CConstaterende datAmsterdam
Koppel je AI →
Document · PDF

Raadsinformatiebrief voorstel uitwerking compromis Volksinitiatief.pdf

Raadscommissie Woningbouw en Volkshuisvesting 24 september 2025, gemeente AmsterdamBij agendapunt: Bespreken van het voorstel van het college over de invulling van het compromis dat is gesloten in het kader van het Volksinitiatief Eerlijke kansen op sociale huurwoningen (VN2025-012423)1.684 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Raadsinformatiebrief

Aan:

Portefeuillehouder(s): Behandeld door

De leden van de gemeenteraad van Amsterdam 9 september 2025 Volkshuisvesting Zita Pels Directie Wonen (bestuurszaken.wonen@amsterdam.nl)

Onderwerp

Voorstel uitwerking compromis Volksinitiatief

Datum Portefeuille(s)

Geachte leden van de gemeenteraad, Met deze brief informeert het college u over de afhandeling van het Volksinitiatief ‘Eerlijke kansen op sociale huurwoningen’ en de invulling van de pilot die wordt voorgesteld in het compromis in het kader van het Volksinitiatief. Deze Raadsinformatiebrief wordt geagendeerd voor de commissie Woningbouw en Volkshuisvesting van 24 september 2025. Op 27 mei 2025 diende een groep Amsterdammers een volksinitiatief in: ‘Eerlijke kansen op sociale huurwoningen’. De initiatiefnemers maken zich er zorgen over dat inwoners zonder voorrang of urgentie geen woning kunnen vinden in Amsterdam. Ik begrijp die zorgen en heb de afgelopen maanden het debat in de gemeenteraad rondom het volksinitiatief met veel interesse gevolgd. Ik heb wekelijks contact met Amsterdammers die het niet lukt om een passende woning in de stad te vinden. We vergroten de sociale huurvoorraad van de corporaties en werken aan doorstroming, maar daarmee is er niet op korte termijn voor iedere woningzoekende een passende woning. We moeten dus keuzes maken zodat we de mensen kunnen helpen die dat het hardst nodig hebben. Tijdens de raadsvergadering van 9 juli 2025 werd het Volksinitiatief ‘Eerlijke kansen op sociale huurwoningen’ in de gemeenteraad besproken.

De initiatiefnemers vroegen de gemeenteraad om in te stemmen met hun voorstel om minimaal 25% van de sociale huurwoningen in WoningNet beschikbaar te stellen zonder daarbij urgentie of voorrangslabels te hanteren. De gemeenteraad en de initiatiefnemers zijn tot een compromisvoorstel gekomen. Het gaat daarbij om het erkennen van de doelgroep zonder voorrang of urgentie, te zorgen dat deze doelgroep wordt meegenomen in de evaluatie van de voorrangsregels en het vormgeven van een pilot. In deze raadsinformatiebrief doet het college een voorstel voor de naamgeving aan de groep zonder voorrang of urgentie. Daarnaast licht ik op verzoek van de raad een voorstel toe (inclusief mogelijke alternatieven) voor de invulling van de pilot 1. Erkenning doelgroep zonder voorrang of urgentie In het compromis tussen gemeenteraad en initiatiefnemers staat het belang benoemd om de groep woningzoekenden zonder urgentie of voorrang een naam te geven en deze groep op te nemen in de Huisvestingsverordening (HVV) waardoor deze woningzoekenden een kenbare en volwaardige groep zijn binnen het gemeentelijk woonbeleid. Het gaat hier om de groep die geen

Gemeente Amsterdam, raadsinformatiebrief

Datum 9 september 2025 Pagina 2 van 4

aanspraak maakt op de voorrangen binnen het WoningNet-systeem. Dit is de groep woningzoekenden tussen 28-55 zonder kinderen en zonder urgentie of voorrangsregeling. Het college stelt voor om deze groep in de Huisvestingsverordening aan te duiden met de naam ‘Ongelabelde woningzoekenden’. Het gaat namelijk om woningzoekenden die geen voorrang of urgentie hebben en alleen op basis van het aantal woonpunten dat ze hebben een sociale huurwoning kunnen krijgen. Met de wijzigingsverordening van 2027 zal deze groep worden opgenomen in de HVV. 2. Invulling pilot In het compromisvoorstel wordt het college daarnaast gevraagd om een voorstel te doen hoe de raad een pilot kan vormgeven. De pilot zal vanaf 1 januari 2026 van start gaan. De gemeenteraad en initiatiefnemers hebben een aantal randvoorwaarden gesteld aan de pilot. Zo moeten er honderd woningen aan de pilot meedoen, moet de pilot uiterlijk 1 januari 2026 beginnen en mag deze maximaal zes maanden duren. Het college doet dit voorstel met inachtneming van deze randvoorwaarden. 2.1 Voorstel dat voldoet aan de randvoorwaarden Het college stelt voor om de volgende voorwaarden aan de pilot te verbinden: - De pilot wordt toegepast op sociale huurwoningen van minder dan 61 vierkante meter die niet in het bijzonder geschikt zijn voor mensen met een medische beperking.

o Er wordt voorgesteld om voor dit type woning te kiezen, omdat voor deze woningen maar weinig regels gelden in de Huisvestingsverordening (HVV). Dit geeft de woningcorporaties de ruimte om op korte termijn zelf te bepalen dat ze minder voorrangsregels toepassen. o Het is zonder aanpassing van de huisvestingsverordening niet mogelijk om ook woningen die gelabeld zijn voor jongeren, senioren, gezinnen, toegankelijke woningen of rolstoelwoningen aan te merken voor de pilot. In het geval van deze woningen legt de HVV meer regels op en is aanpassing van de verordening nodig om af te wijken (mits de vorm van het gebruikte huurcontract dat toelaat in het geval van jongerenwoningen). Woningen van onder de 61 vierkante meter die geschikt zijn voor gezinnen, kunnen wel meedoen aan de pilot. Het woninglabel ‘voorrang voor gezinnen’ wordt in de HVV namelijk toegepast op woningen van boven de 61 vierkante meter met drie kamers of meer. Daarnaast is het ook niet altijd wenselijk dat een gelabelde woningen voor jongeren of senioren worden aangewezen voor de pilot, omdat het gaat om een jongerencomplex of Lange Leven Thuisflats. Voor zowel de woningzoekende als omwonenden kan dit leiden tot een niet passende match met de woonomgeving. - De verhuurmakelaars van woningcorporaties kiezen op welke woningen de pilot wordt toegepast.

De pilot zal gedurende zes maanden worden toegepast op in totaal honderd woningen. Hier worden gezamenlijk afspraken over gemaakt tussen de corporaties. - Alleen de voorrang voor lage inkomens wordt toegepast op deze woningen. o Binnen de groep Amsterdammers die in aanmerking komt voor sociale huurwoningen, bestaat er een primaire en een secundaire doelgroep. Met deze voorrang krijgen huishoudens uit de primaire doelgroep met een lager inkomen voorrang op woningen met een lagere sociale huur. Het college stelt voor om deze

Een routebeschrijving vindt u op amsterdam.nl

Gemeente Amsterdam, raadsinformatiebrief

-

-

Datum 9 september 2025 Pagina 3 van 4

voorrang wel toe te passen, omdat er op die manier voor kan worden gezorgd dat Amsterdammers reageren op woningen waarvan de huurprijs past bij hun inkomen. Woningcorporaties zijn wettelijk verplicht aan ten minste 95% van de huishoudens passend toe te wijzen op basis van inkomen. Alle andere voorrangen en verhuisregelingen staan uit op woningen die meedoen aan de pilot. Dit betekent dat calamiteitenurgenten, stadsvernieuwingsurgenten en deelnemers aan verhuisregelingen geen voorrang (kunnen) krijgen op deze woningen. o Omdat het bij deze pilot gaat om een beperkt aantal van 100 woningen, is de verwachting dat dit geen heel grote invloed zal hebben op de slaagkansen van calamiteitenurgenten en stadsvernieuwingsurgenten. De verwachting is namelijk dat er in een half jaar tijd ongeveer 500 woningen op WoningNet komen van het pilottype. Daarvan doen er 100 mee met de pilot. Doordat niet alle vrijkomende woningen in deze categorie beschikbaar komen voor de pilot, wordt deze groep niet onevenredig hard geraakt. In WoningNet wordt door middel van een symbool dat op het advertentie-overzicht te zien is inzichtelijk gemaakt welke woningen er meedoen aan de pilot. Daarnaast worden Amsterdammers over de pilot geïnformeerd door nieuwsberichten op de websites van gemeente, corporaties en WoningNet. De AFWC en de gemeente pakken de communicatie gezamenlijk op.

Samengevat is het voorstel dat er vanaf 1 januari 2026 honderd woningen op WoningNet worden gezet die alleen op basis van woonpunten of op basis van de voorrang voor lage inkomens en woonpunten worden toegewezen. Iedereen mag op deze woningen reageren. De pilot beslaat een periode van een half jaar. 2.2 Alternatieve mogelijkheden voor pilot Met bovenstaand voorstel voor de pilot wordt aan alle randvoorwaarden die de gemeenteraad heeft gesteld voldaan: de pilot begint per 1 januari 2026, is van toepassing op 100 woningen en heeft een looptijd van 6 maanden. De gemeenteraad kan ervoor kiezen om andere keuzes te maken: - Binnen het pilotvoorstel dat het college doet, kan ervoor worden gekozen om meer voorrangen aan te zetten. Zo zou bijvoorbeeld de voorrang voor calamiteitenurgentie of de voorrang voor stadsvernieuwingsurgenten ook aan worden gezet op de pilotwoningen. Op die manier hebben urgent woningzoekenden meer keuze in het woningaanbod, maar maken woningzoekenden zonder voorrang of urgentie pas kans op de pilotwoningen als er geen urgent woningzoekenden reageren. - Als de gemeenteraad dat wil, kan de pilot ook worden aangezet voor woningen voor gezinnen (van meer dan 61 vierkante meter en 3 kamers), jongerenwoningen of seniorenwoningen. In dat geval moet de gemeenteraad de huisvestingsverordening aanpassen en kan de pilot dus pas starten na wijziging van de HVV.

In het geval van woningen voor jongeren en senioren moet er wel worden gekeken of de woningen niet in een complex specifiek voor de doelgroep liggen. - Als de huisvestingsverordening wordt aangepast zodat de pilot op meer woningen kan worden toegepast, dan zou de looptijd van de pilot verkort kunnen worden. Het advies is om niet voor een kortere looptijd te kiezen als alleen woningen tot 61 vierkante meter

Een routebeschrijving vindt u op amsterdam.nl

Gemeente Amsterdam, raadsinformatiebrief

Datum 9 september 2025 Pagina 4 van 4

meedoen aan de pilot. In dat geval is het risico namelijk dat er onvoldoende woningen voor urgenten en deelnemers aan de verhuisregelingen op WoningNet komen. 2.3 Evaluatie van de pilot Tijdens de pilot monitoren de woningcorporaties het aantal woningen waarop de pilot is toegepast. Doordat de pilot niet op alle woningen wordt toegepast, ontstaat er vanzelf een controlegroep van woningen die wel op basis van voorrangen zijn toegewezen. Aan het einde van de pilot kan daardoor geëvalueerd worden welke verschillen er zijn in de toewijzing van de woningen die meedoen aan de pilot en de vergelijkbare woningen waar wel voorrangsregels op werden toepast. Op basis van een vergelijking tussen de woningen in de pilotgroep en woningen in de controlegroep kan een vergelijking worden gemaakt tussen de woningzoekenden aan wie de woningen worden toegewezen. Hierbij wordt het effect van de pilot op de kansen van woningzoekenden zonder voorrang of urgentie onderzocht. 3. Evaluatie van de voorrangsregels Bij het maken van het compromis over het Volksinitiatief heeft de gemeenteraad het college ook de resultaatverplichting opgelegd om uiterlijk in Q4 2025 de resultaten van de evaluatie van de voorrangsregels openbaar te maken. De resultaten van de evaluatie worden ter kennisname geagendeerd voor de commissie Woningbouw en Volkshuisvesting van In Q4 2025.

In de evaluatie is er aandacht voor de kansen van woningzoekenden die niet voor een voorrang in aanmerking komen.

Met vriendelijke groet, Namens het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Amsterdam,

Zita Pels Wethouder Volkshuisvesting

Een routebeschrijving vindt u op amsterdam.nl

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/15962558/1