CConstaterende datAmsterdam
Koppel je AI →
Document · PDF

Raadsinformatiebrief Meer Kans Op Werk DEF (1)

Raadscommissie Werk Inkomen en Onderwijs 2 februari 2022, gemeente AmsterdamBij agendapunt: Brief en rapportage Programma Meer Kans Op Werk Nr. VN2021-0347973.298 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Raadsinformatiebrief

Aan:

Portefeuillehouder(s): Behandeld door

De leden van de gemeenteraad van Amsterdam 11 januari 2022 Sociale Zaken Rutger Groot Wassink WPI (wpi@amsterdam.nl)

Onderwerp

Programma Meer Kans Op Werk

Datum Portefeuille(s)

Geachte leden van de gemeenteraad, Met deze brief informeert het college u over het volgende.

In 2019 is de gemeente Amsterdam gestart met het programma Meer Kans op Werk. Met dit programma intensiveren we de uitstroom naar werk, juist van mensen voor wie lange tijd weinig perspectief op werk was, met daarbij als doel vermindering van het aantal mensen dat een beroep moet doen op bijstand. Het programma loopt tot medio 2022. U bent de afgelopen jaren op verschillende momenten geïnformeerd over de uitvoering en de stand van zaken1. Nu het programma naar de afronding gaat, wil ik u informeren over de resultaten en het vervolg in 2022, zoals ik heb toegezegd in de brief bij de laatste Voortgangsrapportage WPI van 16 november 2021. Het programma is een investering in de kansen van Amsterdammers, die zich uiteindelijk kan terugverdienen als mensen betaald werk vinden, uit de bijstand stromen en onafhankelijk van een uitkering zijn. Veel factoren zijn van invloed op het resultaat, niet in de laatste plaats de coronacrisis. Maar kijken we naar de grote lijn van de ontwikkeling van het bestand dan lijken we in de opzet geslaagd. Ondanks de forse bestandsgroei door corona zijn er nu bijna 2.600 minder Amsterdammers afhankelijk van een uitkering dan toen we in 2019 begonnen. Mooie cijfers maar vooral een mooi resultaat voor al die Amsterdammers die soms na jaren in de bijstand weer betaald aan het werk en onafhankelijk van de uitkering zijn.

Betaald werk is naast financiële zelfstandigheid om veel meer redenen ontzettend belangrijk. Het is een manier om sociaal en maatschappelijk mee te doen, jezelf te ontwikkelen en ontplooien, het geeft voldoening en zelfrespect, en draagt bij aan het welzijn en de gezondheid van mensen. De waarde van werk willen we voor alle Amsterdammers verzilveren. We schrijven het perspectief om betaald aan de slag te gaan voor niemand op voorhand af en blijven steeds kijken of er nieuwe kansen zijn, al dan niet met extra ondersteuning. De huidige wettelijke en financiële kaders helpen daar niet echt aan

1 Meer Kans op Werk, Vervolg en Effect Coronacrisis, dd. 11 september 2020; Voortgangsrapportage WPI en stand

van Zaken Meer Kans op Werk, dd. 7 juli 2021. Voorafgaand aan iedere vergadering van de commissie WIO hebben we u geïnformeerd over de bestandsontwikkeling en de resultaten van het Regionaal Werkcentrum via de dagmail.

Gemeente Amsterdam, raadsinformatiebrief

Datum 11 januari 2022 Pagina 2 van 8

mee. Landelijk is er volgens onderzoek2 structureel zo’n €2 miljard meer nodig om bijstandsgerechtigden de ondersteuning te bieden die nodig is om hen naar werk te begeleiden. De in het nieuwe coalitieakkoord aangekondigde jaarlijkse investering van €500 miljoen in het hervormen van de arbeidsmarkt, re-integratie en het aanpakken van armoede en schulden, is dan ook ontoereikend om tot wezenlijke verbeteringen te komen. Ook op de broodnodige herziening van de participatiewet, de sociale zekerheid en het arbeidsmarktbeleid3, waar onderzoekers en gemeenten al duidelijke bouwstenen voor hebben aangereikt, zien we nog te weinig concrete beweging bij het rijk. In dat licht, en ondanks de economische tegenslag door corona, is met het programma Meer Kans Op Werk een heel mooi resultaat neer gezet. Aanleiding en doel van het programma Meer Kans Op Werk Aanleiding in 2019 was de krapte op de arbeidsmarkt op dat moment met veel kansen voor werkzoekenden. Het college wilde de krappe arbeidsmarkt benutten om meer bijstandsgerechtigden een kans op werk te geven. Aanleiding was ook dat Amsterdam qua bestandsontwikkeling achterliep op de landelijke trend; het bestand daalde in Amsterdam minder hard dan gemiddeld in het land. Als gevolg van de financieringssystematiek kwam de financiering van de bijstand in Amsterdam daardoor steeds meer onder druk te staan.

We voorzagen op basis van de situatie in 2018 en de jaren daarvoor, dat binnen vier jaar het tekort zou oplopen van jaarlijks ongeveer €17 miljoen naar € 68 miljoen. Het programma Meer Kans Op Werk Om de kans op werk voor meer bijstandsgerechtigden te vergroten heeft het college in 2019 een eenmalige investering van €20 miljoen gedaan gedurende deze collegeperiode. Het doel was een impuls te geven aan de uitstroom uit de uitkering, meer Amsterdammers onafhankelijk van de uitkering te maken en het verder oplopen van financiële tekorten te voorkomen. Ook is vanuit de coalitieakkoordmiddelen geïnvesteerd in verschillende banenplannen en is ingezet op verlaging van de caseload van klantmanagers om meer aandacht aan bijstandsgerechtigden te kunnen geven. Met de investering is de dienstverlening vernieuwd, verbeterd en geïntensiveerd, vanaf de aanvraag van een uitkering tot de uitstroom, in een samenhangend geheel. Hieronder lichten we de hoofdlijnen van het programma en de banenplannen toe. Verbeteren startproces - snel duidelijkheid over de aanvraag en direct intensieve brede ondersteuning Bij een aanvraag beoordelen we het recht op de uitkering en de ondersteuningsbehoefte sneller doordat alle expertise die daarvoor nodig is (klantmanager, inkomensconsulent, handhaving) tegelijkertijd, aan de voorkant, wordt in gezet, in plaats van gevolgtijdelijk, los van elkaar.

Door de expertises bij elkaar te zetten is er sneller duidelijkheid over het recht op een uitkering, de 2

Beschikbare en benodigde financiële middelen voor de Participatiewet, onderzoek Berenschot, 27 april 2021 3 Rapport In wat voor land willen wij werken?, commissie Regulering van Werk; Rapport Het betere werk. De nieuwe maatschappelijke opdracht, WRR, januari 2020; Evaluatie Participatiewet, SCP, november 2019; VNG inzet arbeidsmarktbeleid en Participatiewet, VNG, juli 2021.

Een routebeschrijving vindt u op amsterdam.nl

Gemeente Amsterdam, raadsinformatiebrief

Datum 11 januari 2022 Pagina 3 van 8

ondersteuning die moet worden ingezet, en kunnen we sneller starten met de bemiddeling naar werk. De ondersteuning intensiveren we vervolgens gedurende een periode van 6 maanden. Er zijn dan veel contactmomenten en we zetten direct alle nodige instrumenten in. Cohortaanpak – intensieve aandacht voor langdurig bijstandsgerechtigden Voor mensen die al lang in de bijstand zitten is gekeken of er wellicht een hernieuwd perspectief op werk is. Cohortsgewijs zijn mensen die langdurig afhankelijk zijn van een uitkering opnieuw gesproken. Er zijn teams gevormd van medewerkers met verschillende kennis en expertise die breed kijken naar wat iemand kan, wil, en nodig heeft om betaald aan de slag te gaan, of zich daar naartoe te ontwikkelen. Door die brede blik vormen we een completer beeld van de situatie en de capaciteiten van de Amsterdammer en signaleren we meer kansen. En door een bredere inzet van instrumenten zoals jobhunters of loonwaardesubsidie vergroten we die kansen. Voor wie er geen hernieuwd perspectief op werk is, wordt opnieuw gekeken of het inkomen op orde is en of wellicht andere ondersteuning nodig is om perspectief op werk te ontwikkelen. Bemiddeling naar werk en participatie - in 1 x goed We verbeteren continu de dienstverlening naar werk en participatie met als doel het proces naar werk effectiever en sneller te organiseren, onder de noemer: in 1x goed.

Dat betekent dat naast een vernieuwd Startproces en de Cohortaanpak is ingezet op het verbeteren van het reguliere proces van het begeleiden naar werk, school of participatie. Belangrijk onderdeel daarvan is het versterken van uniforme registratie, een volledig klantbeeld, digitaal matchen, en samenwerking met ketenpartners zoals de Buurtteams zodat onderliggende problemen zoals schulden kunnen worden aangepakt. Banenplannen Naast het verbeteren van de dienstverlening aan Amsterdammers is in deze coalitieperiode ingezet op het realiseren van gebiedsgerichte en sectorgerichte banenplannen. In gebiedsgerichte banenplannen werken we samen met werkgevers, gemeente, stadsdeelbestuur en maatschappelijke organisaties die zich inzetten om meer inwoners uit een bepaald gebied aan het werk te helpen en houden, zoals is gebeurd met ZuidoostWerkt!. Ook is de samenwerking rond werkgevers van Schiphol geïntensiveerd. Ook in Noord zijn banenplannenontwikkeld. In de sectorgerichte banenplannen is op vergelijkbare manier geïnvesteerd alleen dan veel meer branchegericht, met name de bouw- en technieksector, gerelateerd aan klimaat- en duurzaamheidsopgaven, en de zorg. Binnen het banenplan zorg worden Amsterdammers vanuit de bijstand (om)geschoold naar MBO 2 niveau verzorgende.

Uitvoering en aanpassing door coronacrisis De uitvoering van het programma is een klein jaar na de start sterk beïnvloed door de coronacrisis. Fysieke, persoonlijke dienstverlening werd lastiger en veel moest digitaal. Een deel van de activiteiten in het programma werd teruggeschroefd omdat prioriteit en capaciteit, deels tijdelijk, verschoof naar de verwerking van Tozo- en nieuwe bijstandsaanvragen. Door de economische crisis nam het aantal mensen in de bijstand opeens rap toe, met meer dan 2000. Omdat de Amsterdamse economie relatief hard werd getroffen daalden bovendien de uitstroomkansen van

Een routebeschrijving vindt u op amsterdam.nl

Gemeente Amsterdam, raadsinformatiebrief

Datum 11 januari 2022 Pagina 4 van 8

bijstandsgerechtigden. In plaats van een dalend bestand en een krappe arbeidsmarkt, hadden we opeens te maken met een groeiend bestand en een arbeidsmarkt die op slot zat. De focus is daarom tijdelijk verlegd naar het voorkomen van nieuwe instroom en op snelle uitstroom van uitkeringsgerechtigden die binnen een jaar kunnen uitstromen naar werk, om langdurige bijstandsafhankelijkheid te voorkomen. Naast het bestaande programma is ook ingezet op twee nieuwe intensiveringen. We zijn in regionaal verband de samenwerking aangegaan met werkgevers en werknemersorganisaties in het Regionaal Werkcentrum (RWC). Daarin worden werkgevers met een tekort aan personeel verbonden aan werkgevers met een overschot, en aan de dienstverlening van netwerkpartners zoals publieke en private opleiders en uitzendorganisaties. Met als doel de oplopende werkloosheid te beperken door personeel van werk-naar-werk te begeleiden, onder andere door het bundelen van het om- en bijscholingsaanbod en door oriëntatie aanbod in loopbaanpaden die toegankelijk zijn voor alle werkzoekenden. Omdat voor mensen de overstap naar ander werk een grote stap is, is binnen het RWC sinds januari 2021 het Regionaal Mobiliteitsteam (RMT) van start gegaan. Het RMT biedt ondersteuning aan individuele werkzoekenden (werkend of met een uitkering) door een team met loopbaancoaches van WPI, vakbonden en UWV.

Omdat relatief veel jongeren door de coronacrisis zijn getroffen is de aanpak Meer Kans op Werk Jongeren gestart. Dankzij de inzet van extra jongerenadviseurs kunnen de Jongerenpunten persoonlijke ondersteuning op maat blijven bieden. Naast het voortzetten van de bestaande dienstverlening, is geïnvesteerd in nieuwe innovatieve bemiddelings- en begeleidingsinstrumenten en is de samenwerking met Jeugd, Onderwijs en de stadsdelen verder versterkt. Daarnaast zijn we nieuwe samenwerkingen aangegaan in de wijken, waardoor we de dienstverlening dichterbij de jongeren hebben gebracht.

Algemene resultaten ten opzichte van de doelen Met het programma Meer Kans Op Werk hadden we onszelf begin 2019 duidelijke doelen gesteld: meer mensen aan het werk en onafhankelijk van de bijstand. En qua bestandsomvang in de pas lopen met het landelijk gemiddelde om de financieringstekorten in te lopen. Meer mensen aan het werk en onafhankelijk van de bijstand Vanaf begin 2019 tot nu is het bijstandsbestand gedaald van 40.281 naar 37.6834, het laagste niveau sinds de invoering van de Participatiewet in 2015. De dalende lijn is in de loop van 2019 ingezet, werd onderbroken en omhoog gestuwd door de coronacrisis, maar heeft zich daarna voortgezet om nu in december 2021 bijna 2.600 lager uit te komen dan begin 2019.

4

Stand 20 december 2021

Een routebeschrijving vindt u op amsterdam.nl

Gemeente Amsterdam, raadsinformatiebrief

Datum 11 januari 2022 Pagina 5 van 8

Figuur 1: Ontwikkeling bestand Algemene Bijstand, IOAW, IOAZ, jan 2019-20 december 2021, Amsterdam

Net zo belangrijk en bijzonder is dat het bestand in Amsterdam zich positief ontwikkelt ten opzichte van het landelijk gemiddelde (figuur 2). In 2019 is het verschil tussen de landelijke daling en de daling in Amsterdam al flink geslonken van +2,7% in 2018 naar nog maar een verschil van +0,5%5. Door de coronacrisis steeg het aantal bijstandsgerechtigden in Amsterdam sneller dan het landelijk gemiddelde omdat de economie in Amsterdam relatief sterk werd geraakt. Met de versoepeling van de coronamaatregelen medio 2021 is de economie weer aangetrokken. In de tweede helft 2021 daalt het bestand weer en de voorlopige cijfers laten een sterkere daling in Amsterdam zien ten opzichte van het landelijk gemiddelde. We verwachten het over heel 2021 beter te gaan doen dan gemiddeld in het land (-1,4%). Als we de trend van 2021 vast kunnen houden moet het mogelijk zijn om op termijn de achterstand volledig in te lopen. De negatieve trend van 2018 heeft zich dus niet doorgezet waardoor het scenario van verder oplopende tekorten zich niet voor doet.

5

De daling in Amsterdam was 3,6% en de landelijk gemiddelde daling 4,1%.

Een routebeschrijving vindt u op amsterdam.nl

Gemeente Amsterdam, raadsinformatiebrief

Datum 11 januari 2022 Pagina 6 van 8

Figuur 2: Amsterdamse bestandsontwikkeling ten opzichte van het landelijk gemiddelde

Resultaten en inzichten programma Meer Kans Op Werk Dit zijn positieve resultaten en een forse stap richting de beoogde doelen. De exacte bijdrage van het programma en de banenplannen is niet eenvoudig te kwantificeren. Veel factoren spelen een rol. Wel kunnen we op de verschillende onderdelen van het programma en de banenplannen de specifieke resultaten laten zien. In de bijgevoegde rapportage doen we op de onderdelen uitgebreid verslag van de inzet, resultaten, inzichten en het vervolg. Hier noem ik de belangrijkste inzichten. - Startproces We zien dat intensieve multidisciplinaire dienstverlening direct vanaf de start, helpt om instroom en langdurig verblijf in de bijstand te beperken. Het heeft ook een positief effect op de klanttevredenheid, met name door het invoeren van het persoonlijk contact met een inkomensconsulent aan het begin van het proces. Doordat de beoordeling integraal naar de voorkant is gehaald, is er 5% minder onrechtmatige instroom in de uitkering. Dat betekent dat mensen sneller duidelijkheid hebben en er achteraf minder correcties en eventuele terugvordering hoeft plaats te vinden. - Cohortaanpak We zien dat mensen die al lang in de bijstand zitten, kunnen uitstromen naar werk als we meer aandacht kunnen geven, brede professionele ondersteuning bieden en meer instrumenten beschikbaar stellen.

Van de circa 17.000 mensen aan wie de cohortdienstverlening is afgerond, is 18% uit de uitkering gestroomd, waarvan een derde naar betaald werk. Hoewel het doel van 25% nog niet is gehaald, weten we wel dat de aanpak effectief is, juist voor de uitstroom naar werk. In de cohortgebieden is de uitstroom naar werk onder langdurig bijstandsgerechtigden maar liefst 50% hoger dan onder dezelfde groep bijstandsgerechtigden in niet-cohortgebieden in dezelfde periode. Bijzonder zijn ook de resultaten van het stedelijk cohort Economisch Daklozen. Van de 675 personen met een afgrond cohorttraject is maar liefst 54% uit de uitkering gestroomd. Bijna de helft naar betaald werk. Wat aan dit resultaat heeft bijgedragen is meer persoonlijk contact en zeer nauwe samenwerking met ketenpartners op het gebied van wonen en schuldhulpverlening.

Een routebeschrijving vindt u op amsterdam.nl

Gemeente Amsterdam, raadsinformatiebrief

Datum 11 januari 2022 Pagina 7 van 8

- In 1 x goed naar werk of participatie Om mensen in 1 keer passende ondersteuning te bieden, helpt het dat we van 93% van de bijstandsgerechtigde inmiddels een actueel en volledig beeld hebben van de situatie. In 2018 was nog 55% van het volledige beeld gestructureerd en uniform vastgelegd. Daarnaast is er een overzichtelijker beeld gemaakt van de instrumenten die kunnen worden ingezet. Een wezenlijke verandering is dat de werkwijze is aangepast: medewerkers met verschillende expertise bekijken nu in gezamenlijkheid wat passend is, daardoor worden meer en andere kansen gezien dan voorheen. We hebben geïnvesteerd in slimme en snelle (digitale) manieren om mensen te matchen op een plek. We merken het effect nu we bij de krapte op de arbeidsmarkt inzetten weer volop kunnen inzetten op een versnelling van de uitstroom. Sinds oktober zijn meer dan 1.000 bijstandsgerechtigden gesproken, waarvan 227 mensen zijn voorgesteld op een concrete vacature en 10% een baan heeft. Omdat onzekerheid over de inkomenseffecten mensen kan weerhouden een stap naar werk te zetten, zijn we op meerdere manieren bezig om tot vereenvoudiging te komen. - Banenplannen en RWC We hebben ervaren dat actieve contacten en het opbouwen en onderhouden van netwerken met werkgevers bijdraagt om meer baankansen voor bijstandsgerechtigden te creëren.

Met ZuidoostWerkt! zijn vanaf de start in 2019 bijna 700 Amsterdammers aan het werk geholpen, bij Schiphol 220, en binnen het banenplan zorg zijn 177 mensen gestart met een traject naar werk. Het Regionaal Werk Centrum heeft in de regio Groot-Amsterdam meerdere werkgevers met overcapaciteit verbonden aan werkgevers die personeel nodig hadden. De dienstverlening van Regionaal Mobiliteit Teams is toegankelijk voor alle werkzoekenden, net zoals de inzet van de financiële middelen vanuit het Rijk in verband met de coronacrisis (o.a. voor om- en bijscholing en praktijkleren). Op deze manier kan het Regionaal Werkcentrum haar dienstverlening ontschot inzetten, los van achterliggende regelingen. Daarmee geven we concreet invulling aan de aanbevelingen van de commissie Regulering van Werk: in een publiek private samenwerking vorm geven aan werk naar werk dienstverlening om zo werkloosheid te voorkomen. - Jongeren Sinds de start van de aanpak Meer Kans Op Werk zijn er 7.0926 jongeren bereikt via de Jongerenpunten. Ruim 5.0007 jongeren zijn in 2021 begeleid naar werk en scholing, waarmee de doelstelling voor 2021 begin december al is behaald. Passende ondersteuning en maatwerk met instrumenten en inzet die deze doelgroep aanspreken, zijn daarbij de belangrijkste ingrediënten.

Het vervolg in 2022 Het programma Meer Kans Op Werk wordt in 2022 afgerond. De opgedane ervaring en inzichten worden onderdeel van de reguliere dienstverlening aan Amsterdamse bijstandsgerechtigden. De organisatie van WPI is daartoe vernieuwd. Omdat met name de cohortaanpak in de coronaperiode op een lager pitje stond, zetten we deze aanpak tot eind 2022 voort. Daarmee kunnen we de aanpak in de beoogde vorm in alle gebieden

6

Stand per 29-11-2021

7 Stand per 6-12-2021

Een routebeschrijving vindt u op amsterdam.nl

Gemeente Amsterdam, raadsinformatiebrief

Datum 11 januari 2022 Pagina 8 van 8

uitvoeren en kunnen we circa 880 mensen die in de coronaperiode perspectief op werk hadden alsnog bemiddelen naar werk. Vanaf 2023 zal een periodieke cohortsgewijze benadering van mensen die al lang in de bijstand zitten, onderdeel zijn van de reguliere dienstverlening. De gebiedsgerichte en sectorgerichte banenplannen worden in 2022 voortgezet en er wordt gekeken hoe die kunnen worden opgenomen in andere verbanden, zoals de Masterplannen. Het Regionaal Werkcentrum is een stevige regionale structuur die ook van waarde is buiten de coronacrisis. Nu de gevolgen op de arbeidsmarkt, dankzij het steunpakket van het Rijk en de vaccinatiecampagne, beperkt zijn gebleven, zien we de structurele meerwaarde van het Regionaal Werkcentrum voor de arbeidsmarkt. Juist de huidige krapte op de arbeidsmarkt vraagt om het vroegtijdig in beeld krijgen van mensen die de overstap naar ander werk kunnen en willen maken. Door met werkgevers in gesprek te gaan over de personeelsontwikkeling op langere termijn, kan geanticipeerd worden op toekomstige personeelsbehoefte, omscholing van personeel of tijdig toeleiden van personeel naar ander werk.

Ten slotte Een van de belangrijkste inzichten uit de afgelopen periode, zowel vanuit de ervaringen van het programma als de dienstverlening vanuit het Regionaal Werk Centrum, is dat het cruciaal is om de Amsterdammer centraal te stellen in de ondersteuning naar betaald werk. Iedere Amsterdammer die op zoek is naar werk, moet de best passende ondersteuning krijgen, ongeacht het soort uitkering, de uitkeringsduur of de ‘afstand tot de arbeidsmarkt’. Een brede inzet van kennis, expertise en instrumenten op maat, helpt mensen vooruit. We doen daarin wat we kunnen binnen de wettelijke en financiële ruimte die er op dit moment is. Onze investering in vernieuwing en verbetering van de dienstverlening lijkt vruchten af te werpen. En met het RWC hebben we een begin gemaakt voor een nieuw arbeidsmarktbeleid. Dat zetten we voort. Maar er is meer nodig. Daarom blijven we ons landelijk inzetten voor brede hervormingen die nodig zijn om te komen tot een beter functionerende arbeidsmarkt met kansen en bestaanszekerheid voor iedereen. In de hoop u hiermee voldoende te hebben geïnformeerd. Met vriendelijke groet, Namens het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Amsterdam,

Rutger Groot Wassink Wethouder Sociale Zaken Bijlage 1. Rapportage Programma Meer Kans Op Werk, december 2021.

Een routebeschrijving vindt u op amsterdam.nl

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/11088186/1