de actuele stremmingen en lokale gewichtsbeperkingen worden vermeld. De aanvrager kan zich hierop abonneren. Artikel 8,lid 9 Voor elke voertuig zwaarder dan 7,5 ton gelden gedragsvoorschriften ter bescherming van de bruggen en kademuren in de zone.

Artikel 10 Intrekking, wijziging of weigering ontheffing Artikel 10, lid 1 Zwaar verkeer is noodzakelijk voor het functioneren van stad. Zo vindt de bevoorrading, bouwwerkzaamheden en het schoon en heel houden van de openbare ruimte plaats. Met het ontheffingenbeleid en de invoering van de intentieverklaring wordt binnen de beperkte marges die er zijn, de branche de ruimte geboden om zoveel mogelijk hun werkzaamheden en activiteiten doorgang te laten vinden. Vanwege de kwetsbaarheid van de bruggen en kademuren is het ook noodzakelijk om streng in te kunnen grijpen bij ongewenst gedrag van een chauffeur of ontheffinghouder. Ook kan de actuele situatie rondom de staat van de bruggen en kademuren de gemeente noodzaken tot onmiddellijk ingrijpen.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/9567489/3