Raadsinformatiebrief over beheer Collectie Amsterdam
Tekst van het document
Raadsinformatiebrief
Aan:
Portefeuillehouder(s): Behandeld door
De leden van de gemeenteraad van Amsterdam 4 februari 2026 Kunst en Cultuur Touria Meliani Kunst en Cultuur, bestuurszaken.ezc@amsterdam.nl
Onderwerp
Beheer Collectie Amsterdam
Datum Portefeuille(s)
Geachte leden van de gemeenteraad, Met deze brief informeert het college u over ontwikkelingen rond het beheer van de Collectie Amsterdam. De gemeente Amsterdam bezit een grote collectie kunstwerken, objecten en documenten; samen de Collectie Amsterdam. Een overzicht van de Collectie Amsterdam is opgenomen op de gemeentelijke website: www.amsterdam.nl/kunst-cultuur/collectieamsterdam. Voor de gemeente is de Collectie Amsterdam een waardevol bezit. Voor het gemeentebestuur is het belangrijk dat de collectie goed zichtbaar voor publiek is. Ook moet de collectie goed worden onderhouden voor toekomstige generaties. Want de aanwezigheid van de kunstschatten en historische objecten van de stad is van groot belang voor de identiteit van de bewoners en is van invloed op de aantrekkelijkheid van Amsterdam. De zorg voor het beheer en behoud is bij verschillende gemeentelijke directies ondergebracht, maar ook bij niet-gemeentelijke instellingen. Het Stedelijk Museum Amsterdam (SMA) beheert circa 100.000 kunstwerken en het Amsterdam Museum (AM) circa 100.000 objecten en kunstwerken. Het Stedelijk Museum en – toen nog – Amsterdams Historisch Museum maakten tot begin deze eeuw onderdeel uit van de gemeentelijke organisatie. In 2006 zijn deze musea verzelfstandigd.
Omdat de collectie die deze musea gebruikten in eigendom van de gemeente bleef, heeft de gemeente met beide musea een collectiebeheerovereenkomst gesloten (in respectievelijk 2005 en 2008). In de collectiebeheerovereenkomst staan afspraken over hoe de musea moeten zorgdragen voor de collectie (beheer en behoud), hoe ze de collectie zichtbaar maken (exposities, bruiklenen) en hoe ze de collectie vorm mogen geven (verwervingen en vervreemdingen). Herziening collectiebeheerovereenkomst De collectiebeheerovereenkomsten zijn aan vernieuwing toe. Circa twintig jaar na het afsluiten van de eerste collectiebeheerovereenkomsten was er bij alle partijen (gemeente en musea) behoefte aan afspraken die beter aansluiten bij de huidige wet- en regelgeving, bij maatschappelijke ontwikkelingen, maar ook bij nieuwe ontwikkelingen in het dagelijkse beheer van de collectie. De gemeente en beide musea zijn in overleg tot een herziene collectiebeheerovereenkomst gekomen. De belangrijkste wijzigingen worden hieronder toegelicht.
Gemeente Amsterdam, raadsinformatiebrief
Datum 4 februari 2026 Pagina 2 van 5
Samenstelling collectie Er is gekeken naar de exacte samenstelling van de collectie, waarover de musea het beheer voeren. Het grootste deel van de collectie bevindt zich in de musea. De gemeente heeft deze werken in beheer gegeven aan beide musea, in ruil waarvoor de musea de werken mogen gebruiken in de exploitatie van hun museum. De musea dragen zorg voor het beheer, het veilig exposeren, transporteren en opslaan van de werken, voor goede klimatologische omstandigheden en voor waarborgen bij bruiklenen. Een deel van de collectie bevindt zich buiten de musea. Het zijn meestal kunstwerken en objecten die zich bevinden in panden met een andere bestemming dan museum. Dit zijn veelal interieurensembles, die samen met het gebouw zijn ontworpen, een eenheid vormen met de plek waar ze zich bevinden en een grote cultuurhistorische waarde vertegenwoordigen. Zo zijn er deelcollecties te vinden in onder andere de Beurs van Berlage, het Prinsenhof (hotel The Grand), het Scheepvaarthuis (hotel Amrath) en De Bazel (Stadsarchief Amsterdam). Daarnaast zijn er collecties kunstwerken ondergebracht in de Ambtswoning, ITA en het Stadhuis. Over de verantwoordelijkheid voor het beheer van deze deelcollecties of het toezicht op het beheer door derden van dergelijke deelcollecties was gedurende de looptijd van de huidige collectiebeheerovereenkomsten onduidelijkheid gerezen.
In overleg is daarom tot de volgende wijzigingen besloten: - Het AM zal het beheer gaan voeren over het in 2007 door de gemeente verworven interieurensemble van gebouw De Bazel. - In de Ambtswoning (Herengracht 502), de Stadsschouwburg (ITA, Leidseplein) en het Stadhuis (Amstel 1) zijn deelcollecties aanwezig die door het Amsterdam Museum door middel van een bruikleenovereenkomst in langdurende bruikleen aan de drie locaties zijn gegeven. In de huidige collectiebeheerovereenkomst is sprake van museaal beheer van deze collecties, hetgeen op deze locaties niet mogelijk is omdat de museale omstandigheden ontbreken (qua beveiliging en klimaatbeheersing). Met alle drie de locaties zullen de bruikleenovereenkomsten worden hernieuwd, waarin nieuwe voorwaarden die passend zijn bij de locatie ten aanzien van het beheer worden opgenomen. - Het AM had de taak om toezicht te houden op het beheer van de interieurensembles in de Beurs van Berlage, het Prinsenhof (voormalig stadhuis en nu hotel The Grand) en het Scheepvaarthuis (nu hotel Amrâth). In verband met gewijzigde eigendomsverhoudingen van de objecten op deze locaties (de gemeente is niet meer of nog maar gedeeltelijk eigenaar van de panden en de daarbij behorende interieurs), zal de toezichthoudende taak op het beheer en behoud van het erfgoed niet langer via de collectiebeheerovereenkomst met het AM kunnen lopen.
De gemeente, het museum en de betrokken erfpachthouders maken hier separaat afspraken over. - Het AM zal niet langer beheer voeren over de archeologische vondsten, omdat deze in 2011 zijn overgedragen aan de afdeling Monumenten en Archeologie van de gemeente. - Het SMA had – toen het museum nog onderdeel was van de gemeentelijke organisatie – de taak de kunstwerken die zich in of aan gemeentelijke gebouwen van Amsterdam bevonden te registreren en toezicht te houden op het beheer. Dit gold ook voor de
Een routebeschrijving vindt u op amsterdam.nl
Gemeente Amsterdam, raadsinformatiebrief
Datum 4 februari 2026 Pagina 3 van 5
kunstwerken in de openbare ruimte. Na de verzelfstandiging van het museum is de collectiebeheerovereenkomst hier niet voldoende op aangepast. Deze toezichttaak is daar niet meer goed op zijn plaats door de scheiding tussen gemeente en museum. Dit wordt in de nieuwe collectiebeheerovereenkomst hersteld. Het beheer en onderhoud van deze kunstwerken, die in bezit van de gemeente zijn maar niet tot de museale collectie behoren, is en blijft de verantwoordelijkheid van de desbetreffende gemeentelijke dienst. Omdat de werken niet tot de museale collectie behoren houdt het SMA hier geen registratie meer van bij en houdt het niet langer meer toezicht op het beheer. De verantwoordelijkheid tot registratie behoort tot de taken van de beherende diensten. Museaal beheer Over de uitvoering van het museaal beheer van de aan de musea toevertrouwde collectie en het toezicht op de uitvoering door de gemeente zijn duidelijkere afspraken gemaakt. De musea stellen voortaan iedere vier jaar een Collectieplan op, waarin ze aangeven welke acties ze rond de collectiestukken zullen uitvoeren (registratie, conservering, restauratie, veiligheid, onderzoek, verzamelbeleid en zichtbaarheid). Het Collectieplan moet voldoen aan de meeste actuele norm (de richtlijnen van de Rijksdienst voor Cultureel Erfgoed).
De musea leggen hun Collectieplan voor aan de gemeente bij de aanvraag van de vierjaarlijkse Kunstenplansubsidie. Mede op basis van het Collectieplan wordt het subsidiebedrag toegekend en zorgt het museum voor uitvoer van het museaal beheer in de daaropvolgende vier jaar. Ter voorbereiding van de herziening van de collectiebeheerovereenkomst is in opdracht van de gemeente bij beide musea een inspectie uitgevoerd (nulmeting). De algemene conclusie is dat beide musea het collectiebeheer goed op orde hebben en bijna geheel aan de Museumnorm 2020 voldoen. Aanbevelingen uit de inspecties zullen door de musea in het eerstvolgende Collectieplan worden uitgewerkt. De inspecties zullen in het kader van de collectiebeheerovereenkomst eens in de vier jaar worden herhaald. Voor de gemeente zijn de collectieplannen en de inspecties middelen om beter toe te zien op de uitvoering van het beheer door de musea. Verzekering In de collectiebeheerovereenkomst is vastgelegd dat beide musea een adequate verzekering moeten afsluiten voor de collectie die in de museumzalen en in de depots is ondergebracht. Dit was altijd een verzekering met een all-risk dekking, waarmee zowel herstelbare schade als algeheel verlies en waardevermindering zijn gedekt. De musea betalen hierdoor hoge verzekeringspremies. Onderzocht is dat de dekking van de verzekering kan worden aangepast.
Dit is mogelijk en wenselijk vanwege de afspraken die met het Rijk zijn gemaakt in convenanten, de ervaringen van de musea met schades bij uitgaande bruiklenen in recente jaren (die zijn beperkt) en omdat overheden erop moeten kunnen vertrouwen dat musea zorgvuldig omgaan met de collecties in hun beheer (aangezien de musea kundig en verantwoordelijk zijn). Bovendien zijn in de herziene collectiebeheerovereenkomst duidelijke voorwaarden opgenomen over het beheer. Daarom worden de musea niet langer verplicht tot het all-risk verzekeren van de collectie, maar alleen het verzekeren van herstelbare schade. De verzekeringspremies die de musea betalen kunnen hierdoor omlaag, wat een besparing van € 20.000 tot € 40.000 per jaar voor de musea kan opleveren.
Een routebeschrijving vindt u op amsterdam.nl
Gemeente Amsterdam, raadsinformatiebrief
Datum 4 februari 2026 Pagina 4 van 5
Bruiklenen Het SMA en AM geven objecten uit de collectie regelmatig in bruikleen aan andere musea, die hier speciale tentoonstellingen mee inrichten. Dit vergroot de zichtbaarheid van de Collectie Amsterdam en maakt de kunst voor meer mensen toegankelijk. De Amsterdamse musea ontvangen ook vaak bruiklenen van andere musea om speciale exposities in eigen huis mogelijk te maken. Deze collectiemobiliteit is een essentieel onderdeel voor de exploitatie van musea en daarmee van het museaal beheer. Musea betalen onderling geen geld voor het lenen van de kunstwerken, maar moeten wel vaak hoge bedragen voor verzekeringen betalen. In de herziene collectiebeheerovereenkomst wordt de uitwisseling van kunstwerken tussen musea (bruiklenen) vergemakkelijkt door de aansprakelijkheid bij schade en voorwaarden voor verzekering aan te passen. Hierdoor worden de kosten die zijn gemoeid met bruiklenen verlaagd. Dit sluit aan bij afspraken met het Rijk om het bruikleenverkeer in Nederland te vergemakkelijken om de collectiemobiliteit te bevorderen. De kunstwerken uit Amsterdam zullen hierdoor een groter bereik krijgen en in de Amsterdamse musea zullen veelzijdigere tentoonstellingen kunnen worden georganiseerd. Financiering Tot nu toe ontvingen de musea een kunstenplansubsidie waarmee ze naast de exploitatie van het museum ook het beheer van de collectie (inclusief aankopen) moesten bekostigen.
In de kunstenplansubsidie was niet gespecificeerd welk deel voor de museumexploitatie en welk deel voor collectiebeheer was bedoeld. Met ingang van het Kunstenplan (2025-2028) is er een geoormerkt bedrag voor collectiebeheer in de kunstenplansubsidie opgenomen. Dit maakt het voor zowel de musea als de gemeente mogelijk om te sturen op de uitvoering van het beheer. Daarmee kan recht worden gedaan aan een professionelere omgang met het beheer van de Collectie Amsterdam. Afdoening toezegging In de commissie KDD van 26 februari 2020 heb ik naar aanleiding van de bespreking over kunstwerken uit het voormalige Slotervaartziekenhuis de commissie toegezegd uit te zoeken hoe het met (het toezicht op) het beheer van gemeentelijke kunstwerken bij andere instellingen in de stad is geregeld (buitencollectie van de Collectie Amsterdam - TA2020-000254). In de voorbereiding van de herziening van de collectiebeheerovereenkomst zijn de verantwoordelijkheden voor deelcollecties die zich buiten de musea bevinden onderzocht en opnieuw tegen het licht gehouden, resulterend in herziene afspraken over het beheer en toezicht op het beheer van deze deelcollecties. Zie hiervoor de passage over ‘samenstelling collectie’ in
Een routebeschrijving vindt u op amsterdam.nl
Gemeente Amsterdam, raadsinformatiebrief
Datum 4 februari 2026 Pagina 5 van 5
deze raadsinformatiebrief. Met het toesturen van deze brief beschouw ik toezegging TA2020000254 als afgedaan. Ik hoop u hiermee voldoende te hebben geïnformeerd. Met vriendelijke groet, Namens het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Amsterdam,
Touria Meliani Wethouder Kunst en Cultuur
Een routebeschrijving vindt u op amsterdam.nl