CConstaterende datAmsterdam
Koppel je AI →
Document · PDF

Reactie ombudsmanonderzoek 5483 getekend.pdf

Tijdelijke Algemene Raadscommissie 15 april 2026, gemeente AmsterdamBij agendapunt: Kennisnemen van een klachtrapport van de ombudsman en de reactie van het presidium hierop (VN2026-004496)1.708 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

X

x x

Gemeente Amsterdam

Bezoekadres Straatnaam 25 0000 AA Amsterdam Postbus 000 0000 AA Amsterdam Telefoon 14 020 amsterdam.n1

Retouradres: Postbus 000, 0000 AA Amsterdam

Ombudsman metropool Amsterdam M. Ramlal PER E-MAIL

Datum

31 maart 2026

Ons kenmerk

2025-01

Uw kenmerk

Bijlage(n)

5483 Bart Brouwer, Raadsgriffie, bart.brouwer@amsterdam.n1 [Namen] [Omschrijving bijlage(n)]

Onderwerp

Reactie op ombudsmanonderzoek klachtafdoening 5483

Behandeld door Kopie aan

Geachte heer Ramlal, Het presidium heeft kennis genomen van uw onderzoek, d.d. 6 maart 2026 naar de afhandeling van een klacht over het tot de orde roepen door de voorzitter van de commissie AZ. U doet in uw onderzoek drie aanbevelingen waar het presidium graag op reageert. Voordat het presidium daaraan toekomt zet het graag een algemeen kader neer waarbinnen ordemaatregelen, en dan specifiek het tot de orde roepen bij het noemen van namen van ambtenaren zoals in onderhavige casus, zich afspelen. Inleidende overwegingen Rol gemeenteraad De gemeenteraad is geen standaard bestuursorgaan, met beperkte hierarchie en een beperkt aantal ondersteunende medewerkers (de Raadsgriffie). De gemeenteraad is het hoogste orgaan binnen de gemeente, maar heeft door de staatsrechtelijke positie een zeer beperkte taak ten aanzien van het ambtelijke apparaat. De raad stelt de regels, kaders en budgetten vast waarmee het college van burgemeester en wethouders de hem toebedeelde taken uit kan voeren. Hoe het college die taken uitvoert en door wie dat gebeurt is aan het college zelf. De raad controleert het college en kan het college aanspreken op de wijze van tenuitvoerleggen dan die taken. De raad heeft geen (directe) relatie met de ambtenaren die de taken uitvoeren. Het college is ten alle tijden verantwoordelijk.

Een routebeschrijving vindt u op amsterdam.n1

Gemeente Amsterdam

Datum 31 maart 2026 Kenmerk 2025-01 Pagina 2 van 4

Werkwijze gemeenteraad Besluiten van de raad worden gezamenlijk en in meerderheid genomen op basis van een open debat. Om dat debat enigszins ordentelijk te kunnen laten verlopen heeft de raad voor zichzelf regels vastgesteld over de orde tijdens vergaderingen van de raad en de raadscommissies. Deze regels, die ook gezien kunnen worden als fatsoensnormen of omgangsvormen, zijn vastgelegd in het Reglement van orde gemeenteraad en raadscommissies Amsterdam (hierna: Rvo). Daarin is ook vastgelegd wie deel mogen nemen aan de beraadslagingen tijdens commissievergaderingen. Dat zijn de raadsleden zelf en de fractievertegenwoordigers (gezamenlijk: de commissieleden) in de commissies waarin zij benoemd zijn (art. 18 Rvo). De burgemeester of wethouders zijn aanwezig als de beraadslaging hun portefeuille betreft om vragen vanuit de commissieleden te beantwoorden (art. 19 Rvo). Die bestuurders kunnen op verzoek een stadsdeelbestuurder of ambtenaar aan de beraadslaging laten deelnemen (art. 19 lid 2). In art. 38 worden nog een aantal anderen genoemd die in voorkomende gevallen deel kunnen aan de beraadslaging. Aileen deelnemers aan de beraadslaging kunnen antwoord geven op vragen en zijn op die manier in staat te reageren als zij worden aangesproken. lnspreken In de artikelen 37 en 37a van het Rvo is geregeld dat ook anderen tijdens een vergadering het woord kunnen voeren.

Dit inspreekmoment is een kans voor burgers om op persoonlijke titel of namens een organisatie een onderwerp of standpunt onder de aandacht te brengen van de betreffende commissie. Het punt Inspreekmonnent Publiek staat altijd op de agenda voor de bespreekpunten. Het agendapunt heeft daarmee ook een afwijkende vergaderstructuur. De inspreker richt zich tot de commissieleden, die verduidelijkende vragen kunnen stellen aan de inspreker. Er vindt geen beraadslaging plaats. In de vergadering aanwezige bestuurders kunnen niet reageren en er kunnen aan hen ook geen vragen worden gesteld. Mocht naar aanleiding van het ingesprokene bij commissieleden de behoefte bestaan om vragen aan de betreffende bestuurder te stellen dan kan hij die pas stellen bij de rondvraag die altijd na inspreekmoment op de agenda staat. Tijdens het inspreekmoment zelf vindt geen beraadslaging (debat) plaats. Geen ambtenaren noemen Voor zover het de commissievergaderingen betreft staan in artikel 35 van het Rvo de 'spelregels' over de orde tijdens de vergadering en de handhaving van die orde. Daar is in lid 1, aanhef en onderdeel e, opgenomen dat de commissievoorzitter een spreker tot de orde roept als die naar zijn mening namen van ambtenaren of tot persoon herleidbare functies noemt.

Zoals in de voorgaande alinea's uiteen is gezet hebben tijdens vergaderingen van raadscommissies een beperkt aantal personen het recht het woord te voeren. Personen die het woord niet mogen voeren tijdens de vergaderingen hebben geen mogelijkheid te reageren of te antwoorden als zij aangesproken worden. Om die reden heeft de raad opgenomen dat het niet de bedoeling is dat ambtenaren persoonlijk of indirect worden genoemd. Het eventueel aan de orde stellen van het functioneren van een ambtenaar kan ook in algemene termen gebeuren en daar kan het college op worden aangesproken.

Gemeente Amsterdam

Datum 31 maart 2026 Kenmerk 2025-01 Pagina 3 van 4

Bovendien is het in beginsel niet mogen noemen van namen van ambtenaren ook een uitwerking van het recht tot ter bescherming van de goede zeden en de goede naam van anderen, zoals vastgelegd in artikel ao van het EVRM. Discretionaire bevoegdheid commissievoorzitter Of en hoe gehandhaafd wordt op de regel dat geen ambtenaren of tot persoon herleidbare functies genoemd mogen worden tijdens commissievergaderingen is vervolgens aan de commissievoorzitter. Dit blijkt uit de aanhef van art. 35, eerste lid: 'de commissievoorzitter roept een spreker tot de orde als die naar zijn mening'. Als een spreker toch een naam of tot persoon herleidbare functie noemt is het aan de commissievoorzitter om te bepalen of dat aanleiding geeft om de spreker tot de orde te roepen door te verzoeken dat niet (meer) te doen, of in een uiterst geval de spreker het woord te ontnemen. De wijze waarop een naam wordt genoemd kan in die beslissing een rol spelen. Bevoegdheden commissievoorzitters Een raadscommissie wordt ingesteld op grond van art. 82 van de Gemeentewet (Gemw). In het vierde lid dat artikel wordt aangegeven dat die commissie een raadslid heeft als voorzitter. Hij heeft daarnaast bevoegdheden gekregen. Zo kan hij ordemaatregelen treffen op basis van art. 35 Rvo in verbinding met art. i6 van Gemw, alwaar het Rvo zijn wettelijke basis in kent.

Reactie op aanbevelingen s. Uitleg geven over de discretionaire bevoegdheid U geeft aan dat de voorzitter in onderhavige casus niet nader heeft gemotiveerd, waarom hij klager tot de orde heeft geroepen, terwijI een dergelijke uitleg wel had kunnen bijdragen aan een beter begrip. U geeft ook nog aan dat in andere gevallen bij het noemen van namen de voorzitter de betreffende spreker niet tot de orde heeft geroepen. U geeft aan dat dit indruk kan wekken dat het Rvo niet in alle gevallen op dezelfde wijze wordt toegepast. In de inleidende overwegingen is de ratio uiteengezet voor de spelregel dat geen namen van ambtenaren genoemd mogen worden. Het presidium benadrukt dat het tot de orde roepen van een spreker een discretionaire bevoegdheid is die reeds door zijn aard niet in alle gevallen op dezelfde wijze zal worden toegepast. Dat is afhankelijk van de omstandigheden van het geval, waarbij de wijze waarop de naam wordt genoemd een rol kan spelen. Dat het Rvo niet in alle gevallen op dezelfde wijze wordt toegepast is dan ook onvermijdelijk, waarbij wel moet worden benadrukt dat er ook niet snel sprake zal zijn van vergelijkbare gevallen waarin dan verschillend gehandeld wordt. Het presidium ziet wel in dat een nadere motivering van de betreffende commissievoorzitter, mogelijk, had geleid tot een beter begrip van de ordemaatregel. 2.

Beter motiveren by een ongegrondverklaring U oordeelt de ongegrondverklaring van de klacht onbehoorlijk, omdat de betreffende commissievoorzitter niet is gehoord of om nadere uitleg is gevraagd. In de plaats daarvan is voornamelijk een opsomming gegeven van de redenen waarin een voorzitter een spreker tot de orde mag roepen.

Gemeente Amsterdam

Datum 31 maart 2026 Kenmerk 2025-01 Pagina 4 van 4

Het presidium ziet, zoals hierboven al gesteld, in dat een nadere motivering van de betreffende commissievoorzitter voor een beter begrip van het tot de orde roepen had kunnen leiden. Het presidium heeft echter geen zeggenschap over hoe een commissievoorzitter de orde handhaaft tijdens een commissievergadering, noch over of hij aanleiding ziet achteraf een nadere motivatie te geven. Er is wat dat betreft geen werkgever/werknemer-relatie tussen het presidium en individuele raadsleden, ook niet als zij optreden als voorzitter van een raadscommissie. Het presidium heeft van de griffier begrepen dat de intentie bestaat om vanaf de komende raadsperiode een periodiek overleg met alle commissievoorzitters te organiseren. Op die manier kan mogelijk een meer eenduidige uitoefening van de discretionaire bevoegdheid worden bevorderd. 3. (Spel)regels verduidelijken U geeft aan dat de spelregels, gezien de vragen uwerzijds en de uitleg over de discretionaire bevoegdheid in relatie tot willekeurig handelen, verduidelijkt zouden moeten worden. U geeft daarnaast aan dat uitgelegd zou moeten waarom de raad onbevoegd zou zijn voor het behandelen van klachten tegen een commissievoorzitter. Het presidium neemt afstand van uw kwalificatie dat willekeurig gehandeld zou worden. Dat suggereert namelijk dat in dezelfde gevallen verschillend wordt gehandeld.

Hier is, naar de mening van het presidium, geen sprake van. De regels zijn zo duidelijk als ze kunnen zijn, het draait hier, zoals al vaker aangehaald, primair om een discretionaire bevoegdheid van de commissievoorzitter. Dat de informatie niet online te vinden is bestrijdt het presidium, het Rvo is op reguliere wijze gepubliceerd in het Gemeenteblad en te vinden op lokaleregelgeving.overheid.n1 Dat de raad onbevoegd zou zijn om de klacht of te handelen is een onjuiste weergaven van de feiten. Het is spijtig dat door de gegeven antwoorden op vragen vanuit u deze indruk is ontstaan. Wat bedoeld is om aan te geven is dat de raad of het presidium de overwegingen van een commissievoorzitter om een (in)spreker tot de orde te roepen niet inhoudelijk weegt. Het is immers een zelfstandige bevoegdheid van de commissievoorzitter om dat te doen. Slotwoord Het presidium hecht er tot slot nog aan te benadrukken dat een inspreker tot de orde roepen als die de namen van ambtenaren noemt geen ingrijpende gebeurtenis is. Het is niet meer dan een verzoek aan een gast van de raadscommissie de interne gedragsnormen te respecteren. Er is geen sprake van het ontnemen of inperken van mensenrechten of rechten van burgers van Amsterdam. Met vriendelijke groet,

Kune Burgers voorzitter

Houtman riffier

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/16789244/1