CConstaterende datAmsterdam
Koppel je AI →
Document · PDF

Staat van de gebiedsontwikkeling.pdf

RAAD 10 juni 2026, gemeente AmsterdamBij agendapunt: Vaststellen van de actuele saldi van de actieve grondexploitaties Vereveningsfonds en kennisnemen van het Meerjarenperspectief Grondexploitaties (MPG) 2026 (VN2026-004379)9.852 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

1 alinea's met “deur”: 221

Staat van de Gebiedsontwikkeling

Bouwen voor een complete stad

Voorwoord Amsterdam groeit en verandert. In deze editie van de ‘Staat van de Gebiedsontwikkeling’ laat ik u zien hoe het college investeert in de ontwikkeling van de stad. Mede door de inzet van onze partners, die een belangrijke rol spelen in de ontwikkeling en bouw, hebben we in 2025 mooie resultaten bereikt. Daar ben ik trots op. Ik neem u mee in wat wij de afgelopen jaren hebben bereikt en waar wij naartoe werken. Van nieuwe woningen en scholen, tot parken, fietspaden en ontmoetingsplekken in de buurt. Hierbij gaat het niet alleen om bouwen, maar om het creëren van een stad waar iedereen een plek kan vinden, ongeacht leeftijd of manier van leven. We investeren bewust in buurten waar de kansen niet gelijk verdeeld zijn en richten ons extra op gebieden waar de uitdagingen het grootst zijn. Tegelijkertijd is een stad nooit ‘af’. Amsterdam blijft in beweging. Dat vraagt om flexibiliteit en creativiteit, zeker nu gebieds­ ontwikkeling steeds complexer wordt. Waar we in 2025 nog een voorzichtig herstel van de markt zagen, hebben de gevolgen van de oorlog in het Midden-Oosten de omstandigheden opnieuw bemoeilijkt. Ook blijven knelpunten, zoals de congestie op het elektriciteitsnet, een grote uitdaging in de gebiedsontwikkeling. De stand van het Vereveningsfonds is in 2025 verder verslechterd ten opzichte van het jaar daarvoor.

We hebben beperkt ruimte beschikbaar voor nieuwe plannen die geld kosten, dit is zorgelijk. Onder de huidige omstandigheden en met het huidige ambitie­

niveau wordt het steeds moeilijker om gebiedsontwikkeling financieel te laten renderen. Duidelijk is dat we keuzes zullen moeten maken. Niet alles kan overal. Toch bouwen wij ook in deze lastige situatie volop door voor een complete stad. Samen met onze partners in de stad zetten we onze schouders eronder en blijven we investeren en werken aan een nog mooier Amsterdam. Aan de hand van een aantal uitgelichte projecten en thema’s neem ik u mee in de veelzijdigheid van onze aanpak in de praktijk. Veel lees- en kijkplezier. Steven van Weyenberg Wethouder Stedelijke Ontwikkeling en Woningbouw Mei 2026

Inhoud

Samen bouwen voor een complete stad

4

1

Bouwen voor een sociale en inclusieve stad

10

2

Bouwen voor een duurzame stad

13

3

Bouwen voor een bereikbare en leefbare stad

18

4

Bouwen voor een bedrijvige en innovatieve stad

22

5

Bouwen voor een gezellige stad

25

Bijlagen28

Staat van de gebiedsontwikkeling

Samen bouwen voor een complete stad In alle delen van de stad werkt de gemeente via gebiedsontwikkeling voor een complete stad. Gebiedsontwikkeling is het proces waarin een locatie wordt veranderd of opgewaardeerd, zodat het een nieuwe of verbeterde functie voor het gebied krijgt. In Amsterdam werken wij aan de gebiedsontwikkeling op basis investeringsnota’s en bijbehorende grondexploitaties. Deze worden vastgesteld door de gemeenteraad. Het werken aan de gebiedsontwikkeling doen wij als gemeente niet alleen, maar samen met bewoners, ondernemers, maatschappelijke partners, marktpartijen, corporaties en particuliere investeerders. Samen bouwen wij aan een stad die sociaal, duurzaam, bereikbaar, bedrijvig en gezellig is. Oftewel; samen bouwen wij voor een complete stad. Amsterdam groeit en verandert. Het is een populaire stad om te wonen en te werken. In aanloop naar 2035 zal Amsterdam meer dan 1 miljoen inwoners tellen. In de Omgevingsvisie Amsterdam 2050 (vastgesteld in 2021) staat de ambitie om tot 2050 binnen de huidige stads­ grenzen ruimte te maken voor minimaal 150.000 extra woningen voor 250.000 Amsterdammers. Deze ambitie is verder ingekleurd door het college (2022-2026) in de Ontwikkelstrategie 2035. Hierin is op hoofdlijnen geconcretiseerd waar nieuwe gebiedsontwikkeling plaats kan vinden en wat hiervoor nodig is.

Keuzes voor een complete stad Deze ambitie om te bouwen voor een complete stad staat in de praktijk onder druk door beperkte ontwikkelingsruimte,

Foto: Edwin van Eis, Buurthaven Noord

financiële middelen, capaciteit in personeel en knelpunten als netcongestie. Dit blijkt ook uit het Rekenkamerrapport ‘Bouwen voor een complete stad’ dat in 2025 is gepubliceerd. Uit dit rapport blijkt dat er een structurele disbalans is tussen de ambities en de beschikbare middelen van de gemeente. Om invulling te geven aan een deel van de aanbevelingen van het rekenkamerrapport, heeft het college besloten een gelijknamige bestuursopdracht op te stellen. Hierin is ter voorbereiding op de nieuwe bestuursperiode inzichtelijk gemaakt welke opties er zijn om de disbalans tussen ambities en financiële middelen te herstellen. Hieruit blijkt dat niet alles kan. De gemeente moet scherpe prioriteiten stellen en regelmatig lastige keuzes maken. Toch blijft de Bouwen voor een complete stad

4

Staat van de gebiedsontwikkeling

gemeente zich, binnen deze beperkingen, inzetten om op de juiste plekken de meest waardevolle ontwikkelingen te realiseren.

2025 in cijfers • Oplevering van 84.777 m2 kantoorruimte1 • Start bouw van 6053 woningen + 660 tijdelijke woningen • Start bouw van 102 maatschappelijke voorzieningen

Gebiedsontwikkeling wordt steeds complexer. Het aandeel gemeentelijke locaties waarbij de gemeente via een aanbesteding (tender) kan sturen, neemt af. Er is steeds vaker sprake van verdichting en vernieuwing in trans­ formatie­gebieden en bestaande wijken. Hierdoor heeft de gemeente minder directe sturingsmogelijkheden en is zij afhankelijk van samenwerking met private eigenaren, corporaties en ontwikkelaars. Tegelijkertijd spelen bredere economische ontwikkelingen een belangrijke rol in de gebiedsontwikkeling. In de loop van 2025 kwam de Nederlandse economie in rustiger vaarwater, maar investeringen in gebouwen, waaronder woningen, bleven achter. Dit komt mede door de afwachtende houding van buitenlandse investeerders, in reactie op het fiscale regime en de instabiliteit van het Rijksbeleid. Daarnaast zijn er meerdere specifieke knelpunten die de gebiedsontwikkeling in de praktijk onder druk zetten.

1 Verhuurbaar vloeroppervlak van kantoorruimtes groter dan 500 m² (Bron: CBRE, 2026) 2 Exclusief scholen en waarvan één tijdelijke maatschappelijke voorziening

Drie grote knelpunten in de gebiedsontwikkeling in Amsterdam zijn op dit moment: • De congestie op het elektriciteitsnetwerk: Netcongestie is in de afgelopen jaren uitgegroeid tot een grote uitdaging binnen gebiedsontwikkeling. De ontwikkelingen rondom netcongestie zijn onvoorspelbaar en vereisen voortdurende aandacht en flexibiliteit in projecten. De gemeente zet zich in om ruimte te creëren voor innovatieve oplossingen en voert daarnaast, samen met de regio (MRA), intensieve gesprekken met ministeries en netbeheerders om tot oplossingen te komen voor de korte en de lange termijn. Tegelijkertijd zorgen de beperkte mogelijkheden voor aansluitingen op het energienet voor vertraging in gronduitgiftes. Dit heeft ook financiële gevolgen, zoals duidelijk wordt bij het volgende punt: beperkte financiële middelen. • Beperkte financiële middelen: Het vereveningsfonds kent in 2025 voor het derde jaar op rij een negatieve kasstroom. Ook in de komende jaren is er geen zicht op een positieve kasstroom. Door toenemende complexiteit in de gebiedsontwikkeling vertragen gronduitgiftes en de bijhorende grondopbrengsten. De grondopbrengsten zijn echter cruciaal om voorinvesteringen, zoals het bouwrijp maken van de grond, te kunnen doen en spelen een cruciale rol in het op gang houden van de gebieds­ ontwikkeling.

De stand van het vereveningsfonds wordt verder toegelicht in het hoofdstuk ‘Vereveningsfonds onder druk’. • Het gebrek aan personele capaciteit: Op verschillende plekken in de keten, van planvorming tot uitvoering, is sprake van een tekort aan personeel. Dit tekort blijft naar verwachting ook in de komende jaren een uitdaging.

Foto: Edwin van Eis, Uitzicht vanaf A’dam Toren

Onder de huidige omstandigheden en met het huidige ambitieniveau wordt het steeds moeilijker om gebieds­ ontwikkeling financieel te laten renderen. Duidelijk is dat we keuzes zullen moeten maken. Niet alles kan overal. Alleen door nauwe samenwerking met onze partners kunnen we deze uitdagingen effectief aanpakken. Samen blijven we met volle inzet werken aan de ontwikkeling van Amsterdam, en daar zijn wij trots op. In deze publicatie laten we zien hoe we bouwen voor een complete stad. Aan de hand van een aantal uitgelichte projecten tonen wij de veelzijdigheid van onze aanpak in de praktijk. Daarbij richten we ons op de verschillende kenmerken van een complete stad: een sociale en inclusieve stad, een duurzame stad, een bereikbare en leefbare stad, een bedrijvige en innovatieve stad en een gezellige stad.

De uitdagingen rondom netcongestie, beschikbare financiële middelen en personele capaciteit laten zien dat de gebiedsontwikkeling steeds complexer wordt. Bouwen voor een complete stad

5

Staat van de gebiedsontwikkeling

Vereveningsfonds onder druk Het Vereveningsfonds is er om gebiedsontwikkeling mogelijk te maken zodat woningen kunnen worden gebouwd om de groei van de stad op te vangen. Ieder project in de gebiedsontwikkeling heeft een grondexploitatie (meerjarige begroting van 10-15 jaar) waarin de kosten en opbrengsten zijn uitgezet in de tijd. Er zijn kosten opgenomen om de grond geschikt te maken voor de bouw van woningen en andere functies. En, er zijn opbrengsten die binnenkomen met de bouw van deze functies doordat de grond wordt uitgegeven in erfpacht. De gemeente bouwt zelf geen woningen of commercieel vastgoed, dat doen partijen zoals ontwikkelaars en woning­ corporaties. Binnen het Vereveningsfonds worden positieve en negatieve grondexploitaties met elkaar verrekend. Verlieslatende plannen, met name de stedelijke vernieuw­ ings­projecten in Zuid-Oost, Nieuw-West en Noord, worden betaald met winstgevende kantoorlocaties, bedrijfs­locaties, vrijesectorwoningen en rijkssubsidies. Dit is in lijn met het uitgangspunt van ongelijk investeren voor gelijke kansen.

Portefeuille In 2025 zijn vijf nieuwe plannen vastgesteld. Hiermee zijn ruim 5.000 extra woningen toegevoegd met een woningbouwprogramma met 40% sociale huur, 36% middensegment en 24% vrije sector woningen. Met deze nieuwe plannen zijn begin 2026 145 actieve projecten in

Foto: Edwin van Eis, Bouwrijp maken terrein Overamstel

uitvoering. De bijbehorende woningvoorraad van 68.0003 woningen in de vastgestelde plannen maakt het mogelijk om de komende tien jaar 6.000 tot 7.500 woningen per jaar te realiseren en te voldoen aan de afspraken met het Rijk over de woningbouwproductie tot en met 2037.

3 Het aantal van 68.000 wijkt af van de cijfers in de Jaarrapportage Woningbouw 2025 van de gemeente Amsterdam waarin een planvoorraad wordt genoemd voor de periode 2025 t/m 2030 van ruim 71.000 woningen omdat in de woningbouwrapportage ook rekening wordt gehouden met de plannen in voorbereiding. In het Vereveningsfonds gaat het om 68.000 woningen in de vastgestelde plannen tot einde looptijd (na 2030).

Bouwen voor een complete stad

6

Staat van de gebiedsontwikkeling

Om meer te investeren in betaalbare woningen en gelijke kansen hebben de plannen die vanaf 2018 zijn vastgesteld een woningbouwprogramma met 80% betaalbare woningen in plaats van de 30% sociale huurwoningen in de plannen voor 2018. En er wordt veel geïnvesteerd in de stedelijke vernieuwing. Er is weinig grond meer voorradig die vrij is van gebruik en snel uitgeefbaar is. Veel plannen zijn transformatieprojecten. Transformatieprojecten en projecten in de stedelijke vernieuwing hebben veelal een negatief saldo. Door deze ontwikkelingen levert gebiedsontwikkeling fors minder op dan in het verleden toen er nog hoge winsten konden worden afgedragen ten gunste van de algemene middelen. De woningbouwplannen die de laatste jaren zijn vastgesteld, zijn per saldo verlieslatend. In de toekomst zijn minder winstgevende kantoor- en werklocaties beschikbaar en door de complexe bouwopgave in een verdichtende stad neemt de kostenkant van de gebiedsontwikkeling toe.

Kosten en opbrengsten in 2025 In 2025 is voor € 395 miljoen aan opbrengsten gerealiseerd, voornamelijk door gronduitgiften. Daarnaast heeft de regio Amsterdam in 2025, en de jaren daarvoor, in totaal ruim € 300 miljoen aan rijkssubsidies ontvangen. Vanaf 2026 ontvangt de regio nog € 250 miljoen extra bijdragen op basis van toegezegde subsidiebeschikkingen. Doel van deze subsidies is om meer woningbouw mogelijk te maken en te versnellen door financieel bij te dragen aan aangewezen gebieden. Amsterdam moet hierbij zorgen voor de regionale cofinanciering. Er moet op tijd worden gestart met de voorgenomen investeringen, en bij deze opgave dient de gemeente voor eind 2030 te starten met de bouw van afgerond 60.000 woningen.

In 2025 is voor € 390 miljoen aan kosten gerealiseerd. Dit zijn hoofdzakelijk uitvoeringskosten voor het bouw- en woonrijp maken, openbare werken, civiele constructies, bodemsanering en verwervingen.

Vereveningsfonds anno 2026

Om in de toekomst te kunnen blijven investeren in woningbouw zijn voldoende winstgevende plannen nodig, aanvullende middelen vanuit de gemeente of extra rijksmiddelen. Bovendien staat de woningbouw niet op zichzelf. Om een complete bereikbare stad te bouwen met alle benodigde voorzieningen zijn ook investeringen nodig vanuit andere gemeentelijke domeinen.

De stand van het Vereveningsfonds is in 2025 verder verslechterd ten opzichte van het jaar daarvoor. De kasstromen in het Vereveningsfonds zijn voor het derde achtereenvolgende jaar negatief en er is geen zicht op een positieve kasstroom. Een groot knelpunt voor het uitgeven van grond is de netcongestie. Nieuwe grootverbruikers, zoals kantoren en andere commercieel vastgoed, kunnen tot ca. 2036 geen aansluiting krijgen op het energienet. Door netcongestie vertraagt de gronduitgifte en daarmee ook de grondopbrengsten waardoor er sprake is van negatieve kasstromen. Om de negatieve kasstroom te kunnen opvangen en de huidige portefeuille te kunnen uitvoeren, worden risicoreserveringen aangesproken en rijksmiddelen ingezet. Als er geen opbrengsten binnenkomen, kan er geen winst worden genomen vanuit de grondexploitaties aan de reserve. Dit betekent dat er begin 2026 beperkt (verevenings)ruimte beschikbaar is voor het vaststellen van nieuwe plannen die geld kosten, met name de plannen in de stedelijke vernieuwing. Om de plannen die nu in voorbereiding zijn vast te kunnen stellen en de plannen in de uitvoering niet verder te laten verslechteren is het nodig om sterk te sturen op de scope en de kosten. Begin 2026 is de vrij beschikbare vereveningsruimte € 25 miljoen.

Volgens de huidige prognose komt de huidige prognose komt er de komende 15 jaar geen nieuwe vereveningsruimte bij voor nieuwe plannen met een financieel tekort. Daarnaast bestaan er grote risico’s die veel impact kunnen hebben op het Vereveningsfonds, bijvoorbeeld financiële verslechteringen als gevolg van de mondiale ontwikkelingen of als de netcongestie ook de woningbouw raakt.

Bouwen voor een complete stad

7

Staat van de gebiedsontwikkeling

Het Vereveningsfonds (VEF) Waarom een Vereveningsfonds? De stad groeit! Meer mensen betekent dat we infrastructuur, huisvesting en voorzieningen zoals sport, groen en scholen nodig hebben. Het Vereveningsfonds is er om gebiedsontwikkeling en daarmee nieuwe woningbouw mogelijk te maken.

Wat is het Vereveningsfonds? 1

2

3

Gebiedsontwikkeling mogelijk maken

Verrekenen van plannen met een tekort en winst

De gemeenteraad beslist

Voor gebiedsontwikkeling willen we niet meer geld uitgeven dan er binnenkomt. Ruimtelijke plannen met een tekort en ruimtelijke plannen met een winst worden met elkaar verevend. Dit doen we in het Vereveningsfonds. Om de grond geschikt te maken om op te bouwen en de openbare ruimte in te richten worden kosten gemaakt. Met het in erfpacht uitgeven van de grond aan bouwende partijen komen opbrengsten binnen.

Grondexploitaties

Hoe werkt het? Het is eigenlijk simpel: alle kosten en opbrengsten in een ruimtelijk plan leggen we vast en beheren we in een grondexploitatie, die 10-20 jaar kan duren. Als deze grondexploitatie een financieel tekort heeft, treffen we direct een voorziening. Als deze grondexploitatie winst oplevert, vullen we daarmee op termijn

Kosten

Opbrengsten

gebouwen kopen, participatie grond bouwrijp maken

openbare ruimte

grond uitgeven in erfpacht

Bouwen voor een complete stad

8

ruimte in te richten worden kosten gemaakt. Met het in erfpacht uitgeven van de grond aan bouwende partijen komen opbrengsten binnen.

Gebiedsontwikkeling mogelijk maken

•

Reserveringen: hierin reserveren we geld voor grote uitgaven die we aan zien komen.

•

Weerstandsvermogen: dit deel van de reserve zetten we apart om risico’s op te kunnen vangen.

•

Vereveningsruimte: dit deel van de reserve is over en vrij besteedbaar voor nieuwe plannen.

Kosten

De gemeenteraad beslist over de bestedingen binnen het Vereveningsfonds. Winst die niet nodig is voor gebiedsontwikkeling, kan worden afgedragen aan de Algemene Middelen om te worden besteed ? aan andere opgaven in de stad.

Staat van de gebiedsontwikkeling

Opbrengsten

gebouwen kopen, participatie grond bouwrijp maken

openbare ruimte

grond uitgeven in erfpacht

VEF

Jaar 0

Jaar 5

Grondexploitaties met een tekort

En de gemeenteraad?

De gemeenteraad beslist

Grondexploitaties

Hoe werkt het? Het is eigenlijk simpel: alle kosten en opbrengsten in een ruimtelijk plan leggen we vast en beheren we in een grondexploitatie, die 10-20 jaar kan duren. Als deze grondexploitatie een financieel tekort heeft, treffen we direct een voorziening. Als deze grondexploitatie winst oplevert, vullen we daarmee op termijn de reserve. Deze reserve bestaat uit:

Verrekenen van plannen met een tekort en winst

Voorziening

Voorziening plantekorten

Jaar 20

Grondexploitaties met een winst

De reserve

Reserveringen (toekomstige grote investeringen)

Weerstandsvermogen

Vereveningsruimte (vrij beschikbaar)

Bouwen voor een complete stad

9

Staat van de gebiedsontwikkeling

1. Bouwen voor een sociale en inclusieve stad Wij bouwen voor een sociaal en inclusief Amsterdam. Al eeuwenlang vestigen zich jaarlijks duizenden nieuwkomers in Amsterdam, van dichtbij en ver weg. Door de jaren heen zijn er veel verschillende wijken en buurten ontstaan, elk met een eigen karakter. Deze diversiteit maakt de stad aantrekkelijk en uniek. De onderscheidende kenmerken tussen buurten en bewoners willen wij koesteren. Voor elk type huishouden moet een plek zijn in de stad.

Uitgelicht project: Samen werken aan een vernieuwd Molenwijk

Uitgelicht thema: Een passend thuis voor ouderen

Helaas geldt er voor de meeste huishoudens en doel­ groepen een grote schaarste aan woningen in Amsterdam. Door de inzet op doelgroepen (zoals jongeren en studenten, ouderen en gezinnen) gebiedsgericht in te vullen, zet de gemeente zich in om op de juiste plek het juiste programma toe te voegen. Naast het bouwen voor verschillende doelgroepen, is betaalbaarheid een belangrijk speerpunt. Wij bouwen voor een stad waar plek is voor huishoudens met alle typen inkomens. Het bouwen van nieuwe woningen voor huishoudens met een laag of een middeninkomen blijft één van de speerpunten van het college. Naast het bouwen van woningen is er ook behoefte aan goede en voldoende maatschappelijke voorzieningen, zoals scholen, buurthuizen, sporthallen en zorgvoorzieningen. Hiermee draagt de gemeente bij aan een complete, leefbare, gezonde en rechtvaardige stad met inclusieve en veerkrachtige buurten.

Ongelijk investeren in gelijke kansen Een sociale en inclusieve stad biedt gelijke kansen voor al haar bewoners. Onder het motto ‘Ongelijk investeren in gelijke kansen’ werkt de gemeente aan gelijke kansen op het gebied van wonen, werk en sociale betrokkenheid voor kwetsbare buurten en bewoners. Via het Nationaal Programma Samen Nieuw-West, het Masterplan Zuidoost en de Aanpak Noord worden er extra investeringen gedaan. Door deze gerichte investeringen worden buurten niet alleen fysiek aantrekkelijker, maar krijgen bewoners ook meer kansen om deel te nemen aan de samenleving en om hun eigen toekomst vorm te geven. Waar dat nodig en gewenst is, vindt stedelijke vernieuwing plaats.

Stedelijke vernieuwing In de stedelijke vernieuwingsgebieden ligt qua woning­ bouw de focus op herontwikkeling van corporatiebezit. De vernieuwingsgebieden bestaan vaak uit (kwetsbare) buurten waar de kwaliteit van de woningvoorraad en de leef­omgeving een impuls nodig hebben. Als er sloop/ nieuwbouw plaatsvindt, wordt er ingezet op verdichting en wordt het aantal gesloopte sociale huurwoningen gecompenseerd. In de nieuwbouw wordt voornamelijk ingezet op een gedifferentieerd aanbod, met voldoende aanbod voor gezinnen. Zo kan er worden voldaan aan herhuisvesting en kunnen oorspronkelijke bewoners terugkeren naar hun buurt. Wij bouwen verder aan een sociale en inclusieve stad waar Amsterdammers zich thuis voelen, ongeacht hun achtergrond, leeftijd, inkomen of levensstijl. Bouwen voor een complete stad

10

Uitgelicht project

Staat van de gebiedsontwikkeling

Noord | Samen werken aan een vernieuwd Molenwijk De Molenwijk in stadsdeel Noord is gebouwd in de jaren 60. De buurt bestaat voornamelijk uit flatgebouwen, met daarin overwegend sociale huurwoningen. Nu de buurt meer dan 50 jaar oud is maakt de gemeente samen met de corporaties plannen om de buurt aan te pakken en klaar te maken voor de toekomst.

De gemeente en de betrokken woningcorporaties – de Alliantie en Eigen Haard – werken samen om de ­ woon- en leefomgeving van de bewoners van Molenwijk op te knappen. De corporaties zetten zich in om meer dan 400 woningen in de wijk te verbeteren. De gemeente richt zich de komende jaren op het ‘Scholengebied’, het gebied rondom basisschool de Bonkelaar en jongerencentrum de Wiekslag. Hier wil de gemeente een centrale plek in de buurt te creëren: een fijne en veilige plek om te leren, spelen en elkaar te ontmoeten. Voor het Scholengebied wordt een plan gemaakt voor een integraal kindcentrum met een openbaar plein; een kinderdagverblijf, een buitenschoolse opvang en een basisschool met 2 gymzalen. Daarnaast wordt er een nieuwe buurtkamer en een nieuw jongerencentrum gebouwd.

Meedenken over nieuwbouw in het scholengebied Het betrekken van bewoners en buurtorganisaties – de ervaringsdeskundigen – maken de plannen voor het ontwikkelen van nieuwbouw in het Scholengebied beter. Daarom heeft de gemeente hen in 2024, 2025 en 2026 gevraagd om mee te denken. Er zijn verschillende activiteiten georganiseerd om wensen en ideeën op te halen: • Vier informatie- en meedenkavond voor volwassenen. • Bijeenkomsten voor kinderen, waarin zij hun ideale schoolplein konden tekenen of knutselen. • Vier klankbordbijeenkomsten met buurtbewoners. De plannen voor de nieuwbouw en de openbare ruimte zijn afgestemd op deze inbreng. Het plein krijgt meer groen, speelmogelijkheden, ontmoetingsplekken en schaduwrijke plekken. Ook wordt er goed gekeken naar het verbeteren van de sociale veiligheid. Zo wordt het een fijne plek voor iedereen in de buurt.

Naast deze voorzieningen worden er ongeveer 150 nieuwe woningen toegevoegd. Er wordt nog onderzocht of er in deze nieuwbouw ook ruimte kan komen voor voor­ zieningen, zoals een fysiotherapiepraktijk, horeca of een fietsenmaker. Met deze plannen werken de gemeente en de woning­ corporaties aan een opgeknapt en toekomstbestendig Molenwijk, waar bewoners weer vele jaren met plezier kunnen wonen. Foto: Denzel Engel, Ter vernieuwen Buurtplein Molenwijk

Bouwen voor een complete stad

11

Uitgelicht project

Staat van de gebiedsontwikkeling

Een passend thuis voor ouderen De opgave voor ouderenhuisvesting is groot. Door demografische ontwikkelingen en doordat ouderen een steeds hogere leeftijd bereiken neemt het aantal ouderen sterk toe. Tegelijkertijd is er een landelijke ontwikkeling ingezet waardoor ouderen steeds langer zelfstandig thuis moeten blijven wonen. Alleen de meest kwetsbare ouderen verhuizen nog naar een verpleeg- of verzorgingshuis. Veel ouderen wonen in een woning die niet geschikt is om oud in te worden. Een groot deel van de 65-plussers woont bijvoorbeeld in een huis die alleen via een trap bereikbaar is (of een trap binnenshuis heeft) of in een woning die niet volledig aangepast kan worden voor het ontvangen van (zwaardere vormen van) zorg.

Geclusterd wonen in ‘Het Duet’ in Zuidas In opdracht van woningcorporatie Eigen Haard is er in 2025 gestart met de bouw van ‘Het Duet’. Bestaande uit twee appartementengebouwen met in totaal 178 sociale huurwoningen, waarvan 84 geclusterde ouderenwoningen. Daarnaast komt er een woongroep met 8 woningen voor dementerenden en hun partners. Op de begane grond aan de zuidwestkant van het gebouw is ruimte voor 1e lijnszorg zoals een huisarts, fysiotherapeut of een apotheek. In dit complex zijn meerdere zithoeken waar bewoners elkaar kunnen ontmoeten. Ook in de indeling van de appartementen zelf is rekening gehouden met de behoeften van de doelgroep. Zo grenst de badkamer direct aan de slaapkamer, handig voor wie niet meer goed te been is.

Het is belangrijk dat ouderen in een woning kunnen wonen die past bij hun behoeften. De gemeente werkt hier via nieuwbouw aan door het realiseren van nultredenwoningen, aanpasbare woningen en zelfstandige geclusterde woningen.

Zelfstandig geclusterde woningen Een zelfstandige geclusterde woning is een woonvorm met een clustering van minimaal 12 woningen, waarvan minstens 50% van de bewoners 55 jaar of ouder is. In of nabij het complex is een gemeenschappelijke ruimte. Deze woonvorm bevordert sociaal contact en gemeenschapsgevoel onder bewoners en gaat daarmee eenzaamheid tegen. Het realiseren van deze woonvorm in de buurt van zorg- en welzijns­voorzieningen maakt daarnaast dat er op een efficiëntere wijze zorg kan worden geleverd. In de zomer van 2025 ondertekenden de Gemeente Amsterdam, zorgpartijen, woningcorporaties, ontwikkelaars, beleggers en betrokken woongemeenschappen een hernieuwde intentieverklaring voor het realiseren van geclusterde ouderenwoningen. Via deze intentieverklaring zetten deze partijen zich in om zo veel mogelijk geclusterde woningen te realiseren. Artist impression: Het Duet, Zecc Architecten

Bouwen voor een complete stad

12

Staat van de gebiedsontwikkeling

2. Bouwen voor een duurzame stad Wij bouwen voor een duurzaam Amsterdam. Een stad waarin zowel huidige als toekomstige generaties kunnen leven in een gezonde, groene en weerbare stad. De gevolgen van klimaatverandering zijn nu al merkbaar. Tropische regenbuien, windhozen, hittegolven en periodes van droogte hebben steeds meer impact op onze stad en haar inwoners. De overstap naar een duurzamere manier van leven, bouwen en werken is een grote uitdaging.

Op dit moment zetten wij in de gebiedsontwikkeling belangrijke stappen om Amsterdam duurzamer te maken en beter voor te bereiden op de gevolgen van klimaat­ verandering. Dit doen we onder andere door: • Toekomstbestendig bouwen: De gemeente streeft naar vastgoed met een lange levensduur en een lage milieudruk. • Slim materiaalgebruik: De gemeente stimuleert het gebruik van herbruikbare en demontabele materialen om het gebruik van primaire grondstoffen te verminderen. In de MRA is afgesproken dat vanaf 2030 20% van de woningbouw met hout of andere bio-based materialen wordt gerealiseerd. • Hernieuwbare energie: De overstap naar duurzame energiebronnen gebeurt stapsgewijs, met gebiedsgerichte plannen. Bijvoorbeeld door de inzet van stadswarmte, WKO, aquathermie en bodemenergie. Bij nieuwbouw is aardgasvrij het uitgangspunt. • Klimaatadaptatie: De gemeente zet in op rigoureus vergroenen om zo te komen tot een gezonde en klimaatbestendige leefomgeving voor mens en dier. We investeren in bomen en planten, die helpen hittestress te verminderen en zware regenbuien te beheersen door water op te nemen. Via de Agenda Klimaatadaptatie 2024-2026 werken we aan een inspiratiedocument voor klimaatbestendige nieuwbouw. • Natuur inclusief bouwen: Bij gemeentelijke tenders geldt een puntensysteem voor natuurinclusiviteit.

Voor projecten die niet in opdracht van de gemeente worden uitgevoerd, biedt de gemeente een toolbox met maatregelen om natuurinclusief bouwen te stimuleren.

Uitgelicht project: Duurzaam wonen en leven in The Ensemble

Uitgelicht thema: MRA zet in op Houtbouw Pact

Foto: Edwin van Eis, Groen dak Tolhuispoort

Bouwen voor een complete stad

13

Uitgelicht project

Staat van de gebiedsontwikkeling

Zuidoost | Duurzaam wonen en leven in The Ensemble Bullewijk is gebouwd in de jaren 80. Gebieden om te wonen en werken werden in die tijd strikt gescheiden. Maar de tijden zijn veranderd. Deze kantorenwijk wordt in de komende jaren getransformeerd tot een gezonde, verbonden en gemengde, stedelijke wijk. In de te transformeren gebouwen in Bullewijk staat duurzaamheid hoog in het vaandel. Eén van de voorbeelden daarvan is ‘The Ensemble’. Het nieuwe gebouw ‘The Ensemble’ wordt naar verwachting in 2026 opgeleverd. Het gebouw is een kleine stad op zich. In twee torens worden woningen gebouwd die passen bij allerlei soorten woningzoekenden. Er worden huurwoningen gerealiseerd in het sociale, middeldure en dure segment, waarbij het grootste deel van het aanbod middeldure huurwoningen zijn. Op de eerste zes verdiepingen is er ruimte voor verschillende maatschappe­lijke en commerciële functies. Waaronder een gezondheids­centrum met apotheek, een talentencentrum voor jongeren, een fietsenmaker en bijvoorbeeld voor een sportschool of een horecagelegenheid. Met deze sociale maatschappelijke voorzieningen in de plint voegt het gebouw veel waarde toe aan de vernieuwde Bullewijk en wordt het een verbindende factor in deze omgeving.

Gewoon goed Om de woningbouwproductie in uitdagende tijden te stimuleren hanteert de gemeente de impuls ‘Gewoon Goed’. De impuls zet in op toekomstbestendig bouwen met oog voor versnelling en vergroten van de haalbaarheid. Hierin worden kosten of risico’s niet afgewenteld op volgende generaties, maar wordt er gezocht naar synergie: een goede balans tussen haalbaarheid, woonkwaliteit en duurzaamheid. Er wordt onder andere ingezet op: • Goede samenwerking en tijdig opschalen als dit nodig is. • Vooraf bepalen welke gemeentelijke ambities leidend zijn. • Meer ruimte en flexibiliteit bieden in de gemeentelijke planproducten. • Rekening houden met gebieds- en locatie specifieke kenmerken en de programmatische en financiële consequenties hiervan. Amsterdam blijft in de gebiedsontwikkeling inzetten op hoge kwaliteit, duurzaamheid en differentiatie, en daagt partijen hiertoe uit. Zo blijven wij werken aan de kwaliteit die nodig is voor een goede en complete stad.

Wat ‘The Ensemble’ extra bijzonder maakt, is dat het gebouw nagenoeg energie neutraal is. Het heeft een energielabel van A++++ en maakt voor 100% gebruik van hernieuwbare energiebronnen, bijvoorbeeld door de verwarming en koeling van het gebouw met duurzame warmte- en koude bronnen. Op de daken is er plek voor groen en zonne­ panelen. Ook de biodiversiteit wordt bevorderd met nestkasten voor vogels en vleermuizen in de gevels. De focus op duurzaamheid in het gebouw wordt bevestigd door het BREEAM-certificaat met de beoordeling ‘Excellent’. Dit keurmerk beoordeelt duurzaamheid op verschillende vlakken, zoals energieprestaties, de herkomst en milieu­ effecten van materialen en de bevordering van biodiversiteit.

Foto: Edwin van Eis, The Ensemble op Karspeldreef 14-16

Bouwen voor een complete stad

14

Uitgelicht project

Staat van de gebiedsontwikkeling

MRA zet in op Houtbouw Pact In 2025 hebben meer dan 100 publieke en private partijen het Houtbouw Pact Metropoolregio Amsterdam (MRA) 2026-2030 ondertekend. De ondertekende partijen zijn onder meer gemeenten, provincies, ontwikkelaars, woningcorporaties, beleggers, aannemers, banken en architecten.

Met het ondertekenen van het Houtbouw Pact zet Amsterdam een belangrijke stap in de transitie naar houtbouw en bio-based bouwen. De eerste stappen hierin zijn al gezet in 2021, toen het Convenant Houtbouw MRA 2021-2025 werd getekend. Tijdens de looptijd van dit convenant is het aantal houten woningen in nieuwe projecten binnen de MRA vertienvoudigd. Het nieuwe Houtbouw Pact zet een volgende stap: zo bieden de gemeentes ruimte voor houtbouw in de stedenbouw, worden partijen tot houtbouw gestimuleerd via tenders en wordt er ingezet op het delen kennis.

Houtbouw in de gemeente: Basisschool Wisperweide In Weesp is in 2025 de nieuwe basisschool Wisperweide opgeleverd. De school is gerealiseerd in duurzame houtbouw volgens een circulair concept. Dankzij een gestandaardiseerde ‘plug-and-play’ methode kon de bouw in minder dan tien maanden worden afgerond. Bij de bouw zijn onder andere gestandaardiseerde houten kolommen, vloerpanelen en verplaatsbare scheidingswanden gebruikt. Deze materialen maken het gebouw flexibel in gebruik: de indeling kan eenvoudig worden aangepast en het is mogelijk om het gebouw in de toekomst uit te breiden. De Wisperweide is het eerste opgeleverde project binnen het Innovatie­ partnerschap Schoolgebouwen Amsterdam (IPS). Het partnerschap bestaat uit gemeente Amsterdam, schoolbesturen en drie combinaties van marktpartijen. IPS hanteert een nieuwe aanbestedingsmethode die marktpartijen de ruimte geeft om innovatieve bouwconcepten te ontwikkelen en hoogwaardige, flexibele en duurzame schoolgebouwen binnen de financiële mogelijkheden te realiseren. In de komende tien jaar wil het IPS ten minste negen tot dertig van deze schoolgebouwen realiseren.

Een concrete ambitie uit het Houtbouw Pact is dat vanaf 2030 20% van de woningbouwproductie in de MRA van hout en/of van andere bio-based materialen wordt gebouwd. Als deze doelstelling wordt gehaald, levert dit een jaarlijkse reductie op van circa 220.000 ton CO2-uitstoot, vergelijkbaar met de jaarlijkse CO2-uitstoot van 30.000 huishoudens. Het bouwen met hout en bio-based materialen zorgt tevens voor een verminderde uitstoot van stikstof. Hout is ook een zeer geschikt materiaal om industrieel of modulair mee te bouwen. Met industriële (hout)bouw is het mogelijk om sneller, schoner en met minder arbeidskrachten te bouwen. Gemeenten kunnen de industriële (hout)bouw faciliteren door in hun stedenbouwkundige kaders ruimte te laten voor modulaire productiewijzen en door bij selectie­ procedures bouwenvelop eisen die houtbouw niet benadelen te hanteren en selectiecriteria die houtbouw­ inschrijvingen gunstig waarderen.

Foto: Ossip van Duivenbode / Studio A Kwadraat, Basisschool Wisperweide door CircleWood

De gemeente Amsterdam is in 2025 met de impuls Gewoon Goed gestart om de haalbaarheid van kwalitatief goede projecten te vergroten. Het faciliteren van modulair bouwen met 2- en 3D systemen door meer flexibiliteit te bieden in ruimtelijke plannen op stedenbouwkundig- en kavel niveau zijn een onderdeel van die Gewoon Goed impuls. Bouwen voor een complete stad

15

Staat van de gebiedsontwikkeling

Aanpak netcongestie We verbruiken steeds meer elektriciteit. Vanuit de huidige prognoses zal in 2050 de vraag naar elektriciteit in Amsterdam drie tot vier keer zo groot zijn als nu. Dit komt onder andere door digitalisering, economische ontwikkelingen, nieuwbouw en verduurzaming. Het huidige elektriciteitsnet kan die vraag niet aan. Dit zorgt voor ‘netcongestie’, een tekort aan capaciteit op het elektriciteitsnet. Om de congestie op het elektriciteitsnet te verhelpen moet het net sterker en slimmer worden. In de komende 10 jaar zal het elektriciteitsnet in Amsterdam minimaal verdubbelen. Zo komen er 20 nieuwe elektriciteitsstations bij en worden 19 bestaande stations verzwaard. Ook worden er tientallen nieuwe kabelverbindingen gelegd om al deze stations met elkaar te verbinden en de elektriciteit naar de juiste plekken te transporteren. De snelheid waarmee de benodigde netuitbreidingen worden gerealiseerd verschilt per deelgebied in de stad. We moeten in ieder geval rekening houden met fysieke netcongestie in de periode tussen nu en 2030 tot 2037. Voor de vele gebiedsontwikkelingen in Amsterdam, en met name de woningbouwprojecten, is er per 1 januari 2026 nog een extra uitdaging bijgekomen. Er is een nieuw prioriterings­kader voor het verdelen van schaarse capaciteit in werking getreden.

Daarnaast worden kleinverbruikers, waaronder woningbouw per 1 juli 2026 toegevoegd aan de wachtlijst voor grootverbruikers. Vanaf dat moment spreken we van een ‘integrale wachtlijst’. Hierbij geldt wel het voordeel dat dergelijke aanvragen prioriteit krijgen en hoger op de wachtlijst worden geplaatst. Tot 1 juli 2026 geldt er nog een overgangsperiode waarin voor 50.000 woningen nog ‘vooraanmeldingen’ kunnen worden

Foto: David de Jong, Kabels in de ondergrond op de Raadhuisstraat

gedaan. Hiermee kunnen de projecten met een voorziene start bouw tot eind 2029 nog volgens het oude proces toegang tot het elektriciteitsnet krijgen en doorgang vinden. Voor projecten met een start bouw vanaf 2030 zal er, zolang er nog sprake is van netcongestie, een grotere uitdaging spelen. Voor deze projecten ontstaan er extra risico’s op vertraging door een fysiek tekort aan capaciteit. De gemeente zal daarin een nieuwe rol moeten aannemen in het eerder aanvragen van elektriciteitsaansluitingen met prioriteit.

Bouwen voor een complete stad

16

Staat van de gebiedsontwikkeling

Een aantal voorbeelden van hoe de gemeente op dit moment al werkt aan het aanpakken van netcongestie zijn de vernieuwing van de elektriciteitsstations aan de Hoogte Kadijk, de bouw van het nieuwe onderstation voor HavenStad en het lokale energiesysteem van de wijk Republica.

Vernieuwing elektriciteits­ stations Hoogte Kadijk Aan de Hoogte Kadijk staan twee elektriciteitsstations die een groot deel van het centrum voorzien van stroom. Deze stations, beheerd door TenneT en Liander, zijn verouderd en moeten worden vernieuwd. Het TenneT-station wordt binnen het bestaande gebouw op Hoogte Kadijk 400 opgeknapt. Voor het Liander-station is gekozen voor een nieuwe locatie op Hoogte Kadijk 401. Het huidige terrein van het Liander-station bleek na een afweging van ruimtelijke, technische en financiële aspecten niet geschikt voor het realiseren van een nieuw station. Omdat de bestaande installaties niet tijdelijk buiten gebruik kunnen worden gesteld, wordt het nieuwe Liander-station gebouwd terwijl het huidige station operationeel blijft. Het oude Liander-station wordt uiteindelijk gesloopt, waardoor er ruimte ontstaat voor nieuwe gebiedsontwikkeling.

Een nieuw onderstation voor Haven-Stad Haven-Stad wordt een nieuw stadsgebied waarin 12 havenen industriegebieden worden omgevormd tot wijken om te wonen en werken, met alle bijbehorende voorzieningen. Bij de ontwikkeling is veel aandacht voor energiezuinige gebouwen, wijken zonder aardgas, hernieuwbare energie, slimme netwerken en een toekomstbestendig elektriciteitsnet.

Om genoeg stroom te leveren voor de toekomstige woningen, bedrijven en voorzieningen in Haven-Stad, werken het programmateam Haven-Stad en de nutsbedrijven Tennet en Liander sinds 2019 aan de voorbereiding van nieuwe onderstations. De aanleg duurt minstens zeven jaar. Al vóór het officieel aangekondigde tekort aan stroomcapaciteit in Amsterdam West werd gestart met deze voorbereidingen. Ontwikkelingen in Sloterdijk Stationskwartier en Contactbuurt zijn al begonnen. Deze gebieden worden omgevormd tot wijken om te wonen en werken. Vanaf 2029 gaan we in meer deelgebieden aan de slag, waardoor veel extra energiecapaciteit nodig is. Een van de nieuwe onderstations komt in de Alfadriehoek, een van de 12 deelgebieden van Haven-Stad. Dit onder­ station wordt gecombineerd met een nieuw buurtpark. Dit is een uitdaging, omdat de ruimte voor het park hierdoor kleiner wordt. Tegelijk moet de omgeving aantrekkelijk blijven voor toekomstige ontwikkelingen. Door vroeg te starten en samen te werken aan het ontwerp is een goede oplossing gevonden. Het onderstation is ontworpen door Arcadis en hoort bij een groep van drie onderstations, samen met twee stations aan de Nieuwe Hemweg. Deze gebouwen laten zien hoe het elektriciteitsnet duurzaam en passend in de stad wordt uitgebreid. De Commissie Omgevingskwaliteit heeft deze aanpak positief beoordeeld.

gemeenschappelijke batterij en uitgewisseld tussen de gebouwen. Een slim besturings­systeem zorgt ervoor dat de vraag en aanbod van energie zoveel mogelijk lokaal bij elkaar worden gebracht. Dankzij de mix van functies in de wijk, die op verschillende momenten energie gebruiken, is de vraag naar elektriciteit over de dag verdeeld. Wanneer woningen minder stroom verbruiken of zonnepanelen extra stroom produceren, kunnen andere functies meer stroom gebruiken. Met het gebruik van het lokale energiesysteem was er voor Republica slechts een kwart van de gebruikelijke capaciteit met individuele aansluitingen nodig. Het slimme en duurzame energiesysteem belast het elektriciteitsnet minimaal. Voor de gezamenlijke kabel en een enkele aansluiting in de openbare ruimte is een vergunning afgegeven door de RVO (Ministerie van Economische Zaken). Republica heeft ook de Europese Horizon subsidie toegekend gekregen.

Het lokale energiesysteem van Republica Republica is een kleine buurt in stadsdeel Noord met een mix van woningen, horeca, voorzieningen, een kantoor en een hotel. De buurt maakt gebruik van een slim lokaal energiesysteem dat de belasting op het elektriciteitsnet minimaliseert. Alle gebouwen delen een gezamenlijke netaansluiting via een privékabel. Verder wordt een groot deel van de benodigde elektriciteit duurzaam opgewekt met zonnepanelen, lokaal opgeslagen in een

Schetsontwerp: Onderstation in Toekomstig buurtpark Huisjeskavel (Haven-Stad), Arcadis

Bouwen voor een complete stad

17

Staat van de gebiedsontwikkeling

3. Bouwen voor een bereikbare en leefbare stad Wij bouwen voor een bereikbare en leefbare stad. Amsterdam groeit. De stad wordt drukker en dichter. Er is een toename van inwoners, arbeidsplaatsen en toeristen. Deze positieve ontwikkeling brengt ook uitdagingen met zich mee op het gebied van bereikbaarheid, leefkwaliteit en duurzaamheid.

Voor een goed functionerende stad is bereikbaarheid op alle niveaus van groot belang, van lokaal tot internationaal. Om de bereikbaarheid te vergroten werkt de gemeente niet alleen aan het ontsluiten van nieuwe gebieden, maar ook aan de capaciteit en kwaliteit van het bestaande mobiliteitsnetwerk. De gemeente zet in op vervoersopties die minder ruimte innemen en veilig, gezond en duurzaam zijn. Zo wordt het gebruik van openbaar vervoer gestimuleerd, krijgen fietsers en voetgangers meer ruimte en krijgt de auto een minder dominante positie. De groei van de stad zet ook de openbare ruimte onder druk. In het centrum en andere drukke gebieden is er steeds minder ruimte, terwijl bewoners en bezoekers deze plekken intensiever gebruiken. Mensen willen er sporten, ontmoeten, werken en ontspannen. Dit vraagt om slimme keuzes bij gebiedsontwikkeling en bij de herinrichting van bestaande ruimtes om deze toegankelijk en leefbaar te maken voor iedereen.

Uitgelicht project: De transformatie van stationslocatie Sloterdijk

Uitgelicht project: De IJ-tram rijdt verder

Foto: Edwin van Eis, Kruising bij de Amsteldijk

Bouwen aan een complete stad

18

Uitgelicht project

Staat van de gebiedsontwikkeling

Nieuw-West | De transformatie van stationslocatie Sloterdijk Station Sloterdijk is een belangrijk ov-knooppunt. Het aantal bewoners en reizigers dat in de komende jaren gebruik maakt van dit station neemt toe. Daarom wordt er gewerkt aan een verbetering van het openbaar vervoer met een nieuwe HOV- busverbinding tussen Station Sloterdijk en Centraal Station en het uitbreiden van de huidige fietsenstalling. In de directe omgeving van Station Sloterdijk zijn veel kantoren. De gemeente transformeert het gebied in de komende jaren naar een gemengd gebied met meer woningen en (maatschappelijke) voorzieningen. Zo fungeert buurtkamer Lola Line nu al als een katalysator voor community building in dit gebied. Ook wordt er in de komende 35 jaar gewerkt aan 70.000 woningen in Haven-Stad. Meer woningen betekent meer reizigers. De snelle HOV-busverbinding zorgt voor een betere bereikbaarheid van het gebied en met de bouw van de nieuwe openbare fietsenstalling reizen, werkenden en bezoekers straks makkelijk, comfortabel en snel van en naar Station Sloterdijk.

Fietsenstalling en huurwoningen In 2025 is er gestart met de bouw van een nieuwe fietsenstalling bij het station Sloterdijk. De nieuwe stalling vervangt de oudere, kleinere fietsenstalling en biedt ruimte voor 4.175 fietsen. De stalling wordt gerealiseerd op de eerste twee verdiepingen van het nieuwbouwcomplex ‘Velo’. In dit gebouw worden 270 sociale huurwoningen en 120 middeldure huurwoningen gerealiseerd voor de woningcorporatie de Alliantie. In het complex komt ook een gedeelde huiskamer voor de bewoners en bedrijfsruimtes.

Foto: Sanne Couprie, Start bouw Velo

Zo combineert het complex wonen, mobiliteit en duurzaamheid en blijft er op straat meer ruimte over voor onder andere toegankelijke stoepen en extra groen. Volgens de huidige planning wordt Velo in het eerste kwartaal van 2028 opgeleverd. In het ontwerp is al rekening gehouden met een mogelijke toekomstige uitbreiding in een ontwikkeling op de naastgelegen kavel. De bouw van de nieuwe fietsenstalling is een belangrijke stap in het duurzaam en laagdrempelig bereikbaar maken van Amsterdam.

Bouwen aan een complete stad

19

Uitgelicht project

Staat van de gebiedsontwikkeling

HOV-busverbinding De komende jaren wordt er gewerkt aan een snelle en betrouwbare Hoogwaardig Openbaar Vervoer (HOV)-buslijn tussen Station Sloterdijk en Centraal Station. De lijn is van belang voor de toekomstige bewoners van Haven-Stad. Deze nieuwe wijk krijgt een lage parkeernorm, dus een goede OV-verbinding is van groot belang. Ook voor de bewoners van de bestaande buurten langs de route komt de bus goed van pas. Er worden op de HOV-route diverse ingrepen gedaan om de doorstroming van het verkeer te verbeteren en het OV-netwerk betrouwbaarder te maken. De herinrichting van het Piarcoplein en de Transformatorweg zijn ook onderdeel van het project. Zo komt op het Piarcoplein, aan de noordzijde van het station Sloterdijk, een nieuw busstation, wat de reistijd en betrouwbaarheid van de HOV-route verbetert. Ook komt er meer kwaliteit in de openbare ruimte door vergroening en betere voorzieningen. Er ontstaat een prettige verblijfsruimte. Naar verwachting gaat de HOV-bus vanaf 2028 rijden. Foto: Edwin van Eis, Bus Sloterdijk

Bouwen aan een complete stad

20

Uitgelicht project

Staat van de gebiedsontwikkeling

De IJ-tram rijdt verder Enkele jaren geleden is er gestart met het uitbreiden van de route van tramlijn 26, ook wel bekend als de IJ-tram. De IJ-tram biedt een directe verbinding tussen Amsterdam Centraal Station en IJburg. Bij de uitbreiding zijn er twee nieuwe haltes gebouwd in de nieuwe woonwijken Centrumeiland en Strandeiland op IJburg. In totaal telt de tram nu 11 haltes, waaronder haltes op Zeeburgereiland, Steigereiland en Haveneiland West en Oost. De halte op Zeeburgereiland is waardevol voor de 7.000 studenten van de Hogeschool Inholland Amsterdam. Hoewel het nieuwe schoolgebouw een van de eerste opgeleverde projecten is in de Sluisbuurt, kunnen studenten al direct gebruikmaken van de snelle en betrouwbare tram­verbinding. Door de uitbreiding naar Centrumeiland en Strandeiland kunnen de bewoners van deze wijken vanaf het eerste moment gebruik maken van een snelle en milieuvriendelijke ov-verbinding. Vooral gezinnen met jonge kinderen, ouderen en mensen die beperkt zijn in hun mobiliteit hebben veel baat bij deze tramverbinding.

Foto: Edwin van Eis, Aanleg bruggen tussen Haveneiland-Centrumeiland

Waar mobiliteit en duurzaamheid samenkomen Bij de bouw van nieuwe bruggen op IJburg wordt er niet alleen gekeken naar geschikte verkeersroutes voor mensen. Op alle bruggen zijn er voorzieningen aangebracht voor dieren. Er zijn veilige oversteekmogelijkheden voor kleine dieren. Daarnaast zijn er ook speciale nestmogelijkheden voor vleermuizen en vogels.

De werkzaamheden voor het verlengen van de tramlijn zijn gestart in 2023. Naar verwachting zal de tram in juli 2026 doorrijden naar Centrumeiland en Strandeiland. De route loopt via de nieuwe Annemarie Wolffbrug en Lee Millerbrug, die niet alleen belangrijk zijn voor de tram, maar ook voor auto’s, fietsers en voetgangers. Deze bruggen verbinden Haveneiland, Centrumeiland en Strandeiland met elkaar. Er staat al een tweede uitbreiding van de IJ-tram gepland. Tussen 2030 en 2035 wordt er gewerkt aan een verdere verlenging van de lijn naar de Pampusbuurt op Strandeiland. De IJ-tram zorgt op deze manier voor een beter bereikbaar en verbonden Amsterdam. Foto: Edwin van Eis, Aanleg rails en haltes voor verlening IJtram

Foto: Edwin van Eis, IJtram bij Bob Haarmslaan

Bouwen aan een complete stad

21

Staat van de gebiedsontwikkeling

4. Bouwen voor een bedrijvige en innovatieve stad Wij bouwen voor een bedrijvige en innovatieve stad. Amsterdam biedt ruimte aan een breed scala van bedrijven, van internationale hoofdkantoren tot lokale ondernemers en de maakindustrie. Deze diversiteit in bedrijvigheid is belangrijk voor de vitaliteit van de stad en zorgt voor werkgelegenheid voor allerlei verschillende beroepsgroepen. Uitgelicht project: Ruimte voor groei in het Matrix Innovation Center

Uitgelicht project: Duurzame werklocatie Business Park Osdorp

De gemeente faciliteert hoogwaardige en duurzame kantoorlocaties die aansluiten bij de behoeften van de stad. Hierin wordt niet langer een jaarlijkse kwantitatieve groeidoelstelling gehanteerd, maar zetten wij in op het creëren van de juiste werkplek op de juiste locatie. Op toplocaties als de Zuidas, ArenAPoort, Amstel III en Sloterdijk Centrum bieden wij ruimte voor het ontwikkelen van nieuwe kantoorruimte. Dit blijven belangrijke sleutel­ gebieden voor internationale en nationale bedrijven. Op overige locaties bieden wij minder ruimte voor nieuwe kantoorruimte. Naast de kantoorlocaties zet de gemeente in op de ontwikkeling van innovatiedistricten, zoals het Marineterrein en Science Park. Deze gebieden fungeren als broedplaatsen voor creatieve ideeën en baanbrekende technologieën. De gemeente werkt op Sloterdijk en in Amstel III aan de verdichting van bestaande bedrijventerreinen en met name op Sloterdijk Nieuw West aan de herhuisvesting van bedrijven die moeten vertrekken uit lopende transformatieprojecten. Tegelijkertijd is de gemeente terughoudend met het transformeren van nog meer bedrijventerreinen naar woon-

Foto: Edwin van Eis, Kantoorgebouwen aan de Parnassusweg

werkgebieden. Zo behouden wij voldoende ruimte voor de maakindustrie en stadsverzorgende bedrijven die bijdragen aan de vitaliteit van de stad.

Bouwen voor een complete stad

22

Uitgelicht project

Staat van de gebiedsontwikkeling

Zuid | Ruimte voor groei in het Matrix Innovation Center Het innovatiedistrict kenniskwartier Zuidas is volop in ontwikkeling. In de komende jaren wordt hier in samenwerking met de Vrije Universiteit Amsterdam en Amsterdam UMC gewerkt aan een bijzonder gebied waar wonen, werken, onderwijs, onderzoek, zorg en (sport)voorzieningen samenkomen. Er is ruimte voor circa 2.700 woningen en kennisgerelateerde bedrijvigheid. Onderdeel van deze kennisgerelateerde bedrijvigheid is het nieuwe Matrix Innovation Center van MatrixIC. Dit gebouw gaat ruimte bieden aan start-ups, scale-ups en bedrijven die actief zijn in Life Sciences, Medtech en AI. Het doel is om ondernemerschap, samenwerking en kennisdeling tussen universiteit, ziekenhuis en bedrijven te stimuleren. Het nieuwe gebouw is dan ook ontworpen om ontmoeting te faciliteren en onderzoek te etaleren met een Demonstrator Lab. Het biedt daarnaast alle voorzieningen die jonge bedrijven nodig hebben om snel te groeien.

Foto: Tim Eshuis, Eerste paal Matrix Innovation Center

Het Matrix Innovation Center wordt duurzaam gebouwd. De constructie bestaat uit hout en maakt gebruik van demontabele verbindingen. Deze duurzame aanpak draagt bij aan een lagere CO₂-uitstoot en het hergebruik van materialen. Het gebouw is energie neutraal en heeft de ambitie om het duurzaamheidskenmerk BREEAM-NL Excellent te behalen. Het nieuwe Innovation Center is een project van vastgoed­ collectief MatrixIC waarin de Universiteit van Amsterdam, de Vrije Universiteit, Rabobank en de gemeente Amsterdam samenwerken. Dit wordt het achtste Innovation Center in Amsterdam. In de bestaande centra zijn al meer dan 100 wetenschappelijke bedrijven gevestigd. Zo werkt de gemeente werkt samen met kennisinstellingen en financiële partners om de start-up- en scale-upcommunity te versterken en meer ruimte te bieden voor groei en innovatie. In 2025 is er gestart met de bouw. Naar verwachting opent het Matrix Innovation Center eind 2027 haar deuren in het innovatiedistrict Kenniskwartier Zuidas.

Foto: MatrixIC, Impressie Matrix Innovation Center

Bouwen voor een complete stad

23

Uitgelicht project

Staat van de gebiedsontwikkeling

Duurzame werklocatie Business Park Osdorp Tot een aantal jaar geleden werd de Lutkemeerpolder in NieuwWest gebruikt als land- en tuinbouwgrond. In de komende jaren wordt dit gebied ontwikkeld tot een plek waar natuur, werk en recreatie samenkomen. Een deel van de Lutkemeerpolder wordt ontwikkeld tot een bedrijvenpark met de naam Business Park Amsterdam Osdorp. Dit project is een samenwerking tussen de Gemeente Amsterdam en Schiphol Area Development Company (SADC). Op het bedrijventerrein is onder andere plek voor (inter)nationale logistieke bedrijven, bouw- en handels­ ondernemingen, food- en fashionbedrijven en life sciencesen ICT-bedrijven. Het nieuwe bedrijvenpark biedt kansen voor bedrijven die door stedelijke transformatieprojecten hun huidige locatie moeten verlaten, evenals voor bedrijven die hun huidige locatie zijn ontgroeid.

Foto: Edwin van Eis, Bouwwerkzaamheden Business Park Osdorp bedrijventerrein

Op het bedrijvenpark staan duurzaamheid en circulariteit centraal. Een aantal voorbeelden hiervan zijn de aanleg van een circulaire weg, het gebruik van tweedehands bruggen, het aanplanten van 1.500 nieuwe fruitbomen en een inrichting die volledig gebaseerd is op de bestaande ecologie, waterhuishouding en bodemstructuur. Het bedrijvenpark heeft voor deze inspanningen de hoogste duurzaamheidscertificering van BREEAM-NL ontvangen: Outstanding. Zo bewijst Business Park Amsterdam Osdorp dat gebiedsontwikkeling, zelfs in een bedrijfsmatige context, actief kan bijdragen aan een groenere en gezondere leefomgeving.

Artist impression: Stellardevelopment.eu, Vega Amsterdam

Bouwen voor een complete stad

24

Staat van de gebiedsontwikkeling

5. Bouwen voor een gezellige stad Amsterdam moet een gezellig thuis zijn. Wij bouwen voor een stad waar mensen samenkomen, elkaar ontmoeten en zich thuis voelen. Een stad die niet alleen functioneel is, maar een plek waar mensen graag verblijven en kunnen genieten van alles wat de stad te bieden heeft. Het bouwen aan een gezellige stad is een belangrijk credo van voormalig wethouder Reinier van Dantzig. Deze ambitie blijft een belangrijke inspiratie voor het bouwen voor een complete stad.

Goede voorzieningen maken de stad leefbaar en compleet. De gemeente werkt aan strategische huisvestingsplannen voor jeugd-, zorg- en basisvoorzieningen, sport en bewegen, kunst en cultuur en onderwijs. Deze voorzieningen zorgen ervoor dat Amsterdammers toegang hebben tot wat zij nodig hebben om prettig te wonen en te leven. Naast goede voorzieningen speelt de inrichting van de openbare ruimte een belangrijke rol in het creëren van een gezellige stad. In het ontwikkelen van pleinen, parken en groenstroken zet de gemeente in op uitnodigende plekken waar mensen kunnen ontspannen en elkaar kunnen ontmoeten. Er worden bankjes geplaatst en speelplekken ontwikkeld waar kinderen veilig kunnen spelen en bewegen. Ook cultuur heeft een belangrijke plek in de openbare ruimte. Openbare kunst en plekken voor evenementen brengen de stad tot leven.

Uitgelicht project: Levendig Cruquius Eiland

Uitgelicht thema: Plinten brengen de straat tot leven

Het bouwen voor een gezellige stad doen wij niet alleen, maar samen met de inzet van de Amsterdammers. Door bewoners actief te betrekken bij het inrichten en onder­houden van hun omgeving, ontstaat een gevoel van eigenaarschap en betrokkenheid. Daarom ondersteunen wij bewoners die hun buurt willen verbeteren of veiliger of gezelliger willen maken. Zo bouwen wij samen aan een fijne en gezellige stad.

Foto: Anne Reinke, Sportveld op Zeeburgereiland

Bouwen voor een complete stad

25

Uitgelicht project

Staat van de gebiedsontwikkeling

Oost | Levendig Cruquiuseiland Het Cruquiusgebied heeft een rijke geschiedenis. Wat ooit een moeras was, werd later een zeehaven en een plek voor zware industrie. Tegenwoordig is Cruquiuseiland een fijne plek om te wonen, werken en ontspannen. De ontwikkeling van Cruquius Eiland is het resultaat van een jarenlange samenwerking tussen de ontwikkelaar Amvest en de gemeente Amsterdam. Het gebied is getransfor­meerd tot een levendige woonwijk waar ruimte is voor 1.700 woningen en met 18.000 vierkante meter voor bedrijven. Bij de ontwikkeling van het Cruquiusgebied is veel aandacht besteed aan het inrichten van de openbare ruimte. Zo is er een autovrije boulevard, waar bewoners en bezoekers kunnen wandelen of een duik kunnen nemen. Door de wijk heen zijn groene binnentuinen en knusse hoekjes met banken om te ontspannen en genieten van het uitzicht. Voor kinderen is er voldoende ruimte om te spelen in autoluwe straten. Bovendien is er bij de opzet van de gebouwen rekening gehouden met een visuele verbinding met het water, wat zorgt voor een open en ruimtelijk gevoel. De inzet op het creëren van een gezellige en levendige wijk begon al voordat de eerste gebouwen werden gerealiseerd. Het gebied werd op de kaart gezet doordat er ruimte werd

NEPROM prijs voor Cruquiuseiland Voor de ontwikkeling van het gebied hebben Amvest en de gemeente Amsterdam gezamenlijk in 2024 de NEPROM prijs uitgereikt gekregen. De jury: ‘Amvest laat met de transformatie van dit gebied zien dat bij hen zowel de bestaande als de nieuwe gebouwen, zowel de openbare ruimte als de voorzieningen veel aandacht krijgen. Naast de hardware speelt de software – hoe leven mensen (en dieren) samen in een gebied – een zeer belangrijke rol’.

Foto: Edwin van Eis, Speeltuin en Brouwerij Bruut op Cruquiuseiland

geboden aan tijdelijke bedrijvigheid, bijvoorbeeld voor broedplaatsen, kunstenaars en horeca. De geschiedenis van het Cruquiusgebied is terug te zien over het hele eiland. Naast de nieuwe gebouwen zijn er verschillende historische panden en elementen behouden. Zo is het voormalige kantoor van oliefabriek Insulinde nu de thuisbasis van bierbrouwer Brouwwerf Krux en heeft de oude afvalloods Remepa een nieuwe bestemming gekregen als acht grondgebonden loftwoningen. Ook de voormalige spoorlijn is nog zichtbaar, ingebed in het plaveisel langs de kade van de Entrepothaven. Dankzij de combinatie van historie, groen, water en levendigheid is het Cruquiusgebied een uitnodigende en gezellige stadswijk geworden.

Bouwen voor een complete stad

26

Uitgelicht project

Staat van de gebiedsontwikkeling

Plinten brengen de straat tot leven De komende jaren zet Amsterdam verder in op het verdichten van de stad. Er worden meer woningen, kantoren en voorzieningen toegevoegd in de bestaande omgeving, waarmee een compacte stad ontstaat. De begane grond van gebouwen, oftewel de plint, speelt een sleutelrol in het zorgen dat een compacte stad ook een fijne plek is om te wonen, werken en ontspannen.

Een levendige plint in The Harmony In 2024 won het ontwerp voor ‘The Harmony’ een aanbesteding in de nieuwe, autovrije woonbuurt Ravel. De bouw van het project start naar verwachting in 2026. Het voorstel waarmee de aanbesteding werd gewonnen voorziet in een plint waarvan de invulling naar believen is aan te passen. Dit is een nieuwe manier van kijken naar de rol van een gebouw in een levendige buurt.

De plint vormt de overgang tussen het gebouw en de straat en bepaalt voor een groot deel de sfeer en beleving van een gebied. Een goed ontworpen plint laat je je thuis en veilig voelen Daarom heeft de gemeente extra aandacht voor de kwaliteit en programmering van plinten. De Zuidas is een voorbeeldlocatie waar er wordt ingezet op levendige, warme plinten. Dit is een wijk met een groeiend aantal bewoners en verandert steeds meer in een stadswijk. Daar hoort ook een gezellig en levendig straatleven bij. Om dit te realiseren, denkt een projectteam van de gemeente mee over de invulling van de plinten. Het team voert bijvoorbeeld gesprekken met ontwikkelaars en eigenaren over het belang van een gevarieerd aanbod van voorzieningen in de plint. Ook is er steeds meer aandacht voor het samenspel van verschillende plinten in het gebied zodat er een gevarieerd aanbod kan ontstaan. Daarnaast geeft het gemeentelijke projectteam adviezen af. Bijvoorbeeld om bij de beoordeling van ontwikkelplannen van gemeentelijke grond veel punten te geven voor een gebouwontwerp met meerdere kleine, publiek toegankelijke ruimtes op de begane grond, in plaats van een of twee grote, besloten ruimtes. Op die manier blijft de huur relatief betaalbaar en krijgen ook kleinere ondernemers een kans.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/17025826/1