CConstaterende datAmsterdam
Koppel je AI →
Document · PDF

Schriftelijke reactie dhr. De Jong namens Rover

Raadscommissie Ruimtelijke ordening 3 maart 2021, gemeente AmsterdamBij agendapunt: Kennisnemen en bespreken van het collegebesluit over de ontwerp-Omgevingsvisie Amsterdam 2050 en het bijbehorend ontwerp-Omgevingseffectrapport (ZD2020-014979)870 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

COMMENTAAR VAN ROVER AFDELING REGIO AMSTERDAM OP DE OMGEVINGSVISIE AMSTERDAM 2050 (1 maart2021) Verwelkoming Omgevingsvisie Reizigersorganisatie Rover heeft waardering voor de algemene uitgangspunten van de Omgevingsvisie, om de behoefte aan meer woningen, arbeidsplaatsen en voorzieningen zoveel mogelijk op te vangen in bestaand stedelijk gebied. Dit leidt tot een intensiever gebruik van de ruimte, meer draagvlak voor allerlei voorzieningen en voorkomt een aantasting van het open landschap rond Amsterdam. Tevens plaatst de Omgevingsvisie de ontwikkeling van Amsterdam terecht in een regionale context. In onze ogen zal de Omgevingsvisie sterk aan waarde winnen als een aantal uitgangspunten meer en concreter wordt uitgewerkt, waarbij ook een uitvoeringsstrategie gewenst is voor de relatie met het openbaar vervoer. Daarbij is ook aandacht nodig voor de bestaand stad en de impact van veranderingen op de bestaande stad. De omgevingsvisie leunt in onze ogen te sterk op enkele grote metroprojecten die pas op lange termijn gerealiseerd kunnen worden, terwijl de nieuwbouwlocaties dan al grotendeels in ontwikkeling zijn of zelfs al gereed zijn. Aanvullingen gewenst op de Omgevingsvisie • Ambitieniveau: schaalsprong OV De Omgevingsvisie spreekt van een Schaalsprong voor het OV, maar vult deze niet in en gaat van een te laag ambitieniveau uit.

De rol van het OV en de schaalsprong zou ook opgenomen moeten worden in de Agenda voor de vijf strategische keuzes. Naar onze mening moet uitgegaan worden van een verdubbeling van het OV-gebruik in de toekomst. Wij wijzen hierbij op de beleidsafspraken waar Amsterdam zich aan gecommitteerd heeft in het Regionaal OV Toekomstbeeld 2040 Noord-Holland & Flevoland getiteld “KANSRIJKE NOODZAAK; Schaalsprong naar het mobiliteitssysteem van morgen” van de gemeenten Amsterdam en Almere, de Vervoerregio Amsterdam en de Provincies Noord-Holland en Flevoland. • Uitvoeringsstrategie OV is vereist Een uitvoeringsstrategie is vereist in samenwerking met de gemeenten in de regio, twee provincies en de Vervoerregio Amsterdam, gebaseerd op een daadwerkelijke schaalsprong van het OV om een substantieel groter aantal mensen met het openbaar vervoer te vervoeren (verdubbeling van het gebruik), resulterend in een meerjarige investeringsagenda om te komen tot een samenhangend openbaar vervoerstelsel, dat de verschillende delen van de stad en het metropolitane gebieden verbindt en ontsluit. Dit vereist meer aandacht binnen de Omgevingsvisie.

Onderdeel van die strategie is ook dat in nieuwbouwwijken allereerst tracés voor openbaar vervoer ruimtelijk gereserveerd dienen te worden, waarbij de bouw van die wijken pas mag plaatsvinden als de aanwezigheid van goed openbaar vervoer bij de start van de wijk aanwezig is.

1

•

•

•

•

•

•

•

Omgevingsvisie koppelen aan uitvoeringsstrategie OV Wij stellen voor de vaststelling van de Omgevingsvisie in de Raad te koppelen aan een besluit voor een dergelijke strategie, die dan verder ontwikkeld en uitgevoerd dient te worden. Ruimtelijke verankering bestaande tramnet. Op stedelijk en stadsgewestelijk niveau dient het gehele tramnet en een aantal belangrijke busroutes als zogenaamd ‘Plusnet’ gedefinieerd te worden en alle tramlijnen en drukke busroutes dienen expliciet op de kaarten en als ruimtelijke reserveringen in de omgevingsvisie te worden opgenomen. Uitgangspunt is ontmenging van tramverkeer en autoverkeer, dus geen gebruik van dezelfde rijstrook en lage snelheid, omdat dit funest is voor de rijsnelheid, doorstroming, exploitatiekosten en aantrekkingskracht van het OV. De overstap van auto op OV dient beter uitgewerkt te worden en gebaseerd te zijn op de volgende principes: 1) zo dicht mogelijk bij herkomstgebieden, dus al ver buiten Amsterdam, 2) betere benutting en uitwerking van overstappunten in de metropolitane regio rond Amsterdam en 3) pas in de laatste plaats aan de rand van Amsterdam. De beoogde oost-westlijn is er in feite al in de vorm van tramlijn 1.

Uitgangspunt moet zijn dat lijn 1 de drager is van de oost-westverbinding en stapsgewijs wordt uitgebreid in kwaliteit, capaciteit en bediening, door verlening van station Muiderpoort via Zeeburg naar IJburg enerzijds en verlenging van Osdorp-Aker naar een hub aan de A9 bij Lijnden anderzijds. Lijn 1 kan daarbij fungeren als voorloper (stapsgewijze uitbouw) of als alternatief voor een metrolijn. In Amsterdam dienen de grote knooppunten en nieuwe stadsdeelcentra opgenomen te worden in het netwerk van belangrijke tramlijnen, door doortrekking van tramlijnen naar de stations Zuid, Bijlmer-Arena (lijn 19 en de A9-lijn), Amstel en het beter per tram ontsluiten van IJburg en Zeeburg met Oost en de ontsluiting van het Sciencepark. In grote nieuwbouwlocaties zoals Havenstad, Schinkelkwartier, Amstel III en IJburg dienen tramen bustracé’s ingepland te worden ter verdere ontsluiting binnen de wijken en ook naar die wijken. De kaarten in de Omgevingsvisie zijn hierover te vaag en voorstellen ontbreken in de lijst met ruimtelijke reserveringen. Relatie met Amsterdam Noord Aanleg van ringvormige tramtracé ‘s in de stad: sluiten van de ‘binnenring’ via Noord via (de) nieuwe IJ-oeververbindingen en een tramtracé voor de ’middenring’, de route van lijn 3 als echte ring ook via Noord.

Rol spoorwegnet De rol van het spoornet is op regionale schaal essentieel en dient nader uitgewerkt te worden, met zowel aandacht voor stadsgewestelijke verbindingen (“sprinters”) als ook regionale sneltreinen, intercity en internationale verbindingen. Uitgangspunt dient te zijn dat Amsterdam CS en station Zuid toekomstbestendig worden gemaakt in capaciteit en voldoende flexibel zijn voor toekomstige dienstregelingsmodellen. Rover heeft een zienswijze ingediend op de Omgevingsvisie Amsterdam 2050. Deze inspraakreactie is een korte samenvating. De zienswijze bevat meer uitwerkingen van voorstellen voor aanvullingen en aanpassingen van de tekst van de Omgevingsvisie.

2

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/9826220/1