Schriftelijke bijdrage dhr. Verbeek inzake agendapunt 5
Tekst van het document
Aan de raadscommissie AZ Stadhuis per site-mail 3-11-2024
Betreft: agenda AZ 7-11-2024, punt 5; bijdrage aan de Evaluatie referendum HGS
Geachte Commissie, Helaas, de Referendumcommissie mist in zijn evaluatie de clou, niet alleen bij de initiatiefnemers is de teleurstelling voelbaar maar eerst & vooral bij de meer dan 37% van de stemmers die de groenbescherming van uw ontwerp-HGS onvoldoende vinden. ( evaluatie 8-10-2024, blz 3 rechts onder; blz 19, rechts onder )
De oorzaak van deze teleurstelling, zeg maar rustig ervaring van verraad, ligt in uw vraagstelling van het referendum, namelijk “ Bent u voor of tegen het voorgenomen besluit over de Hoofdgroenstructuur’; “ https://amsterdam.raadsinformatie.nl/document/12897761/1/A++12+Raadsaangelegenheden+%287%29+00+Voordracht+Vaststellen+van+de+datum+en+vr?connection_type=1&connection_ id=7692868
Met die vraag heeft u bij voorbaat aangestuurd op een uitslag die niet eenduidig en werkbaar kan zijn. En de Wethouder RO heeft de onwerkbaarheid van de uitslag zelfs nog groter gemaakt door in de referendumkrant te dreigen dat uw Raad zijn eigen geamendeerde voorstel zal laten vallen als het geen meerderheid krijgt, daardoor zijn veel Amsterdammers vóór uw ontwerp-HGS gaan stemmen terwijl ze nu juist vinden dat uw geamendeerde voorstel niet genoeg bescherming biedt; hierdoor geeft de uitslag van 37% stemmen vóór een onderschatting van het aantal bewoners dat uw Raad vraagt om méér bescherming van het groen dan u sinds januari 2023 voornemens bent. De R-commissie spreekt van een paradox maar helaas, de tegenstelling tussen wat de bewoners op 6-6-2024 hebben uitgesproken en wat u op basis daarvan op 26-6-2024 heeft beslist is allerminst schijnbaar , uw besluit om uw eigen geamendeerde voorstel in te trekken kunt u in rede niet baseren op of rechtvaardigen met onduidelijkheid van de uitslag van het referendum. Zoals de Burgemeester al in de raadsbrief dd. 13-1-2021 onderkende, Vertrouwen begint bij de overheid , maar na dit HGS-referendum zal je je als bewoner wel 10x bedenken voor je aan een referendum waarover dan ook begint of in een referendum gaat stemmen.
De oplossing is heel eenvoudig, uw Raad is geen opinie-bureau, bij het uitschrijven van een referendum moet uw Raad niet lijdzaam toezien maar verantwoordelijkheid nemen en zelf de vraagstelling formuleren, afgestemd op het politiek-bestuurlijke debat dat u zelf aan het voeren bent en afgestemd op wat u als Raad van de bewoners wil weten. In het geval van de HGS was de inzet niet minder maar méér bescherming van het groen.
De met ja of nee te beantwoorden vraag aan de bewoners had dus moeten zijn Vindt u dat de ontwerp-HGS het groen voldoende bescherming biedt ? of woorden van gelijke strekking. Echter, hoe kort & helder en politiek-bestuurlijk cruciaal ook, die vraag kon u eenvoudig niet stellen, artikel 9 van de R-verordening verhindert dit. Artikel 9 van de R-verordening luidt namelijk ( evaluatie 8-10-2024, blz 28; idem in artikel 15 ): “ De vraagstelling dient kort en helder te zijn en luidt: Bent u voor of tegen het ontwerp raadsbesluit respectievelijk collegebesluit (titel van het ontwerp raadsbesluit / collegebesluit) “ De oplossing 25 die de R-commissie voor deze inperking aandraagt, meer bedenktijd voor de Raad, neemt deze hindernis evident niet weg. De R-commissie zegt over artikel 9 te hebben nagedacht maar niet te willen terugkomen op het huidige artikel 9 dat de R-commissie in 2021 - 2022 zelf heeft voorgesteld. ( evaluatie 8-10-2024, blz 12 rechts midden )
Hierbij roep ik u op om: A. B&W te vragen om in zijn aangekondigde evaluatie onder meer in te gaan op verruiming van de vraagstelling van een referendum, waar nodig na inschakeling van second opinion; B. de R-commissie te vragen om op dit punt met een nadere evaluatie te komen.
Nadere toelichting geef ik desgewenst graag. Met vriendelijke groet, Hans Verbeek