Stikstofdepositieonderzoek_def.pdf
Tekst van het document
Steigereiland Waterwoningen Stikstofdepositie-onderzoek
Sweco Nederland B.V. Onderwerp Projectnummer
Handelsregister 30129769 Steigereiland Waterwoningen stikstofonderzoek 51016476
Klant Versie
Gemeente Amsterdam 1
Datum Auteur Document referentie
16-10-2024 Willem Fenten NL24-648800269-105767
Gecontroleerd door
Bert Dekker
Vrijgegeven door
Rob Cornelis
2/12
Inhoudsopgave
1
Inleiding ......................................................................................................................... 4
2
Toetsingskader .............................................................................................................. 5 2.1 Inleiding ............................................................................................................... 5 2.2 Rekenmodel ........................................................................................................ 5 2.3 Beoordelingslocaties ........................................................................................... 5 2.4 Beoordeling stikstofdepositie project .................................................................. 6
3
Uitgangspunten ............................................................................................................. 7 3.1 Onderzochte situatie ........................................................................................... 7 3.2 Realisatiefase ...................................................................................................... 7 3.2.1 Mobiele werktuigen ................................................................................ 7 3.2.2 Stationair verkeer ................................................................................... 8 3.2.3 Wegverkeer............................................................................................ 8 3.2.4 Scheepvaart ........................................................................................... 8 3.2.5 Koude start werkverkeer ........................................................................ 9 3.3 Gebruiksfase ....................................................................................................... 9 3.3.1 Koude start gebruiksfase ..................................................................... 10
4
Resultaten ................................................................................................................... 11
5
Conclusie ..................................................................................................................... 12
Bijlage 1 – Uitgangspunten realisatiefase en gebruiksfase Bijlage 2 – Resultaat AERIUS Calculator berekening realisatiefase Bijlage 3 – Resultaat AERIUS Calculator berekening gebruiksfase
Sweco | Centrumeiland Waterwoningen en woonboten Projectnummer 51008383 Datum 16-10-2024
Versie 1
Document referentie https://swecogroup.sharepoint.com/sites/nl-post_archive/secretariaat/51016746_centrumeiland waterwoningen_20241015.docx
3/12
1
Inleiding
De gemeente Amsterdam is voornemens om 57 waterwoningen te realiseren op kavel 124 II van Steigereiland in IJburg. Voor de aanleg van de woningen moet er gekeken worden of er stikstofdeposities op Nederlandse natuurgebieden ontstaan. Hiervoor is een onderzoek uitgevoerd in het kader van de wet- en regelgeving voor natuur. Het doel is om te bepalen of er mogelijke belemmeringen vanuit deze wet- en regelgeving zijn voor de planontwikkeling. Als onderdeel hiervan dienen de effecten van het plan op de stikstofdepositie in stikstofgevoelige Natura 2000-gebieden inzichtelijk te worden gemaakt. Daarbij dient te worden nagegaan of ten gevolge van het project een toename van de stikstofdepositie optreedt in stikstofgevoelige habitattypen en/of stikstofgevoelige leefgebieden. In deze notitie zijn de uitgangspunten en resultaten vastgelegd van de berekeningen van de stikstofdepositie als gevolg van de voorgenomen projectontwikkeling.
Figuur 1. Locatie plangebied (rood) en omliggend Natura 2000-gebied (groen)
Sweco | Steigereiland Waterwoningen Projectnummer 51016476 Datum 16-10-2024
Versie 1
Document referentie NL24-648800269-105767
4/12
2
Toetsingskader
2.1
Inleiding
Natura 2000 is een Europees netwerk van beschermde natuurgebieden. Het netwerk bestaat uit gebieden die zijn aangewezen op basis van de Europese Vogel- en Habitatrichtlijnen. Het uiteindelijke doel is het bereiken van een gunstige staat van instandhouding voor alle door de richtlijnen beschermde soorten en habitats. Onder de Omgevingswet is de gebiedsbescherming van de Nederlandse Natura 2000-gebieden geregeld. In de Nederlandse Natura 2000-gebieden is door een overbelasting met stikstofoxiden (NOx) en ammoniak (NH3) de staat van instandhouding van veel soorten en habitats niet gunstig en worden de instandhoudingsdoelstellingen niet behaald. Nieuwe ontwikkelingen die een toename van de stikstofdepositie tot gevolg hebben kunnen negatieve effecten hebben op het behalen van de instandhoudingsdoelstellingen. Voor nieuwe plannen of projecten, binnen of buiten een Natura 2000-gebied, moet daarom worden onderzocht of deze significant negatieve effecten hebben op het behalen van een gunstige staat van instandhouding van soorten en habitats. Onder de omgevinsgwet worden activiteiten die significant nadelige gevolgen kunnen hebben voor een Natura 2000-gebied een Natura 2000-activiteit genoemd.
2.2
Rekenmodel
Effecten van een plan of een project op de stikstofdepositie kunnen ontstaan tijdens de realisatiefase en/of de gebruiksfase. Met het rekenmodel AERIUS Calculator kan deze stikstofdepositie op de relevante stikstofgevoelige habitattypen en stikstofgevoelige leefgebieden van soorten binnen Natura 2000gebieden worden berekend. Het gebruik van dit rekeninstrument is in de Omgevingsregeling voorgeschreven.
2.3
Beoordelingslocaties
Voor elk Natura 2000-gebied zijn habitattypen en/of soorten aangewezen. Elk habitattype of het leefgebied van deze soorten is in meer of minder mate gevoelig voor de gevolgen van stikstofdepositie. De kritische depositiewaarde (KDW) geeft voor elk habitattype en elk leefgebied van soorten aan bij welke mate van stikstofdepositie (mol N/ha/jaar) er een risico is dat de kwaliteit verslechtert ten gevolge van de verzuring en/of vermesting die de stikstofdepositie veroorzaakt. Voor de beoordeling van de stikstofdepositie wordt gekeken naar de locaties binnen Natura 2000-gebieden waar er een overbelasting met stikstof is. Dat wil zeggen dat de heersende achtergronddepositie groter is dan de KDW van de aanwezige habitattypen en/of leefgebieden. Uit voorzorg worden ook locaties beoordeeld waar de achtergronddepositie tot 70 mol N/ha/jaar onder de KDW ligt (een naderende overschrijding KDW).
Sweco | Steigereiland Waterwoningen Projectnummer 51016476 Datum 16-10-2024
Versie 1
Document referentie NL24-648800269-105767
5/12
2.4
Beoordeling stikstofdepositie project
Indien uit de berekeningen met AERIUS Calculator blijkt dat er geen sprake is van een toename van de stikstofdepositie (kleiner dan of gelijk aan 0,00 mol N/ha/jaar) op overbelaste habitats, dan kunnen significante effecten ten gevolge van stikstofdepositie op voorhand worden uitgesloten. Voor het onderdeel stikstofdepositie is er dan geen omgevingsvergunning voor een Natura 2000activiteit nodig. Indien uit de berekening blijkt dat er sprake is van een toename van de stikstofdepositie (groter dan 0,00 mol N/ha/jaar) op overbelaste habitats, maar wordt voldaan aan één van onderstaande voorwaarden, dan is er ook geen omgevingsvergunning voor een Natura 2000-activiteit nodig:
Verslechtering van stikstofgevoelige habitattypen of habitats van soorten kan, ondanks een toename van de depositie, volledig uitgesloten worden in een ecologische beoordeling (voortoets). Na intern salderen is de toename van de stikstofdepositie niet groter dan 0,00 mol N/ha/jaar.
Indien uit de berekening blijkt dat er sprake is van een toename aan stikstofdepositie (groter dan 0,00 mol N/ha/jaar) en niet aan één van bovenstaande voorwaarden wordt voldaan, is een omgevingsvergunning voor een Natura 2000-activiteit nodig. Een vergunning kan worden verleend als uit een passende beoordeling eventueel inclusief extern salderen en eventueel het succesvol doorlopen van de ADC-toets1 blijkt dat zekerheid is verkregen dat het project de natuurlijke kenmerken van de betreffende Natura 2000-gebieden niet zal aantasten.
1
Dit is een onderzoek waaruit naar voren komt dat er geen Alternatieven zijn voor het project, er Dwingende reden van groot openbaar belang zijn en waarbij Compensatie voor Natura 2000gebieden plaatsvindt.
Sweco | Steigereiland Waterwoningen Projectnummer 51016476 Datum 16-10-2024
Versie 1
Document referentie NL24-648800269-105767
6/12
3
Uitgangspunten
3.1
Onderzochte situatie
In dit hoofdstuk zijn de uitgangspunten beschreven die zijn gehanteerd voor de emissiebronnen. Het project bestaat uit de realisatie van 57 waterwoningen te IJburg. Effecten ten gevolge van een projectontwikkeling op de stikstofdepositie in stikstofgevoelige Natura 2000-gebieden kunnen ontstaan in de realisatiefase (sloopfase en bouwfase) of gebruiksfase. Voor deze planontwikkeling zijn beide fasen onderzocht.
3.2
Realisatiefase
Tijdens de realisatie van de woningen worden mobiele werktuigen ingezet voor de verschillende werkzaamheden. Daarbij vinden er transportbewegingen plaats voor aan- en afvoer van materieel en materialen en van personeel. Hierbij ontstaan stikstofemissies (NOx en NH3). Voor de realisatiefase is de verwachte inzet van materieel bepaald door Sweco2. Op basis van de verwachte inzet zijn de emissies berekend. Voor deze fase is gerekend met rekenjaar 2024.
3.2.1
Mobiele werktuigen
De emissieberekeningen van NOx en NH3 voor de mobiele werktuigen zijn uitgevoerd op basis van de AUB-methode van TNO3. De berekeningen van de emissies zijn hierbij gebaseerd op (A) AdBlue verbruik (liter), (U) totale aantal draaiuren en (B) brandstofverbruik (liter). Hierbij worden onderstaande formules gehanteerd: NOx (kg) = Qb * liter brandstof + Qu * draaiuren + Qa * liter AdBlue. NH3 (kg) = Pb * liter brandstof + Pu * draaiuren. De coëfficiënten (Qb, Qu, Qa, Pb en Pu) zijn afhankelijk van de stageklasse en de vermogensklasse. In bijlage 1 is het aantal draaiuren en het brandstofverbruik van de werktuigen opgenomen. Het brandstofverbruik is afhankelijk van het motorvermogen en de belasting en is afgeleid met behulp van de Excel-tabel, behorende bij de rapportage van TNO4. Op basis van voorgaande is de totale emissie NOX en NH3 bepaald met de AUB-methode. De emissies van de mobiele werktuigen zijn in het rekenmodel opgenomen als een vlakbron binnen het plangebied. De emissies zijn in het rekenmodel ingevoerd met een uitstoothoogte van 2,5 m, een spreiding van 1,3 m, een warmte-inhoud van 0,035 MW en met etmaalvariatie ‘Standaard profiel industrie’. De mobiele werktuigen met bijbehorende emissie zijn opgenomen in bijlage 1.
2
Sweco (2024) 51016746_IJburgWoonboten_aanlegfase.xlsx TNO (2021) AUB (AdBlue verbruik, Uren, en Brandstofverbruik): een robuuste schatting van NOx en NH3 uitstoot van mobiele werktuigen. TNO 2021 R12305. 10 december 2021. 4 TNO-2021-R12305-tab.xlsx. 3
Sweco | Steigereiland Waterwoningen Projectnummer 51016476 Datum 16-10-2024
Versie 1
Document referentie NL24-648800269-105767
7/12
3.2.2
Stationair verkeer
De emissies van het stationair draaien van de vrachtwagens tijdens het laden en lossen zijn berekend op basis van de methode beschreven in de ‘Instructie gegevensinvoer voor AERIUS Calculator 2024’ van BIJ125. Met deze methode wordt de emissie bepaald op basis van het aantal uur stationair draaien van de motor en een set emissiefactoren. In bijlage 1, is het totaal aantal uren stationair draaien van de motor opgenomen en zijn de emissies berekend. Voor de berekening van de emissies is uitgegaan van de emissiefactoren voor het rekenjaar 2024. De totale emissie bedraagt 3,15 kg NOx/jaar en 0,04 kg NH3/jaar. De emissies zijn in het rekenmodel ingevoerd als een vlakbron met een uitstoothoogte van 0,5 m, een spreiding van 0,25 m, een warmte-inhoud van 0 MW en met de etmaalvariatie ‘Standaard profiel industrie’.
3.2.3
Wegverkeer
De emissies bij transportbewegingen worden automatisch bepaald door het rekenmodel op basis van emissiefactoren (g/km) per type voertuig en per snelheidsprofiel, het aantal vervoersbewegingen per voertuigtype en de lengte van de afgelegde weg per vervoersbeweging. In tabel 3-1 zijn de transportbewegingen bij de werkzaamheden samengevat. Voor licht werkverkeer is aangenomen dat er 400 werkbusjes en 390 vrachtwagens van en naar het plangebied zullen komen. De transportbewegingen zijn gemodelleerd vanaf het plangebied, over de Schokkerjachtdijk tot de IJburglaan. Vanaf daar is de verkeersgeneratie van de inrichting qua rijsnelheid en stopgedrag niet meer te onderscheiden van het overige verkeer en gaat het daarmee op in het heersende verkeersbeeld. Voor de ontsluitingsroute is het snelheidsprofiel ‘Binnen bebouwde kom, doorstromend’ gehanteerd. Tabel 3-1. Verkeersbewegingen tijdens realisatiefase Type verkeer
Aantal voertuigen
Verkeersbewegingen (beweging/jaar)
Licht verkeer
400
800
Zwaar verkeer
390
780
3.2.4
Scheepvaart
Het rekenmodel bepaalt de emissies van de transportbewegingen van de scheepvaart automatisch. De emissies tijdens het varen worden bepaald op basis van het type schip (RWS-type), de totale afgelegde afstand per scheepvaartbeweging, de beladingsgraad en de emissiefactor (kg/km) behorende bij het type schip en type vaarweg. Er wordt gebruik gemaakt van schepen van het RWS-type M0 (Overig). Er is uitgegaan van 82 vaartuigen per jaar, waarvan de ritten naar het plangebeid 100% van de tijd met een volledig gevulde lading zijn.
5
BIJ12 (2024) Instructie gegevensinvoer voor AERIUS Calculator 2024. Versie 1. Oktober 2024
Sweco | Steigereiland Waterwoningen Projectnummer 51016476 Datum 16-10-2024
Versie 1
Document referentie NL24-648800269-105767
8/12
De scheepvaartbewegingen zijn in het rekenmodel gemodelleerd over één vaarroute. De route loopt vanaf het plangebied tot aan de vaarweg van Amsterdam via het IJmeer. Deze vaarroute behoord tot klasse CEMT_VIa. Als sector is ‘Binnenvaart: Vaarroute’ gebruikt.
3.2.5
Koude start werkverkeer
Er is sprake van een koude start wanneer motorvoertuigen gestart worden nadat ze 2 uur of langer stil hebben gestaan. Tijdens de aanlegfase is er alleen sprake van een koude start bij het lichte verkeer dat aan het eind van de werkdag vertrekt van het werkterrein. Er is gerekend met 1 koude start per 2 verkeersbewegingen van het lichte verkeer. Bij het middelzware en zware verkeer is geen sprake van een koude start, omdat deze voertuigen maar een beperkte tijd aanwezig zijn op het werkterrein voor laden en lossen. De koude start is gemodelleerd als een puntbron in de categorie ‘Verkeer – Koude start; overig’.
3.3
Gebruiksfase
Tijdens de gebruiksfase ontstaan er emissies van stikstof ten gevolge van de transportbewegingen van het wegverkeer van en naar het plangebied en ten gevolge van bedrijfsactiviteiten. Voor het project is op basis van worstcase kentallen van CROW6 de verkeersgeneratie per etmaal berekend. Er is uitgegaan van het type woning ‘koop, huis, vrijstaand’. De kentallen en de berekening van de verkeersgeneratie is terug te vinden in tabel 3-2. Er is rekening gehouden met een verkeersgeneratie voor 57 woningeenheden als worst-case aanname. Er is een stedelijkheidsgraad van 1 (zeer sterk stedelijk) aangehouden en er is uitgegaan van een verkeersgeneratie gebaseerd in het Schil centrum (hierbij werd uitgegaan van de maximale verkeersgeneratie). De emissies bij wegverkeersbewegingen worden automatisch bepaald door het rekenmodel op basis van de emissiefactoren (g/km) behorende bij het snelheidsprofiel van de voertuigen, het aantal vervoersbewegingen en de lengte van de afgelegde weg per vervoersbeweging. De transportbewegingen zijn gemodelleerd vanaf het plangebied, over de Schokkerjachtdijk naar de IJburglaan, tot aan de afrit naar de A10.
Vanaf daar is de verkeersgeneratie van de inrichting qua rijsnelheid en stopgedrag niet meer onderscheidend van het overige verkeer, is de verkeersgeneratie verdund tot enkele procenten van het reeds aanwezige verkeer, en gaat het daarmee op in het heersende verkeersbeeld. Voor de ontsluitingsroute is het snelheidsprofiel ‘Binnen bebouwde kom, doorstromend’ gehanteerd. Tabel 3-2. Verkeersgeneratie volgens CROW kentallen
6
Functie
Stedelijkheidsgraad
Verkeersgraad
Verkeersgeneratie (per woning/etmaal)
Verkeersgeneratie (totaal/etmaal)
Koop, huis, vrijstaand
Zeer sterk stedelijk
Schil centrum
7,2
411
CROW Kennisbank, 6.3.3.2 Hoofdgroep wonen https://kennisbank.crow.nl/kennismodule/detail/113470#113471
Sweco | Steigereiland Waterwoningen Projectnummer 51016476 Datum 16-10-2024
Versie 1
Document referentie NL24-648800269-105767
9/12
3.3.1
Koude start gebruiksfase
Het aantal koude starts is gebaseerd op maximaal 2 koude starten per werkdag en 1 koude start per weekenddag voor personenauto’s. Dat geeft maximaal 600 koude starts per voertuig per jaar6. Hiervan vindt 50% plaats bij woningen7. Vanwege het sterk stedelijke karakter van de woningen is gerekend met een autobezit van 1.08 per woning8. Het aantal koude starts per woning komt hiermee op 50% x 600 x 1.08 = 324 koude starts per woning per jaar. Dit resulteert in 18.468 koude start per jaar. De emissies uit koude start zijn gemodelleerd als een puntbron met de categorie ‘Verkeer – Koude start: overig’.
7 8
TNO, 2024 – R11049 – Emissiefactoren wegverkeer 2024 CROW, 2024 – 744, Parkeerkencijfers, basis voor parkeernormering – Autobezit per huishouden naar stedelijkheidsgraad (2022)
Sweco | Steigereiland Waterwoningen Projectnummer 51016476 Datum 16-10-2024
Versie 1
Document referentie NL24-648800269-105767
10/12
4
Resultaten
Op basis van bovenstaande zijn de effecten op de stikstofdepositie in stikstofgevoelige Natura 2000-gebieden berekend. Voor de berekeningen is gebruik gemaakt van AERIUS Calculator 2024. De berekening voor de realisatiefase is uitgevoerd voor rekenjaar 2024. Voor de gebruiksfase is rekenjaar 2025 gebruikt. De resultaatbestanden van de AERIUS Calculator zijn opgenomen in bijlage 2 en 3. De effecten van de realisatiefase en de gebruiksfase leiden niet tot een toename van de depositie hoger dan 0,00 mol N/ha/jaar.
Sweco | Steigereiland Waterwoningen Projectnummer 51016476 Datum 16-10-2024
Versie 1
Document referentie NL24-648800269-105767
11/12
5
Conclusie
De gemeente Amsterdam is voornemens om 57 waterwoningen te realiseren op kavel 124 II te Steigereiland in IJburg. Voor de realisatie zullen er activiteiten ten bate van de realisatie van de woningen plaatsvinden. Tijdens het gebruik zal er alleen wegverkeer zijn ten behoeve van verkeersbewegingen door bewoners en bezoekers. In deze rapportage zijn de effecten van de realisatiefase en de gebruiksfase van het project onderzocht op de stikstofdepositie in stikstofgevoelige Natura 2000-gebieden. In de berekening van zowel de realisatiefase als de gebruiksfase zijn er geen toenamen van de depositie hoger dan 0,00 mol N/ha/jaar. Hiermee zijn significante effecten ten gevolge van stikstofdepositie op voorhand uitgesloten.
Sweco | Steigereiland Waterwoningen Projectnummer 51016476 Datum 16-10-2024
Versie 1
Document referentie NL24-648800269-105767
12/12
Bijlage 1 – Uitgangspunten realisatiefase
Sweco | Steigereiland Waterwoningen Projectnummer 51016476 Datum 16-10-2024
Versie 1
Document referentie NL24-648800269-105767
Materieelinzet Activiteit Aanleg palen en steigers Leveren materiaal Aan- en afvoer kraanponton Manoeuvreren ponton Plaatsen palen, 2 stuks per waterwoning Plaatsen palen, 2 stuks per waterwoning Plaatsen steigers
Hoeveelheid
Eenheid
5,00 1,00 8,00 76,00 76,00 2 250,00
bewegingen keer uur st st m2
Aanvoer waterwoningen Aanvoer waterwoningen Aanvoer waterwoningen
19,00 57,00
st st
Bijkomende werkzaamheden Leveren materiaal, diversen Aansluiten nuts Leveren woninginrichting/inboedel, 5 ritten per woning Woonwerkverkeer personeel
10,00 3,00 380,00 80,00
ritten st ritten werkdagen
Materieel Sleep-/duwboot Graafmachine rups Aggregaat Graafmachine minigraver Vrachtwagen Werkbus
Uren 422,00 155,00 51,00 1,00 33,00 32,00
Materieel Sleep-/duwboot Vrachtwagen Werkbusje
Ritten 164 780 800
Heen 82
Materieel
Productie [eenheid/uur]
Draaiuren
Sleep-/duwboot Sleep-/duwboot Sleep-/duwboot Graafmachine, rups Aggregaat Graafmachine, rups
0,50 0,25 1,00 1,50 1,50 20,00
10,00 4,00 104,00 51,00 51,00 112,50
1,00 1,00
5 Scheepvaart 1 Scheepvaart
Sleep-/duwboot Sleep-/duwboot
0,25 0,25
76,00 228,00
1,00 1,00
19 Scheepvaart 57 Scheepvaart
Vrachtwagen Graafmachine, minigraver Vrachtwagen Werkbus
12,00 0,25 12,00 2,50
1,00 12,00 32,00 32,00
1,00
10 Zwaar
1,00 0,20
380 Zwaar 400 Licht
Terug 82
Transportcapaciteit [eenheid/rit] Ritten Categorie
Emissieberekening mobiele werktuigen en stationair draaiend wegverkeer Naam
Categorie Stage Draaiuren Bouwjaar Vermogen Belasting Motor- Dieselverbruik Dieselverbruik AdBlue AdBlue Qb Qu Qa Pb Pu Emissie NOx Emissie NH3 Rekenjaar EF NOx [g/u] EF NH3 [g/u] Emissie NOx Emissie NH3 [kW] efficiëntie [liter/uur] [liter] [liter] mobiel werktuig [kg] mobiel werktuig [kg] stationair [kg] stationair [kg] Aggregaat D V 51,00 2019 200 40% 91% 21,42 1 092 6,0% 66 0,033 0,005 -0,46 0,00024 6,15 0,26 Graafmachine, minigraver A V 12,00 2019 20 50% 91% 3,17 38 0,02 0,005 0,0000075 0,82 0,00 Graafmachine, rups D V 163,50 2019 140 40% 91% 15,15 2 477 6,0% 149 0,033 0,005 -0,46 0,00024 14,19 0,59 Sleep-/duwboot D V 422,00 2019 500 40% 91% 52,75 22 259 6,0% 1 336 0,033 0,005 -0,46 0,00024 122,31 5,34 Vrachtwagen Zwaar 33,00 2024 90,8384 0,9664 3,00 0,03 Werkbus Licht 32,00 2024 4,7356 0,1704 0,15 0,01 Totaal 143,47 6,20 3,15 0,04 Type verkeer Licht Zwaar
Ritten Bew. 400 800 390 780
Gebruiksfase Waterwoningen koop huis vrijstaand, zeer sterk stedelijk, Schil centrum
Hoeveelheid (woningen) 57
Hoeveelheid (verkeer) per woning/etmaal
Verkeersgeneratie
7,2
Verkeergeneratie per etmaal
410,4
Aantal koude starts per jaar
18468
Bijlage 2 – Resultaat AERIUS Calculator berekening realisatiefase
Sweco | Steigereiland Waterwoningen Projectnummer 51016476 Datum 16-10-2024
Versie 1
Document referentie NL24-648800269-105767
Bijlage 3 – Resultaat AERIUS Calculator berekening gebruiksfase
Sweco | Steigereiland Waterwoningen Projectnummer 51016476 Datum 16-10-2024
Versie 1
Document referentie NL24-648800269-105767