CConstaterende datAmsterdam
Koppel je AI →
Document · PDF

Raadsinformatiebrief Nationaal Slavernijmuseum december 2024 Schone Versie

Raadscommissie Financiën, Kunst en Diversiteit 27 februari 2025, gemeente AmsterdamBij agendapunt: Kennisnemen van raadsinformatiebrief ‘Stand van zaken Nationaal Slavernijmuseum – update december 2024’ (VN2025-001651)3.031 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Raadsinformatiebrief

Aan:

Portefeuillehouder(s): Behandeld door

De leden van de gemeenteraad van Amsterdam 20 december 2024 Kunst en cultuur en Inclusie en anti-discriminatiebeleid Touria Meliani Economische Zaken en Cultuur, bestuurszaken.ezc@amsterdam.nl

Onderwerp

Stand van zaken Nationaal Slavernijmuseum – december 2024

Datum Portefeuille(s)

Geachte leden van de gemeenteraad, “We bouwen geen Nationaal Slavernijmuseum om mensen te beschuldigen en schaamte aan te praten, maar om mensen te bevrijden van een narratief dat mensen uit elkaar drijft en een kloof slaat in de samenleving”. Het zijn woorden die de Amerikaanse mensenrechtenactivist en hoogleraar Bryan Stevenson recent in Amsterdam uitsprak tijdens de conferentie The National Slavery Museum – Building Bridges. Met deze woorden raakt Stevenson aan de essentie van wat het Nationaal Slavernijmuseum kan zijn: een plek die verschillende gemeenschappen samenbrengt, gelijkwaardigheid stimuleert en het hele verhaal vertelt. In deze brief neem ik u mee in de stappen die gezet zijn sinds kwartiermakers John Leerdam, Peggy Brandon en David Brandwagt op 15 februari 2024 het museaal ondernemingsplan Vertel het hele verhaal opleverden. Verder informeer ik u over de afronding van de kwartiermakersfase en de laatste stand van zaken van de oprichting van de museumstichting. Tot slot kijk ik vooruit naar de stappen die er in het eerste kwartaal van 2025 gezet zullen worden. Terugblik activiteiten tweede helft 2024 • Tijdelijke tentoonstellingen in Verzetsmuseum en Nationaal Archief Tussen 28 maart en 17 augustus 2024 stond de eerste tijdelijke tentoonstelling van het Nationaal Slavernijmuseum Verzet tegen slavernij in het Verzetsmuseum in Amsterdam.

In deze tentoonstelling stonden zowel opstanden van tot slaaf gemaakte mensen als de opkomst van de Nederlandse anti-slavernij activisten – veelal jongeren en vrouwen – centraal. De tentoonstelling vertelt bijvoorbeeld het door de makers van de tentoonstelling ontdekte verhaal van de zeventienjarige Frits Moquette die het Jongelings Genootschap ter Afschaffing der Slavernij oprichtte, na het lezen van brieven van zijn vader vanuit Suriname. Op 9 oktober 2024 opende Erfenissen van de Nederlandse Slavernij – negen verhalen - de tweede pop-up tentoonstelling van het Nationaal Slavernijmuseum – in het Nationaal Archief in Den Haag. De tentoonstelling geeft een breed perspectief op de doorwerking van het Nederlandse slavernijverleden in het heden en vertelt dit aan de hand van negen persoonlijke verhalen. Deze verhalen spelen zich onder andere af in Suriname, Aruba, Zuid-Afrika, de Molukken en Europees-

Gemeente Amsterdam, raadsinformatiebrief

Datum 20 december 2024 Pagina 2 van 7

Nederland en laten daarmee de brede omvang van het Nederlandse slavernijverleden zien. De verschillende verhalen tonen de complexiteit van het Nederlandse slavernijverleden en laten daarnaast zien dat er tal van verbindingen zijn tussen de slavernij in het Indisch-Oceanisch gebied en de Indonesische Archipel en het trans-Atlantische slavernijverleden. Op 30 november 2024 werd er een familiesporendag georganiseerd, waarin meer dan 80 mensen onder leiding van archiefonderzoeksspecialisten werden begeleid in het doen van voorouderonderzoek. Dit is een manier voor het museum om te oefenen met de toekomstige rol van kenniscentrum. De tentoonstelling is nog tot en met zondag 12 januari 2025 te bezoeken. • Publieksbijeenkomsten Europees-Nederland najaar 2024 In het najaar van 2024 hebben de kwartiermakers opnieuw zes regionale publieksbijeenkomsten georganiseerd in Amsterdam, Groningen, Den Haag, Rotterdam, Maastricht en Tilburg. Zij hebben er deze keer voor gekozen niet alle steden uit de eerste ronde opnieuw aan te doen, maar kozen voor steden die qua spreiding voor alle geïnteresseerden bereikbaar waren. Tijdens deze tweede ronde bijeenkomsten gaven zij een toelichting op het museaal ondernemingsplan en blikten zij vooruit op de stappen die gezet worden tot opening van het museum in 2030.

Het organiseren van deze bijeenkomsten was een toezegging tijdens de eerste ronde publieksbijeenkomsten in aanloop naar de oplevering van het museaal ondernemingsplan Vertel het hele verhaal om betrokkenen, geïnteresseerden en gemeenschappen blijvend te betrekken bij de totstandkoming van het Nationaal Slavernijmuseum. Tijdens de bijeenkomsten benadrukten de aanwezigen het belang van maatschappelijke participatie tot aan de opening van het museum en werd er een breed vertrouwen uitgesproken in de benaderingswijze van de kwartiermakers. Verder kwam er ook een aantal aandachtspunten naar voren. Zo gaven de provincies Groningen, Drenthe en Friesland aan dat regionale betrokkenheid belangrijk is om de samenwerking met het museum te bestendigen. Uit provincies waar kwartiermakers in de tweede ronde niet zijn langsgegaan – zoals de provincie Zeeland – werd de behoefte uitgesproken goed betrokken te blijven. Het organiseren van tijdelijke tentoonstellingen in deze regio’s kan daarbij helpen. Ook werd er nagedacht hoe het museum doelgroepen kan aanspreken die minder aanwezig zijn bij publieksbijeenkomsten, zoals jongeren en witte Nederlanders.

Tot slot werd het belang van de brede scope van het museum benadrukt, waar ook de slavernij in het Indisch-Oceanisch gebied en de Indonesische archipel, de contractarbeid, de positie van de marrongemeenschappen en de positie van de inheemse gemeenschappen onderdeel van zijn. Dit zijn allemaal waardevolle aandachtspunten, die worden meegegeven aan de toekomstige museumorganisatie. • Werkbezoek aan Suriname, Curaçao, Sint-Maarten, Saint-Martin en Guadeloupe Alhoewel het Nationaal Slavernijmuseum fysiek op het Java-Eiland in Amsterdam komt te staan, is een goede verbinding met het Caribisch deel van het Koninkrijk en Suriname belangrijk voor het museum. Een groot deel van de trans-Atlantische slavernij speelde zich immers daar af en de doorwerking daarvan is vandaag de dag nog steeds voelbaar.

Een routebeschrijving vindt u op amsterdam.nl

Gemeente Amsterdam, raadsinformatiebrief

Datum 20 december 2024 Pagina 3 van 7

Tussen 20 en 26 september 2024 bracht ik daarom samen met kwartiermakers John Leerdam, Peggy Brandon en David Brandwagt een bezoek aan Suriname en Curaçao. Doel van dit werkbezoek was enerzijds om het museaal ondernemingsplan Vertel het hele verhaal te presenteren en overhandigen aan betrokken personen, (erfgoed)instellingen en lokale bestuurders. Anderzijds was het doel om het netwerk dat de kwartiermakers de afgelopen periode hebben opgebouwd voor het museum te bestendigen en uit te breiden. In Suriname voerden we onder anderen gesprekken met het Nationaal Archief van Suriname, de Anton de Kom universiteit, Fort Zeelandia, de Evangelische broedergemeente, Minister Ori van Onderwijs, Wetenschap en Cultuur en diverse kunstenaars. Ook organiseerden we een konmakandra – ook wel samenkomst – waar zo'n 150 mensen aanwezig waren. Hoogtepunt van het bezoek was ons bezoek aan Moengo, in het oosten van Suriname. In Moengo spraken we met de granman van een van de marrongemeenschappen over hoe de marrongemeenschappen omgaan met het slavernijverleden en de verbinding met het Nationaal Slavernijmuseum gemaakt kan worden. Ook ons bezoek aan Karel Choennie, Bisschop van de Rooms-Katholieke kerk te Paramaribo, was indrukwekkend. Met hem bespraken we de rol van de kerk in de slavernij en wat deze zou kunnen betekenen voor het narratief van het museum.

Op Curaçao organiseerden we een bijeenkomst met jongeren en stakeholders in landhuis Bloemhof.1 We bespraken hoe instellingen op Curaçao een rol kunnen spelen bij het museum in Amsterdam en hoe het museum meer zou kunnen doen voor de eilanden door middel van tentoonstellingen en andere activiteiten. Verder spraken we onder anderen met vertegenwoordigers van museo Tula, museo Kura Hulanda, de Mongui Maduro Bibliotheek, de Universiteit van Curaçao en met de waarnemend Gouverneur van Curaçao Michèle Russel-Capriles en met Minister Van Heydoorn van Onderwijs, Wetenschap, Cultuur en Sport. Bijzonder was dat we aanwezig waren bij de opening van de tentoonstelling Verzet tegen slavernij – die eerder te zien was in het Verzetsmuseum in Amsterdam – in het Mongui Maduro Museum. De kwartiermakers vervolgden het werkbezoek naar Sint-Maarten, Saint-Martin en Guadeloupe. In Sint-Maarten organiseerden zij een bijeenkomst, waarbij onder anderen de Gouverneur van Sint-Maarten Ajamu Baly aanwezig was. Verder spraken ze met vertegenwoordigers van het SintMaarten National Historical Museum en de Franse vertegenwoordiging uit Saint-Martin. Afsluiting van de reis was een bezoek aan het Museum Memorial Acte in Guadeloupe, waar zij uitgebreid spraken met de museumstaf.

Het Museum Memorial Acte besteedt aandacht aan het slavernijverleden van Frankrijk en is in die zin een voorbeeld voor het Nationaal Slavernijmuseum in Amsterdam. Met de museumstaf werd onder andere uitgewisseld over de museumpresentatie, het samenwerken met lokale gemeenschappen en de betrokkenheid van overheden. Zowel in Suriname, op Curaçao, op Sint-Maarten, op Saint-Martin als op Guadeloupe is er een grote bereidwilligheid om samen te werken met het Nationaal Slavernijmuseum. Tegelijkertijd wordt er ook kritisch naar de totstandkoming van het museum in Amsterdam gekeken, 1

Landhuis Bloemhof is een voormalig plantagehuis in Curaçao. In de twintigste eeuw kwam het pand in eigendom van de familie Maduro. Op initiatief van May Henriquez is het landhuis ontwikkeld tot culturele en maatschappelijke plek met ruimte voor tentoonstellingen, lezingen en gesprekken.

Een routebeschrijving vindt u op amsterdam.nl

Gemeente Amsterdam, raadsinformatiebrief

Datum 20 december 2024 Pagina 4 van 7

bijvoorbeeld omdat het beschikbare budget voor het Nationaal Slavernijmuseum in contrast staat met lokaal beschikbare middelen voor erfgoed en cultuur. Ook werd er meermaals een behoefte uitgesproken voor meer zeggenschap over de invulling van het museum. Dit zijn aandachtspunten waar zorgvuldig mee omgegaan moet worden. Het Nationaal Slavernijmuseum moet immers een netwerkmuseum worden dat door het hele Koninkrijk gedragen wordt. Deze aandachtspunten worden dan ook meegegeven aan de toekomstige museumdirectie. • Conferentie Bryan Stevenson Op 10 oktober 2024 organiseerden de kwartiermakers voor de tweede keer een conferentie.2 Deze conferentie, genaamd The National Slavery Museum – Building Bridges, vond plaats in Amsterdam en had als doel om betrokkenen in Europees-Nederland actief te betrekken bij de ontwikkeling van het museum. De conferentie werd georganiseerd in samenwerking met de Amerikaanse vertegenwoordiging in Nederland. Hiervoor is de gemeente de Amerikaanse ambassadeur in Nederland Shefali Razdan Duggal en haar team zeer erkentelijk.

Hoofdgast Bryan Stevenson is naast hoogleraar aan NYU, auteur, advocaat en mensenrechtenactivist ook oprichter van The Legacy Museum en The National Memorial for Peace and Justice in Montgomery (Alabama), waar aandacht wordt besteed aan het slavernijverleden van de Verenigde Staten en de lynchpartijen die plaats vonden in de 20e eeuw in de zuidelijke staten van de Verenigde Staten. In zijn keynote speech legde Stevenson de verbinding tussen het slavernijverleden en discriminatie en racisme in het heden. Hij vertelde daarbij dat culturele instellingen over de hele wereld een cruciale rol kunnen spelen in het vertellen van het hele verhaal van het slavernijverleden. Culturele instellingen hebben – aldus Stevenson – de macht om een narratief van angst en gevaar om te zetten in een narratief van hoop en waarheid. Tot slot riep Stevenson op om het gesprek te blijven voeren met mensen die afstand voelen tot het slavernijverleden. Na afloop van de keynote van Stevenson vond er nog een panelgesprek plaats. Afronding kwartiermakersfase Nu de hierboven beschreven activiteiten zijn afgerond, zal de kwartiermakersfase per 31 december 2024 officieel afgerond zijn. Dit betekent dat de werkzaamheden van John Leerdam, Peggy Brandon en David Brandwagt in hun rol van kwartiermaker dan beëindigd zijn.

Tussen september 2022 en december 2024 hebben zij met volledige inzet en toewijding aan de totstandkoming van het Nationaal Slavernijmuseum gewerkt en spraken zij met duizenden betrokkenen. Met het museaal ondernemingsplan Vertel het hele verhaal legden zij een stevige basis voor het Nationaal Slavernijmuseum. Daarnaast kan het museum rekenen op en een groot stedelijk, nationaal en internationaal draagvlak dankzij de vele gesprekken die in zij in alle openheid hebben gevoerd. Het college is hen – en alle medewerkers die hen hierbij geholpen hebben – bijzonder dankbaar. Om de tijdelijke programmering tot aan de oprichting van de stichting te borgen blijft Peggy Brandon tot aan de oprichting als projectleider tijdelijke programmering betrokken. Vanuit deze rol werkt zij aan een pop-up tentoonstelling op het Java-Eiland in het kader van Amsterdam 750 jaar met als werktitel ‘Van SMN tot NSM: de geschiedenis van Java-Eiland en het Oostelijk 2

De eerste conferentie vond plaats in 2023 met als hoofdgast Lonnie Bunch, secretary van het Amerikaanse Smithsonian Institute.

Een routebeschrijving vindt u op amsterdam.nl

Gemeente Amsterdam, raadsinformatiebrief

Datum 20 december 2024 Pagina 5 van 7

havengebied’ in het voorjaar van 2025. Ook wordt gewerkt aan een tentoonstelling in het Allard Pierson museum tussen oktober 2025 en januari 2026 met als werktitel ‘Wanneer ben je vrij? De geschiedenis van slavernij’. Stand van zaken oprichting stichting Afgelopen zomer heeft het college ingestemd met het besluit tot oprichting van een stichting voor het Nationaal Slavernijmuseum. In de ronde wensen en bedenkingen in september 2024 in de gemeenteraadzijn de concept stichtingsstatuten en de functieprofielen voor de directeurbestuurder en de leden van de Raad van Toezicht (RvT) door uw raad ongewijzigd vastgesteld. • Werving en selectie directeur-bestuurder en RvT Vanaf dat moment is er gewerkt aan het in gang zetten van de werving- en selectieprocedure, die begeleid wordt door executive searchbureau Colourful People. De vacatures voor de verschillende functies zijn begin december gepubliceerd en staan uit tot begin januari 2025. Colourful People zal in de werving- en selectieprocedure samenwerken met een Raad van Advies, die momenteel wordt samengesteld. Deze Raad van Advies zal – conform een eerder raadsbesluit – een advies uitbrengen over de aanstelling van de eerste directeur-bestuurder en drie leden van de RvT van het Nationaal Slavernijmuseum.

Na het voeren van selectiegesprekken in februari zal de Raad van Advies de uiteindelijke voordracht tot benoeming aan het college van B&W doen. • Besluitvorming Zodra de adviezen voor de directeur-bestuurder en de RvT-leden bekend zijn, zullen alle stukken voor de oprichting van de stichting – waar onder andere de akte van oprichting stichting NSM, de voordracht van de directeur-bestuurder en de leden van de RvT en een concept Bestuursreglement deel van uitmaken – worden vastgesteld. De verwachting is dat het college hier eind februari 2025 een besluit over neemt. Na vaststelling van de stukken en de benoeming van de directeur-bestuurder en de leden van de RvT kan de stichting als rechtspersoon van start gaan. Dit zal uiterlijk 1 juni 2025 het geval zijn. Omdat de gehele oprichtingsfase meer tijd in beslag neemt dan eerder voorzien en een zorgvuldig proces belangrijk is, wordt hierdoor de oorspronkelijke streefdatum van oprichting in januari 2025 niet gehaald. • Overdracht van kwartiermakers aan stichting NSM Parallel aan het werven en selecteren van de directeur-bestuurder en de RvT en de oprichting van de stichting Nationaal Slavernijmuseum is er de afgelopen periode door de kwartiermakers en hun team gewerkt aan diverse overdrachtsdocumenten, die voor een soepele overgang van de gemeentelijke projectorganisatie naar de museumstichting moeten zorgen.

Het gaat hierbij onder meer om een strategisch omgevingsplan over het betrekken en informeren van verschillende gemeenschappen en andere belanghebbenden, inclusief een voorstel voor relatiebeheer en een ambassadeursnetwerk. Ook is er gewerkt aan een strategie voor fondsenwerving en subsidies en een voorstel voor de voortzetting van tijdelijke programmering.

Een routebeschrijving vindt u op amsterdam.nl

Gemeente Amsterdam, raadsinformatiebrief

Datum 20 december 2024 Pagina 6 van 7

Vooruitblik eerste kwartaal 2025 • Omgevingsparticipatie Java-Eiland Bij bewoners van het Java-Eiland leeft een sterke wens om mee te praten over de komst van het museumgebouw en park. Hier is ruimte voor gevonden door het organiseren van drie publiek toegankelijke omgevingsparticipatiebijeenkomsten in Hotel Jakarta op het Java-Eiland. Op dit moment hebben er twee omgevingsparticipatiebijeenkomsten plaatsgevonden. Tijdens de eerste bijeenkomst op 6 november 2024 is er vooral geluisterd naar alle deelnemers, die voornamelijk bestonden uit omwonenden en nazaten. In groepen zijn vragen over de plek en het museum beantwoord. Tijdens de tweede bijeenkomst op 4 december 2024 zijn verschillende opties voor het museumgebouw besproken waarbij denkbeeldige posities voor het gebouw op het eiland zijn geprojecteerd. De uitkomsten van deze omgevingsparticipatiebijeenkomsten vormen input voor het ruimtelijk kader, waarin de ruimtelijke ambities en regels omschreven staan voor het toekomstige museumgebouw. Het ruimtelijk kader zal door de architect als uitgangspunt gebruikt worden om het ontwerp uit te werken. Woensdagavond 15 januari 2025 zal er een laatste omgevingsparticipatiebijeenkomst plaatsvinden, waarin dit ruimtelijk kader gepresenteerd wordt. De aanwezigen krijgen de gelegenheid hierop te reageren.

Vervolgens wordt dit gebruikt in de internationale prijsvraag voor de architectenselectie. • Internationale prijsvraag architectenselectie Tijdens de verschillende publieksbijeenkomsten kwam de wens naar voren om een ontwerpend team aan te trekken dat affiniteit heeft met het slavernijverleden en een goede vertegenwoordiger is van de betrokken gemeenschappen. Dit betekent dat we ook buiten de grenzen van de Europese Unie geïnteresseerden willen bereiken, om ervoor te zorgen dat zo veel mogelijk mensen zich kunnen inschrijven voor deze selectie. Om deze reden is ervoor gekozen te werken met een internationale prijsvraag voor het ontwerpend team. Deze internationale prijsvraag zal bestaan uit drie verschillende fases, die geleid worden door een jury met museale, maatschappelijke en architectonische expertise. In de derde ronde zullen de vijf beste ontwerpen tentoon worden gesteld, zodat het publiek een advies uit kan brengen aan de jury. • Ceremonie Java-Eiland In gesprekken die in het voorjaar van 2024 zijn gevoerd met vertegenwoordigers van diverse betrokken gemeenschappen kwam de wens naar voren om de toekomstige locatie van het Nationaal Slavernijmuseum in te wijden. Deze ceremonie is enerzijds een teken van spirituele acceptatie van de plaats waar het Nationaal Slavernijmuseum wordt gebouwd en anderzijds een eerbetoon aan de voorouders.

Het college steunt dit initiatief van gelijkwaardigheid en saamhorigheid van harte. De inzegening zal plaatsvinden op vrijdag 24 januari 2025 op het Java-Eiland. U bent van harte welkom om hierbij aanwezig te zijn en zult hiervoor een uitnodiging ontvangen.

Een routebeschrijving vindt u op amsterdam.nl

Gemeente Amsterdam, raadsinformatiebrief

Datum 20 december 2024 Pagina 7 van 7

Tot slot Sinds 2017 wordt er aan de totstandkoming van het Nationaal Slavernijmuseum gewerkt. Met het oprichten van de stichting, het werven van de directeur-bestuurder en RvT en de internationale architectenprijsvraag worden de komende periode concrete en onomkeerbare stappen gezet in de bouw en ontwikkeling van het Nationaal Slavernijmuseum. Sinds 2019 ondersteunt het ministerie van OCW de totstandkoming van het Nationaal Slavernijmuseum. Op 29 mei 2024 heb ik een bestuursovereenkomst met het ministerie van OCW afgesloten, waarover ik u in de bestuurlijke reactie van 30 mei 2024 informeerde. In de bestuursovereenkomst zijn er afspraken gemaakt over de betrokkenheid van het ministerie bij de ontwikkeling van dit belangrijke nationale museum. Ik dank het ministerie van OCW voor zijn betekenisvolle bijdrage. Ik kijk met veel vertrouwen vooruit naar de komende periode en ben allen die sinds 2017 aan het Nationaal Slavernijmuseum hebben gewerkt – in het bijzonder kwartiermakers John Leerdam, Peggy Brandon en David Brandwagt – zeer erkentelijk. Met vriendelijke groet, Namens het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Amsterdam,

Touria Meliani Wethouder Kunst en cultuur en Inclusie en anti-discriminatiebeleid

Een routebeschrijving vindt u op amsterdam.nl

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/15161673/1