CConstaterende datAmsterdam
Koppel je AI →
Document · PDF

RIB Veegbrief moties beleidskader MAO def.pdf

Raadscommissie Sociaal, Economische zaken en Democratisering 1 oktober 2025, gemeente AmsterdamBij agendapunt: Bespreken van de raadsinformatiebrief ter afdoening van de moties bij beleidskader ‘De Amsterdamse inzet voor vluchtelingen en ongedocumenteerden’, incl Vluchtelingenmonitor (VN2025-012599)6.409 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Raadsinformatiebrief Afdoening motie

Aan: Datum Portefeuille(s) Portefeuillehouder(s): Behandeld door

Onderwerp

De leden van de gemeenteraad van Amsterdam 5 juni 2025 Opvang (MO/BW, Ongedocumenteerden, Vluchtelingen) Rutger Groot Wassink WPI, programma Migratie, Asiel en Ongedocumenteerden (bestuurszaken.wpi@amsterdam.nl) Afdoening diverse moties en een toezegging behorend bij het vaststellen van het beleidskader ‘Amsterdamse inzet voor vluchtelingen en ongedocumenteerden’ in oktober 2024

Geachte leden van de gemeenteraad, In de vergadering van de gemeenteraad van 9 en 10 oktober 2024 heeft uw raad bij het vaststellen van het beleidskader ‘Amsterdamse inzet voor vluchtelingen en ongedocumenteerden’ enkele moties aangenomen die het college in deze brief afdoet. De moties op het gebied van ongedocumenteerden zijn al in separate brieven afgedaan; het college verwijst hiervoor naar de raadsinformatiebrief van 17 december 2024 inzake scenario’s 2026 en verder en het Uitvoeringsplan ongedocumenteerden 2025. Bij de vaststelling van de begroting 2025 op 12 november 2024 is een motie van het lid Broersen aangenomen over het voorkomen van de uitzetting van kinderen die Amsterdam hun thuis noemen. Deze motie wordt ook middels deze brief afgedaan. Het college heeft toegezegd de raad te informeren over de uitwerking van een onderzoeksaanpak bij het genoemde beleidskader. Ook deze toezegging wordt in deze brief nagekomen. In deze brief worden de volgende negen moties afgedaan: 1. Motie 288 van de leden Van der Veen (GroenLinks), Bouhassani (PvdA), Aslami (D66), Krom (PvdD), Broersen (Volt), Khan (DENK), Veldhuyzen (De Vonk) en Kabamba (Lijst Kabamba) inzake barmhartig Amsterdam: pal staan vor humaan asielbeleid; 2.

Motie 366 van de leden Van der Veen (GroenLinks), Bouhassani (PvdA), Aslami (D66), Kabamba (Lijst Kabamba), Broersen (Volt), Khan (DENK), Havelaar (CDA) en Krom (PvdD) inzake het versterken van maatschappelijke verbinding en ondersteuning van vluchtelingen en ongedocumenteerden; 3. Motie 367 van de leden Ahmadi (De Vonk) Broersen (Volt), Aslami (D66), Van der Veen (GroenLinks) en Kabamba (Lijst Kabamba) inzake samenwerken aan humane opvang; 4. Motie 369 van de leden Ahmadi (De Vonk), Broersen (Volt), Aslami (D66), Van der Veen (GroenLinks) en Kabamba (Lijst Kabamba) inzake doorlopend onderwijs voor ex-ama’s; 5. Motie 379 van de leden Khan (DENK), Havelaar (CDA), Kabamba (Lijst Kabamba), Krom (PvdD), Van der Veen (GroenLinks) en Bouhassani (PvdA) inzake het onderzoeken van de juridische mogelijkheden om de landelijke overheid te dwingen rekening te houden met de menswaardigheid van vluchtelingen en ongedocumenteerden;

Gemeente Amsterdam, raadsinformatiebrief

Datum 5 juni 2025 Pagina 2 van 14

6. Motie 380 van de leden Khan (DENK), Kabamba (Lijst Kabamba), Krom (PvdD), Van der Veen (GroenLinks) en Bouhassani (PvdA) inzake geen sprake van asielcrisis; 7. Motie 398 van de leden Broersen (Volt), Ahmadi (De Vonk), Van der Veen (GroenLinks), Bouhassani (PvdA), Aslami (D66), Kabamba (Lijst Kabamba), Krom (PvdD) en Khan (DENK) inzake verbind AZC’s met de buurt: Plan Einstein; 8. Motie 387 van de leden Broersen (Volt), Krom (PvdD), Khan (DENK), Ahmadi (De Vonk), Bouhassani (PvdA), Kabamba (Lijst Kabamba), Van der Veen (GroenLinks) en Aslami (D66) inzake geen uitzetting voor kinderen die Amsterdam hun thuis noemen; 9. Motie 438 van de leden Kabamba (Lijst Kabamba), Khan (DENK), Krom (PvdD) en Aslami (D66) inzake videoproject ter bevordering van empathie jegens vluchtelingen. 1.

Motie 288 inzake barmhartig Amsterdam: pal staan voor humaan asielbeleid In deze motie wordt het college verzocht om 1.1 Namens Amsterdammers te blijven pleiten voor menswaardige opvang en humaan asielbeleid bij de landelijke regering; en 1.2 Om samen met andere gemeenten binnen de VNG: - De spreidingswet te blijven ondersteunen; - Te blijven aandringen bij het COA en het ministerie voor minimumeisen aan asielopvang; - Statushouders, in Amsterdam vanuit het programma Huisvesting Kwetsbare Personen, voorrang op sociale huurwoningen te blijven geven; - De landelijke uitrol van de LVV en daarmee de opvang van mensen die ongedocumenteerd zijn te blijven bepleiten; - Niet mee te werken aan maatregelen die voor deze groep mensen tot dakloosheid of strafbaarstelling kan leiden. Ad 1.1. Pleiten voor menswaardige opvang en humaan asielbeleid bij de landelijke regering Het college bepleit bij voortduring – bij iedere gelegenheid die zich hiertoe voordoet – menswaardige opvang en humaan asielbeleid. Dat zal het college ook doen in de aanloop naar de volgende verkiezingen. Het college stelt vast dat de maatregelen die het Rijk heeft genomen, of voornemens is te nemen, ten aanzien van vluchtelingen en ongedocumenteerden vrijwel zonder uitzondering juist indruisen tegen menswaardigheid en humaniteit.

Dit is onderwerp van gesprek in de Tijdelijke Commissie Asiel en Migratie (TCAM) van de Vereniging Nederlandse Gemeenten (VNG), waarin wethouder Groot Wassink zitting heeft. In de TCAM is door gemeentelijke bestuurders met verschillende politieke achtergronden vastgesteld dat de maatregelen op het gebied van vluchtelingen en ongedocumenteerden die het Rijk wil nemen contraproductief zijn en eerder bijdragen aan problemen dan dat zij ze oplossen. De gevolgen hiervan zijn toenemende onuitvoerbaarheid van het beleid en groeiende onzekerheid en onrust bij de mensen om wie het gaat: de vluchtelingen en ongedocumenteerden. Uiteindelijk gaan we dat in onze steden en gemeenten voelen. Dit is bijvoorbeeld uiteengezet in het manifest ‘De Schaduwzijde van Hoop, Lef en Trots’ dat door een delegatie van de TCAM op 1 april jl. aan de Tweede Kamer is aangeboden.

Een routebeschrijving vindt u op amsterdam.nl

Gemeente Amsterdam, raadsinformatiebrief

Datum 5 juni 2025 Pagina 3 van 14

Ad 1.2. Met gelijkgezinde gemeenten hierin op te trekken Uiteraard trekken wij ook buiten de VNG op met gelijkgezinde gemeenten. Dat betreft soms de G4, maar kan afhankelijk van het onderwerp ook met andere gemeenten gebeuren. Zo zijn er, om een paar voorbeelden te noemen, lobby-brieven aan de Tweede Kamer namens de G4 gestuurd over een betaalbaar inburgeringsstelsel en over knelpunten met betrekking tot de opvang van Oekraïense ontheemden. In reactie op het wetsvoorstel van de demissionaire minister van Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening heeft Amsterdam een zienswijze ingestuurd die medeondertekend is door dertien gemeenten uit het hele land. In het kader van de Landelijke Vreemdelingen Voorziening (LVV) die door het Rijk is afgeschaft, trekt de gemeente op met de LVV-steden Groningen, Utrecht en Eindhoven die net als Amsterdam noodgedwongen opvang blijven bieden aan ongedocumenteerden. In gezamenlijkheid worden met het Rijk gesprekken gevoerd over de samenwerking met de Rijkspartijen. Vanwege het ontbreken van een juridische basis is het niet mogelijk om analoog aan de afspraken in de LVV met de Rijkspartijen samen te werken. Het college zal de ontwikkelingen en voorgenomen wet- en regelgeving scherp blijven volgen om menswaardige opvang en een humaan asielbeleid te behouden en beschermen.

Hierbij zal geen gelegenheid onbenut worden gelaten om, met de VNG of anderszins, aandacht te vragen voor de uitvoerbaarheid en menselijkheid van het beleid. 2. Motie 366 inzake het versterken van maatschappelijke verbinding en ondersteuning van vluchtelingen en ongedocumenteerden . In deze motie wordt het college gevraagd om: 2.1 Te faciliteren dat een brede bijeenkomst wordt georganiseerd, met een gemêleerd gezelschap van bewoners, maatschappelijke organisaties, vluchtelingen, ongedocumenteerden en (lokale) bedrijven om antwoorden en oplossingen te vinden voor vragen als: o Hoe kan in én tussen buurten de sociale cohesie worden bevorderd met als doel het verbinden en ondersteunen van kwetsbare groepen, zoals vluchtelingen en ongedocumenteerden; o Wat is er nodig om bewoners- en particuliere initiatieven te laten floreren zodat zij zich gestimuleerd en ondersteund voelen om verbindingen te leggen tussen verschillende groepen in de stad, zonder dat dit van bovenaf wordt ingevuld; o Op welke manier kunnen fondsen en (lokale) bedrijven met hun netwerk een rol hierin spelen; 2.2 Actief een boodschap van gastvrijheid en inclusie uit te dragen bij de opvanglocaties van vluchtelingen en ongedocumenteerden in Amsterdam; 2.3 De raad van de voortgang op de hoogte te houden. Ad 2.1.

Het faciliteren van een brede bijeenkomst met een gemêleerd gezelschap De gemeente Amsterdam zet zich op diverse manieren in om de verbinding in de stad tussen gemeente, maatschappelijk middenveld en Amsterdammers te vergroten. Voor vluchtelingen en

Een routebeschrijving vindt u op amsterdam.nl

Gemeente Amsterdam, raadsinformatiebrief

Datum 5 juni 2025 Pagina 4 van 14

ongedocumenteerden volgt de gemeente hierbij een aantal sporen. We ondersteunen en maken deel uit van het Netwerk Nieuwkomers Amsterdam (NNA). Dit is een open netwerk dat bestaat uit een brede coalitie van organisaties die zich inzetten voor nieuwkomers in Amsterdam om volwaardig mee te kunnen doen in de samenleving. Het NNA heeft als doel om als veld nog beter aan te sluiten op de behoeften van nieuwe Amsterdammers, kennis en ervaring te bundelen, slimmer samen te werken met de gemeente, beter te signaleren wanneer er gaten in het systeem vallen, en met elkaar gezamenlijke lobby te voeren. Op 28 november 2024 organiseerde de gemeente Amsterdam een netwerkevent met een gemêleerd gezelschap uit de stad. Hierbij waren ervaringsdeskundige vluchtelingen, ontheemden uit Oekraïne en ongedocumenteerden uitgenodigd om te vertellen over hun ervaringen als nieuwkomers in Amsterdam. In een aantal werksessies is daarna dieper ingegaan op de thema’s die aansluiten op het verbinden en ondersteunen van nieuwkomers en andere Amsterdammers, de samenwerking tussen formeel en informeel aanbod en de mogelijkheden om met name asielzoekers naar werk te begeleiden. Het college heeft positieve reacties ontvangen op het netwerkevent van november vorig jaar. Daarom wordt momenteel onderzocht of er binnen het veld behoefte is aan een vervolg op dit event in het huidige jaar.

Dit vervolg zou kunnen bijdragen aan het versterken van samenwerking en het delen van kennis en ervaringen tussen betrokken partijen. Zodra er meer duidelijkheid is over de behoefte en mogelijkheden, zal dit ook met de raad worden gedeeld. Binnen de aanpak ongedocumenteerden wordt nauw samengewerkt met vermogensfondsen. In samenwerking met fondsen worden duizenden kwetsbare ongedocumenteerden in de stad geholpen met voedselnoodhulp. Momenteel wordt er gezamenlijk gewerkt aan een plan om deze informele initiatieven te versterken, zodat zij de ongedocumenteerden kunnen helpen bij de bevordering van hun zelfredzaamheid. Ad 2.2. Actief een boodschap van gastvrijheid en inclusie uit te dragen bij de opvanglocaties van vluchtelingen en ongedocumenteerden in Amsterdam Het college vindt gastvrijheid en inclusie belangrijke waarden in de context van de opvang van vluchtelingen en ongedocumenteerden in onze stad. In het beleidskader ‘Amsterdamse inzet voor vluchtelingen en ongedocumenteerden’ dat uw raad op 10 oktober 2024 heeft vastgesteld, is deze visie als volgt beschreven: “Amsterdam, als stad van migratie, staat voor diversiteit en wil vluchtelingen en ongedocumenteerden niet alleen een tijdelijk onderkomen bieden, maar ook kansen geven om volwaardig inwoner te zijn van onze stad.

We doen dit tegen de achtergrond van schaarste aan woningen, druk op voorzieningen waaronder de zorg en het onderwijs en een bredere taak ten opzichte van opvang en huisvesting van kwetsbare groepen. Het college ambieert een omgeving te creëren waarin iedereen zich, ongeacht achtergrond of status, al dan niet tijdelijk, thuis kan voelen, mee kan doen en kan bijdragen als Amsterdammer. Amsterdam streeft naar verbinding tussen alle Amsterdammers door middel van samenwerking met formele en informele initiatieven en met oog voor de

Een routebeschrijving vindt u op amsterdam.nl

Gemeente Amsterdam, raadsinformatiebrief

Datum 5 juni 2025 Pagina 5 van 14

directe omgeving. Dit vraagt om communicatie, begrip en gedeelde verantwoordelijkheid van alle betrokkenen en het behouden van een menselijke benadering in alle acties.” In de opvanglocaties voor vluchtelingen en ongedocumenteerden in Amsterdam geldt, net als in de rest van de samenleving, het naleven van het gelijkheidsbeginsel in de Grondwet. Hierop worden bewoners van de diverse opvanglocaties geattendeerd, en dit maakt onderdeel uit van de huisregels. Daarnaast werken de gemeente, het COA en de zorgaanbieders op de 24uursopvanglocaties voor ongedocumenteerden samen aan het ontsluiten van de diverse Amsterdamse netwerken voor subdoelgroepen, zoals lhbtiq+-bewoners van onze opvanglocaties. Ook toegang tot activiteiten met en in de buurt is onderdeel van de inzet van de gemeente op dit terrein. Het gaat dan bijvoorbeeld om vrijwilligerswerk dat plaatsvindt door buurtbewoners voor bewoners van opvanglocaties. Ook hebben bewoners van onze opvanglocaties de mogelijkheid om zich via vrijwilligerswerk juist in te zetten voor hun buurt om zo hun buurtgenoten, de buurt en Amsterdam te leren kennen. Ad 2.3. De raad informeren over voortgang De voortgang van de uitvoering van het beleidskader 'Amsterdamse inzet voor vluchtelingen en ongedocumenteerden' zal jaarlijks met uw raad worden gedeeld, waarbij de eerste rapportage in de tweede helft van dit jaar plaatsvindt.

Dit biedt de raad de mogelijkheid om de ontwikkelingen en resultaten van de verschillende projecten binnen het beleidskader te volgen.

3. Motie 367 inzake samenwerken aan humane opvang In deze motie wordt het college verzocht in kaart te brengen wat de mogelijkheden zijn om met andere partijen samen te werken voor het beheer van opvanglocaties. Het college geeft als volgt uitvoering aan deze motie. Uit het dictum van deze motie komt naar voren dat de motie gericht is op opvanglocaties voor asielzoekers en statushouders. Deze worden in Amsterdam tot nu toe altijd beheerd door het COA. Verondersteld wordt dat bewoners als met andere partijen zou worden samengewerkt meer regie hebben over het beheer van hun woonomgeving, zij geen deel van hun verworven inkomen weer moeten afstaan aan de beheerder van hun opvanglocatie en kleinschalige opvang vaker mogelijk is, wat voordelen oplevert in termen van kwaliteit en leefomstandigheden. Het college staat in beginsel voor deze mogelijkheid open, als de gelegenheid zich zou aandienen. Het is dan wel van belang dat de taken, rollen en verantwoordelijkheden voor wat betreft plaatsing, opvang en begeleiding heel helder vastgesteld zijn. Op dit moment spelen er op dit vlak nog wel belangrijke dilemma’s waar het (inmiddels demissionaire) kabinet geen duidelijkheid over heeft gegeven. Financiële onzekerheid speelt ook hierbij een grote rol. Overigens stelt het college vast dat de samenwerking met het COA in Amsterdam over het algemeen naar volle tevredenheid loopt.

Ook binnen die samenwerking werken we gezamenlijk

Een routebeschrijving vindt u op amsterdam.nl

Gemeente Amsterdam, raadsinformatiebrief

Datum 5 juni 2025 Pagina 6 van 14

aan zoveel mogelijk zelfredzaamheid van bewoners van opvanglocaties en een prettig woon- en leefklimaat. 4. Motie 369 inzake doorlopend onderwijs voor ex-ama’s In deze motie wordt het college gevraagd om in te zetten op het faciliteren van toegang tot onderwijs en beroepsopleidingen voor ex-ama's met inbegrip van bijscholing, leerwerktrajecten en beroepskeuzebegeleiding. Het college geeft als volgt uitvoering aan deze motie. Asielzoekers die rechtmatig in Nederland verblijven en statushouders hebben recht op onderwijs en mogen een opleiding volgen. Dat geldt dus ook voor voormalig ama's (inmiddels amv – alleenstaande, minderjarige vreemdelingen). Amv's volgen een middelbaar schooltraject in een internationale schakelklas (ISK). Dit traject duurt maximaal twee jaar. Ook als amv's achttien jaar worden en daarmee ex-amv zijn, hebben zij recht op onderwijs. Ook zijn zij nog kwalificatieplichtig indien zij geen diploma hebben. Zij kunnen na het ISK-traject naar een beroepsopleiding of andere vervolgopleidingen. Deze vervolgopleidingen worden meestal in het Nederlands gegeven. Dat maakt de doorstroom voor ex-amv's vaak moeilijk. Daarom zijn er voor jongeren die na het ISK-onderwijs nog niet naar een reguliere mbo-opleiding kunnen, in Amsterdam een aantal andere trajecten beschikbaar.

Bijvoorbeeld pre-entree als de jongeren vanwege het Nederlandse taalniveau nog niet naar een mbo-opleiding kunnen. Ook is er een praktijkgericht maatwerktraject voor jongeren voor wie begeleiding naar passend werk heel waarschijnlijk de vervolgstap is. Het college herkent een aantal praktische belemmeringen in het onderwijs voor ex-amv's waar we interventies op inzetten. Zodra de jongeren achttien jaar worden en zij zich nog in de asielprocedure bevinden, verhuizen zij van een amv-opvanglocatie van COA naar een reguliere COA-opvanglocatie. In Amsterdam kunnen de jongeren die ingestroomd zijn in een internationale schakelklas (ISK) voor hun achttiende jaar, de volle twee jaar ISK-onderwijs afmaken. Ook hebben gemeente Amsterdam en COA in de samenwerkingsovereenkomst afgesproken dat het COA zich inspant om deze jongeren daarom in een Amsterdamse COA-locatie te plaatsen. Hierdoor kunnen zij op dezelfde school blijven en hun net opgebouwde netwerk behouden. In de praktijk valt op dat het taalniveau van de jongeren een obstakel vormt om door te kunnen stromen naar vervolgonderwijs, ook na twee jaar onderwijs in een ISK. Hierop is een aantal trajecten gericht, zoals de hierboven genoemde pre-entree en het ISK-maatwerktraject, evenals de mbo-plus taalroute. 5.

Motie 379 v inzake het onderzoeken van de juridische mogelijkheden om de landelijke overheid te dwingen rekening te houden met de menswaardigheid van vluchtelingen en ongedocumenteerden In deze motie wordt het college verzocht te onderzoeken welke juridische mogelijkheden er zijn om de landelijke overheid te dwingen om zich te houden aan de basale universele mensenrechten en de Europese wetgeving, zodat de menswaardigheid van vluchtelingen en ongedocumenteerden kunnen worden behouden.

Een routebeschrijving vindt u op amsterdam.nl

Gemeente Amsterdam, raadsinformatiebrief

Datum 5 juni 2025 Pagina 7 van 14

Het college geeft als volgt uitvoering aan deze motie. In de tekst van de motie wordt uitdrukkelijk gerefereerd aan de positie van ongedocumenteerden, nu het (inmiddels demissionaire) kabinet heeft besloten de LVV niet langer te financieren of ondersteunen. Tegen de beëindiging van de LVV hebben landelijk circa 500 ongedocumenteerden bezwaar gemaakt bij demissionair minister Faber. In honderden zaken zijn voorlopige voorzieningen toegekend door verschillende rechtbanken, tot het Rijk op de bezwaren heeft beslist. In Amsterdam gaat het om een groep van 254 bezwaarmakers en voor 125 personen is een voorlopige voorziening toegewezen eind december 2024. Het Rijk is de gemeente voor deze specifieke groep 70 euro per dag verschuldigd voor de opvang. De andere 129 bezwaarmakers vallen volgens het Rijk niet onder de reikwijdte van de uitspraak van de voorzieningenrechter in het kader van de voorlopige voorziening. Aan deze groep wordt zonder vergoeding van het Rijk opvang geboden door de gemeente Amsterdam in de opvang ongedocumenteerden. Inmiddels zijn er maanden verstreken sinds de bezwaren zijn ingediend, maar is er nog geen beslissing op bezwaar. De inhoudelijke procedure van de totale groep bezwaarmakers richt zich op de verantwoordelijkheid van de minister om opvang te bieden.

Een belangrijke juridische ontwikkeling is het Changu-arrest van het Hof van Justitie van de Europese Unie. Het Hof oordeelde op 12 september 2024 dat een vreemdeling die na de afwijzing van zijn verblijfsaanvraag niet spoedig wordt uitgezet, schriftelijk hierover geïnformeerd moet worden. Bovendien mag een EU-lidstaat de betrokkene niet in een situatie van verregaande materiële deprivatie laten terechtkomen, aangezien dit in strijd is met artikel 4 van het EU-Handvest, dat een verbod op onmenselijke of vernederende behandeling waarborgt. Lidstaten moeten er daarom voor zorgen dat mensen altijd kunnen voorzien in hun meest essentiële behoeften, zoals voedsel, hygiëne en onderdak. Volgens de advocaat die in Amsterdam en andere steden bezwaar tegen de beëindiging van de LVV heeft gemaakt, handelt de minister in strijd met het verbod van vernederende en onmenselijke behandeling, zoals ook vastgelegd in artikel 3 van het EVRM. De advocaat benadrukt dat het Europese recht een leidende rol speelt bij de bescherming van fundamentele mensenrechten. Het Europees Sociaal Handvest verplicht lidstaten om in noodsituaties elementaire levensvoorzieningen te bieden aan iedereen, ongeacht hun verblijfsstatus.

Het Europees Comité voor Sociale Rechten heeft in eerdere uitspraken bevestigd dat deze verplichting direct toepasbaar is in lidstaten, zolang er geen nationale regeling wordt gehanteerd die hierin voorziet. Hoewel Nederland buitenwettelijke constructies zoals de LVV en eerder de Bed-BadBrood-regeling heeft opgezet om aan deze verplichting te voldoen, stelt de advocaat dat het schrappen van deze voorzieningen zou leiden tot een schending van het Europees recht. Parallel aan bovengenoemde bezwaarzaken vond er op 15 april 2025 een belangrijke bestuursrechtelijke procedure plaats bij de rechtbank Amsterdam. Deze groep ongedocumenteerden had ruim voor de formele beëindiging van de LVV bezwaar gemaakt. Deze zaak was door de zelfde advocaat aangespannen. Op 26 mei 2025 jl. heeft de rechtbank het beroep van de ongedocumenteerden gegrond verklaard. De rechtbank heeft vastgesteld dat de minister een zorgplicht heeft voor ongedocumenteerden en verantwoordelijk is voor de opvang van ongedocumenteerden. Het Changu-arrest en de Terugkeerrichtlijn vormen het toetsingskader voor de LVV-voorziening. De rechtbank volgt daarin

Een routebeschrijving vindt u op amsterdam.nl

Gemeente Amsterdam, raadsinformatiebrief

Datum 5 juni 2025 Pagina 8 van 14

ook het betoog dat de gemeente heeft gevoerd bij de zitting. De gemeente had zich in die zitting gevoegd als belangstellende partij en aangevoerd dat de minister de LVV niet eenzijdig had mogen stopzetten, omdat zij verantwoordelijk is voor de opvang van ongedocumenteerden. De minister dient de huidige opvang van deze 28 ongedocumenteerden te continueren en te betalen. Dit is een fundamentele uitspraak voor zowel de betrokkenen als voor de gemeente, aangezien de uitspraak ook invloed heeft op de manier waarop toekomstige beëindigingen van LVV-deelnames zouden moeten worden behandeld en geëvalueerd. De minister heeft de mogelijkheid om in hoger beroep te gaan tegen deze uitspraak. De komende tijd zal moeten worden afgewacht hoe dit zich verder ontwikkelt. De raad wordt uiteraard geïnformeerd zodra er relevante ontwikkelingen zijn.

6.

Motie 380 inzake geen sprake van asielcrisis

In deze motie wordt het college verzocht om: 6.1. Het standpunt van de Raad dat er géén sprake is van een asielcrisis in Amsterdam over te nemen en uit te dragen richting het kabinet; en 6.2. Te onderzoeken of andere gemeenten in het land, bijvoorbeeld in G4-verband en de VNG, eveneens bereid zijn om uit te spreken dat er géén sprake is van een asielcrisis binnen hun gemeente, zodat de druk op de publieke voorzieningen niet kan worden misbruikt ter onderbouwing van de nog uit te roepen asielcrisis door het kabinet. Ad 6.1. Overnemen en uitdragen standpunt van de Raad dat er géén sprake is van een asielcrisis Het college neemt het standpunt van de raad over dat er géén sprake is van een asielcrisis in Amsterdam. Overigens is het college ook van mening dat er geen sprake is van een asielcrisis in de rest van Nederland. De opgave om asielzoekers op een goede manier op te vangen en te begeleiden en ondersteunen is fors. Als alle gemeenten hierin hun evenredige deel nemen, zoals beoogd in de Spreidingswet, én het COA voldoende budget houdt, is dit echter goed te doen. Ad 6.2. Te onderzoeken of andere gemeenten in het land eveneens bereid zijn om uit te spreken dat er géén sprake is van een asielcrisis binnen hun gemeente Dit standpunt wordt breed gedragen in de VNG.

Zoals hierboven uiteengezet in reactie op motie 288 inzake barmhartig Amsterdam: pal staan voor humaan asielbeleid, is in de Tijdelijke Commissie Asiel en Migratie van de VNG door gemeentelijke bestuurders met verschillende politieke achtergronden vastgesteld dat de maatregelen op het gebied van vluchtelingen en ongedocumenteerden die het Rijk wil nemen, contraproductief zijn en eerder bijdragen aan de huidige problemen dan dat zij ze oplossen. Dit is uiteengezet in het manifest ‘De Schaduwzijde van Hoop, Lef en Trots’ dat door een delegatie van de TCAM op 1 april jl. aan de Tweede Kamer is aangeboden. 7. Motie 398 inzake verbind AZC’s met de buurt: Plan Einstein

Een routebeschrijving vindt u op amsterdam.nl

Gemeente Amsterdam, raadsinformatiebrief

Datum 5 juni 2025 Pagina 9 van 14

In deze motie wordt het college verzocht om: - Bij nieuw te openen COA-opvanglocaties een pilot te starten in de geest van het model van Plan Einstein; en - Samenwerking te zoeken met lokale organisaties, onderwijsinstellingen en het bedrijfsleven om zo dit project op te zetten. Het college geeft als volgt uitvoering aan de twee verzoeken in deze motie. Plan Einstein is een project dat op twee azc-locaties in Utrecht uitgevoerd wordt. Het maakt ruimte voor ontmoeting en ontwikkeling bij en tussen bewoners van een azc en de omliggende buurten. Het biedt fysieke ruimte om met elkaar cursussen of trainingen te volgen of activiteiten te doen. Het college vindt het belangrijk dat Amsterdamse azc’s en haar bewoners in contact staan met de omliggende buurt. De bewoners van opvanglocaties zijn ook bewoners van Amsterdam (tijdelijk dan wel permanent) en daarmee in interactie met andere Amsterdammers. Zij hebben ook vaak de wens om de regie op het eigen leven op te pakken. De gemeente Amsterdam trekt daarom samen met het COA op met als doel dat azc-bewoners zo snel mogelijk integreren en participeren in de Amsterdamse samenleving. Voorafgaand aan de opening van een nieuw azc staan gemeente Amsterdam en de beoogde locatiemanager van het COA al in nauw contact.

Hierbij is het ontsluiten van het Amsterdamse netwerk op het gebied van meedoen, sport en activiteiten in de buurt en in de stad een belangrijk onderdeel. Hierbij wordt gedacht aan het aanbod in de Amsterdamse sociale basis, bedoeld voor alle Amsterdammers, maar ook aan initiatieven die zich specifieker richten op nieuwkomers in onze stad. Een werkzaam element uit Plan Einstein dat de gemeente Amsterdam verder onderzoekt om toe te passen, is het bieden van activiteiten gericht op vaardigheden die algemeen bruikbaar zijn. Dat kunnen activiteiten zijn die toegankelijk zijn voor azc-bewoners met hun toekomst in Nederland of Amsterdam, maar ook voor bewoners uit de buurt of azc-bewoners die een kansarme asielaanvraag hebben. Onderdeel van Plan Einstein is ook het azc een fysieke locatie te laten zijn waar buurtbewoners en azc-bewoners gezamenlijk en vanuit gelijkwaardigheid kunnen deelnemen aan activiteiten. De realisatie van een koffiezaak in azc Kabelweg in samenwerking met Refugee Company waar bewoners van het azc en andere Amsterdammers elkaar kunnen ontmoeten, is daar een voorbeeld van. 8.

Motie 387 inzake geen uitzetting voor kinderen die Amsterdam hun thuis noemen In deze motie wordt het college verzocht: • Bij het kabinet, in VNG-verband, te pleiten: o Voor een verblijfsregeling voor gewortelde kinderen, omdat ze, door de tijdsduur die verblijfsprocedures in beslag nemen, langer dan 5 jaar in Nederland zijn. o Voor een duurzame oplossing waarin het belang van het kind centraal staat volgens Artikel 2 van het VN-Kinderrechtenverdrag;

Een routebeschrijving vindt u op amsterdam.nl

Gemeente Amsterdam, raadsinformatiebrief

•

Datum 5 juni 2025 Pagina 10 van 14

De raad te informeren welke stappen het college neemt om uitzetting van gewortelde kinderen te voorkomen.

Het college geeft als volgt uitvoering aan de twee verzoeken in deze motie. Het college van Amsterdam benadrukt dat de bevoegdheid en verantwoordelijkheid met betrekking tot de toepassing van de regels binnen het vreemdelingen- en sociale beleid niet bij de gemeente ligt, maar bij het kabinet en de verantwoordelijke ministeries. Het college van Amsterdam ziet deze kinderen als Amsterdamse kinderen, want zij wonen immers in Amsterdam. In Amsterdam zien we veel kinderen die hier geboren en getogen zijn. Vaak hebben zij of hun ouder(s) verschillende aanvragen voor een verblijfsvergunning doorlopen. Deze aanvragen worden in eerste instantie afgewezen. De IND is van mening dat deze kinderen terug kunnen naar het land van herkomst. Echter, deze kinderen zijn nooit in het land van herkomst geweest. Er is dan geen sprake van terugkeer. De landen van herkomst zijn hen volkomen vreemd. Als gemeente hebben we een zorgplicht voor de inwoners. Het gaat hier om gewortelde kinderen, zelfstandige jongeren die willen (of al) studeren en werken. Op deze manier dragen zij ook bij aan de samenleving. Een verblijfsvergunning stelt hen in staat om hun leven in Nederland, waar zij zijn geboren en opgegroeid, verder op te bouwen.

Vooralsnog zijn er naar aanleiding van de adviezen van de Commissie van Zwol geen beleidswijzigingen geweest waarmee de situatie van ongedocumenteerden kinderen in Nederland is verbeterd. Met het wegvallen van de discretionaire bevoegdheid van de verantwoordelijke bewindspersoon is tegelijk een belangrijk middel verdwenen om in bijzondere gevallen een oplossing te vinden als wet- en regelgeving daar geen ruimte toe laten; een regeling die juist voor gewortelde gezinnen en jongeren in het verleden soelaas kon bieden. Ondanks dat deze regeling is te komen vervallen, kan de verantwoordelijke bewindspersoon in dergelijke gevallen een uitzondering maken – echter is het duidelijk dat er geen enkele politieke wil is om dat te doen. We zien dat in de recente negatieve beslissing van de IND inzake de Amsterdamse Mikael. Het college staat en pleit voor duurzame oplossingen voor ongedocumenteerden en benadrukt dit belang in gezamenlijkheid met de VNG en de (ex) LVVgemeenten Groningen, Utrecht en Eindhoven via onder andere lobby. Het Kinderrechtenverdrag geldt voor alle kinderen. Ook ongedocumenteerde kinderen moeten op dezelfde manier als alle andere kinderen in Nederland aanspraak kunnen maken op de in het Kinderrechtenverdrag opgenomen rechten.

Het college van Amsterdam is het niet eens met hoe het huidige (inmiddels demissionaire) kabinet met gewortelde ongedocumenteerde kinderen omgaat. Het demissionaire kabinet is van mening dat deze kinderen terug moeten keren naar het land van herkomst van hun ouders. In de meeste gevallen zijn kinderen op jonge leeftijd naar Nederland komen en soms zelfs geboren, en is het niet realistisch dat deze kinderen naar een land vertrekken waar ze geen binding mee hebben. Daarnaast duren verblijfsprocedures bij de IND erg lang en tijdens deze lange wachttijd raken kinderen nog meer verbonden met Nederland, immers gaan ze bijvoorbeeld net als alle kinderen gewoon naar school. Ondanks de inspanningen van het college in geval van individuele zaken, merken we dat er bij het huidige demissionaire kabinet geen mogelijkheden zijn om in duurzame oplossingen te voorzien voor de schrijnende situaties waarin ongedocumenteerden kinderen in Nederland zich bevinden. Dit gegeven geldt voor de gehele groep ongedocumenteerden. Het Rijk neemt haar verantwoordelijkheid niet voor de schending van basale (Kinder)rechten. Via de juridische weg zouden deze rechten afgedwongen moeten

Een routebeschrijving vindt u op amsterdam.nl

Gemeente Amsterdam, raadsinformatiebrief

Datum 5 juni 2025 Pagina 11 van 14

worden. Het college onderzoekt in gezamenlijkheid met gemeenten en ngo's welke juridische mogelijkheden er zijn en zal de raad hierover informeren. 9. Motie 438 van de leden Kabamba, Khan, Krom en Aslami inzake videoproject ter bevordering van empathie jegens vluchtelingen In deze motie wordt het college verzocht: 1. een videoproject op te zetten waarin persoonlijke verhalen van vluchtelingen en hun ervaringen worden gedeeld; 2. Samen te werken met maatschappelijke organisaties, filmmakers en vluchtelingen om het project professioneel te produceren en breed te verspreiden via gemeentelijke kanalen en sociale media; 3. Binnen zes maanden de raad ter informeren over de voortgang van dit project en de impact ervan op de perceptie van vluchtelingen binnen de stad. Het college geeft als volgt uitvoering aan de drie verzoeken in deze motie. Bij bespreking van de motie in de raad heeft wethouder Groot Wassink aangegeven de motie zo op te vatten dat hij dit bij maatschappelijke partners zou uitzetten, omdat dit geen primaire taak voor de gemeente is. De motie is inmiddels via het Netwerk Nieuwkomers Amsterdam onder de aandacht gebracht en wij wachten af of dit initiatief verder wordt opgepakt.

Toezegging ten aanzien van monitoring, onderzoek en rapportage De raad is toegezegd dat het college na de zomer van 2025 een rapportage zal sturen over de voortgang van de inzet en maatregelen die in het beleidskader zijn geschetst. Vooruitlopend hierop komt het college in deze brief de toezegging na die in het beleidskader is gedaan om uw raad te informeren over de wijze waarop wordt gemonitord of de doelstellingen worden behaald. Sinds 2016 onderzoekt de afdeling Onderzoek en Statistiek (O&S) op basis van zowel landelijk beschikbare data als Amsterdamse informatie hoe het vluchtelingen in Amsterdam vergaat. Tot nu toe hebben zij zich vooral gericht op statushouders: zij vormden de grootste en best te volgen groep (voormalig) vluchtelingen in onze stad. Om het jaar werd daarom door O&S in opdracht van het voormalig Stedelijk Coördinatieteam Asielzoekers en Vluchtelingen (SCAV) de Vluchtelingenmonitor gepubliceerd en gedeeld met de Amsterdamse gemeenteraad. Nu het beleidskader vastgesteld is, biedt dat mogelijkheden om de opdrachten die O&S rondom vluchtelingen doet, een nieuwe vorm te geven. Dit kan ook inzicht geven in de effectiviteit van de inspanningen van de gemeente en eventueel de noodzaak tot bijsturing. Hiertoe zijn drie projecten ingericht.

Project 1: Vluchtelingenmonitor 2.0 Allereerst heeft O&S een vluchtelingenmonitor 2.0 opgesteld die als bijlage bij deze brief is toegevoegd. Hierin zijn de huidige Amsterdamse cijfers in kaart gebracht (tot juli 2023) op basis van het asielcohort in de Microdata van het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS).

Een routebeschrijving vindt u op amsterdam.nl

Gemeente Amsterdam, raadsinformatiebrief

Datum 5 juni 2025 Pagina 12 van 14

Niet alle groepen vluchtelingen zijn even goed in beeld te brengen met de statistieken die in Nederland beschikbaar zijn. Ongedocumenteerden kunnen bijvoorbeeld niet goed in kaart worden gebracht. In de vluchtelingenmonitor 2.0 zijn de drie groepen vluchtelingen die relatief goed in beeld te brengen zijn meegenomen: 1. Oekraïense ontheemden (of; vluchtelingen die worden beschermd onder de Richtlijn Tijdelijke Bescherming voor vluchtelingen uit Oekraïne), 2. Asielzoekers die op COA-locaties verblijven 3. Statushouders Onderwerpen in de Vluchtelingenmonitor - Overzicht ontwikkelingen asielmigratie in Nederland: aantal aanvragen en gezinsherenigingen (naar land van herkomst). - Overzicht woonsituatie en huishoudenssamenstelling, waar mogelijk de verdeling van huisvesting over de stadsdelen. - Gebruik zorgvoorzieningen (o.a. gedeclareerde zorgkosten of jeugdzorg) - Data over voortgang in taalverwerving, behalen inburgeringsexamen(s) en de onderwijsparticipatie van volwassenen en jongeren. - Positie op de arbeidsmarkt en al dan niet ontvangen bijstandsuitkering. De monitor is gebaseerd op de cijfers die afgelopen zomer beschikbaar zijn gemaakt en zien op de periode tot en met juni 2023. Dit zijn de meest recente CBS-cijfers. Daarmee is de relevantie voor de actuele beleidsinzet beperkt en daarom wordt hier ook geen nadere duiding bij gegeven in deze brief.

Zo zijn er inmiddels bijvoorbeeld (veel) meer Oekraïense ontheemden in Amsterdam, zijn er een stuk meer opvanglocaties in de stad en is er langer ervaring opgebouwd met de nieuwe Wet Inburgering. Naar verwachting komen in juli 2025 nieuwe cijfers beschikbaar via het CBS over de periode tot en met juni 2024. In het najaar van 2025 zal op basis van deze gegevens een nieuwe monitor worden gemaakt en gedeeld met de raad. Onze intentie is om deze monitor voortaan jaarlijks te laten uitvoeren. Hoewel er altijd tijdsverloop zal zijn tussen de periode waarover gerapporteerd wordt en de actuele situatie op het moment van rapportage, zal zo in de loop der tijd een duidelijker beeld ontstaan van trendmatige ontwikkelingen die mogelijk kunnen leiden tot bijstelling van beleid. Van belang hierbij is dat in deze monitor voor het eerst ook ontwikkelingen rond Oekraïense ontheemden en asielzoekers in beeld gebracht worden. De huidige monitor is daarmee een startpunt om een beter beeld te krijgen van hoe het vluchtelingen in de loop der jaren in Amsterdam vergaat. Project 2: Mentaal welzijn vluchtelingen Vluchtelingen worden vaak geconfronteerd met unieke en complexe uitdagingen die hun mentale gezondheid en daarmee welzijn beïnvloeden.

Naast het trauma van oorlog, vervolging of gedwongen migratie, hebben zij te maken met onzekerheden rond hun verblijfsstatus en de omstandigheden in opvanglocaties. Deze factoren kunnen leiden tot een verhoogd risico op mentale gezondheidsproblemen, zoals angst, depressie en posttraumatische stressstoornis. Echter, het welzijn van vluchtelingen zal ook zonder ontwikkeling van klinische stoornissen waarschijnlijk afwijken van dat van de gewone populatie.

Een routebeschrijving vindt u op amsterdam.nl

Gemeente Amsterdam, raadsinformatiebrief

Datum 5 juni 2025 Pagina 13 van 14

Vanuit de gemeente Amsterdam worden verschillende instrumenten ingezet om het mentale welzijn en de mentale gesteldheid van vluchtelingen te verbeteren. Een goed voorbeeld is het programma Ondersteuning Mentale Gezondheid dat onlangs aan de raad is gestuurd. Ook van belang zijn de inspanningen die de GGD doet ten behoeve van de mentale gezondheid van statushouders, zoals psychosociale screening, ondersteuning van statushouders bij het vinden en benutten van passende zorg en servicegesprekken met statushouders die aan Amsterdam zijn toegewezen en in afwachting van een woning in een COA-locatie verblijven. Huidige cijfers over het mentale welzijn van de Amsterdamse vluchtelingen zijn er niet of nauwelijks, maar deze zijn ook nog niet systematisch uitgevraagd. Evaluatie van dergelijke instrumenten zonder duidelijk zicht op een uitkomstmaat is dan ook lastig. Daarnaast is gebleken dat er, onafhankelijk van impactevaluatie, ook een algemene behoefte is om in kaart te brengen hoe het welzijn van deze populatie Amsterdammers is. Om deze redenen zal O&S een dataverzameling Mentaal Welzijn Vluchtelingen te starten, waarbij we diepgaande informatie verkrijgen over het mentale welzijn van vluchtelingen en de factoren die hieraan bij en afdragen.

Hoe gaat het nou eigenlijk écht met hen? Inzichten uit dit onderzoek kunnen gebruikt worden om beleid te informeren en zicht te krijgen op huidige knelpunten omtrent mentale gesteldheid van vluchtelingen. Daarnaast kunnen de data ook gebruikt worden om additioneel onderzoek te informeren, bijvoorbeeld door mentaal welzijn als uitkomstmaat te nemen in associatiestudies (is er een effect van type opvanglocatie op mentaal welzijn?). Ten slotte kan dit onderzoek een start (nulmeting) zijn voor het opbouwen van een longitudinaal databestand. Een dergelijk bestand is noodzakelijk om in de toekomst daadwerkelijke effectstudies over beleidsinterventies en instrumentaria uit te voeren. Planning Naar verwachting zal dit onderzoek eind 2025 opgeleverd worden. De raad wordt na oplevering van het onderzoek geïnformeerd. Project 3: Kwaliteit van opvanglocaties van vluchtelingen In de afgelopen jaren is de opvang van asielzoekers en statushouders, Oekraïense ontheemden en ongedocumenteerden een onderwerp van toenemende maatschappelijke en beleidsmatige aandacht geworden. De realisatie en instandhouding van opvangplekken volgens wettelijke taakstellingen, zoals de Spreidingswet, en inspanningsverplichtingen spelen een cruciale rol bij zowel de tijdelijke huisvesting als de langetermijnintegratie van deze groepen.

De wijze waarop deze mensen worden opgevangen, kan bepalend zijn voor hun mentale en fysieke gezondheid, evenals voor hun latere succes op de arbeidsmarkt en in het onderwijs en algehele integratie. Inhoud van het onderzoek - Langetermijneffecten van kenmerken van opvanglocaties op latere succesmaten. Er zal worden gekeken naar opvangkenmerken, denk hierbij bijvoorbeeld aan het aantal personen dat een kamer deelt, de bereikbaarheid van een locatie, de aanwezigheid van leslokalen, maar ook andere voorzieningen zoals toegang tot zelfstandig koken, toegang tot zorg, dagbesteding en activiteiten. Onderzocht wordt wat het effect is dat deze kenmerken mogelijk hebben op latere

Een routebeschrijving vindt u op amsterdam.nl

Gemeente Amsterdam, raadsinformatiebrief

-

Datum 5 juni 2025 Pagina 14 van 14

succesmaten van de bewoners. Onder succesmaten worden aspecten verstaan als onderwijsdeelname, arbeidsparticipatie, afhankelijk zijn van bijstand, maar ook zorggebruik en mentale gezondheid. De beleidsdoelstellingen voor Amsterdam benadrukken het belang van het ontwikkelen van kwalitatief hoogwaardige, langjarige opvanglocaties die de overgang naar onafhankelijkheid en zelfredzaamheid vergemakkelijken. Deze analyse richt zich dan ook op de vraag in hoeverre de inrichting van opvanglocaties en de geboden ondersteuning hierin een rol spelen. Daarnaast wordt er gekeken in hoeverre de effecten van opvangkenmerken variëren op basis van individuele factoren zoals leeftijd, geslacht en land van herkomst. De opvangervaring en de impact daarvan kunnen sterk verschillen per individu. Ook factoren zoals culturele achtergrond en persoonlijke omstandigheden kunnen een rol spelen in de mate waarin mensen baat hebben bij de faciliteiten en de ondersteuning die hun worden geboden.

Planning Naar verwachting zal dit onderzoek in de tweede helft van 2025 opgeleverd worden. De raad wordt na oplevering geïnformeerd.

Met vriendelijke groet, Namens het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Amsterdam,

Rutger Groot Wassink Wethouder Opvang (MO/BW, ongedocumenteerden, vluchtelingen) Bijlagen 1. Vluchtelingenmonitor 2.0

Een routebeschrijving vindt u op amsterdam.nl

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/15987597/1