CConstaterende datAmsterdam
Koppel je AI →
Document · PDF

RIB Afdoening moties horecabeleid26112025.pdf

Raadscommissie Algemene Zaken 15 januari 2026, gemeente AmsterdamBij agendapunt: Kennisnemen van de reactie op de moties die zijn aangenomen bij het vaststellen van het Horecabeleid 2025 op 15 mei 2025 (VN2025-016191)3.611 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Raadsinformatiebrief Afdoening moties

Aan:

Portefeuillehouder(s): Behandeld door

De leden van de gemeenteraad van Amsterdam 26 november 2025 Openbare Orde en Veiligheid, Ruimtelijke Ordening Femke Halsema, Steven van Weyenberg Openbare Orde en Veiligheid, horeca.oov@amsterdam.nl

Onderwerp

Afdoening moties ingediend bij het vaststellen van het Horecabeleid 2025

Datum Portefeuille(s)

Geachte leden van de gemeenteraad, In de vergadering van de gemeenteraad van 15-05-2025 heeft uw raad bij de behandeling van het agendapunt ‘Vaststellen van het Horecabeleid 2025’ een twaalftal moties aangenomen (met de nummers: 110, 121, 122, 129, 130, 137, 138, 145, 146, 147, 151, 152). In deze brief informeren wij u hoe het college uitvoering geeft aan deze moties. We doen dat aan de hand van de volgende thema’s die in de moties aan de orde komen: 1. Contact tussen bewoners en horecaondernemers en de rol van de gemeente 2. Ontheffingen van de sluitingstijden 3. Aandachtspunten bij uitvoering van het beleid (studentenverenigingen, beleidsafdeling) 4. Sociale veiligheid in het uitgaansleven 5. Detailhandel in relatie tot horecabeleid Toelichting stand van zaken invoering horecabeleid Op 15 mei heeft uw raad het Horecabeleid 2025 vastgesteld. Daarin staat opgenomen dat, om het beleid tot uitvoering te kunnen brengen, eerst de regels over horeca aangepast moeten worden. Het gaat om de regels in het Omgevingsplan en de Algemene Plaatselijke Verordening (APV). Het enige onderwerp waarvoor geen aanpassing van regels nodig is, is het afschaffen van het Tropisch Weer Scenario voor terrassen. Dat is op dit moment het enige onderwerp uit het beleid dat is uitgevoerd.

Een ontwerpwijzigingsbesluit van het omgevingsplan en de APV heeft inmiddels ter inzage gelegen, waarbij een ieder in de gelegenheid is gesteld zienswijzen naar voren te brengen. In de loop van 2026 worden de regels, inclusief de beantwoording van de zienswijzen, aan uw raad ter besluitvorming voorgelegd. 1. Moties over het contact tussen bewoners en horecaondernemers en de rol van de gemeente Motie 110 – Horecadynamiek van de leden Von Gerhardt (VVD), Broersen (Volt), Hofland (D66) en Havelaar (CDA). Daarin wordt het college gevraagd: Om net zoals in het programma bouwdynamiek, waarbij de balans gevonden wordt tussen de gewenste ontwikkelingen van het vergroten van woonoppervlakte en anderzijds de negatieve gevolgen van bouwactiviteiten, een toezichthouder per stadsdeel aan te stellen in het

Gemeente Amsterdam, raadsinformatiebrief

Datum 26 november 2025 Pagina 2 van 9

horecadomein, die de balans tussen het exploiteren van horeca en de mogelijke bijkomende overlast verzekert. Het takenpakket van de toezichthouder bevat zoal: - De schakelpersoon tussen horecaondernemers, omwonenden, handhaving en de gemeente; - Expert op het gebied van relevante ontwikkelingen in de buurt; - Gesprekken en relaties onderhouden met/tussen horecaondernemers en omwonenden; - Klachten van omwonenden ontvangen, verwerken en opvolging geven; - Onderlinge onenigheid middels overleg tot juiste oplossingen leiden; - Inzetten van handhaving, in het geval de situatie onhoudbaar wordt. Motie 138 – Samenwerken voor minder overlast van de leden Broersen (Volt), Von Gerhardt (VVD), Hofland (D66), Namane (PvdA) en Havelaar (CDA). Daarin wordt het college gevraagd om: - Te onderzoeken hoe de stadsdelen horecaondernemers zo snel als mogelijk en indien door klagende partij gewenst geanonimiseerd, op de hoogte kunnen brengen van klachten uit de buurt over overlast afkomstig van de desbetreffende horecazaken. - Te onderzoeken of de gemeente indien door klagende partij gewenst, als mediator op kan treden om zo wel snel in actie te komen, maar wel de burger te beschermen van een mogelijke confrontatie. Motie 152 – Samen tegen overlast van de leden Hofland (D66), Schmit (D66), Havelaar (CDA), Broersen (Volt) en Von Gerhardt (VVD).

Daarin wordt het college gevraagd om: - In samenwerking met de Koninklijke Horeca Nederland, BIZ’en en ondernemersverenigingen verkennen hoe ondernemers en bewoners gesteund kunnen worden bij het vinden van onderlinge oplossingen, - Te onderzoeken of er in samenwerking met ondernemers een meldpunt opgezet kan worden waar bewoners zich kunnen melden als ze er samen uit willen komen met ondernemers, - De gebiedsmakelaar een actieve rol geven in de bemiddeling, - De best practices verzamelen en delen, om anderen te inspireren. Motie 146 – Verbeter contact tussen bewoners en ondernemers van de leden Bentoumya (GroenLinks), Namane (PvdA), Havelaar (CDA) en Kabamba (Partij voor Morgen). Daarin wordt het college gevraagd om: 1. Te onderzoeken hoe onder de voorwaarden voor de aanvraag van een exploitatievergunning, een indieningsvereiste rondom buurtcontact opgenomen kan worden. Zowel bij overname of wijziging van een horecavestiging als bij het verlengen van een exploitatievergunning. 2. Het betrekken van een gebiedsmakelaar om te bezien of er meer informele inzet nodig is, standaardpraktijk te maken bij alle nieuwe horeca of waar sprake is van verlengen, overname of wijziging van een horecavestiging. Concrete verzoeken uit deze moties Deze moties roepen op om als gemeente een actieve rol te vervullen in het contact tussen omwonenden van horeca en horeca-ondernemers.

Door inzet van een ‘toezichthouder in het horecadomein per stadsdeel’, het direct doorzenden van de meldingen aan de ondernemers en de

Een routebeschrijving vindt u op amsterdam.nl

Gemeente Amsterdam, raadsinformatiebrief

Datum 26 november 2025 Pagina 3 van 9

inzet van mediation. Tenslotte vraagt motie 146 om in de exploitatievergunning een indieningsvereiste over buurtcontact op te nemen. Belang goed contact in de buurt Het college benadrukt dat het allereerst de verantwoordelijkheid van de horecaondernemer zelf is om in goed contact te staan met de omwonenden. Zodat buurtbewoners de ruimte voelen om horecaondernemers te wijzen op overlast. En de ondernemer daarnaar luistert en handelt. De gemeente hoeft hierbij -idealiter- niet betrokken te worden. Buurtcontact onderdeel in vergunningverleningsproces In veel gevallen werkt het ook zo in de praktijk. Het verplicht stellen van een plan waarin de ondernemer uitlegt op welke wijze deze contact houdt met de buurt, benadrukt deze verantwoordelijkheid. Het college gaat dit daarom toevoegen als verplicht onderdeel in het vergunningverleningsproces. Mediationpool vaker inzetten bij signalen uit de wijk over conflicten Het college ziet ook dat in specifieke gevallen actieve inzet van de gemeente nodig zal blijven wanneer men er onderling niet uitkomt. Toezichthouders, vergunningverleners of gebiedsmakelaars kunnen signalen oppakken en doorgeven en indien nodig de Amsterdamse Mediationpool inschakelen. De Amsterdamse mediationpool is een poule van medewerkers die naast hun reguliere werkzaamheden voor de gemeente Amsterdam ook MfN (Medationfederatie Nederland) geregistreerd mediator zijn.

Het bestaan van de Amsterdamse mediationpool zal actief onder de aandacht gebracht worden bij deze medewerkers. De inzet is er vervolgens op gericht om juridische procedures waar mogelijk te voorkomen, of als die toch worden opgestart om snel, samen met bewoners en ondernemers tot een oplossing in het geschil te komen. Dit in lijn met het programma ‘Rechtvaardig Amsterdam’1. Bemiddeling binnen bestaande processen Binnen de huidige werkwijze wordt er indien nodig in het vergunningentraject voorzien in gesprek tussen omwonenden, ondernemer en gemeente. Bijvoorbeeld bij een aanzienlijk aantal zienswijzen als reactie op een nieuwe vergunningaanvraag. Ook binnen het risicogestuurde toezicht is het voeren van ‘minnelijk overleg' een belangrijk uitgangspunt. Er vindt bij incidentele overlastmeldingen een gesprek plaats waarin de ondernemer wordt gewezen op de ervaren overlast. Het doel van dit gesprek is om de overlast dan wel de overtreding te beëindigen. In dergelijke gesprekken wordt de ondernemer ook gewezen op het belang van goed contact met de omgeving. Bij herhaalde of aanhoudende overlast worden instrumenten ingezet zoals geluidmetingen waarmee de juridische handhaving kan worden opgestart. Doorzenden van meldingen aan ondernemers De wens om meldingen direct (anoniem) door te zenden aan ondernemers, is al langer bekend.

We begrijpen de gedachte hierachter – het lijkt een simpele handeling om dit door te zetten. Helaas past dit op dit moment niet in de scope van de verbeteringen van het algehele meldingensysteem. Mogelijk is dit iets dat in de toekomst als aanpassing doorgevoerd kan 1

Zie de raadsbrief van 8 januari 2025

Een routebeschrijving vindt u op amsterdam.nl

Gemeente Amsterdam, raadsinformatiebrief

Datum 26 november 2025 Pagina 4 van 9

worden. Ondertussen is via de meldingenkaart2 wel algemene info over alle meldingen, waaronder horeca, inzichtelijk op locatieniveau. Ondernemers die graag meldingen ontvangen van buurtbewoners over hun zaak, roepen we op om zelf zoveel mogelijk te doen om het vertrouwen terug te winnen in de buurt zodat zij de meldingen voortaan direct zelf krijgen en snel kunnen oplossen. Conclusie moties contact tussen bewoners en horecaondernemers en de rol van de gemeente Met de beschreven inzet, inclusief de uitbreiding met de verplichting over het buurtcontact, geeft het college uitvoering aan overwegingen die aan deze moties ten grondslag liggen. Hierbij kiezen we ervoor geen aparte functionarissen aan te stellen en de meldingen voorlopig niet door te zenden aan ondernemers. Ieder initiatief vanuit individuele ondernemers of de brancheorganisaties om het contact met de buurt te verbeteren juicht het college toe en zullen we op verzoek ondersteunen. 2. Moties over ontheffingen van de sluitingstijden Motie 121 - verlengde openingstijden fastfood/snackbars nabij uitgaansgebieden van de leden Havelaar (CDA), Kabamba (Partij voor Morgen), Van Schijndel (FvD), Ahmadi (De Vonk) en Van Berkel (JA21).

Daarin wordt het college gevraagd om: • Als uitgangspunt voor het Horecabeleid 2025 op te nemen dat fastfood horeca binnen een straal van 150 meter van een horecagelegenheid in de categorie 'zware horeca uitgaan', die beschikt over een binnenruimte waar gasten kunnen zitten om te eten, verlengde openingstijden krijgt tot één uur na sluitingstijd van deze categorie (dus tot 05.00 uur doordeweeks en 06.00 uur in het weekend). • Dit uitgangspunt als vaste richtlijn mee te geven aan de Dagelijks Besturen van de stadsdelen. Motie 137 - ondernemers met vervroegde sluitingstijden gericht wijzen op ontheffingen van de leden Namane (PvdA), Bentoumya (GroenLinks), Bakker (Partij voor de Dieren) en Havelaar (CDA). Daarin wordt het college gevraagd om: • In kaart te brengen welke horecagelegenheden door het nieuwe beleid en na de vastgestelde uitvoering daarvan in de stadsdelen, te maken krijgen met vervroegde sluitingstijden; •

Hen actief en nadrukkelijk te wijzen op de mogelijkheden voor verlaatjes en de toegang tot de procedure voor maatwerkontheffingen

Volgens het Horecabeleid 2025 worden de sluitingstijden van ‘reguliere horeca’ en ‘reguliere horeca fastfood’ teruggebracht tot 01:00 uur doordeweeks en 02:00 uur in het weekend. Dit gebeurt na het vaststellen van de horecaregels in het omgevingsplan (in 2026) en - voor bestaande ondernemers - een daarin opgenomen overgangstermijn3. In de periode totdat de vervroeging van 2

Zie meldingen.amsterdam.nl/meldingenkaart In het beleid is een termijn van twee jaar voorgesteld. In het ontwerp wijzigingsbesluit van het omgevingsplan, dat tot half oktober 2025 ter inzage heeft gelegen, staat een termijn van drie jaar opgenomen, omdat daarmee beter wordt aangesloten bij andere overgangstermijnen. 3

Een routebeschrijving vindt u op amsterdam.nl

Gemeente Amsterdam, raadsinformatiebrief

Datum 26 november 2025 Pagina 5 van 9

kracht wordt, informeert de gemeente ondernemers over de openingstijden zoals die volgens het omgevingsplan op hun specifieke locatie gaan gelden. En over de mogelijkheden om hiervan af te wijken. Nieuwe ondernemers die na vaststelling van de regels als reguliere horeca gaan exploiteren en direct te maken zullen krijgen met de vroegere sluitingstijden, krijgen bij hun vergunning ook informatie over de ontheffingsmogelijkheden. De tabel hieronder laat al zien welke mogelijkheden voor verruiming van de openingstijden in het beleid staat opgenomen. Horecabeleid 2025

Ontheffingen sluitingstijden incidenteel 5 x per jaar

incidenteel maatwerk12x per jaar ontheffing

Lichte horeca Reguliere horeca Reguliere horeca fastfood Middelzware horeca Zware horeca uitgaan

In het beleid staat dat zaken die onder categorie fastfood vallen, net als zware horeca, de mogelijkheid krijgen tot het aanvragen van een maatwerkontheffing sluitingstijden. Hiervan zijn op voorhand geen eindtijden bepaald. Het is onder andere afhankelijk van de wensen van de ondernemer, de waarborgen die deze biedt en de ervaringen uit het verleden, of en zo ja welke, ruimere eindtijd kan worden toegestaan. Stadsdelen kunnen in uitvoeringsbeleid gebieden aanwijzen waar deze ontheffing niet verleend kan worden. De motie vraagt om fastfoodhoreca gelegen binnen een straal van 150 meter van zware horeca verlengde openingstijden te geven (één uur na sluitingstijd van zware horeca). Het college begrijpt de gedachte van dit verzoek en staat hier ook achter. Wel kiezen we ervoor het initiatief hiertoe bij de fastfoodhoreca zélf neer te leggen. En dit niet op voorhand voor deze horecazaken te regelen. Op deze manier kan het beste maatwerk geleverd worden. Het kan zijn dat de zware horeca ook een ontheffing heeft gekregen en dus langer open kan dan de standaardtijden voor deze categorie. Als het nabijgelegen fastfoodbedrijf dit wil, heeft hij dus ook de mogelijkheid om een sluitingstijd aan te vragen die later is dan de in de motie genoemde tijden. Er kan dan per geval beoordeeld worden of dit aanvaardbaar is op deze locatie.

Het uitgangspunt van deze motie verwerkt het college in de stedelijke beleidsregel over de maatwerkontheffing. Hierin komt te staan dat fastfoodhoreca binnen een straal van 150 meter van zware horeca de ontheffing in principe kan krijgen, mits er geen zwaarwegende argumenten zijn om dit niet toe te staan. Hierbij geldt wel dat er altijd getoetst zal worden of de ruimere tijd aanvaardbaar is op de specifieke locatie. Als de zaak gelegen is in een gebied dat door het stadsdeel is aangewezen als gebied waar geen ontheffingen verleend kunnen worden, betekent dit dat deze daar niet verleend kan worden. Motie 129 - Verlaatjes van het lid Von Gerhardt (VVD). Daarin wordt het college verzocht - Een onderzoek te doen naar de mogelijkheid om de incidentele ontheffing voor openingstijden te regelen middels het Rotterdamse systeem, waarbij:

Een routebeschrijving vindt u op amsterdam.nl

Gemeente Amsterdam, raadsinformatiebrief

Datum 26 november 2025 Pagina 6 van 9

o

-

Ondernemers een kraskaart kunnen aanschaffen voor twaalf ontheffingen per kalenderjaar; o De ondernemers op de dag zelf, voor 22.00 uur, een incidentele ontheffing mogen activeren; o Duidelijke voorwaarden vastgesteld worden, om overlast te voorkomen en bij geconstateerde overlast te handhaven; o Geen onderscheid gemaakt wordt in horeca categorieën. Een jaar na de implementatie van het nieuwe Horecabeleid in nauwe samenwerking met de horecabranche te evalueren of het huidige systeem van verlaatjes afdoende is gebleken of dat extra aanvulling naar het Rotterdams systeem wenselijk is en de terugkoppeling hiervan te delen met de raad;

Deze motie ziet op de reguliere ontheffingsmogelijkheid om 5 of 12 keer per jaar later open te zijn. Het college onderzoekt momenteel of de Rotterdamse werkwijze in Amsterdam ingevoerd zou kunnen worden en onder welke voorwaarden. De motie vraagt het college om de raad een jaar na implementatie van het nieuwe beleid te informeren over de werkwijze met de verlaatjes. Het beleid wordt geïmplementeerd op het moment dat de nieuwe horecaregels in het omgevingsplan en de Algemene Plaatselijke Verordening zijn opgenomen. Een jaar daarna, dus in de loop van 2027, zal het college de raad daarom nader informeren over de ervaringen met de verlaatjes en de (on)wenselijkheid van de Rotterdamse systeem. 3. Moties over aandachtspunten bij uitvoering van het beleid (studentenverenigingen, beleidsafdeling, nachtcultuur) Motie 130 - Ondersteuning studentenverenigingen van de leden Von Gerhardt (VVD), Broersen (Volt) en Hofland (D66). Daarin wordt het college gevraagd om: - Een bijeenkomst te organiseren met vertegenwoordigers van Amsterdamse studentenverenigingen, waarin zij de gelegenheid krijgen vragen te stellen en zorgen te uiten met betrekking tot hun nieuwe categorisering; - Amsterdamse studentenverenigingen, waar nodig, actief te ondersteunen en hulp te bieden bij het aanvragen van vergunningen en/of ontheffingen.

Binnen de bestaande overleggen met studentenverenigingen zal aandacht zijn voor het horecabeleid, dat voor studentenverenigingen (met of zonder een sociëteit) vrijwel niet tot wijzigingen leidt. Motie 122 - Rechtsbescherming ondernemers van de leden Havelaar (CDA) en Ahmadi (De Vonk). Daarin wordt het college gevraagd: - Om bij twijfelgevallen over de toepassing van het horecabeleid, waarin redelijke twijfel bestaat over de bedoeling van de regel, een beleidsduiding mogelijk te maken op verzoek van handhaver, horecaondernemer, burger of bezwaarjuristen;

Een routebeschrijving vindt u op amsterdam.nl

Gemeente Amsterdam, raadsinformatiebrief

-

-

Datum 26 november 2025 Pagina 7 van 9

De beleidsafdeling die verantwoordelijk was voor het opstellen van het beleid een schriftelijke toelichting te laten geven op de achterliggende beleidsintentie van de specifieke casus; Jaarlijks de meest voorkomende onduidelijkheden in het horecabeleid te verzamelen en deze mee te nemen in een volgende versie van het beleid.

Binnen het reguliere werkproces is uitwisseling tussen de beleidsafdeling en de uitvoerende afdelingen gebruikelijk, zeker als het gaat om twijfel over de bedoeling van het beleid. Bij de implementatie van het nieuwe beleid bij de uitvoeringsdirectie Vergunningen, Toezicht en Handhaving zijn de directies Openbare Orde en Veiligheid en Ruimte en Duurzaamheid nauw betrokken, waardoor en gezorgd wordt voor uitleg over de intenties van het beleid. In lijn met deze motie kijken we als onderdeel van de monitoring van het beleid specifiek naar onduidelijkheden, om na te gaan of een actualisering nodig is. Motie 145 - Ruimte voor creativiteit en expressie in de nacht van de leden Bentoumya en Van der Veen (GroenLinks), Von Gerhardt (VVD), Kabamba (Partij voor Morgen) en Ahmadi (De Vonk). Daarin wordt het college gevraagd om: •

•

•

Maatwerk toe te passen bij het indelen van nachtelijke creatieve horecaconcepten en (broed)plaatsen in de zwaartecategorieën en in het Omgevingsplan hier rekening mee te houden; Nachtcultuur als geheel en huidige plekken voor nachtcultuur bij de uitwerking en de omzetting naar de nieuwe ruimtelijke categorieën conform het nieuwe horecabeleid te beschermen en waar nodig maatwerk toe te passen; Hierbij de belangen en behoeften van bewoners mee te wegen, zoals die worden gemeten in het draagvlakonderzoek vanuit de Uitvoeringsagenda Nachtcultuur 2023-2026;

De komende jaren (tot aan 2032) werkt de gemeente aan de omzetting van bestemmingsplannen naar het Omgevingsplan. Onderdeel van dit proces is ook de omzetting van bestaande (nacht)horecalocaties naar de nieuwe zwaartecategorieën. Het uitgangspunt van de omzetting is dat wat er nu ruimtelijk gezien is toegestaan, mogelijk blijft. Ondernemers of initiatieven kunnen ook altijd een aanvraag doen om af te wijken van de ruimtelijke regels (aanvraag omgevingsvergunning of maatwerkvoorschrift). Dit kan ook voorafgaand aan de omzetting. Er zal altijd een beoordeling plaatsvinden over de ruimtelijke aanvaardbaarheid van het initiatief. Daarnaast biedt ook de nieuwe maatwerkontheffing openingstijden meer ruimte aan het nachtleven (voor locaties die vallen binnen de categorie zware horeca uitgaan). 4. Motie over sociaal veilig uitgaansleven Motie 147 - Voor een vrijzinnige en veilige nacht in Amsterdam van de leden Bentoumya/Van der Veen (GroenLinks), Havelaar (CDA) en Kabamba (Partij voor Morgen). Daarin wordt het college gevraagd: • Te onderzoeken hoe het werken aan sociale veiligheid voorwaardelijk gesteld kan worden aan het verkrijgen en/of behouden van een exploitatievergunning bij horecazaken in een middelzware – en zware categorie;

Een routebeschrijving vindt u op amsterdam.nl

Gemeente Amsterdam, raadsinformatiebrief

•

•

•

Datum 26 november 2025 Pagina 8 van 9

Te verkennen hoe Amsterdamse horeca een zichtbaar en herkenbaar netwerk kan vormen van veilige plekken voor mensen die geweld ervaren of vrezen, naar voorbeeld van initiatieven in andere steden, en dit te koppelen aan bestaande, werkende initiatieven; Daarbij zowel te denken aan fysieke maatregelen (zoals veilige routes, herkenbare safe spaces en) als sociale structuren (zoals getrainde medewerkers en betrokken buurtbewoners); Bij bovenstaande op te trekken met verschillende partners in de stad, waaronder de horecabranche zelf.

Op verschillende manieren werkt het college samen met de branche om (sociale) veiligheid in het uitgaansleven te bevorderen. Deze motie onderstreept het belang van dit onderwerp. Sinds 2024 is sociale veiligheid onderdeel van het veiligheidsplan horeca, dat onder andere verplicht is voor zaken die werken met een portier en zaken die vaker dan 5 keer per jaar een ontheffing sluitingstijden kunnen krijgen. Deze zaken dienen in het veiligheidsplan aan te geven op welke wijze ze invulling geven aan sociaal veiligheidsbeleid, hoe zij ervoor zorgen dat het beleid wordt nageleefd en wat zij doen bij het aantreffen van een situatie van intimidatie, discriminatie of (seksueel) grensoverschrijdend gedrag. Het veiligheidsplan wordt na advies van de politie goedgekeurd door het stadsdeel en maakt onderdeel uit van de exploitatievergunning. Door de uitbreiding van het aantal ontheffingsmogelijkheden in het horecabeleid gaat deze verplichting, bij ongewijzigd beleid, in ieder geval gelden voor middelzware en zware horeca. Samen met de branche bespreken we komende tijd in hoeverre dit toegevoegde waarde kan hebben bij het gezamenlijke streven naar een veilige nacht. Daarnaast biedt de gemeente regelmatig kosteloos trainingen aan voor horecapersoneel met handvatten wat zij kunnen doen om de sociale veiligheid te vergroten.

Voorbeelden hiervan zijn trainingen aan beveiligers, deurhosts en studentenbarpersoneel over o.a. slachtofferhulp bij seksueel grensoverschrijdend gedrag. Ten slotte werken KHN, de Stichting Nachtburgemeester en het Overleg Amsterdamse Clubs aan een voorstel met extra maatregelen om de sociale veiligheid in het uitgaansleven te vergroten. Zodra hier meer over bekend is informeren wij de gemeenteraad hierover. 5. Motie over detailhandel in relatie tot horecabeleid Motie 151 - Zet horecabeleid in om monocultuur tegen te gaan van het lid Bentoumya (GroenLinks). Daarin wordt het college gevraagd: Te onderzoeken of en hoe het Horecabeleid kan bijdragen aan het tegengaan van (op bezoekers gerichte) monocultuur. • Bijvoorbeeld door te bezien of en hoe (toeristische) detailhandel die zich gedraagt als horeca onder het Horecabeleid 2025 geschaard kan worden. • Met als doel om op toeristen gerichte monocultuur tegen te gaan en meerwaarde voor- en binding met de buurt te stimuleren. En hierbij potentiële baten en risico’s mee te nemen.

Een routebeschrijving vindt u op amsterdam.nl

Gemeente Amsterdam, raadsinformatiebrief

Datum 26 november 2025 Pagina 9 van 9

Het college ziet niet in wat de voordelen zouden zijn van het onder het horecabeleid brengen van detailhandel die zich als horeca gedraagt. De ondernemer wordt als het ware beloond en kan zijn exploitatie uitbreiden. In stadsdeel Centrum wordt op verschillende manieren gewerkt aan het tegengaan van monocultuur, onder andere door de handhaving op overtredingen van het bestemmingsplan winkeldiversiteit. Het college ziet niet in hoe het aspect van meerwaarde vooren binding met de buurt gestimuleerd kan worden door detailhandel onder horeca te scharen. Sturing op ongewenste vormen van detailhandel die zich als horeca gedraagt is ook mogelijk en zelfs makkelijker zonder dat die vormen van detailhandel onder te brengen onder horeca. Het college beschouwt de moties hiermee als afgehandeld. Met vriendelijke groet, Namens het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Amsterdam,

Femke Halsema Burgemeester

Een routebeschrijving vindt u op amsterdam.nl

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/16413694/1