CConstaterende datAmsterdam
Koppel je AI →
Document · PDF

RIB VGR SprongohIJ-Oostbrug 2024 DEF.pdf

Raadscommissie Mobiliteit, Openbare ruimte en Water 24 oktober 2024, gemeente AmsterdamBij agendapunt: Voortgangsrapportage eerste helft 2024 Sprong over het IJ en Oostbrug (VN2024-014026)2.554 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Raadsinformatiebrief

Aan:

Portefeuillehouder(s): Behandeld door

De leden van de gemeenteraad van Amsterdam 1 oktober 2024 Verkeer en Vervoer Melanie van der Horst Programma Sprong over het IJ

Onderwerp

Voortgangsrapportage Sprong over het IJ en Oostbrug eerste halfjaar 2024

Datum Portefeuille(s)

Geachte leden van de gemeenteraad, Met het programma Sprong over het IJ wil Amsterdam de oversteek structureel verbeteren voor fietsers, voetgangers en waar mogelijk ook voor openbaar vervoer, rekening houdend met belangen van de stad, de regio én die van de (internationale) scheepvaart. Het programma is gebaseerd op het advies “Genereus Verbonden” van de commissie D’Hooghe. Daarin is met de nautische partijen (Rijkswaterstaat, Ministerie Infrastructuur en Waterstaat, Port of Amsterdam, Centraal Nautisch Beheer) afgesproken dat de verschillende onderdelen van het advies worden opgenomen in een Inrichtingsplan Rijkswateren Amsterdam. Het Inrichtingsplan biedt een goede basis voor de samenwerking tussen alle partijen. In deze brief informeer ik u over de voortgang van het programma Sprong over het IJ en de Oostbrug. Ik ga met name in op enkele thema’s die op dit moment actueel zijn zoals de stand van zaken van de Oostbrug, duurzaamheid, het participatieproces, de Westbrug en de belangrijkste risico’s. Ook kom ik nog kort terug op de dekking van de Oostbrug. In de bijlage bij deze brief vindt u in de vorm van een tweetal dashboardrapportages een overzicht van de voortgang van de Oostbrug en van het Programma Sprong over het IJ op de indicatoren scope, tijd, geld, kwaliteit en risico’s.

In het kader van de Regeling Grote Projecten wordt u tweemaal per jaar op deze wijze geïnformeerd. Stand van zaken Oostbrug Dekking De aandacht is in het eerste half jaar van 2024 voor een belangrijk deel uitgegaan naar het verkrijgen van voldoende dekking voor het project Oostbrug. In de, samen met de Vervoerregio Amsterdam, opgestelde raadsinformatiebrief van 7 juli 2024 is al gemeld dat de gemeente Amsterdam en de Vervoerregio met elkaar hebben afgesproken om beide 50% van de kosten te dekken. De investeringskosten van de Oostbrug, zijnde € 300 miljoen op prijspeil 2023 (€ 310,5 mln prijspeil jan 2024), worden gedekt door een bijdrage van de Vervoerregio van € 10 miljoen voor de voorbereidingskosten en € 140 miljoen voor de realisatiekosten en door de gemeente vanuit de reeds bestaande bestemmingsreserve Oostbrug van € 100 miljoen, aangevuld met de bij de begroting 2025 toegezegde extra middelen voor een bedrag van € 120 miljoen. Deze extra middelen zijn deels bestemd voor de aanpassingen van de fietsroutes naar de brug toe in

Gemeente Amsterdam, raadsinformatiebrief

Datum 1 oktober 2024 Pagina 2 van 6

stadsdeel Oost en deels voor de benodigde dekking voor de Oostbrug. De bijdrage van de Vervoerregio zal (jaarlijks) worden geïndexeerd. Met de verhoging van de gemeentelijke bijdrage bij de begroting 2025 en de bijdrage van de Vervoerregio is er ook ruimte om het gemeentelijk aandeel in de indexatie tot en met realisatie van het project geheel, of in elk geval voor een groot deel, te dekken. Proces: van eisen en wensen naar schetsontwerp Het team Oostbrug werkt nauw samen met de nautische partners (Port of Amsterdam, Centraal Nautisch Beheer en Rijkswaterstaat (RWS)). Daarnaast is er een stakeholdersanalyse gemaakt. Daarbij zijn de belangrijkste belanghebbenden ten aanzien van de brug geïnventariseerd. Dat zijn naast omwonenden en bedrijven ook de professionele stakeholders zoals de beheerders binnen de gemeentelijke organisatie en bij RWS en, de belangenverenigingen van de gebruikers (b.v. fietsers, recreatieve en professionele scheepvaart). Met een deel van hen zijn in de afgelopen periode gesprekken gevoerd over de belangrijkste eisen en wensen die er zijn ten aanzien van de brug en de vaarweg. Deze gesprekken lopen door totdat alle eisen goed zijn verwoord in een aan te besteden contract. Op basis van de belangrijkste eisen en wensen wordt een eerste schetsontwerp gemaakt.

Dat ontwerp wordt tevens gebaseerd op nader onderzoek naar onderwerpen als bodem, flora en fauna, verkeerskundige situatie bij de aanlandingen, bedienregime van de brug, hellingspercentage en de inrichting van het Oostelijk binnenIJ). Het schetsontwerp wordt gemaakt om de haalbaarheid te beoordelen en de kostenraming te actualiseren. Het ontwerpproces loopt van grof naar fijn, eerst op de topeisen en naarmate er meer bekend wordt steeds meer op gedetailleerde eisen en wensen. Inrichting Oostelijk Binnen IJ en nautische voorzieningen Oostbrug Samen met de nautische partners wordt er gekeken naar de herinrichting van het Oostelijk Binnen IJ. Immers, als gevolg van de komst van de Oostbrug, moeten een aantal bestaande functies op het water een nieuwe plek krijgen en is er behoefte aan nieuwe functies zoals extra ligplaatsen voor binnenvaartschepen (zie verder hieronder). Daarbij wordt onderzocht welke locaties op het water beschikbaar zijn voor de, ten behoeve van de Oostbrug, te verplaatsen Franse Boei (ankerplaats voor grote zeeschepen) en het spudpalengebied. Op basis van een inventarisatie wordt een plan van aanpak gemaakt met daarin de (voorkeurs)locaties voor de te (her)plaatsen nautische functies. Ook betrekken we onze partners in het beoordelen van de verschillende varianten voor de ligging van de brug zelf, om te waarborgen dat de vaarweg nautisch vlot en veilig blijft.

Hieruit volgt een nadere detaillering van de nautische voorzieningen die onderdeel zijn van de totale opgave inrichtingsplan Rijkswateren Amsterdam uit het advies Genereus Verbonden van de commissie D’Hooghe, waaronder de Oostbrug. Ligplaatsen voor binnenvaartschepen Onderdeel van het Inrichtingsplan Rijkswateren Amsterdam is het leveren van een bijdrage aan de benodigde wacht- en rustplaatsen voor binnenvaartschepen. In het advies van de commissie D’Hooghe is opgenomen dat er bij de Oostbrug een mogelijkheid bestaat circa 20 nieuwe ligplaatsen te realiseren. Uit nader onderzoek naar de ruimte in het Oostelijk Binnen-IJ blijkt vooralsnog dat, uitgaande van behoud van de bestaande ruimte voor duwbakken (zoals vastgelegd in het omgevingsplan) en afhankelijk van welke inrichtingsvariant wordt gekozen, in het gebied rond de Oostbrug slechts een deel van de benodigde 20 nieuwe ligplaatsen voor

Een routebeschrijving vindt u op amsterdam.nl

Gemeente Amsterdam, raadsinformatiebrief

Datum 1 oktober 2024 Pagina 3 van 6

binnenvaartschepen gerealiseerd kan worden. Dit betekent dat er een zoekopgave is naar alternatieve locaties voor een deel van de nieuwe ligplaatsen en te compenseren nautische functies elders in en rondom het IJ. Voor deze opgave werken gemeente, Port of Amsterdam, Centraal Nautisch Beheer en Rijkswaterstaat nauw samen. Aandachtspunt hierbij is de (bestuurlijke) borging dat de benodigde verschillende soorten ligplaatsen (op termijn) ook daadwerkelijk gerealiseerd kunnen gaan worden. Bedieningsregime Onderzocht wordt welk bedieningsregime van de brug optimaal is voor zowel landverkeer als voor scheepvaart. Hieruit volgen mogelijke aanscherpingen op het ontwerp van de brug. Ook voor de toevoerroutes kan dit leiden tot aanvullende maatregelen. Het vaststellen van een bedieningsregime is de verantwoordelijkheid van de Minister van Infrastructuur en Waterstaat. Het gezamenlijk uitgangspunt van RWS, CNB, en de gemeente Amsterdam is dat de veilige en vlotte doorstroming van zowel het landverkeer als het vaarwegverkeer geborgd moet worden, waarbij de impact van de Oostbrug op beide verkeersstromen goed tot elkaar in verhouding staan. Juridisch Planologisch Parallel vinden de voorbereidingen en onderzoeken plaats in het kader van het juridischplanologische proces zoals de benodigde wijziging van het omgevingsplan en de bijbehorende milieueffectrapportage.

Onderdeel hiervan is de analyse van de stikstof depositie tijdens de aanlegfase van de brug. Dit is een complex onderwerp waarop de gemeente zich wil laten ondersteunen door externe specialisten. Ook alle andere omgevingsaspecten zoals o.a. nautischeen omgevingsveiligheid, bodem, bereikbaarheid zullen hierbij aan bod komen. Actualisatie kostenraming Aan het eind van dit jaar wordt de raming geactualiseerd op basis van de stand van het ontwerp dat op dat moment bereikt is, dan wordt beoordeeld of het project nog past binnen de toegekende budgetten. Inkoopstrategie Parallel wordt op basis van de meest actuele kennis en ervaring rond contractmanagement nagedacht over de meest passende inkoopstrategie, welke aanbesteding en welke contractvorm past het beste bij deze opgave in de huidige tijd. Toeleidende routes Oost Voor het raakvlakproject toeleidende routes Oost is een begeleidingsteam opgezet die het maken van een schetsverkenning gaat begeleiden o.a. voor het participatieproces dat in 2024 gaat starten. Definitiebesluit In de loop van 2025 wordt het ontwerp verder uitgedetailleerd, de onderzoeken afgerond, de m.e.r. procedure doorlopen, de inkoopstrategie opgesteld, de participatie vervolgd en de raming nogmaals geactualiseerd.

Met deze bouwstenen wordt naar verwachting eind 2025 het Definitiebesluit opgesteld en in bestuurlijke procedure gebracht waarna in 2026 het Definitiebesluit door de gemeenteraad kan worden genomen. Daarmee is PBI fase 3 dan afgerond.

Een routebeschrijving vindt u op amsterdam.nl

Gemeente Amsterdam, raadsinformatiebrief

Datum 1 oktober 2024 Pagina 4 van 6

Uitvoeringsbesluit en verder In de raadsinformatiebrief van 21 mei 2024 bent u al geïnformeerd over de actuele planning. Deze planning is nog gebaseerd op de vigerende inkoopstrategie, die op dit moment wordt herzien. Na het definitiebesluit volgt in 2027 volgt het Uitvoeringsbesluit samen met de vaststelling van het gewijzigde Omgevingsplan, in 2028 en 2029 loopt de aanbesteding en gunning, in 2029-2030 is volgens de planning de opdrachtnemer bezig met het verder detailleren van het ontwerp tot uiteindelijke een uitvoeringsontwerp. Parallel hieraan vindt het verkrijgen van een omgevingsvergunning plaats. In 2031 start naar verwachting de realisatie van de brug, waarna deze op zijn vroegst in 2034 in gebruik kan worden genomen. Duurzaamheid Oostbrug Aan het project Oostbrug is een projectleider Duurzaamheid toegevoegd om het principe “Duurzaam tenzij” te bewaken in de planontwikkeling van de brug. Het projectteam Oostbrug heeft met betrekking tot duurzaamheid de volgende projectdoelstelling opgenomen: De Oostbrug geeft invulling aan duurzaamheidsambities van gemeente, regio en rijk; De gezamenlijke ambities voor de verschillende aspecten van duurzaamheidduurzaamheid, zoals energietransitie, circulariteit, klimaatbestendigheid, biodiversiteit krijgen in de realisatie een passende uitwerking.

Om de doelstelling uiteindelijk gerealiseerd te krijgen moeten deze vertaald worden naar concrete eisen voor de overeenkomst met een Opdrachtnemer voor de realisatie van de brug. In de afgelopen periode hebben de volgende acties in het kader van Duurzaamheid plaatsgevonden: • Inventarisatie mogelijkheden hergebruik bruggen • Kennisopbouw en kennisuitwisseling • Uitwerken resultaten uitgevoerde checklist “Duurzaam Tenzij”. In de komende projectfase zal dit leiden tot een concretisering van Duurzaamheidseisen voor de realisatie van de Oostbrug, inclusief het eventuele effect van deze keuzes op de kosten. Daarover zal in het Definitiebesluit worden gerapporteerd. Participatie Oostbrug Op 10 oktober 2024 wordt een startbijeenkomst georganiseerd over de participatie. 14.000 Amsterdammers uit Noord en Oost, omgeving Oostbrug, zijn met een flyer in de brievenbus uitgenodigd. Ook online, via posters op de ponten en bij ondernemers is de bijeenkomst onder de aandacht gebracht. Tijdens de startbijeenkomst worden de wensen over het participatieproces opgehaald en relevante thema’s op verschillende gesprekstafels behandeld. Gespreksthema’s zijn onder meer de fietsroutes naar de brug toe, de inrichting van het water en de verkeerskundige inpassing van de brug. Het participatieplan wordt na 10 oktober aangevuld, vastgesteld en gepubliceerd.

In november zullen de eerste gesprekstafels per onderwerp plaatsvinden en tijdens bredere bijeenkomsten delen we de resultaten van de gesprekstafels. De brede bijeenkomsten, het uitzetten van online vragenlijsten en meegaan in de expositie van Amsterdam 750 in juni zijn manieren om stad en regio mee te nemen in de Oostbrugplannen en de participatie. Van de opbrengst van alle bijeenkomsten wordt een participatieverslag gemaakt dat meegaat in de besluitvorming over het definitiebesluit in 2026. Het participatieproces, dat ook bedoeld is voor het wijzigen van het Omgevingsplan voor het gebied, vindt in goede afstemming plaats met het Rijk en Port of Amsterdam.

Een routebeschrijving vindt u op amsterdam.nl

Gemeente Amsterdam, raadsinformatiebrief

Datum 1 oktober 2024 Pagina 5 van 6

Westbrug Naar aanleiding van de motie ‘Amsterdam vaart beter zonder cruise’ heeft het college door bureau Berenschot een verdiepende analyse uit laten voeren naar de impact en de toekomst van de zeecruise. Bij brief van 27 juni 2024 heeft het college u geïnformeerd over de uitkomsten hiervan en aangegeven dat het college het door Berenschot geschetste handelingsperspectief omarmt. Voor de realisatie van de Westbrug is relevant dat in dit handelingsperspectief is opgenomen dat de Passengers Terminal Amsterdam (PTA) van de huidige locatie aan de Veemkade vertrekt, met 2035 als streefdatum. Hiermee is de eerste stap gezet om aan een belangrijke randvoorwaarde voor de realisatie van de Westbrug conform het advies van de commissie D'Hooghe te voldoen, namelijk vertrek van de PTA op de huidige locatie. Zoals Berenschot adviseert geeft het college als volgende stap een opdracht voor aanvullend financieel-economisch en juridisch onderzoek naar de consequenties van de mogelijke verplaatsing van de PTA naar de Coenhaven, dit doet ze samen met het Rijk, de provincie Noord-Holland en Port of Amsterdam. Eind 2025 zal er meer helderheid zijn of verplaatsing van de PTA naar de Coenhaven daadwerkelijk haalbaar en reëel is.

Onderdeel van dit onderzoek is het nader uitwerken van de financiële haalbaarheid van de PTA op de nieuwe locatie en actualiseren van de ramingen van de verplaatsing, zodat er een gedeeld en eenduidig beeld ontstaat van de nog te dekken (onrendabele) kosten. Ook het zicht op een tijdige realisatie van de Westbrug is hiervan onderdeel. Juridisch onderzoek betreft onder andere de juridisch-planologische mogelijke inpassing van een PTA in de Coenhaven en de voortzetting van eerdere onderzoeken voor onder andere stikstofdepositie en omgevingsveiligheid. Op basis van dit onderzoek nodigt de gemeente het Rijk, de provincie Noord-Holland en Port of Amsterdam uit om tot gezamenlijke bindende afspraken te komen over de ontwikkeling van het westelijk deel van het IJ. Over de gezamenlijke inrichting van het proces hiertoe, de te onderzoeken inhoud en de besluitvorming wordt in eerste aanleg een zogenaamde gezamenlijke Terms of Reference voorgesteld, om in het najaar van 2025 tot bindende afspraken te komen. Zoals gerapporteerd in de raadsinformatiebrief van 11 mei 2023 wordt uitgegaan van een oplevering van de Westbrug in 2040. Dit jaartal is gebaseerd op de uitgangspunten dat de Westbrug na de Oostbrug gerealiseerd wordt en dat er, vanuit capaciteitsoogpunt, niet of zo min mogelijk gelijktijdig aan twee bruggen tegelijk gewerkt wordt.

Op dit moment wordt echter nader onderzoek gedaan naar theoretisch ideale en realistisch haalbare moment van oplevering van de Westbrug, in relatie tot de ontwikkeling van de verenvloot en de ponthaven. Daarnaast zal in het komende jaar, op basis van het meest actuele Vervoersmodel Amsterdam 5.0 nieuwe prognoses worden opgesteld voor de te verwachten groei van het aantal reizigers over IJ in de komende jaren. Belangrijkste risico’s In de bijgaande dashboardrapportages worden zowel de Oostbrug als het programma Sprong over het IJ de belangrijkste risico's benoemd. Voor de Oostbrug zijn de belangrijkste risico's: het kunnen voldoen aan de stikstofeisen tijdens de realisatie (en voor enkele nautische aspecten ook tijdens gebruik); omgevingsinvloeden op de aan te vragen wijziging Omgevingsplan en het passend krijgen van de nautische voorzieningen in het Oostelijk Binnen-IJ. Hierbij is ook van belang het tijdig vinden van geschikte locaties buiten het Oostelijk Binnen-IJ voor de te verplaatsen nautische functies en te realiseren ligplaatsen voor de binnenvaart. Voor het programma Sprong over het IJ

Een routebeschrijving vindt u op amsterdam.nl

Gemeente Amsterdam, raadsinformatiebrief

Datum 1 oktober 2024 Pagina 6 van 6

geldt als belangrijk risico dat het pontensysteem door de verdergaande groei van Amsterdam vast kan lopen, indien de oplevering van de Oostbrug vertraging oploopt en ook de Westbrug, bijvoorbeeld vanwege het ontbreken van financiën, pas later dan nodig gerealiseerd wordt. Met vriendelijke groet, Namens het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Amsterdam,

Melanie van der Horst Wethouder Verkeer, Vervoer en Luchtkwaliteit Bijlage: dashboardrapportage voortgang Sprong over het IJ en dashboardrapportage Oostbrug

Een routebeschrijving vindt u op amsterdam.nl

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/14627082/1